27.3.2007   

NL

Publicatieblad van de Europese Unie

L 85/10


GEMEENSCHAPPELIJK OPTREDEN 2007/185/GBVB VAN DE RAAD

van 19 maart 2007

betreffende de ondersteuning van OPCW-activiteiten in het kader van de uitvoering van de strategie van de Europese Unie ter bestrijding van de verspreiding van massavernietigingswapens

DE RAAD VAN DE EUROPESE UNIE,

Gelet op het Verdrag betreffende de Europese Unie, en met name op artikel 14,

Overwegende hetgeen volgt:

(1)

Op 12 december 2003 heeft de Europese Raad de strategie van de Europese Unie ter bestrijding van de verspreiding van massavernietigingswapens (hierna „ EU-strategie” genoemd) aangenomen, met in hoofdstuk III een lijst van maatregelen ter bestrijding van de verspreiding daarvan.

(2)

In de EU-strategie wordt de cruciale rol benadrukt die het Verdrag inzake chemische wapens (CWC) en de Organisatie voor het Verbod op Chemische Wapens (OPCW) spelen bij het tot stand brengen van een wereld zonder chemische wapens. Als onderdeel van de strategie heeft de Europese Unie toegezegd zich te zullen inspannen voor mondiale toetreding tot de belangrijkste verdragen en overeenkomsten inzake ontwapening en non-proliferatie, zoals het CWC. De doelstellingen van de strategie van de Europese Unie zijn complementair aan die van de OPCW, in de context van de verantwoordelijkheid van die organisatie voor de uitvoering van het CWC.

(3)

Op 22 november 2004 heeft de Raad Gemeenschappelijk Optreden 2004/797/GBVB betreffende de ondersteuning van OPCW-activiteiten in het kader van de uitvoering van de strategie van de EU ter bestrijding van de verspreiding van massavernietigingswapens (1) vastgesteld. Na het verstrijken van Gemeenschappelijk Optreden 2004/797/GBVB heeft de Raad Gemeenschappelijk Optreden 2005/913/GBVB van 12 december 2005 betreffende de ondersteuning van OPC-activiteiten in het kader van de uitvoering van de strategie van de Europese Unie ter bestrijding van de verspreiding van massavernietigingswapens (2) vastgesteld, dat één jaar later is verstreken.

(4)

Sedert in 2005 met de uitvoering van de gemeenschappelijke optredens van de Europese Unie ter ondersteuning van de OPCW is begonnen, hebben 14 landen het CWC ondertekend en bekrachtigd, waarmee het aantal OPCW-landen op 181 is gebracht.

(5)

Met het oog op de actieve uitvoering van hoofdstuk III van de EU-strategie is het noodzakelijk dat deze intensieve en gerichte steun van de Europese Unie aan de OPCW wordt voortgezet. Maatregelen in verband met het universeel maken van het CWC dienen te worden voortgezet en te worden aangepast aan en toegesneden op het afnemende aantal staten dat geen partij is bij het CWC. Deze activiteiten dienen door nieuwe te worden aangevuld, ter ondersteuning van specifieke projecten die uitgevoerd worden door de OPCW, gericht op de volledige uitvoering van het CWC en op de intensivering van de internationale samenwerking op het gebied van chemische activiteiten.

(6)

De Commissie dient te worden belast met het toezicht op de correcte uitvoering van de EU-bijdrage,

HEEFT HET VOLGENDE GEMEENSCHAPPELIJK OPTREDEN VASTGESTELD:

Artikel 1

1.   Om onverwijld praktische uitvoering te geven aan sommige elementen van de EU-strategie verleent de Europese Unie steun aan activiteiten van de OPCW die erop gericht zijn:

de wereldwijde toepassing van het CWC te bevorderen;

de verdragsluitende staten te steunen bij de onverkorte uitvoering van het CWC;

internationale samenwerking op het gebied van chemische activiteiten, zoals begeleidende maatregelen voor de uitvoering van het CWC, tot stand te brengen;

de totstandbrenging van een kader voor samenwerking tussen de chemische industrie, de OPCW en de nationale overheden, in de context van de tiende verjaardag van de OPCW, te steunen.

2.   De OPCW-projecten, die overeenkomen met maatregelen van de EU-strategie, zijn projecten die gericht zijn op:

het bevorderen van het CWC door middel van regionale, subregionale en bilaterale activiteiten, die ten doel hebben meer staten tot de OPCW te doen toetreden;

het verlenen van duurzame technische ondersteuning aan verdragsluitende staten die hierom verzoeken, met het oog op het instellen en effectief functioneren van nationale autoriteiten, door middel van het verstrekken van subsidies voor capaciteitsopbouw en de totstandbrenging van nationale uitvoeringsmaatregelen, zoals beoogd in het CWC;

het versterken van het vermogen van de verdragsluitende staten om te reageren en bijstands- en beschermingsprogramma's te ontwikkelen tegen chemische wapens;

het tot stand brengen van een vrij toegankelijke gegevensbank waarmee de nationale autoriteiten en de industrie gemakkelijk kunnen nagaan welke chemische stoffen genoemd zijn in de lijsten van de bijlage met chemische stoffen van het CWC;

het intensiveren van de internationale samenwerking op het gebied van chemische activiteiten, teneinde de verdragsluitende staten te helpen om hun vermogen tot implementatie van dit onderdeel van het CWC te ontwikkelen;

het ondersteunen van een OPCW-forum over industrie en bescherming, ter gelegenheid van de tiende verjaardag van de OPCW;

het ondersteunen van bezoeken aan inrichtingen voor de vernietiging van chemische wapens (CWDF's) en/of aan dergelijke inrichtingen in aanbouw, bedoeld om te beoordelen in hoeverre de verlengde termijnen voor vernietiging worden gehaald en welke inspanningen daartoe worden geleverd.

