|
17.6.2017 |
NL |
Publicatieblad van de Europese Unie |
L 155/23 |
BESLUIT (EU) 2017/1021 VAN DE COMMISSIE
van 10 januari 2017
betreffende steunmaatregel SA.44727 2016/C (ex 2016/N) die Frankrijk voornemens is ten uitvoer te leggen ten gunste van de Areva-groep
(Kennisgeving geschied onder nummer C(2016) 9029)
(Slechts de tekst in de Franse taal is authentiek)
(Voor de EER relevante tekst)
DE EUROPESE COMMISSIE,
Gezien het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie, en met name artikel 108, lid 2, eerste alinea,
gezien het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap voor Atoomenergie,
Gezien de Overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte, en met name artikel 62, lid 1, onder a),
Na de belanghebbenden overeenkomstig de genoemde artikelen (1) te hebben verzocht hun opmerkingen kenbaar te maken, en gezien deze opmerkingen,
Overwegende hetgeen volgt:
1. PROCEDURE
|
(1) |
Na contacten bij de voorafgaande aanmelding hebben de Franse autoriteiten op 29 april 2016 bij de Commissie een herstructureringssteun ten gunste van de Areva-groep aangemeld in de vorm van een inschrijving van de Franse staat op twee kapitaalverhogingen. De Franse autoriteiten hebben de Commissie aanvullende inlichtingen verstrekt bij brieven van 27 mei en 6 juli 2016. |
|
(2) |
De Commissie heeft de Franse autoriteiten bij brief van 19 juli 2016 in kennis gesteld van haar besluit om ten aanzien van deze steun de procedure van artikel 108, lid 2, van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie (hierna „VWEU” genoemd) in te leiden. De Franse autoriteiten hebben hun opmerkingen over dit besluit aan de Commissie toegezonden bij brief van 12 september 2016. |
|
(3) |
Het besluit van de Commissie tot inleiding van de procedure (hierna „het inleidingsbesluit” genoemd) is in het Publicatieblad van de Europese Unie (2) van 19 augustus 2016 bekendgemaakt. De Commissie heeft de belanghebbenden uitgenodigd opmerkingen over de steun in kwestie in te dienen. |
|
(4) |
De Commissie heeft binnen de vastgestelde termijn opmerkingen ontvangen van de volgende belanghebbenden: Urenco, Teollisuuden Voima Oyj (hierna „TVO” genoemd), Siemens, de Areva-groep en een belanghebbende die niet wenst dat zijn identiteit openbaar wordt gemaakt. Zij heeft deze voor commentaar doorgestuurd naar de Franse autoriteiten, die bij brief van 18 oktober 2016 hebben gereageerd. |
|
(5) |
De Franse autoriteiten hebben de Commissie een reeks aanvullende opmerkingen overhandigd op 30 november en op 7, 12, 21 en 22 december 2016. |
|
(6) |
Gelijktijdig met de procedure betreffende de herstructureringssteun hebben de Franse autoriteiten op 27 juli 2016 bij de Commissie een reddingssteun van 3,3 miljard EUR aangemeld in de vorm van twee leningen ten gunste van de Areva-groep, waarvan de ene voor de moederonderneming Areva SA voor een bedrag van 2 miljard EUR en de andere voor haar volle dochteronderneming Nouvel Areva (3) voor een bedrag van 1,3 miljard EUR. Deze leningen zijn bestemd om te worden omgezet in kapitaal van deze twee entiteiten bij de kapitaalverhogingen die het voorwerp vormen van dit besluit. De aanmelding van de reddingssteun, geregistreerd onder het nummer SA.46077, maakt het voorwerp uit van een afzonderlijk besluit. |
2. GEDETAILLEERDE BESCHRIJVING VAN DE STEUNMAATREGEL
2.1. Begunstigde en context van toekenning van de steun
2.1.1. Presentatie van de Areva-groep
|
(7) |
De Areva-groep is genoteerd op de beurs en wordt, rechtstreeks of indirect, gecontroleerd door de Franse staat voor 86,52 %. De moederonderneming, Areva SA, is rechtstreeks eigendom van de staat voor 28,83 % en indirect via het Commissariat à l'Energie Atomique (hierna „CEA” genoemd) en Bpifrance Participations, die respectievelijk 54,37 % en 3,32 % van Areva SA bezitten. De controlepercentages van Areva SA in de verschillende dochterondernemingen van de Areva-groep worden voorgesteld in de hiernavolgende grafiek 2. |
|
(8) |
De Areva-groep oefent op de nucleaire markt activiteiten uit die de volledige cyclus omvatten, in vier bedrijfstakken:
|
|
(9) |
Een andere bedrijfstak, die van minder groot belang is en nu wordt gerationaliseerd, is die van de hernieuwbare energie. Die tak vertegenwoordigde minder dan 1 % van de omzet van de Areva-groep in 2015. |
|
(10) |
Schematisch gesteld komen deze vier takken overeen met twee historisch onderscheiden en complementaire activiteiten: i) het beheer van de cyclus van het nucleaire materiaal, met de mijnbouw, de front-end en de back-end, en ii) de reactorenactiviteit. De eerste activiteit werd ontwikkeld door Cogema en de tweede door Framatome, totdat deze twee ondernemingen in 2001 fuseerden en de Areva-groep vormden. Grafiek 1 Schematische voorstelling van de activiteiten van de Areva-groep Opsporen van nieuwe vindplaatsen van uranium Fabricage van MOX Frontend Beheer van gebruikte splijtstof Reactoren Fabricagen van UO2-splijtstof Uraniumontginning Backend Mijnbouw Vervoer van nucleair (uranium, gebruikte splijstof, afval) Ontwerp en fabricage van verpakkingen Logistieke dienstverlening Ontmanteling van nucleaire sites Waardering van sites en installaties aan het eind van de exploitatie Diensten en opossingen inzake opslag Behandeling en recyclage van gebruikte splijtstof Areva NP Ontginning en bhandeling van uraniumerts Verrijking van natuurlijk uranium (centrifugeproces) Omzetting van natuurlijk uranium in uranium- hexafluoride Verrijking Na de exploitatie Chemie van uranium ACTIVITEITEN VAN DE GROEP De activiteiten van de Areva-groep in de sector van de nucleaire energie kunnen in vier domeinen worden ingedeeld: |
|
(11) |
Het onderscheid tussen die twee grote activiteitenblokken werd doorgetrokken in het organogram van de gefuseerde Areva-groep, voorgesteld in grafiek 2. De reactorenactiviteit valt zodoende onder de dochteronderneming Areva Nuclear Power („Areva NP”) (en onder de Société Technique pour l'Energie Atomique („Areva TA”) wat schepen betreft), terwijl de activiteit betreffende de splijtstofcyclus wordt verdeeld tussen Areva Nuclear Cycle („Areva NC”) voor de front-end en de back-end van de cyclus, en de dochteronderneming „Areva Mines” voor de mijnbouw. De samenstelling van nucleaire splijtstoffen valt, ondanks de band met de cyclus van het nucleaire materiaal, onder Areva NP gelet op de sterke synergieën tussen het ontwerp van de elementen en dat van de reactoren (5). Grafiek 2 Vereenvoudigd organogram van de Areva-groep op 31 december 2014 |
|
(12) |
Op 31 december 2015 stelde de Areva-groep 39 537 mensen te werk. In 2015 bedroeg zijn totale omzet 8,2 miljard EUR, tegenover 8,3 miljard EUR in 2014. In overeenstemming met de IFRS 5-standaard inzake activiteiten die zullen worden verkocht of beëindigd (6), bedroeg de gepubliceerde omzet van de Areva-groep niettemin 4,2 miljard EUR. |
2.1.2. Moeilijkheden voor de Areva-groep
|
(13) |
De moeilijkheden waarmee de Areva-groep te kampen heeft, vloeien in de eerste plaats voort uit de sterke groeivertraging op de nucleaire markt en de verslechterde economische en financiële conjunctuur sinds 2008. De Areva-groep heeft bovendien aanzienlijke verliezen geleden in een beperkt aantal industriële projecten. Ten slotte is zijn winstgevendheid verzwakt door bepaalde overnames en door de ontwikkeling van bepaalde activiteiten. |
|
(14) |
Wat het eerste punt betreft, heeft het ongeval in Fukushima in 2011 bijgedragen tot een snelle verslechtering van de conjunctuur op de nucleaire markt. Sindsdien werd een aantal reactoren stilgelegd en hebben landen als Duitsland en Zwitserland beslist uit kernenergie te stappen. Plannen voor nieuwe centrales, onder meer in China, werden ook uitgesteld. Bijgevolg werden zowel de markt van de splijtstof als die van de reactoren getroffen, wat zich vertaalde in slechtere resultaten voor de Areva-groep. |
|
(15) |
De opdroging van financieringsbronnen op lange termijn, een gevolg van de financiële crisis van 2008 en van de nieuwe prudentiële normen die van kracht werden, heeft de financiering van kapitaalintensieve projecten als kerncentrales verder bemoeilijkt. |
|
(16) |
De inkrimping van de markt en de overcapaciteit die daardoor ontstond, deden zich, tot slot, voor op het moment waarop de Areva-groep had beslist over te gaan tot moderniseringsinvesteringen en het hoofd moest bieden aan een stijging van de werkingskosten. Die situatie had een directe invloed op de kasstroom en heeft de Areva-groep ertoe verplicht schulden te maken om haar operaties op korte termijn te kunnen financieren. Terzelfder tijd en rekening houdend met de verslechterde marktvooruitzichten is de Areva-groep moeten overgaan tot waardeverminderingen van activa. |
|
(17) |
Wat het tweede punt betreft, heeft de Areva-groep aanzienlijke verliezen geleden in een aantal industriële projecten, op de eerste plaats de bouw van een kerncentrale van de laatste generatie in Olkiluoto in Finland („het OL3-project”) voor de klant TVO. |
|
(18) |
Dat project wordt geleid door een consortium (hierna „het Consortium” genoemd) dat in 2003 werd opgericht door de Areva-groep, in het bijzonder Areva NP en zijn dochteronderneming Areva GmbH (hierna „Areva GmbH” genoemd), en Siemens. Deze werf heeft ongeveer negen jaar vertraging opgelopen en gezorgd voor meerkosten die voor de Areva-groep neerkomen op een geraamd verlies van 5,5 miljard EUR (7). De Areva-groep heeft, via zijn moederonderneming Areva SA, ten gunste van de klant TVO een passivagarantie gesteld waarvan de geldigheid en het toepassingsgebied volgens de Franse autoriteiten in twijfel kunnen worden getrokken. |
|
(19) |
Het OL3-project is het voorwerp van een belangrijk arbitragegeschil tussen het Consortium en TVO, waarbij beide partijen de oorzaak van de aanzienlijke vertragingen en meerkosten van de werf aan de andere partij toeschrijven. Beide partijen eisen van elkaar verschillende miljarden euro aan schadevergoeding. […] (*1). |
|
(20) |
Het Consortium en TVO waren begonnen aan de onderhandeling van een algemeen akkoord dat contractueel een nieuwe verwachte leveringsdatum bepaalt (8) […], waardoor er een eind komt aan het arbitragegeschil[…] (9).[…]. |
|
(21) |
De Franse autoriteiten hebben nadere uitleg gegeven over de verliezen met betrekking tot de RJH-projecten (reactor Jules Horowitz, een project van een onderzoekskernreactor in opbouw op het CEA-centrum van Cadarache) en […] (verbetering van de reactor […] van de centrale […]), die tot op vandaag verschillende honderden miljoenen euro aan verliezen hebben veroorzaakt. |
|
(22) |
Ten slotte is, wat het derde punt betreft, de financiële gezondheid van de Areva-groep ook achteruitgegaan door overnames en niet-winstgevende ontwikkelingsprojecten, in het bijzonder in de mijnbouw (de overname van de onderneming Uramin heeft bijvoorbeeld bijna […] EUR verlies veroorzaakt) en de hernieuwbare energie. |
|
(23) |
Om al die redenen heeft de Areva-groep aanzienlijke verliezen geleden die in het totaal meer dan 9 miljard EUR bedragen voor de boekjaren 2011-2015. Om die verliezen en de investeringen voor de modernisering van zijn industriële installaties te financieren (10), heeft de Areva-groep schulden gemaakt, zowel bij banken (hierna „bankschuld” genoemd) als op de kapitaalmarkten (hierna „obligatieschuld” genoemd). Na nieuwe bancaire leningen te hebben aangegaan begin 2016 bedroeg de schuld op 5 januari 2016 9,4 miljard EUR (11), waarvan 6 miljard EUR obligatieschuld. |
|
(24) |
Wat de rentabiliteitsvooruitzichten betreft, kan de Areva-groep vanwege zijn kapitaalstructuur niet het hoofd bieden aan zijn schulden en om die reden zijn de Franse autoriteiten met de Areva-groep aan een uitgebreide herstructurering begonnen. |
2.2. Herstructureringsplan van de Areva-groep
|
(25) |
De Franse autoriteiten hebben in hun aanmelding van 29 april 2016 een herstructureringsplan voorgesteld dat loopt over de periode van november 2014 tot december 2019 (hierna „herstructureringsperiode” genoemd) en dat beoogt het concurrentievermogen van de Areva-groep te herstellen en zijn financiële structuur weer gezond te maken. Dit plan voorziet in heroriëntatie van de Areva-groep op de cyclus van het nucleaire materiaal. Het gaat gepaard met een bedrijfsherstructurering door middel van een plan inzake prestaties en concurrentievermogen, dat als ambitie heeft tegen 2018 jaarlijks 500 miljoen EUR kostenbesparingen door te voeren bij de voortzetting van de activiteiten. Voorts vindt een belangrijke financiële herstructurering plaats, waaronder met name de herkapitalisering van de Areva-groep. |
2.2.1. Heroriëntatie op de activiteiten van de splijtstofcyclus
|
(26) |
De heroriëntatie op de activiteiten van de splijtstofcyclus wordt gebaseerd op i) de afstoting van de andere activiteiten van de Areva-groep; ii) de oprichting van een nieuwe juridische entiteit Nouvel Areva voor de activiteiten van de splijtstofcyclus, en iii) het isoleren van bepaalde bestaande passiva binnen de huidige moederonderneming Areva SA. |
2.2.1.1.
|
(27) |
De volgende dochterondernemingen en activiteiten zijn betrokken:
|
|
(28) |
Daarnaast plant de Areva-groep zich op korte en middellange termijn terug te trekken uit nagenoeg al zijn activiteiten in hernieuwbare energie en energieopslag. De onderneming Adwen, gespecialiseerd in offshore windenergie, zal worden verkocht aan de Spaanse groep Gamesa. Wat betreft de drijvende windmolens, […]. Wat betreft de biomassa, […]. Wat betreft de geconcentreerde zonne-energie, heeft de Areva-groep in 2014 beslist geleidelijk zijn activiteiten stop te zetten bij de beëindiging van de lopende projecten. Ten slotte behoudt de Areva-groep een minderheidsparticipatie in een onderneming die elektrolysetechnologieën voor energieopslag ontwikkelt en heeft hij een beperkte onderzoeks- en ontwikkelingsactiviteit in circulatieaccu's en waterstofcellen. |
|
(29) |
De verkoop van de activiteiten die tot vandaag worden uitgeoefend door Areva NP, verloopt volgens een bijzondere regeling en is gebonden aan een aantal voorwaarden beschreven in de overeenkomst voor verkoop van aandelen („share purchase agreement”, hierna „de SPA” genoemd) ondertekend door EDF en de Areva-groep op 15 november 2016. |
|
(30) |
Eerst werd afgesproken dat EDF wordt beschermd tegen een bepaald aantal risico's waarmee Areva NP vandaag te maken heeft. Die risico's betreffen in de eerste plaats de voortzetting van het OL3-project, maar ook de anomalieën die aangetroffen zijn bij de follow-up van de fabricage van door Areva NP geproduceerde installaties op sites als Le Creusot, Jeumont en Saint-Marcel (hierna „de onderdelenovereenkomsten” genoemd). Daartoe besloten Areva en EDF gebruik te maken van een mechanisme van verzelfstandiging van onderuit („drop down”) dat erin bestaat dat de belangrijkste activiteiten van Areva NP worden ondergebracht in een nieuwe aan EDF te verkopen entiteit (hierna „Nouvel Areva NP” genoemd). De historische Areva NP, en via haar de moederonderneming Areva SA, behouden de activiteiten voor de uitvoering van het contract met betrekking tot het OL3-project (12), […]. |
|
(31) |
Vervolgens zal de verkoop pas plaatsvinden nadat aan bepaalde voorwaarden is voldaan. Het gaat onder meer om de voorwaarde dat […] het Flamanville 3-project geen afwijking vertoont waardoor de voortzetting van het project aanzienlijk duurder wordt of ernstig wordt vertraagd. […] vat vormt […] het voorwerp van een specifiek validatieprogramma na de ontdekking in 2014 van niet-conforme waarden in proeven die verricht waren op een vergelijkbaar stuk met dat van Flamanville 3, ten gevolge van een hoger dan verwachte koolstofconcentratie (hierna „koolstofuitscheiding” genoemd). De Areva-groep en EDF hebben aanvullende maatregelen voorgesteld (hierna „verantwoordingsprogramma” genoemd) waarmee bijkomende garanties worden geboden om de betrouwbaarheid en veiligheid van het vat aan te tonen, ondanks dit probleem van koolstofuitscheiding. Die aanpassingen werden gevalideerd door de Autorité de Sûreté Nucléaire (hierna „ASN” genoemd) (13). De testen van het verantwoordingsprogramma werden voortgezet tot eind 2016. De Areva-groep en EDF hebben op 16 december 2016 een definitief rapport over deze testen overhandigd aan de ASN, die over een termijn van vijf maanden beschikt om de resultaten te analyseren en haar definitieve conclusies te publiceren. |
|
(32) |
Het initiële herstructureringsschema bepaalde dat Nouvel Areva een strategische participatie van 15 % in Nouvel Areva NP zou behouden. In antwoord op de twijfels van de Commissie in het kader van haar diepgaand onderzoek hebben de Franse autoriteiten zich er echter toe verbonden dat de desinvestering door de Areva-groep in de reactorenactiviteit volledig zal zijn, wat betekent dat Areva SA en Nouvel Areva geen enkele kapitaalband meer zullen hebben met Nouvel Areva NP aan het eind van het bij de Commissie aangemelde herstructureringsplan. |
2.2.1.2.
|
(33) |
De Areva-groep heeft de onderneming Nouvel Areva opgericht, vandaag voor 100 % in handen van Areva SA, om de volgende activiteiten te hergroeperen:
|
|
(34) |
Op 30 augustus 2016 werd de overeenkomst van de gedeeltelijke inbreng in activa van Areva SA ondertekend en de instemming van alle obligatiehouders die zijn overgedragen naar Nouvel Areva, werd verkregen op 27 september 2016. De oprichting van Nouvel Areva werd goedgekeurd door de buitengewone algemene vergadering van de aandeelhouders van Areva SA op 3 november 2016. |
|
(35) |
Er is bepaald dat het kapitaal van deze nieuwe entiteit wordt verhoogd met 3 miljard EUR door de Franse staat en een bepaald aantal derde investeerders. De Franse staat zal 2,5 miljard EUR bijdragen en de derde investeerders 500 miljoen EUR. Aangezien de aandelen van Nouvel Areva vóór de transactie werden gewaardeerd op 2 miljard EUR, zal het kapitaal van deze entiteit na de operatie als volgt zijn verdeeld: 40 % voor Areva SA, 50 % voor de Franse staat, rechtstreeks, en 10 % voor de derde investeerders. |
2.2.1.3.
|
(36) |
Volgens de herstructurering worden de risico's die verbonden zijn aan het OL3-project en […], rechtstreeks of via Areva NP, gedragen door de huidige moederonderneming Areva SA. Daarnaast zal Areva SA de bankschuld van de Areva-groep behouden en zal zij ook afstand doen van haar belangrijkste activiteiten door de afstoting van Nouvel Areva NP en de verzelfstandiging van de activiteiten van de splijtstofcyclus. |
2.2.2. Het plan inzake prestaties en concurrentievermogen
|
(37) |
Om zijn concurrentievermogen en operationele prestaties te verbeteren zodra de activiteiten zijn geheroriënteerd op de splijtstofcyclus, is de Areva-groep begonnen aan de uitvoering van een plan inzake prestaties en concurrentievermogen. |
|
(38) |
Dat moet het mogelijk maken om dankzij aanzienlijke inspanningen 500 miljoen EUR kostenbesparingen per jaar te realiseren in Nouvel Areva. |
|
(39) |
Het plan inzake prestaties en concurrentievermogen bestaat uit vier krachtlijnen: i) de selectiviteit van de aankopen; ii) een betere inzet van het verkooppersoneel; iii) verhoging van de productiviteit (met name door een plan voor vrijwillig vertrek), en iv) toezicht op de ontwikkeling van de lonen. De eerste maatregelen werden getroffen in 2015 en de uitvoering van het plan zou tot in 2018 moeten duren. |
2.2.3. Financiële herstructurering
|
(40) |
De financiële structuur van de Areva-groep is weinig houdbaar en maakt een herstructurering noodzakelijk. |
|
(41) |
De opbrengst uit de verkoop van de verschillende dochterondernemingen vermeld in de overwegingen 27 en 28 vormt een eerste financieringsbron voor de liquiditeitsbehoeften van de Areva-groep. |
|
(42) |
De Areva-groep mobiliseert ook eigen financieringen voor een bedrag van ongeveer [0-2 miljard] EUR, verdeeld over een structurele verlaging van [0-1 miljard] EUR van de minimumdrempel van zijn kasstroom en verschillende cessies van schuldvorderingen voor [0-1 miljard] EUR. Deze transacties worden nader beschreven in overweging 321. |
|
(43) |
Toch blijken deze middelen onvoldoende om het hoofd te bieden aan de schulden van de Areva-groep. De Franse autoriteiten hebben de behoefte aan eigen kapitaal voor de Areva-groep geraamd op 5 miljard EUR. Het herstructureringsplan van de Areva-groep voorziet dus in een kapitaalinbreng van 5 miljard EUR, die als volgt zou worden verdeeld:
|
2.3. Aangemelde steun
|
(44) |
Op 29 april 2016 hebben de Franse autoriteiten de in het vooruitzicht gestelde inschrijving van de Franse staat op de kapitaalverhogingen van respectievelijk Areva SA en Nouvel Areva voor een totaalbedrag van 4,5 miljard EUR aangemeld als één enkele steunmaatregel. Er is bepaald dat deze steun wordt gefinancierd met de eigen middelen van de Franse staat. |
|
(45) |
De verenigbaarheid van de herstructureringssteun wordt geanalyseerd in het licht van de richtsnoeren voor reddings- en herstructureringssteun aan niet-financiële ondernemingen in moeilijkheden (16) (hierna de „richtsnoeren” genoemd). Na een eerste onderzoek had de Commissie twijfels geuit over de verenigbaarheid van deze steun met de richtsnoeren. |
2.4. Beschrijving van de redenen voor de inleiding van de procedure
2.4.1. Twijfels over het plan voor het herstel van de levensvatbaarheid op lange termijn van de geherstructureerde Areva-groep
|
(46) |
De Commissie vroeg zich af of de hypothesen die ten grondslag liggen aan het plan voor het herstel van de levensvatbaarheid op lange termijn van de Areva-groep, realistisch waren. |
|
(47) |
Zo bleek volgens de Commissie niet duidelijk uit het basisscenario van Nouvel Areva welke impact de verschillende in het kader van de herstructurering geplande overdrachten (in de eerste plaats van Nouvel Areva NP) eventueel zouden hebben op de activiteiten van de cyclus van het nucleaire materiaal alsook voor het verlies van synergieën. Er was een tegenstrijdigheid met de bewering van de Franse autoriteiten dat die overdrachten het concurrentievermogen van de geherstructureerde Areva-groep verminderden en zo reële compenserende maatregelen vormden. |
|
(48) |
De Commissie haalde ook aan dat het ongunstige scenario niet vergezeld ging van een gevoeligheidsanalyse waarin de belangrijkste risicofactoren die de Areva-groep kunnen beïnvloeden, aan bod komen en volgens belangrijkheid worden gerangschikt. |
|
(49) |
De Commissie was voorts niet zeker dat de levensvatbaarheid van Nouvel Areva op lange termijn in het ongunstige scenario kon worden hersteld, aangezien uit dit scenario een financieringstekort naar voren kwam[…]. |
|
(50) |
Wat betreft Areva SA, waren de door de Franse autoriteiten meegedeelde prognoses nog afhankelijk van te veel onzekere factoren, onder andere om het scenario van de verzelfstandiging van onderuit te kunnen becijferen. |
2.4.2. Twijfels over de evenredigheid van de steun
|
(51) |
Op basis van de door de Franse autoriteiten verstrekte informatie concludeerde de Commissie dat het beginsel van billijke lastendeling leek te worden nageleefd, op voorwaarde niettemin dat meer duidelijkheid werd geboden over de behandeling van de bestaande minderheidsaandeelhouders. |
|
(52) |
De Commissie uitte daarentegen twijfels over de eigen bijdrage van de Areva-groep tot de kosten van zijn herstructurering. Op basis van de prognoses van de Franse autoriteiten leek de Areva-groep in principe in staat om de kosten van zijn herstructurering voor meer dan 50 % te financieren. Het totaal van de eigen bijdragen bedroeg echter [9-11 miljard] EUR, wat meer is dan de op [8-9 miljard] EUR geraamde financieringsbehoefte, zonder dat dit verschil behoorlijk werd gerechtvaardigd. Voorts leken vele van de transacties die een eigen bijdrage zouden genereren, zoals de verschillende afstotingen of de inschrijving van derde investeerders op de kapitaalverhoging van Nouvel Areva nog te onzeker om te worden aangemerkt als „reële en effectieve” bijdragen. |
2.4.3. Twijfels over de maatregelen ter beperking van verstoringen van de mededinging
|
(53) |
De Commissie erkende dat de verschillende volledige of gedeeltelijke afstotingen door de Areva-groep leidden tot een aanzienlijke inkrimping van zijn activiteiten, met ongeveer 50 % rekening houdend met parameters als de geconsolideerde omzet of het aantal werknemers. De impact van deze afstotingen op de mededinging bleek evenwel niet duidelijk. |
|
(54) |
De Commissie was dan ook van oordeel dat alle afstotingen niet op dezelfde voet stonden. De afstoting van relatief kleine dochterondernemingen als Areva TA of Canberra stond niet in verhouding tot de omvang van de in het vooruitzicht gestelde steun. |
|
(55) |
Dan was er nog de gedeeltelijke afstoting van Nouvel Areva NP, waarvan de omvang daarentegen wel overeenkwam met de omvang van de steun, maar die niet direct betrekking leek te hebben op de markten waar de Areva-groep een belangrijke positie zou innemen na de herstructurering. De Commissie had dan ook vragen bij de twee hypothesen op basis waarvan de Franse autoriteiten konden besluiten dat het wel degelijk om een mededingingsbevorderende maatregel ging: ten eerste, dat er sterke synergieën bestonden tussen de reactorenactiviteit en die van de splijtstofcyclus, wat betekent dat het een voordeel was een geïntegreerde groep te vormen op de nucleaire markt; ten tweede, dat de Areva-groep het voordeel van die synergieën zou verliezen door de afstoting van zijn dochteronderneming Nouvel Areva NP. |
|
(56) |
Wat de tweede hypothese in het bijzonder betreft, leken krachtens het protocolakkoord van 20 juli 2015 tussen EDF en de Areva-groep deze twee groepen volgens de Commissie de synergieën die tot hiertoe structureel bestonden, opnieuw tot stand te brengen in contractuele vorm. |
|
(57) |
Om die uiteenlopende redenen had de Commissie twijfels over de gevolgen van de afstoting van Nouvel Areva NP voor de concurrentiepositie van de Areva-groep op de markt na de herstructurering, en dus over het afdoende karakter van die compenserende maatregel. |
|
(58) |
Tot slot verbaasde de Commissie zich over het Franse standpunt, namelijk de weigering van de in de richtsnoeren omschreven verbintenis dat herstructureringssteun niet wordt gebruikt voor het verwerven van participaties. De Commissie verzocht de Franse autoriteiten dan ook om dergelijke transacties in het herstructureringsplan op te nemen indien deze absoluut noodzakelijk bleken voor het herstel van de levensvatbaarheid op lange termijn van de Areva-groep. |
3. OPMERKINGEN VAN DERDEN
3.1. De Areva-groep
|
(59) |
De Areva-groep sluit zich volledig aan bij de antwoorden van de Franse autoriteiten van 12 september 2016, waarbij hij trouwens zelf betrokken is geweest. |
|
(60) |
