14.2.2009   

NL

Publicatieblad van de Europese Unie

L 44/62


RICHTLIJN 2009/10/EG VAN DE COMMISSIE

van 13 februari 2009

tot wijziging van Richtlijn 2008/84/EG tot vaststelling van specifieke zuiverheidseisen voor levensmiddelenadditieven met uitzondering van kleurstoffen en zoetstoffen

(Voor de EER relevante tekst)

DE COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN,

Gelet op het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap,

Gelet op Richtlijn 89/107/EEG van de Raad van 21 december 1988 betreffende de onderlinge aanpassing van de wetgevingen der lidstaten inzake levensmiddelenadditieven die in voor menselijke voeding bestemde waren mogen worden gebruikt (1), en met name op artikel 3, lid 3, onder a),

Na raadpleging van het Wetenschappelijk Comité voor de menselijke voeding (WCMV) en de Europese Autoriteit voor voedselveiligheid (EFSA),

Overwegende hetgeen volgt:

(1)

Richtlijn 2008/84/EG van de Commissie van 27 augustus 2008 tot vaststelling van specifieke zuiverheidseisen voor levensmiddelenadditieven met uitzondering van kleurstoffen en zoetstoffen (2) bevat de zuiverheidseisen voor de additieven die worden genoemd in Richtlijn 95/2/EG van het Europees Parlement en de Raad van 20 februari 1995 betreffende levensmiddelenadditieven met uitzondering van kleurstoffen en zoetstoffen (3).

(2)

De Europese Autoriteit voor voedselveiligheid (EFSA) heeft in haar advies van 20 oktober 2006 (4) geconcludeerd dat nisine die is verkregen met een gewijzigd productieproces waarbij een suiker bevattend medium gebruikt wordt, uit een oogpunt van bescherming van de gezondheid gelijkwaardig is aan nisine die met het oorspronkelijke productieproces in een melk bevattend medium is geproduceerd. Naar aanleiding van dat advies moeten de specificaties van E 234 nisine worden gewijzigd door aanpassing van de definitie en de zuiverheidseisen voor dat additief.

(3)

Bij de vervaardiging van alginezuur en zouten en esters daarvan wordt formaldehyd als conserveermiddel gebruikt. Gebleken is dat de uiteindelijke geleermiddelen nog tot 50 mg/kg formaldehyd kunnen bevatten. Op verzoek van de Commissie heeft de EFSA de veiligheid van het gebruik van formaldehyd als conserveermiddel bij de vervaardiging en bereiding van levensmiddelenadditieven beoordeeld (5). In haar advies van 30 november 2006 concludeerde de EFSA dat de geschatte blootstelling aan geleermiddelen met een concentratie residueel formaldehyd van 50 mg/kg additief geen veiligheidsrisico inhoudt. Daarom moet in de bestaande zuiverheidseisen voor E 400 alginezuur, E 401 natriumalginaat, E 402 kaliumalginaat, E 403 ammoniumalginaat, E 404 calciumalginaat en E 405 propaan-1,2-diolalginaat een maximumgehalte voor formaldehyd van 50 mg/kg worden opgenomen.

(4)

Formaldehyd wordt momenteel niet gebruikt bij de verwerking van zeewier voor de productie van E 407 carrageen en E 407a verwerkt Eucheuma-wier. Formaldehyd kan echter van nature in zeewieren voorkomen en daardoor als verontreiniging in het eindproduct aanwezig zijn. Daarom moet een maximumgehalte voor de onvoorziene aanwezigheid van formaldehyd in die levensmiddelenadditieven worden vastgesteld.

(5)

Guarpitmeel (guargom) is bij Richtlijn 95/2/EG als levensmiddelenadditief toegestaan. Het wordt met name gebruikt als verdikkingsmiddel, emulgator en stabilisator. Bij de Commissie is een verzoek ingediend om gedeeltelijk gedepolymeriseerde guargom, door warmtebehandeling, zure hydrolyse of oxidatie in basisch milieu uit guargom verkregen, als levensmiddelenadditief te mogen gebruiken. De EFSA heeft de veiligheid bij het gebruik van dat levensmiddelenadditief beoordeeld en in haar advies van 4 juli 2007 (6) aangegeven dat gedeeltelijk gedepolymeriseerde guargom wat de samenstelling van het eindproduct betreft sterk lijkt op onbehandelde guargom. Ook concludeerde zij dat gedeeltelijk gedepolymeriseerde guargom bij gebruik als verdikkingsmiddel, emulgator of stabilisator geen veiligheidsrisico inhoudt. In dat advies beveelt de EFSA wel aan om de specificaties voor E 412 guarpitmeel aan te passen in verband met het verhoogde gehalte aan zouten en de mogelijke aanwezigheid van ongewenste bijproducten als gevolg van het productieproces. Naar aanleiding van de aanbevelingen van de EFSA moeten de specificaties voor guarpitmeel worden gewijzigd.

