|
19.6.2010 |
NL |
Publicatieblad van de Europese Unie |
L 154/29 |
BESLUIT VAN DE COMMISSIE
van 18 juni 2010
tot vrijstelling van de Banque de France van de toepassing van Verordening (EG) nr. 1060/2009 van het Europees Parlement en de Raad inzake ratingbureaus
(Kennisgeving geschied onder nummer C(2010) 3853)
(Voor de EER relevante tekst)
(2010/342/EU)
DE EUROPESE COMMISSIE,
Gelet op het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,
Gelet op Verordening (EG) nr. 1060/2009 van het Europees Parlement en de Raad van 16 september 2009 inzake ratingbureaus (1), en met name op artikel 2, lid 4,
Gezien het door Frankrijk ingediende verzoek,
Overwegende hetgeen volgt:
|
(1) |
Op 27 november 2009 heeft Frankrijk overeenkomstig artikel 2, lid 4, van Verordening (EG) nr. 1060/2009 bij de Commissie een verzoek ingediend betreffende de vrijstelling van de door de Banque de France afgegeven ratings van de toepassing van Verordening (EG) nr. 1060/2009. |
|
(2) |
De Banque de France wordt in Frankrijk gereglementeerd door de „Code monétaire et financier”, zoals gewijzigd bij Wet nr. 2008-776 van 4 augustus 2008 (2). Op grond van artikel L.141-6 van de „Code monétaire et financier” mag de Banque de France alle informatie van marktdeelnemers ontvangen die zij nodig heeft om haar essentiële taken te vervullen. Het „Contrat de service public entre l’État et la Banque de France” (3) (hierna „het contract” genoemd), dat om de drie jaar wordt verlengd, vermeldt uitdrukkelijk de afgifte van ratings door de Banque de France als één van de werkzaamheden die de Banque de France dient uit te voeren. |
|
(3) |
De Banque de France heeft haar eigen gedragscode (4) opgesteld (hierna „de code” genoemd), die voornamelijk op de door de International Organisation of Securities Commissions (IOSCO) uitgebrachte gedragscode, de Code of Conduct Fundamentals for credit rating agencies, is gebaseerd. |
|
(4) |
Overeenkomstig artikel 2, lid 2, onder d), van Verordening (EG) nr. 1060/2009 dienen vier elementen te worden beoordeeld om de door de Banque de France opgestelde ratings van de toepassing van genoemde verordening vrij te stellen: |
|
(5) |
Ten eerste mogen de ratings niet door de beoordeelde entiteit worden betaald. In punt 1.3 van de code is bepaald dat de Banque de France geen beloning van de beoordeelde entiteiten ontvangt voor de rating die op hen betrekking heeft en waarvan zij in kennis worden gesteld. In punt 2.2 van de code is gespecificeerd dat de gebruikers van de ratings (kredietinstellingen die cliënten zijn van de FIBEN — „Fichier bancaire des entreprises”) degenen zijn die een gepubliceerd tarief voor de dienst betalen. |
|
(6) |
Ten tweede mogen de ratings niet openbaar worden gemaakt. In punt 1.5 van de code is bepaald dat de ratings niet openbaar mogen worden gemaakt. De toegang is wettelijk beperkt tot bepaalde, in de code omschreven categorieën van actoren die door de Banque de France dienen te worden geïdentificeerd vooraleer zij toegang krijgen tot de rating. |
|
(7) |
Ten derde dienen de ratings te worden afgegeven overeenkomstig de beginselen, normen en procedures die zorgen voor voldoende integriteit en onafhankelijkheid van ratingactiviteiten overeenkomstig Verordening (EG) nr. 1060/2009. Analisten en personeelsleden die in de Banque de France werkzaam zijn, zijn op grond van de bepalingen van de „Code monétaire et financier”, en met name de artikelen L.142-9 en L.164-2, gebonden door het principe van het beroepsgeheim en door de belangenconflictenregels die zijn vervat in de beroepsethiekregels en in de door de „ministre de l’économie, des finances et de l’industrie” goedgekeurde