Wat de twijfels van de Commissie betreft, onderstreept de Areva-groep hoofdzakelijk de volgende punten:
|
|
(61) |
De Areva-groep beklemtoont ook het strategisch belang van de herstructureringssteun voor de Europese nucleaire sector en economie: als directe bron van werkgelegenheid, als belangrijke speler voor het behoud van de nucleaire sector in tal van segmenten van de waardeketen van deze industrie, als cruciale speler voor de goede werking van de Europese kerncentrales. |
|
(62) |
De Areva-groep onderstreept tot slot de goede voortgang van het herstructureringsplan, met i) de afstoting van Canberra (afgerond) en van de participatie van de Areva-groep in Adwen (optie uitgeoefend), en ii) de goedkeuring door de obligatiehouders van de gedeeltelijke inbreng van activa van Areva SA in Nouvel Areva alsook van de gelijktijdige overdracht van de obligatieschuld naar Nouvel Areva. Daarnaast biedt de goedkeuring van het Hinkley Point C-project gunstige ontwikkelingsmogelijkheden voor een goede uitrol van dit plan. |
3.2. Urenco
|
(63) |
De onderneming Urenco is het resultaat van een politieke samenwerking tussen de Bondsrepubliek Duitsland, Nederland en het Verenigd Koninkrijk. Zij werd opgericht in 1970, is voornamelijk actief in het segment van de uraniumverrijking en beschikt over fabrieken in haar drie landen van oorsprong en in de Verenigde Staten. |
|
(64) |
Na een algemeen overzicht van de waardeketen van de cyclus van het nucleaire materiaal ontwikkelt Urenco een redenering in drie punten: ten eerste zal de onderzochte steun de Areva-groep aanzienlijk versterken; vervolgens zullen de verstorende effecten van deze steun zich in het bijzonder doen voelen op de verrijkingsmarkt ten nadele van Urenco en andere concurrenten in dit segment; bijgevolg zijn de door de Franse autoriteiten voorgestelde mededingingsmaatregelen onvoldoende en moeten zij worden versterkt. |
|
(65) |
Wat het eerste punt betreft, stelt Urenco vast dat het herstructureringsplan geen capaciteitsvermindering in de activiteiten van de Areva-groep omvat, ondanks zijn financiële moeilijkheden en de overcapaciteit die kenmerkend is voor de markten waarin hij actief is. Nouvel Areva zal dus zoals in het verleden nog steeds over dezelfde activa in de cyclus van het nucleaire materiaal beschikken, hetgeen ideaal is om een sterke positie op die markt te behouden. |
|
(66) |
Dat is des te duidelijker, aangezien de staatssteun ertoe bijdraagt de balans van de nieuwe gevormde entiteiten gezond te maken en het slechte beheer uit het verleden uit te wissen. De manoeuvreerruimte van Nouvel Areva NP en Nouvel Areva wordt zodoende hersteld op het gebied van nieuwe investeringen, toegang tot financiering en onderhandelingspositie. De concurrenten van Nouvel Areva moeten daarentegen ten volle de kosten van hun investeringen dragen en kunnen alleen rekenen op hun winsten om zich te ontwikkelen. |
|
(67) |
Wat het tweede punt betreft, is Urenco van mening dat de verstoringen van de mededinging zich duurzaam zullen laten voelen in het segment van de verrijking, dat wordt gekenmerkt door een overcapaciteit en een beperkt aantal zeer kapitaalintensieve projecten. |
|
(68) |
Volgens Urenco overtreffen de mondiale verrijkingscapaciteiten in aanzienlijke mate de vraag […]. Die overcapaciteit is des te schadelijker, aangezien een deel van de groei van de vraag afkomstig is van landen als China en Rusland, die grotendeels gesloten zijn voor westerse spelers. Van de voor deze laatsten toegankelijke vraag vormen de installaties voor kernenergie van EDF een significant deel en het is dus cruciaal dat de versterkte band tussen EDF en de Areva-groep de toegang van Urenco tot EDF niet vermindert. |
|
(69) |
Dankzij de onderzochte steun kan de Areva-groep voorts zijn activiteit inzake MOX-splijtstof behouden, terwijl die splijtstof niet zo concurrerend is als het natuurlijke, verrijkte uranium. Zonder de staatssteun zou deze activiteit zijn verdwenen of in belang zijn verminderd, waardoor marktaandeel voor de concurrenten van de Areva-groep zou vrijkomen (met name ten aanzien van EDF, waarvan [0-25] % van de vraag kan worden voldaan met MOX-splijtstof). |
|
(70) |
De gesaneerde balans van Nouvel Areva zal het ook mogelijk maken om zich te ontwikkelen in de trading van verrijkingsdiensten (hierna „SWU's” genoemd), een activiteit die een aanzienlijke financiële manoeuvreerruimte vereist. Die markt […] kan bijdragen tot de versterking van Nouvel Areva in verhouding tot concurrenten die geen staatssteun genieten, die wegens de financiële structuur, een gevolg van de zeer kapitaalintensieve projecten van de sector, dergelijke risico's niet kunnen nemen. |
|
(71) |
Tot slot meent Urenco dat Nouvel Areva voordeel zal blijven halen uit de verticale integratie in de markt van de splijtstofcyclus. |
|
(72) |
Wat het derde punt betreft, onderstreept Urenco dat mededingingsmaatregelen moeten worden voorgesteld voor de markten waarin de Areva-groep na de herstructurering actief zal zijn, te meer omdat de meeste van deze markten (mijnbouw, omzetting en verrijking) nu al met overcapaciteit te kampen hebben. |
|
(73) |
Urenco deelt de stelling van de Franse autoriteiten niet dat de afscheiding van de reactorenactiviteit zou zorgen voor het verlies van synergieën, waardoor de splijtstofactiviteit zou worden getroffen. Wegens de aanwezigheid van verschillende niet-geïntegreerde en toch performante spelers (bijvoorbeeld Urenco, Cameco, KAP) kan het belang van dergelijke synergieën worden gerelativeerd. Bovendien doen die synergieën zich enkel voor bij de levering van splijtstof aan nieuwe reactoren; […]. |
|
(74) |
Voorts zal het strategische partnership tussen EDF en Nouvel Areva de eventuele verloren synergieën weer tot stand brengen. Nouvel Areva zal namelijk een strategische participatie behouden in de dochteronderneming die zij gemeenschappelijk heeft met EDF, wat een zekere coördinatie zal vergen tussen de beide groepen en ertoe zou kunnen leiden dat EDF Nouvel Areva bevoordeelt. Beide zullen bovendien dezelfde aandeelhouder hebben, namelijk de Franse staat. Verder wordt gewerkt aan een versterkte samenwerking, wat de Commissie al had opgemerkt in haar inleidingsbesluit. Tot slot zullen de nadelen van de desintegratie in de eerste plaats worden gevoeld door Nouvel Areva NP, die nieuwe commerciële teams zal moeten opleiden voor de verkoop van splijtstofelementen, terwijl Nouvel Areva de voordelen van de integratie met betrekking tot de cyclus van het nucleaire materiaal behoudt. |
|
(75) |
In het licht van wat voorafgaat, stelt Urenco de volgende mededingingsmaatregelen voor:
|
|
(76) |
Urenco wenst ook dat de Franse autoriteiten andere mededingingsmaatregelen onderzoeken die gemeenschappelijk zijn voor alle segmenten, bijvoorbeeld de verkoop van een activiteit aan een nieuwe speler, om de synergieën die verband houden met de integratie van Nouvel Areva in de splijtstofcyclus te verminderen. Urenco beklemtoont, ten slotte, dat het verbod op de overname van ondernemingen tijdens de herstructureringsperiode moet worden nageleefd, behalve als wordt aangetoond dat een dergelijke overname onontbeerlijk is voor het herstel van de levensvatbaarheid van de Areva-groep. |
3.3. TVO
|
(77) |
TVO is een Finse onderneming actief in de elektriciteitsproductie, opgericht in 1969 en in handen van andere Finse elektriciteitsondernemingen en industriële ondernemingen. TVO is de toekomstige eigenaar van OL3, een kerncentrale gebaseerd op de technologie van de Europese drukreactor (hierna „EPR” genoemd), die zich nog in de bouwfase bevindt. De overeenkomst voor de bouw van deze centrale […] werd gesloten met het Consortium op 18 december 2003. De aanvankelijke opleveringsdatum was 30 april 2009. Na tal van vertragingen werd de datum momenteel door het Consortium vastgelegd op december 2018. |
|
(78) |
TVO onderstreept het belang van de OL3-reactor voor de Finse en Europese energiesector. Als hij eenmaal in werking is, zou de OL3-reactor 9 % van de totale elektriciteitsproductie in Finland moeten leveren tegen 2020 en 14 % van de totale vraag naar elektriciteit opvangen, waardoor de energieonafhankelijkheid van Finland toeneemt. OL3 is ook een pioniersproject, dat de „renaissance” van de nucleaire industrie zou moeten inleiden. |
|
(79) |
Het OL3-project bevindt zich in de laatste uitvoeringsfase. De externe bouw is bijna afgerond, maar bepaalde bouw- en installatiewerkzaamheden zijn nog bezig binnen in de centrale, en in het bijzonder op het nucleaire eiland (reactor). Zo'n 2 400 werknemers zijn aan de slag op de site. TVO onderstreept dat het OL3-project nu in de cruciale fase van de inwerkingstelling treedt, die aan het eind ervan zal leiden tot de verwachte opleveringsdatum. In deze fase is voortdurende steun vanwege het Consortium nodig, aangezien dit beschikt over de kennis en expertise inzake EPR. |
|
(80) |
TVO vermeldt ook het arbitrageschil dat werd ingeleid tegen het Consortium. Het totale door het Consortium gevorderde bedrag bedraagt momenteel ongeveer [0-5 miljard] EUR, terwijl het door TVO gevorderde bedrag voor zijn eigen kosten en verliezen [0-5 miljard] EUR bedraagt volgens de laatste ramingen van TVO. De door beide partijen gevorderde bedragen in het kader van het arbitragegeschil bedragen samen, in totaal, dus ongeveer [0-10 miljard] EUR. |
|
(81) |
TVO verklaart vervolgens zijn begrip van het herstructureringsplan van de Areva-groep, dat voortaan is gebaseerd op het „plan B” dat erin bestaat dat Nouvel Areva NP aan EDF wordt overgedragen nadat het OL3-project en de middelen noodzakelijk voor de voltooiing ervan eruit werden geïsoleerd en waarbij de onderdelenovereenkomsten en een deel van de schuld van de Areva-groep in deze „afsplitstingsstructuur” worden gelaten. |
|
(82) |
Algemeen beschouwd steunt TVO het herkapitaliseringplan van de Areva-groep door de Franse staat. Toch is TVO bezorgd over de mogelijke negatieve gevolgen van de herstructurering van de groep voor het OL3-project. Meer in het bijzonder vraagt TVO zich af of de afsplitsingsstructuur waarin het OL3-project zou worden geïsoleerd, in staat is de noodzakelijke middelen te behouden om te komen tot voltooiing van het project. De afsplitsingsstructuur zou immers beperkte financiële middelen hebben om het hoofd te bieden aan mogelijk aanzienlijke schulden, waarvan de omvang in dit stadium moeilijk te bepalen is. |
|
(83) |
De financiële middelen van deze afsplitsingsstructuur zijn samengesteld uit: 2 miljard EUR kapitaalverhoging, 2,5 miljard EUR opbrengst uit de verkoop van Nouvel Areva NP aan EDF, resterende opbrengsten uit de verkoop van de niet-strategische activiteiten van Areva en het saldo van het bedrag dat TVO nog aan de Areva-groep moet betalen voor de voltooiing van het OL3-project. Tegenover deze middelen worden de kosten van de afsplitsingsstructuur als volgt geraamd: de kosten voor de voltooiing van het OL3-project en de daarmee samenhangende garanties, de terugbetaling van de bankschuld voor een bedrag van 3,4 miljard EUR, de mogelijke garanties die aan EDF moeten worden gegeven met betrekking tot de overeenkomsten betreffende de kerncentrales waarvan de stukken worden onderworpen aan een audit, andere garanties inzake de verkoop van de niet-strategische activa en, als TVO het lopende arbitragegeschil wint, een bedrag dat kan oplopen tot [0-5 miljard] EUR. |
|
(84) |
Zo twijfelt TVO of de geherstructureerde Areva-groep het hoofd kan bieden aan de risico's betreffende het OL3-project, met name de voltooiingskosten, en geeft zij daarvoor nadere toelichting met een analyse van de herstructureringssteun volgens de richtsnoeren, met name de vraag of de steun bijdraagt tot een doelstelling van algemeen belang, het herstel van de levensvatbaarheid van de Areva-groep en het beginsel dat de steun eenmalig dient te zijn. |
|
(85) |
Ten eerste, wat betreft de doelstelling van algemeen belang, ondersteunt TVO het argument van Frankrijk dat de steun bijdraagt tot de verwezenlijking van de doelstellingen van het Euratom-Verdrag, met name in artikel 2, onder d). Toch is het volgens TVO noodzakelijk ook de bepalingen van artikel 2, onder b) en c), van het Verdrag te evalueren. Wat betreft artikel 2, onder c), draagt de steun bij tot de voltooiing van het OL3-project, een belangrijk project voor de ontwikkeling van de Europese energiesector en voor de beveiliging van de energievoorziening van de Noordse landen. Wat betreft artikel 2, onder b), impliceert de doelstelling van nucleaire veiligheid, zoals bepaald in artikel 11 van het Verdrag inzake nucleaire veiligheid, dat „elke Partij passende maatregelen neemt om te waarborgen dat voldoende gekwalificeerd personeel met deugdelijke opleiding, training en hertraining beschikbaar is voor alle met de veiligheid verband houdende activiteiten die in of voor iedere kerninstallatie worden verricht gedurende de gehele levensduur daarvan”. Aangezien de capaciteiten van TVO hoofdzakelijk beperkt zijn tot de exploitatie van de centrales, steunt TVO op de expertise van het Consortium om de veiligheid van de activiteiten in het kader van het OL3-project te verzekeren. Elk herstructureringsplan waarin het OL3-project zou worden geïsoleerd in een afsplitsingsstructuur, zou echter kunnen leiden tot het toewijzen van te weinig gekwalificeerd personeel van de Areva-groep aan het OL3-project, een verlies van de „back office” van de Areva-groep in Frankrijk en Duitsland, een verlies van de technische infrastructuur van de Areva-groep en mogelijke problemen met de onderaannemers van het project. |
|
(86) |
Ten tweede, wat betreft het herstel van de levensvatbaarheid op lange termijn van de Areva-groep, vraagt TVO zich af of de kapitaalinjectie in Areva SA toereikend is, of de hypothesen van het herstructureringsplan realistisch zijn en dus of de steun de mogelijkheid biedt om de levensvatbaarheid van Areva SA op lange termijn te verzekeren. |
|
(87) |
Ten derde, wat betreft het eenmalige karakter van de steun, als het herstructureringsplan niet garandeert dat de Areva-groep kan voldoen zijn verplichtingen voor de voltooiing van het OL3-project, zouden bijkomende verplichtingen, met name schadevergoedingen wegens nieuwe vertragingen, het gevolg kunnen zijn. Een nieuwe staatssteun zou dan onmogelijk kunnen worden goedgekeurd wegens het verplichte eenmalige karakter ervan. |
|
(88) |
Om een antwoord te bieden op al deze twijfels en vragen, moet elk herstructureringsplan volgens TVO de volgende elementen omvatten:
|
3.4. Siemens
|
(89) |
Siemens is, samen met twee ondernemingen van de Areva-groep (Areva GmbH en Areva NP), een partner in het Consortium dat het OL3-project draagt. Hoewel de Areva-groep een belangrijker deel van het project op zich neemt, zijn de leden van het Consortium hoofdelijk aansprakelijk ten aanzien van TVO, hun klant, wat betreft de voltooiing van het project. |
|
(90) |
Ook al steunt de groep Siemens ten volle de bijdrage van de Franse staat ten gunste van de Areva-groep, toch heeft hij op verschillende vlakken twijfels. |
|
(91) |
Siemens vraagt zich eerst af of de steun toereikend is om de engagementen en risico's van Areva SA te dekken.
|
|
(92) |
Siemens stelt zich vervolgens de vraag hoe de structuur waarin het OL3-project wordt ondergebracht, toereikende juridische, personeels-, financiële en operationele middelen zal krijgen om de afwerking ervan te verzekeren, als de activiteiten en operationele middelen inzake de bouw worden overgedragen aan Nouvel Areva NP, dat zal worden verkocht aan EDF. De nagenoeg onvermijdelijke uitbesteding van de verwezenlijking van een deel van het project aan Nouvel Areva NP zou kunnen […]. |
|
(93) |
Siemens is, ten slotte, bezorgd over een blokkering […] door TVO van de herstructurering van de Areva-groep gericht op het isoleren van het OL3-project in een specifieke structuur, […]. |
|
(94) |
Volgens Siemens zouden die risico's kunnen worden opgevangen door bijkomende mechanismen zoals i) extra financiële middelen van de Franse staat; ii) een staatswaarborg op alle bijkomende passiva die verbonden zijn met het OL3-project, of iii) een engagement van de Franse staat dat hij alle bijkomende kapitaalbehoeften inzake het project zal financieren. |
|
(95) |
Gelet op de hoofdelijkheid tussen Siemens en de Areva-groep in het Consortium vreest Siemens dat zij de financiële lasten zal moeten dragen die de Areva-groep niet aankan, wat volgens Siemens strijdig zou zijn met het beginsel van de lastendeling vermeld in de richtsnoeren. |
3.5. Derde die wenst dat zijn identiteit niet openbaar wordt gemaakt
|
(96) |
Een laatste derde, die anoniem wenst te blijven, waarschuwt de Commissie voor de verstoringen van de mededinging veroorzaakt door de onderzochte steun. Volgens deze derde zullen niet alleen Nouvel Areva maar ook Nouvel Areva NP sterker uit deze herstructurering komen, dankzij de staatssteun. |
|
(97) |
Ondernemingen die staatssteun ontvangen, zijn sterk bevoordeeld ten aanzien van hun concurrenten op de nucleaire markt. Deze wordt immers gekenmerkt door een bijzonder felle mededinging en de nood aan steeds omvangrijkere garanties. |
|
(98) |
Tot slot is de anonieme belanghebbende van mening dat de toekomstige samenwerking van Nouvel Areva en Nouvel Areva NP opnieuw sterke synergieën tot stand zal brengen die de mededinging zullen verstoren. |
4. OPMERKINGEN VAN FRANKRIJK
|
(99) |
De opmerkingen van Frankrijk betreffen vier punten die overeenkomen met de voornaamste twijfels die de Commissie had in het inleidingsbesluit. Allereerst willen de Franse autoriteiten aantonen dat de enige maatregel die staatssteun kan vormen, de kapitaalinjectie in Areva SA en Nouvel Areva is. Daarna antwoorden zij op de twijfels van de Commissie omtrent het realistisch karakter van de hypothesen die ten grondslag liggen aan het bedrijfsplan, de evenredigheid van het steunbedrag en de voorgestelde mededingingsmaatregelen. |
4.1. Alleen de kapitaalverhoging kan staatssteun vormen
|
(100) |
De Franse autoriteiten wijzen er in de eerste plaats op dat de mogelijkheid dat de Areva-groep staatssteun aan derden verleent door zijn dochterondernemingen aan een te lage prijs te verkopen i) niet relevant is in het kader van deze procedure, en ii) absoluut theoretisch blijkt, aangezien de Areva-groep wordt aangespoord de opbrengst van de afstotingen te maximaliseren. Zij tonen ook aan dat de Areva-groep geen enkele steun verkrijgt door de afstoting van Nouvel Areva NP en Areva TA, die wel met staatsmiddelen worden gefinancierd, maar tegen marktprijs plaatsvinden. |
|
(101) |
Wat betreft Nouvel Areva NP, leggen de Franse autoriteiten uit dat een bijzonder bestuursmodel werd ingevoerd bij EDF om ervoor te zorgen dat de belangen van EDF worden veiliggesteld. In het kader van dat bestuursmodel is een werkgroep samengesteld uit onafhankelijke bestuurders opgericht specifiek voor de overname van Nouvel Areva NP om na te gaan of die transactie overeenstemt met het maatschappelijk belang van EDF, en een onafhankelijk advies te geven aan de raad van bestuur van EDF. In deze werkgroep heeft geen enkele vertegenwoordiger van de staat zitting. Op basis van de werkzaamheden van deze groep, die onder andere een waardebeoordeling bij de bank Société Générale heeft besteld, werd de overnamebeslissing uiteindelijk genomen door EDF. |
|
(102) |
De Franse autoriteiten hebben ook toegelicht dat zij uiteindelijk voor de verzelfstandiging van onderuit hebben gekozen voor de uitvoering van de overname door EDF van de reactorenactiviteit van de Areva-groep. Deze nieuwe regeling voor de afstoting heeft volgens de Franse autoriteiten geen invloed op de waardebeoordeling van de partijen en hun adviseurs betreffende de hypothese van het voorafgaande afstotingsschema: 2,5 miljard EUR voor 100 % van de eigen middelen. Ongeacht de juridische bepalingen inzake de afstoting blijft de economische realiteit immers dezelfde voor EDF, die de historische activiteiten van Areva NP overneemt, zonder het risico met betrekking tot het OL3-project te dragen. EDF zal eveneens worden afgeschermd van de risico's inzake de onderdelenovereenkomsten. Hoewel geen rekening werd gehouden met die risico's in de waardebeoordeling van januari 2016, zorgt het afschermingsmechanisme uitgewerkt door de partijen ervoor dat de kern ervan niet wordt gewijzigd. |
|
(103) |
Wat betreft Areva TA, werd het waarderingsproces in twee fasen georganiseerd, volgens de meest gangbare marktpraktijken: i) tussen januari en mei 2016 heeft de Areva-groep het overnameconsortium financiële, operationele, juridische en fiscale inlichtingen verstrekt en verschillende werksessies georganiseerd met het directieteam van Areva TA; ii) het consortium heeft vervolgens toegang gekregen tot een „data room” en heeft vragen kunnen stellen aan de directie van Areva TA. Hiervoor werden de Areva-groep en de overnemer bijgestaan door twaalf juridische en bancaire adviseurs en experts in financiële preaudit („due diligence”). |
|
(104) |
Op 18 augustus 2016 heeft het in overweging 27 beschreven overnameconsortium een bod gedaan dat de effecten van Areva TA waardeert op [0-2 miljard] EUR. Deze waardering is gebaseerd op de methode van de geactualiseerde waarde van de kasstromen („discounted-cashflowmethode”, hierna „DCF-methode” genoemd) die wordt toegepast op een bedrijfsplan op basis van hypothesen die samen met de overnemer worden gevalideerd. Deze prijs werd opgenomen in de verkoopsovereenkomst van 15 december 2016. |
|
(105) |
De Franse autoriteiten menen dus dat de uiteindelijke waardering is gebaseerd op algemeen aanvaarde methoden, na de gewoonlijke diligence. |
4.2. De Areva-groep voert een herstructureringsplan uit dat zijn levensvatbaarheid op lange termijn moet herstellen
|
(106) |
De Franse autoriteiten stellen eerst een bijgewerkt financieel traject van Nouvel Areva voor. Dat traject is gebaseerd op hypothesen die bijzonder conservatief worden geacht: i) de uraniumprijs werd verlaagd, […]; ii) de prognoses voor de mijnbouwactiviteit zijn verlaagd; iii) er wordt rekening gehouden met een extra risico inzake […]; iv) het kostenbesparingenplan is versterkt voor de verrijking en de omzetting, en v) de kosten voor de uitvoering van de verzelfstandiging van onderuit werden gestabiliseerd op [200-900 miljoen] EUR in de periode 2016-2025. De hypothesen van het ongunstige scenario werden ook verlaagd, volgens een gelijkaardige logica. |
|
(107) |
De Franse autoriteiten bieden vervolgens een antwoord op de verschillende punten van het plan voor het herstel van de levensvatbaarheid waarover de Commissie twijfels heeft. |
4.2.1. Het bedrijfsplan van Nouvel Areva houdt rekening met de gevolgen van de in het vooruitzicht gestelde afstotingen
|
(108) |
De Franse autoriteiten stellen dat, gelet op de lengte van de cycli in de nucleaire industrie, de voornaamste verliezen van synergieën zich hoofdzakelijk zullen voordoen in een tijdsbestek dat het financiële traject van de Areva-groep (2016-2025) overstijgt. Nouvel Areva beschikt immers over een goed gevulde orderportefeuille voor de komende vijf tot tien jaar, wat zorgt voor een zekere inertie wat betreft de evolutie van zijn marktaandeel. Dat kenmerk is niettemin gemeenschappelijk voor alle leveranciers van nucleair materiaal, aangezien de leveringsovereenkomsten doorgaans over verschillende jaren lopen, meestal vijf tot tien jaar afhankelijk van het soort stof (ruw, omgezet of verrijkt uranium) en de aard van de klant. De verschillende in het vooruitzicht gestelde afstotingen en in het bijzonder die van Nouvel Areva NP bemoeilijken daarentegen op langere termijn de mededingingspositie van Nouvel Areva. |
|
(109) |
De Areva-groep voert voorts een plan inzake prestaties en concurrentievermogen uit waarmee op kortere termijn de impact van de afstoting van Nouvel Areva NP op de kostenstructuur kan worden opgevangen. Bijvoorbeeld wat betreft de schaalverkleining van de aankopen, wil het desbetreffende plan net op dat gebied winsten boeken om het verlies van aankoophoeveelheden volgend op de afstoting van Nouvel Areva NP goed te maken. Het financiële traject in het ongunstige scenario gaat er evenwel vanuit dat de doelstellingen van het Plan slechts voor [50-100] % zullen worden behaald en dat er dus een negatieve impact zal zijn. |
4.2.2. Gevoeligheidsanalyse en strategie ter beperking van de risico's
|
(110) |
De Franse autoriteiten en de Areva-groep hebben de belangrijkste risicofactoren bepaald die op de toekomst van Nouvel Areva wegen. Er wordt verduidelijkt dat het basisscenario al zeer conservatief is en dat het dus weinig waarschijnlijk is dat alle ongunstigere hypothesen allemaal tegelijkertijd werkelijkheid worden. |
|
(111) |
De eerste van deze factoren is de wisselkoers tussen de euro en de dollar. […]. Maandelijks wordt een analyse van de blootstellingen gedaan en in functie daarvan worden dekkingen aangegaan om een minimaal percentage van de komende vervaltermijnen te dekken. Daarnaast genieten bepaalde activiteiten, zoals de mijnbouw, een gedeeltelijke, natuurlijke bescherming tegen dat risico: zo wordt 50 % van de mijnbouw van Nouvel Areva gerealiseerd in Canada, waar de munt gekoppeld is aan de dollar. |
|
(112) |
Het tweede risico betreft […]. De gevolgen in het ongunstige scenario bedragen ongeveer [0-100 miljoen] EUR op de totale operationele kasstroom in de periode 2016-2025. De Franse autoriteiten verduidelijken dat de Areva-groep al een reeks acties voor optimalisatie en kostenbezuiniging uitvoert om de impact van dit risico te beperken: het betreft operationele verbeteringen die tot doel hebben om […]. Die verbeteringen zijn opgenomen in het plan voor prestaties en concurrentievermogen dat tot in 2018 loopt, […] zouden kunnen worden gezocht na 2018 als het risico werkelijkheid wordt. |
|
(113) |
Het derde risico houdt verband met de gevolgen van een eventuele mislukking van […]. Dat risico blijkt weinig waarschijnlijk volgens de Franse autoriteiten, omdat […]. Toch zou een mislukking […] de inkomsten van Nouvel Areva belasten. |
|
(114) |
Het financiële plan van Nouvel Areva houdt, ten slotte, rekening met een aantal onzekerheden […], waarvan de omvang verschilt naargelang van het scenario (basisscenario of ongunstig scenario). Die onzekerheden bedragen [1-2 miljard] EUR in het ongunstige scenario in de periode 2016-2025, of [0-1] miljard EUR meer dan in het basisscenario. De Franse autoriteiten vermelden de corrigerende maatregelen die zouden kunnen worden getroffen: commerciële maatregelen of maatregelen voor extra productiviteit (bijvoorbeeld optimalisering van de aankopen en beperking van de loonmassa) of modulatie van het investeringsplan […]. |
