31.1.2018   

NL

Publicatieblad van de Europese Unie

L 26/8


GEDELEGEERDE VERORDENING (EU) 2018/148 VAN DE COMMISSIE

van 27 september 2017

tot wijziging van de bijlagen II, III en IV bij Verordening (EU) nr. 978/2012 van het Europees Parlement en de Raad houdende toepassing van een schema van algemene tariefpreferenties

DE EUROPESE COMMISSIE,

Gezien het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,

Gezien Verordening (EU) nr. 978/2012 van het Europees Parlement en de Raad van 25 oktober 2012 houdende toepassing van een schema van algemene tariefpreferenties en tot intrekking van Verordening (EG) nr. 732/2008 van de Raad (1), en met name artikel 5, lid 3, artikel 10, lid 5, en artikel 17, lid 2,

Overwegende hetgeen volgt:

(1)

Artikel 4 van Verordening (EU) nr. 978/2012 bevat de criteria voor het verlenen van tariefpreferenties in het kader van de algemene regeling van het stelsel van algemene tariefpreferenties („SAP”).

(2)

In artikel 4, lid 1, onder a) en b), van Verordening (EU) nr. 978/2012 wordt bepaald dat een land dat gedurende drie opeenvolgende jaren door de Wereldbank als hoog-inkomensland of hogere-middeninkomensland is ingedeeld, respectievelijk een land dat een preferentiële markttoegangsregeling geniet die ten minste hetzelfde niveau van tariefpreferenties biedt als het SAP voor vrijwel alle handel, niet voor het SAP in aanmerking komt.

(3)

De lijst van de begunstigde landen van het in artikel 1, lid 2, onder a), van Verordening (EU) nr. 978/2012 bedoelde SAP is vastgesteld in bijlage II bij die verordening. Ingevolge artikel 5, lid 2, van Verordening (EU) nr. 978/2012 moet bijlage II per 1 januari van elk jaar worden herzien. Bij de herziening moet rekening worden gehouden met de veranderingen in de economische, ontwikkelings- of handelssituatie van de begunstigde landen in verband met de criteria van artikel 4.

(4)

Ingevolge artikel 5, lid 2, van Verordening (EU) nr. 978/2012 moeten een SAP-begunstigd land en marktdeelnemers voldoende tijd krijgen om zich op een ordelijke wijze aan te passen aan de veranderde SAP-status van het land. Dienovereenkomstig blijft de SAP-regeling nog één jaar van kracht na de inwerkingtreding van een verandering in de status van een land, zoals bedoeld in artikel 4, lid 1, onder a), en nog twee jaar na de datum van toepassing van een preferentiële markttoegangsregeling, zoals bedoeld in artikel 4, lid 1, onder b).

(5)

Paraguay is door de Wereldbank ingedeeld als hogere-middeninkomensland in 2015, 2016 en 2017. Bijgevolg komt Paraguay overeenkomstig artikel 4, lid 1, onder a), van Verordening (EU) nr. 978/2012 niet langer in aanmerking voor de status van SAP-begunstigd land en moet het met ingang van 1 januari 2019 worden geschrapt uit de lijst van SAP-begunstigde landen in bijlage II bij die verordening.

(6)

Ivoorkust geniet sinds 3 september 2016 een preferentiële markttoegangsregeling, Swaziland sinds 10 oktober 2016 en Ghana sinds 15 december 2016. Overeenkomstig artikel 4, lid 1, onder b), van Verordening (EU) nr. 978/2012 moeten bijgevolg ook Ghana, Ivoorkust en Swaziland met ingang van 1 januari 2019 worden geschrapt uit bijlage II bij Verordening (EU) nr. 978/2012.

(7)

In artikel 9, lid 1, van Verordening (EU) nr. 978/2012 zijn de specifieke toelatingscriteria vastgelegd voor de toekenning van tariefpreferenties aan SAP-begunstigde landen in het kader van de bijzondere stimuleringsregeling voor duurzame ontwikkeling en goed bestuur („SAP+”). De lijst van SAP+-begunstigde landen is vastgesteld in bijlage III bij Verordening (EU) nr. 978/2012.

(8)

Omdat Paraguay met ingang van 1 januari 2019 niet langer een SAP-begunstigd land is, komt dat land overeenkomstig artikel 9, lid 1, van Verordening (EU) nr. 978/2012 ook niet langer in aanmerking voor de status van SAP+-begunstigd land. Bijgevolg moet ook Paraguay met ingang van 1 januari 2019 worden geschrapt uit bijlage III bij die verordening.

(9)

In artikel 17, lid 1, van Verordening (EU) nr. 978/2012 is bepaald dat een land dat door de Verenigde Naties (VN) als minst ontwikkeld land wordt aangemerkt, de tariefpreferenties waarin wordt voorzien in het kader van de bijzondere regeling voor de minst ontwikkelde landen (Everything But Arms (EBA)), moet kunnen genieten. De lijst van EBA-begunstigde landen is vastgesteld in bijlage IV bij die verordening.

(10)

Op 4 juni 2017 heeft de VN de status van minst ontwikkeld land van Equatoriaal-Guinea opgeheven. Bijgevolg komt Equatoriaal-Guinea overeenkomstig artikel 17, lid 1, van Verordening (EU) nr. 978/2012 niet langer in aanmerking voor de status van EBA-begunstigde en moet het land worden geschrapt uit bijlage IV bij die verordening. Overeenkomstig artikel 17, lid 2, van Verordening (EU) nr. 978/2012 moet de schrapping van Equatoriaal-Guinea van de lijst van EBA-begunstigde landen van kracht worden na een overgangsperiode van drie jaar vanaf de datum van de inwerkingtreding van deze verordening, namelijk met ingang van 1 januari 2021.

(11)

Bovendien is Equatoriaal-Guinea door de Wereldbank in 2015 als hoog-inkomensland en in 2016 en 2017 als hogere-middeninkomensland ingedeeld. Bijgevolg komt Equatoriaal-Guinea overeenkomstig artikel 4, lid 1, onder a), van Verordening (EU) nr. 978/2012 niet langer in aanmerking voor de status van SAP-begunstigd land en moet het met ingang van 1 januari 2021 tevens worden geschrapt uit de lijst van SAP-begunstigde landen in bijlage II bij die verordening,

HEEFT DE VOLGENDE VERORDENING VASTGESTELD:

Artikel 1

Wijziging van Verordening (EU) nr. 978/2012

Verordening (EU) nr. 978/2012 wordt als volgt gewijzigd:

1)

In bijlage II worden de volgende lettercodes en de bijbehorende landen geschrapt uit respectievelijk kolom A en kolom B:

CI

Ivoorkust

GH

Ghana

PY

Paraguay

SZ

Swaziland

2)

In bijlage III wordt de volgende lettercode en het bijbehorende land geschrapt uit respectievelijk kolom A en kolom B:

PY

Paraguay

3)

In de bijlagen II en IV wordt de volgende lettercode en het bijbehorende land geschrapt uit respectievelijk kolom A en kolom B:

GQ

Equatoriaal-Guinea

Artikel 2

Inwerkingtreding en toepassing

Deze verordening treedt in werking op 1 januari 2018.

Artikel 1, leden 1 en 2, is van toepassing met ingang van 1 januari 2019.

Artikel 1, lid 3, is van toepassing met ingang van 1 januari 2021.

Deze verordening is verbindend in al haar onderdelen en is rechtstreeks toepasselijk in elke lidstaat.

Gedaan te Brussel, 27 september 2017.

Voor de Commissie

De voorzitter

Jean-Claude JUNCKER


(1)   PB L 303 van 31.10.2012, blz. 1.