(6)

Er moeten specificaties worden vastgesteld voor E 504 (i) magnesiumcarbonaat, dat bij Richtlijn 95/2/EG als levensmiddelenadditief is toegestaan.

(7)

Uit gegevens die door de European Lime Association zijn verstrekt, blijkt dat als gevolg van de bij de vervaardiging van kalkproducten gebruikte grondstoffen niet kan worden voldaan aan de huidige zuiverheidseisen voor E 526 calciumhydroxide en E 529 calciumoxide wat betreft het gehalte aan magnesium- en alkalimetaalzouten. Aangezien magnesiumzouten geen veiligheidsrisico inhouden en gelet op de specificaties die in het kader van de Codex Alimentarius zijn opgesteld door het Gezamenlijk Comité van deskundigen voor levensmiddelenadditieven van de FAO en de WHO (JECFA), kan het gehalte aan magnesium- en alkalimetaalzouten voor E 526 calciumhydroxide en E 529 calciumoxide worden vastgesteld op de laagst haalbare waarden, die in geen geval hoger zijn dan de door het JECFA vastgestelde waarden.

(8)

Ook moet rekening worden gehouden met de specificaties voor het loodgehalte van E 526 calciumhydroxide en E 529 calciumoxide die in het kader van de Codex Alimentarius door het JECFA zijn opgesteld. Gezien echter het hoge natuurlijke achtergrondgehalte aan lood in de grondstof (calciumcarbonaat) zoals die in sommige lidstaten wordt gewonnen en waaruit die levensmiddelenadditieven worden geproduceerd, lijkt het moeilijk om voor die levensmiddelenadditieven aan het door het JECFA vastgestelde maximale loodgehalte te voldoen. Het huidige loodgehalte moet dan ook tot het laagst haalbare niveau worden verlaagd.

(9)

E 901 bijenwas is bij Richtlijn 95/2/EG als levensmiddelenadditief toegestaan. De EFSA heeft in haar advies van 27 november 2007 (7) bevestigd dat het gebruik van dit levensmiddelenadditief veilig is. Daarbij werd echter aangetekend dat het loodgehalte zo laag mogelijk moet zijn. Gelet op de herziene specificaties voor bijenwas die in het kader van de Codex Alimentarius door het JECFA zijn opgesteld, moet in de huidige zuiverheidseisen voor E 901 bijenwas het maximaal toegestane loodgehalte worden verlaagd.

(10)

Hooggeraffineerde wassen op basis van synthetische koolwaterstoffen (synthetische wassen) en van aardolie zijn gezamenlijk beoordeeld door het Wetenschappelijk Comité voor de menselijke voeding (WCMV) (8), dat op 22 september 1995 een advies over minerale en synthetische koolwaterstoffen uitbracht. Het WCMV was van mening dat er voldoende gegevens waren verstrekt om een permanente groeps-ADI (aanvaardbare dagelijkse inname) voor alle wassen van beide soorten (afkomstig van aardolie of van synthetische koolwaterstoffen) vast te stellen. Bij de vaststelling van de zuiverheidseisen voor E 905 microkristallijne was werden synthetische koolwaterstofwassen niet in aanmerking genomen en dus niet in de specificaties vermeld. De Commissie is van mening dat de zuiverheidseisen voor E 905 microkristallijne was moeten worden gewijzigd, zodat daar ook wassen op basis van synthetische koolwaterstoffen onder vallen.

(11)

E 230 (bifenyl) en E 233 (thiabendazool) zijn in de communautaire wetgeving niet langer als levensmiddelenadditief toegestaan. Die stoffen zijn bij Richtlijn 2003/114/EG, respectievelijk Richtlijn 98/72/EG geschrapt. Dienovereenkomstig moeten de specificaties voor E 230 en E 233 uit bijlage I bij Richtlijn 2008/84/EG worden geschrapt.

(12)

Er dient rekening te worden gehouden met de specificaties en analysetechnieken voor additieven zoals die in het kader van de Codex Alimentarius door het JECFA zijn opgesteld. Met name moeten waar van toepassing in de specifieke zuiverheidseisen de grenswaarden voor de desbetreffende afzonderlijke zware metalen worden opgenomen.

(13)

Richtlijn 2008/84/EG moet derhalve dienovereenkomstig worden gewijzigd.

(14)

De in deze richtlijn vervatte maatregelen zijn in overeenstemming met het advies van het Permanent Comité voor de voedselketen en de diergezondheid,

HEEFT DE VOLGENDE RICHTLIJN VASTGESTELD:

Artikel 1

Bijlage I bij Richtlijn 2008/84/EG wordt gewijzigd overeenkomstig de bijlage bij deze richtlijn.

Artikel 2

1.   De lidstaten doen de nodige wettelijke en bestuursrechtelijke bepalingen in werking treden om uiterlijk 13 februari 2010 aan deze richtlijn te voldoen. Zij delen de Commissie de tekst van die bepalingen onverwijld mede.