4.2.3. Nouvel Areva zal in staat zijn om zich te herfinancieren op de markten in de periode 2015-2025
|
(115) |
In antwoord op de twijfel van de Commissie in overweging 151 van het inleidingsbesluit verduidelijken de Franse autoriteiten dat de financieringsbehoefte van Nouvel Areva in het basisscenario werkelijkheid zal worden […]. Voorzien wordt echter dat Nouvel Areva op dat moment opnieuw voldoende goede financiële ratio's heeft om een beroep op de obligatiemarkten te kunnen doen zonder dat het „investment grade-karakter” van de onderneming in het gedrang wordt gebracht. |
|
(116) |
In het ongunstige scenario daarentegen zal Nouvel Areva een financieringsbehoefte van […] hebben. Volgens de Franse autoriteiten zou Nouvel Areva echter de overbrugging kunnen maken […], zonder dat dat het herstel van de levensvatbaarheid van de onderneming in het gedrang brengt […]. |
4.2.4. Areva SA zal beschikken over de middelen om zijn financiële behoeften in de periode 2016-2025 te kunnen dekken
|
(117) |
De Franse autoriteiten hebben zich ertoe verbonden dat Areva SA geen andere activiteiten uitoefent dan die welke specifiek in het bij de Commissie aangemelde herstructureringsplan zijn bepaald. Op grond daarvan zijn zij van mening dat Areva SA over voldoende middelen beschikt om zijn financiële behoeften te dekken. |
|
(118) |
De Franse autoriteiten bevestigen hun hypothesen inzake de voltooiingskosten van het OL3-project in de periode 2017-2025. Die prognoses leiden tot een negatieve kasstroom van [0-2 miljard] EUR in de beschouwde periode. […]. |
|
(119) |
Op grond van die hypothesen komt uit het bedrijfsplan van Areva SA een liquiditeitsoverschot naar voren, van [0-500 miljoen] EUR aan het eind van de periode in het basisscenario en van [0-100 miljoen] EUR in het ongunstig scenario. […]. |
4.3. De steunmaatregel is evenredig en beperkt tot het noodzakelijke minimum
4.3.1. Er wordt voldaan aan het beginsel van de eerlijke verdeling ten aanzien van de minderheidsaandeelhouders
|
(120) |
Ten eerste wordt eraan herinnerd dat aanzienlijke voorzieningen voor verliezen en waardeverminderingen van activa al werden geboekt en dat de aandelenkoers zich op een historisch laag punt bevindt. De aansprakelijkheid voor het beheer in het verleden wordt dus grotendeels gedragen door de minderheidsaandeelhouders, evenredig met hun participatie. |
|
(121) |
Ten tweede voorzien de Franse autoriteiten dat de staat door de Autorité des Marchés Financiers (hierna „AMF” genoemd) zal worden verplicht om een openbare offerte van intrekking in te dienen. De aan de aandeelhouders voorgestelde prijs zal nauwgezet worden gecontroleerd door de AMF, die ervoor zal zorgen dat een methode van multicriteriawaardering wordt nageleefd. |
4.3.2. De Areva-groep zorgt voor een toereikende reële en daadwerkelijke eigen bijdrage
|
(122) |
Wat betreft het in overweging 172 van het inleidingsbesluit aangehaalde mogelijke liquiditeitsoverschot, betekent het feit dat de liquiditeit die wordt ingezet om het herstructureringsplan uit te voeren, de kosten van de herstructurering overstijgt, volgens de Franse autoriteiten op zich niet dat het steunbedrag niet tot het minimum wordt beperkt. De richtsnoeren bepalen immers een bodem voor de eigen bijdrage, maar geen plafond en eisen niet dat er een mathematisch verband bestaat tussen het bedrag van de staatssteun en het bedrag van de herstructureringskosten. |
|
(123) |
Met andere woorden, de Franse autoriteiten menen dat een duidelijk onderscheid moet worden gemaakt tussen de twee afzonderlijke juridische criteria: enerzijds, de financiering die noodzakelijk is in het licht van het financiële traject om de levensvatbaarheid te herstellen en, anderzijds, de beperking van het bedrag van de staatssteun tot het minimum door het vereiste van een aanzienlijke eigen bijdrage tot de kosten van de herstructurering. Deze interpretatie wordt geïllustreerd door de beschikkingspraktijk van de Commissie (18), die in het verleden heeft aanvaard dat de eigen bijdrage de kosten van de herstructurering overtreft zonder dat dat liquiditeitsoverschot betekent dat de steun niet tot het minimum was beperkt. |
|
(124) |
Ten slotte schuiven de Franse autoriteiten naar voren dat het noodzakelijk is voor de Areva-groep dat hij beschikt over een liquiditeitsbuffer voor het geval dat het ongunstige scenario werkelijkheid zou worden. |
|
(125) |
Wat betreft de twijfels van de Commissie over het reële en daadwerkelijke karakter van de eigen bijdrage van de Areva-groep, geven de Franse autoriteiten een aantal verduidelijkingen en herinneren eraan dat de Commissie in haar beschikkingspraktijk heeft aanvaard dat toekomstige verkopen van activa als eigen bijdrage worden geboekt op voorwaarde dat zij het voorwerp hebben uitgemaakt van een onafhankelijk taxatierapport waarin de marktwaarde van het goed wordt geraamd (19). |
|
(126) |
Wat betreft de afstoting van Nouvel Areva NP, herinneren de Franse autoriteiten aan het bestaan van onafhankelijke waarderingsrapporten, die bij de aanmelding aan de Commissie werden overhandigd. Frankrijk onderstreept ook de elementen waarmee het reële en daadwerkelijke karakter van de afstoting van Nouvel Areva kan worden bepaald: eerst en vooral, de overeenkomst van 15 november 2016 betreffende de aankoop door EDF van aandelen van Nouvel Areva NP; vervolgens, het feit dat de opschortende voorwaarden waarvan de afstoting afhankelijk is het zekere karakter ervan niet in vraag stellen. Zo hebben de Franse autoriteiten vertrouwen in de conclusies van de ASN over het verantwoordingsprogramma met betrekking tot het vat van Flamanville 3, aangezien alle testen in dit programma werden uitgevoerd zonder dat afwijkingen werden vastgesteld, volgens EDF en de Areva-groep. Overigens […] brengt de onderhandeling met TVO de afstoting van Nouvel Areva NP niet in het gedrang, maar beïnvloedt zij enkel de timing ervan. |
|
(127) |
Wat betreft de afstoting van Canberra, herinneren de Franse autoriteiten eraan dat zij effectief is doorgevoerd sinds 1 juli 2016. |
|
(128) |
De afstoting van Areva TA is op weg naar voltooiing, wat blijkt uit de informatie die in de overwegingen 103 tot en met 105 van dit besluit bondig is weergegeven. |
|
(129) |
Wat betreft de dochteronderneming Elta, werd op 4 augustus 2016 een eenzijdige aankoopverbintenis ontvangen vanwege ECA Group en werd de verkoop op 1 december 2016 verleden voor een prijs van [0-10 miljoen] EUR. |
|
(130) |
Er is ook voorzien dat de participatie van de Areva-groep in zijn dochteronderneming Adwen volledig wordt afgestoten, waarvoor een minimum van 60 miljoen EUR werd veiliggesteld bij de groep Gamesa. De effectieve realisatie van de afstoting is voorzien voor het begin van de maand januari 2017. |
|
(131) |
De afstotingen […] zullen daarentegen niet plaatsvinden vóór […]. |
|
(132) |
Wat betreft de participatie van derde investeerders in de kapitaalverhoging van Nouvel Areva, melden de Franse autoriteiten dat […] de Japanse groepen JNFL en MHI hun belangstelling hebben getoond […]. De stand van zaken van de onderhandelingen is als volgt. De groepen MHI en JNFL hebben allebei een onherroepelijk bod […] uitgebracht voor 5 % van het kapitaal van Nouvel Areva, gewaardeerd op 250 miljoen EUR. […]. |
4.4. De Areva-groep stelt maatregelen voor om verstoringen van de mededinging tot een minimum te beperken
|
(133) |
Volgens de Franse autoriteiten vormt de afstoting van Nouvel Areva NP een compenserende maatregel van een bijzonder significante omvang, omdat zij zorgt voor een volledige terugtrekking van de Areva-groep van heel wat markten waarop de groep EDF voortaan de mededinging zal stimuleren. Door de afstoting van Nouvel Areva NP ontzegt de Areva-groep zich een derde van zijn activa en ongeveer de helft van zijn omzet. Het ontzegt zich ook alle voordelen die voortvloeien uit het geïntegreerde model ontwikkeld in de voorbije 15 jaar, wat een bijzonder belangrijke wijziging van zijn strategie betekent. Bovendien ontzegt de Areva-groep zich de positieve kasstromen waarvoor Nouvel Areva NP zal zorgen in die periode. |
|
(134) |
Ter ondersteuning van deze redenering komen de Franse autoriteiten in detail terug op de verschillende opmerkingen van de Commissie in haar inleidingsbesluit. |
4.4.1. Kwantificering van de compenserende maatregelen
|
(135) |
De Franse autoriteiten wijzen erop dat „de maatregelen gericht op het beperken van verstoringen van de mededinging tegemoet moeten komen aan de risico's van moral hazard en aan mogelijke verstoringen van de mededinging op de markten waarop de begunstigde actief is”, en daarbij moet worden rekening gehouden met „de kenmerken van de markt in kwestie” (20). |
|
(136) |
In dit geval is elk risico op moral hazard volgens hen uitgesloten, omdat de verliezen in het verleden werden gedragen door de bestaande aandeelhouders van de Areva-groep, met de staat op de eerste plaats, door middel van provisies en waardeverminderingen van activa. Bovendien, gezien de kenmerken van de markten in kwestie, beschermt de staatssteun meer de effectieve mededinging dan dat zij die beperkt, omdat de meeste markten waarop Nouvel Areva actief zal zijn een oligopolide structuur hebben, die zou worden aangetast door het wegvallen van een speler. |
|
(137) |
Volgens de Franse autoriteiten toont een vergelijking van de toestand van de markten in een contrafeitelijk scenario, waarin geen steun wordt gegeven, duidelijk aan dat alleen het behoud van de Areva-groep het mogelijk maakt om een effectieve mededinging op de markten te behouden. |
|
(138) |
Zodoende vormt de afstoting van Nouvel Areva NP een ruimschoots toereikende compenserende maatregel, te meer omdat de Areva-groep hiermee op korte termijn verliezen van synergieën worden opgelegd en op middellange termijn bijzonder winstgevende ontwikkelingsvooruitzichten worden ontzegd die verder worden beschreven onder deel 4.4.2. |
4.4.2. De afstoting bemoeilijkt blijvend alle activiteiten van Nouvel Areva
4.4.2.1.
|
(139) |
De geïntegreerde Areva-groep beschikte over een geïntegreerde verkoop- en marketingstaf die zorgde voor de commercialisering van natuurlijk uranium, omzetting, verrijking, ontwerp en fabricage van splijtstofelementen, en alle mogelijke combinaties van die goederen en diensten. De integratie van de verkoop van splijtstofelementen in de front-end zou de Areva-groep een belangrijk voordeel bieden op het gebied van informatie en handel. Elektriciteitsproducenten beschikken doorgaans immers over slechts één koper voor de voorziening in splijtstofelementen. Door de zwakke onderlinge inwisselbaarheid van splijtstofelementen vormt een leverancier van elementen voor een elektriciteitsproducent een onontkoombare partner, wat niet het geval is voor een front-endleverancier, wiens goederen en diensten vervangbaar zijn. |
|
(140) |
De Franse autoriteiten geven het voorbeeld van een elektriciteitsproducent […] bij wie de Areva-groep in het kader van een aanbesteding voor splijtstofelementen de verkoop heeft kunnen uitbreiden naar goederen en diensten van de front-end. [5-10] klanten op de tien zijn vandaag de facto zowel klant van Areva NC als van Areva NP. |
|
(141) |
Voorts zal de scheiding van de activiteiten van Nouvel Areva NP de logistieke optimalisatie bemoeilijken: Nouvel Areva zal in de toekomst moeten werken met de fabrikanten van splijtstofelementen van Nouvel Areva NP net zoals met alle andere Amerikaanse en Europese fabrikanten, waardoor dat logistiek gezien minder optimaal zal verlopen, bijvoorbeeld door hogere leveringskosten en meer beperkte mogelijkheden om zijn productie van verrijkt uranium af te vlakken. |
|
(142) |
De Franse autoriteiten verklaren ook dat alle leveranciers van goederen en diensten van de front-endcyclus die aanleunen tegen een leverancier van splijtstofelementen en van reactoren, over een onweerlegbaar mededingingsvoordeel beschikken voor de aanbiedingen aan het begin van de cyclus. De aankoper van een nieuwe centrale zal immers doorgaans van de constructeur eisen dat hij de eerste kern van de reactor en eventuele herladingen levert. Door de integratie met Areva NP kreeg de front-endactiviteit van de Areva-groep automatisch toegang tot die vraag. De Areva-groep kon bovendien onderhandelen over voordeligere voorwaarden voor zijn uranium omdat zulke onderhandelingen doorgaans onderhands verlopen, zonder open procedure. Tot slot biedt dit soort overeenkomsten de mogelijkheid om handelsrelaties te creëren, met name op moeilijk toegankelijke markten zoals China. |
|
(143) |
Dat mededingingsvoordeel werd geïllustreerd in de overeenkomsten van de Areva-groep voor de OL3-reactoren, de reactoren Taishan 1 en 2, […]. Voor Taishan 1 en 2 bijvoorbeeld […]. Dergelijke voorwaarden zouden niet haalbaar zijn geweest zonder de voordelen van de integratie: ter vergelijking, de Areva-groep heeft slechts […] kunnen sluiten. |
|
(144) |
Zodoende zijn alle toekomstige verkopen van reactoren door Nouvel Areva NP evenveel gemiste kansen voor Nouvel Areva om front-endsplijtstof te verkopen onder optimale voorwaarden. Volgens de Franse autoriteiten zal Nouvel Areva NP goed geplaatst zijn om de projecten […] binnen te halen. Nouvel Areva NP zou ook aanspraak kunnen maken op de projecten […]. Gezien de lengte van de nucleaire cycli zullen die verliezen van synergieën echter pas werkelijkheid worden na afloop van de periode waarvoor de Areva-groep financiële trajecten heeft verstrekt. |
|
(145) |
Die verliezen van synergieën zijn bijzonder zichtbaar aan het begin van de levensduur van een reactor, maar zijn ook voelbaar tijdens de rest van zijn levensduur. Bepaalde elektriciteitsproducenten verkiezen immers een beroep te doen op een uniform aanbod, waarin de aankoop van uranium en diensten inzake omzetting, verrijking en samenstelling zijn gegroepeerd, met name voor reactoren waarvan de sluiting al gepland is (eind van de levensduur). |
|
(146) |
Ten slotte zal het beëindigen van de integratie de ontwikkeling van een geïntegreerde sector voor de recycling van opgewerkt uranium bemoeilijken, aangezien die sector een sterke logistieke coördinatie vereist tussen de leverancier van splijtstofelementen (Nouvel Areva NP) en de leverancier van opwerkingsdiensten (Nouvel Areva). |
|
(147) |
Al die verliezen van synergieën zullen Nouvel Areva benadelen ten gunste van zijn concurrenten. Als de Areva-groep geïntegreerd was gebleven, zou hij uitstekend geplaatst geweest zijn om te profiteren van de verwachte opleving van de markt, met name dankzij zijn gemoderniseerde installaties. Een belangrijke markt biedt zich bijvoorbeeld aan inzake het aanbod aan elektriciteitsproducenten voor het beheer van hun reactoren die zich aan het eind van hun levensduur bevinden. Door de te verwachten verliezen van synergieën zetten de Franse autoriteiten en de Areva-groep echter in op […]. |
|
(148) |
Omgekeerd zullen de concurrenten van Nouvel Areva kunnen profiteren van de kansen gecreëerd door de splitsing van de Areva-groep, met name wat betreft de levering van splijtstof voor de nieuwe reactoren. Nouvel Areva zal de strijd moeten aangaan met geïntegreerde concurrenten, zoals Rosatom, of concurrenten die op weg zijn naar verticale integratie, zoals KHNP, Toshiba/Westinghouse of CNNC. |
4.4.2.2.
|
(149) |
De afstoting van Nouvel Areva NP zal […] voor de activiteiten van Nouvel Areva in de recycling en de behandeling van gebruikte splijtstof. De verkoop van MOX hangt immers af van het bestaan van een markt van parken met lichtwaterreactoren die kunnen werken met MOX-splijtstofelementen. De omvang van zo'n park hangt af van de inspanningen die Nouvel Areva NP zal leveren om die technologie in de toekomst voor te stellen en te ontplooien. |
|
(150) |
De beslissing van een elektriciteitsproducent om een reactor te „moxen” hangt af van de vraag of hij de prestaties van zijn reactor en de eraan verbonden kosten kan verzekeren. Die twee factoren hangen dan weer af van de kwaliteit van de samenwerking tussen de ontwerper van de reactor, de ontwerper van de elementen en de leverancier van de gemoxte stof. Tot nu toe werd die samenwerking mogelijk gemaakt doordat de Areva-groep op een gecentraliseerde manier kon beslissen over de uiteenlopende belangen van die entiteiten. |
|
(151) |
Daardoor […] Nouvel Areva NP de toename van reactoren die MOX gebruiken bevorderen, voor zover […]. Door tot dezelfde groep te behoren waren tot nu toe intragroepsakkoorden mogelijk […] in staat om de uiteenlopende belangen van de beide activiteiten in overeenstemming te brengen. Dat zal in de toekomst niet meer het geval zijn en aanzienlijke verliezen van synergieën zijn dus te voorzien op lange termijn. |
|
(152) |
Verliezen van synergieën zullen ook voelbaar zijn in de segmenten van de ontmanteling en de logistiek. De ontmantelingsactiviteiten zijn sterk geïntegreerd met die van het ontwerp van reactoren en van de levering van diensten aan de geïnstalleerde basis. De logistieke activiteiten anderzijds zijn vandaag klant van Areva NP voor twee zaken: voor het vervoer van besmette onderhoudsuitrusting en voor het vervoer van splijtstofelementen. Die intragroepsprestaties lopen in de toekomst het risico te worden geïnternaliseerd door Nouvel Areva NP of te worden opengesteld voor mededinging. |
|
(153) |
De markten van de ontmanteling en van de logistiek zijn twee dynamische markten, waarop de Areva-groep […]. |
4.4.3. Het globaal strategisch en industrieel partnership tussen Nouvel Areva en EDF zou het niet mogelijk maken om de synergieën die momenteel voortkomen uit de integratie van Areva NP in de Areva-groep, opnieuw tot stand te brengen
|
(154) |
De Franse autoriteiten hebben de Commissie de protocolovereenkomst van 28 juli 2016 tussen EDF en de Areva-groep verstrekt. Bijlage 7 bij dit protocol betreft de oprichting van een globaal strategisch en industrieel partnership. |
|
(155) |
Volgens de Franse autoriteiten kan dat partnership de verloren synergieën niet opnieuw tot stand brengen […]. |
|
(156) |
[…] volgens de Franse autoriteiten zijn Nouvel Areva NP en Nouvel Areva op weg om een logica klant/te volgen. […]. |
|
(157) |
Bijgevolg kan geen enkel strategisch partnership het vermogen tot arbitrage en synergieën binnen de groep die in het verleden bestond, weer tot leven wekken. |
|
(158) |
Als reactie op de bezwaren van de Commissie met betrekking tot dit punt hebben de Franse autoriteiten zich toch ertoe verbonden dat Nouvel Areva NP, onder controle van EDF, en Nouvel Areva tijdens de herstructureringsperiode geen strategisch partnership of andere kaderovereenkomst aangaan die voorziet in een commerciële samenwerking om Nouvel Areva te bevoordelen in situaties waarin Nouvel Areva NP aan een klant samen met een leverancier van nucleair materiaal een geïntegreerd aanbod zou willen voorleggen op de in de overwegingen 344 en 347 beschreven markten — levering van splijtstofelementen en bouw van nieuwe reactoren. Deze verbintenis belet niet dat Nouvel Areva en Nouvel Areva NP samen een aanbod doen, op voorwaarde dat Nouvel Areva wordt gekozen op grond van commerciële en technische criteria. |
4.4.4. De Franse autoriteiten verbinden zich ertoe dat de Areva-groep de in punt 84 van de richtsnoeren bedoelde gedragsmaatregelen aanneemt
|
(159) |
De Franse autoriteiten wijzen weliswaar op het belang van partnerships in de nucleaire sector maar hebben zich ertoe verbonden dat de Areva-groep (Areva SA en Nouvel Areva) en de ondernemingen onder zijn toezicht zich er tijdens de herstructureringsperiode van onthouden direct of indirect participaties over te nemen in ondernemingen die nog niet onder hun controle staan, met uitzondering van de projecten die onontbeerlijk zijn voor het herstel van de levensvatbaarheid van de Areva-groep. Die verbintenis is niet van toepassing op de overnames van participaties die Nouvel Areva en de ondernemingen die hij direct of indirect controleert, realiseert met het oog op het financieel beheer i) van de ontmantelingsfondsen die de Areva-groep moet beheren krachtens een wettelijke of regelgevende verplichting; ii) de pensioenfondsen van het personeel van de Areva-groep; iii) de beleggingen van liquiditeiten. Zij hebben zich er ook toe verbonden dat de Areva-groep (Areva SA en Nouvel Areva) zich ervan onthoudt de ontvangen steun voor te stellen als een mededingingsvoordeel bij het commercialiseren van zijn goederen en diensten. |
4.5. Reactie van de Franse autoriteiten op de opmerkingen van de belanghebbenden
4.5.1. Opmerkingen van TVO en Siemens
|
(160) |
Volgens de Franse autoriteiten zal Areva SA in staat zijn om al zijn geraamde behoeften te financieren. |
|
(161) |
Enerzijds is het onjuist te denken dat de Areva-groep door het gekozen herstructureringsplan de voltooiing van OL3 in het gedrang brengt. Het welslagen van dat project is essentieel voor alle bij de herstructurering betrokken entiteiten: zowel Areva SA, alsook Nouvel Areva (voor de levering van splijtstof) en Nouvel Areva NP (voor de demonstratieve waarde van deze eerste EPR). Areva SA zal dus beschikken over alle noodzakelijke operationele middelen, die niet het voorwerp van een afsplitsing en van een onmiddellijke bijdrage tot Nouvel Areva NP zullen vormen, om het project tot een goed eind te brengen. Op alle twijfels van TVO hieromtrent moet een antwoord worden geboden. |
|
(162) |
In het bijzonder onderstrepen de Franse autoriteiten het bestaan van […] een specifieke samenwerking tussen Areva NP en Nouvel Areva NP waardoor Areva NP een beroep kan doen op Nouvel Areva NP zodra dat nodig blijkt […]. |
|
(163) |
Anderzijds werden de behoeften van Areva SA correct geraamd door de Franse autoriteiten, op een conservatieve manier. |
|
(164) |
Wat betreft de kosten voor de voltooiing van OL3, is de raming van de Areva-groep trouwens vergelijkbaar met of is zelfs nog conservatiever dan die van TVO, met uitzondering van […], maar de Franse autoriteiten wijzen […] af, want volgens hen is dat helemaal niet geloofwaardig. De Franse autoriteiten reageren niet op de raming van Siemens die, op zo'n globaal niveau, geen gedetailleerde analyse mogelijk maakt. |
|
(165) |
Wat betreft de schadevergoedingen die zouden kunnen voortvloeien uit een eventuele veroordeling in het kader van het arbitragegeschil, […]. |
|
(166) |
Volgens de Franse autoriteiten zou het absoluut ongepast en niet in overeenstemming zijn met de doelstellingen en de geest van de regels inzake herstructureringssteun om het steunbedrag te verhogen om aan derden de betaling te waarborgen van schadevergoedingen die hen eventueel zouden worden toegekend in het kader van een geschil met de begunstigde van de steun. Ten eerste valt dat soort onzekerheid niet onder de definitie van de onderzoeken waarmee rekening moet worden gehouden bij de opstelling van het ongunstige scenario. De richtsnoeren verwijzen immers alleen naar macro-economische en commerciële factoren. Ten tweede zou een dergelijke verhoging van de steun strijdig zijn met het beginsel van evenredigheid en van de beperking van het steunbedrag tot het strikte minimum. Ten derde leiden de argumenten van TVO en Siemens er in werkelijkheid toe dat de staat de solvabiliteit van hun eventuele hoofdelijke schuldenaar/medeschuldenaar waarborgt, wat een staatssteun aan Siemens en TVO zou inhouden. De Commissie heeft uitdrukkelijk erkend dat de staatswaarborgen op hypothetische geschillen staatssteun (21) vormen en heeft het beginsel van hun verenigbaarheid al uitgesloten (22). Ten vierde zijn de argumenten van Siemens en TVO onsamenhangend, aangezien zij de mogelijkheid van een positief resultaat voor het Consortium niet omvatten. Ten vijfde, in het geval van een ongunstige arbitrage, […]. |
|
(167) |
Wat betreft de […]. De Franse autoriteiten hebben verschillende argumenten naar voren geschoven. |
|
(168) |
Wat betreft […]. |
|
(169) |
Bovendien wordt gewerkt aan een oplossing voor het reglementaire probleem van koolstofuitscheiding voor de bestaande installaties van EDF. De ASN heeft haar toestemming verleend voor het heropstarten van alle in Le Creusot geproduceerde geëxploiteerde Franse reactoren die werken met stoomgeneratoren (waar problemen met de koolstofuitscheiding werden vastgesteld) en van acht van de twaalf op basis van stoomgeneratoren werkende reactoren van de Japanse partner van Areva NP. |
|
(170) |
Er werd tot nu toe ook geen afwijking vastgesteld op de primaire kringloop van Taishan. In elk geval bepaalt de overeenkomst dat de contractuele aansprakelijkheid van de Areva-groep zou worden beperkt tot [0-1 miljard] EUR voor het Taishan-project. |
|
(171) |
[…], voor elk verzoek is het leveren van bewijs van de schade noodzakelijk, d.w.z. een daadwerkelijk probleem met de veiligheid van een onderdeel dat een hoog risico op defecten veroorzaakt. |
|
(172) |
Voor alle zaken waarin de Areva-groep burgerlijk aansprakelijk kan worden gesteld, hebben de Franse autoriteiten aan de Commissie aangegeven dat […]. |
|
(173) |
Wat betreft het argument van Siemens dat de geraamde middelen van Areva SA zouden moeten volstaan voor de dekking van een theoretisch maximumbedrag dat alle theoretisch mogelijke risico's omvat, zijn de voorbeelden van de beschikkingspraktijk van de Commissie waarop de redenering van Siemens is gebaseerd, volgens de Franse autoriteiten allemaal afkomstig van procedures die in het tijdelijke kader van de herstructureringssteun voor financiële instellingen in de context van de economische en financiële crisis zijn ingeleid. De door Siemens voorgestelde redenering naar analogie is dus, volgens de Franse autoriteiten, krachteloos in dit geval. Zij werpen ook op dat het slechtste scenario volgens de richtsnoeren niet alle theoretische mogelijk risico's omvat maar zich moet beperken tot de mogelijke gebeurtenissen. |
|
(174) |
Ten slotte, als reactie op het argument van Siemens dat een onderkapitalisering van Areva SA zou ingaan tegen het beginsel van de billijke lastendeling van de richtsnoeren, herinneren de Franse autoriteiten eraan dat de toepassing van dat beginsel alleen de achtergestelde aandeelhouders en schuldeisers beoogt, die niet op ongerechtvaardigde wijze zouden mogen worden beschermd door de effecten van de steun. |
4.5.2. Opmerkingen van Urenco
|
(175) |
Om te beginnen verduidelijken de Franse autoriteiten dat Urenco voor een groot deel heeft bijgedragen tot de overcapaciteit die de markt van de uraniumverrijking kenmerkt sinds Fukushima. Zo is het aandeel van Urenco in de wereldwijde verrijkingscapaciteit tussen 2007 en 2015 verdubbeld, terwijl dat van de Areva-groep is verminderd. |
4.5.2.1.