In de bijlage gaat een nadere omschrijving van bovenbedoelde projecten.

Artikel 2

1.   Het financiële referentiebedrag voor de uitvoering van de zeven in artikel 1, lid 2, genoemde projecten bedraagt 1 700 000 EUR, te financieren uit de algemene begroting van de Europese Unie voor 2007.

2.   De met het in lid 1 genoemde bedrag gefinancierde uitgaven worden beheerd met inachtneming van de procedures en voorschriften van de Europese Gemeenschap die van toepassing zijn op de algemene begroting van de Europese Unie, met dien verstande dat eventuele voorfinanciering niet het eigendom van de Gemeenschap blijft.

3.   De Commissie houdt toezicht op de correcte besteding van de in lid 1 bedoelde bijdrage van de Europese Unie. Daartoe sluit zij een financieringsovereenkomst met de OPCW betreffende de voorwaarden voor het gebruik van de bijdrage van de Europese Unie, die als subsidie wordt verstrekt. De te sluiten financieringsovereenkomst moet vermelden dat de OPCW zorgt voor de zichtbaarheid van de bijdrage van de Europese Unie, in een mate die overeenstemt met de omvang ervan.

4.   De Commissie stelt alles in het werk om de in lid 3 bedoelde financieringsovereenkomst zo spoedig mogelijk na de inwerkingtreding van dit gemeenschappelijk optreden te sluiten. Zij stelt de Raad in kennis van eventuele moeilijkheden en van de datum van sluiting van de financieringsovereenkomst.

Artikel 3

1.   Het voorzitterschap, bijgestaan door de secretaris-generaal/hoge vertegenwoordiger (SG/HV), is samen met de Commissie verantwoordelijk voor de uitvoering van dit gemeenschappelijk optreden. De Commissie wordt hier volledig bij betrokken.

2.   De technische implementatie van de in artikel 1, lid 2, bedoelde projecten wordt toevertrouwd aan het technisch secretariaat van de OPWC (hierna „ het technisch secretariaat” genoemd), dat deze taak verricht onder de verantwoordelijkheid van het voorzitterschap en onder toezicht van de SG/HV. Daartoe treft de SG/HV de nodige regelingen met het technisch secretariaat.

Artikel 4

1.   Het voorzitterschap, bijgestaan door de SG/HV, brengt aan de Raad verslag uit over de implementatie van dit gemeenschappelijk optreden. De Commissie wordt daarbij volledig betrokken en verschaft informatie over de financiële aspecten van de implementatie van de in artikel 1, lid 2, bedoelde projecten.

2.   De in lid 1 bedoelde informatie is gebaseerd op door het technisch secretariaat te verstrekken rapporten.

Artikel 5

Dit gemeenschappelijk optreden wordt van kracht op de dag waarop het wordt vastgesteld.

Het verstrijkt 18 maanden na de sluiting van de in artikel 2, lid 3, bedoelde financieringsovereenkomst.

Artikel 6

Dit gemeenschappelijk optreden wordt bekendgemaakt in het Publicatieblad van de Europese Unie.

Gedaan te Brussel, 19 maart 2007.

Voor de Raad

De voorzitter

Horst SEEHOFER


(1)   PB L 349 van 24.11.2004, blz. 63.

(2)   PB L 331 van 17.12.2005, blz. 34.


BIJLAGE

EU-ondersteuning van OPCW-activiteiten in het kader van de uitvoering van de strategie van de Europese Unie tegen de verspreiding van massavernietigingswapens

1.   Doel en omschrijving

Algemene doelstelling: ondersteunen van de wereldwijde toepassing van het Verdrag inzake chemische wapens (CWC) en in het bijzonder bevorderen van de ratificatie van/toetreding tot het CWC door de staten die nog geen partij zijn (staten die wél en staten die niet hebben ondertekend), alsmede ondersteunen van de volledige uitvoering van het CWC door de staten die wel reeds partij zijn.

Omschrijving: de steun van de Europese Unie aan de OPCW (Organisation for the Prohibition of Chemical Weapons) is gericht op de volgende gebieden die door CWC-staten zijn aangemerkt als gebieden waarop dringend actie moet worden ondernomen:

bevorderen van de wereldwijde toepassing van het CWC;

steunen van de verdragsluitende staten bij de onverkorte uitvoering van het CWC;

tot stand brengen van internationale samenwerking op het gebied van chemische activiteiten, zoals begeleidende maatregelen voor de uitvoering van het CWC;

steun verlenen aan de totstandbrenging van een kader voor samenwerking tussen de chemische industrie, de OPCW en de nationale overheden, in de context van de tiende verjaardag van de OPCW.

De EU-steun komt de in punt 2 omschreven projecten ten goede. De EU-financiering zal uitsluitend uitgaven dekken die specifiek verband houden met de uitvoering van de projecten. Daarnaast zal de aankoop van goederen, werkzaamheden of diensten door de OPCW worden verricht.

2.   Projectbeschrijving

2.1.   Project 1: Universeel karakter van het CWC

Doel van het project

Bewerkstelligen dat alle landen toetreden tot het CWC, en wel middels actieve bevordering van de bekrachtiging van/toetreding tot het CWC door/van staten die nog geen partij zijn (staten die wél en staten die niet hebben ondertekend), en ondersteuning van de volledige en daadwerkelijke uitvoering van het CWC door de staten die reeds partij zijn.

