|
2.2.2006 |
NL |
Publicatieblad van de Europese Unie |
L 29/28 |
VERORDENING (EG) Nr. 180/2006 VAN DE COMMISSIE
van 1 februari 2006
tot vaststelling van de hoeveelheden van de leveringsverplichtingen voor de krachtens het ACS-protocol en de overeenkomst met India in te voeren rietsuiker voor de leveringsperiode 2005/2006 en houdende afwijking van Verordening (EG) nr. 1159/2003
DE COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN,
Gelet op het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap,
Gelet op Verordening (EG) nr. 1260/2001 van de Raad van 19 juni 2001 houdende een gemeenschappelijke ordening der markten in de sector suiker (1), en met name op artikel 39, lid 6,
Gelet op Verordening (EG) nr. 1159/2003 van de Commissie van 30 juni 2003 tot vaststelling, voor de verkoopseizoenen 2003/2004, 2004/2005 en 2005/2006, van de uitvoeringsbepalingen voor de invoer van rietsuiker in het kader van bepaalde tariefcontingenten en preferentiële overeenkomsten en tot wijziging van de Verordeningen (EG) nr. 1464/95 en (EG) nr. 779/96 (2), en met name op artikel 9, lid 1,
Overwegende hetgeen volgt:
|
(1) |
In artikel 9 van Verordening (EG) nr. 1159/2003 zijn de voorwaarden vastgesteld voor de bepaling van de leveringsverplichtingen tegen nulrecht van de producten van GN-code 1701 , uitgedrukt in wittesuikerequivalent, voor invoer van oorsprong uit de landen die het ACS-protocol en de overeenkomst met India hebben ondertekend. |
|
(2) |
Overeenkomstig het bepaalde in de artikelen 3 en 7 van het ACS-protocol, in de artikelen 3 en 7 van de overeenkomst met India en in artikel 9, lid 3, en de artikelen 11 en 12 van Verordening (EG) nr. 1159/2003 heeft de Commissie, op basis van de momenteel beschikbare informatie, voor elk land van uitvoer de leveringsverplichtingen voor de leveringsperiode 2005/2006 vastgesteld. |
|
(3) |
In artikel 12, lid 2, van Verordening (EG) nr. 1159/2003 is bepaald dat lid 1 van dat artikel niet van toepassing is als het verschil tussen de hoeveelheid van de leveringsverplichtingen en de totale geboekte hoeveelheid preferentiële suiker ACS-India niet groter is dan 5 % van de hoeveelheid van de leveringsverplichtingen. Voor Ivoorkust, India en Madagaskar liggen de geleverde hoeveelheden respectievelijk 6,7 %, 7,6 % en 6,7 % lager dan de hoeveelheden van de leveringsverplichtingen. Aangezien het hierbij om zeer geringe hoeveelheden gaat en het effect op de communautaire suikermarkt en op de bevoorrading van de communautaire raffinaderijen met ruwe suiker voor de betrokken leveringsperiode te verwaarlozen is geweest, is het aangewezen artikel 12, lid 1, van Verordening (EG) nr. 1159/2003 niet toe te passen voor India, Ivoorkust en Madagaskar en de niet-geleverde hoeveelheden toe te voegen aan de hoeveelheden van de leveringsverplichtingen van deze landen voor de leveringsperiode 2005/2006, overeenkomstig artikel 12, lid 4, van voornoemde verordening. |
|
(4) |
De in deze verordening vervatte maatregelen zijn in overeenstemming met het advies van het Comité van beheer voor suiker, |
HEEFT DE VOLGENDE VERORDENING VASTGESTELD:
Artikel 1
In afwijking van artikel 12, lid 2, van Verordening (EG) nr. 1159/2003, is het bepaalde in lid 1 van dat artikel niet van toepassing met betrekking tot de hoeveelheden die door Ivoorkust, India en Madagaskar niet zijn geleverd voor de leveringsperiode 2004/2005.
De in lid 1 van het overhavige artikel bedoelde niet-geleverde hoeveelheden worden toegevoegd aan de in artikel 2 bedoelde hoeveelheden van de leveringsverplichtingen.
Artikel 2
De hoeveelheden van de leveringsverplichtingen voor de invoer van producten van GN-code 1701 , uitgedrukt in wittesuikerequivalent, van oorsprong uit de landen die het ACS-protocol en de overeenkomst met India hebben ondertekend, voor de leveringsperiode 2005/2006 zijn voor ieder betrokken land van uitvoer vastgesteld in de bijlage.
Artikel 3
Deze verordening treedt in werking op de dag van haar bekendmaking in het Publicatieblad van de Europese Unie.
Deze verordening is verbindend in al haar onderdelen en is rechtstreeks toepasselijk in elke lidstaat.
Gedaan te Brussel, 1 februari 2006.
Voor de Commissie
Mariann FISCHER BOEL
Lid van de Commissie
(1) PB L 178 van 30.6.2001, blz. 1. Verordening laatstelijk gewijzigd bij Verordening (EG) nr. 39/2004 van de Commissie (PB L 6 van 10.1.2004, blz. 16).
(2) PB L 162 van 1.7.2003, blz. 25. Verordening laatstelijk gewijzigd bij Verordening (EG) nr. 568/2005 (PB L 97 van 15.4.2005, blz. 9).
BIJLAGE
Hoeveelheden van de leveringsverplichtingen voor de invoer van preferentiële suiker uit de landen die het ACS-protocol en de overeenkomst met India hebben ondertekend, voor de leveringsperiode 2005/2006, uitgedrukt in ton wittesuikerequivalent
|
Landen die het ACS-protocol en de overeenkomst met India hebben ondertekend |
Leveringsverplichtingen 2005/2006 |
|
Barbados |
32 638,29 |
|
Belize |
40 306,70 |
|
Congo |
10 225,97 |
|
Ivoorkust |
10 772,81 |
|
Fiji |
165 305,43 |
|
Guyana |
159 259,91 |
|
India |
10 781,10 |
|
Jamaica |
118 851,82 |
|
Kenia |
5 050,48 |
|
Madagaskar |
14 217,02 |
|
Malawi |
20 993,62 |
|
Mauritius |
493 856,36 |
|
Mozambique |
6 018,62 |
|
Oeganda |
0,00 |
|
Saint Kitts en Nevis |
15 689,30 |
|
Suriname |
0,00 |
|
Swaziland |
116 631,85 |
|
Tanzania |
10 298,66 |
|
Trinidad en Tobago |
47 717,60 |
|
Zambia |
7 086,65 |
|
Zimbabwe |
30 262,59 |
|
Totaal |
1 315 964,78 |