|
(176) |
De Franse autoriteiten tonen vervolgens aan dat de staatssteun geen enkele verstoring van de mededinging zal veroorzaken, maar integendeel zal zorgen voor een sterkere mededinging op lange termijn. |
|
(177) |
Op de markten van de logistiek en de ontmanteling verklaart de vrij bescheiden aanwezigheid van de Areva-groep dat de steun geen verstoring van de mededinging zal veroorzaken. Parallel daarmee is de Areva-groep de enige wereldspeler met een opwerkingsfabriek op industriële schaal en het behoud hiervan in dit segment kan de mededinging niet schaden, aangezien daar geen sprake van is. |
|
(178) |
In de segmenten van de mijnbouw, de omzetting en de verrijking zijn de marktstructuren zeer geconcentreerd en de Areva-is groep bovendien de enige grote Europese groep in de segmenten van de mijnbouw en de omzetting. Als de Areva-groep uit die segmenten verdwijnt, zou dat dus negatieve gevolgen hebben voor de mededinging, aangezien het zou leiden tot een nog grotere concentratie. |
|
(179) |
Daarenboven zal de Areva-groep niet onrechtmatig worden versterkt door de staatssteun in het bijzondere segment van de verrijking. Ten eerste houdt de mogelijkheid van de Areva-groep om contracten inzake verrijkingsdiensten aan te gaan volgens de Franse autoriteiten geen verband met zijn financiële rating, maar eerder met andere kenmerken zoals de prijs van de levering, de flexibiliteit van de contracten, de kwaliteit van de logistiek enz. Ten tweede is de dochteronderneming van de Areva-groep voor de verrijking (Société d'Enrichissement du Tricastin, hierna „SET” genoemd) al rendabel en financieel autonoom […].[…], deze activiteit zal meer bijdragen tot het herstel van de levensvatbaarheid van de geherstructureerde Areva-groep dan dat zij zelf steun zal ontvangen. Ten derde is Areva al minstens tien jaar niet meer actief in de handel van SWU's, […]. |
4.5.2.2.
|
(180) |
De Franse autoriteiten verwijzen naar de argumenten in hun opmerkingen van 12 september 2016 om eraan te herinneren dat het verdwijnen van de synergieën in verband met het geïntegreerde model niet alleen de front- en back-endcylusactiviteiten zou benadelen, maar ook en meer algemeen alle activiteiten gedurende de hele levensduur van de reactor. De afstoting van Nouvel Areva NP zou dus een voldoende maatregel zijn. Zoals in dezelfde opmerkingen is uiteengezet, zou het strategisch partnership met EDF niet diezelfde synergieën weer tot stand brengen, en het feit dat de Franse staat aandeelhouder is van de twee groepen zou daar niets aan veranderen, aangezien beide economisch onafhankelijke entiteiten zijn met een autonome beslissingsmacht. |
|
(181) |
Wat in het bijzonder de verschillende door Urenco voorgestelde maatregelen betreft, vermelde de Franse autoriteiten het volgende:
|
5. BEOORDELING VAN DE STEUN
5.1. Bestaan van een steun
|
(182) |
De Commissie moet onderzoeken of de maatregelen die het voorwerp vormen van deze procedure, staatssteun vormen in de zin van artikel 107, lid 1, VWEU. |
|
(183) |
Uit hoofde van artikel 107, lid 1, VWEU zijn „steunmaatregelen van de staten of in welke vorm ook met staatsmiddelen bekostigd, die de mededinging door begunstiging van bepaalde ondernemingen of bepaalde producties vervalsen of dreigen te vervalsen, onverenigbaar met de interne markt, voor zover deze steun het handelsverkeer tussen de lidstaten ongunstig beïnvloedt”. |
|
(184) |
Op grond van deze bepaling is de Commissie van oordeel dat de kwalificatie van een overheidsmaatregel als staatssteun veronderstelt dat de volgende cumulatieve voorwaarden worden voldaan, met name: i) de maatregel moet worden toegekend door de staat of met behulp van staatsmiddelen; ii) hij moet een economisch voordeel opleveren voor de begunstigde ervan; iii) dat voordeel moet selectief zijn, en iv) de maatregel in kwestie moet de mededinging vervalsen of dreigen te vervalsen en moet het handelsverkeer tussen lidstaten ongunstig kunnen beïnvloeden. |
5.1.1. Inschrijving van de Franse staat op de kapitaalverhogingen van Areva SA en Nouvel Areva
|
(185) |
Hoewel het ogenschijnlijk om twee aparte interventies gaat, meent de Commissie dat de inschrijving van de staat op de kapitaalverhogingen van respectievelijk Areva SA en Nouvel Areva moet worden beschouwd als één enkele steunmaatregel die aan de Areva-groep ter beschikking wordt gesteld. Uit de analyse van de moeilijkheden en schulden van de Areva-groep blijkt inderdaad dat de hele groep een kapitaalbehoefte heeft. Het feit dat die globale herkapitaliseringsbehoefte vervolgens wordt verdeeld tussen Areva SA en Nouvel Areva vormt slechts een regeling ter uitvoering van de herkapitalisering van de Areva-groep. |
|
(186) |
De inschrijving is toe te schrijven aan de staat en komt voort uit staatsmiddelen. De staat zal immers rechtstreeks inschrijven op de twee kapitaalverhogingen met behulp van zijn eigen middelen. |
|
(187) |
De inschrijving vormt een economisch voordeel voor de Areva-groep. Enerzijds verbetert de investering de toestand van de Areva-groep, omdat hij daardoor het hoofd kan bieden aan een aanzienlijk deel van zijn schulden, anderzijds zou de Areva-groep dergelijke kapitalen niet hebben kunnen verkrijgen in normale marktomstandigheden, omdat geen enkele privéinvesteerder in deze omstandigheden zou hebben ingeschreven op een kapitaalverhoging van de Areva-groep gelet op zijn slechte financiële toestand. De twee derde investeerders, MHI en JNFL, dragen trouwens niet bij tot het kapitaal van de Areva-groep op dezelfde wijze als de Franse staat, aangezien hun investering slechts een van de twee entiteiten van de geherstructureerde Areva-groep (Nouvel Areva) betreft en voor een minder groot […] bedrag. |
|
(188) |
Het voordeel dat aan de Areva-groep wordt toegekend, is selectief. De inschrijving van de staat op de kapitaalverhogingen is immers een ad-hocmaatregel die uitsluitend aan de Areva-groep ten goede komt met het oog op de herstructurering. |
|
(189) |
Ten slotte kan het voordeel dat aan de Areva-groep wordt toegekend door middel van de inschrijving van de staat op twee kapitaalverhogingen, het handelsverkeer tussen de lidstaten ongunstig beïnvloeden. De verschillende markten waarop de Areva-groep actief is, worden immers gekenmerkt door belangrijke handelsrelaties tussen de lidstaten. In dat opzicht heeft de Commissie al opgemerkt dat de nucleaire markten minstens een Europese dimensie hebben (23). Daarnaast biedt het aan de Areva-groep toegekende voordeel hem bijkomende financiële middelen waardoor hij actief kan blijven op de markt. De maatregel kan dus de mededinging vervalsen. |
|
(190) |
In het licht van wat voorafgaat, besluit de Commissie dat de inschrijving van de Franse staat op de kapitaalverhogingen van Areva SA en Nouvel Areva een steunmaatregel vormt in de zin van artikel 107, lid 1, VWEU ten gunste van de Areva-groep voor een totaalbedrag van 4,5 miljard EUR. |
5.1.2. Afstotingen doorgevoerd in het kader van het herstructureringsplan
|
(191) |
In het inleidingsbesluit stelde de Commissie vast dat de verschillende afstotingen die door de Areva-groep in het vooruitzicht werden gesteld, steunmaatregelen zouden kunnen vormen indien zij niet zouden gebeuren tegen marktprijzen. Het zou in dat geval gaan om ofwel een steun aan de overnemer, als de verkoopprijs wordt beoordeeld als onrechtmatig laag, ofwel een steun aan de verkoper (Areva-groep), als de verkoopprijs wordt beoordeeld als onrechtmatig hoog, waarbij de steun aan de verkoper alleen relevant is bij een afstoting aan een andere openbare entiteit, voor zover de criteria van toerekenbaarheid en staatsmiddelen zijn vervuld. De Commissie herinnert eraan dat krachtens punt 63 van de richtsnoeren in de berekening van de eigen bijdrage geen rekening kan worden gehouden met afstotingen die een element van steun aan de verkoper (Areva-groep) zouden omvatten. |
|
(192) |
Wat betreft de afstotingen aan niet-openbare derden (Canberra, Elta, Adwen), erkent de Commissie dat het scenario van een steunmaatregel van de Areva-groep aan die overnemers, door middel van een ongerechtvaardigd lage prijs, onwaarschijnlijk is, aangezien de Areva-groep er alle belang bij heeft de baten uit deze afstotingen te maximaliseren. Bovendien gebeuren de afstotingen via concurrentieprocessen waardoor de prijs die de Areva-groep kan verkrijgen, kan worden gemaximaliseerd. |
|
(193) |
Wat betreft de afstoting van Nouvel Areva NP en van Areva TA daarentegen, kan er niet a priori worden uitgesloten dat EDF of het openbare consortium dat Areva TA overneemt, een ongerechtvaardigd hoog bod doet om de Areva-groep te bevoordelen. Niettemin kan de Commissie besluiten, op grond van de redenering hierna uiteengezet in paragrafen 5.1.2.1 en 5.1.2.2, dat deze afstotingen gebeuren tegen een marktprijs, wat het bestaan van een economisch voordeel in de zin van artikel 107, lid 1, VWEU uitsluit. |
5.1.2.1.
|
(194) |
De verkoop aan EDF van een meerderheidsparticipatie in Nouvel Areva NP is niet verlopen volgens een openbare, transparante en onvoorwaardelijke aanbestedingsprocedure. Toch is een onderhandse verkoop van meerderheidsparticipaties een gangbare marktpraktijk. Wat betreft Nouvel Areva NP, moet er ook rekening worden gehouden met zijn activiteitendomein en de banden met de exploitatie van kerncentrales, waarin de verkoop van meerderheidsparticipaties door middel van een aanbestedingsprocedure geen gangbare marktpraktijk is. Voorts hebben de partijen bij de transactie, voordat zij toestemming gaven tot de verkoop van de participatie, een beroep gedaan op onafhankelijke taxatierapporten om, elk van hun kant, de verkoopprijs te bepalen. Hoewel het waar is dat de effectieve verkoopprijs in laatste instantie het resultaat is van een onderhandeling tussen een bereidwillige verkoper en koper, toch is ook het gebruik van dergelijke taxaties bij onderhandelingen voordat de prijs wordt overeengekomen, een gangbare marktpraktijk waarop een verstandige investeerder een beroep zou doen (24). |
|
(195) |
Wat betreft de inhoud van de taxatierapporten, heeft de financiële raadgever van EDF, de bank BNP Paribas, na een beoordeling van de waarde van de participatie op basis van een multicriteriabenadering, op 24 juli 2015 het volgende advies uitgebracht: „Op grond van de bovenvermelde inlichtingen en kenmerken van de transactie blijkt dat de door EDF voor deze transactie voorgestelde prijs van 2,7 miljard EUR voor 100 % van het kapitaal van Areva NP vandaag volgens ons redelijk is voor EDF, uit een strikt financieel oogpunt.” EDF heeft vervolgens een beroep gedaan op de bank Société Générale om de preauditfase aan te vatten. De Franse autoriteiten hebben de Commissie in januari 2016 een gedetailleerde presentatie van de resultaten van die preaudit verstrekt. Société Générale keurt hierin de waardering, waarover werd heronderhandeld door de partijen, van 2,5 miljard EUR voor 100 % van de eigen middelen, goed. |
|
(196) |
De door Société Générale uitgevoerde waardebeoordeling is zeer gedetailleerd (127 bladzijden analyse) en is gebaseerd op de DCF-methode, algemeen aanvaard in financiële zaken. |
|
(197) |
In de eerste plaats heeft Société Générale met EDF de bedrijfsplannen van de Areva-groep herwerkt voor elk van de vijf bedrijfstakken die onder de activiteiten van Nouvel Areva NP vallen: geïnstalleerde basis, splijtstofelementen, fabricage, grote projecten en andere (supportfuncties, dreigingen enz.). Die bedrijfsplannen lopen tot in 2023. De aanpassingen slaan op heel wat hypothesen die een hele reeks projecten van Nouvel Areva NP betreffen. […] (25). |
|
(198) |
Uitgaand van die bedrijfsplannen wordt de ondernemingswaarde van elke bedrijfstak berekend door middel van een DCF-methode. Société Générale past daarvoor de gewogen gemiddelde kapitaalkosten toe (hierna „WACC” genoemd) die verschillend zijn voor elke bedrijfstak, naargelang van het risico eigen aan elk van die activiteiten. Die WACC wordt geraamd op basis van een vrij diepgaande CAPM-methodologie (Capital Asset Pricing Model): voor elke bedrijfstak wordt zo een WACC geraamd per land waarin de onderneming actief is, en vervolgens wordt een gewogen WACC berekend op basis van die verschillende geografische WACC's. De risicovrije rentevoeten zijn afkomstig van verschillende erkende bronnen (SG Research, Bloomberg, Associés en Finance), de premies voor het landenrisico zijn gebaseerd op het werk van professor Damodaran van de universiteit NYU Stern en de kosten van de schulden zijn gebaseerd op de risicopremies van obligaties van vergelijkbare ondernemingen. Die vergelijkbare ondernemingen, geselecteerd door Société Générale op basis van verschillende criteria eigen aan elke bedrijfstak, dienen ook om de bèta van elke activiteit te bepalen. De steekproef van vergelijkbare ondernemingen is samengesteld uit zeven beursgenoteerde ondernemingen voor de splijtstofsector, vijf voor de geïnstalleerde basis, zes voor de fabricage en zes voor de grote projecten. De aldus verkregen waarden van de bèta's worden bevestigd door de vergelijking met de bètaprognoses van het multifactorenmodel Barra. |
|
(199) |
De analyse van de waarde van elke bedrijfstak, op basis van de DCF-methode, bevat ook een eindwaarde na 2023. Deze werd berekend op basis van de methode van Gordon Shapiro, met een normatieve stroom die wordt beschouwd als representatief voor het vermogen van de activiteit om kasmiddelen te genereren. Er werd gewerkt met een hypothese van een langetermijngroeipercentage gelijk aan nul voor alle bedrijfstakken. |
|
(200) |
Op deze ondernemingswaarden werden gevoeligheidsanalyses verricht door de parameters, bijvoorbeeld de WACC of de ebitda-marge, te wijzigen. De nettoschuld van elke bedrijfstak werd vervolgens afgetrokken van de ondernemingswaarden om er de waarde van de eigen middelen uit af te leiden. De som van die verschillende bedragen per bedrijfstak levert de globale waarde van de eigen middelen van Nouvel Areva NP op. Volgens Société Générale kon uit die waardering een ebitda-multiple […] worden afgeleid. Die ebitda-multiple blijkt redelijk, aangezien hij onder de gemiddelden en medianen van de ebitda-multiples voor vergelijkbare transacties blijft — Société Générale deed een beroep op een steekproef van 19 transacties representatief voor de verschillende activiteiten van Nouvel Areva NP. |
|
(201) |
De waarde van de verschillende voor de DCF-methode gekozen parameters en die van de impliciete ebitda-multiple worden daarnaast bevestigd door de vergelijking met de gemiddelden en medianen uit de in overweging 198 aangehaalde studie van vergelijkbare ondernemingen. |
|
(202) |
In het licht van wat voorafgaat, bevestigt de Commissie de reeds in het inleidingsbesluit gemaakte vaststelling dat de waardebeoordeling van EDF en zijn raadgevers gebaseerd is op objectieve, verifieerbare en betrouwbare beschikbare gegevens, die de economische toestand weerspiegelen op het moment dat besloten werd tot de transactie. Die vaststelling werd in het onderzoek door geen enkele belanghebbende in twijfel getrokken. De nieuwe elementen die zijn opgedoken sinds de waardebeoordeling, zoals de verzelfstandiging van onderuit of de ontdekking van risico's inzake de onderdelenovereenkomsten, zijn niet van die aard dat zij het resultaat ervan ongunstig beïnvloeden, aangezien EDF ervoor heeft gezorgd zich volledig te beschermen tegen die risico's, op de in overweging 30 beschreven wijze. |
|
(203) |
Op basis van de waardering van 2,5 miljard EUR voor 100 % van de eigen middelen heeft Société Générale aangetoond dat EDF kon hopen dat de investering een interne rekenrente (hierna „IRR” genoemd) van [0-20] % oplevert in het centrale scenario. Dit centrale scenario stelt een uitgang voor (voor de berekening van de eindwaarde) in […], en een uitgangsmultiple gelijk aan de ingangsmultiple, ofwel […] × de ebitda. |
|
(204) |
De IRR moet worden vergeleken met de kosten van de eigen middelen en worden gewogen over de verschillende sectoren waarin Nouvel Areva NP actief is. In dit geval bieden de berekeningen van Société Générale op basis van de in overweging 198 vermelde objectieve criteria de volgende aanwijzingen voor elke bedrijfstak: [0-10] % voor de splijtstof, [0-10] % voor de geïnstalleerde basis, [0-20] % voor de grote projecten, [0-10] % voor de fabricage. Die ramingen lijken ernstig, aangezien zij gebaseerd zijn op algemeen aanvaarde bronnen en een methodologie die vergelijkbaar zijn met die welke de Commissie zelf heeft gebruikt in andere zaken, die in voorkomend geval worden aanvaard (26). Door de ramingen te wegen in functie van het relatieve aandeel van elke bedrijfstak in de omzet van Nouvel Areva NP, krijgt men gewogen gemiddelde kosten van de eigen middelen van [0-10] %. De IRR waarop EDF kan hopen met zijn investering in Nouvel Areva NP, ligt dus hoger dan de kosten van de eigen middelen in de betrokken sector, inclusief in een aantal negatieve scenario's waarmee in de gevoeligheidsanalyses van Société Générale (over het jaar en de uitgangsmultiple) rekening werd gehouden. |
|
(205) |
Gelet op die objectieve elementen besluit de Commissie dat de afstoting van Nouvel Areva NP gebeurt in normale marktomstandigheden die niet leiden tot een economisch voordeel voor de overnemer (EDF) of de verkoper (Areva-groep), en sluit zij dus uit dat er sprake is van staatssteun. |
5.1.2.2.
|
(206) |
De Franse autoriteiten hebben de voorwaarden voor de afstoting van Areva TA verduidelijkt en hebben de elementen verstrekt waarmee de prijs van [0-2 miljard] EUR voor 100 % van de eigen middelen kan worden gerechtvaardigd. Die elementen werden samengevat in een studie van het kantoor voor financieel advies […] van 6 december 2016. |
|
(207) |
In het kader van de preaudit heeft het overnameconsortium zijn eigen bedrijfsplan voor de onderneming Areva TA opgesteld, vertrekkend van de visie van de verkoper en met een aanpassing van de hypothesen op basis waarvan het plan werd opgesteld, volgens zijn beste begrip. |
|
(208) |
De Commissie heeft de in de waardebeoordeling gebruikte prognoses en hypothesen geëvalueerd en meent dat deze aan de kwaliteitseisen van een voorzichtige investeerder voldoet. Zij is gebaseerd op objectieve, verifieerbare en betrouwbare beschikbare gegevens, die de economische toestand weerspiegelen op het moment dat besloten werd tot de transactie. |
|
(209) |
Gelet op die objectieve elementen is de Commissie van oordeel dat de afstoting van Areva TA gebeurt onder normale marktomstandigheden die niet leiden tot een economisch voordeel voor de overnemer of de verkoper (Areva-groep) en sluit dus het bestaan van staatssteun uit. |
5.2. Verenigbaarheid van de steun met de interne markt
|
(210) |
De inschrijving van de staat op de kapitaalverhogingen van Areva SA en Nouvel Areva vormt staatssteun in de zin van artikel 107, lid 1, VWEU die Frankrijk wil toekennen aan een onderneming, de Areva-groep, actief in onder het Euratom-Verdrag vallende domeinen. |
|
(211) |
Bij het Euratom-Verdrag wordt de Europese Gemeenschap voor Atoomenergie ingesteld en worden de noodzakelijke instrumenten bepaald en de verantwoordelijkheden omschreven om doelstellingen te bereiken zoals nucleaire veiligheid, energieonafhankelijkheid, diversiteit en beveiliging van de energievoorziening (27). |
|
(212) |
Zoals werd erkend door de Commissie in eerdere besluiten (28), is het bevorderen van performante kernenergie een essentiële doelstelling van het Euratom-Verdrag en dus ook van de Unie. Zoals wordt vermeld in de aanhef van het Euratom-Verdrag, is het de opdracht van de Commissie, in haar hoedanigheid van instelling van de Europese Gemeenschap voor Atoomenergie de „omstandigheden voor de ontwikkeling van een sterke nucleaire industrie, bron van enorme energievoorraad” te creëren. Met die verplichting moet rekening worden gehouden als de Commissie haar beoordelingsbevoegdheid uitoefent betreffende de goedkeuring van een staatssteun op grond van artikel 107, lid 3, onder c), VWEU en artikel 108, lid 2, VWEU. |
|
(213) |
Het VWEU bepaalt onder welke voorwaarden een steunmaatregel verenigbaar met de interne markt kan worden verklaard. Volgens artikel 107, lid 3, onder c), VWEU kan de Commissie instemmen met een steunmaatregel als deze wordt toegekend om de ontwikkeling van bepaalde vormen van economische bedrijvigheid te vergemakkelijken, mits de voorwaarden waaronder het handelsverkeer plaatsvindt, daardoor niet zodanig worden veranderd dat het gemeenschappelijk belang wordt geschaad. Gelet op de aard van de betrokken maatregel zal de Commissie bepalen of deze in overeenstemming is met de bepalingen inzake herstructureringssteun vermeld in de richtsnoeren, gezien de twijfels in het besluit tot inleiding van de procedure en de opmerkingen van Frankrijk en de belanghebbenden. |
5.2.1. De vraag of de Areva-groep voor herstructureringssteun in aanmerking komt
|
(214) |
Eind 2014, aan het begin van de herstructureringsperiode van de Areva-groep, beschikte de onderneming over een negatief eigen vermogen van — 244 miljoen EUR. Sindsdien werden extra verliezen opgetekend, want de toestand van het eigen vermogen van de Areva-groep is nog verslechterd in 2015. Het eigen vermogen van de Areva-groep bedroeg — 2,3 miljard EUR op 31 december 2015. |
|
(215) |
Aangezien er sprake is van een negatief eigen vermogen, is aan het criterium van punt 20, onder a), van de richtsnoeren voldaan. De Areva-groep moet dus worden beschouwd als een onderneming in moeilijkheden, waardoor hij in aanmerking komt voor herstructureringssteun. |
5.2.2. Bijdrage aan een duidelijk omschreven doelstelling van gemeenschappelijk belang
|
(216) |
Het Euratom-Verdrag vermeldt nucleaire veiligheid, energieonafhankelijkheid, diversiteit en beveiliging van de energievoorzieningen als doelstellingen van gemeenschappelijk belang. Volgens artikel 2, onder d), van het Euratom-Verdrag moet de Gemeenschap waken over een regelmatige en billijke erts- en splijtstofvoorziening van alle gebruikers in de Gemeenschap. De onderzochte steunmaatregel draagt bij tot de verwezenlijking van die verschillende doelstellingen, omdat hij ervoor zorgt dat de Areva-groep niet verdwijnt. |
|
(217) |
De steun maakt immers het overleven van de Areva-groep mogelijk, een belangrijke speler op de Europese nucleaire markt. De Areva-groep is de voornaamste Europese speler op de markt van de uraniumontginning en de enige op de markten van de uraniumomzetting, van de splijtstoffenrecycling en van de MOX-productie. Hij beschikt over de noodzakelijke vaardigheden voor de exploitatie, onder de best mogelijke veiligheids- en beveiligingsomstandigheden, van een aantal „fundamentele installaties noodzakelijk voor de ontwikkeling van de nucleaire energie” in de zin van artikel 2, bijvoorbeeld voor sites of installaties zoals Comurhex II, la Hague en Melox. De Areva-groep is, ten slotte, een essentiële Europese speler wat betreft de fabricage van splijtstoffen voor onderzoeksreactoren en van elementen die zullen worden bestraald met het oog op de productie van radio-isotopen voor medisch gebruik. |
|
(218) |
De verdwijning van de Areva-groep zou dus onmiddellijke gevolgen hebben wat betreft nucleaire veiligheid, energieonafhankelijkheid, diversiteit en beveiliging van de Europese energievoorzieningen. |
|
(219) |
De richtsnoeren bepalen ook onder welke voorwaarden herstructureringssteun bijdraagt tot een doelstelling van algemeen belang. Dat is het geval wanneer hij tot doel heeft sociale moeilijkheden te voorkomen of marktfalen te verhelpen die het gevolg zouden zijn van het feit dat de onderneming de markt verlaat en haar activiteiten verdwijnen. |
|
(220) |
Van de in punt 44 van de richtsnoeren vermelde vormen van marktfalen zijn die in dit geval van toepassing, naargelang van de markten in kwestie, i) het risico op een onderbreking van een belangrijke dienstverlening die moeilijk te reproduceren is en die een concurrent moeilijk zou kunnen verzorgen in de plaats van de begunstigde; ii) de negatieve gevolgen van het feit dat een onderneming die een essentiële systemische rol speelt in een specifieke sector, de markt verlaat, en iii) een onherstelbaar verlies van technische kennis of essentiële knowhow. De wijze waarop de steun het mogelijk maakt om die risico's of schadelijke gevolgen te vermijden, wordt hierna onderzocht in de overwegingen 223 tot en met 226. |
|
(221) |
Daarnaast moeten andere scenario's dan het loutere verlaten van de markt door de Commissie worden geëvalueerd, bijvoorbeeld het voortzetten van bepaalde activiteiten na liquidatie zonder staatssteun. De Commissie moet er immers voor zorgen dat de doelstellingen van algemeen belang niet op dezelfde wijze worden bereikt in de contrafeitelijke scenario's waarin geen steun wordt toegekend. Die analyse wordt verricht in deel 5.2.4 van dit besluit. |
|
(222) |
Wat betreft de gevolgen van het verlaten van de Areva-groep van de markten waarin hij actief is, stelt de Commissie het volgende vast: |
|
(223) |
Voor de activiteiten van de mijnbouw: aangezien de Areva-groep de voornaamste Europese exploitant in de sector is, zou het feit dat hij de markt verlaat tot gevolg hebben dat de uraniumvoorziening van Europa hoofdzakelijk zou afhangen van niet-Europese bedrijven, waaronder de Russische (Rosatom) en Kazachse (KAP) exploitanten, die ongeveer [30-50] % van de markt controleren (29). Geen enkele Europese of zelfs westerse speler (bijvoorbeeld de Canadese onderneming Cameco) blijkt in staat zijn mijnbouwactiviteiten te versterken in een mate die verenigbaar is met de doelstelling om de diversiteit en beveiliging van de energievoorziening van de Unie te verzekeren. Het verlaten van de markt door de Areva-groep zou op termijn ook kunnen leiden tot een verhoging van de uraniumprijs door de concentratie op die markt. Vanuit dat standpunt speelt de Areva-groep een essentiële systemische rol voor de Europese uraniumvoorziening. |
|
(224) |
Wat betreft de omzettingsactiviteiten, is de Areva-groep de laatste Europese speler op deze markt. Als hij uit de markt verdwijnt, zou dat ernstige negatieve gevolgen hebben. Eerst en vooral zou dat de energieonafhankelijkheid van de Unie in het gedrang brengen, aangezien de uraniumomzetting een onmisbare schakel van de nucleaire keten is. Vervolgens zou het leiden tot een verminderde mededinging op deze markt die al sterk geconcentreerd is, wat bijkomende kosten zou kunnen veroorzaken voor de Europese elektriciteitsproducenten en dus in fine voor de Europese consument. Vanuit dat standpunt speelt de Areva-groep een essentiële systemische rol in de Europese activiteiten van de splijtstofcyclus en, als hij zou verdwijnen, zou er een risico op onderbreking van een belangrijke dienstverlening bestaan. |
|
(225) |
Wat betreft de verrijkingsactiviteiten, is de Areva-groep een van de twee enige Europese spelers, samen met het consortium Urenco. De enige andere speler die aanwezig is op de Europese markt, is de Russische onderneming Tenex (Rosatom-groep). Het verdwijnen van de activiteiten van de Areva-groep zou de structuur van de markt beïnvloeden, die dan zou worden gekenmerkt door een oligopolie op Europees vlak, wat waarschijnlijk zou leiden tot een prijsverhoging. De Areva-groep speelt dus ook in het kader van zijn verrijkingsactiviteiten een essentiële systemische rol. |
|
(226) |
Voor de behandeling en recycling van gebruikte splijtstof is de Areva-groep vandaag de enige exploitant in de wereld op industriële schaal wat betreft de technologie voor recycling van gebruikte splijtstof en voor haar transformatie in MOX voor lichtwaterreactoren. Dankzij die processen levert de Areva-groep gerecycleerde splijtstof die [0-25] % van de Franse elektriciteitsproductie vertegenwoordigt. Bovendien heeft Frankrijk aan de Areva-groep de industriële verantwoordelijkheid voor de recycling toevertrouwd. Die vormt dus een essentieel onderdeel van het beleid inzake het beheer van gebruikte splijtstof in Frankrijk en bij uitbreiding in de Unie. Onder die omstandigheden zou het verdwijnen van de markt van de Areva-groep de goede werking van de markt in de Unie ernstig in het gedrang kunnen brengen, met een onherstelbaar verlies van technische kennis, essentiële knowhow en een onderbreking van een essentiële dienstverlening die geen enkele concurrent op dit moment zou kunnen overnemen. |
|
(227) |
De Commissie besluit dat de door de Franse autoriteiten aangemelde herstructureringssteun, waardoor vermeden wordt dat de Areva-groep en zijn activiteiten in de splijtstofcyclus verdwijnen, het mogelijk maakt om het marktfalen ten gevolge van dit verdwijnen te verhelpen. |
5.2.3. Herstructureringsplan en herstel van de levensvatbaarheid op lange termijn
|
(228) |
Opdat de herstructureringssteun daadwerkelijk bijdraagt tot de verwezenlijking van de aangehaalde doelstellingen van algemeen belang, moet worden aangetoond dat de in het vooruitzicht gestelde herstructurering het mogelijk maakt om de levensvatbaarheid van de onderneming op lange termijn te herstellen. De Commissie stelde zich in het inleidingsbesluit de vraag of bepaalde hypothesen die ten grondslag liggen aan het plan voor het herstel van de levensvatbaarheid op lange termijn van de Areva-groep, wel realistisch zijn. |
|
(229) |
De analyse van het herstel van de levensvatbaarheid van de Areva-groep moet worden toegepast op de geherstructureerde Areva-groep, die in de toekomst twee entiteiten zal omvatten: i) Nouvel Areva en ii) Areva SA. Die twee entiteiten zullen afzonderlijke activiteiten en gescheiden boekhoudingen hebben. Om het herstel van de levensvatbaarheid van de Areva-groep te evalueren, is het dan ook mogelijk afzonderlijk en achtereenvolgens de bedrijfsplannen van elk van beide entiteiten te analyseren. |
5.2.3.1.