Projectresultaten/activiteiten

Het aantal partijen bij het CWC verhogen, door de 14 staten die geen partij zijn (1), aan te sporen zich zo spoedig mogelijk bij het CWC aan te sluiten en hen daarbij te helpen.

Versterkte regionale netwerking (waarbij relevante regionale en subregionale organisaties worden betrokken bij het bevorderen van wereldwijde toepassing en daadwerkelijke nationale uitvoering van het CWC).

De bekendheid met het CWC, de bepalingen ervan en de voordelen ervan voor de verdragsluitende staten vergroten, middels regionale, subregionale en bilaterale programma's en door staten die geen partij zijn te laten deelnemen aan OPCW-activiteiten zoals opleidingen, workshops en studiebijeenkomsten over de uitvoering van het CWC.

Projectbeschrijving

a)

Een regionale workshop over het CWC voor het Middellandse-Zeegebied en het Midden-Oosten

Workshop over het CWC voor staten van het Middellandse-Zeegebied en in het Midden-Oosten die geen partij zijn (plaats nog te bepalen, twee tot drie dagen, tweede semester 2007). Deze workshop is een vervolg op soortgelijke evenementen op Malta (2004) en Cyprus (2005) en in Italië (2006) en Noord-Afrika (2007). Het doel van de workshop is de bekendheid met het CWC en de bijdrage ervan aan de stabiliteit in de regio en aan internationale vrede en veiligheid te vergroten. Deelnemers uit staten in de regio die geen partij zijn, zullen worden gesponsord. Het technisch secretariaat van het OPCW (hierna „technisch secretariaat” genoemd) mag ook vertegenwoordigers van verdragsluitende staten en van (sub)regionale organisaties (zoals de Liga van Arabische Staten) sponsoren als specialisten. Een of twee gastsprekers van de Europese Unie zal worden verzocht de deelnemers te informeren over EU-initiatieven inzake non-proliferatie en ontwapening met betrekking tot massavernietigingswapens (MVW), de politieke en veiligheidsaspecten van het Europees-mediterrane partnerschap en de door de Europese Unie toegepaste exportcontrolemaatregelen.

Geraamde totale kosten: 56 478 EUR.

b)

Bilaterale bezoeken/programma's

Het technisch secretariaat zal zich, in overleg met het voorzitterschap van de Europese Unie, verder toeleggen op gerichte bilaterale benaderingen en programma's voor afzonderlijke staten die geen partij zijn. Tot het bezoekende team behoren eventueel vertegenwoordigers van de Europese Unie.

i)

Twee à drie bilaterale bezoeken aan staten in Afrika die geen partij zijn. Elk bezoek zal twee tot drie dagen duren. Het bezoek zal worden afgelegd door ten hoogste vijf personen van het technisch secretariaat. Alleen de meest ter zake doende afdelingen of onderdelen van het technisch secretariaat zal worden gevraagd specialisten te sturen.

ii)

Twee à drie bilaterale bezoeken aan staten in het Midden-Oosten die geen partij zijn. Elk bezoek zal twee tot drie dagen duren. Het bezoek zal worden afgelegd door ten hoogste vier personen van het technisch secretariaat. Alleen aan de meest ter zake doende afdelingen of onderdelen zal worden gevraagd specialisten te sturen.

iii)

Twee à drie bilaterale bezoeken aan staten in Latijns-Amerika en het Caribische gebied die geen partij zijn. Het bezoek zal worden afgelegd door ten hoogste vier personen van het technisch secretariaat. Alleen aan de meest ter zake doende afdelingen of onderdelen zal worden gevraagd specialisten te sturen.

iv)

Eén à twee bilaterale bezoeken aan Azië. De bezoeken zullen worden afgelegd door ten hoogste vier personen van het technisch secretariaat. Alleen aan de meest ter zake doende afdelingen of onderdelen zal worden gevraagd specialisten te sturen.

Geraamde totale kosten: 88 435 EUR.

De bilaterale activiteiten voor deze landen kunnen onder meer de vorm aannemen van workshops/seminars die de bekendheid met het CWC moeten vergroten en de bekrachtiging/toetreding moeten stimuleren. Het eindbesluit over zulke bilaterale evenementen zal worden bepaald door positieve ontwikkelingen en door de mate van voorbereiding door bovengenoemde landen.

Geraamde totale kostprijs van project 1: 144 913 EUR.

2.2.   Project 2: Nationale uitvoering van het CWC

2.2.1.   Instelling en effectief functioneren van nationale autoriteiten, totstandbrenging van nationale uitvoeringsmaatregelen en aanneming van eventuele administratieve maatregelen die nodig zijn krachtens de verplichtingen van artikel VII van het CWC, en indiening van nauwkeurige opgaven, zoals bedoeld in artikel VI

Projectbeschrijving

Het project zal bijdragen aan de huidige pogingen om het functioneren van de nationale autoriteiten en het treffen van adequate uitvoeringsmaatregelen te verbeteren, door middel van steun, in het kader van bilaterale bezoeken of in een andere passende vorm, in alle aangelegenheden die verband houden met het CWC, in het bijzonder wat wetgevings- en technische aspecten betreft, om in te gaan op de behoeften van daarom verzoekende staten die partij zijn, en hen te helpen hun verplichtingen op grond van artikel VII na te komen. De steun zal worden verleend door deskundigen/specialisten van de OPCW, waaronder, zo nodig, EU-deskundigen. Ieder bezoek zal ongeveer vijf werkdagen duren en wordt normaal gezien afgelegd door drie deskundigen. Hoe lang het bezoek duurt en hoeveel personen per team meereizen, wordt per geval bepaald, teneinde de voor dat geval vereiste steun op de meest kostenefficiënte manier te kunnen verstrekken. Verder wordt er bijstand geboden door financiering van reizen van deskundigen van verzoekende staten die partij zijn, naar het technisch secretariaat, voor overleg en praktisch werk met ter zake kundige functionarissen van het technisch secretariaat. Ieder dergelijk bezoek zal ongeveer vijf werkdagen duren en wordt normaal gezien afgelegd door drie nationale deskundigen.

