|
12.2.2011 |
NL |
Publicatieblad van de Europese Unie |
C 45/1 |
ADVIES VAN DE COMMISSIE
van 11 februari 2011
krachtens artikel 7 van Richtlijn 98/37/EG van het Europees Parlement en de Raad, over een verbodsmaatregel van de Nederlandse autoriteiten met betrekking tot een elektrische grasmaaier van het merk Intratuin, type 07426 MD-2009-156
(Voor de EER relevante tekst)
2011/C 45/01
1. Kennisgeving door de Nederlandse autoriteiten
In artikel 2, lid 1, van Richtlijn 98/37/EG (1) van het Europees Parlement en de Raad inzake de onderlinge aanpassing van de wetgevingen van de lidstaten betreffende machines (die van toepassing was tot 29 december 2009) is bepaald dat de lidstaten alle dienstige maatregelen moeten treffen om ervoor te zorgen dat de machines waarop die richtlijn van toepassing is, uitsluitend in de handel kunnen worden gebracht en in bedrijf kunnen worden gesteld indien zij, wanneer zij op passende wijze zijn geïnstalleerd en onderhouden en overeenkomstig hun bestemming worden gebruikt, geen gevaar opleveren voor de veiligheid en de gezondheid van personen en, in voorkomend geval, van huisdieren, of voor de veiligheid van goederen.
Ingevolge artikel 7, lid 1, van de richtlijn moet een lidstaat die vaststelt dat machines die voorzien zijn van de CE-markering bij gebruik overeenkomstig hun gebruiksdoel de veiligheid van personen en, in voorkomend geval, van huisdieren of goederen in gevaar dreigen te brengen, alle nodige maatregelen nemen om de machines uit de handel te nemen, het in de handel brengen en in bedrijf stellen te verbieden of het vrije verkeer ervan te beperken. De lidstaat moet de Commissie onmiddellijk van deze maatregel in kennis stellen en de redenen van zijn besluit aangeven.
Op 3 september 2009 hebben de Nederlandse autoriteiten de Europese Commissie in kennis gesteld van een verbodsmaatregel betreffende het in de handel brengen van een grasmaaier, merk en type Intratuin, 07426. De machine was geproduceerd door YAT Electrical Appliance Co., China en op de EU-markt in de handel gebracht door Intratuin Trade & Logistics, P.O. Postbus 228, 3440 AE Woerden, Nederland.
Het bij de Europese Commissie ingediende dossier omvatte de volgende documenten:
|
— |
„GS-certificaat” nr. S 50121261, verleend door TÜV Rheinland aan YAT Electrical Appliance Co., Ltd, North Shiwei Road, Yuxin Town, South Lake Zone, 314009, Jiaxing, Zheijang, China, voor een elektrische grasmaaier van het type YT5124AB; |
|
— |
certificaat van overeenstemming met de machinerichtlijn, met nr. AM 50121263 0001, verleend door TÜV Rheinland voor hetzelfde type grasmaaier; |
|
— |
koopovereenkomst SC0903028, afgegeven door YAT Electrical Appliance Co., Ltd. 23-25 Maosheng Road, Lianghui Industrypark, Yuyao, Ningbo, China, waarin wordt aangegeven dat de productreferenties YT5124AB en 07426 verwijzen naar hetzelfde type grasmaaier. |
Overeenkomstig artikel 7, lid 2, van de richtlijn spreekt de Commissie zich na overleg met de betrokken partijen uit over de vraag of een dergelijke maatregel gerechtvaardigd is. Indien de Commissie de maatregel gerechtvaardigd acht, stelt zij de lidstaten daarvan in kennis zodat zij, overeenkomstig hun verplichtingen krachtens artikel 2, lid 1, alle dienstige maatregelen met betrekking tot de machine in kwestie kunnen nemen.
2. Door de Nederlandse autoriteiten opgegeven redenen
De maatregel van de Nederlandse autoriteiten was gebaseerd op het feit dat de elektrische grasmaaier niet voldeed aan de volgende fundamentele veiligheids- en gezondheidseisen in bijlage I bij Richtlijn 98/37/EG onder verwijzing naar de specificaties in de geharmoniseerde Europese norm EN 60335-2-77:2000 — Handgereedschap met elektrische aandrijving — Veiligheid — Deel 2-77: Bijzondere eisen voor via het net aangedreven grasmaaiers met meelopende bestuurder, waarnaar in het door TÜV Rheinland verleende „GS-certificaat” wordt verwezen.
„1.3.3. — Risico's in verband met vallende of uitgeworpen voorwerpen en 1.3.7. Voorkomen van gevaren in verband met de bewegende delen
De grasmaaier levert gevaar voor verwondingen op omdat het maaidek slechts 0,6 mm. onder de draaicirkel van het maaiblad uitsteekt, in plaats van de vereiste 3 mm. Dit kan tot zware verwondingen door uitgeworpen voorwerpen leiden.
1.7.4. — Instructies
Informatie over veilig gebruik van de grasmaaier inzake maaien op hellingen en achteruit rijden/trekken ontbrak in de gebruiksaanwijzing.”
3. Advies van de Commissie
Op 30 juli 2010 heeft de Commissie Intratuin, die de elektrische grasmaaier van het type 07426 op de EU-markt had gebracht, schriftelijk verzocht haar opmerkingen over de maatregel van de Nederlandse autoriteiten mee te delen.
Op 30 juli 2010 heeft de Commissie zich tevens schriftelijk tot de TÜV Rheinland gewend, die de certificaten van overeenstemming voor de elektrische maaier van het type YT5124AB had verleend, waarvan werd gesteld dat ze identiek waren aan de elektrische grasmaaiers van het type 07426 waarop de Nederlandse maatregel betrekking had.
In zijn antwoord van 12 augustus 2010 bevestigde de TÜV Rheinland dat hij de certificaten nr. S 50121261 en nr. AM 50121263 0001 voor de elektrische grasmaaier van het type YT5124AB had verleend. Hij verklaarde dat uit zijn steekproef niet van de door de Nederlandse autoriteiten vastgestelde niet-overeenstemming was gebleken. Voorts stelde hij geen kennis te hebben van de elektrische grasmaaier van het type Intratuin 07426 en kon niet bevestigen of de twee referenties YT5124AB en 07426 betrekking hadden op hetzelfde product.
Tot dusver is van Intratuin geen antwoord ontvangen.
De Commissie merkt op dat noch Intratuin noch TÜV Rheinland bezwaar hebben gemaakt tegen de maatregel van de Nederlandse autoriteiten. Uit de koopovereenkomst tussen YAT en Intratuin komt naar voren dat de aan Intratuin verkochte elektrische grasmaaiers werden gekenmerkt met referentie YT5124AB, welke referentie wordt gedekt door de door TÜV Rheinland verleende certificaten nr. S 50121261 en AM 50121263 0001.
Op basis van de beschikbare documentatie is de Commissie van oordeel dat de Nederlandse autoriteiten hebben aangetoond dat de machine ten aanzien waarvan de beperkende maatregel werd genomen, niet voldoet aan bovengenoemde fundamentele veiligheids- en gezondheidseisen. Deze gebreken aan overeenstemming leiden tot ernstige risico's voor de gebruikers van de machine in kwestie.
Na de vereiste procedure te hebben gevolgd is de Commissie van mening dat de door de Nederlandse autoriteiten genomen maatregel gerechtvaardigd is.
Gedaan te Brussel, 11 februari 2011.
Voor de Commissie
Antonio TAJANI
Vicevoorzitter
(1) PB L 207 van 23.7.1998, blz. 1.