|
(230) |
De Franse autoriteiten hebben de Commissie het bedrijfsplan van Nouvel Areva meegedeeld, in een basisscenario en in een ongunstig scenario. De financiële prognoses met betrekking tot deze scenario's worden voorgesteld in de hierna volgende tabellen 1 en 2. Tabel 1 Financieel traject van Nouvel Areva (basisscenario)
Tabel 2 Financieel traject van Nouvel Areva (ongunstig scenario)
|
|
(231) |
De prognoses zijn gebaseerd op een reeks hypothesen, waarvan de voornaamste beschreven zijn in overweging 106. De Commissie erkent het conservatieve karakter van deze hypothesen, in het bijzonder wat betreft de prognoses van de uraniumprijs. Zelfs op basis van de conservatieve hypothesen bestaat er een consensus op de markt (30) over de opleving van de markt op middellange termijn en de geleidelijke verhoging van de prijzen van nucleair materiaal, wat een positief element is voor het herstel van de levensvatbaarheid van de Areva-groep. |
|
(232) |
In overweging 150 van het inleidingsbesluit tekende de Commissie op dat het door de Franse autoriteiten voorgestelde ongunstige scenario niet vergezeld ging van een gevoeligheidsanalyse waarmee de op de activiteiten van de onderneming wegende risico's konden worden geprioriteerd en voorspeld. |
|
(233) |
De Commissie stelt vast dat de Franse autoriteiten die leemte hebben opgevuld in de opmerkingen die zij hebben ingediend tijdens het diepgaande onderzoek. |
|
(234) |
Zo werden gevoeligheden inzake verschillende hypothesen berekend, waardoor de belangrijkste risico's die op de activiteiten wegen, konden worden voorspeld: wisselkoers tussen de euro en de dollar, exploitatievoorwaarden […], niet-verwezenlijking […], niet-verwezenlijking van de doelstellingen van het plan inzake prestaties en concurrentievermogen. Die risico's worden duidelijk weergegeven in het ongunstige scenario. In de periode 2016-2025 zijn de gecumuleerde ebitda [0-30] % en de operationele kasstroom [0-30] % lager dan in het basisscenario. Het ongunstige scenario blijkt dus het resultaat van die gevoeligheden in neerwaartse richting. |
|
(235) |
De Franse autoriteiten hebben daarnaast een strategie ter beperking van die belangrijkste risico's voorgesteld, zoals werd aangegeven in de overwegingen 111 tot en met 114. |
|
(236) |
Wat betreft het wisselkoersrisico tussen de euro en de dollar, blijkt de Areva-groep een strikt beleid ter dekking van dat risico te voeren. Maandelijks wordt een analyse van de blootstellingen gedaan en in functie daarvan worden dekkingen aangegaan om een minimaal percentage van de komende vervaltermijnen te dekken. Daarnaast genieten bepaalde activiteiten die cruciaal zijn voor het herstel van de levensvatbaarheid van de geherstructureerde Areva-groep, zoals de mijnbouw, een gedeeltelijke, natuurlijke bescherming tegen dat risico: zo zal [20-70] % van de mijnbouw van Nouvel Areva worden gerealiseerd in Canada, waar de munt gekoppeld is aan de dollar. De combinatie van die twee factoren — de natuurlijke bescherming voor bepaalde cruciale activiteiten en het proactieve dekkingsbeleid voor de rest van de activiteiten — brengt de Commissie tot het oordeel dat een geloofwaardige strategie ter beperking van de risico's wordt gevolgd. |
|
(237) |
Wat betreft de exploitatievoorwaarden van de activiteiten van […], heeft de Areva-groep al een strategie ter beperking van de risico's gevoerd bestaande uit operationele verbeteringen die het mogelijk zouden maken om de meerkosten […] te compenseren. Die verbeteringen zijn opgenomen in het plan inzake prestaties en concurrentievermogen dat tot in 2018 loopt, en na 2018 zou op andere terreinen naar optimalisering kunnen worden gestreefd als het risico werkelijkheid zou worden. De Commissie meent dat de benadering van de Areva-groep rationeel is, aangezien zij beoogt de winstgevendheid van zijn activa te bewaren […] door in te spelen op de drijfveren waar ze invloed op hebben. |
|
(238) |
Wat betreft het risico inzake […], is het zeker dat een […] negatieve gevolgen zou hebben voor de toekomstige activiteiten van Nouvel Areva. De Franse autoriteiten wezen er echter op dat het weinig waarschijnlijk is dat dat risico werkelijkheid wordt, […]. Dit onderwerp was bijvoorbeeld in […]. De Commissie meent dus dat een toereikende strategie ter beperking van de risico's wordt gevolgd. |
|
(239) |
Ten slotte, wat betreft de niet-verwezenlijking van de doelstellingen van het plan inzake prestaties en concurrentievermogen, gaven de Franse autoriteiten aan dat Nouvel Areva het toepassingsgebied en de termijn van dit Plan zou kunnen uitbreiden, bijvoorbeeld wat betreft de beperking van de aankoopkosten of de loonmassa. De Commissie meent dat de zoektocht naar extra maatregelen om het concurrentievermogen te vergroten, een rationele benadering zou zijn als alle doelstellingen van het voorgaande plan niet werden bereikt. |
|
(240) |
Op grond van de inlichtingen die haar ter beschikking werden gesteld, meent de Commissie dus dat de Areva-groep een toereikende strategie volgt ter beperking van de voornaamste risico's die op zijn activiteiten wegen. Die twijfel kan dus worden weggenomen en het staat vast dat het herstructureringsplan van Nouvel Areva overeenstemt met punt 50 van de richtsnoeren, waarover vragen waren gerezen in het inleidingsbesluit. |
|
(241) |
De Commissie vroeg zich ook af of Nouvel Areva, in het ongunstige scenario, in staat was om de nodige financieringen voor het herstel van zijn levensvatbaarheid op lange termijn te vinden. |
|
(242) |
De Franse autoriteiten hebben daaromtrent de nodige verduidelijkingen geboden. In het ongunstige scenario wordt een financieringsbehoefte van [0-1 miljard] EUR in het vooruitzicht gesteld in […]. Die financieringsbehoefte, […], zal wellicht moeten worden voldaan […]. De Franse autoriteiten hebben echter aangetoond dat Nouvel Areva in het ongunstige scenario opnieuw een „investment grade-notering” […] zal genieten, ook rekening houdend met […]. Dat zal het voor de onderneming mogelijk maken om zich voor een redelijke prijs te herfinancieren op de kapitaalmarkten. |
|
(243) |
Toch blijft het probleem bestaan voor […]. Er zijn echter twee redenen om aan te nemen dat dit obstakel zou kunnen worden overwonnen. Ten eerste zal Nouvel Areva tegen die datum opnieuw voldoende gezonde economische en financiële fundamentals hebben om aanspraak te maken op […]. […] Nouvel Areva om bankkredieten met een termijn en een bedrag kan vinden die verenigbaar zijn met zijn financieringsbehoeften. Ten tweede zijn de markten voor zogenaamde hoogrentende obligaties in de voorbije jaren aanzienlijk gegroeid, waardoor Nouvel Areva er indien nodig een beroep op zal kunnen doen. De financieringen op die markten zijn weliswaar duurder, maar Nouvel Areva zal beperkte emissiebehoeften hebben gelet op het feit dat het opnieuw een „investment grade-notering” […] zou krijgen. |
|
(244) |
[…]. Voor de bepaling van de omvang van de steun is het dus voldoende dat Nouvel Areva in het basisscenario een „investment grade-notering” bereikt […], met andere woorden voordat zijn herfinancieringsbehoeften werkelijkheid worden. In het ongunstige scenario […] wordt het herstel van de levensvatbaarheid op lange termijn van Nouvel Areva niet fundamenteel in het gedrang gebracht. |
|
(245) |
In het licht van deze verklaringen meent de Commissie dat Nouvel Areva in staat zal zijn te voldoen aan zijn financieringsbehoeften op […], ook in het ongunstige scenario. De vooruitzichten voor een herstel van de levensvatbaarheid op lange termijn zijn dus niet aangetast. |
|
(246) |
Ten slotte stelde de Commissie zich in het inleidingsbesluit vragen bij het feit dat in het bedrijfsplan schijnbaar geen rekening werd gehouden met de activiteit van de splijtstofcyclus en de verliezen van synergieën ten gevolge van de afstoting van de reactorenactiviteit. |
|
(247) |
Volgens de Commissie hebben de Franse autoriteiten ook daar antwoorden gegeven die de twijfel wegnemen. De antwoorden omvatten twee argumenten. |
|
(248) |
Ten eerste is het duidelijk dat de gevolgen van de verliezen van synergie zich voornamelijk zullen laten voelen over een periode die gedeeltelijk verder gaat dan die van het bij de Commissie aangemelde bedrijfsplan (2016-2025). Dat valt te verklaren door de zeer lange duur van de economische cycli in de nucleaire sector. Zo lopen contracten voor de levering van nucleair materiaal doorgaans over vele jaren, meestal vijf tot tien jaar naargelang van het soort materiaal (ruw, omgezet of verrijkt uranium) en de aard van de klant. Daaruit vloeit voort dat een vrij sterke hysterese noodzakelijk moet worden toegepast gedurende de eerste jaren van het bedrijfsplan. De verliezen van synergie zullen zich eerst laten voelen wanneer de belangrijkste voorzieningscontracten van Nouvel Areva weer ter discussie worden gesteld of wanneer Nouvel Areva NP projecten voor nieuwe centrales binnenhaalt, met andere woorden eerder naar het eind van het bedrijfsplan 2016-2025 toe (of zelfs later). In dat opzicht zijn de groeiverwachtingen met betrekking tot de omzet van Nouvel Areva aan het eind van de termijn van het bedrijfsplan voorzichtig. Zij zijn immers gebaseerd op […], terwijl de Areva-groep in een contrafeitelijk scenario, waarin de twee historische activiteiten geïntegreerd gebleven zouden zijn, wellicht had kunnen […], met name dankzij een aanbod aan het eind van de levensduur, waar de synergieën ten volle hun rol kunnen spelen (31). |
|
(249) |
Ten tweede voet de Areva-groep een ambitieus plan inzake prestaties en concurrentievermogen uit, dat met name het verlies van schaalvoordeel door de verschillende lopende afstotingen beoogt te compenseren, bijvoorbeeld op het vlak van de aankopen. Het plan heeft tot doel om jaarlijks 500 miljoen EUR kostenbezuinigingen te realiseren tegen 2018. |
|
(250) |
In het licht van wat voorafgaat, besluit de Commissie dat de twijfels die zij had over een aantal elementen van het bedrijfsplan van Nouvel Areva, zijn weggenomen. De rest van het plan voor het herstel van de levensvatbaarheid van deze entiteit werd reeds als bevredigend beoordeeld in het inleidingsbesluit. De Commissie had in het bijzonder de realistische aard van de voornaamste hypothesen beklemtoond, een vaststelling die niet is gewijzigd. De Commissie merkte ook op dat met het financiële traject van Nouvel Areva de levensvatbaarheid van de geherstructureerde entiteit kan worden hersteld tegen 2019, aangezien de indicatoren van de Franse autoriteiten door de Commissie relevant worden geacht: omzet, ebitda, operationele kasstroom, financiële nettoschuld, S&P-ratio's zoals de nettoschuld/bruto-exploitatieoverschot en de operationele kasstroom/nettoschuld. Om al die redenen oordeelt de Commissie dat het bedrijfsplan van Nouvel Areva degelijk is, omdat het het herstel van zijn levensvatbaarheid mogelijk maakt tegen 2019 en omdat het bijdraagt tot de verwezenlijking van de door de steun nagestreefde doelstellingen van algemeen belang. |
5.2.3.2.
|
(251) |
In het inleidingsbesluit stelde de Commissie zich vragen over het realistische karakter van de hypothesen die ten grondslag liggen van het bedrijfsplan van Areva SA. Die vragen werden versterkt doordat op de datum van het inleidingsbesluit het schema voor de afstoting van de reactorenactiviteit niet duidelijk was. |
|
(252) |
Als reactie op de twijfels van de Commissie hebben de Franse autoriteiten een bijgewerkt bedrijfsplan verstrekt met gestabiliseerde hypothesen. Er werden ook opmerkingen ontvangen van belanghebbenden, met name Siemens en TVO. De Commissie beschikt dus ook over de noodzakelijke inlichtingen om te evalueren of de herstructurering van de Areva-groep het herstel van de levensvatbaarheid van Areva SA op lange termijn mogelijk maakt. |
|
(253) |
In de toekomst zal de entiteit Areva SA als belangrijkste opdracht hebben te voldoen aan de verplichtingen die in die entiteit werden ondergebracht (direct of indirect via Areva NP), met name:
|
|
(254) |
Gelet op de specifieke opdracht van deze entiteit komt de vraag over het herstel van de levensvatbaarheid van Areva SA er eigenlijk op neer dat moet worden verzekerd dat de beschikbare middelen voldoende zullen zijn om alle verplichtingen te dragen, ook in een ongunstig scenario. |
|
(255) |
De middelen van Areva SA zullen vanaf 2017 de volgende zijn:
|
|
(256) |
De in overweging 255 bedoelde middelen kunnen op redelijk betrouwbare wijze worden geraamd. Ten eerste staat het bedrag van de kapitaalverhoging vast. Ten tweede maken de opbrengsten van de afstotingen een grote kans om minstens [1-5 miljard] EUR te bedragen, omdat het door EDF en de Areva-groep ondertekende SPA een prijs van 2,5 miljard EUR (34) bepaalt voor 100 % van de eigen middelen van Nouvel Areva NP, en omdat de verkoop van de dochteronderneming Adwen werd gesloten voor 60 miljoen EUR (35). Ten derde kan de participatie van Areva SA in Nouvel Areva volgens een voorzichtige methode worden gewaardeerd op 2 miljard EUR. |
|
(257) |
Wat betreft dat laatste punt, staat vast dat de resterende participatie van Areva SA in Nouvel Areva van alle middelen van Areva SA het moeilijkst te evalueren is. […]. Ondanks die onzekerheid bestaat een voorzichtige benadering erin de huidige waarde van de participatie als referentie te nemen. Deze werd op 23 september 2016 door de twee in overweging 132 genoemde Japanse investeerders op basis van een verslag van het bureau voor financieel advies […] gewaardeerd op 2 miljard EUR voor 100 % van de eigen middelen. Die benadering is voorzichtig, want als Nouvel Areva zich herstelt volgens het in het herstructureringsplan geschetste traject, zal de waarde van zijn eigen middelen […] in principe hoger zijn dan vandaag. […]. |
|
(258) |
Uit deze verschillende elementen blijkt dat Areva SA zal beschikken over [3-7 miljard] EUR om aan zijn behoeften te voldoen. Daar zouden de volgende bedragen bovenop kunnen komen: [200-700 miljoen] EUR prijstoeslag verdeeld over de periode 2017-2019 en 2 miljard EUR […] zijn bijdrage in Nouvel Areva. |
|
(259) |
Aangezien de middelen van Areva SA bekend zijn, moet nu worden nagegaan of deze geschikt zijn voor het geraamde gebruik ervan. Hoe Areva SA deze middelen zal gebruiken, is zeer onzeker. De terugbetaling van de bankschuld en de interesten komt neer op een vaststaand bedrag: 3,4 miljard EUR vanaf 2017. De kosten en provisies met betrekking tot de activiteiten die zullen worden afgestoten, zijn geconcentreerd in de beginjaren van het bedrijfsplan en brengen dus niet veel onzekerheid mee. Zij worden geraamd op [0-1 miljard] EUR. De risico's met betrekking tot […] zijn daarentegen wegens hun aard moeilijk in te schatten. En over de voltooiing van het OL3-project bestaat op een aantal vlakken onzekerheid. |
|
(260) |
Eerst en vooral, wat betreft de risico's met betrekking tot […], vermeldt het SPA, dat de afstoting van Nouvel Areva NP omkadert, de garanties die voor de passiva van EDF zijn verleend […]. Die garanties voor passiva zijn bedoeld om EDF te beschermen tegen de mogelijke financiële gevolgen die zouden voortvloeien uit […]. |
|
(261) |
Wat betreft de contractuele aansprakelijkheid, […]. |
|
(262) |
[…], dat risico blijkt vandaag beperkt. |
|
(263) |
Voor alle elementen waarbij de civiele aansprakelijkheid in het geding komt […]. |
|
(264) |
In het licht van wat voorafgaat, meent de Commissie dat de blootstelling van Areva SA aan de risico's […] moeilijk te kwantificeren is, maar in elk geval waarschijnlijk beperkt is tot […]. |
|
(265) |
Wat vervolgens de kosten voor de voltooiing van het OL3-project en de bijbehorende financiële of juridische risico's betreft, heeft de Commissie een aantal opmerkingen van belanghebbenden ontvangen. Daarin moeten twee zaken worden onderscheiden: enerzijds de kosten voor de voltooiing stricto sensu van de werf en anderzijds het financiële risico dat verbonden is aan de verschillende lopende gerechtelijke procedures tussen de partijen bij het project. |
|
(266) |
De Franse autoriteiten, TVO en Siemens hebben elk een verschillende inschatting gemaakt van de kosten voor de voltooiing van het OL3-project en de onzekerheden die een impact zouden kunnen hebben. |
|
(267) |
Het scenario van de Franse autoriteiten, dat uitgaat van inlichtingen verstrekt door de Areva-groep, komt uit bij nettokasstromen van [(1,5)-(0,5) miljard] EUR […]. Die stromen zijn als volgt samengesteld:
|
|
(268) |
Naast die ramingen […]. In een dergelijk scenario zouden de extra kosten voor Areva SA, […],[0-1 miljard] EUR bedragen. |
|
(269) |
Gelet op de omvang en de complexiteit van het OL3-project is de vergelijking van deze diverse prognoses een delicate oefening. Niettemin is de vergelijking noodzakelijk om twee elementen met elkaar te verzoenen: enerzijds de vereiste dat de steun tot het minimum beperkt is, wat veronderstelt dat het overheidskapitaal dat in Areva SA wordt gebracht, niet ongegrond te groot mag zijn, en anderzijds het feit dat Areva SA over voldoende middelen moet beschikken om zijn verplichtingen na te komen, ook in een ongunstig scenario. |
|
(270) |
In tegenstelling tot het argument van Siemens meent de Commissie dat het ongunstige scenario niet alle theoretisch mogelijke maximale risico's moet weerspiegelen. Het komt de Commissie toe om op grond van feitelijke elementen te bepalen op welk niveau de indicator volgens haar een voldoende voorzichtig ongunstig scenario vormt. |
|
(271) |
In dit geval is de belangrijkste verklarende variabele van de kosten voor de voltooiing van het OL3-project het risico op vertraging […]. Op grond van de in het diepgaande onderzoek verzamelde inlichtingen meent de Commissie dat het ongunstige scenario gebaseerd kan zijn op een hypothese […]. Er zijn twee belangrijke redenen voor die keuze. Ten eerste stelt de Commissie vast dat het geplande tijdschema van de werf op de datum van haar beoordeling […] werd nageleefd. TVO en de Areva-groep hebben zich zelfs publiekelijk tevreden getoond (36) over de goede vooruitgang van het project, het resultaat van een betere samenwerking op het terrein. Ten tweede zal het OL3-project vanaf 2017 baat hebben bij de feedback over de tests in Taishan. De goede vooruitgang van het EPR-project in Taishan heeft er immers voor gezorgd dat het een voorsprong van ongeveer vijf maanden kon nemen op het OL3-project. Gelet op die elementen heeft de Commissie geen objectieve redenen om, zelfs in een ongunstig scenario, te denken dat het project zou worden opgeleverd […] — een hypothese die […] niet is aangenomen in hun opmerkingen. |
|
(272) |
Uitgaand van die hypothese voor het ongunstige scenario worden de volgende „cashkosten” (netto van het uitstaande saldo te betalen door TVO), vanaf 2017 geraamd op: ongeveer [0-3 miljard] EUR vanwege TVO en [0-3 miljard] EUR vanwege Siemens. Die ramingen zijn respectievelijk ongeveer […] EUR hoger dan die van de Franse autoriteiten. De Franse autoriteiten ontkennen de relevantie van de ramingen van Siemens en TVO. Ook is het zeker dat de Areva-groep het best is geplaatst om zijn eigen kosten te kennen en te ramen. Niettemin pleiten die meningsverschillen en de voorgeschiedenis van het project voor een voorzichtige benadering. Een combinatie van de drie ramingen komt bijvoorbeeld uit op een voorzichtige raming van [0-3 miljard] EUR. Dat bedrag kan worden aangenomen voor de analyse van de Commissie. |
|
(273) |
Boven op die verplichtingen komen de voornaamste juridische risico's voor Areva SA in het kader van het OL3-project. Die risico's zijn van tweeërlei aard. Het betreft, enerzijds, het bedrag van de schadevergoedingen die Areva SA of Areva NP mogelijk zullen moeten betalen […] en, anderzijds, het arbitragegeschil tussen het Consortium en TVO. |
|
(274) |
Siemens heeft de Commissie meegedeeld […]. |
|
(275) |
Het juridische risico met betrekking tot het hangende arbitragegeschil tussen TVO en het Consortium is onmogelijk in een raming of een waarschijnlijkheidsberekening te vatten. Volgens de informatie van de Franse autoriteiten, Siemens en TVO zal een arbitrale beslissing over de grond van de zaak worden uitgesproken […]. Op dit ogenblik is er informatie waarmee het resultaat kan worden voorspeld van dit geschil, dat een van de meest complexe geschillen is waarover een scheidsgerecht zich ooit heeft moeten buigen. In theorie zou de maximale blootstelling van het Consortium […] EUR kunnen bedragen, […]. Gezien de onmogelijkheid om de waarschijnlijkheid van het risico te bepalen, […]. Dat stelt een probleem voor de toepassing van de richtsnoeren in die zin dat, zoals vermeld in overweging 269, de Commissie zich ervan moet verzekeren dat de geherstructureerde onderneming de noodzakelijke middelen heeft voor het nakomen van haar verplichtingen, maar zonder dat de steun een onevenredig bedrag behelst. |
|
(276) |
Samengevat leidt een conservatieve analyse van de verplichtingen van Areva SA, op grond van de opmerkingen van de Franse autoriteiten en de belanghebbenden tot de volgende conclusie: Areva SA is blootgesteld aan kwantificeerbare verplichtingen, die ongeveer [3-7 miljard] EUR bedragen (37). |
|
(277) |
Boven op die verplichtingen komt […] een reeks moeilijker te kwantificeren verplichtingen: de risico's met betrekking tot […], enerzijds, en het risico dat Areva SA moet bijdragen aan een eventuele schadevergoeding van het Consortium aan TVO in het hangende arbitragegeschil, anderzijds. |
|
(278) |
Ten aanzien van al die verplichtingen beschikt Areva SA over [3-7 miljard] EUR (38) en over activa […] met een aanzienlijke waarde dankzij zijn participatie van ongeveer 40 % in Nouvel Areva. Met het bestaan van die participatie, momenteel gewaardeerd op 2 miljard EUR, hebben Siemens en TVO geen rekening gehouden in hun opmerkingen. Nochtans vormt dit voor de Commissie een geruststelling wat betreft het vermogen van Areva SA (en Areva NP, via Areva SA) om zijn verplichtingen na te komen, hoewel een deel ervan vandaag in de praktijk onmogelijk te waarderen is. Dat die participatie op korte termijn weinig liquide is, verandert die conclusie niet, omdat indien een aantal risico's werkelijkheid worden, de gevolgen daarvan pas voelbaar zullen zijn vanaf 2019 (39), dat wil zeggen op een moment waarop Nouvel Areva haar herstructurering aan het voltooien is en de aandelen hoger gewaardeerd en meer liquide zullen zijn dan vandaag. |
|
(279) |
In het licht van wat voorafgaat, concludeert de Commissie dat, ondanks de kennelijke moeilijkheden om de verplichtingen van Areva SA met zekerheid te waarderen, de in het diepgaande onderzoek verstrekte informatie bevestigt dat Areva SA over voldoende middelen zal beschikken om zijn verplichtingen na te komen, ook in een ongunstig scenario waarin het OL3-project aanzienlijke meerkosten meebrengt, schadevergoedingen moeten worden betaald in het kader van een aantal geschillen inzake het OL3-project en een beroep wordt gedaan op bepaalde garanties voor passiva […]. |
|
(280) |
In verband hiermee schoof TVO een ander soort argument naar voren. Volgens TVO zou de Commissie de herstructurering niet alleen vanuit een financiële invalshoek moeten evalueren, maar zou zij ook moeten nagaan of een passend niveau van personele en technische middelen wordt behouden in Areva NP, dat de medecontractant van TVO zal blijven zelfs als een deel van de historische activa van Areva NP via Nouvel Areva NP aan EDF zal zijn verkocht. Volgens TVO zou een ontoereikend niveau van personele en technische middelen strijdig zijn met artikel 2, onder b) en c), van het Euratom-Verdrag. |
|
(281) |
De Commissie merkt op dat zij in haar analyse van de herstructurering van de Areva-groep, wat betreft de controle van de staatssteun, geen standpunt moet innemen over de manier waarop de Areva-groep op technisch vlak zijn contractuele verplichtingen ten aanzien van TVO nakomt. Volgens de voorwaarden van artikel 6, onder f), van Richtlijn 2009/71/Euratom van de Raad (40), zoals gewijzigd bij Richtlijn 2014/87/Euratom (41), moeten de vergunninghouders echter zorgen voor personele en financiële middelen, met toereikende kwalificaties en vaardigheden om te kunnen voldoen aan de verplichtingen inzake de nucleaire veiligheid van een kerninstallatie. Volgens hetzelfde artikel waken vergunninghouders er ook voor dat de aannemers en onderaannemers die onder hun verantwoordelijkheid vallen en van wie de activiteiten een invloed kunnen hebben op de nucleaire veiligheid van een kerninstallatie, over de nodige personele middelen met de vereiste kwalificaties en vaardigheden beschikken om aan hun verplichtingen te voldoen. In dat verband moet Areva NP de noodzakelijke middelen behouden om aan de bovenvermelde verplichtingen te kunnen voldoen. De Commissie heeft in overweging 279 geconcludeerd dat Areva NP over toereikende financiële middelen zal beschikken. Daarnaast merkt de Commissie op dat […] personele middelen kunnen worden verstrekt […] aan Areva NP. Bovendien twijfelt de Commissie niet aan het industriële belang van Nouvel Areva NP in het volledige welslagen van het OL3-project, wat zijn vermogen om EPR-reactoren te verkopen en te bouwen, zal bevestigen. De verantwoordelijkheid van vergunninghouders krachtens de richtlijn kan echter niet worden gedelegeerd. Als reactie op het argument van TVO herinnert de Commissie dan ook aan de noodzaak dat de vergunninghouder de noodzakelijke personele middelen behoudt om aan zijn verplichtingen inzake de nucleaire veiligheid van het OL3-project te voldoen. |
5.2.4. Noodzaak van overheidsmaatregelen en stimulerend effect
|
(282) |
Een overheidsmaatregel kan zowel noodzakelijk als stimulerend zijn in de zin van punten 53 en 59 van de richtsnoeren indien wordt aangetoond dat het op basis van scenario's om uit de crisis te raken waarbij geen steun wordt verleend, onmogelijk zou worden om de door de overheidsmaatregel nagestreefde doelstellingen van algemeen belang te bereiken. Die scenario's kunnen de volgende elementen omvatten: i) een alternatieve herstructurering door middel van een reorganisatie van de bestaande schuld, afstotingen van activiteiten of verhogingen van particulier kapitaal, ii) een verkoop of iii) een liquidatie. |
|
(283) |
Ten eerste bevestigt de Commissie met betrekking tot een alternatief herstructureringsscenario het in het inleidingsbesluit omschreven standpunt, het volgende:
|
|
(284) |
Wat een verkoop of een liquidatie betreft, meent de Commissie dat er een aanzienlijk risico bestaat dat de doelstellingen van algemeen belang niet worden gehaald, in het bijzonder de in het Euratom-Verdrag beoogde doelstellingen betreffende de beveiliging en de continuïteit van de voorziening van de Unie in nucleair materiaal. |
|
(285) |
Ten eerste zou de continuïteit van de activiteiten die momenteel door de Areva-groep worden uitgeoefend, in gevaar komen vanwege de administratieve termijnen voor de vergunning van een nieuwe nucleaire exploitant (42). Elke wijziging van exploitant is immers onderworpen aan de toestemming van de ministers belast met de nucleaire veiligheid, op advies van de ASN. Die procedure beoogt in het bijzonder na te gaan of de nieuwe exploitant beschikt over i) toereikende technische capaciteiten om de betrokken activiteiten op een veilige en duurzame wijze te exploiteren (technische middelen, organisatie, inwerkingstelling en ervaring voor de exploitatie van basiskerninstallaties), en ii) de noodzakelijke financiële capaciteiten. Deze procedure is lang en complex, omdat zij, in essentie, het volgende omvat: een instructie door de ASN; een onderzoek door de bevoegde ministers; een procedure voor de uitwerking en goedkeuring van een decreet ondertekend door de eerste minister en de ministers belast met de nucleaire veiligheid. Reglementair is de instructietermijn van de aanvraag vastgesteld op drie jaar (43). De vergunning wordt pas van kracht nadat de ASN heeft kunnen vaststellen dat de exploitant voldoet aan alle voorwaarden van de milieuwetgeving voor het samenstellen van een fonds voor de voorzieningen van het eind van de cyclus. Een liquidatie die gepaard gaat met een verkoop in stukken van activa van de Areva-groep, zou het risico omvatten dat bepaalde activiteiten die onontbeerlijk zijn voor de continuïteit en de beveiliging van de voorziening in nucleair materiaal van de Unie, gedurende een bepaalde periode niet meer verzekerd worden, wat zou ingaan tegen de doelstellingen van algemeen belang die beoogd worden met de onderzochte steun. |
|
(286) |
Ten tweede zijn bepaalde door Nouvel Areva overgenomen activiteiten van de splijtstofcyclus minder winstgevend dan andere. […] is bijzonder winstgevend en zal volgens de aangemelde prognoses van de Franse autoriteiten ongeveer […] % bijdragen aan de ebitda van Nouvel Areva in 2020. […] daarentegen is afzonderlijk beschouwd minder winstgevend. In het vooruitzicht van een liquidatie die uitmondt in een verkoop in stukken, zou het mogelijk zijn dat alleen bepaalde winstgevende activa ([…], bijvoorbeeld) worden overgenomen, waarbij activiteiten die nochtans essentieel zijn voor de beveiliging van de voorziening van de Unie in splijtstof, aan de kant worden geschoven, […]. |
5.2.5. Geschiktheid van de steunmaatregel
|
(287) |
Met een ratio nettoschuld/ebitda (44) van 8,2 op 31 december 2014 wordt de Areva-groep geconfronteerd met een overmatige schuldenlast, die niet alleen kan worden opgelost door de zeer aanzienlijke, lopende afstotingen. Hoewel deze betrekking hebben op bijna 50 % van de omzet van de Areva-groep vóór de herstructurering, brengen de afstotingen immers maar [1-5 miljard] tot [2-6 miljard] EUR (45) op, voor een totale financieringsbehoefte van minstens [8-9 miljard] EUR. |
|
(288) |
In deze context kan de Areva-groep zijn problemen niet oplossen door extra schulden te maken en meent de Commissie dat een kapitaalverhoging de meest gepaste steunmaatregel is om het hoofd te bieden aan de moeilijkheden van de Areva-groep en zijn financiële levensvatbaarheid te herstellen. |
5.2.6. Evenredigheid van de steun
|
(289) |
Herstructureringssteun wordt als evenredig beschouwd als hij gepaard gaat met een eigen bijdrage van de onderneming aan de herstructureringskosten van in principe minstens 50 % en als de lasten passend zijn verdeeld met name door maatregelen ter beperking van het risico op „moral hazard”. |
5.2.6.1.
