16.2.2016   

NL

Publicatieblad van de Europese Unie

L 39/5


UITVOERINGSVERORDENING (EU) 2016/200 VAN DE COMMISSIE

van 15 februari 2016

tot vaststelling van technische uitvoeringsnormen met betrekking tot de openbaarmaking van de hefboomratio voor instellingen overeenkomstig Verordening (EU) nr. 575/2013 van het Europees Parlement en van de Raad

(Voor de EER relevante tekst)

DE EUROPESE COMMISSIE,

Gezien het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,

Gezien Verordening (EU) nr. 575/2013 van het Europees Parlement en de Raad van 26 juni 2013 betreffende prudentiële vereisten voor kredietinstellingen en beleggingsondernemingen en tot wijziging van Verordening (EU) nr. 648/2012 (1), en met name artikel 451, lid 2, derde alinea,

Overwegende hetgeen volgt:

(1)

Het doel van eenvormige openbaarmakingstemplates is bij te dragen tot een grotere transparantie en een betere vergelijkbaarheid van de cijfergegevens over de hefboomratio. De regels voor de openbaarmaking van de hefboomratio door instellingen waarop overeenkomstig Richtlijn 2013/36/EU van het Europees Parlement en de Raad (2) toezicht wordt uitgeoefend, moeten derhalve stroken met de internationale normen weergegeven in het herziene Bazel III-kader voor de hefboomratio en de openbaarmakingsvereisten van het Bazels Comité voor bankentoezicht, zij het in aangepaste vorm om rekening te houden met het regelgevingskader van de Unie en de specifieke kenmerken ervan, zoals neergelegd in Verordening (EU) nr. 575/2013.

(2)

Eveneens met het oog op een grotere transparantie en een betere vergelijkbaarheid van de cijfergegevens over de hefboomratio verdient het aanbeveling dat in een van de templates voor de openbaarmaking van de hefboomratio een voldoende gedetailleerde opsplitsing van de maatstaf voor de totale risicoblootstelling voor de berekening van de hefboomratio wordt verstrekt met de bedoeling de voornaamste samenstellende delen van de hefboomratio weer te geven, alsook de blootstelling binnen de balanstelling, die gewoonlijk het grootste deel van de maatstaf voor de totale risicoblootstelling voor de berekening van de hefboomratio vormt.

(3)

In artikel 429, lid 2, van Verordening (EU) nr. 575/2013, zoals gewijzigd bij Gedelegeerde Verordening (EU) 2015/62 van de Commissie (3), wordt niet langer voorgeschreven dat de hefboomratio als het gewone rekenkundige gemiddelde van de maandelijkse hefboomratio's over een kwartaal moet worden berekend, maar is enkel bepaald dat de berekening aan het einde van het kwartaal moet plaatsvinden. Dit heeft tot gevolg dat de bevoegde autoriteiten niet langer moeten toestaan om de hefboomratio per einde kwartaal te berekenen, zoals in artikel 499, lid 3, van Verordening (EU) nr. 575/2013 is bepaald. In de eenvormige templates voor de openbaarmaking van de hefboomratio hoeft derhalve geen toelichting meer te worden opgenomen betreffende de wijze waarop de instelling artikel 499, lid 3, toepast.

(4)

Ingeval instellingen op grond van artikel 13, lid 1, tweede alinea, van Verordening (EU) nr. 575/2013 verplicht zijn informatie over de hefboomratio op gesubconsolideerde basis openbaar te maken, mogen de voorschriften betreffende de openbaarmaking van de hefboomratio deze instellingen er niet toe verplichten de template met als titel „LRSpl” op gesubconsolideerde basis in te vullen en te publiceren, opdat de administratieve lasten evenredig blijven met de doelstellingen van genoemde voorschriften. Deze openbaarmakingstemplate moet worden ingevuld en gepubliceerd op geconsolideerde basis en de publicatie ervan op gesubconsolideerde basis zou geen grote meerwaarde bieden omdat de verdere opsplitsing van de totale blootstellingsmaatstaf op gesubconsolideerde basis al wordt meegedeeld via het invullen van de template met als titel „LRCom”. Bovendien kan de publicatie van de LRSpl-template aanzienlijke extra lasten voor de instellingen met zich brengen, aangezien een dergelijke template niet gemakkelijk af te leiden valt uit het desbetreffende kader voor toezichtrapportage, dat op gesubconsolideerde basis niet van toepassing is.

(5)

Het consolidatiebereik en de waarderingsmethoden voor boekhouddoeleinden en voor regelgevingsdoeleinden kunnen verschillend zijn, wat resulteert in verschillen tussen de informatie die bij de berekening van de hefboomratio wordt gebruikt en de informatie die in de gepubliceerde financiële overzichten wordt gehanteerd. Teneinde deze discrepantie weer te geven, is het ook noodzakelijk het verschil mee te delen tussen de waarden in de financiële overzichten en de waarden volgens het wettelijke consolidatiebereik van elementen in de financiële overzichten welke voor de berekening van de hefboomratio worden gebruikt. Bijgevolg moet in een template ook een afstemmingsoverzicht tussen beide waarden worden gepresenteerd.

(6)

Ter bevordering van de vergelijkbaarheid van de informatie die openbaar wordt gemaakt, moeten ook een eenvormige template en gedetailleerde instructies worden verstrekt voor de beschrijving en openbaarmaking van de processen die worden gebruikt om het risico van buitensporige hefboomwerking te beheren, alsook van de factoren die een invloed hadden op de hefboomratio in de periode waarop de openbaar gemaakte hefboomratio betrekking heeft.

(7)

Artikel 451, lid 1, van Verordening (EU) nr. 575/2013 is met ingang van 1 januari 2015 van toepassing. Om ervoor te zorgen dat de verplichting om informatie over de hefboomratio openbaar te maken zo spoedig mogelijk overal in de Unie op doeltreffende en geharmoniseerde wijze in acht wordt genomen, moet van de instellingen worden verlangd dat zij op een zo vroeg mogelijke datum van de templates voor de openbaarmaking van deze informatie gebruikmaken.

(8)

Deze verordening is gebaseerd op de ontwerpen van technische uitvoeringsnormen die de Europese Bankautoriteit aan de Europese Commissie heeft voorgelegd.

(9)

De Europese Bankautoriteit heeft open publieksraadplegingen gehouden over de ontwerpen van technische uitvoeringsnormen waarop deze verordening is gebaseerd, de potentiële desbetreffende kosten en baten geanalyseerd en het advies van de overeenkomstig artikel 37 van Verordening (EU) nr. 1093/2010 van het Europees Parlement en de Raad (4) opgerichte Stakeholdergroep bankwezen ingewonnen,

HEEFT DE VOLGENDE VERORDENING VASTGESTELD:

Artikel 1

Openbaarmaking van de hefboomratio en toepassing van artikel 499, lid 2, van Verordening (EU) nr. 575/2013

Instellingen maken de relevante informatie over de hefboomratio en de toepassing van artikel 499, lid 2, van Verordening (EU) nr. 575/2013, als bedoeld in artikel 451, lid 1, onder a), van genoemde verordening, openbaar door de rijen 22 en EU-23 van de template met als titel „LRCom” in bijlage I in te vullen en te publiceren volgens de instructies in bijlage II.

Artikel 2

Wijziging van de keuze van de openbaar te maken hefboomratio

1.   Indien instellingen overeenkomstig artikel 499, lid 2, van Verordening (EU) nr. 575/2013 hun keuze van de openbaar te maken hefboomratio wijzigen, maken zij een afstemmingsoverzicht openbaar met de informatie over alle hefboomratio's die tot die wijziging openbaar zijn gemaakt door de templates met als titel „LRSum”, „LRCom”, „LRSpl” en „LRQua” in bijlage I in te vullen en te publiceren voor alle met de openbaar gemaakte hefboomratio's overeenstemmende referentiedata tot het moment van de wijziging.

2.   Instellingen maken de in lid 1 bedoelde items openbaar in de eerste openbaarmaking die na de wijziging van de keuze van de hefboomratio plaatsvindt.

Artikel 3

Opsplitsing van de maatstaf voor de totale risicoblootstelling voor de berekening van de hefboomratio

1.   Instellingen maken de in artikel 451, lid 1, onder b), van Verordening (EU) nr. 575/2013 bedoelde opsplitsing van de maatstaf voor de totale risicoblootstelling voor de berekening van de hefboomratio openbaar door beide volgende items in te vullen en te publiceren:

a)

de rijen 1 tot en met EU-19b van de template met als titel „LRCom” in bijlage I volgens de instructies in bijlage II;

b)

de rijen EU-1 tot en met EU-12 van de template met als titel „LRSpl” in bijlage I volgens de instructies in bijlage II.