Wanneer de lidstaten die bepalingen aannemen, wordt in die bepalingen zelf of bij de officiële bekendmaking daarvan naar deze richtlijn verwezen. De regels voor die verwijzing worden vastgesteld door de lidstaten.

2.   De lidstaten delen de Commissie de tekst van de belangrijkste bepalingen van intern recht mede die zij op het onder deze richtlijn vallende gebied vaststellen.

Artikel 3

Deze richtlijn treedt in werking op de twintigste dag volgende op die van haar bekendmaking in het Publicatieblad van de Europese Unie.

Artikel 4

Deze richtlijn is gericht tot de lidstaten.

Gedaan te Brussel, 13 februari 2009.

Voor de Commissie

Androulla VASSILIOU

Lid van de Commissie


(1)   PB L 40 van 11.2.1989, blz. 27.

(2)   PB L 253 van 20.9.2008, blz. 1.

(3)   PB L 61 van 18.3.1995, blz. 1.

(4)  http://www.efsa.europa.eu/en/science/afc/afc_opinions/ej314b_nisin.html

(5)  Opinion of the Scientific Panel on food additives, flavourings, processing aids and materials in contact with food (AFC) on a request from the Commission related to use of formaldehyde as a preservative during the manufacture and preparation of food additives; vraag nr. EFSA-Q-2005-032.

http://www.efsa.europa.eu/EFSA/efsa_locale-1178620753812_1178620766610.htm

(6)  Opinion of the Scientific Panel on Food Additives, Flavourings, Processing Aids and Materials in Contact with Food on a request from the Commission related to an application on the use of partially depolymerised guar gum as a food additive; vraag nr. EFSA-Q-2006-122.

http://www.efsa.europa.eu/EFSA/efsa_locale-1178620753812_1178638739757.htm

(7)  Beeswax (E 901) as a glazing agent and as carrier for flavours — Scientific Opinion of the Panel on Food additives, Flavourings, Processing aids and Materials in Contact with Food (AFC); vraag nr. EFSA-Q-2006-021.

http://www.efsa.europa.eu/EFSA/efsa_locale-1178620753812_1178672652158.htm

(8)  http://ec.europa.eu/food/fs/sc/scf/reports/scf_reports_37.pdf


BIJLAGE

Bijlage I bij Richtlijn 2008/84/EG wordt als volgt gewijzigd:

1)

De tekst met betrekking tot E 234 nisine komt als volgt te luiden:

„E 234 NISINE

Definitie

Nisine bestaat uit verschillende nauw verwante polypeptiden die bij de fermentatie van een melk of suiker bevattend medium worden geproduceerd door bepaalde natuurlijke stammen van Lactococcus lactis subsp. lactis.

Einecs-nummer

215-807-5

Brutoformule

C143H230N42O37S7

Molecuulgewicht

3 354,12

Gehalte

Nisineconcentraat bevat minimaal 900 eenheden per mg in een mengsel van eiwitten of gefermenteerde vaste stoffen uit vetvrije melk en een minimaal gehalte aan natriumchloride van 50 %

Beschrijving

Wit poeder

Zuiverheid

Gewichtsverlies bij drogen

Maximaal 3 % na drogen tot constant gewicht op 102-103 °C

Arseen

Maximaal 1 mg/kg

Lood

Maximaal 1 mg/kg

Kwik

Maximaal 1 mg/kg”

2)

De tekst met betrekking tot E 400 alginezuur komt als volgt te luiden:

„E 400 ALGINEZUUR

Definitie

Lineair glycuronoglycan, hoofdzakelijk bestaande uit eenheden van β-(1-4)-gekoppeld D-mannuronzuur en α-(1-4)-gekoppeld L-guluronzuur in pyranosevorm. Hydrofiel colloïdaal koolhydraat, door middel van verdunde base verkregen uit verschillende soorten natuurlijk voorkomende bruinwieren (Phaeophyceae)

Einecs-nummer

232-680-1

Brutoformule

(C6H8O6)n

Molecuulgewicht

10 000 -600 000 (typisch waardebereik)

Gehalte

Alginezuur produceert minimaal 20 % en maximaal 23 % koolstofdioxide (CO2) op basis van de watervrije stof, wat overeenkomt met minimaal 91 % en maximaal 104,5 % alginezuur (C6H8O6)n (berekend op basis van een equivalent gewicht van 200)

Beschrijving

Alginezuur komt voor in vezel-, korrel- en poedervorm. Het is wit tot geelbruin en nagenoeg reukloos

Eigenschappen

A.

Oplosbaarheid

Onoplosbaar in water en organische oplosmiddelen, traag oplosbaar in oplossingen van natriumcarbonaat, natriumhydroxide en trinatriumfosfaat

B.