financiële ethische code van de Banque de France. Daarenboven bevat het personeelsstatuut van de Banque de France bepalingen die uitdrukkelijk ten doel hebben te voorkomen dat personeelsleden zich in een belangenconflictsituatie (blijven) bevinden. De Banque de France is onderworpen aan interne controleprocedures, die worden uitgevoerd door een onafhankelijke ethische medewerker en zijn personeel dat met het controleren van de toepassing van de ethische code is belast, dan wel via de collegiale structuur die volledig in de organisatie van het management van de Banque de France is opgenomen, en die een effectief middel zijn om de naleving van deze integriteits- en onafhankelijkheidsregels te verzekeren. Aangezien deze vereisten in wetgeving zijn verankerd, kunnen in geval van niet-naleving ervan sancties worden opgelegd. Bovendien legt de code de nodige procedureregels en passende normen vast om te zorgen voor: i) de integriteit en kwaliteit van het ratingproces (inclusief de formalisering van het besluitvormingscircuit, de traceerbaarheid van de besluiten en het kwaliteitscontroleproces), ii) de toepasselijke transparantie- en communicatieprocedures (inclusief regels inzake toegang tot ratings, publicatie van de methoden en evolutie van de ratingactiviteiten), en iii) de maatregelen ter voorkoming van belangenconflicten (inclusief de nodige zorgvuldigheid die door de analisten in acht dient te worden genomen en de werking van nationale en regionale ratingcomités). |
|
(8) |
Ten vierde mogen de ratings geen betrekking hebben op door de respectieve centrale banken van de lidstaten uitgegeven financiële instrumenten. In punt 1.1 van de code is bepaald dat de door de Banque de France opgestelde ratings betrekking hebben op niet-financiële ondernemingen. De ratings hebben betrekking op ondernemingen die zijn gevestigd op het Franse grondgebied en in de Franse „départements d’Outre-Mer” die onder het „Institut d’émission des départements d’outre-mer” (IEDOM) vallen. In het contract is bepaald dat de door de Banque de France opgestelde ratings betrekking hebben op ondernemingen. De Banque de France geeft derhalve geen ratings af die betrekking hebben op de openbare aanbieding van door de Franse staat of door een andere lidstaat uitgegeven financiële instrumenten. |
|
(9) |
Gelet op de in de overwegingen 2 tot en met 8 onderzochte factoren mag ervan uit worden gegaan dat de Banque de France aan de in artikel 2, lid 2, onder d), van Verordening (EG) nr. 1060/2009 gestelde voorwaarden betreffende de afgifte van ratings voldoet. |
|
(10) |
Verordening (EG) nr. 1060/2009 mag dan ook niet van toepassing zijn op de door de Banque de France afgegeven ratings. |
|
(11) |
De in dit besluit vervatte maatregelen zijn in overeenstemming met het advies van het Europees Comité voor het effectenbedrijf, |
HEEFT HET VOLGENDE BESLUIT VASTGESTELD:
Artikel 1
De Banque de France valt onder het toepassingsgebied van artikel 2, lid 2, onder d), van Verordening (EG) nr. 1060/2009.
Verordening (EG) nr. 1060/2009 is niet van toepassing op de door de Banque de France afgegeven ratings.
Artikel 2
Dit besluit is gericht tot de lidstaten.
Gedaan te Brussel, 18 juni 2010.
Voor de Commissie
Michel BARNIER
Lid van de Commissie
(1) PB L 302 van 17.11.2009, blz. 1.
(2) Gepubliceerd in het Journal officiel de la République française van 5 augustus 2008.
(3) http://www.banque-de-france.net/fr/instit/telechar/histoire/contrat_sp.pdf
(4) Code de conduite de l’activité de cotation des entreprises à la Banque de France: http://www.banque-france.fr/fr/instit/telechar/services/code_conduite_cotation_bdf.pdf