|
3.12.2016 |
NL |
Publicatieblad van de Europese Unie |
L 330/10 |
Rectificatie van Verordening (EU) nr. 1301/2013 van het Europees Parlement en de Raad van 17 december 2013 betreffende het Europees Fonds voor Regionale Ontwikkeling en specifieke bepalingen met betrekking tot de doelstelling „Investeren in groei en werkgelegenheid”, en tot intrekking van Verordening (EG) nr. 1080/2006
( Publicatieblad van de Europese Unie L 347 van 20 december 2013 )
|
1. |
Bladzijde 290, overweging 13: |
in plaats van:
„Teneinde het behalen van de energie- en klimaatdoelstellingen die door de Unie als onderdeel van de strategie van de Unie voor slimme, duurzame en inclusieve groei zijn vastgesteld te bevorderen, moet het EFRO investeringen ondersteunen om energie-efficiëntie en voorzieningszekerheid in de lidstaten te stimuleren via onder andere de ontwikkeling van slimme energiedistributie-, opslag- en transmissiesystemen, en ook door de integratie van gedistribueerde winning uit hernieuwbare bronnen. Lidstaten moeten in energie-infrastructuur kunnen investeren die afgestemd is op hun gekozen energiemix, om te voldoen aan hun eisen op het gebied van voorzieningszekerheid op een wijze die overeenstemt met hun doelstellingen in het kader van de strategie van de Unie voor slimme, duurzame en inclusieve groei.”,
lezen:
„Teneinde het behalen van de energie- en klimaatstreefdoelen die door de Unie als onderdeel van de strategie van de Unie voor slimme, duurzame en inclusieve groei zijn vastgesteld te bevorderen, moet het EFRO investeringen ondersteunen om energie-efficiëntie en voorzieningszekerheid in de lidstaten te stimuleren via onder andere de ontwikkeling van slimme energiedistributie-, opslag- en transmissiesystemen, en ook door de integratie van gedistribueerde winning uit hernieuwbare bronnen. Lidstaten moeten in energie-infrastructuur kunnen investeren die afgestemd is op hun gekozen energiemix, om te voldoen aan hun eisen op het gebied van voorzieningszekerheid op een wijze die overeenstemt met hun streefdoelen in het kader van de strategie van de Unie voor slimme, duurzame en inclusieve groei.”.
|
2. |
Bladzijde 296, artikel 6, leden 2 en 3: |
in plaats van:
„2. Voor de gemeenschappelijke en programmaspecifieke outputindicatoren bedragen de uitgangswaarden nul. Er worden cumulatieve gekwantificeerde streefwaarden voor deze indicatoren vastgelegd voor 2023.
3. Voor de programmaspecifieke resultaatindicatoren, die betrekking hebben op investeringsprioriteiten, wordt voor de uitgangswaarden van de meest recente beschikbare gegevens gebruikgemaakt en worden streefdoelen voor 2023 bepaald. Streefdoelen kunnen in kwantitatieve of kwalitatieve termen worden uitgedrukt.”,
lezen:
„2. Voor de gemeenschappelijke en programmaspecifieke outputindicatoren bedragen de basiswaarden nul. Er worden cumulatieve gekwantificeerde streefwaarden voor deze indicatoren vastgelegd voor 2023.
3. Voor de programmaspecifieke resultaatindicatoren, die betrekking hebben op investeringsprioriteiten, wordt voor de basiswaarden van de meest recente beschikbare gegevens gebruikgemaakt en worden streefdoelen voor 2023 bepaald. Streefdoelen kunnen in kwantitatieve of kwalitatieve termen worden uitgedrukt.”.
|
3. |
Bladzijde 296, artikel 7, lid 2: |
in plaats van:
„2. Er wordt gezorgd voor een duurzame stedelijke ontwikkeling via de in artikel 36 van Verordening (EU) nr. 1303/2013 genoemde geïntegreerde territoriale investeringen, of via een specifiek operationeel programma of een specifiek prioritair zwaartepunt overeenkomstig de eerste alinea, onder c), van artikel 96, lid 1, van Verordening (EU) nr. 1303/2013.”,
lezen:
„2. Er wordt gezorgd voor een duurzame stedelijke ontwikkeling via de in artikel 36 van Verordening (EU) nr. 1303/2013 genoemde geïntegreerde territoriale investeringen, of via een specifiek operationeel programma of een specifieke prioriteitsas overeenkomstig de eerste alinea, onder c), van artikel 96, lid 1, van Verordening (EU) nr. 1303/2013.”.