Neerslag met calciumchloride

Voeg aan een 0,5 %-oplossing van het monster in 1 M natriumhydroxide-oplossing één vijfde volume van een 2,5 %-calciumchlorideoplossing toe. Er wordt een volumineus gelatineachtig neerslag gevormd. Met deze proef kan een onderscheid worden gemaakt tussen alginezuur en Arabische gom, natriumcarboxymethylcellulose, carboxy-methylzetmeel, carrageen, gelatine, ghattigom, karayagom, johannesbrood pitmeel, methylcellulose en tragacantgom

C.

Neerslag met ammoniumsulfaat

Voeg aan een 0,5 %-oplossing van het monster in 1 M natriumhydroxide-oplossing een half volume van een verzadigde ammoniumsulfaatoplossing toe. Er wordt geen neerslag gevormd. Met deze proef kan een onderscheid worden gemaakt tussen alginezuur en agaragar, natriumcarboxymethylcellulose, carrageen, ontesterde pectine, gelatine, johannesbroodpitmeel, methylcellulose en zetmeel

D.

Kleurreactie

Los 0,01 g van het monster door schudden zo volledig mogelijk op in 0,15 ml 0,1 N natriumhydroxide en voeg 1 ml aangezuurde ijzer(III)sulfaat oplossing toe. Binnen 5 minuten ontstaat een kersrode kleur die uiteindelijk dieppaars wordt

Zuiverheid

pH van een 3 %-suspensie

Tussen 2,0 en 3,5

Gewichtsverlies bij drogen

Maximaal 15 % (4 uur bij 105 °C)

Sulfaatas

Maximaal 8 % van de watervrije stof

In natriumhydroxide (1 M-oplossing) onoplosbaar materiaal

Maximaal 2 % van de watervrije stof

Formaldehyd

Maximaal 50 mg/kg

Arseen

Maximaal 3 mg/kg

Lood

Maximaal 5 mg/kg

Kwik

Maximaal 1 mg/kg

Cadmium

Maximaal 1 mg/kg

Totaal kiemgetal

Maximaal 5 000 kolonies per gram

Gisten en schimmels

Maximaal 500 kolonies per gram

E. coli

Afwezig in 5 g

Salmonella spp.

Afwezig in 10 g”

3)

De tekst met betrekking tot E 401 natriumalginaat komt als volgt te luiden:

„E 401 NATRIUMALGINAAT

Definitie

Chemische naam

Natriumzout van alginezuur

Brutoformule

(C6H7NaO6)n

Molecuulgewicht

10 000 -600 000 (typisch waardebereik)

Gehalte

Produceert minimaal 18 % en maximaal 21 % koolstofdioxide op basis van de watervrije stof, wat overeenkomt met minimaal 90,8 % en maximaal 106,0 % natriumalginaat (berekend op basis van een equivalent gewicht van 222)

Beschrijving

Wit tot geelachtig, nagenoeg reukloos, vezelig of korrelig poeder

Eigenschappen

Positieve test op natrium en op alginezuur

 

Zuiverheid

Gewichtsverlies bij drogen

Maximaal 15 % (4 uur bij 105 °C)

In water onoplosbare stof

Maximaal 2 % van de watervrije stof

Formaldehyd

Maximaal 50 mg/kg

Arseen

Maximaal 3 mg/kg

Lood

Maximaal 5 mg/kg

Kwik

Maximaal 1 mg/kg

Cadmium

Maximaal 1 mg/kg

Totaal kiemgetal

Maximaal 5 000 kolonies per gram

Gisten en schimmels

Maximaal 500 kolonies per gram

E. coli

Afwezig in 5 g

Salmonella spp.

Afwezig in 10 g”

4)

De tekst met betrekking tot E 402 kaliumalginaat komt als volgt te luiden:

„E 402 KALIUMALGINAAT

Definitie

Chemische naam

Kaliumzout van alginezuur

Brutoformule

(C6H7KO6)n

Molecuulgewicht

10 000 -600 000 (typisch waardebereik)

Gehalte

Produceert minimaal 16,5 % en maximaal 19,5 % koolstofdioxide op basis van de watervrije stof, wat overeenkomt met minimaal 89,2 % en maximaal 105,5 % kaliumalginaat (berekend op basis van een equivalent gewicht van 238)

Beschrijving

Wit tot geelachtig, nagenoeg reukloos, vezelig of korrelig poeder

Eigenschappen

Positieve test op kalium en op alginezuur

 

Zuiverheid

Gewichtsverlies bij drogen

Maximaal 15 % (4 uur bij 105 °C)

In water onoplosbare stof

Maximaal 2 % van de watervrije stof

Formaldehyd

Maximaal 50 mg/kg

Arseen

Maximaal 3 mg/kg

Lood

Maximaal 5 mg/kg

Kwik

Maximaal 1 mg/kg

Cadmium

Maximaal 1 mg/kg

Totaal kiemgetal

Maximaal 5 000 kolonies per gram

Gisten en schimmels

Maximaal 500 kolonies per gram

E. coli

Afwezig in 5 g

Salmonella spp.

