15.11.2018   

NL

Publicatieblad van de Europese Unie

L 287/32


UITVOERINGSBESLUIT (EU) 2018/1723 VAN DE COMMISSIE

van 26 oktober 2018

over het grensoverschrijdende Rail Baltica-project op de kernnetwerkcorridor Noordzee-Oostzee

(kennisgeving geschied onder nummer C(2018) 6969)

(Slechts de teksten in de Estse, Finse, Letse, Litouwse, Poolse en Zweedse taal zijn authentiek)

DE EUROPESE COMMISSIE,

Gezien het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,

Gezien Verordening (EU) nr. 1315/2013 van het Europees Parlement en de Raad van 11 december 2013 betreffende richtsnoeren van de Unie voor de ontwikkeling van het trans-Europees vervoersnetwerk en tot intrekking van Besluit nr. 661/2010/EU (1), met name artikel 47, lid 2,

Overwegende hetgeen volgt:

(1)

Zoals wordt erkend in het derde werkplan voor de kernnetwerkcorridor Noordzee-Oostzee (2), zal het grensoverschrijdende Rail Baltica-project een cruciale rol spelen in de werking van de corridor dankzij een interoperabele en efficiënte verbinding tussen de Baltische staten, Polen en Finland, met multimodale aansluitingen tussen de zeevaart, het spoor en het wegvervoer.

(2)

Rail Baltica is een snelle conventionele spoorlijn voor passagiers- en goederenvervoer. Dat vervoer zal na de voltooiing van het project wellicht sterk toenemen.

(3)

Rail Baltica is een zeer complex, grensoverschrijdend project waarbij vijf lidstaten betrokken zijn; de coördinatie vormt dan ook een aanzienlijke uitdaging. Om het project op gecoördineerde wijze en tijdig te kunnen uitvoeren, moeten bepalingen over de nodige activiteiten en het tijdschema worden aangenomen. Dat zal bijdragen tot de verwezenlijking van de grensoverschrijdende doelstellingen van het werkplan voor de corridor Noordzee-Oostzee. Volgens dat werkplan moet Rail Baltica zo snel mogelijk gebruiksklaar zijn, ten laatste in 2030.

(4)

Onverminderd artikel 1, lid 4, van Verordening (EU) nr. 1315/2013 wordt het resterende bedrag dat nodig is om Rail Baltica volledig af te werken, op 5,6 miljard EUR geraamd. De kostprijs van de projecten die tot nu toe uitgevoerd of gepland zijn, bedraagt bijna 1,9 miljard EUR, waarbij de Unie tot 85 % van de in aanmerking komende kosten financiert. Het is belangrijk de nodige activiteiten voor de afwerking van het Rail Baltica-project vast te stellen zodat de bijbehorende Europese, nationale en regionale financiering, alsmede andere relevante soorten steun, kunnen worden gepland en geoptimaliseerd.

(5)

Voor de grensoverschrijdende dimensie van het project moeten specifieke governancestructuren worden opgezet. De Europese coördinator voor de kernnetwerkcorridor Noordzee-Oostzee en een vertegenwoordiger van de Commissie moeten daarbij als waarnemers optreden.

(6)

Estland, Letland en Litouwen hebben een intergouvernementele overeenkomst ondertekend en geratificeerd waarin zij beloven zich ten volle voor Rail Baltica in te zetten. Voor de afwerking van het project zijn een onderneming, RB Rail AS, en nationale uitvoeringsinstanties opgericht en aangewezen. De Rail Baltica-taskforce stuurt en coördineert de samenwerking tussen de ministeries van Estland, Letland, Litouwen, Polen en Finland.

(7)

De lidstaten moeten bij de Commissie regelmatig verslag uitbrengen over de voortgang van het project op de trajecten op hun grondgebied en eventuele vertragingen melden.

(8)

De in dit besluit vervatte maatregelen zijn goedgekeurd door Estland, Letland, Litouwen, Polen en Finland.

(9)

De in dit besluit vervatte maatregelen zijn in overeenstemming met het advies van het in artikel 52 van Verordening (EU) nr. 1315/2013 bedoelde comité,

HEEFT HET VOLGENDE BESLUIT VASTGESTELD:

Artikel 1

Voorwerp

In dit besluit worden de activiteiten en een tijdschema vastgesteld voor de uitvoering van het grensoverschrijdende Rail Baltica-project (Tallinn-Pärnu-Riga-Panevėžys-Kaunas-Warschau, met een verbinding naar Vilnius), alsmede de bijbehorende governancebepalingen.