Voorts zal de Europese Unie een programma voor een langer bezoek aan Afrika financieren om de Afrikaanse staten die partij zijn bij het verdrag, te helpen hun verplichtingen ingevolge artikel VII van het CWC na te komen.

Geraamde totale kosten: 225 498 EUR.

2.2.2.   Financiële steun aan nationale autoriteiten om hen te helpen capaciteit op te bouwen met het oog op de nationale activiteiten die nodig zijn voor de uitvoering van het CWC

Projectbeschrijving

Subsidies om activiteiten met betrekking tot de nationale uitvoering in ongeveer tien geselecteerde nationale autoriteiten te financieren, met een maximumbedrag van 10 000 EUR per geselecteerde nationale autoriteit.

In de nabije toekomst kunnen de verdragsluitende staten om steun verzoeken op onder meer de volgende gebieden:

de vertaling en publicatie van het CWC in de taal van het land, indien die taal niet één van de CWC-talen is, de publicatie en verspreiding van aangenomen wet- en regelgeving, waarbij een bureau voor de nationale autoriteit wordt ingesteld;

honoraria voor juristen die nationale uitvoeringswetgeving opstellen;

opleidingen om het thema van de uitvoering van de verschillende bepalingen van het CWC op nationaal niveau beter bekend te maken bij het personeel van overheidsinstanties op dit gebied en de industrie. Dit kunnen onder meer toenaderings- en bewustmakingsseminars zijn voor besluitvormers in ministeries zoals Externe Betrekkingen, Justitie, Defensie, Binnenlandse Zaken, Industrie en Handel en in douaneautoriteiten en brancheorganisaties;

opleidingen voor de relevante belanghebbenden over het opsporen van en rapporteren over: inrichtingen waarvan opgave moet worden gedaan, in het CWC opgenomen chemische stoffen, in- en uitvoer die verband houdt met het CWC.

Deze subsidies mogen niet worden gebruikt om salarissen te betalen.

Goedkeuringsmechanisme

Er wordt een goedkeuringsmechanisme voor de selectie van de nationale autoriteiten en de voorgestelde consultants ingesteld met vertegenwoordigers van het voorzitterschap van de Europese Unie, het Bureau van de persoonlijke vertegenwoordiger van de hoge vertegenwoordiger voor de non-proliferatie van massavernietigingswapens, de Commissiediensten en het technisch secretariaat.

Selectiecriteria

De nationale autoriteiten die voor een schenking in aanmerking komen, zullen worden geselecteerd op grond van zorgvuldig gekozen criteria: de nationale autoriteiten moeten onder meer bewijzen dat zij in staat zijn meetbare vooruitgang te boeken met het uitvoeren van de bepalingen van het CWC, volgens een op het land toegesneden actieplan dat tijdens een bilateraal bezoek zal worden opgesteld.

Alvorens aanbevelingen te doen aan de bevoegde instanties van de Raad, wordt aan de hand van het goedkeuringsmechanisme bepaald of verzoeken van nationale autoriteiten voor subsidies in aanmerking komen (in het bijzonder wat betreft de relevantie voor het verhogen van de capaciteit voor nationale uitvoering, transparantie, haalbaarheid en duurzaamheid). Mede dankzij deze subsidies zouden de geselecteerde nationale autoriteiten in de daaropvolgende jaren zelfstandige entiteiten moeten worden.

Om deze subsidies te kunnen ontvangen, moeten de begunstigde nationale autoriteiten de OPCW kwantificeerbare doelstellingen voorleggen, alsook een duidelijk tijdschema waarin die doelstellingen met behulp van de subsidies verwezenlijkt zullen worden. In de overeenkomst wordt ook bepaald dat de begunstigde nationale autoriteit bij het technisch secretariaat op gezette tijden verslag moet uitbrengen over haar activiteiten. De subsidies worden in tranches uitbetaald, na evaluatie van de geboekte vooruitgang. Het technisch secretariaat verschaft de Europese Unie de nodige informatie over de vooruitgang die in de begunstigde verdragsluitende staten wordt geboekt, alsook een financiële verklaring over het gebruik van de middelen door elke begunstigde staat die partij is.

Geraamde totale kosten: 100 000 EUR.

2.2.3.   Deelname van de nationale autoriteiten en douaneautoriteiten aan één of meer technische vergaderingen in Den Haag of elders over de CWC-bepalingen inzake overdracht

Projectbeschrijving

De problemen ten gevolge van de beperkte nationale capaciteit waarmee de verdragsluitende staten te kampen hebben bij het vergaren van betrouwbare gegevens over in- en uitvoer van in het CWC opgenomen chemische stoffen, bij het doen van nauwkeurige opgaven aan de OPCW, alsook bij het toezien op de handel in bovenbedoelde chemische stoffen, hebben gevolgen voor de doeltreffendheid van de verificatieregeling van de OPCW en voor de mate waarin zij haar non-proliferatiedoelstellingen bereikt.