Afwezig in 10 g”

5)

De tekst met betrekking tot E 403 ammoniumalginaat komt als volgt te luiden:

„E 403 AMMONIUMALGINAAT

Definitie

Chemische naam

Ammoniumzout van alginezuur

Brutoformule

(C6H11NO6)n

Molecuulgewicht

10 000 -600 000 (typisch waardebereik)

Gehalte

Produceert minimaal 18 % en maximaal 21 % koolstofdioxide op basis van de watervrije stof, wat overeenkomt met minimaal 88,7 % en maximaal 103,6 % ammoniumalginaat (berekend op basis van een equivalent gewicht van 217)

Beschrijving

Wit tot geelachtig, vezelig of korrelig poeder

Eigenschappen

Positieve test op ammonium en op alginezuur

 

Zuiverheid

Gewichtsverlies bij drogen

Maximaal 15 % (4 uur bij 105 °C)

Sulfaatas

Maximaal 7 % van de droge stof

In water onoplosbare stof

Maximaal 2 % van de watervrije stof

Formaldehyd

Maximaal 50 mg/kg

Arseen

Maximaal 3 mg/kg

Lood

Maximaal 5 mg/kg

Kwik

Maximaal 1 mg/kg

Cadmium

Maximaal 1 mg/kg

Totaal kiemgetal

Maximaal 5 000 kolonies per gram

Gisten en schimmels

Maximaal 500 kolonies per gram

E. coli

Afwezig in 5 g

Salmonella spp.

Afwezig in 10 g”

6)

De tekst met betrekking tot E 404 calciumalginaat komt als volgt te luiden:

„E 404 CALCIUMALGINAAT

Synoniemen

Calciumzout van alginezuur

Definitie

Chemische naam

Calciumzout van alginezuur

Brutoformule

(C6H7Ca1/2O6)n

Molecuulgewicht

10 000 -600 000 (typisch waardebereik)

Gehalte

Produceert minimaal 18 % en maximaal 21 % koolstofdioxide op basis van de watervrije stof, wat overeenkomt met minimaal 89,6 % en maximaal 104,5 % calciumalginaat (berekend op basis van een equivalent gewicht van 219)

Beschrijving

Wit tot geelachtig, nagenoeg reukloos, vezelig of korrelig poeder

Eigenschappen

Positieve test op calcium en op alginezuur

 

Zuiverheid

Gewichtsverlies bij drogen

Maximaal 15,0 % (4 uur bij 105 °C)

Formaldehyd

Maximaal 50 mg/kg

Arseen

Maximaal 3 mg/kg

Lood

Maximaal 5 mg/kg

Kwik

Maximaal 1 mg/kg

Cadmium

Maximaal 1 mg/kg

Totaal kiemgetal

Maximaal 5 000 kolonies per gram

Gisten en schimmels

Maximaal 500 kolonies per gram

E. coli

Afwezig in 5 g

Salmonella spp.

Afwezig in 10 g”

7)

De tekst met betrekking tot E 405 propaan-1,2-diolalginaat komt als volgt te luiden:

„E 405 PROPAAN-1,2-DIOLALGINAAT

Synoniemen

Hydroxypropylalginaat

Ester van propaan-1,2-diol met alginezuur

Propyleenglycolalginaat

Definitie

Chemische naam

Ester van propaan-1,2-diol met alginezuur; de samenstelling varieert naargelang van de veresteringsgraad en het percentage vrije en geneutraliseerde carboxylgroepen in het molecuul

Brutoformule

(C9H14O7)n (veresterd)

Molecuulgewicht

10 000 -600 000 (typisch waardebereik)

Gehalte

Produceert minimaal 16 % en maximaal 20 % koolstofdioxide op basis van de watervrije stof

Beschrijving

Nagenoeg reukloos, wit tot geelbruin, vezelig of korrelig poeder

Eigenschappen

Positieve test op propaan-1,2-diol en op alginezuur na hydrolyse

 

Zuiverheid

Gewichtsverlies bij drogen

Maximaal 20 % (4 uur bij 105 °C)

Totaal gehalte aan propaan-1,2-diol

Minimaal 15 % en maximaal 45 %

Gehalte aan vrije propaan-1,2-diol

Maximaal 15 %

In water onoplosbare stof

Maximaal 2 % van de watervrije stof

Formaldehyd

Maximaal 50 mg/kg

Arseen

Maximaal 3 mg/kg

Lood

Maximaal 5 mg/kg

Kwik

Maximaal 1 mg/kg

Cadmium

Maximaal 1 mg/kg

Totaal kiemgetal

Maximaal 5 000 kolonies per gram

Gisten en schimmels

Maximaal 500 kolonies per gram

E. coli

Afwezig in 5 g

Salmonella spp.

