|
16.4.2008 |
NL |
Publicatieblad van de Europese Unie |
L 106/14 |
BESLUIT VAN DE RAAD
van 17 maart 2008
betreffende de sluiting van een overeenkomst in de vorm van een briefwisseling tussen de Europese Gemeenschap en Oekraïne inzake uitvoerrechten
(2008/306/EG)
DE RAAD VAN DE EUROPESE UNIE,
Gelet op het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap, en met name op artikel 133, lid 1, juncto artikel 300, lid 2, eerste alinea,
Gezien het voorstel van de Commissie,
Overwegende hetgeen volgt:
|
(1) |
Op 14 juni 1994 hebben de Europese Gemeenschappen en hun lidstaten en Oekraïne in Luxemburg de Partnerschaps- en samenwerkingsovereenkomst gesloten die op 1 maart 1998 in werking is getreden. |
|
(2) |
De verbintenis van de Gemeenschap en haar lidstaten en van Oekraïne om de economische integratie te versterken, vormt een essentiële basis van hun partnerschap. |
|
(3) |
In maart 2007 zijn onderhandelingen geopend voor een nieuwe, uitgebreide overeenkomst tussen de EU en Oekraïne, ter vervanging van de Partnerschaps- en samenwerkingsovereenkomst. |
|
(4) |
Het is de bedoeling dat de uitgebreide overeenkomst voorziet in de oprichting van een ruime vrijhandelszone, als een kernelement van de uitgebreide overeenkomst, na de toetreding van Oekraïne tot de WTO. |
|
(5) |
In de context van de onderhandelingen over de toetreding van Oekraïne tot de WTO heeft de Commissie namens de Gemeenschap onderhandeld over vergaande verbintenissen tot openstelling van de markt door Oekraïne, die voor de Gemeenschap van bijzonder belang zijn; deze verbintenissen zijn vervat in een memorandum waarover de onderhandelaars van Oekraïne en de Commissie op 17 maart 2003 overeenstemming hebben bereikt. |
|
(6) |
Deze verbintenissen zullen worden opgenomen in het Protocol van toetreding van Oekraïne tot de WTO. |
|
(7) |
Tijdens het proces van toetreding van Oekraïne tot de WTO heeft de Commissie namens de Gemeenschap onderhandeld over een overeenkomst in de vorm van een briefwisseling tussen de Europese Gemeenschap en Oekraïne, waarbij Oekraïne zich verbond tot de afschaffing van uitvoerrechten op goederen bij de inwerkingtreding van de toekomstige vrijhandelsovereenkomst tussen de EU en Oekraïne. |
|
(8) |
De overeenkomst moet namens de Gemeenschap worden goedgekeurd, |
BESLUIT:
Artikel 1
De overeenkomst in de vorm van een briefwisseling tussen de Europese Gemeenschap en Oekraïne inzake uitvoerrechten wordt namens de Gemeenschap goedgekeurd.
De tekst van de overeenkomst in de vorm van een briefwisseling is aan dit besluit gehecht.
Artikel 2
De voorzitter van de Raad wordt gemachtigd de personen aan te wijzen die bevoegd zijn de overeenkomst te ondertekenen teneinde daardoor de Gemeenschap te binden (1).
Artikel 3
Dit besluit wordt bekendgemaakt in het Publicatieblad van de Europese Unie.
Gedaan te Brussel, 17 maart 2008.
Voor de Raad
De voorzitter
I. JARC
(1) De datum van inwerkingtreding van de overeenkomst wordt door het secretariaat-generaal bekendgemaakt in het Publicatieblad van de Europese Unie.
VERTALING
OVEREENKOMST
in de vorm van een briefwisseling tussen de Europese Gemeenschap en Oekraïne inzake uitvoerrechten
A. Brief van de regering van Oekraïne
Kiev, 11 december 2007
Excellentie,
In de context van de Partnerschaps- en samenwerkingsovereenkomst tussen de Europese Gemeenschappen en hun lidstaten en Oekraïne van 14 juni 1994 en in overeenstemming met de onderhandelingen over de toetreding van Oekraïne tot de Wereldhandelsorganisatie, is het doel van deze brief te bevestigen dat de rechten die door Oekraïne worden toegepast op goederen van oorsprong uit Oekraïne die naar de Europese Gemeenschap worden uitgevoerd, zullen worden afgeschaft bij de inwerkingtreding van een vrijhandelsovereenkomst tussen de EU en Oekraïne, waarover in het kader van een nieuwe, uitgebreide overeenkomst zal worden onderhandeld na afronding van het proces van toetreding van Oekraïne tot de WTO.
Ik stel voor dat deze brief en uw antwoord daarop een formele overeenkomst tussen ons vormen.
Deze overeenkomst zal in werking treden met ingang van de dag waarop de Europese Gemeenschap een schriftelijke kennisgeving van Oekraïne ontvangt luidende dat het de nodige interne procedures heeft voltooid.
Ik bevestig dat deze brief en uw antwoord daarop een formele overeenkomst tussen ons vormen.
Met bijzondere hoogachting,
Namens Oekraïne
M. AZAROV
B. Brief van de Europese Gemeenschap
Brussel, 1 april 2008
Excellentie,
Ik bevestig de ontvangst van de brief van de regering van Oekraïne van 11 december 2007, waarvoor ik u dank, en die luidt als volgt:
„In de context van de Partnerschaps- en samenwerkingsovereenkomst tussen de Europese Gemeenschappen en hun lidstaten en Oekraïne van 14 juni 1994 en in overeenstemming met de onderhandelingen over de toetreding van Oekraïne tot de Wereldhandelsorganisatie, is het doel van deze brief te bevestigen dat de rechten die door Oekraïne worden toegepast op goederen van oorsprong uit Oekraïne die naar de Europese Gemeenschap worden uitgevoerd, zullen worden afgeschaft bij de inwerkingtreding van een vrijhandelsovereenkomst tussen de EU en Oekraïne, waarover in het kader van een nieuwe, uitgebreide overeenkomst zal worden onderhandeld na afronding van het proces van toetreding van Oekraïne tot de WTO.
Ik stel voor dat deze brief en uw antwoord daarop een formele overeenkomst tussen ons vormen.
Deze overeenkomst zal in werking treden met ingang van de dag waarop de Europese Gemeenschap een schriftelijke kennisgeving van Oekraïne ontvangt luidende dat het de nodige interne procedures heeft voltooid.
Ik bevestig dat deze brief en uw antwoord daarop een formele overeenkomst tussen ons vormen.”.
Ik bevestig dat vorenbedoelde brief en uw antwoord een formele overeenkomst tussen ons vormen.
Met bijzondere hoogachting,
Namens de Europese Gemeenschap
P. MANDELSON