2.   In afwijking van lid 1, onder b), zijn instellingen niet verplicht de template met als titel „LRSpl” in bijlage I op gesubconsolideerde basis in te vullen en te publiceren indien zij op grond van artikel 13, lid 1, tweede alinea, van Verordening (EU) nr. 575/2013 verplicht zijn informatie op gesubconsolideerde basis te verstrekken.

Artikel 4

Afstemming van de hefboomratio op gepubliceerde financiële overzichten

1.   Instellingen maken de in artikel 451, lid 1, onder b), van Verordening (EU) nr. 575/2013 bedoelde afstemming van de maatstaf voor de totale risicoblootstelling voor de berekening van de hefboomratio op de desbetreffende informatie in gepubliceerde financiële overzichten openbaar door de template met als titel „LRSum” in bijlage I in te vullen en te publiceren volgens de instructies in bijlage II.

2.   Indien instellingen geen financiële overzichten op het in deel 1, punt 6, van bijlage II bedoelde toepassingsniveau publiceren, zijn zij niet verplicht de template met als titel „LRSum” in bijlage I in te vullen en te publiceren.

Artikel 5

Openbaarmaking van het bedrag aan niet in de balans opgenomen fiduciaire posten

Voor zover van toepassing maken instellingen het in artikel 451, lid 1, onder c), van Verordening (EU) nr. 575/2013 bedoelde bedrag aan niet in de balans opgenomen fiduciaire posten openbaar door rij EU-24 van de template met als titel „LRCom” in bijlage I in te vullen en te publiceren volgens de instructies in bijlage II.

Artikel 6

Openbaarmaking van kwalitatieve informatie over het risico van buitensporige hefboomwerking en over factoren die een invloed hadden op de hefboomratio

Instellingen maken de in artikel 451, lid 1, onder d) en e), van Verordening (EU) nr. 575/2013 bedoelde beschrijving van de processen die worden gebruikt om het risico van buitensporige hefboomwerking te beheren, alsook van de factoren die een invloed hadden op de hefboomratio in de periode waarop de openbaar gemaakte hefboomratio betrekking heeft openbaar door de template met als titel „LRQua” in bijlage I in te vullen en te publiceren volgens de instructies in bijlage II.

Artikel 7

Inwerkingtreding

Deze verordening treedt in werking op de dag na die van de bekendmaking ervan in het Publicatieblad van de Europese Unie.

Deze verordening is verbindend in al haar onderdelen en is rechtstreeks toepasselijk in elke lidstaat.

Gedaan te Brussel, 15 februari 2016.

Voor de Commissie

De voorzitter

Jean-Claude JUNCKER


(1)   PB L 176 van 27.6.2013, blz. 1.

(2)  Richtlijn 2013/36/EU van het Europees Parlement en de Raad van 26 juni 2013 betreffende toegang tot het bedrijf van kredietinstellingen en het prudentieel toezicht op kredietinstellingen en beleggingsondernemingen, tot wijziging van Richtlijn 2002/87/EG en tot intrekking van de Richtlijnen 2006/48/EG en 2006/49/EG (PB L 176 van 27.6.2013, blz. 338).

(3)  Gedelegeerde Verordening (EU) 2015/62 van de Commissie van 10 oktober 2014 tot wijziging van Verordening (EU) nr. 575/2013 van het Europees Parlement en de Raad met betrekking tot de hefboomratio (PB L 11 van 17.1.2015, blz. 37).

(4)  Verordening (EU) nr. 1093/2010 van het Europees Parlement en de Raad van 24 november 2010 tot oprichting van een Europese toezichthoudende autoriteit (Europese Bankautoriteit), tot wijziging van Besluit nr. 716/2009/EG en tot intrekking van Besluit 2009/78/EG van de Commissie (PB L 331 van 15.12.2010, blz. 12).


BIJLAGE I

VKV-hefboomratio - Openbaarmakingstemplate

Referentiedatum

 

Naam entiteit

 

Toepassingsniveau

 


Tabel LRSum: Beknopt afstemmingsoverzicht tussen boekhoudkundige activa en blootstellingen voor de berekening van de hefboomratio

 

 

Toepasselijk bedrag

1

Totale activa volgens openbaar gemaakte financiële overzichten

 

2

Aanpassing voor entiteiten die voor verslaggevingsdoeleinden worden geconsolideerd maar die buiten het wettelijke consolidatiebereik vallen

 

3

(Aanpassing voor fiduciaire activa die volgens het toepasselijke kader voor financiële verslaggeving in de balans worden opgenomen maar die overeenkomstig artikel 429, lid 13, van Verordening (EU) nr. 575/2013 buiten de maatstaf voor de totale risicoblootstelling voor de berekening van de hefboomratio worden gehouden)

 

4

Aanpassing voor afgeleide financiële instrumenten

 

5

Aanpassing voor effectenfinancieringstransacties (SFT's)

 

6

Aanpassing voor posten buiten de balanstelling (d.w.z. omrekening in het equivalente kredietbedrag van blootstellingen buiten de balanstelling)

 

EU-6a

(Aanpassing voor uitgesloten intragroepblootstellingen die overeenkomstig artikel 429, lid 7, van Verordening (EU) nr. 575/2013 buiten de maatstaf voor de totale risicoblootstelling voor de berekening van de hefboomratio worden gehouden)

 

EU-6b

(Aanpassing voor blootstellingen die overeenkomstig artikel 429, lid 14, van Verordening (EU) nr. 575/2013 buiten de maatstaf voor de totale risicoblootstelling voor de berekening van de hefboomratio worden gehouden)

 

7

Overige aanpassingen

 

8

Maatstaf voor de totale risicoblootstelling voor de berekening van de hefboomratio

 


Tabel LRCom: Gewone openbaarmaking van de hefboomratio

 

 

Blootstellingen voor de berekening van de VKV-hefboomratio

In de balans opgenomen blootstellingen (exclusief derivaten en SFT's)

1

In de balans opgenomen posten (exclusief derivaten, SFT's en fiduciaire activa, maar inclusief zekerheden)

 

2

(Bij het bepalen van het tier 1-kapitaal afgetrokken activabedragen)

 

3

Totale in de balans opgenomen blootstellingen (exclusief derivaten, SFT's en fiduciaire activa) (som van de lijnen 1 en 2)

 

Derivatenblootstellingen

4

Met alle derivatentransacties samenhangende vervangingswaarde (d.w.z. na aftrek van de toelaatbare in contanten ontvangen variatiemarge)

 

5

Opslagbedrag voor de met alle derivatentransacties samenhangende potentiële toekomstige blootstelling (op de waardering tegen marktwaarde gebaseerde methode)

 

EU-5a

Volgens de oorspronkelijkeblootstellingsmethode bepaalde blootstelling

 

6

Brutering voor de met betrekking tot derivaten verstrekte zekerheden die op grond van het toepasselijke kader voor financiële verslaggeving in mindering zijn gebracht

 

7

(Aftrekkingen van te ontvangen activa voor de bij derivatentransacties in contanten betaalde variatiemarge)

 

8

(Uitgesloten CTP-deel van als cliënt geclearde transactieblootstellingen)

 

9

Aangepaste effectieve notionele bedragen van geboekte kredietderivaten

 

10

(Aangepaste effectieve notionele compensaties en extra aftrekkingen voor geboekte kredietderivaten)

 

11

Totale derivatenblootstellingen (som van de lijnen 4 tot en met 10)

 

SFT-blootstellingen

12

Bruto SFT-activa (zonder inaanmerkingneming van verrekening), na aanpassing voor volgens het toepasselijke kader voor financiële verslaggeving verantwoorde verkopen

 

13

(Verrekende bedragen aan vorderingen en schulden in contanten uit hoofde van bruto SFT-activa)

 

14

Blootstelling aan tegenpartijkredietrisico voor SFT-activa

 

EU-14a

Afwijking voor SFT's: blootstelling aan tegenpartijkredietrisico in overeenstemming met artikel 429 ter, lid 4, en artikel 222 van Verordening (EU) nr. 575/2013

 

15

Blootstellingen met betrekking tot transacties waarbij als agent wordt opgetreden

 

EU-15a

(Uitgesloten CTP-deel van als cliënt geclearde SFT-blootstellingen)

 

16

Totale blootstellingen uit hoofde van effectenfinancieringstransacties (som van de lijnen 12 tot en met 15a)

 

