5.1.2010   

NL

Publicatieblad van de Europese Unie

L 1/8


BESLUIT VAN DE COMMISSIE

van 23 december 2009

inzake de verlenging van het mandaat van de Europese groep ethiek van de exacte wetenschappen en de nieuwe technologieën

(2010/1/EU)

DE EUROPESE COMMISSIE,

Gelet op het Verdrag betreffende de Europese Unie en het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,

Overwegende hetgeen volgt:

(1)

In november 1991 heeft de Commissie van de Europese Gemeenschappen besloten de afweging van ethische aspecten op te nemen in het besluitvormingsproces voor communautair beleid op het gebied van onderzoek en technologische ontwikkeling door de instelling van de Adviesgroep ethische implicaties van de biotechnologie (AGEIB).

(2)

De Commissie heeft op 16 december 1997 besloten de AGEIB te vervangen door de Europese groep ethiek van de exacte wetenschappen en de nieuwe technologieën (EGE) en daarbij het werkgebied van de groep uit te breiden tot alle toepassingsgebieden van wetenschap en technologie.

(3)

Het enigszins gewijzigde mandaat van de EGE is bij besluit van de Commissie van 26 maart 2001 met een periode van vier jaar verlengd (C(2001) 691).

(4)

Het huidige mandaat van de EGE is op 11 mei 2005 vastgesteld (Besluit 2005/383/EG van de Commissie (1) en bij Besluit 2009/757/EG van de Commissie (2) verlengd.

(5)

Het is thans aangewezen het mandaat met een periode van vijf jaar te verlengen en de nieuwe leden te benoemen; het onderhavige besluit laat echter de mogelijkheid onverlet dat de nieuwe Commissie het mandaat inhoudelijk herziet.

(6)

Het volgende besluit vervangt Besluit 2009/757/EG,

HEEFT HET VOLGENDE BESLUIT VASTGESTELD:

Artikel 1

De Commissie besluit het mandaat van de Europese groep ethiek van de exacte wetenschappen en de nieuwe technologieën (EGE) met een periode van vijf jaar te verlengen.

Artikel 2

Opdracht

De EGE heeft als taak de Commissie op haar verzoek of op eigen initiatief te adviseren over ethische vraagstukken in verband met de exacte wetenschappen en de nieuwe technologieën. Het Parlement en de Raad kunnen de aandacht van de Commissie vestigen op vraagstukken die zij van groot ethisch belang achten. Wanneer de Commissie de EGE om advies vraagt, bepaalt zij binnen welke termijn dit advies dient te worden uitgebracht.

Artikel 3

Samenstelling — Voordracht — Benoeming

1.   De leden van de EGE worden door de voorzitter van de Commissie benoemd.

2.   De volgende bepalingen zijn van toepassing:

De leden worden op persoonlijke titel voorgedragen. De leden treden op in hun persoonlijke hoedanigheid en worden verzocht onafhankelijk van invloeden van buitenaf advies uit te brengen aan de Commissie. De EGE is onafhankelijk, pluralistisch en multidisciplinair.

De EGE heeft ten hoogste vijftien leden.

Elk lid van de EGE wordt voor een ambtstermijn van vijf jaar benoemd. Deze benoeming kan met ten hoogste twee ambtstermijnen worden verlengd.

De keuze en selectie van de leden van de EGE vindt plaats op basis van een open uitnodiging tot het indienen van blijken van belangstelling. Bij de selectieprocedure wordt ook rekening gehouden met aanvullende kandidaturen die via andere kanalen worden ingediend.

De ledenlijst van de EGE wordt door de Commissie in het Publicatieblad van de Europese Unie bekendgemaakt.

Niet als lid voorgedragen maar geschikte kandidaten worden op een reservelijst geplaatst.

Wanneer een lid niet langer een efficiënte bijdrage tot de werkzaamheden van de groep kan leveren of aftreedt, kan de voorzitter voor de resterende duur van het mandaat van het oorspronkelijke lid een vervangend lid uit de reservelijst benoemen.

Artikel 4

Werkwijze

1.   De leden van de EGE kiezen uit hun midden een voorzit(s)ter en een vice-voorzit(s)ter voor de duur van een ambtstermijn.