Artikel 2

Activiteiten en tijdschema

Estland, Letland, Litouwen en Polen zien toe op de tijdige uitvoering van de volgende activiteiten:

(a)

uiterlijk 31 december 2018:

(1)

afwerking van het geconsolideerde voorlopige technische ontwerp in Estland, Letland en Litouwen;

(2)

afronding van de strategische milieubeoordelingen in Estland, Letland en Litouwen (behalve de delen Kaunas-Vilnius en Kaunas-Litouws-Poolse grens);

(3)

afronding van de studie over infrastructuurbeheer in Estland, Letland en Litouwen en indiening bij de nationale autoriteiten van die landen;

(b)

uiterlijk 30 juni 2019: een besluit tussen Estland, Letland en Litouwen over het beheer van de gebouwde infrastructuur;

(c)

uiterlijk 31 december 2020:

(1)

afronding van strategische milieubeoordelingen in Litouwen voor het deel Kaunas-Litouws-Poolse grens;

(2)

afronding van de ruimtelijke (territoriale) planning en goedkeuring van de precieze tracés in Estland, Letland en Litouwen (behalve het deel Kaunas-Vilnius);

(3)

start van de bouwwerkzaamheden in Estland, Letland en Litouwen;

(4)

afwerking van het technische ontwerp van de spoorlijn in Estland, Letland (centraal traject rond Riga) en Litouwen (behalve de delen Kaunas-Vilnius en Kaunas-Litouws-Poolse grens);

(5)

afronding in Polen van gedetailleerde studies en milieuprocedures met de technische parameters en het tijdschema voor de uitvoering van het traject tussen Ełk en de Pools-Litouwse grens;

(d)

uiterlijk 31 december 2021:

(1)

afronding van de landaankoop in Estland, Letland en Litouwen (behalve tussen Kaunas en Vilnius en tussen Kaunas en de Litouws-Poolse grens);

(2)

afronding in Litouwen van de ruimtelijke (territoriale) planning en strategische milieubeoordelingen en goedkeuring van het precieze tracé tussen Kaunas en Vilnius;

(3)

afwerking van het technische ontwerp in Letland (noordelijke en zuidelijke trajecten);

(e)

uiterlijk 31 december 2023:

(1)

afronding van de landaankoop in Litouwen tussen Kaunas en Vilnius en tussen Kaunas en de Litouws-Poolse grens;

(2)

afwerking van het technische ontwerp van de spoorlijn in Litouwen tussen Kaunas en de Litouws-Poolse grens en tussen Kaunas en Vilnius;

(f)

uiterlijk 31 december 2025:

(1)

afwerking van de spoorweginfrastructuur als dubbelspoorlijn voor gemengd verkeer die geschikt is voor goederentreinen van minstens 740 m lang, geëlektrificeerd, op UIC-wijdte, in Estland, Letland, Litouwen en Polen;

(2)

uitrol van het European Rail Traffic Management System (ERTMS) met het oog op volledige interoperabiliteit, in overeenstemming met Uitvoeringsverordening (EU) 2017/6 (3) van de Commissie, in Estland, Letland, Litouwen en Polen;

(3)

verzekeren van capaciteit in bestaande en nieuwe terminals voor de overslag tussen weg- en spoorvervoer, die met elkaar worden verbonden door een snelle, conventionele geëlektrificeerde dubbelspoorlijn met Europese standaardspoorwijdte (1 435 mm).

Artikel 3

Governance

1.   De voortgang van de in artikel 2 bedoelde activiteiten wordt minstens tweemaal per jaar besproken door de vertegenwoordigers van Estland, Letland, Litouwen, Polen en Finland in de intergouvernementele (ministeriële) Rail Baltica-taskforce, waartoe ook de Europese coördinator voor de kernnetwerkcorridor Noordzee-Oostzee en vertegenwoordigers van de Commissie behoren.

2.   De Europese coördinator voor de kernnetwerkcorridor Noordzee-Oostzee, de vertegenwoordigers van de Commissie en de aangewezen vertegenwoordigers van Polen en Finland worden als waarnemers uitgenodigd op de vergaderingen van de raad van toezicht van RB Rail AS.

Artikel 4

Verslagen

Estland, Letland, Litouwen en Polen rapporteren minstens eenmaal per jaar aan de Commissie en de Europese coördinator voor de kernnetwerkcorridor Noordzee-Oostzee over de uitvoering van de in artikel 2 bedoelde activiteiten en melden alle eventuele vertragingen, de oorzaken daarvan en de getroffen corrigerende maatregelen. De lidstaten kunnen daartoe gebruikmaken van de inhoud van de jaarlijkse statusverslagen die moeten worden ingediend in het kader van de subsidieovereenkomsten van de Connecting Europe Facility.

Artikel 5

Evaluatie

De Commissie evalueert uiterlijk 31 december 2023 de activiteiten en het tijdschema als bedoeld in artikel 2, na raadpleging van Estland, Letland, Litouwen, Finland en Polen en met de hulp van de Europese coördinator voor de kernnetwerkcorridor Noordzee-Oostzee.

Artikel 6

Dit besluit is gericht tot de Republiek Estland, de Republiek Letland, de Republiek Litouwen, de Republiek Polen en de Republiek Finland.

Gedaan te Brussel, 26 oktober 2018.

Voor de Commissie

Violeta BULC

Lid van de Commissie


(1)   PB L 348 van 20.12.2013, blz. 1.

(2)  https://ec.europa.eu/transport/themes/infrastructure/north-sea-baltic_en

(3)  Uitvoeringsverordening (EU) 2017/6 van de Commissie van 5 januari 2017 betreffende het Europees implementatieplan voor ERTMS (PB L 3 van 6.1.2017, blz. 6).