Overige blootstellingen buiten de balanstelling

17

Bruto notioneel bedrag van blootstellingen buiten de balanstelling

 

18

(Aanpassingen voor omrekening in equivalente kredietbedragen)

 

19

Overige blootstellingen buiten de balanstelling (som van de lijnen 17 en 18)

 

(Overeenkomstig artikel 429, leden 7 en 14, van Verordening (EU) nr. 575/2013 uitgesloten blootstellingen (binnen en buiten de balanstelling))

EU-19a

(Intragroepblootstellingen (solobasis) uitgesloten in overeenstemming met artikel 429, lid 7, van Verordening (EU) nr. 575/2013 (binnen en buiten de balanstelling))

 

EU-19b

(Overeenkomstig artikel 429, lid 14, van Verordening (EU) nr. 575/2013 uitgesloten blootstellingen (binnen en buiten de balanstelling))

 

Kapitaal en totale blootstellingsmaatstaf

20

Tier 1-kapitaal

 

21

Maatstaf voor de totale risicoblootstelling voor de berekening van de hefboomratio (som van de lijnen 3, 11, 16, 19, EU-19a en EU-19b)

 

Hefboomratio

22

Hefboomratio

 

Gemaakte keuze betreffende de overgangsregelingen en bedrag van de niet in aanmerking genomen fiduciaire posten

EU-23

Gemaakte keuze betreffende de overgangsregelingen voor de definitie van de kapitaalmaatstaf

 

EU-24

Bedrag van de overeenkomstig artikel 429, lid 11, van Verordening (EU) nr. 575/2013 niet in aanmerking genomen fiduciaire posten

 


Tabel LRSpl: Uitsplitsing van in de balans opgenomen blootstellingen (exclusief derivaten, SFT's en uitgesloten blootstellingen)

 

 

Blootstellingen voor de berekening van de VKV-hefboomratio

EU-1

Totale in de balans opgenomen blootstellingen (exclusief derivaten, SFT's en uitgesloten blootstellingen), waarvan:

 

EU-2

Blootstellingen in de handelsportefeuille

 

EU-3

Blootstellingen in de niet-handelsportefeuille, waarvan:

 

EU-4

Gedekte obligaties

 

EU-5

Als landen behandelde blootstellingen

 

EU-6

Blootstellingen met betrekking tot regionale overheden, multilaterale ontwikkelingsbanken, internationale organisaties en publiekrechtelijke lichamen die niet als landen worden behandeld

 

EU-7

Instellingen

 

EU-8

Gedekt door hypotheken op onroerend goed

 

EU-9

Blootstellingen met betrekking tot particulieren en kleine partijen

 

EU-10

Ondernemingen

 

EU-11

Blootstellingen waarbij sprake is van wanbetaling

 

EU-12

Overige blootstellingen (bv. aandelen, securitisaties en andere actiefposten die geen kredietverplichting vertegenwoordigen)

 

VKV-hefboomratio — Openbaarmakingstemplate

Tabel LRQua: Vrijetekstvelden voor de openbaarmaking van kwalitatieve items

 

Kolom

 

Vrije tekst

Rij

 

1

Beschrijving van de processen die worden gebruikt om het risico van buitensporige hefboomwerking te beheren

 

2

Beschrijving van de factoren die een invloed hadden op de hefboomratio in de periode waarop de openbaar gemaakte hefboomratio betrekking heeft

 


BIJLAGE II

INSTRUCTIES VOOR HET INVULLEN VAN DE TEMPLATES IN BIJLAGE I

DEEL 1: ALGEMENE INSTRUCTIES

1.   Conventies en referentiedata

1.1.   Conventies

1.

In de instructies wordt de volgende algemene notatie gehanteerd: {Template;Rij}.

2.

Wanneer de instructies een kruisverwijzing naar (een) cel(len) in bijlage XI van Uitvoeringsverordening (EU) nr. 680/2014 van de Commissie bevatten, wordt de volgende notatie gehanteerd: {Bijlage XI SupRep;Template;Rij;Kolom}.

3.

Bij de openbaarmaking van de hefboomratio verwijst „waarvan” naar een post die een onderdeel vormt van een blootstellingscategorie van een hoger niveau.

4.

Net als bij de gehele titels van deze rijen het geval is, vermelden instellingen de waarden in de rijen {LRCom;2}, {LRCom;7}, {LRCom;8}, {LRCom;10}, {LRCom;13}, {LRCom;EU-15a}, {LRCom;18}, {LRCom;EU-19a} en {LRCom;EU-19b} tussen haakjes, aangezien de in die rijen vermelde waarden de blootstelling voor de berekening van de hefboomratio doen dalen. De instellingen zorgen ervoor dat deze waarden een negatieve bijdrage leveren aan de in {LRCom;3}, {LRCom;11}, {LRCom;16}, {LRCom;19}, en {LRCom;21}.

1.2.   Referentiedata

5.

In de cel „Referentiedatum” vullen instellingen de datum in waarop alle door hen in de templates LRSum, LRCom en LRSpl openbaar gemaakte informatie betrekking heeft. Deze datum is de laatste kalenderdag van de derde maand van het desbetreffende kwartaal.

6.

In de cel „Naam entiteit” vullen instellingen de naam in van de entiteit waarop de in de templates LRSum, LRCom, LRSpl en LRQua verstrekte gegevens betrekking hebben.

7.

In de cel „Toepassingsniveau” vermelden instellingen het toepassingsniveau dat de basis vormt voor de in de templates verstrekte gegevens. Bij het invullen van deze cel kiezen instellingen één van de onderstaande mogelijkheden:

geconsolideerd

individueel

gesubconsolideerd

1.3.   Referentiedata

8.

In deze bijlage en de daarmee verband houdende templates worden de volgende afkortingen gehanteerd:

VKV: dit is de afkorting van „Verordening Kapitaalvereisten”, waaronder Verordening (EU) nr. 575/2013 wordt verstaan;

SFT: dit is de afkorting van „Securities Financing Transaction” (effectenfinancieringstransactie), waaronder „retrocessietransacties, transacties inzake verstrekte of opgenomen effecten- of grondstoffenleningen, transacties met afwikkeling op lange termijn en margeleningstransacties” in de zin van Verordening (EU) nr. 575/2013 worden verstaan.

DEEL 2: TEMPLATESPECIFIEKE INSTRUCTIES

2.   Template LRSum: Beknopt afstemmingsoverzicht tussen boekhoudkundige activa en blootstellingen voor de berekening van de hefboomratio

9.

Instellingen passen de in deze afdeling verstrekte instructies toe bij het invullen van template LRSum in bijlage I.

 

Verwijzingen naar wetgeving en instructies

Rij

 

{1}

Totale activa volgens openbaar gemaakte financiële overzichten

Instellingen vermelden de totale activa zoals deze openbaar zijn gemaakt in hun financiële overzichten die zijn opgesteld overeenkomstig het toepasselijke kader voor financiële verslaggeving als omschreven in artikel 4, lid 1, punt 77, van Verordening (EU) nr. 575/2013.

{2}

Aanpassing voor entiteiten die voor verslaggevingsdoeleinden worden geconsolideerd maar die buiten het wettelijke consolidatiebereik vallen

Instellingen vermelden het waardeverschil tussen de blootstelling voor de berekening van de hefboomratio in {LRSum;8} en de totale boekhoudkundige activa in {LRSum;1} dat uit verschillen tussen het boekhoudkundige en het wettelijke consolidatiebereik voortvloeit.

Indien deze aanpassing tot een toename van de blootstelling leidt, wordt zij door de instellingen als een positief bedrag vermeld. Indien deze aanpassing tot een daling van de blootstelling leidt, wordt zij door de instellingen als een negatief bedrag vermeld.

{3}

(Aanpassing voor fiduciaire activa die volgens het toepasselijke kader voor financiële verslaggeving in de balans worden opgenomen maar die overeenkomstig artikel 429, lid 13, van Verordening (EU) nr. 575/2013 buiten de maatstaf voor de totale risicoblootstelling voor de berekening van de hefboomratio worden gehouden)

Instellingen vermelden het bedrag van de overeenkomstig artikel 429, lid 13, van Verordening (EU) nr. 575/2013 niet in aanmerking genomen fiduciaire posten.

Aangezien deze aanpassing de totale maatstaf voor de totale risicoblootstelling voor de berekening van de hefboomratio doet dalen, plaatsen instellingen de in deze rij vermelde waarde tussen haakjes (wat betekent dat het om een negatief bedrag gaat).