|
(290) |
Al in het inleidingsbesluit stelde de Commissie vast dat er voorzieningen voor verliezen en aanzienlijke waardeverminderingen van activa waren geboekt. Aangezien de staat, direct of indirect, de meerderheids- en historische aandeelhouder van de Areva-groep is, is het ook hij die in de eerste de meeste geboekte verliezen draagt. De Franse autoriteiten hebben aangegeven dat de huidige Areva-groep geen achtergestelde schuldeisers heeft, zodat aan het in punt 66 van de richtsnoeren bedoelde beginsel van lastendeling is voldaan. |
|
(291) |
De Commissie stelde ook vast dat het bestuur van de onderneming was omgevormd van een structuur met een raad van toezicht tot een structuur met een raad van bestuur met het oog op een versterkte controle van de aandeelhouders op de strategische beslissingen. |
|
(292) |
De Commissie stelde zich daarentegen vragen over het lot van de minderheidsaandeelhouders (46). Blijkens de opmerkingen van de Franse autoriteiten kan deze twijfel worden weggenomen. De door de AMF opgelegde verplichting voor de Staat om een openbare offerte van intrekking in te dienen, tegen een prijs die berekend wordt volgens een methode van multicriteriawaardering, zal tot gevolg hebben dat de verslechterde toestand van de Areva-groep noodzakelijkerwijs zal worden weerspiegeld in deze prijs, waardoor wordt gegarandeerd dat de positie van de minderheidsaandeelhouders niet onrechtmatig wordt beschermd door de steun. |
5.2.6.2.
|
(293) |
Op 18 december 2016 hebben de Franse autoriteiten de Commissie een bijgewerkte tabel verstrekt inzake de herstructureringskosten van de Areva-groep en zijn financieringsbronnen (tabel 3). Tabel 3 Financieringsbronnen voor het herstructureringsplan van Areva
|
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
(294) |
Volgens de recentste ramingen van de Areva-groep, meegedeeld door de Franse autoriteiten op 30 november 2016, bedragen de kosten voor de industriële en financiële herstructurering in totaal ongeveer [8-9 miljard] EUR. De details over die kosten staan in tabel 4. Tabel 4 Herstructureringskosten van Areva
|
|
(295) |
De kosten voor de industriële herstructurering omvatten verschillende uitgavenposten die in de operationele en niet-operationele kasstromen worden omschreven. |
|
(296) |
In de eerste plaats werden de volgende kosten aangewezen in de operationele kasstromen:
|
|
(297) |
In de tweede plaats zijn de volgende kosten aangewezen in de niet-operationele kasstromen:
|
|
(298) |
De kosten voor de industriële herstructurering van de Areva-groep bedragen ongeveer [0-5 miljard] EUR. |
|
(299) |
Bij de financiële herstructurering wordt in het bijzonder rekening gehouden met de terug te betalen schulden waarmee het herstel van de levensvatbaarheid van de onderneming in moeilijkheden januari worden verzekerd. |
|
(300) |
De over de herstructureringsperiode terug te betalen schuld bedraagt 3,4 miljard EUR, waar [0-5 miljard] EUR aan schuldenkosten bovenop komt, ofwel een totaal van [0-5 miljard] EUR. |
|
(301) |
De Commissie constateert dat alle in tabel 4 vermelde kostenelementen wel degelijk verband houden met de lopende herstructurering. Aangezien de transacties die deze kosten veroorzaken, een inherent en essentieel onderdeel uitmaken van het herstructureringsprogramma, is het noodzakelijk dat de Areva-groep ze kan financieren om zijn levensvatbaarheid te herstellen. |
|
(302) |
De Commissie merkt echter op dat er, net zoals in het inleidingsbesluit, een verschil blijft bestaan tussen de totale kosten van de herstructurering ([8-9 miljard] EUR) en de som van de financieringsbronnen voor de herstructurering van de Areva-groep ([9-11 miljard] EUR). |
|
(303) |
De twijfel die gepaard gaat met die vaststelling, namelijk de vraag of er eventueel sprake was van een liquiditeitsoverschot, kan echter worden weggenomen aan de hand van de drie volgende argumenten. Ten eerste leggen de richtsnoeren geen mathematisch verband op tussen de kosten van de herstructurering en het gecumuleerde bedrag van de steun en de eigen middelen. Zo heeft de Commissie in het verleden aanvaard dat de som van de steun en de eigen bijdrage de kosten van de herstructurering overtreft, zonder dat dat betekent dat de steun niet tot het minimum werd beperkt (48). Ten tweede zou het klaarblijkelijke „liquiditeitsoverschot”, in het geval waarin het ongunstige scenario bij Nouvel Areva werkelijkheid zou worden en in de omstandigheden zoals bijvoorbeeld beschreven in de overwegingen 242 en 243 een herfinancieringsbehoefte ontstaat, noodzakelijk zijn voor de herstructurering van de Areva-groep en het herstel van zijn levensvatbaarheid. Ten derde hebben de Franse autoriteiten zich ertoe verbonden dat Areva SA geen andere economische functie krijgt dan de liquidatie van de passiva die hij zal behouden in het kader van het herstructureringsplan. De aan Areva SA toegekende middelen kunnen dus niet aan andere doelstellingen worden besteed dan de liquidatie van die passiva. Zodra de passiva te gelde zijn gemaakt, zal Areva SA worden vereffend. Elk liquiditeitsoverschot in het kader van een vereffening, die dan in bonis zou gebeuren, zal dan worden overgedragen aan de aandeelhouders van Areva SA, overeenkomstig het Franse handelsrecht betreffende liquidaties. Aan het eind van de in overweging 292 beschreven afkoop van de minderheidsaandeelhouders zal Areva SA alleen nog publieke aandeelhouders hebben. |
|
(304) |
Vervolgens stelt de Commissie vast dat een eigen bijdrage van [3-7 miljard] EUR wordt ingezet door de Areva-groep. In dit geval kan de Commissie een eigen bijdrage van minstens [4-4,5 miljard] EUR, die overeenstemt met 50 % van de herstructureringskosten, afdoende verklaren in de zin van punt 64 van de richtsnoeren. Aangezien het door de Franse autoriteiten meegedeelde bedrag hoger ligt, is volgens de Commissie aan dat criterium voldaan. |
|
(305) |
Ten slotte moet worden aangetoond i) dat het effect van deze eigen bijdrage vergelijkbaar is met dat van de toegekende steun — in dit geval, een positief effect op de solvabiliteit van de onderneming en niet alleen op haar liquiditeit — en ii) dat de bijdragen „reëel zijn, met andere woorden actueel” in de zin van punt 63 van de richtsnoeren. |
|
(306) |
De door de Franse autoriteiten voorgestelde eigen bijdrage is afkomstig van drie verschillende bronnen: verkoop van activa en dochterondernemingen, kapitaalverhogingen en interne financieringen (die in essentie bestaan uit een structurele verlaging van de minimumdrempel van de kasstroom van de Areva-groep). Die bronnen van de eigen bijdrage hebben als voornaamste effect dat de solvabiliteitspositie van de Areva-groep verbetert in overeenstemming met het vereiste van punt 62 van de richtsnoeren. |
|
(307) |
Rijst echter de vraag van hun reële en effectieve karakter. |
|
(308) |
De Commissie meent dat een afstoting van een actief of een dochteronderneming kan worden geboekt als een reële en actuele eigen bijdrage op voorwaarde dat deze al heeft plaatsgevonden in het kader van het herstructureringsplan of, als zij nog niet is afgerond, op voorwaarde dat er geen enkele ernstige belemmering bestaat voor de liquidatie ervan vóór het eind van de herstructureringsperiode. |
|
(309) |
Op grond van de in de overwegingen 127 tot en met 131 samengevatte informatie betreffende de afstotingen van Canberra, Areva TA, Elta en Adwen kan de Commissie aannemen dat die afstotingen voldoende zeker zijn en dus een integraal deel uitmaken van de eigen bijdrage van de Areva-groep tot zijn herstructurering. De som van die afstotingen bedraagt [0-2 miljard] EUR. |
|
(310) |
De afstoting van Nouvel Areva NP is tot vandaag echter nog onzeker. |
|
(311) |
Het lijkt weinig waarschijnlijk dat de afstoting in het gedrang wordt gebracht door mogelijke tegenstand van TVO, na de mislukking van de in overweging 20 vermelde onderhandelingen. Enerzijds worden de belangen van TVO volgens de Commissie in het herstructureringsplan correct beschermd, met name wat betreft het toekomstige vermogen van de Areva-groep om zijn verplichtingen na te komen. Anderzijds heeft TVO de Commissie niet meegedeeld of het eventueel de intentie heeft de afstoting van Nouvel Areva NP te blokkeren of te vertragen. |
|
(312) |
Zoals werd verduidelijkt in de overwegingen 31 en volgende is de afstoting van Nouvel Areva NP echter onderworpen aan een aantal opschortende voorwaarden, waarvan sommige een objectief risico vormen voor het sluiten van de transactie. |
|
(313) |
In het bijzonder is de afstoting afhankelijk van de conclusies van de ASN over de resultaten van het verantwoordingsprogramma inzake de problematiek van de koolstofuitscheiding van het vat van Flamanville 3, waarin de afwezigheid van afwijkingen moet worden bevestigd, wat de voortzetting van het project aanzienlijk duurder maakt of vertraagt. Deze conclusies worden verwacht aan het eind van het eerste semester van 2017. |
|
(314) |
De Franse autoriteiten hebben de Commissie ingelicht dat alle testen van het verantwoordingsprogramma werden uitgevoerd en dat geen enkele test, volgens de Areva-groep en EDF, afwijkingen heeft vastgesteld waardoor het vat niet meer geschikt zou zijn voor een goede werking. Daardoor verwachten de Areva-groep en EDF een gunstig resultaat van het verantwoordingsprogramma en hebben zij er vertrouwen in dat het vat binnen de vereiste termijn conform kan worden verklaard ten aanzien van de eisen van de ASN. |
|
(315) |
De Commissie neemt akte van de mening van de Areva-groep en EDF, maar meent dat de transactie niet voldoende zeker is, zolang de ASN, de onafhankelijke autoriteit die als enige beslist over de resultaten van de testen, haar conclusies over de resultaten van het verantwoordingsprogramma niet heeft bekendgemaakt. De Commissie stelt dat de Franse autoriteiten verplicht zijn de daadwerkelijke onafhankelijkheid van de ASN te verzekeren tegen ongewenste beïnvloeding van het regelgevingsproces, in overeenstemming met Richtlijn 2009/71/Euratom tot vaststelling van een communautair kader voor de nucleaire veiligheid van kerninstallaties, zoals gewijzigd bij Richtlijn 2014/87/Euratom. Bovendien […]. Het gaat immers een risico dat al bekend is, waarvan […]. De raming van dat risico is zeer delicaat, aangezien het feit of het werkelijkheid wordt, afhangt van de conclusies van een onafhankelijke autoriteit over een uitermate technisch onderwerp inzake de nucleaire veiligheid. Om die redenen moet de Commissie wachten tot dat risico is opgeheven, voordat zij de afstoting van Nouvel Areva NP als een bron van een reële en daadwerkelijke eigen bijdrage kan beschouwen. |
|
(316) |
Voorts hangt het sluiten van de transactie ook af van een positief besluit van de Commissie inzake het toezicht op concentraties (49). Die opschortende voorwaarde kan weliswaar gerechtvaardigd zijn maar maakt het lot van de transactie afhankelijk van het besluit van een onafhankelijke autoriteit, in dit geval met name de Commissie. Aangezien het marktonderzoek dat voorafgaat aan de analyse van de Commissie, op de datum van het onderhavige besluit niet heeft plaatsgevonden, kan de Commissie niet vooruitlopen op het resultaat van haar onderzoek inzake het toezicht op concentraties of het besluit dat zij ter zake zal nemen. |
|
(317) |
Als de Commissie zou besluiten de concentratie te verbieden, zou het beginsel zelf van de transactie in het gedrang komen en zou de Areva-groep de reële en actuele aard van de baten van de afstoting van de reactorenactiviteit niet kunnen rechtvaardigen. Die mogelijkheid kan in dit stadium niet helemaal worden uitgesloten. Als de analyse van de Commissie na het marktonderzoek echter geen verbod van de concentratie rechtvaardigt, zal de Commissie de transactie goedkeuren, in voorkomend geval met maatregelen om eventuele negatieve effecten op de mededinging te verhelpen (hierna de „corrigerende maatregelen” genoemd). Een besluit tot goedkeuring, zelfs als het gepaard gaat met corrigerende maatregelen, zou de onzekerheid wegnemen ten gevolge van het feit dat de transactie en het bedrag dat de Areva-groep ervoor mag verwachten, afhankelijk zijn van het besluit van de Commissie inzake de concentratie. Het bestaan van corrigerende maatregelen zou immers niet van die aard zijn dat het bedrag dat de Areva-groep zou ontvangen voor de afstoting van Nouvel Areva NP, hierdoor sterk wordt gewijzigd. In de hypothese waarin bijvoorbeeld een corrigerende maatregel van structurele aard noodzakelijk zou zijn, zou EDF de betrokken activa (die aan EDF of aan Nouvel Areva NP kunnen toebehoren) moeten afstoten, zonder dat de overname van Nouvel Areva NP of in beginsel de in het overnamecontract bepaalde prijs hierdoor in het gedrang wordt gebracht. De Commissie sluit de mogelijkheid van opwaartse (in de vorm van een prijstoeslag) of neerwaartse herzieningen (in geval van corrigerende maatregelen of uit hoofde van in het SPA aan EDF verleende garanties) niet uit, maar acht de centrale waarde van 2,5 miljard EUR die de partijen bij de transacties met behulp van hun adviseurs in aanmerking hebben genomen, een realistische raming van de marktprijs van de afstoting en bijgevolg van de uit deze afstoting voortvloeiende eigen bijdrage die de Areva-groep kan verkrijgen. |
|
(318) |
Zolang de twee opschortende voorwaarden — het verkrijgen van een positief advies van de ASN over de resultaten van het verantwoordingsprogramma van het vat van Flamanville 3 en de goedkeuring (niet-verbod) van de concentratie door de Commissie — niet worden gelicht, blijft volgens de Commissie over de transactie te grote onzekerheid bestaan om de eigen bijdrage ten gevolge van uit de afstoting van Nouvel Areva NP als reëel en actueel te beoordelen. De opbrengst van de afstoting kan niettemin worden geboekt als een reële en actuele eigen bijdrage zodra de twee voorwaarden zullen zijn opgeheven. |
|
(319) |
De Commissie meent dat een kapitaalverhoging waarop wordt ingeschreven door een derde investeerder, kan worden geboekt als een reële en actuele eigen bijdrage, op voorwaarde dat zij al heeft plaatsgevonden in het kader van het herstructureringsplan of, als zij nog niet is afgerond, op voorwaarde dat er geen enkele ernstige belemmering bestaat voor de verwezenlijking ervan voor het eind van de herstructureringsperiode. De Commissie past die redenering toe op de investeringen van MHI en JNFL in Nouvel Areva. |
|
(320) |
De Franse autoriteiten hebben de Commissie het aanbod van die twee investeerders meegedeeld: het ene is afkomstig van MHI, voor een participatie van 5 %, wat overeenstemt met een prijs van 250 miljoen EUR, en het andere is van JNFL, ook voor een participatie van 5 %, wat overeenstemt met een prijs van 250 miljoen EUR. Het betreft voor beide een onherroepelijk bod, aangezien […]. De Commissie meent dus dat zij een bron voor een reële en actuele bijdrage zullen vormen op de datum waarop de twee voorwaarden van de overwegingen 315 en 316 zullen zijn opgeheven. |
|
(321) |
Ten slotte hebben de Franse autoriteiten de Commissie, wat de door de Areva-groep gemobiliseerde eigen financiering betreft, inlichtingen meegedeeld betreffende een totaal bedrag van ongeveer [0-2 miljard] EUR. Dat bedrag is het resultaat van een verlaging van de minimumdrempel van de kasstroom van de Areva-groep, ten bedrage van [0-1 miljard] EUR, en van afstotingen van fiscale en commerciële vorderingen voor [0-1 miljard] EUR. De Franse autoriteiten hebben aangetoond dat de verlaging van de drempel van de kasstroom het resultaat was van een lang werk van optimalisering en afvlakking over het jaar van inkomende en uitgaande kasstromen, zodat deze van structurele aard is en in de toekomst niet opnieuw moet worden verhoogd. De Commissie stelt vast dat die maatregelen al met succes werden ingevoerd en dat zij dus reëel en actueel zijn. |
5.2.6.3.
|
(322) |
De som van de door de Franse autoriteiten voorgestelde eigen bijdragen bedraagt [3-7 miljard] EUR. Dat bedrag ligt hoger dan 50 % van het totale bedrag van de herstructureringskosten. |
|
(323) |
De bronnen van de eigen bijdrage hebben in het algemeen een effect vergelijkbaar met dat van de steun in die zin dat zij de solvabiliteit van de Areva-groep verbeteren, overeenkomstig punt 62 van de richtsnoeren. |
|
(324) |
Het toereikende reële en actuele karakter van de essentiële bron van eigen bijdrage van de Areva-groep, namelijk de opbrengst van de afstoting van Nouvel Areva NP, is daarentegen afhankelijk van de opheffing van de twee opschortende voorwaarden van de overwegingen 315 en 316, die verbonden zijn met soevereine beslissingen van onafhankelijke administratieve autoriteiten waarop de partijen bij de transactie of de Franse autoriteiten geen invloed kunnen uitoefenen, wat overigens volkomen gerechtvaardigd is aangezien het kwesties van nucleaire veiligheid betreft. Dat heeft ook tot gevolg dat de eigen bijdragen afkomstig van de inschrijvingen van MHI en JNFL op de kapitaalverhoging van Nouvel Areva ook reëel en actueel zullen zijn vanaf de opheffing van die voorwaarden. |
|
(325) |
In het licht van wat voorafgaat, concludeert de Commissie dat het vereiste inzake een toereikende reële en actuele eigen bijdrage overeenkomstig punt 63 van de richtsnoeren zal worden nageleefd op het moment dat de twee voorwaarden van de overwegingen 315 en 316 zullen worden opgeheven. |
5.2.7. Vermijden van ongewenste negatieve effecten op de mededinging en het handelsverkeer
|
(326) |
Krachtens punt 38, onder f), van de richtsnoeren moeten de negatieve effecten van de steun op de mededinging voldoende beperkt zijn, opdat het algemene evenwicht van de maatregel positief is. De Commissie moet dus onderzoeken of het beginsel van het eenmalige karakter van de steun wordt nageleefd en of maatregelen zijn genomen om verstoringen van de mededinging te beperken. |
5.2.7.1.
|
(327) |
Uit het onderzoek van de voorgaande besluiten van de Commissie op dit gebied en de informatie van de Franse autoriteiten blijkt dat de Areva-groep geen enkele reddingssteun, herstructureringssteun of andere tijdelijke herstructureringssteun heeft ontvangen in de voorbije tien jaar. Op grond daarvan concludeert de Commissie dat het beginsel van het eenmalige karakter van de steun wordt nageleefd. |
5.2.7.2.