Het technisch secretariaat wil bovengenoemde problemen aanpakken door zich te richten op onderstaande punten:

belanghebbenden in de nationale autoriteiten, in het bijzonder douanediensten, bekendmaken met de wettelijke voorschriften van het CWC, zodat de non-proliferatiedoelstellingen van het CWC beter worden gediend;

de douaneautoriteiten tijdens vergaderingen technische informatie verstrekken over beter beheer van in- en uitvoerprocedures voor de regulering van de handel in chemische stoffen die in het verdrag zijn opgenomen;

onderzoeken welke chemische stoffen van belang zijn voor een goed toezicht op de handel in chemische stoffen die in het verdrag zijn opgenomen, en voor het uitwisselen van nationale en regionale ervaringen met de uitvoering van de bepalingen van het verdrag inzake overdracht;

verspreiden van informatie over EU-initiatieven en bijstandsactiviteiten ten behoeve van het toezicht op de handel in chemische stoffen die in het verdrag zijn opgenomen;

inzicht scheppen in de praktische problemen en uitdagingen waarmee de douaneautoriteiten in de verschillende regio's en subregio's te maken krijgen bij het controleren van de handel in in het verdrag opgenomen chemische stoffen;

bevorderen van begrip en samenwerking tussen belanghebbenden van de nationale autoriteit met het oog op het toezicht op en de gegevensverstrekking over de in- en uitvoer van in het verdrag opgenomen chemische stoffen;

er moet worden gezocht naar synergieën tussen de verschillende internationale regelingen waarop de douaneautoriteiten toezicht moeten houden, en er moet een forum worden geboden voor overleg en samenwerking binnen subregio's voor een doeltreffende uitvoering van het CWC.

Het technisch secretariaat zal drie subregionale bijeenkomsten organiseren, namelijk voor Zuidoost-Azië, de Ontwikkelingsgemeenschap van zuidelijk Afrika en verdragsluitende staten in Oost-Europa. Het technisch secretariaat zal tijdens deze bijeenkomsten de deelnemers proberen te overtuigen van de noodzaak dat alle verdragsluitende staten maatregelen nemen die de verwezenlijking van de non-proliferatiedoelstellingen van het CWC dichterbij brengen. Voorts zal er tijdens de jaarlijkse regionale bijeenkomst van nationale autoriteiten in de Groep van Latijns-Amerikaanse en Caraïbische landen (GRULAC) aandacht zijn voor de noodzaak van goede interactie tussen nationale autoriteiten en douaneautoriteiten.

Aan een subregionale activiteit nemen zeven tot tien verdragsluitende staten deel. Er worden twee vertegenwoordigers uitgenodigd, van de nationale autoriteit en de douaneautoriteiten, van iedere verdragsluitende staat. Specialisten met een nuttige specialisatie worden ook door de OPCW gesponsord voor dergelijke bijeenkomsten.

Geraamde totale kosten: EUR 183 466.

2.2.4.   Acties om parlementsleden erop te wijzen dat het CWC van verdragsluitende staten verlangt dat zij algemene nationale uitvoeringswetgeving aannemen

Doel van het project

Bevorderen dat er in de verdragsluitende staten nationale uitvoeringswetgeving wordt aangenomen.

Projectbeschrijving

Het technisch secretariaat zal trachten parlementsleden in de diverse geografische gebieden die in de OPCW vertegenwoordigd zijn, te bereiken en hen erop wijzen dat er nationale wetgeving tot uitvoering van het CWC moet worden aangenomen.

Het technisch secretariaat zal met dat doel twee speciale bijeenkomsten van parlementsleden op regionaal niveau in Azië en Latijns-Amerika beleggen.

Dit soort bewustmaking zal tijdens de vergaderingen van de interparlementaire unie worden voortgezet.

Dit verzoek wordt gedaan op basis van het aantal ontwerpen van nationale uitvoeringswetgeving dat naar verwachting in 2007-2008 door de nationale parlementen zal worden besproken. Slechts een derde van de leden van de OPCW heeft algemene nationale uitvoeringswetgeving.

Geraamde totale kosten: 167 769 EUR.

Geraamde totale kostprijs van project 2: 676 733 EUR.

2.3.   Project 3: Internationale samenwerking op chemisch gebied

Cursus „Ontwikkeling van analysevaardigheden”

Doel van het project

Helpen bij de ontwikkeling van het vermogen van de CWC-staten om het CWC te implementeren op het gebied van chemische activiteiten, overeenkomstig artikel XI van het CWC.

Dit project is vooral gericht op capaciteitsopbouw door het geven van ondersteuning aan analytische laboratoria en opleiding op het gebied van het bemonsteren en analyseren van chemische stoffen die verband houden met het CWC.

Projectresultaten/activiteiten

Gekwalificeerde chemische analisten van CWC-staten helpen om meer ervaring en praktische kennis op te doen teneinde de analyse van chemische stoffen die verband houden met de nationale uitvoering van het CWC, te vergemakkelijken.

Analytische laboratoria de mogelijkheid geven hun technische vaardigheden te verbeteren.

Projectbeschrijving

In 2007 zal de cursus „Ontwikkeling van analysevaardigheden” drie keer worden georganiseerd, voor telkens 20 deelnemers. Het doel zal zijn om gekwalificeerde chemische analisten van CWC-staten die ontwikkelingslanden zijn of een overgangseconomie hebben, de mogelijkheid te bieden om meer ervaring en praktische kennis op te doen; de analyse van chemische stoffen die verband houden met de nationale uitvoering van het CWC, te vergemakkelijken; verbetering van de nationale capaciteit in de lidstaten door een opleiding in chemische analyse aan te bieden aan personeelsleden uit het bedrijfsleven, de academische instellingen en de overheidslaboratoria; de invoering van goede laboratoriumpraktijken te faciliteren, en de personeelspool te vergroten waaruit de nationale autoriteiten en het technisch secretariaat in de toekomst kunnen putten. De cursus zal betrekking hebben op zowel theoretische als praktische opleiding inzake systeemvalidatie, probleemoplossing, prepareren en analyseren van monsters. Elke cursus zal twee weken duren.