{4}

Aanpassing voor afgeleide financiële instrumenten

Voor kredietderivaten en de in bijlage II bij Verordening (EU) nr. 575/2013 genoemde contracten vermelden instellingen het waardeverschil tussen de boekwaarde van de als activa opgenomen derivaten en de door de toepassing van artikel 429, lid 4, onder b), artikel 429, lid 9, juncto artikel 429 bis, artikel 429, lid 11, onder a) en b), en artikel 429, lid 12, van Verordening (EU) nr. 575/2013 bepaalde blootstellingswaarde voor de berekening van de hefboomratio.

Indien deze aanpassing tot een toename van de blootstelling leidt, wordt zij door de instellingen als een positief bedrag vermeld. Indien deze aanpassing tot een daling van de blootstelling leidt, plaatsen instellingen het desbetreffende bedrag tussen haakjes (wat betekent dat het om een negatief bedrag gaat).

{5}

Aanpassing voor effectenfinancieringstransacties (SFT's)

Voor SFT's vermelden instellingen het waardeverschil tussen de boekwaarde van de als activa opgenomen SFT's en de door de toepassing van artikel 429, lid 4, onder a) en c), juncto artikel 429 bis, artikel 429, lid 5, onder c) en d), artikel 429, lid 8, en artikel 429, lid 11, onder c) tot en met f), van Verordening (EU) nr. 575/2013 bepaalde blootstellingswaarde voor de berekening van de hefboomratio.

Indien deze aanpassing tot een toename van de blootstelling leidt, wordt zij door de instellingen als een positief bedrag vermeld. Indien deze aanpassing tot een daling van de blootstelling leidt, plaatsen instellingen het desbetreffende bedrag tussen haakjes (wat betekent dat het om een negatief bedrag gaat).

{6}

Aanpassing voor posten buiten de balanstelling (d.w.z. omrekening in het equivalente kredietbedrag van blootstellingen buiten de balanstelling)

Instellingen vermelden het waardeverschil tussen de blootstelling voor de berekening van de hefboomratio in {LRSum;8} en de totale boekhoudkundige activa in {LRSum;1} dat uit de opneming van posten buiten de balanstelling in de blootstellingsmaatstaf voor de berekening van de hefboomratio voortvloeit.

Aangezien deze aanpassing de maatstaf voor de totale risicoblootstelling voor de berekening van de hefboomratio doet stijgen, wordt deze als een positief bedrag vermeld.

{EU-6a}

(Aanpassing voor uitgesloten intragroepblootstellingen die overeenkomstig artikel 429, lid 7, van Verordening (EU) nr. 575/2013 buiten de maatstaf voor de totale risicoblootstelling voor de berekening van de hefboomratio worden gehouden)

Artikel 429, lid 7, en artikel 113, lid 6, van Verordening (EU) nr. 575/2013

Instellingen vermelden het in de balans opgenomen deel van blootstellingen die overeenkomstig artikel 429, lid 7, van Verordening (EU) nr. 575/2013 buiten de maatstaf voor de totale risicoblootstelling voor de berekening van de hefboomratio worden gehouden, mits aan alle in artikel 113, lid 6, onder a) tot en met e), van Verordening (EU) nr. 575/2013 gestelde voorwaarden is voldaan en de bevoegde autoriteiten hun toestemming hebben verleend.

Aangezien deze aanpassing de maatstaf voor de totale risicoblootstelling voor de berekening van de hefboomratio doet dalen, plaatsen instellingen de in deze rij vermelde waarde tussen haakjes (wat betekent dat het om een negatief bedrag gaat).

{EU-6b}

(Aanpassing voor blootstellingen die overeenkomstig artikel 429, lid 14, van Verordening (EU) nr. 575/2013 buiten de maatstaf voor de totale risicoblootstelling voor de berekening van de hefboomratio worden gehouden)

Artikel 429, lid 14, van Verordening (EU) nr. 575/2013

Instellingen vermelden het in de balans opgenomen deel van blootstellingen die overeenkomstig artikel 429, lid 14, van Verordening (EU) nr. 575/2013 buiten de maatstaf voor de totale risicoblootstelling voor de berekening van de hefboomratio worden gehouden, mits aan alle in deze bepaling gestelde voorwaarden is voldaan en de bevoegde autoriteiten hun toestemming hebben verleend.

Aangezien deze aanpassing de maatstaf voor de totale risicoblootstelling voor de berekening van de hefboomratio doet dalen, plaatsen instellingen de in deze rij vermelde waarden tussen haakjes (wat betekent dat het om een negatief bedrag gaat).

{7}

Overige aanpassingen

Instellingen nemen hier elk resterend waardeverschil op tussen de in {LRSum;8} vermelde blootstelling voor de berekening van de hefboomratio en de in {LRSum;1} vermelde totale boekhoudkundige activa dat niet is opgenomen in {LRSum;2}, {LRSum;3}, {LRSum;4}, {LRSum;5}, {LRSum;6}, {LRSum;EU-6a} of {LRSum;EU-6b}. Dit kan bijvoorbeeld de van het tier 1-kapitaal afgetrokken activabedragen omvatten en die bijgevolg volgens {LRCom;2}in mindering worden gebracht op de maatstaf voor de totale risicoblootstelling voor de berekening van de hefboomratio.

Indien deze aanpassingen tot een toename van de blootstelling leiden, worden zij door de instellingen als een positief bedrag gerapporteerd. Indien deze aanpassingen tot een daling van de blootstelling leiden, plaatsen instellingen het desbetreffende bedrag tussen haakjes (wat betekent dat het om een negatief bedrag gaat).

{8}

Maatstaf voor de totale risicoblootstelling voor de berekening van de hefboomratio

Instellingen vermelden het in {LRCom;21} ingevulde bedrag.

3.   Template LRCom: Gewone openbaarmaking van de hefboomratio

10.

Instellingen passen de in deze afdeling verstrekte instructies toe bij het invullen van template LRCom in bijlage I.

Rij

Verwijzingen naar wetgeving en instructies

{1}

In de balans opgenomen posten (exclusief derivaten, SFT's en fiduciaire activa, maar inclusief zekerheden)

Artikel 429 van Verordening (EU) nr. 575/2013

Instellingen vermelden alle activa die geen in bijlage II bij Verordening (EU) nr. 575/2013 genoemde contracten, kredietderivaten, SFT's en fiduciaire activa als bedoeld in artikel 429, lid 13, van Verordening (EU) nr. 575/2013 zijn. instellingen baseren de waardering van deze activa op de beginselen neergelegd in artikel 429, lid 5, van Verordening (EU) nr. 575/2013.

Instellingen nemen in deze cel contanten op die zijn ontvangen van, dan wel effecten die via SFT's zijn verstrekt aan een tegenpartij en die op de balans vermeld staan (d.w.z. er wordt niet voldaan aan de krachtens het toepasselijke kader voor financiële verslaggeving geldende boekhoudkundige criteria voor verwijdering).

{2}

(Bij het bepalen van het tier 1-kapitaal afgetrokken activabedragen)

Artikel 429, lid 4, onder a), en artikel 499, lid 2, van Verordening (EU) nr. 575/2013

Instellingen vermelden het bedrag van de regelgevingswaardeaanpassingen die in de tier 1-bedragen zijn aangebracht overeenkomstig de op grond van artikel 499, lid 2, van Verordening (EU) nr. 575/2013 gemaakte keuze, zoals vermeld in {LRCom;EU-23}.

Meer in het bijzonder vermelden instellingen de waarde van de som van alle aanpassingen die op de waarde van een actief betrekking hebben en die zijn vereist bij:

de artikelen 32 tot en met 35 van Verordening (EU) nr. 575/2013, of

de artikelen 36 tot en met 47 van Verordening (EU) nr. 575/2013, of

de artikelen 56 tot en met 60 van Verordening (EU) nr. 575/2013,

al naargelang welke artikelen van toepassing zijn

Ingeval ervoor wordt gekozen het tier 1-kapitaal in overeenstemming met artikel 499, lid 1, onder a), van Verordening (EU) nr. 575/2013 openbaar te maken, nemen instellingen de in de artikelen 48, 49 en 79 van Verordening (EU) nr. 575/2013 vervatte vrijstellingen, alternatieven en ontheffingen in aanmerking, zonder rekening te houden met de afwijkingen waarin deel tien, titel 1, hoofdstukken 1 en 2, van Verordening (EU) nr. 575/2013 voorziet. Ingeval er daarentegen voor wordt gekozen het tier 1-kapitaal in overeenstemming met artikel 499, lid 1, onder b), van Verordening (EU) nr. 575/2013 openbaar te maken, nemen instellingen de in de artikelen 48, 49 en 79 van Verordening (EU) nr. 575/2013 vervatte vrijstellingen, alternatieven en ontheffingen in aanmerking, alsook de afwijkingen waarin deel tien, titel 1, hoofdstukken 1 en 2, van Verordening (EU) nr. 575/2013 voorziet.