|
(328) |
Wanneer herstructureringssteun wordt toegekend, moeten maatregelen worden genomen ter beperking van verstoringen van de mededinging, zodat de ongunstige effecten op de voorwaarden waaronder het handelsverkeer plaatsvindt, zo beperkt mogelijk blijven en de positieve effecten opwegen tegen de negatieve effecten. De maatregelen ter beperking van verstoringen van de mededinging zullen doorgaans de vorm aannemen van structurele maatregelen, hoewel de Commissie in bepaalde bijzondere gevallen gedragsmaatregelen of maatregelen inzake openstelling van markten kan aanvaarden ter vervanging van alle of een deel van de structurele maatregelen die normaal gezien vereist zouden zijn. |
|
(329) |
In geval van structurele maatregelen verduidelijken de richtsnoeren onder punt 78 dat zij „in het bijzonder dienen plaats te vinden op de markt of markten waar de onderneming na de herstructurering een aanzienlijke marktpositie zal hebben, met name op de markten waar er aanzienlijke capaciteitsoverschotten zijn”. |
|
(330) |
De maatregelen ter beperking van verstoringen van de mededinging mogen daarentegen de vooruitzichten op het herstel van de levensvatbaarheid van de begunstigde onderneming niet in gevaar brengen noch de mededinging, de consument of de structuur van de markt schaden. |
|
(331) |
De richtsnoeren bepalen, ten slotte, in punt 84 de gedragsmaatregelen die in alle gevallen moeten worden toegepast om te vermijden dat de effecten van de structurele maatregelen worden ondermijnd. |
|
(332) |
In de aanmelding van 29 april 2016 hadden de Franse autoriteiten het programma van afstotingen van de Areva-groep voorgesteld als een voldoende compenserende maatregel. In het inleidingsbesluit oordeelde de Commissie echter dat de meeste in het vooruitzicht gestelde afstotingen (50) niet konden worden beschouwd als voldoende compenserende maatregelen, omdat zij qua omvang niet vergelijkbaar waren met het effect van de steun op de onderneming (51) en geen verband hielden met de markten waarop Nouvel Areva actief zal zijn na de herstructurering. Het standpunt van de Commissie over dit punt is niet veranderd. |
|
(333) |
Dat standpunt betrof niet de afstoting van de reactorenactiviteit, waarvan de Commissie de omvang al had erkend in het inleidingsbesluit: door de afscheiding van Nouvel Areva NP verliest de geherstructureerde Areva-groep een aanzienlijk deel van zijn activiteiten, namelijk een derde van de activa en bijna de helft van de omzet van de Areva-groep vóór de herstructurering. |
|
(334) |
Niettemin stelde de Commissie zich vragen over de effecten op de mededinging van deze afstoting en over het toereikende karakter ervan om de verstoringen van de mededinging ten gevolge van de steun, te beperken. Op basis van de richtsnoeren moet het antwoord op deze vragen volgens de Commissie worden gezocht door de volgende drie punten te onderzoeken:
|
|
(335) |
Wat betreft de eerste vraag van overweging 334, stelt de Commissie vast dat de reactorenactiviteit in de voorbije jaren aan de oorsprong lag van aanzienlijke verliezen voor de Areva-groep, zoals beschreven in de overwegingen 17 en 21. Het gaat er dus om te bepalen of die verliezen van structurele aard zijn en de winstgevendheid van de Areva-groep blijven belasten indien de afgestoten entiteit in zijn schoot zou blijven. |
|
(336) |
In tegenstelling tot de moeilijkheden waarmee de activiteiten van de splijtstofcyclus te kampen hebben, zijn de moeilijkheden van de reactorenactiviteit niet in de eerste plaats het gevolg van de verslechterde conjunctuur na het Fukushima-ongeval. Deze verliezen houden voornamelijk verband met een beperkt aantal grote industriële projecten, hoofdzakelijk het OL3-project, waarvan de risico's grotendeels idiosyncratisch waren. De grote projecten waren immers de eerste modellen van een nieuwe technologie voor reactoren (de EPR-technologie). Het gebeurt vaak dat met de eerste modellen van een nieuwe technologie hogere verliezen worden geboekt en dat de volgende projecten voordeel halen uit die ervaringen. De voltooiing van het OL3-project, maar ook van Flamanville 3 en Taishan 1 en 2 is echter gepland tegen eind 2018. Daardoor zullen toekomstige projecten voor nieuwe reactoren (met name Hinkley Point C, maar mogelijk ook andere op langere termijn) voordeel kunnen halen uit de aanzienlijke feedback. De activiteiten inzake grote projecten van Nouvel Areva NP zullen dus minder risicovol zijn dan in het verleden. |
|
(337) |
Naast de activiteiten voor grote projecten zal Nouvel Areva NP zich toeleggen op andere activiteiten zoals de dienstverlening aan geïnstalleerde basissen (onderhoud) of de levering van splijtstofelementen. Die activiteiten zijn minder risicovol dan de activiteiten voor grote projecten en vormen een gezonde basis voor positieve kasstromen voor Nouvel Areva NP, met gemiddelde ebitda-marges van respectievelijk (52) [0-30] % en [0-30] %. |
|
(338) |
De aan EDF (Nouvel Areva NP) overgedragen entiteit zal alle activiteiten omvatten die vandaag in het bezit zijn van Areva NP, zonder de verplichtingen in het kader van enkele grote, zeer specifieke industriële projecten, die in het verleden (53) aanzienlijke verliezen hebben veroorzaakt. Rekening houdend met die afbakening is Nouvel Areva NP geen structureel verlieslatende onderneming. Enerzijds zijn de activiteiten inzake grote projecten minder risicovol nu de eerste modellen van OL3, Taishan 1 en 2 en Flamanville 3 zijn […], anderzijds heeft de onderneming een gezonde en solide industriële basis dankzij de dienstverlening aan geïnstalleerde basissen of de levering van splijtstofelementen. De tussen de Areva-groep en EDF overeengekomen overnameprijs van 2,5 miljard EUR is een duidelijke aanwijzing dat de entiteit Nouvel Areva NP reële winstgevende vooruitzichten biedt en niet structureel verliesgevend is. |
|
(339) |
In een tegenovergesteld scenario waarin de staatssteun sowieso een deel van de geleden verliezen zou wegvagen, maar waarin de Areva-groep geïntegreerd zou blijven op alle nucleaire markten, zou deze kunnen rekenen op ongeveer [0-2 miljard] EUR extra positieve kasstromen in de periode 2015-2023 (54) dankzij de bijdrage van Nouvel Areva NP. |
|
(340) |
In het licht van deze diverse elementen blijkt Nouvel Areva NP geen structureel verliesgevende activiteit te zijn waarvan de afstoting noodzakelijk is voor het herstel van de levensvatbaarheid van de Areva-groep op lange termijn. Het betreft daarentegen een toereikende compenserende maatregel. Dat geldt des te meer omdat het om een structurele aard gaat in overeenstemming met de voorschriften van punt 77 van de richtsnoeren. |
|
(341) |
Wat betreft de tweede vraag van overweging 334, is het probleem te achterhalen of de verticale integratie van de reactoren en de splijtstofcyclus een troef vormt in de huidige conjunctuur van de nucleaire markten. Volgens Urenco betreft het een troef waarvan de effecten beperkt zijn tot de verkoop van nieuwe reactoren, […]. Het bestaan van niet-geïntegreerde en toch performante actoren zou volgens Urenco suggereren dat het in elk geval niet gaat om een essentieel element voor het succes van een groep die actief is in de nucleaire sector. Volgens de Franse autoriteiten daarentegen gaat het om een ontwijfelbare troef die effecten heeft op alle markten van de cyclus van het nucleaire materiaal. |
|
(342) |
Om te beginnen merkt de Commissie op dat de huidige trend op de nucleaire markten eerder in de richting van de verticale integratie gaat, ook voor ondernemingen die historisch niet-geïntegreerd waren. Een van de belangrijkste concurrenten van de Areva-groep, de Russische onderneming Rosatom, is geïntegreerd over de hele waardeketen. De Koreaanse fabrikant van kernreactoren KHNP zorgt voor integratie van de front-end door een participatie in de mijnbouwonderneming Denison en plant een participatie in het Imouraren-project, net zoals Toshiba/Westinghouse participaties in de Kazachse mijnen hebben. CNNC beschikt vandaag enkel over capaciteiten inzake omzetting en verrijking en een participatie in de mijn van Langer Heinrich in Namibië die geëxploiteerd wordt door de mijnbouwonderneming Paladin; de onderneming streeft echter naar integratie op de markt voor splijtstofelementen om te profiteren van de synergieën die voortvloeien uit de integratie van die verschillende activiteiten. Om haar verkoop van natuurlijk uranium te bevorderen, streeft de Kazachse mijnbouwonderneming KAP, die door Urenco bij de niet-geïntegreerde spelers wordt gerangschikt, ernaar een fabriek voor splijtstofelementen te ontwikkelen, in samenwerking met een andere onderneming. |
|
(343) |
Deze algemene trend, die onmiskenbaar is maar eerder versterkt wordt in de conjunctuur na het Fukushima-ongeval, betreft zeer belangrijke spelers in de nucleaire sector. Het niet-geïntegreerde model van Urenco blijkt daarentegen eerder in de minderheid te zijn. Dat toont aan dat de integratie van de reactorenactiviteit (inclusief de fabricage van splijtstofelementen) en de activiteiten van de splijtstofcyclus bepaalde voordelen heeft. |
|
(344) |
Wat betreft de aard van die voordelen, blijkt volgens de Commissie duidelijk dat een geïntegreerde groep aanzienlijke voordelen haalt uit verkooppersoneel dat samen gedragen wordt door het segment van de splijtstofelementen, waar het de interface vormt met de elektriciteitsproducenten-klanten, en de front-end van de splijtstofcyclus, die meer gelijkt op een basisfaciliteit waarvan de leveranciers min of meer inwisselbaar zijn. In dat opzicht is het onthullend dat [5-10] klanten op tien van Areva NP (in de toekomst Nouvel Areva NP) ook klant zijn van Areva NC (in de toekomst Nouvel Areva). |
|
(345) |
De Franse autoriteiten gaven het voorbeeld van de elektriciteitsproducent […], die een oproep voor kandidaturen voor de fabricage van splijtstofelementen heeft gedaan. Formeel gezien sloeg de aanbesteding alleen op de fabricage van splijtstofelementen en dus op een activiteit die in de toekomst onder Nouvel Areva NP zal vallen. Niettemin heeft […] de indieners gevraagd hun aanbod te verbeteren door er een levering van verrijkte splijtstof aan toe te voegen, een activiteit die in de toekomst van Nouvel Areva zal afhangen. Dankzij zijn geïntegreerd verkooppersoneel heeft de Areva-groep in het verleden zijn aanbod inzake splijtstofelementen kunnen koppelen aan een aanbod inzake verrijkte splijtstof. |
|
(346) |
In de toekomst zal Nouvel Areva NP in dergelijke situaties een beroep kunnen doen op eender welke leverancier van verrijkte splijtstof, zonder enig automatisme of exclusiviteit voor Nouvel Areva, waarbij integendeel tot concurrentie tussen leveranciers van splijtstof wordt aangezet om de kwaliteit van het totale aanbod van Nouvel Areva NP in fine te verbeteren. Dat zal des te meer kansen opleveren voor de concurrenten van Nouvel Areva, met Urenco op de eerste plaats. |
|
(347) |
De voordelen van de integratie tussen de reactorenactiviteit en de splijtstofcyclus zijn ook voelbaar voor het aanbod van splijtstof dat geïntegreerd is met de verkoop van een nieuwe reactor. Urenco ontkent dit punt niet. In de praktijk levert de ontwerper en constructeur van een reactor (vandaag Areva NP binnen de Areva-groep) nagenoeg systematisch de splijtstofelementen voor de eerste kern van de reactor en de eerste herladingen, totdat de reactor zijn kruissnelheid heeft bereikt. De reactoren zijn immers onderworpen aan een performantiegarantie, die inherent is verbonden met de kwaliteit van de splijtstofelementen, ten minste in de fase van de opstart en intensiteitstoename van de reactor. Om de kwaliteit van de splijtstofelementen en dus de performantie van de reactor ten volle te kunnen beheersen, verstrekt de leverancier van de reactor aan de elektriciteitsproducent-klant splijtstofelementen die overeenkomen met de eerste kern van de reactor en de eerste herladingen. |
|
(348) |
Een elektriciteitsproducent-klant heeft van zijn kant liever één enkele gesprekspartner tot wie hij zich kan richten of van wie hij de aansprakelijkheid kan inroepen bij moeilijkheden tijdens de beslissende fase van de opstart en intensiteitstoename van de reactor. TVO heeft bijvoorbeeld beklemtoond […]. Zo geven de klanten voor hun voorzieningswijze de voorkeur aan de levering van splijtstofelementen voor de eerste kern van de reactor en de eerste herladingen, zoals blijkt uit […]. |
|
(349) |
Deze beweging naar een gecentraliseerde levering wordt vandaag versterkt, aangezien vele potentiële klanten voor eerste maal toegang krijgen tot de nucleaire technologie. Omdat zij niet over aanzienlijke gespecialiseerde teams beschikken, geven zij duidelijk de voorkeur aan een voorziening door slechts één leverancier die alleen kan voorzien in al hun behoeften inzake producten en diensten van de front-endcyclus en splijtstofelementen. De aldus gesloten contracten gaan dan ook vaak verder dan de eerste kern en de eerste herladingen en zijn vaak zelfs van langere duur dan bij de contracten voor reactoren die al in werking zijn. Dat heeft bijvoorbeeld […] gedaan. |
|
(350) |
Alle leveranciers van goederen en diensten van de front-endcyclus die aanleunen tegen een leverancier van splijtstofelementen en van reactoren, beschikken dus over een mededingingsvoordeel. De Areva-groep koppelt momenteel de verkoop van de eerste kern en de eerste herladingen aan de verkoop van reactoren, alsook van de volgende herladingen als de klant dat vraagt (doorgaans […]). Concreet komt de commercialisering van splijtstofelementen in het kader van projecten voor nieuwe reactoren de front-endactiviteiten van de Areva-groep (in de toekomst overgenomen door Nouvel Areva) ten goede op drie manieren:
|
|
(351) |
Tot vandaag waren deze verkopen belangrijk voor de activiteiten van de mijnbouw, de omzetting en de verrijking, die in de toekomst zullen worden overgenomen door Nouvel Areva. Voor een eerste EPR-kern zijn de behoeften als volgt: ongeveer [0-2 000] kUTS verrijking (wat [0-20] % van de jaarlijkse capaciteit van Nouvel Areva vertegenwoordigt), [0-2 000] tUF6 omzetting (wat [0-20] % van de jaarlijkse capaciteit van Nouvel Areva vertegenwoordigt) en [0-2 000] tU3O8 natuurlijk uranium (wat [0-20] % van de jaarlijkse capaciteit van Nouvel Areva in 2015 vertegenwoordigt). Een herlading vertegenwoordigt een derde van die hoeveelheden en in de meeste gevallen vinden om de 18 maanden herladingen van de splijtstofelementen plaats. Volgens de Areva-groep gebeurt het vaak dat de ontwerper en constructeur van een kernreactor onderhandelt over de levering van minstens […] boven op de eerste kern. |
|
(352) |
Voor elk van de splijtstofcontracten waarover werd onderhandeld in het kader van de projecten […], haalde de Areva-groep voordeel uit contracten voor grotere hoeveelheden en langere looptijden dan waarover hij contracten had kunnen sluiten als Areva NP niet de ontwerper en constructeur van de kernreactor was geweest. De vergelijking van de projecten […] (waarin Areva NP de constructeur van de centrale is) met het project van de reactor gebouwd door […] brengt in dat opzicht veel klaarheid. Zo kon de Areva-groep slechts een contract sluiten voor […] % van de behoefte aan splijtstof van de reactor gebouwd door […] en slechts voor een duur van […] jaar, terwijl hij contracten voor de levering van splijtstof heeft voor […]. In deze context kan de afstoting van de activiteiten van Nouvel Areva NP een aanzienlijke impact hebben op de activiteiten van Nouvel Areva. |
|
(353) |
Urenco minimaliseert de waarde van die synergieën […]. De Commissie erkent dat de meeste reactoren die momenteel worden gebouwd, zich in landen als Rusland of China bevinden, waar de markt grotendeels gesloten blijft voor westerse constructeurs van kerncentrales. De Commissie erkent eveneens dat met name na het Fukushima-ongeval projecten voor nieuwe reactoren zeldzaam zijn geworden. Toch maakt een zeker aantal projecten nog een goede kans om te worden gerealiseerd en blijkt Nouvel Areva NP daarvoor goed geplaatst. Dat is met name het geval voor de projecten die in het verlengde liggen van projecten die Areva NP in het verleden had binnengehaald: […]. Nouvel Areva zou ook een kans kunnen maken op de projecten van […]. Als Nouvel Areva NP de levering van verrijkt materiaal in zijn reactorenaanbod wenst te integreren, zal voortaan voor al die projecten een beroep kunnen worden gedaan op de leverancier van verrijkt materiaal van zijn keus, hetgeen een reële stimulans oplevert om de mededinging tussen de mogelijke leveranciers te laten spelen in een context van sterke druk op de prijzen in dit soort aanbestedingen. |
|
(354) |
Die perspectieven betreffen weliswaar meer de middellange en lange termijn. Toch zijn de industriële cycli op de nucleaire markten uiterst lang en acht de Commissie het dus gerechtvaardigd rekening te houden met het verlies van synergieën, waarvan de voornaamste effecten zich laten voelen op de middellange en lange termijn. |
|
(355) |
De Franse autoriteiten hebben ook op overtuigende wijze aangetoond dat er sterke synergieën bestonden tussen de reactorenactiviteit en de back-end van de splijtstofcyclus, en Nouvel Areva en Nouvel Areva NP zullen maar weinig stimulansen ondervinden om die synergieën in de toekomst opnieuw tot stand te brengen. |
|
(356) |
Op middellange en lange termijn hangt het vermogen van Nouvel Areva om zijn verkoop van diensten inzake behandeling en recycling in het buitenland te ontwikkelen af van de aanwezigheid op de markt van een park van lichtwaterreactoren die met MOX-splijtstofelementen kunnen werken, met andere woorden gemoxte reactoren. MOX-splijtstof is immers niet zomaar inwisselbaar tegen klassieke splijtstof: de reactor waarvoor de MOX is bestemd, moet vooraf zijn ontworpen of aangepast om met dit soort splijtstof te werken. In die zin is de MOX-activiteit van de Areva-groep rechtstreeks afhankelijk van het park van gemoxte reactoren wereldwijd. |
|
(357) |
Nouvel Areva NP […]. |
|
(358) |
[…] het is Nouvel Areva NP dat is belast met de commercialisering van die laatste. […]. |
|
(359) |
[…] de Franse autoriteiten hebben verklaard dat de toestand verschillend was zolang de Areva-groep geïntegreerd was, aangezien hij toen beschikte over de mogelijkheid om de marge te recupereren op de activiteiten inzake MOX-productie en op de activiteiten inzake ontwerp en bouw van reactoren en inzake commercialisering van splijtstofelementen. Hoewel Areva NP in de praktijk, net zoals Nouvel Areva NP morgen, belast was met de commercialisering van splijtstof, stond het onder toezicht van Areva SA […]. |
|
(360) |
[…], het zijn dus de groeiverwachtingen op lange termijn van de MOX-branche ([…]) die neerwaarts moeten worden herzien. De vervanging in een aanbesteding van een niet-gemoxte reactor door een project van een gemoxte reactor vermindert des te meer de interne behoefte van Nouvel Areva en verhoogt bijgevolg de vraag naar klassieke splijtstof, een terrein waarin Nouvel Areva moet concurreren met andere spelers zoals Urenco. |
|
(361) |
Meer algemeen zullen Nouvel Areva en Nouvel Areva NP een relatie tussen klant en leverancier aangaan voor een hele reeks diensten die tot nu toe intern waren, wat mogelijk negatieve gevolgen zou kunnen hebben voor zowel Nouvel Areva NP als Nouvel Areva. Die redenering geldt in het bijzonder voor de logistieke operaties, die moeilijker te optimaliseren zijn. De Franse autoriteiten gaven het volgende voorbeeld. Het natuurlijke uranium blijft eigendom van de elektriciteitsproducent die het heeft verkregen en het vervolgens toevertrouwt aan de leveranciers van zijn keuze voor, ten eerste, de omzetting en verrijking en, ten tweede, de fabricage van de splijtstofelementen. Het is de taak van de met de verrijking belaste onderneming of de aangeduide fabrikant om het verrijkte uranium te leveren. Om de beste logistieke optimalisering mogelijk te maken, met name voor de levering en het beheer van de voorraden (zowel inzake de hoeveelheden als het gehalte aan verrijkt uranium), kunnen met verrijking belaste ondernemingen en fabrikanten van splijtstofelementen contractueel alle mogelijke operationele optimaliseringen bepalen. Het behoren tot eenzelfde groep vergemakkelijkt de besprekingen en verhoogt de denkbare operationele optimaliseringen, gezien de afwezigheid van uiteenlopende belangen van de onderneming belast met de verrijking en de fabrikant van splijtstofelementen. Tot nu toe profiteerde de Areva-groep van dat voordeel bij zijn intragroepsleveringen. Areva NC daarentegen, bijvoorbeeld, ontving te hoge facturen […], die zij nooit daadwerkelijk heeft kunnen betwisten, aangezien zij weigerde de gedane kosten te bespreken. |
|
(362) |
In het licht van wat voorafgaat, concludeert de Commissie dat, als de geherstructureerde Areva-groep geïntegreerd was gebleven met de reactorenactiviteit, hij aanzienlijke voordelen zou hebben geput uit die integratie en met name zijn vermogen om geïntegreerde aanbiedingen voor te stellen tussen de activiteiten van Nouvel Areva NP en die van Nouvel Areva. |
|
(363) |
In overweging 189 van het inleidingsbesluit stelde de Commissie zich vragen over de gevolgen van het project voor een strategisch partnership tussen EDF en de Areva-groep, met name om de in het verleden geconstateerde commerciële synergieën contractueel opnieuw tot leven te wekken. Urenco heeft de Commissie meegedeeld dat zij hieromtrent ongerust was. |
|
(364) |
De Commissie geeft toe dat een contractueel partnership op basis van best efforts weinig kans maakt om opnieuw even sterke synergieën te creëren als die welke bestonden in een op kapitaalniveau geïntegreerde groep. Niettemin zou een partnership dat een vorm van bevoorrechte commerciële samenwerking zou inhouden, waarbij voor concurrenten van Nouvel Areva de mogelijkheid beperkt wordt om zich te met Nouvel Areva NP te associëren voor het formuleren van een geïntegreerd aanbod, de positieve effecten voor de mededinging ten gevolge van de afstoting van Nouvel Areva NP in het gedrang brengen. |
|
(365) |
In dat verband neemt de Commissie nota van de verbintenis van de Franse autoriteiten dat Nouvel Areva NP, onder controle van EDF, en Nouvel Areva, tijdens de herstructureringsperiode geen strategisch partnership of andere kaderovereenkomst sluiten die voorziet in een commerciële samenwerking met de bedoeling Nouvel Areva te bevoordelen in situaties waarin Nouvel Areva NP samen met een leverancier van nucleair materiaal een geïntegreerd aanbod zou willen aanbieden aan een klant. |
|
(366) |
Gelet op die verbintenis oordeelt de Commissie dat het Nouvel Areva NP vrij staat zijn klanten voor te stellen een beroep te doen op nucleair materiaal dat afkomstig is van een andere onderneming dan Nouvel Areva. Wanneer Nouvel Areva nieuwe bestellingen zal moeten binnenhalen, zal het niet kunnen rekenen op de structurele synergieën waarvan de Areva-groep in het verleden profiteerde. De twijfel van de Commissie over dit punt kan dus worden weggenomen. |
|
(367) |
Wat betreft de derde vraag van overweging 334, meent de Commissie dat een analyse van elke markt afzonderlijk moet worden gemaakt om ervoor te waken dat er in geen enkele van de markten waarin Nouvel Areva een machtspositie inneemt, een zodanige verstoring van de mededinging zou blijven bestaan dat de door de Franse autoriteiten voorgestelde compenserende maatregel ontoereikend zou blijken. |
|
(368) |
Alvorens nader in te gaan op elke markt, onderstreept de Commissie om te beginnen dat zij erop heeft toegezien dat de steun aan de Areva-groep niet van een dergelijke omvang is dat de geherstructureerde Areva-groep (in dit geval Nouvel Areva) in een abnormaal goede financiële toestand ten aanzien van zijn concurrenten terechtkomt. Zo werd de hoogte van de steun afgestemd op het herstel op lange termijn van de levensvatbaarheid van de onderneming, wat met name inhoudt dat die laatste opnieuw een „investment grade-notering” kan genieten. Nouvel Areva zal echter een aanzienlijke schuld behouden […].Nouvel Areva zou aan het eind van de herstructurering een financiële notering moeten genieten […] en niet beter is dan de notering van concurrenten als Urenco (55). Bijgevolg zal Nouvel Areva niet over een kennelijk grotere financiële flexibiliteit beschikken dan zijn concurrenten aan het eind van de herstructurering. |
|
(369) |
Op de markt van de mijnbouw zijn er wereldwijd vier grote spelers. De belangrijkste onderneming is KAP, die [0-50] % van de markt in handen heeft. Daarna volgt Cameco, die [0-50] % van de mondiale productie controleert. Ten slotte zijn er de Areva-groep en Rosatom via zijn dochteronderneming AtomEnergoProm, die respectievelijk [0-30] % en [0-30] % van de wereldwijde productie (56) in handen hebben. KAP en Cameco hebben hun productie in de voorbije jaren regelmatig opgetrokken en zullen hun productie in de komende jaren naar verwachting op hetzelfde peil houden of zelfs nog blijven verhogen. |
|
(370) |
Op de markt van de mijnbouw zou het verkrijgen van extra concessies door Nouvel Areva (bijvoorbeeld in de vorm van desinvesteringen) het risico inhouden dat spelers die al belangrijke posities op deze geconcentreerde markt innemen, worden bevoordeeld, met een risico zowel voor de structuur van de markt als voor de veiligstelling van de uraniumvoorziening van de Unie. |
|
(371) |
Bovendien draagt de mijnbouwactiviteit […] bij tot het herstel van de levensvatbaarheid van de Areva-groep, aangezien deze […] van de ebitda van Nouvel Areva vertegenwoordigt tegen 2020. Een verzwakking van deze activiteit zou het herstel van de levensvatbaarheid van de Areva-groep bedreigen zonder kennelijk voordeel voor de mededinging. |
|
(372) |
In het licht van deze elementen oordeelt de Commissie dat compenserende maatregelen, naast de afstoting van Nouvel Areva NP en de door Frankrijk aangegane verbintenissen, niet gerechtvaardigd zijn in het mijnbouwsegment. |
|
(373) |
In de sector van de omzetting bestaan er vier belangrijke spelers: Rosatom/TVEL (die [0-50] % van de markt in handen heeft), Cameco (dat [0-50] % van de markt in handen heeft), Conver Dyn (die [0-50] % van de markt in handen heeft) en de Areva-groep (die [0-50] % van de markt in handen heeft) (57). De Chinese groep CNNC is ook aanwezig, maar bedient op dit moment alleen de Chinese markt. De Areva-groep is de enige Europese onderneming die actief is in de omzetting sinds de stopzetting van de SFL-fabriek in het Verenigd Koninkrijk. |
|
(374) |
De omzettingsactiviteit maakt onderdeel uit van de activiteiten […]. Elke aanvullende maatregel die zou bijdragen tot de verzwakking van Nouvel Areva wat betreft deze activiteit, zou de nu al oligopolide structuur van de markt kunnen versterken en de levensvatbaarheid van deze essentiële schakel van de splijtstofcyclus in het gedrang brengen, waarin Nouvel Areva de enige Europese speler zal zijn. |
|
(375) |
Bijgevolg oordeelt de Commissie dat compenserende maatregelen boven op de afstoting van Nouvel Areva NP en de door Frankrijk aangegane verbintenissen niet gerechtvaardigd zijn in het omzettingssegment. |
|
(376) |
Op de verrijkingsmarkt bezat de Areva-groep ongeveer [0-30] % van de wereldwijde marktaandelen in 2014, terwijl zijn twee voornaamste concurrenten, Rosatom/Tenex en Urenco er elk meer dan [0-50] % van in handen hadden (58). |
|
(377) |