2.   Het werkprogramma van de EGE, met inbegrip van de ethische evaluaties die uit hoofde van zijn initiatiefrecht door de EGE zelf worden voorgesteld, wordt door de voorzitter van de Commissie goedgekeurd. Het Bureau van Europese beleidsadviseurs (BEPA) van de Commissie is in nauwe samenwerking met de voorzit(s)ter van de EGE verantwoordelijk voor de organisatie van de werkzaamheden van de EGE en zijn secretariaat.

3.   De werkvergaderingen van de EGE zijn besloten. Naast deze werkvergaderingen kan de EGE zijn werkzaamheden met betrokken diensten van de Commissie bespreken en kan hij indien van toepassing vertegenwoordigers van NGO's of representatieve organisaties uitnodigen om met hem van gedachten te wisselen. De agenda voor de vergaderingen van de EGE wordt aan betrokken diensten van de Commissie toegezonden.

4.   De EGE komt normaal gesproken volgens door de Commissie vastgestelde procedures en tijdschema’s ten kantore van de Commissie bijeen. De EGE dient gedurende een periode van twaalf maanden ten minste zes keer te vergaderen, hetgeen neerkomt op ongeveer twaalf werkdagen per jaar. Van de leden wordt verwacht dat zij ten minste vier vergaderingen per jaar bijwonen.

5.   Ten behoeve van de opstelling van zijn adviezen en binnen de grenzen van de hiervoor beschikbare middelen:

kan de EGE als leidraad en informatie ten behoeve van zijn werkzaamheden, indien dit nuttig en/of nodig wordt geacht, deskundigen met specifieke kennis uitnodigen;

kan de EGE het initiatief nemen voor studies teneinde alle benodigde wetenschappelijke en technische informatie te verzamelen;

kan de EGE werkgroepen instellen om specifieke kwesties te bestuderen;

organiseert de EGE voor elk advies dat hij uitbrengt een publieke rondetafelconferentie teneinde de dialoog te bevorderen en de transparantie te verbeteren;

onderhoudt de EGE intensieve contacten met de diensten van de Commissie die betrokken zijn bij het onderwerp dat de groep bespreekt;

kan de EGE intensieve contacten onderhouden met vertegenwoordigers van de verschillende organen op het gebied van de ethiek in de Europese Unie en in de kandidaat-lidstaten.

6.   Elk advies wordt onmiddellijk na de vaststelling ervan gepubliceerd. Wanneer een advies niet met algemene stemmen wordt vastgesteld, worden hierin ook afwijkende standpunten opgenomen. Wanneer een advies over een bepaald onderwerp om operationele redenen sneller moet worden uitgebracht, wordt er een korte verklaring afgelegd die indien nodig door een vollediger analyse wordt gevolgd, zonder dat dit afbreuk doet aan de transparantie zoals die bij elk ander advies in acht wordt genomen. In adviezen van de EGE wordt altijd uitgegaan van de actuele stand van zaken op het desbetreffende gebied op het ogenblik dat het advies wordt uitgebracht. Als de EGE dit nodig acht, kan hij besluiten een advies te actualiseren.

7.   De EGE stelt zijn reglement van orde vast.

8.   Vóór het eind van het mandaat van de EGE wordt onder verantwoordelijkheid van de voorzit(s)ter een verslag over zijn activiteiten opgesteld. Dit verslag wordt gepubliceerd.

Artikel 5

Onkostenvergoeding

De reis- en verblijfskosten voor de vergaderingen van de EGE worden overeenkomstig de voorschriften van de Commissie door de Commissie vergoed.

Artikel 6

Inwerkingtreding

Dit besluit wordt in het Publicatieblad van de Europese Unie bekendgemaakt en treedt in werking op de dag waarop de nieuwe EGE-leden worden voorgedragen. Het vervangt Besluit 2009/757/EG.

Gedaan te Brussel, 23 december 2009.

Voor de Commissie

De voorzitter

José Manuel BARROSO


(1)   PB L 127 van 20.5.2005, blz. 17.

(2)   PB L 270 van 15.10.2009, blz. 18.