Om dubbeltellingen te vermijden, rapporteren instellingen bij de berekening van de blootstellingswaarde in de rijen 1, 4 en 12 geen aanpassingen die reeds op grond van artikel 111 van Verordening (EU) nr. 575/2013 zijn toegepast; zij rapporteren evenmin aanpassingen waarbij er geen sprake is van de aftrekking van de waarde van een specifiek actief.

Aangezien de in deze cel vermelde waarde de maatstaf voor de totale risicoblootstelling voor de berekening van de hefboomratio doet dalen, plaatsen instellingen deze tussen haakjes (wat betekent dat zij een negatieve bijdrage levert aan de in {LRCom;3} openbaar te maken som).

{3}

Totale in de balans opgenomen blootstellingen (exclusief derivaten, SFT's en fiduciaire activa) (som van de lijnen 1 en 2)

De som van {LRCom;1} en {LRCom;2}. instellingen houden er rekening mee dat de bijdrage van {LRCom;2} aan deze som negatief is.

{4}

Met alle derivatentransacties samenhangende vervangingswaarde (d.w.z. na aftrek van de toelaatbare in contanten ontvangen variatiemarge)

Artikelen 274, 295, 296, 297, 298 en 429 bis en artikel 429 bis, lid 3, van Verordening (EU) nr. 575/2013

Instellingen vermelden de in artikel 274, lid 1, van Verordening (EU) nr. 575/2013 gespecificeerde actuele vervangingswaarde van de in bijlage II bij Verordening (EU) nr. 575/2013 genoemde contracten en kredietderivaten, met inbegrip van die buiten de balanstelling. Van deze vervangingswaarde wordt overeenkomstig artikel 429 bis, lid 3, van Verordening (EU) nr. 575/2013 de toelaatbare in contanten ontvangen variatiemarge afgetrokken, terwijl enigerlei in contanten ontvangen variatiemarge uit hoofde van een overeenkomstig artikel 429, lid 11, van Verordening (EU) nr. 575/2013 uitgesloten CTP-deel niet in aanmerking wordt genomen.

Zoals in artikel 429 bis, lid 1, van Verordening (EU) nr. 575/2013 is bepaald, mogen instellingen overeenkomstig artikel 295 van Verordening (EU) nr. 575/2013 met de gevolgen van schuldvernieuwingscontracten en andere verrekeningsovereenkomsten rekening houden. Productoverschrijdende verrekening is niet van toepassing. instellingen mogen echter wel binnen de in artikel 272, punt 25, onder c), van Verordening (EU) nr. 575/2013 bedoelde productcategorie en kredietderivaten tot verrekening overgaan wanneer zij onderworpen zijn aan een overeenkomst inzake productoverschrijdende contractuele verrekening als bedoeld in artikel 295, onder c), van Verordening (EU) nr. 575/2013.

Instellingen nemen hier niet alleen de kredietderivaten in de handelsportefeuille, maar alle kredietderivaten op.

Instellingen nemen in deze cel geen contracten op waarvan de waarde overeenkomstig artikel 429 bis, lid 8, en artikel 275 van Verordening (EU) nr. 575/2013 volgens de oorspronkelijkeblootstellingsmethode wordt bepaald.

{5}

Opslagbedrag voor de met alle derivatentransacties samenhangende potentiële toekomstige blootstelling (op de waardering tegen marktwaarde gebaseerde methode)

Artikelen 274, 295, 296, 297 en 298, artikel 299, lid 2, en artikel 429 bis van Verordening (EU) nr. 575/2013

Instellingen vermelden het opslagbedrag voor de potentiële toekomstige blootstelling uit hoofde van in bijlage II bij Verordening (EU) nr. 575/2013 genoemde contracten en kredietderivaten, met inbegrip van die buiten de balanstelling, berekend volgens de op de waardering tegen marktwaarde gebaseerde methode (artikel 274 van Verordening (EU) nr. 575/2013 voor in bijlage II bij Verordening (EU) nr. 575/2013 genoemde contracten en artikel 299, lid 2, van Verordening (EU) nr. 575/2013 voor kredietderivaten) en met toepassing van de verrekeningsregels overeenkomstig artikel 429 bis, lid 1, van Verordening (EU) nr. 575/2013. Bij het bepalen van de blootstellingswaarde van die contracten mogen instellingen overeenkomstig artikel 295 van Verordening (EU) nr. 575/2013 met de gevolgen van schuldvernieuwingscontracten en andere verrekeningsovereenkomsten rekening houden. Productoverschrijdende verrekening is niet van toepassing. instellingen mogen echter wel binnen de in artikel 272, punt 25, onder c), van Verordening (EU) nr. 575/2013 bedoelde productcategorie en kredietderivaten tot verrekening overgaan wanneer zij onderworpen zijn aan een overeenkomst inzake productoverschrijdende contractuele verrekening als bedoeld in artikel 295, onder c), van Verordening (EU) nr. 575/2013.

Overeenkomstig artikel 429 bis, lid 1, tweede alinea, van Verordening (EU) nr. 575/2013 passen instellingen bij het bepalen van de potentiële blootstelling aan toekomstig kredietrisico van kredietderivaten de in artikel 299, lid 2, onder a), van Verordening (EU) nr. 575/2013 neergelegde beginselen niet alleen toe op de aan de handelsportefeuille toegewezen kredietderivaten, maar op al hun kredietderivaten.

Instellingen nemen in deze cel geen contracten op waarvan de waarde overeenkomstig artikel 429 bis, lid 8, en artikel 275 van Verordening (EU) nr. 575/2013 volgens de oorspronkelijkeblootstellingsmethode wordt bepaald.

{EU-5a}

Volgens de oorspronkelijkeblootstellingsmethode bepaalde blootstelling

Artikel 429 bis, lid 8, en artikel 275 van Verordening (EU) nr. 575/2013

Instellingen vermelden de blootstellingsmaatstaf van de in bijlage II, punten 1 en 2, van Verordening (EU) nr. 575/2013 genoemde contracten, berekend volgens de in artikel 275 van Verordening (EU) nr. 575/2013 beschreven oorspronkelijkeblootstellingsmethode.

Overeenkomstig artikel 429 bis, lid 8, van Verordening (EU) nr. 575/2013 mogen instellingen die de oorspronkelijkeblootstellingsmethode toepassen, de blootstellingsmaatstaf niet verminderen met de in contanten ontvangen variatiemarge.

Instellingen die de oorspronkelijkeblootstellingsmethode niet hanteren, rapporteren deze cel niet.

Instellingen nemen in deze cel geen contracten op waarvan de waarde overeenkomstig artikel 429 bis, lid 1, en artikel 274 van Verordening (EU) nr. 575/2013 volgens de op waardering tegen marktwaarde gebaseerde methode wordt bepaald.

{6}

Brutering voor de met betrekking tot derivaten verstrekte zekerheden die op grond van het toepasselijke kader voor financiële verslaggeving in mindering zijn gebracht

Artikel 429 bis, lid 2, van Verordening (EU) nr. 575/2013

Instellingen vermelden het bedrag van alle met betrekking tot derivaten verstrekte zekerheden indien overeenkomstig artikel 429 bis, lid 2, van Verordening (EU) nr. 575/2013 het bedrag van de activa op grond van het toepasselijke kader voor financiële verslaggeving wordt verminderd door de verstrekking van die zekerheden.

De initiële marge voor als cliënt geclearde derivatentransacties met een gekwalificeerde centrale tegenpartij (CTP) of de toelaatbare in contanten ontvangen variatiemarge, als omschreven in artikel 429 bis, lid 3, van Verordening (EU) nr. 575/2013 worden niet in deze cel opgenomen.

{7}

(Aftrekkingen van te ontvangen activa voor de in het kader van derivatentransacties in contanten betaalde variatiemarge)

Artikel 429 bis, lid 3, van Verordening (EU) nr. 575/2013

Instellingen vermelden de te ontvangen activa voor de in het kader van derivatentransacties in contanten aan de tegenpartij betaalde variatiemarge indien de instelling op grond van het toepasselijke kader voor financiële verslaggeving verplicht is deze als een te ontvangen actief op te nemen, mits aan de in artikel 49 bis, lid 3, onder a) tot en met e), van Verordening (EU) nr. 575/2013 gestelde voorwaarden is voldaan.