Geraamde totale kostprijs van project 3: 360 000 EUR.

2.4.   Project 4: Bijstand en bescherming tegen chemische wapens

Doel van het project

De OPCW wil bedreigingen van de vrede en de veiligheid aanpakken. Deze bedreigingen vergen snelle en gecoördineerde reacties op nationaal, regionaal en internationaal niveau. Artikel X van het CWC over bijstand en bescherming speelt hierin een bijzondere rol. De OPCW moet een staat van paraatheid bereiken en handhaven die een tijdige, adequate en doeltreffende reactie mogelijk maakt. Daarom moet de OPCW de verdragsluitende staten helpen bij het ontwikkelen en/of verbeteren van nationale en regionale reactiesystemen tegen chemische wapens en bij het opzetten van een goed mechanisme voor het mobiliseren van internationale bijstand aan een verzoekende staat die partij is bij het verdrag, in het geval van mogelijk gebruik van chemische wapens.

Projectresultaten

Opvoering van het vermogen van het technisch secretariaat om internationale bijstand te mobiliseren en te coördineren.

Opbouwen/ontwikkelen of verbeteren van nationale reactievermogens en beschermingsprogramma's van verdragsluitende staten.

Oprichting van goed werkende regionale beschermingsnetwerken.

Verstrekking en verspreiding van informatie op het gebied van bescherming tegen chemische wapens.

2.4.1.   Technische bezoeken aan verdragsluitende staten voor inspectie van aanbiedingen van bijstand

Projectbeschrijving

Het technisch secretariaat zal in 2007 tot zes bezoeken brengen aan verdragsluitende staten voor het inspecteren van bijstandsaanbiedingen uit hoofde van artikel X, lid 7, van het CWC. Het team van het technisch secretariaat bestaat uit maximaal twee deskundigen.

In totaal hebben 71 verdragsluitende staten toegezegd dat zij via de OPCW bijstand zullen bieden, waarvan er 42 hebben gekozen voor vrijwillige bijstand aan de OPCW. Deze toezeggingen voor vrijwillige bijstand omvatten diverse soorten individuele beschermende uitrusting, detectie- en ontsmettingsapparatuur en -eenheden, humanitaire uitrusting, literatuur en deskundig advies.

Deze bezoeken bieden de mogelijkheid om de aanbiedingen van de bezochte OPCW-lidstaat te beoordelen op hun waarde en om de toestand van de uitrusting te bezien (houdbaarheid, verpakking, beschikbaarheid, leverbaarheid, enz.). Indien de houdbaarheid van uitrusting ten einde loopt of indien het aanbod zal worden gewijzigd, worden tijdens zo'n bezoek de nieuwe voorwaarden vastgesteld en bijzonderheden over het aanbod verzameld. Al deze informatie wordt dan opgeslagen in de gegevensbank van de OPCW over bijstand en bescherming.

Geraamde totale kosten: 45 230 EUR.

2.4.2.   Opbouw van nationale capaciteit van staten in Noord-Afrika die partij zijn bij het CWC

Projectbeschrijving

In de huidige veiligheidssituatie worden de verdragsluitende staten zich meer en meer bewust van het feit dat in hun nationale reactieplannen geen rekening wordt gehouden met het mogelijke gebruik van MVW. Als gevolg hiervan ontvangt de OPCW van verdragsluitende staten een groot aantal verzoeken die verband houden met het opbouwen van het vermogen om bescherming te bieden tegen chemische wapens, in het geval van een chemische terroristische aanslag.

Het technisch secretariaat heeft een hoge prioriteit gegeven aan de regio Afrika, waar bijna geen beschermende capaciteit tegen chemische wapens voorhanden is, acht de behoefte zeer groot en heeft besloten deze regio tijdig bijstand te bieden.

Onlangs hebben de verdragsluitende staten in Noord-Afrika (Algerije, Libië, Marokko en Tunesië), met het oog op de beveiliging en de veiligheid van de regio, aan de OPCW een verzoek om bijstand gericht overeenkomstig artikel X, lid 5, van het CWC inzake chemische wapens, volgens hetwelk de verdragsluitende staten van het technisch secretariaat deskundig advies kunnen vragen en krijgen over de verbetering en ontwikkeling van hun capaciteit om bescherming te bieden tegen chemische wapens.

Het technisch secretariaat heeft een reeks activiteiten gepland, gericht op de opleiding van eerste hulpverleners op het terrein en op de ontwikkeling van hun noodreactiesysteem tegen stoffen voor chemische oorlogvoering. De activiteiten in Noord-Afrika zullen van start gaan met één voorbereidende planningsvergadering, gevolgd door cursussen over bescherming op basis-, gevorderd en gespecialiseerd niveau. Het project wordt afgesloten met een subregionale oefening en een afsluitende evaluatiebijeenkomst.

Geraamde totale kosten: 200 900 EUR.

Geraamde totale kostprijs van project 4: 246 130 EUR.