Urenco deelde de Commissie haar vrees mee omtrent de verstoringen van de mededinging die door de herstructureringssteun op de verrijkingsmarkt veroorzaakt worden. Samengevat had deze vrees betrekking op i) de vermeende financiële flexibiliteit van Nouvel Areva in vergelijking met zijn concurrenten die geen steun ontvangen; ii) het risico dat EDF, een essentiële klant voor Urenco, Nouvel Areva bevoordeelt voor zijn behoeften inzake verrijkt uranium; iii) de toenemende overcapaciteit op de Europese verrijkingsmarkt, met name als Nouvel Areva zou beslissen de capaciteit van zijn fabriek Georges Besse II te verhogen of zich zou ontplooien in de handel van SWU's, en iv) het behoud of zelfs de versterking van de activiteit inzake MOX-splijtstof, die concurreert met de klassieke splijtstof van Urenco, terwijl zij volgens haar minder competitief is. |
|
(378) |
De Commissie heeft in overweging 368 al aangetoond dat Nouvel Areva zich aan het eind van de herstructurering niet in een betere financiële toestand zal bevinden dan Urenco. Die vrees blijkt dus ongegrond te zijn. De Franse autoriteiten hebben overigens aangegeven dat de verrijkingsactiviteit van de Areva-groep, ondergebracht in de juridische entiteit SET, al in 2016 positieve nettokasstromen vertoont en dat deze trend zich moet bevestigen in de periode 2017-2030. In dat opzicht zal SET meer bijdragen tot het herstel van de levensvatbaarheid van de rest van de Areva-groep door de geplande uitkering van dividenden dan dat zij zelf steun zal genieten. |
|
(379) |
De Commissie ziet ook geen risico dat EDF Nouvel Areva begunstigt ten nadele van Urenco voor zijn voorziening in verrijkt materiaal. Ten eerste zal er geen kapitaalband bestaan tussen Nouvel Areva NP, onder controle van EDF, en Nouvel Areva, die zou rechtvaardigen dat EDF laatstgenoemde bevoordeelt tegenover zijn concurrenten. De Commissie merkt in dat opzicht op dat EDF de Areva-groep in het verleden niet lijkt te hebben begunstigd, aangezien Urenco vandaag instaat voor een aanzienlijk deel van de behoeften van EDF inzake verrijkt uranium. Ten tweede en wederzijds neemt de afwezigheid van een kapitaalband elke stimulans weg bij Nouvel Areva om aan Nouvel Areva NP interessantere voorwaarden te bieden dan aan een andere klant, omdat het de voordelen die het als leverancier zou bieden, niet meer gedeeltelijk zal kunnen recupereren als aandeelhouder. |
|
(380) |
Wat betreft de toenemende overcapaciteit op de Europese verrijkingsmarkt, stelt de Commissie vast dat de Franse autoriteiten zich ertoe hebben verbonden dat de Areva-groep tijdens de herstructureringsperiode de capaciteit van de fabriek Georges Besse II niet verhoogt, met uitzondering van de overname en installatie van de in de bestaande akkoorden vermelde centrifuges […]. De Commissie oordeelt dus dat de aan de Areva-groep toegekende herstructureringssteun niet zal dienen om de toename van de overcapaciteit op de Europese verrijkingsmarkt te financieren. Wat de handel betreft, wordt niet gezorgd voor een toename van de productiecapaciteit, maar gaat het om de optimalisering van de capaciteiten die al op de markt aanwezig zijn. Bovendien heeft de Areva-groep deze activiteit in het voorbije decennium niet ontwikkeld […]. |
|
(381) |
Wat betreft MOX, heeft de Commissie in de overwegingen 356 tot en met 360 aangetoond dat de afstoting van Nouvel Areva NP zou zorgen voor negatieve effecten op de langetermijnontwikkeling van deze sector, waardoor de omvang van de markt, toegankelijk voor producenten van klassieke splijtstof, des te groter wordt. Een aanvullende maatregel in dit deel van de markt is dus niet gerechtvaardigd. |
|
(382) |
In het algemeen brengt het verlies van synergieën ten gevolge van de afstoting van Nouvel Areva NP volgens de Commissie opportuniteiten mee voor de concurrenten van Nouvel Areva in het verrijkingssegment, met name in de in de overwegingen 353 en 360 beschreven concrete situaties. |
|
(383) |
In het licht van deze elementen oordeelt de Commissie dat compenserende maatregelen bovenop de afstoting van Nouvel Areva NP en de door Frankrijk aangegane verbintenissen niet gerechtvaardigd zijn in het verrijkingssegment. |
|
(384) |
Wat betreft de back-end van de splijtstofcyclus (behandeling van afval en fabricage van MOX), heeft de Areva-groep een marktaandeel van ongeveer [50-100] % (59) op de behandelingsmarkt en is hij vandaag de enige speler die alle stadia inzake behandeling en recycling van gebruikte splijtstof en de productie van MOX beheerst. De herstructureringssteun creëert geen kennelijke verstoring van de mededinging aangezien de Areva-groep wereldwijd de enige speler is in dit segment. De Commissie geeft toe dat MOX-splijtstof een concurrent is voor klassieke splijtstof en dat Nouvel Areva voor de levering daarvan zal moeten afrekenen met concurrenten. Toch blijkt het om de in de overwegingen 356 tot en met 360 beschreven redenen niet gerechtvaardigd om een aanvullende maatregel te treffen op deze markt. |
|
(385) |
De logistiek en de ontmanteling, ten slotte, zijn markten van relatief beperkt belang voor de Areva-groep, die daar geen bijzonder aanzienlijke positie zal innemen aan het eind van de herstructurering. Wat betreft de logistiek, bijvoorbeeld, beschikte de Areva-groep over ongeveer [0-50] % van het marktaandeel wat betreft de hoeveelheid in 2013 voor de productie van verpakkingen voor de droge opslag en het vervoer van gebruikte splijtstof („casks”). De Duitse onderneming GNS heeft [50-100] % van deze markt in handen. Op de ontmantelingsmarkt bezit Nouvel Areva een marktaandeel van [0-20] % en zal het concurreren met een hele reeks andere spelers (Onet, Vinci, Bouygues, Westinghouse, Amec, Nukem, Iberdrola enz.). Geen enkele duidelijk aanwijsbare verstoring van de mededinging op deze markten zonder overcapaciteit werd in het onderzoek onder de aandacht van de Commissie gebracht. Specifieke aanvullende maatregelen voor deze markten blijken dus niet gerechtvaardigd te zijn. |
|
(386) |
In het licht van wat voorafgaat, concludeert de Commissie dat gezien de afstoting door de Areva-groep van Nouvel Areva NP en de door Frankrijk aangegane verbintenissen, er op de markten waarop de Areva-groep na de herstructurering een aanzienlijke positie zal innemen, geen verstoring van de mededinging bestaat die een aanvullende maatregel zou rechtvaardigen. |
|
(387) |
Tot slot van de analyse van de maatregelen ter beperking van concurrentieverstoringen ten gevolge van de steun neemt de Commissie akte van de verbintenissen die de Franse autoriteiten zijn aangegaan voor de naleving van punt 84, onder a) en b), van de richtsnoeren. |
|
(388) |
In dat opzicht moeten de begunstigden van een herstructureringssteun zich volgens punt 84, onder a), van de richtsnoeren onthouden van de overname van participaties in andere ondernemingen gedurende de herstructureringsperiode, behalve als dat noodzakelijk blijkt om de levensvatbaarheid van de begunstigde onderneming op lange termijn te garanderen. Deze verplichting beoogt de overname van participaties waarmee de begunstigde onderneming haar aanwezigheid op haar markten of andere markten zou kunnen uitbreiden door middel van externe groei, en niet de rationalisering en het gebruik van bestaande productiemiddelen, door middel van interne groei. De Commissie oordeelt in dit geval dat het volgende niet wordt beschouwd als een overname van participaties: de oprichting van gemeenschappelijke productieondernemingen die als enige doel hebben de rationalisering van de productie door bestaande activa en niet de gemeenschappelijke overname en exploitatie van nieuwe activa, op voorwaarde dat elke aandeelhouder van de gemeenschappelijke onderneming geen trekkingsrechten heeft die hoger liggen dan zijn eigen bijdrage. |
|
(389) |
Op dezelfde manier worden voor de toepassing van punt 84, onder a), van de richtsnoeren overnames van participaties van ondernemingen met het oog op de ontmanteling van de activa die erin vervat zouden kunnen zijn, niet beschouwd als een overname van een participatie. Op de ontmantelingsmarkt […] vraagt de eigenaar van een onderneming die te ontmantelen activa omvat, bijvoorbeeld een oude kerncentrale, aan dienstverleners die de ontmanteling op zich willen nemen om een consortium te vormen met als functie de onderneming en de provisies voor de ontmanteling die zij bezit, over te nemen en de activa te ontmantelen door een beroep te doen op die provisies. Deze situatie vormt voor de ondernemingen van het overnameconsortium en in het bijzonder voor de Areva-groep een bijzondere voorwaarde om de diensten die hij al verleent, te blijven verlenen, en geen overname van participaties waardoor de Areva-groep zijn aanwezigheid door middel van externe groei zou kunnen versterken. |
|
(390) |
Gelet op wat voorafgaat, hebben de Franse autoriteiten zich ertoe verbonden dat de Areva-groep (Areva SA en Nouvel Areva) en de ondernemingen onder zijn controle zich er tijdens de hele herstructureringsperiode van onthouden om direct of indirect participaties over te nemen in ondernemingen die nog niet onder zijn controle staan, met uitzondering van de volgende projecten:
|
|
(391) |
De Commissie meent dat deze projecten onontbeerlijk zijn voor het herstel van de levensvatbaarheid van de Areva-groep om de volgende redenen. |
|
(392) |
Allereerst constateert de Commissie dat deze projecten voor een bedrag van […] EUR bijdragen tot het herstel van de levensvatbaarheid op lange termijn (2017-2025) van de Areva-groep. Aangezien dat cijfer dicht bij de jaarlijkse ebitda in deze periode ligt, meent de Commissie dat deze projecten essentieel zijn voor de realisatie van het herstructureringsplan. |
|
(393) |
Voorts betreft een deel van deze projecten […] de mijnbouwactiviteiten van de Areva-groep. In dat opzicht zal de Areva-groep het hoofd moeten bieden aan de sluiting van een aantal belangrijke mijnen, met name in […]. De mijnbouwactiviteit draagt […] echter bij tot de levensvatbaarheid op lange termijn van Nouvel Areva, zoals al werd aangegeven in overweging 371. Gelet op de zeer lange duur van de economische cycli op dit gebied is het voor elke onderneming die hierin actief wenst te blijven op lange termijn, onontbeerlijk om voortdurend mijnbouwprojecten in verschillende ontwikkelingsstadia in de portefeuille te hebben. De in de punten a) tot en met d) van overweging 390 bedoelde mijnbouwprojecten van de Areva-groep beogen hoofdzakelijk de vervanging van de capaciteit die verloren zal gaan […]. |
|
(394) |
Daarnaast is de ontwikkeling van de activiteiten van de Areva-groep […], die een ambitieuze strategie ter ontwikkeling van kernenergie voert, ook onontbeerlijk voor het herstel van zijn levensvatbaarheid. […]. De betrokken projecten nemen de vorm aan van gemeenschappelijke ondernemingen met de onderneming […]. Na analyse van de in de punten a), d), e), g), h), j) en q) van overweging 390 bedoelde projecten […] meent de Commissie dat deze essentieel zijn voor de ontwikkelingsstrategie van de Areva-groep […], die zelf onontbeerlijk is voor de levensvatbaarheid op lange termijn van de onderneming. |
|
(395) |
Een soortgelijke logica is van toepassing op de ontwikkelingsprojecten van de Areva-groep […]. […]. Deze projecten […] worden beoogd in punten o) en p) van overweging 390. |
|
(396) |
Een andere groep projecten […] betreft […] die dynamische markten zijn waarop de Areva-groep aanwezig moet blijven om het slagen van zijn herstructureringsplan te verzekeren. Deze projecten worden beoogd in de punten i) tot en met n) van overweging 390. |
|
(397) |
Het project, ten slotte, beoogd in punt f) van overweging 390 inzake […]. |
|
(398) |
De Commissie kan elke andere participatie goedkeuren die onontbeerlijk zou blijken om de levensvatbaarheid van de Areva-groep op lange termijn te garanderen en die geen omzeiling zou vormen van de verplichting om de aanwezigheid van de Areva-groep te beperken tot de bestaande markten. De intentie om over te gaan tot een dergelijke overname en de elementen op grond waarvan de Commissie kan nagaan of aan deze voorwaarden wordt voldaan en zij, in voorkomend geval, kan beslissen om de overname goed te keuren of zich er niet tegen te verzetten, moeten binnen een redelijke termijn bij de Commissie worden aangemeld, in het kader van het toezicht op het herstructureringsplan. |
|
(399) |
Ten tweede hebben de Franse autoriteiten in overeenstemming met punt 84, onder b), van de richtsnoeren zich ertoe verbonden dat de Areva-groep (Areva SA en Nouvel Areva) zich ervan zal onthouden de ontvangen steun voor te stellen als een mededingingsvoordeel bij de commercialisering van zijn goederen en diensten. |
5.2.8. Transparantie van de steun
|
(400) |
Krachtens punt 38, onder g), van de richtsnoeren moeten de lidstaten, de Commissie, de marktdeelnemers en het publiek gemakkelijk toegang hebben tot alle desbetreffende besluiten en relevante informatie over de toegekende steun. Dat betekent dat de in punt 96 van de richtsnoeren vermelde bepalingen inzake transparantie moeten worden nageleefd. |
|
(401) |
De Commissie constateert dat de Franse autoriteiten hebben verzekerd dat de in punt 96 van de richtsnoeren bedoelde transparantiecriteria zullen worden nageleefd. In het bijzonder verbinden de Franse autoriteiten zich ertoe de in de mededeling (60) inzake transparantie voorgeschreven informatie bekend te maken bij het publiek. Deze zal beschikbaar zijn op de website https://www.legifrance.gouv.fr of op de website http://www.economie.gouv.fr/agence-participations-etat. |
6. VERBINTENISSEN AANGEGAAN DOOR FRANKRIJK
|
(402) |
De Commissie herinnert aan de verbintenissen die Frankrijk in het kader van deze procedure is aangegaan. |
|
(403) |
De Franse autoriteiten hebben zich verbonden tot het volgende:
|
7. CONCLUSIES
|
(404) |
De inschrijving van de Franse staat op de kapitaalverhogingen van Areva SA en Nouvel Areva vormt een herstructureringssteun van de Staat ten bedrage van 4,5 miljard EUR. |
|
(405) |
Deze steun is in overeenstemming met de criteria van de richtsnoeren en dus verenigbaar met de interne markt, wanneer kan worden vastgesteld dat er sprake is van een reële en daadwerkelijke eigen bijdrage die minstens gelijk is aan de helft van de herstructureringskosten, met andere woorden wanneer de in overweging 318 vastgestelde en in artikel 2 van dit besluit vermelde opschortende voorwaarden zijn opgeheven. |
|
(406) |
Hieruit volgt dat de staatssteun niet ten uitvoer kan worden gelegd voordat aan deze twee voorwaarden is voldaan, |
HEEFT HET VOLGENDE BESLUIT VASTGESTELD:
Artikel 1
De staatssteun die Frankrijk voornemens is ten uitvoer te leggen ten gunste van de Areva-groep voor een bedrag van 4,5 miljard EUR, is verenigbaar met de interne markt in overeenstemming met artikel 107, lid 3, van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie, onder de in artikel 2 van dit besluit bepaalde voorwaarden.
Artikel 2
De tenuitvoerlegging van de in artikel 1 van dit besluit bedoelde steun is afhankelijk van het verkrijgen van:
|
a) |
de conclusie van de ASN over de resultaten van het verantwoordingsprogramma betreffende de in de onderdelen van het vat van de EPR-reactor van het project Flamanville 3 vastgestelde problemen van koolstofuitscheiding, namelijk dat deze uitscheiding de geschiktheid voor de dienst van de onderdelen van het vat niet in het gedrang brengt, dan wel een besluit van EDF, dat aan de Areva-groep ter kennis wordt gebracht met het oog op de afstoting van Nouvel Areva NP, om de opschortende clausule betreffende de EPR-reactor van het project Flamanville 3 wat de in de onderdelen van het vat van deze reactor vastgestelde koolstofuitscheiding betreft op te heffen; |
|
b) |
de goedkeuring door de Commissie van de concentratie tussen EDF en Nouvel Areva NP. |
Artikel 3
1. Het door Frankrijk meegedeelde herstructureringsplan van de Areva-groep wordt volledig uitgevoerd.
2. Frankrijk overhandigt de Commissie semestriële verslagen over de behoorlijke uitvoering van het herstructureringsplan, de positie van de Areva-groep op de markten waar hij actief is en de naleving van de in het kader van dit besluit door Frankrijk aangegane verbintenissen. Deze verslagen worden gedurende de hele herstructureringsperiode verstrekt, vanaf de kennisgeving van dit besluit. Het eerste verslag moet de Commissie bereiken binnen een termijn van zes maanden vanaf de kennisgeving van dit besluit.
3. Frankrijk licht de Commissie in zodra zich een van de in artikel 2, onder a), van dit besluit bedoelde twee gebeurtenissen voordoet.
Artikel 4
Dit besluit is gericht tot de Franse Republiek.
Gedaan te Brussel, 10 januari 2017.
Voor de Commissie
Margrethe VESTAGER
Lid van de Commissie
(1) PB C 301 van 19.8.2016, blz. 2.
(2) Zie voetnoot 1.
(3) Deze entiteit wordt beschreven in overweging 33 van dit besluit.
(4) De gebruikte splijtstof van een kernreactor bevat 94 tot 95 % (verarmd) uranium en 1 % plutonium, allebei recycleerbaar tot „nieuwe” brandstof voor kerncentrales als MOX („Mixed Oxyde Fuel”).
(5) In het besluit dat volgt, omvat de term „reactorenactiviteit” ook de samenstelling van de splijtstof, behalve indien anders aangegeven.
(6) Aangezien zij op korte termijn zullen worden afgestoten, zijn de activiteiten van Areva NP, Areva TA en Canberra niet geconsolideerd in de omzet van de Areva-groep in 2015.
(7) Raming uitgevoerd aan het eind van het jaar 2015.
(*1) Vertrouwelijke informatie.
(8) „Provisional Take Over Date” genoemd in het akkoord. Het betreft de datum waarop de centrale wordt opgeleverd en in werking gesteld door de klant, aangezien de in het contract bepaalde voorwaarden inzake beschikbaarheid en prestaties zijn vervuld.
(9) Bij een „afsplitsing” worden van een af te stoten onderneming activa of activiteiten die niet onder de afstoting vallen, afgescheiden. Zij krijgen, in voorkomend geval, een juridische en operationele autonomie die zij tot dan niet hadden. […].
(10) De Areva-groep is bijvoorbeeld overgegaan tot de modernisering van zijn omzettings- en verrijkingsfabrieken, Comurhex II en Georges Besse II.
(11) Dit cijfer komt overeen met de brutoschuld van de Areva-groep, d.w.z. zonder rekening te houden met de op korte termijn beschikbare geldmiddelen.
(12) […].
(13) Zie persberichten van EDF en de Areva-groep van 13 april 2016: www.edf.fr/groupe-edf/espaces-dedies/medias/tous-les-communiques-de-presse/epr-de-flamanville-etat-d-avancement-du-programme-d-essais-de-la-cuve en www.areva.com/FR/actualites-10753/epr-de-flamanville-etat-d-avancement-du-programme-d-essais-de-la-cuve.html
(14) Volgens de berekeningen van de Areva-groep en de Franse autoriteiten zal Nouvel Areva tegen het eind van 2019 beschikken over een S&P-ratio nettoschuld/bruto-exploitatieoverschot gelijk aan […] en een S&P-ratio operationele kasstroom/nettoschuld van […].
(15) De kosten en de geschiktheid van het steunbedrag voor de dekking ervan worden in detail geanalyseerd in deel 5.2.3.2 van dit besluit.
(16) PB C 249 van 31.7.2014, blz. 1.
(17) […].
(18) Zie bijvoorbeeld Besluit (EU) 2016/2068 van de Commissie van 29 juli 2013 betreffende steunmaatregel SA.35611 (13/C) die Frankrijk voornemens is ten uitvoer te leggen, ten gunste van PSA-groep Peugeot Citroën SA (PB L 325 van 30.11.2016, blz. 1).
(19) Besluit (EU) 2015/119 van de Commissie van 29 juli 2014 betreffende steunmaatregel SA.36874 (2013/C) (ex 2013/N) die Polen voornemens is ten uitvoer te leggen ten gunste van LOT Polish Airlines S.A. en betreffende steunmaatregel SA.36752 (2014/NN) (ex 2013/CP) door Polen ten uitvoer gelegd ten gunste van LOT Polish Airlines S.A, overweging 269 (PB L 25 van 30.1.2015, blz. 1); Besluit 2012/397/EU van de Commissie van 24 oktober 2011 betreffende Steunmaatregel SA.32600 (2011/C) — Frankrijk — Door de SNCF aan SeaFrance toegekende herstructureringssteun, overweging 155 (PB L 195 van 21.7.2012, blz. 1).
(20) Richtsnoeren, punt 87 (onderstrepingen toegevoegd door de Franse autoriteiten).
(21) Beschikking 2009/174/EG van de Commissie van 21 oktober 2008 betreffende steunmaatregel C 35/04 ten uitvoer gelegd door Hongarije ten gunste van Postabank en Takarékpénztár Rt./Erste Bank Hungary Nyrt, overweging 57 (PB L 62 van 6.3.2009, blz. 14); Beschikking 2008/214/EG van de Commissie van 18 juli 2007 betreffende steunmaatregel C 27/2004 door de Tsjechische Republiek ten uitvoer gelegd ten gunste van GE Capital Bank a.s. en GE Capital International Holdings Corporation, USA, overweging 86 (PB L 67 van 11.3.2008, blz. 3).
(22) Besluit 2014/189/EU van de Commissie van 28 december 2012 betreffende de steunmaatregelen SA.33760 (12/N-2, 11/C, 11/N), SA.33763 (12/N-2, 11/C, 11/N), SA.33764 (12/N-2, 11/C, 11/N), SA.30521 (MC 2/10), SA.26653 (C9/09), SA.34925 (12/N-2, 12/C, 12/N), SA.34927 (12/N-2, 12/C, 12/N), en SA.34928 (12/N-2, 12/C, 12/N) door het Koninkrijk België, de Franse Republiek en het Groothertogdom Luxemburg ten uitvoer gelegd ten faveure van Dexia, DBB/Belfius en DMA, overweging 213 (PB L 110 van 12.4.2014, blz. 1).
(23) Zie met name het besluit van de Commissie van 19 september 2006 in de zaak nr. M.4153, Toshiba/Westinghouse, punten 37 tot en met 50.
(24) Arrest van het Hof van 5 juni 2012, Commissie/EDF, C-124/10 P, ECLI:EU:C:2012:318, punten 84 en 104.
(25) „Earnings before interest, taxes, depreciation and amortisation”, dit zijn de bedrijfsresultaten vóór rente, belastingen, afschrijvingen en amortisatie.
(26) Besluit (EU) 2016/154 van de Commissie van 22 juli 2015 betreffende steunmaatregel SA.13869 (C 68/2002) (ex NN 80/2002) — Herclassificatie van de belastingvrije boekhoudkundige voorzieningen voor de vervanging van het hoogspanningsnet als kapitaal die door Frankrijk ten uitvoer is gelegd ten gunste van EDF, overwegingen 182 tot en met 189 (PB L 34 van 10.2.2016, blz. 152). Zie ook het arrest van het Gerecht van 3 juli 2014, Koninkrijk Spanje, Ciudad de la Luz, SAU en Sociedad Proyectos Temáticos de la Comunidad Valenciana, SAU/Commissie, T-319/12, ECLI:EU:T:2014:604, punten 48 tot en met 66.
(27) Zie met name de artikelen 1, 2 en 52 van het Euratom-Verdrag.
(28) Zie Beschikking 2005/407/EG van de Commissie van 22 september 2004 betreffende de steunmaatregel die het Verenigd Koninkrijk voornemens is ten uitvoer te leggen ten gunste van British Energy plc (PB L 142 van 6.6.2005, blz. 26), en Besluit (EU) 2015/658 van de Commissie van 8 oktober 2014 betreffende steunmaatregel SA.34947 (2013/C) (ex 2013/N) die het Verenigd Koninkrijk voornemens is ten uitvoer te leggen ten behoeve van de kerncentrale Hinkley Point C (PB L 109 van 28.4.2015, blz. 44).
(29) Deze marktaandelen zijn door de Areva-groep geraamd.
(30) Zie bijvoorbeeld de prognoses van adviesbureau UxC, opgenomen in de aanmelding.
(31) Zie overweging 147.
(32) 2,5 miljard EUR voor 100 % van het kapitaal van Nouvel Areva NP en 60 miljoen EUR voor de afstoting van Adwen.
(33) Het SPA ondertekend door EDF en de Areva-groep bepaalt dat de prijs van 2,5 miljard EUR kan worden verhoogd als Nouvel Areva NP bepaalde doelstellingen haalt, zoals een beperking van de behoefte aan werkkapitaal op de datum van realisatie of een vooraf bepaalde doelstelling inzake ebitda in 2019. De Franse autoriteiten verwachten dat de toestand van Nouvel Areva NP op de datum van de transactie en nadien in 2019 zal leiden tot de activering van die aanpassingsclausules en tot de storting van een prijstoeslag van in totaal [200-700 miljoen] EUR.
(34) Die redenering steunt op de hypothese dat de afstoting van Nouvel Areva NP aan EDF zal plaatsvinden volgens de voorwaarden van het SPA, ondertekend op 15 november 2016.
(35) De opbrengsten van de afstoting van Areva TA worden niet geboekt in het liquiditeitsplan van Areva SA, omdat hun effect neutraal is wat betreft de kasmiddelen, aangezien het zorgt voor de rechtstreekse terugbetaling van [0-1 miljard] EUR aan klantenvoorschotten die de Areva-groep via Areva TA had gemobiliseerd.
(36) http://www.areva.com/EN/news-10858/olkiluoto-3-epr-new-milestones-achieved.html.
(37) Ofwel de som van 3,4 miljard EUR bankschuld, [0-1 miljard] EUR kosten en voorzieningen inzake de af te stoten activiteiten en [0,5-1,5 miljard] EUR negatieve operationele kasstromen met betrekking tot de voltooiing van het OL3-project (met uitzondering van het juridische risico). […].
(38) Naargelang de prijstoeslag voor Nouvel Areva NP al dan niet wordt betaald.
(39) Dat is bijvoorbeeld het geval voor alle schadevergoedingen die de Areva-groep, als lid van het Consortium, na het vonnis van het scheidsgerecht aan TVO zou moeten betalen, waarbij dat vonnis pas […] wordt uitgesproken.
(40) Richtlijn 2009/71/Euratom van de Raad van 25 juni 2009 tot vaststelling van een communautair kader voor de nucleaire veiligheid van kerninstallaties (PB L 172 van 2.7.2009, blz. 18).
(41) Richtlijn 2014/87/Euratom van de Raad van 8 juli 2014 houdende wijziging van Richtlijn 2009/71/Euratom tot vaststelling van een communautair kader voor de nucleaire veiligheid van kerninstallaties (PB L 219 van 25.7.2014, blz. 42).
(42) De lange duur van die termijnen verklaart waarom de afstoting van Nouvel Areva NP aan EDF niet kan plaatsvinden voor eind 2017, dat wil zeggen aan het eind van een instructie van ongeveer anderhalf jaar — in dit precieze geval kon de termijn worden ingekort gelet op het feit dat EDF en de Areva-groep perfect bekend zijn bij de ASN, aangezien zij al exploitant zijn van basiskerninstallaties in Frankrijk, wat niet het geval zou zijn voor een andere mogelijke overnemer.
(43) Zie artikel 4 van het decreet 2007-1557 van 2 november 2007 betreffende basiskerninstallaties en de controle van de nucleaire veiligheid, van het vervoer van radioactieve stoffen.
(44) Op grond van gegevens uit de door de Areva-groep gepubliceerde rekeningen van 2014: ebitda van 711 miljoen EUR en nettoschuld van 5,8 miljard EUR.
(45) Het verschil tussen die twee bedragen heeft te maken met de prijstoeslag die EDF zou kunnen betalen voor de overname van Nouvel Areva NP onder bepaalde voorwaarden.
(46) De minderheidsaandeelhouders zijn, in afnemende orde van belang, KIA (Kuwait Investment Authority) (5 %), publiek (4 %), EDF (2 %), werknemers (1 %), Total (1 %) en Areva (< 1 %).
(47) Eurodif is de dochteronderneming van de Areva-groep die belast is met de omzettingsactiviteit.
(48) Zie bijvoorbeeld Besluit (EU) 2016/2068.
(49) Verordening (EG) nr. 139/2004 van de Raad van 20 januari 2004 betreffende de controle op concentraties van ondernemingen (de concentratieverordening) (PB L 24 van 29.1.2004, blz. 1)
(50) In het bijzonder: Areva TA, Canberra, Adwen, Elta.
(51) Deze dochterondernemingen vertegenwoordigen samen ongeveer 5 % van de balans van de Areva-groep vóór de herstructurering en een verwaarloosbaar deel van zijn omzet, terwijl de in het vooruitzicht gestelde staatssteun bijna 20 % van de balans op 31 december 2015 en een halfjaaromzet vóór de herstructurering vertegenwoordigt.
(52) Waardebeoordeling van Areva NP door Société Générale, januari 2016.
(53) Het OL3-project, eerste model van de EPR-technologie, is op zich alleen verantwoordelijk voor ongeveer 5,5 miljard EUR verlies bij oplevering.
(54) Waardebeoordeling van Areva NP door Société Générale, januari 2016.
(55) In december 2016 had Urenco een BBB+-notering (S&P).
(56) Deze marktaandelen zijn geraamd door de Areva-groep.
(57) Deze marktaandelen zijn geraamd door de Areva-groep.
(58) CNNC en Centrus (vroeger Usec) beschikken beide over een marktaandeel van [0-20] %, waarbij moet worden verduidelijkt dat Centrus alleen nog handelaar en geen producent meer is. Deze marktaandelen zijn geraamd door de Areva-groep […].
(59) Dit marktaandeel is geraamd door de Areva-groep.