Het vermelde bedrag wordt ook in {LRCom;1} opgenomen.

Aangezien de in deze cel vermelde waarde de maatstaf voor de totale risicoblootstelling voor de berekening van de hefboomratio doet dalen, plaatsen instellingen deze tussen haakjes (wat betekent dat zij een negatieve bijdrage levert aan de in {LRCom;11} openbaar te maken som).

{8}

(Uitgesloten CTP-deel van als cliënt geclearde transactieblootstellingen)

Artikel 429, lid 11, van Verordening (EU) nr. 575/2013

Instellingen vermelden de uitgesloten transactieblootstellingen aan een gekwalificeerde CTP uit hoofde van als cliënt geclearde derivatentransacties, mits deze posten aan de in artikel 306, lid 1, onder c), van Verordening (EU) nr. 575/2013 gestelde voorwaarden voldoen.

Het deel van het bovengenoemde bedrag dat met de vervangingswaarde samenhangt, wordt inclusief de in contanten ontvangen variatiemarge vermeld.

Het vermelde bedrag wordt ook opgenomen in respectievelijk: {LRCom;1}, {LRCom;4}, {LRCom;5}, en {LRCom;EU-5a}.

Aangezien de in deze cel vermelde waarde de maatstaf voor de totale risicoblootstelling voor de berekening van de hefboomratio doet dalen, plaatsen instellingen deze tussen haakjes (wat betekent dat zij een negatieve bijdrage levert aan de in {LRCom;11} openbaar te maken som).

{9}

Aangepaste effectieve notionele bedragen van geboekte kredietderivaten

Artikel 429 bis, leden 5, 6 en 7, van Verordening (EU) nr. 575/2013

Instellingen vermelden de begrensde notionele waarde van geboekte kredietderivaten (d.w.z. waarbij de instelling kredietprotectie aan een tegenpartij verstrekt), als beschreven in bijlage 429 bis, leden 5, 6 en 7, van Verordening (EU) nr. 575/2013.

{10}

(Aangepaste effectieve notionele compensaties en extra aftrekkingen voor geboekte kredietderivaten)

Artikel 429 bis, leden 5, 6 en 7, van Verordening (EU) nr. 575/2013

Instellingen vermelden de begrensde notionele waarde van gekochte kredietderivaten (d.w.z. waarbij de instelling kredietprotectie van een tegenpartij koopt) op dezelfde referentienamen als de door de instelling geboekte kredietderivaten, waarbij de resterende looptijd van de gekochte protectie ten minste gelijk is aan de resterende looptijd van de verkochte protectie. De waarde is derhalve niet groter dan de waarde in {LRCom;9} voor elke referentienaam.

Aangezien de in deze cel vermelde waarde de maatstaf voor de totale risicoblootstelling voor de berekening van de hefboomratio doet dalen, plaatsen instellingen deze tussen haakjes (wat betekent dat zij een negatieve bijdrage levert aan de in {LRCom;11} openbaar te maken som).

{11}

Totale derivatenposities (som van de lijnen 4 tot en met 10)

Som van {LRCom;4}, {LRCom;5}, {LRCom;EU-5a}, {LRCom;6}, {LRCom;7}, {LRCom;8}, {LRCom;9} en {LRCom;10}. instellingen houden er rekening mee dat de bijdrage van {LRCom;7}, {LRCom;8} en {LRCom;10} aan deze som negatief is.

{12}

Bruto SFT-activa (zonder inaanmerkingneming van verrekening), na aanpassing voor als verkoop verantwoorde transacties

Artikel 4, lid 1, punt 77, artikel 206 en artikel 429 ter, lid 5, van Verordening (EU) nr. 575/2013

Instellingen vermelden de boekhoudkundige balanswaarde volgens het toepasselijke kader voor financiële verslaggeving van SFT's die wel en niet onder een op grond van artikel 206 van Verordening (EU) nr. 575/2013 toelaatbare kaderverrekeningsovereenkomst vallen, waarbij de contracten als activa op de balans worden opgenomen in de veronderstelling dat er geen sprake is van prudentiële of boekhoudkundige verrekenings- of risicolimiteringseffecten (d.w.z. de boekhoudkundige balanswaarde aangepast voor de effecten van boekhoudkundige verrekening of risicolimitering).

Als voor een SFT de verkoop wordt verantwoord volgens het toepasselijk kader voor financiële verslaggeving, worden bovendien overeenkomstig artikel 429 ter, lid 5, van Verordening (EU) nr. 575/2013 alle aan de verkoop gerelateerde posten door de instelling teruggeboekt.

Instellingen nemen in deze cel geen contanten op die zijn ontvangen van, of effecten die via voornoemde transacties zijn verstrekt aan een tegenpartij en die op de balans vermeld staan (er wordt met andere woorden niet voldaan aan de boekhoudkundige criteria voor verwijdering).

{13}

(Verrekende bedragen aan vorderingen en schulden in contanten uit hoofde van bruto SFT-activa)

Artikel 4, lid 1, punt 77, artikel 206, artikel 429, lid 5, onder d), artikel 429, lid 8, en artikel 429 ter, lid 5, van Verordening (EU) nr. 575/2013

Instellingen vermelden het bedrag aan schulden in contanten uit hoofde van bruto SFT-activa welke overeenkomstig artikel 429, lid 8, van Verordening (EU) nr. 575/2013 zijn verrekend.

Aangezien de in deze cel vermelde waarde de maatstaf voor de totale risicoblootstelling voor de berekening van de hefboomratio doet dalen, plaatsen instellingen deze tussen haakjes (wat betekent dat zij een negatieve bijdrage levert aan de in {LRCom;16} openbaar te maken som).

{14}

Blootstelling aan tegenpartijkredietrisico voor SFT-activa

Artikel 429 ter, lid 1, van Verordening (EU) nr. 575/2013

Instellingen vermelden de opslagfactor voor tegenpartijkredietrisico bij SFT's (met inbegrip van die buiten de balanstelling) die wordt vastgesteld overeenkomstig artikel 429 ter, lid 2 of 3, van Verordening (EU) nr. 575/2013 al naargelang het geval.

Instellingen nemen in deze cel transacties op in overeenstemming met artikel 429 ter, lid 6, onder c), van Verordening (EU) nr. 575/2013.

Instellingen nemen in deze cel geen SFT's op waarbij de instelling als agent optreedt en overeenkomstig artikel 429 ter, lid 6, onder a), van Verordening (EU) nr. 575/2013 een cliënt of tegenpartij een vergoeding of garantie biedt die beperkt is tot het eventuele verschil tussen de waarde van de effecten of contanten die de cliënt heeft uitgeleend en de waarde van de zekerheden die de kredietnemer heeft verstrekt. In plaats daarvan vermelden instellingen deze posten in {LRCom;15}.

{EU-14a}

Afwijking voor SFT's: blootstelling aan tegenpartijkredietrisico in overeenstemming met artikel 429 ter, lid 4, en artikel 222 van Verordening (EU) nr. 575/2013

Artikel 429 ter, lid 4, en artikel 222 van Verordening (EU) nr. 575/2013

Instellingen vermelden de opslagfactor voor SFT's (met inbegrip van die buiten de balanstelling) die wordt berekend overeenkomstig artikel 222 van Verordening (EU) nr. 575/2013, met toepassing van een vloer van 20 % voor het toepasselijke risicogewicht.

Instellingen nemen in deze cel transacties op in overeenstemming met artikel 429 ter, lid 6, onder c), van Verordening (EU) nr. 575/2013.

Instellingen nemen in deze cel geen transacties op waarvoor het opslagfactorgedeelte van de blootstellingswaarde voor de berekening van de hefboomratio wordt vastgesteld volgens de in artikel 429 ter, lid 1, van Verordening (EU) nr. 575/2013 beschreven methode.

{15}

Blootstellingen met betrekking tot transacties waarbij als agent wordt opgetreden

Artikel 429 ter, leden 2 en 3, en artikel 429 ter, lid 6, onder a), van Verordening (EU) nr. 575/2013

Instellingen vermelden de blootstellingswaarde voor SFT's waarbij de instelling als agent optreedt en overeenkomstig artikel 429 ter, lid 6, onder a), van Verordening (EU) nr. 575/2013 een cliënt of tegenpartij een vergoeding of garantie biedt die beperkt is tot het eventuele verschil tussen de waarde van de effecten of contanten die de cliënt heeft uitgeleend en de waarde van de zekerheden die de kredietnemer heeft verstrekt. Deze blootstellingswaarde bestaat alleen uit de opslagfactor die is vastgesteld overeenkomstig artikel 429 ter, lid 2 of 3, al naargelang het geval.