2.5.   Project 5: Steun voor de volledige nationale tenuitvoerlegging van het CWC door de verdragsluitende staten middels het actualiseren van de gegevensbank van in het verdrag opgenomen chemische stoffen voor verificatiedoeleinden

2.5.1.   Actualisering van de gegevensbank van in het verdrag opgenomen chemische stoffen voor verificatiedoeleinden

Doel van het project

Het werk voor de nationale autoriteiten en de industrie vereenvoudigen door een vrij toegankelijke gegevensbank op te richten waarmee zij gemakkelijk kunnen nagaan welke chemische stoffen in het CWC zijn opgenomen en van welke inrichtingen een opgave moet worden gedaan, en verschillen tussen de opgegeven in- en uitvoer van deze chemische stoffen tussen de verdragsluitende staten kunnen verkleinen.

Projectresultaten

Opzetten van een gegevensbank met alle chemische stoffen van het CWC.

Deze chemische stoffen omschrijven met het eventuele registratienummer van de Chemical Abstracts Service (CAS), met het geharmoniseerde systeem (GS) voor douanebeambten en met scheikundige en structuurformules.

De gegevensbank gratis op internet beschikbaar stellen.

Geraamde totale kostprijs van project 5: 80 180 EUR.

2.6.   Project 6: OPCW-forum over industrie en bescherming

Doel van het project

Een OPCW-forum over industrie en bescherming voorbereiden en leiden in het kader van de tiende verjaardag van de OPCW op 2-3 november 2007, voorafgaand aan de twaalfde zitting van de conferentie van staten die partij zijn, en de bijeenkomst van de nationale autoriteiten die onmiddellijk daarvoor wordt gehouden.

Twee dagen plenaire vergaderingen en tegelijkertijd workshops en opleiding met het technisch secretariaat, de chemische industrie, nationale autoriteiten en respectieve nationale instanties, met een demonstratie van CWC-inspectieapparatuur en uitrusting voor bescherming tegen MVW.

Doel van het project

Het algemene doel van het forum is om steun te verlenen aan de nationale tenuitvoerlegging van het CWC door middel van het creëren van synergieën en het versterken van een kader voor samenwerking tussen de chemische industrie, de OPCW en de nationale autoriteiten. Door vertegenwoordigers van de chemische industrie van de ondertekenende staten uit te nodigen, wordt met het forum tevens gepoogd de wereldwijde toepassing van het CWC te bevorderen.

Projectresultaten

Meer steun voor de chemische industrie bij de nationale tenuitvoerlegging van het CWC en meer synergieën tussen de chemische industrie, de OPCW en de nationale autoriteiten.

De chemische industrie wordt zich bewuster van het gevaar en de problemen die samenhangen met de proliferatie.

Beter vermogen van de verdragsluitende staten om bescherming te bieden tegen MVW (bijvoorbeeld uitrusting voor opsporing, medische tegenmaatregelen en reactie).

Beter vermogen van de chemische industrie om de verificatietechnieken en de procedures van het CWC toe te passen.

De ontwikkelingslanden worden bijgestaan bij het deelnemen aan de uitwisseling van ervaringen en praktijkkennis over verificatie van de industrie, en toegang bieden tot recente ontwikkelingen wat CWC-verificatie en bescherming tegen MVW betreft.

Projectpartners, doelgroepen/belanghebbenden en deelnemers en begunstigden

De chemische industrie, zoals verenigingen (Conseil européen des fédérations de l'industrie chimique (CEFIC), de Internationale Raad van chemische verenigingen) en bedrijven uit lidstaten en ondertekenende staten, nationale autoriteiten van de lidstaten van de OPCW, overheidsinstanties die betrokken zijn bij toezicht op activiteiten in de sfeer van nationale tenuitvoerlegging en controle op toxische chemische stoffen, overheidsinstanties die bijstand verlenen wanneer er chemische wapens zijn gebruikt of wanneer er terroristisch gebruik is gemaakt van toxische chemische stoffen, internationale en nationale organisaties en instanties, ondernemingen die uitrusting maken ter bescherming tegen MVW.

Geraamde totale kostprijs van project 6: 140 000 EUR.

2.7.   Project 7: Financiële steun verlenen aan groepen van de OPCW die een bezoek brengen aan inrichtingen voor de vernietiging van chemische wapens

Doel van het project

Financiële steun aan vertegenwoordigers van de Uitvoerende Raad van de OPCW, zoals beschreven in het besluit van de Uitvoerende Raad en de conferentie van de staten die partij zijn (EC-M-26/DEC.5), ten behoeve van bezoeken aan inrichtingen voor de vernietiging van chemische wapens (CWDF's) en/of aan zulke inrichtingen in aanbouw, bedoeld om te beoordelen of de verlengde vernietigingstermijnen worden gehaald.

Projectresultaten

Tenuitvoerlegging van de besluiten van de Uitvoerende Raad en de conferentie van de staten die partij zijn (EC-M-26/DEC.5), door deelname aan de bezoekersgroepen open te stellen voor vertegenwoordigers van alle regionale groepen die anders, bij gebrek aan middelen, niet zouden kunnen komen.

Projectbeschrijving

Op 8 december 2006 heeft de Uitvoerende Raad van de OPCW Besluit EC-M-26/DEC.5 aangenomen (Bezoeken van vertegenwoordigers van de Uitvoerende Raad), waarin de conferentie van de staten die partij zijn, wordt aanbevolen in te stemmen met bezoeken van vertegenwoordigers van de Uitvoerende Raad aan CWDF's in de Verenigde Staten en in de Russische Federatie.

De conferentie van de staten die partij zijn, heeft besloten dat zulke bezoeken moeten plaatsvinden en heeft de praktische voorwaarden ervoor vastgesteld in haar besluit C-11/DEC.20 van 8 december 2006.