Afwezig in 10 g”

8)

De tekst met betrekking tot E 407 carrageen komt als volgt te luiden:

„E 407 CARRAGEEN

Synoniemen

Handelsproducten worden verkocht onder verschillende benamingen zoals:

gelose van Iers mos

eucheuman (van Eucheuma spp.)

iridophycan (van Iridaea spp.)

hypnean (van Hypnea spp.)

furcelleran of Deense agar (van Furcellaria fastigiata)

carrageen (van Chondrus en Gigartina spp.)

Definitie

Carrageen wordt door extractie met water verkregen uit natuurlijk voorkomende zeewieren van de families Gigartinaceae, Solieriaceae, Hypneaceae en Furcellariaceae van de klasse Rhodophyceae (roodwieren). Er mogen geen andere organische neerslagmiddelen dan methanol, ethanol en propaan-2-ol worden gebruikt. Carrageen bestaat hoofdzakelijk uit het kalium-, natrium-, magnesium- en calciumzout van polysacharidesulfaatesters die bij hydrolyse galactose en 3,6-anhydrogalactose geven. Carrageen mag niet gehydrolyseerd of anderszins chemisch afgebroken zijn. Formaldehyd mag als onvoorziene verontreiniging aanwezig zijn tot maximaal 5 mg/kg

Einecs-nummer

232-524-2

Beschrijving

Geelachtig tot kleurloos, grof tot fijn, vrijwel reukloos poeder

Eigenschappen

Positieve test op galactose, op anhydrogalactose en op sulfaat

 

Zuiverheid

Gehalte aan methanol, ethanol en propaan-2-ol

Maximaal 0,1 %, afzonderlijk of in combinatie

Viscositeit van een 1,5 %-oplossing bij 75 °C

Minimaal 5 mPa.s

Gewichtsverlies bij drogen

Maximaal 12 % (vier uur bij 105 °C)

Sulfaat

Minimaal 15 % en maximaal 40 % van de droge stof (berekend als SO4)

As

Minimaal 15 % en maximaal 40 % van de droge stof bij 550 °C

In zuur onoplosbare as

Maximaal 1 % van de droge stof (onoplosbaar in 10 % zoutzuur)

In zuur onoplosbaar materiaal

Maximaal 2 % van de droge stof (onoplosbaar in 1 % (V/V) zwavelzuur)

Carrageen met laag molecuulgewicht

(kleiner dan 50 kDa)

Maximaal 5 %

Arseen

Maximaal 3 mg/kg

Lood

Maximaal 5 mg/kg

Kwik

Maximaal 1 mg/kg

Cadmium

Maximaal 2 mg/kg

Totaal kiemgetal

Maximaal 5 000 kolonies per gram

Gisten en schimmels

Maximaal 300 kolonies per gram

E. coli

Afwezig in 5 g

Salmonella spp.

Afwezig in 10 g”

9)

De tekst met betrekking tot E 407a verwerkt Eucheuma-wier komt als volgt te luiden:

„E 407a VERWERKT EUCHEUMA-WIER

Synoniemen

PES („Processed Eucheuma Seaweed”)

Definitie

Verwerkt Eucheuma-wier wordt verkregen uit de natuurlijk voorkomende soorten Eucheuma cottonii en Eucheuma spinosum van de klasse Rhodophyceae (roodwieren) door behandeling met een base (KOH) om verontreinigingen te verwijderen en vervolgens wassen met zoet water en drogen. Het product kan verder worden gezuiverd door wassen met methanol, ethanol of propaan-2-ol en drogen. Het product bestaat voornamelijk uit het kaliumzout van polysacharidesulfaatesters die bij hydrolyse galactose en 3,6-anhydrogalactose geven. Het natrium-, calcium- en magnesiumzout van de polysacharidesulfaatesters zijn in kleinere hoeveelheden aanwezig. Het product bevat tevens maximaal 15 % algencellulose. Het carrageen in verwerkt Eucheuma-wier mag niet gehydrolyseerd of anderszins chemisch afgebroken zijn. Formaldehyd mag als onvoorziene verontreiniging aanwezig zijn tot maximaal 5 mg/kg

Beschrijving

Geelbruin tot geelachtig, grof tot fijn, vrijwel reukloos poeder

Eigenschappen

A.

Positieve test op galactose, op anhydrogalactose en op sulfaat

 

B.