Instellingen nemen in deze cel geen transacties op in overeenstemming met artikel 429 ter, lid 6, onder c), van Verordening (EU) nr. 575/2013.

{EU-15a}

(Uitgesloten CTP-deel van als cliënt geclearde SFT-blootstellingen)

Artikel 429, lid 11, en artikel 306, lid 1, onder c), van Verordening (EU) nr. 575/2013

Instellingen vermelden het uitgesloten CTP-deel van als cliënt geclearde transactieblootstellingen van SFT's, mits deze posten aan de in artikel 306, lid 1, onder c), van Verordening (EU) nr. 575/2013 gestelde voorwaarden voldoen.

Ingeval het uitgesloten CTP-deel een effect is, wordt het niet in deze cel opgenomen, tenzij het een effect is dat tot zekerheid aan derden is verstrekt en dat volgens het toepasselijke kader voor financiële verslaggeving (d.w.z. overeenkomstig artikel 111, lid 1, eerste zin, van Verordening (EU) nr. 575/2013) tegen volledige waarde wordt opgenomen.

Aangezien de in deze cel vermelde waarde de maatstaf voor de totale risicoblootstelling voor de berekening van de hefboomratio doet dalen, plaatsen instellingen deze tussen haakjes (wat betekent dat zij een negatieve bijdrage levert aan de in {LRCom;16} openbaar te maken som).

{16}

Totale SFT-blootstellingen (som van de lijnen 12 tot en met 15a)

Instellingen vermelden de som van {LRCom; 12}, {LRCom;EU-12a}, {LRCom;13}, {LRCom;14}, {LRCom;15} en {LRCom;EU-15a}.

Instellingen houden er rekening mee dat de bijdrage van {LRCom;13} en {LRCom;EU-15a} aan deze som negatief is.

{17}

Bruto notioneel bedrag van blootstellingen buiten de balanstelling

Artikel 429, lid 10, van Verordening (EU) nr. 575/2013

Instellingen vermelden de nominale waarde van alle posten buiten de balanstelling als omschreven in artikel 429, lid 10, van Verordening (EU) nr. 575/2013, vóór enige aanpassing voor omrekeningsfactoren.

{18}

(Aanpassingen voor omrekening in equivalente kredietbedragen)

Artikel 429, lid 10, van Verordening (EU) nr. 575/2013

Instellingen nemen het waardeverschil op tussen de nominale waarde van posten buiten de balanstelling als vermeld in {LRCom;17} en de blootstellingswaarde voor de berekening van de hefboomratio van posten buiten de balanstelling als opgenomen in {LRCom;19}.

Aangezien de in deze cel vermelde waarde de maatstaf voor de totale risicoblootstelling voor de berekening van de hefboomratio doet dalen, levert zij een negatieve bijdrage aan de in {LRCom;19} openbaar te maken som.

{19}

Andere blootstellingen buiten de balanstelling (som van de lijnen 17 en 18)

Artikel 429, lid 10, artikel 111, lid 1, en artikel 166, lid 9, van Verordening (EU) nr. 575/2013

Instellingen vermelden de overeenkomstig artikel 429, lid 10, van Verordening (EU) nr. 575/2013 bepaalde blootstellingswaarde voor de berekening van de hefboomratio van posten buiten de balanstelling, rekening houdend met de desbetreffende omrekeningsfactoren.

Instellingen houden er rekening mee dat de bijdrage van {LRCom;18} aan deze som negatief is.

{EU-19a}

(Intragroepblootstellingen (solobasis) uitgesloten in overeenstemming met artikel 429, lid 7, van Verordening (EU) nr. 575/2013 (binnen en buiten de balanstelling))

Artikel 429, lid 7 en artikel 113, lid 6, van Verordening (EU) nr. 575/2013

Instellingen vermelden de blootstellingen die niet op de toepasselijke consolidatiebasis zijn geconsolideerd en die voor de in artikel 113, lid 6, van Verordening (EU) nr. 575/2013 vastgestelde behandeling in aanmerking komen, mits aan alle in artikel 113, lid 6, onder a) tot en met e), van Verordening (EU) nr. 575/2013 gestelde voorwaarden is voldaan en de bevoegde autoriteiten hun toestemming hebben verleend.

Het vermelde bedrag moet ook in de bovengenoemde toepasselijke cellen worden opgenomen alsof er geen uitsluiting van toepassing is.

Aangezien de in deze cel vermelde waarde de maatstaf voor de totale risicoblootstelling voor de berekening van de hefboomratio doet dalen, plaatsen instellingen deze tussen haakjes (wat betekent dat zij een negatieve bijdrage levert aan de in {LRCom;21} openbaar te maken som).

{EU-19b}

(Overeenkomstig artikel 429, lid 14, van Verordening (EU) nr. 575/2013 uitgesloten blootstellingen (binnen en buiten de balanstelling))

Artikel 429, lid 14, van Verordening (EU) nr. 575/2013

Instellingen vermelden de overeenkomstig artikel 429, lid 14, van Verordening (EU) nr. 575/2013 uitgesloten blootstellingen, mits aan alle in genoemde bepaling gestelde voorwaarden is voldaan en de bevoegde autoriteiten hun toestemming hebben verleend.

Het vermelde bedrag moet ook in de bovengenoemde toepasselijke cellen worden opgenomen alsof er geen uitsluiting van toepassing is.

Aangezien de in deze cel vermelde waarde de maatstaf voor de totale risicoblootstelling voor de berekening van de hefboomratio doet dalen, plaatsen instellingen deze tussen haakjes (wat betekent dat zij een negatieve bijdrage levert aan de in {LRCom;21} openbaar te maken som).

{20}

Tier 1-kapitaal

Artikel 429, lid 3, en artikel 499, leden 1 en 2, van Verordening (EU) nr. 575/2013.

Instellingen vermelden het bedrag van het tier 1-kapitaal dat is berekend overeenkomstig de op grond van artikel 499, lid 2, van Verordening (EU) nr. 575/2013 door de instelling gemaakte keuze, zoals vermeld in {LRCom;EU-23}.

Ingeval de instelling er meer in het bijzonder voor heeft gekozen het tier 1-kapitaal in overeenstemming met artikel 499, lid 1, onder a), van Verordening (EU) nr. 575/2013 openbaar te maken, vermeldt zij het overeenkomstig artikel 25 van Verordening (EU) nr. 575/2013 berekende bedrag van het tier 1-kapitaal, zonder rekening te houden met de afwijkingen waarin deel tien, titel 1, hoofdstukken 1 en 2, van Verordening (EU) nr. 575/2013 voorziet.

Ingeval de instelling er daarentegen voor heeft gekozen het tier 1-kapitaal in overeenstemming met artikel 499, lid 1, onder b), van Verordening (EU) nr. 575/2013 openbaar te maken, vermeldt zij het overeenkomstig artikel 25 van Verordening (EU) nr. 575/2013 berekende bedrag van het tier 1-kapitaal, na rekening te hebben gehouden met de afwijkingen waarin deel tien, titel 1, hoofdstukken 1 en 2, van Verordening (EU) nr. 575/2013 voorziet.

{21}

Maatstaf voor de totale risicoblootstelling voor de berekening van de hefboomratio (som van de lijnen 3, 11, 16, 19, EU-19a en EU-19b)

Instellingen vermelden de som van {LRCom;3}, {LRCom;11}, {LRCom;16}, {LRCom;19}, {LRCom;EU-19a} en {LRCom;EU-19b}.

Instellingen houden er rekening mee dat de bijdrage van {LRCom;EU-19a} en {LRCom;EU-19b} aan deze som negatief is.

{22}

Hefboomratio

Instellingen vermelden {LRCom;20} gedeeld door {LRCom;21}, uitgedrukt als percentage.

{EU-23}

Gemaakte keuze betreffende de overgangsregelingen voor de definitie van de kapitaalmaatstaf

Artikel 499, lid 2, van Verordening (EU) nr. 575/2013

Instellingen specificeren de door hen gemaakte keuze betreffende de overgangsregelingen voor de kapitaalmaatstaf voor rapportagedoeleinden door een van de volgende twee labels te vermelden:

„Volledig ingefaseerd” indien de instelling ervoor kiest de hefboomratio in overeenstemming met artikel 499, lid 1, onder a), van Verordening (EU) nr. 575/2013 openbaar te maken;

„Overgangsregeling” indien de instelling ervoor kiest de hefboomratio in overeenstemming met artikel 499, lid 1, onder b), van Verordening (EU) nr. 575/2013 openbaar te maken.