Het doel van de bezoeken is, de leden van de Uitvoerende Raad de gelegenheid te bieden om de balans op te maken van de vorderingen en inspanningen die gericht zijn op het halen van de verlengde termijnen en van de maatregelen die de bezochte verdragsluitende staat heeft genomen om mogelijke problemen met of vertragingen in het vernietigingsprogramma te kunnen overwinnen.

De bezoekende groepen bestaan, overeenkomstig Besluit C-11/DEC.20, uit de voorzitter of vicevoorzitter van de Uitvoerende Raad, een vertegenwoordiger van elk van de overige regionale groepen, één vertegenwoordiger van andere verdragsluitende staten en die dergelijke bezoeken organiseren, de directeur-generaal van het technisch secretariaat (of zijn vertegenwoordiger) en, zo nodig, een tolk van het technisch secretariaat.

In dat besluit staat dat het technisch secretariaat de kosten van zijn eigen personeel en van de voorzitter of vicevoorzitter van de Uitvoerende Raad draagt en dat alle andere deelnemers hun eigen kosten betalen.

Het doel van dit project is, financiering te bieden voor de vier regionale deelnemende vertegenwoordigers, indien zij daarom verzoeken.

Het voor project van punt 2.2.2 ingestelde goedkeuringsmechanisme zal worden gebruikt ten behoeve van de selectie van de voor financiering uit hoofde van dit project in aanmerking komende begunstigden. Het technisch secretariaat zal het voorzitterschap zo spoedig mogelijk op de hoogte brengen van alle geïnteresseerde kandidaten en er zal een bijeenkomst van het goedkeuringsmechanisme bijeen worden geroepen. Voor de definitieve selectie van deelnemers die EU-subsidie zullen krijgen voor de bezoeken, zal voorafgaande goedkeuring van de lidstaten van de Europese Unie nodig zijn. De selectiecriteria betreffen onder meer de status van minst ontwikkelde landen, de naleving door de landen die een aanvraag indienen, van hun verplichtingen jegens de OPCW en de eerbiediging van alle internationale verplichtingen inzake ontwapening en non-proliferatie.

De Europese Unie zal in een later stadium overwegen om een trustfonds voor deze doelen in te stellen.

Geraamde totale kostprijs van project 7: 21 696 EUR.

3.   Duur

De totale duur van de uitvoering van dit gemeenschappelijk optreden wordt op 18 maanden geraamd.

4.   Begunstigden

De begunstigden van de activiteiten die gericht zijn op het universeel maken van het verdrag, zijn staten die geen partij zijn bij het CWC (staten die wél, maar ook staten die niet hebben ondertekend). De begunstigden van de op uitvoering gerichte activiteiten zijn niet-EU-staten die partij zijn bij het CWC. Met de projecten wordt beoogd te zorgen voor een striktere toepassing en naleving van het CWC door de verdragsluitende staten. De selectie van de begunstigde landen zal geschieden door de OPCW, in overleg met het voorzitterschap van de Europese Unie.

5.   Uitvoeringsorgaan

De OPCW wordt met de uitvoering van de zeven projecten belast.

Deze zeven projecten zullen worden uitgevoerd door de personeelsleden van de OPCW-staten, met hulp van de staten van de OPCW die partij zijn, en hun instellingen, geselecteerde deskundigen of hierboven bedoelde contractanten. In het geval van contractanten zal de levering van goederen, werken of diensten door de OPCW in het kader van dit gemeenschappelijk optreden geschieden volgens de desbetreffende regels en procedures van de OPCW, zoals omschreven in de bijdrageovereenkomst tussen de Europese Gemeenschap en een internationale organisatie.

De resultaten van elk van de zeven projecten die krachtens dit gemeenschappelijk optreden worden gefinancierd, zullen door de bevoegde instellingen en instanties van de Europese Unie, overeenkomstig dit gemeenschappelijk optreden, worden geëvalueerd. De OPCW zal daartoe het voorzitterschap van de Europese Unie via de SG/HV en de Commissie gedetailleerde uitvoeringsverslagen voorleggen.

6.   Deelnemende derde partijen

Deze projecten worden volledig gefinancierd uit dit gemeenschappelijk optreden. Deskundigen van de verdragsluitende staten van de OPCW mogen als deelnemende derde partijen worden beschouwd. Zij zullen hun werkzaamheden verrichten volgens de standaardwerkwijze voor OPCW-deskundigen.

7.   Raming van de benodigde middelen

De bijdrage van de Europese Unie dekt volledig de uitvoering van de zeven in deze bijlage omschreven projecten. De kosten worden als volgt geraamd:

Project 1:

144 913 EUR

Project 2:

676 733 EUR

Project 3:

360 000 EUR

Project 4:

246 130 EUR

Project 5:

80 180 EUR

Project 6:

140 000 EUR

Project 7:

21 696 EUR.

TOTALE AFGERONDE KOSTPRIJS (exclusief onvoorziene kosten): 1 670 000 EUR.

Verder is er voor onvoorziene kosten een reserve van ongeveer 3 % (30 000 EUR) van de voorziene kosten.

TOTALE KOSTPRIJS (inclusief onvoorziene kosten): 1 700 000 EUR.

8.   Financieel referentiebedrag voor de totale kosten van het project

De totale kosten van het project bedragen 1 700 000 EUR.


(1)  De staten die geen partij zijn bij het verdrag liggen in de volgende regio's: Afrika (Angola, Congo Brazzaville, Guinee Bissau en Somalië), Midden-Oosten (Egypte, Irak, Israël, Libanon en Syrië), Latijns-Amerika en het Caribische gebied (Bahama's, Barbados en de Dominicaanse Republiek), Azië (Myanmar en Noord-Korea).