Oplosbaarheid

Vormt een troebele viskeuze suspensie in water. Onoplosbaar in ethanol

Zuiverheid

Gehalte aan methanol, ethanol en propaan-2-ol

Maximaal 0,1 %, afzonderlijk of in combinatie

Viscositeit van een 1,5 %-oplossing bij 75 °C

Minimaal 5 mPa.s

Gewichtsverlies bij drogen

Maximaal 12 % (vier uur bij 105 °C)

Sulfaat

Minimaal 15 % en maximaal 40 % van de droge stof (berekend als SO4)

As

Minimaal 15 % en maximaal 40 % van de droge stof bij 550°C

In zuur onoplosbare as

Maximaal 1 % van de droge stof (onoplosbaar in 10 % zoutzuur)

In zuur onoplosbaar materiaal

Minimaal 8 % en maximaal 15 % van de droge stof (onoplosbaar in 1 % (V/V) zwavelzuur)

Carrageen met laag molecuulgewicht

(kleiner dan 50 kDa)

Maximaal 5 %

Arseen

Maximaal 3 mg/kg

Lood

Maximaal 5 mg/kg

Kwik

Maximaal 1 mg/kg

Cadmium

Maximaal 2 mg/kg

Totaal kiemgetal

Maximaal 5 000 kolonies per gram

Gisten en schimmels

Maximaal 300 kolonies per gram

E. coli

Afwezig in 5 g

Salmonella spp.

Afwezig in 10 g”

10)

De tekst met betrekking tot E 412 guarpitmeel komt als volgt te luiden:

„E 412 GUARPITMEEL

Synoniemen

Cyamopsisgom

Guargom

Definitie

Guarpitmeel is het gemalen endosperm van de zaden van de natuurlijk voorkomende guarplant, Cyamopsis tetragonolobus (L.) Taub. (fam. Leguminosae). Bestaat hoofdzakelijk uit een hydrocolloïdaal polysacharide met een hoog molecuulgewicht, opgebouwd uit door glycosidebindingen aan elkaar gekoppelde galactopyranose- en mannopyranose-eenheden, dat chemisch als galactomannan kan worden omschreven. De gom mag gedeeltelijk gehydrolyseerd zijn door warmtebehandeling, milde behandeling met zuur of oxidatie in basisch milieu om de viscositeit aan te passen

Einecs-nummer

232-536-0

Molecuulgewicht

Bestaat voornamelijk uit een hydrocolloïdaal polysacharide met een hoog molecuulgewicht (50 000 -8 000 000 )

Gehalte

Galactomannangehalte minimaal 75 %

Beschrijving

Wit tot geelwit, vrijwel reukloos poeder

Eigenschappen

A.

Positieve test op galactose en op mannose

 

B.

Oplosbaarheid

Oplosbaar in koud water

Zuiverheid

Gewichtsverlies bij drogen

Maximaal 15 % (5 uur bij 105 °C)

As

Maximaal 5,5 %, bepaald bij 800 °C

In zuur onoplosbaar materiaal

Maximaal 7 %

Eiwit (N × 6,25)

Maximaal 10 %

Zetmeel

Niet detecteerbaar met de volgende methode: voeg aan een 10 %-oplossing van het monster enkele druppels joodoplossing toe. Er ontstaat geen blauwe kleur

Organische peroxiden

Maximaal 0,7 meq actieve zuurstof/kg monster

Furfural

Maximaal 1 mg/kg

Lood

Maximaal 2 mg/kg

Arseen

Maximaal 3 mg/kg

Kwik

Maximaal 1 mg/kg

Cadmium

Maximaal 1 mg/kg”

11)

Na E 503 (ii) ammoniumcarbonaat wordt de volgende tekst met betrekking tot E 504 (i) ingevoegd:

„E 504 (i) MAGNESIUMCARBONAAT

Synoniemen

Hydromagnesiet

Definitie

Magnesiumcarbonaat is basisch gehydrateerd of monogehydrateerd magnesiumcarbonaat of een mengsel van beide

Chemische naam

Magnesiumcarbonaat

Brutoformule

MgCO3.nH2O

Einecs-nummer

208-915-9

Gehalte

Minimaal 24 % en maximaal 26,4 % Mg

Beschrijving

Reukloze, lichte, witte brokkelige massa of volumineus wit poeder

Eigenschappen

A.

Oplosbaarheid

Vrijwel onoplosbaar in water en in ethanol

B.

Positieve test op magnesium en op carbonaat

 

Zuiverheid

In zuur onoplosbaar materiaal

Maximaal 0,05 %

In water oplosbaar materiaal

Maximaal 1 %

Calcium

Maximaal 0,4 %

Arseen

Maximaal 4 mg/kg

Lood

Maximaal 2 mg/kg

Kwik

Maximaal 1 mg/kg”

12)

De tekst met betrekking tot E 526 calciumhydroxide komt als volgt te luiden:

„E 526 CALCIUMHYDROXIDE

Synoniemen

Gebluste kalk

Definitie

Chemische naam

Calciumhydroxide

Einecs-nummer

215-137-3

Brutoformule

Ca(OH)2

Molecuulgewicht

74,09

Gehalte

Minimaal 92 %

Beschrijving

Wit poeder

Eigenschappen

A.

Positieve test op base en op calcium

 

B.