{EU-24}

Bedrag van de overeenkomstig artikel 429, lid 13, van Verordening (EU) nr. 575/2013niet in aanmerking genomen fiduciaire posten

Instellingen vermelden het bedrag van de overeenkomstig artikel 429, lid 13, van Verordening (EU) nr. 575/2013 niet in aanmerking genomen fiduciaire posten.

4.   Template LRSpl: Opsplitsing van in de balans opgenomen blootstellingen (exclusief derivaten en SFT's)

11.

Instellingen passen de in deze afdeling verstrekte instructies toe bij het invullen van template LRSpl in bijlage I.

 

Verwijzingen naar wetgeving en instructies

Rij

 

{EU-1}

Totale in de balans opgenomen blootstellingen (exclusief derivaten en SFT's), waarvan:

Instellingen vermelden de som van {LRSpl;EU-2} en {LRSpl;EU-3}.

{EU-2}

Blootstellingen in de handelsportefeuille

Instellingen vermelden de blootstellingen als omschreven in bijlage XI bij Uitvoeringsverordening (EU) nr. 680/2014 van de Commissie in {LR4;070;010}; dit is de totale blootstellingswaarde van tot de handelsportefeuille behorende activa, exclusief derivaten en SFT's.

{EU-3}

Blootstellingen in de niet-handelsportefeuille, waarvan:

Instellingen vermelden de som van {LRSpl;EU-4}, {LRSpl;EU-5}, {LRSpl;EU-6}, {LRSpl;EU-7}, {LRSpl;EU-8}, {LRSpl;EU-9}, {LRSpl;EU-10}, {LRSpl;EU-11} en {LRSpl;EU-12}.

{EU-4}

Gedekte obligaties

Instellingen vermelden de som van de blootstellingen als omschreven in bijlage XI bij Uitvoeringsverordening (EU) nr. 680/2014 van de Commissie in {LR4;080;010} en {LR4;080;020}; dit is de totale blootstellingswaarde van activa in de vorm van gedekte obligaties.

{EU-5}

Als landen behandelde blootstellingen

Instellingen vermelden de som van de blootstellingen als omschreven in bijlage XI bij Uitvoeringsverordening (EU) nr. 680/2014 van de Commissie in {LR4;090;010}en {LR4;090;020}; dit is de totale waarde van de blootstellingen aan entiteiten die overeenkomstig Verordening (EU) nr. 575/2013 als landen worden behandeld.

{EU-6}

Blootstellingen met betrekking tot regionale overheden, multilaterale ontwikkelingsbanken, internationale organisaties en publiekrechtelijke lichamen die niet als landen worden behandeld

Instellingen vermelden de som van de blootstellingen als omschreven in bijlage XI bij Uitvoeringsverordening (EU) nr. 680/2014 van de Commissie in {LR4;140;010} en {LR4;140;020}; dit is de totale waarde van de blootstellingen aan regionale overheden en lokale autoriteiten, multilaterale ontwikkelingsbanken, internationale organisaties en publiekrechtelijke lichamen die overeenkomstig Verordening (EU) nr. 575/2013 niet als landen worden behandeld.

{EU-7}

Instellingen

Instellingen vermelden de som van de blootstellingen als omschreven in bijlage XI bij Uitvoeringsverordening (EU) nr. 680/2014 van de Commissie in {LR4;180;010}en {LR4;180;020}; dit is de totale waarde van blootstellingen aan instellingen.

{EU-8}

Gedekt door hypotheken op onroerend goed

Instellingen vermelden de som van de blootstellingen als omschreven in bijlage XI bij Uitvoeringsverordening (EU) nr. 680/2014 van de Commissie in {LR4;190;010}en {LR4;190;020}; dit is de totale blootstellingswaarde van activa die door hypotheken op onroerend goed gedekte blootstellingen zijn.

{EU-9}

Blootstellingen met betrekking tot particulieren en kleine partijen

Instellingen vermelden de som van de blootstellingen als omschreven in bijlage XI bij Uitvoeringsverordening (EU) nr. 680/2014 van de Commissie in {LR4;210;010}en {LR4;210;020}; dit is de totale blootstellingswaarde van activa die blootstellingen aan particulieren en kleine partijen zijn.

{EU-10}

Ondernemingen

Instellingen vermelden de som van de blootstellingen als omschreven in bijlage XI bij Uitvoeringsverordening (EU) nr. 680/2014 van de Commissie in {LR4;230;010}en {LR4;230;020}; dit is de totale blootstellingswaarde van activa die blootstellingen aan (financiële en niet-financiële) ondernemingen zijn.

{EU-11}

Blootstellingen waarbij sprake is van wanbetaling

Instellingen vermelden de som van de blootstellingen als omschreven in bijlage XI bij Uitvoeringsverordening (EU) nr. 680/2014 van de Commissie in {LR4;280;010}en {LR4;280;020}; dit is de totale blootstellingswaarde van activa waarbij sprake is van wanbetaling.

{EU-12}

Overige blootstellingen (bv. aandelen, securitisaties en andere actiefposten die geen kredietverplichting vertegenwoordigen)

Instellingen vermelden de som van de blootstellingen als omschreven in bijlage XI bij Uitvoeringsverordening (EU) nr. 680/2014 van de Commissie in {LR4;290;010} en {LR4;290;020}; dit is de totale blootstellingswaarde van andere niet tot de handelsportefeuille behorende blootstellingen (bv. aandelen, securitisaties en andere actiefposten die geen kredietverplichting vertegenwoordigen) overeenkomstig Verordening (EU) nr. 575/2013. instellingen nemen de activa op die bij de bepaling van het tier 1-kapitaal worden afgetrokken en bijgevolg in {LRCom;2} worden vermeld tenzij deze activa in {LRSpl;EU-2} tot en met {LRSpl;EU-12} zijn opgenomen.

5.   Template LRQua: Vrijetekstvelden voor de rapportage over kwalitatieve items

12.

Instellingen passen het volgende toe bij het invullen van template LRQua in bijlage I.

 

Verwijzingen naar wetgeving en instructies

Rij

 

{1}

Beschrijving van de processen die worden gebruikt om het risico van buitensporige hefboomwerking te beheren

Artikel 451, lid 1, onder d), van Verordening (EU) nr. 575/2013

„Beschrijving van de processen die worden gebruikt om het risico van buitensporige hefboomwerking te beheren” bevat alle wezenlijke informatie over:

a)

de processen en middelen die worden gebruikt om het risico van buitensporige hefboomwerking te beoordelen;

b)

eventuele kwantitatieve instrumenten die worden gebruikt om het risico van buitensporige hefboomwerking te beoordelen, met inbegrip van bijzonderheden over potentiële interne doelstellingen en de vermelding of andere indicatoren dan de hefboomratio van Verordening (EU) nr. 575/2013 worden gebruikt;

c)

manieren waarop looptijdverschillen en activabezwaring bij het beheer van het risico van buitensporige hefboomwerking in aanmerking worden genomen;

d)

processen om op veranderingen in de hefboomratio in te spelen, waaronder processen en termijnen voor een potentiële verhoging van het tier 1-kapitaal om het risico van buitensporige hefboomwerking te beheren, dan wel processen en termijnen voor het aanpassen van de noemer van de hefboomratio (blootstellingsmaatstaf) om het risico van buitensporige hefboomwerking te beheren.

{2}

Beschrijving van de factoren die een invloed hadden op de hefboomratio in de periode waarop de openbaar gemaakte hefboomratio betrekking heeft

Artikel 451, lid 1, onder e), van Verordening (EU) nr. 575/2013

„Beschrijving van de factoren die een invloed hadden op de hefboomratio in de periode waarop de openbaar gemaakte hefboomratio betrekking heeft” bevat alle wezenlijke informatie over:

a)

de kwantificering van de verandering in de hefboomratio sinds de vorige referentiedatum voor de openbaarmaking;

b)

de belangrijkste factoren van de hefboomratio sinds de vorige referentiedatum voor de openbaarmaking, met een toelichting betreffende:

(1)

de aard van de verandering en of het een verandering in de teller van de ratio, de noemer van de ratio of in beide betreft;

(2)

de vraag of de verandering het gevolg is van een interne strategische beslissing en, zo ja, of de strategische beslissing rechtstreeks op de hefboomratio was gericht, dan wel of zij de hefboomratio slechts indirect heeft beïnvloed;

(3)

de meest significante, met de economische en financiële omgeving verband houdende externe factoren waarvan een effect op de hefboomratio is uitgegaan.