Oplosbaarheid

Slecht oplosbaar in water. Onoplosbaar in ethanol. Oplosbaar in glycerol

Zuiverheid

In zuur onoplosbare as

Maximaal 1,0 %

Magnesium- en alkalimetaalzouten

Maximaal 2,7 %

Barium

Maximaal 300 mg/kg

Fluoride

Maximaal 50 mg/kg

Arseen

Maximaal 3 mg/kg

Lood

Maximaal 6 mg/kg”

13)

De tekst met betrekking tot E 529 calciumoxide komt als volgt te luiden:

„E 529 CALCIUMOXIDE

Synoniemen

Ongebluste kalk

Definitie

 

Chemische naam

Calciumoxide

Einecs-nummer

215-138-9

Brutoformule

CaO

Molecuulgewicht

56,08

Gehalte

Minimaal 95 % na gloeien

Beschrijving

Reukloze, harde, witte of grijswitte korrelige massa of wit tot grijzig poeder

Eigenschappen

A.

Positieve test op base en op calcium

 

B.

Bij bevochtigen met water komt warmte vrij

 

C.

Oplosbaarheid

Slecht oplosbaar in water. Onoplosbaar in ethanol. Oplosbaar in glycerol

Zuiverheid

Gewichtsverlies bij gloeien

Maximaal 10 % (ca. 800 °C tot constant gewicht)

In zuur onoplosbaar materiaal

Maximaal 1 %

Barium

Maximaal 300 mg/kg

Magnesium- en alkalimetaalzouten

Maximaal 3,6 %

Fluoride

Maximaal 50 mg/kg

Arseen

Maximaal 3 mg/kg

Lood

Maximaal 7 mg/kg”

14)

De tekst met betrekking tot E 901 bijenwas komt als volgt te luiden:

„E 901 BIJENWAS

Synoniemen

Witte was, gele was

Definitie

Gele bijenwas wordt verkregen door de wanden van de honingraat die wordt gemaakt door de honingbij (Apis mellifera L.), met heet water te smelten en van vreemd materiaal te ontdoen

Witte bijenwas wordt verkregen door gele bijenwas te bleken

Einecs-nummer

232-383-7 (bijenwas)

Beschrijving

Gelig-witte (witte was) of geel- tot grijsbruine (gele was) stukjes of plaatjes met een fijnkorrelig niet-kristallijn breukvlak en een aangename honingachtige geur

Eigenschappen

A.

Smelttraject

Tussen 62 en 65 °C

B.

Soortelijk gewicht

Ongeveer 0,96

C.

Oplosbaarheid

Onoplosbaar in water

Matig oplosbaar in ethanol

Zeer goed oplosbaar in chloroform en ether

Zuiverheid

Zuurgetal

Minimaal 17 en maximaal 24

Verzepingsgetal

87-104

Peroxidegetal

Maximaal 5

Glycerol en andere polyolen

Maximaal 0,5 % (als glycerol)

Ceresine, paraffines en bepaalde andere wassen

Geen

Vetten, japanwas, colofonium en zepen

Geen

Arseen

Maximaal 3 mg/kg

Lood

Maximaal 2 mg/kg

Kwik

Maximaal 1 mg/kg”

15)

De tekst met betrekking tot E 905 microkristallijne was komt als volgt te luiden:

„E 905 MICROKRISTALLIJNE WAS

Synoniemen

Was uit aardolie, koolwaterstofwas, Fischer-Tropsch-was, synthetische was, synthetische paraffine

Definitie

Geraffineerde mengsels van vaste verzadigde koolwaterstoffen, verkregen uit aardolie of synthetische grondstoffen

Beschrijving

Witte tot amberkleurige, reukloze was

Eigenschappen

A.

Oplosbaarheid

Onoplosbaar in water, zeer slecht oplosbaar in ethanol

B.

Brekingsindex

nD 100 1,434-1,448

of nD 120 1,426-1,440

Zuiverheid

Molecuulgewicht

Gemiddeld minimaal 500

Viscositeit

Minimaal 1,1 × 10-5 m2 s-1 bij 100 °C

of minimaal 0,8 × 10-5 m2 s-1 bij 120 °C indien de stof bij 100 °C vast is

Gloeirest

Maximaal 0,1 % (m/m)

Koolstofgetal bij 5 %-destillatiepunt

Maximaal 5 % van de moleculen heeft een koolstofgetal lager dan 25

Kleur

Voldoet aan test

Zwavel

Maximaal 0,4 % (m/m)

Arseen

Maximaal 3 mg/kg

Lood

Maximaal 3 mg/kg

Polycyclische aromatische verbindingen

De ultravioletabsorptie van de polycyclische aromatische koolwaterstoffen die door extractie met dimethylsulfoxide worden verkregen, moet binnen de volgende grenzen liggen:

nm

Maximale extinctie per cm weglengte

280-289

0,15

290-299

0,12

300-359

0,08

360-400

0,02

of, indien de stof bij 100 °C vast is:

PAK-methode volgens 21 CFR § 175.250;

extinctiecoëfficiënt in decahydronaftaleen bij 290 nm en 88 °C: maximaal 0,01”

16)

De tekst met betrekking tot E 230 en E 233 wordt geschrapt.