23.4.2005   

NL

Publicatieblad van de Europese Unie

L 104/4


VERORDENING (EG) Nr. 627/2005 VAN DE COMMISSIE

van 22 april 2005

tot intrekking van Verordening (EG) nr. 206/2005 tot instelling van definitieve vrijwaringsmaatregelen ten aanzien van de invoer van gekweekte zalm

DE COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN,

Gelet op het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap,

Gelet op Verordening (EG) nr. 3285/94 van de Raad van 22 december 1994 betreffende de gemeenschappelijke invoerregeling en tot intrekking van Verordening (EG) nr. 518/94 (1), en met name op artikel 21, lid 2, onder b),

Gelet op Verordening (EG) nr. 519/94 van de Raad van 7 maart 1994 betreffende de gemeenschappelijke regeling voor de invoer uit bepaalde derde landen en tot intrekking van de Verordeningen (EEG) nr. 1765/82, (EEG) nr. 1766/82 en (EEG) nr. 3420/83 (2), en met name artikel 18, lid 2, onder b),

Overwegende hetgeen volgt:

PROCEDURE

(1)

Op 6 maart 2004 heeft de Commissie een vrijwaringsonderzoek geopend met betrekking tot de invoer van gekweekte zalm in de Gemeenschap. Op 4 februari 2005 heeft de Commissie bij Verordening (EG) nr. 206/2005 (3) definitieve vrijwaringsmaatregelen ingesteld.

(2)

Op 23 oktober 2004 heeft de Commissie een antidumpingonderzoek geopend met betrekking tot de invoer van gekweekte zalm uit Noorwegen. Op 22 april 2005 heeft de Commissie bij Verordening (EG) nr. 628/2005 (4) voorlopige antidumpingmaatregelen ingesteld.

OVERWEGINGEN

(3)

De instelling van definitieve vrijwaringsmaatregelen ten aanzien van de invoer van gekweekte zalm, ongeacht de oorsprong, volgde op een onderzoek dat betrekking had op de periode 2000–2003. De Commissie heeft eerst voorlopig vastgesteld dat de invoer uit Noorwegen, in de periode van 1 oktober 2003 tot en met 30 september 2004, is blijven stijgen en er sprake is van schadelijke dumping. Vervolgens heeft zij voorlopige antidumpingmaatregelen ingesteld ten aanzien van de invoer van gekweekte zalm uit Noorwegen.

(4)

De invoer van gekweekte zalm uit Noorwegen in het jaar eindigend op 30 september 2004 bedroeg ongeveer 60 % van de communautaire markt en ongeveer 75 % van de totale invoer in de Gemeenschap. In Verordening (EG) nr. 206/2005 had de Commissie al verklaard dat de aanzienlijke stijging van de invoer – vanwege de prijsdaling die daarmee gepaard ging – rampzalige gevolgen had voor de winstgevendheid van de producenten van de Gemeenschap. Het doel van de instelling van voorlopige antidumpingmaatregelen ten aanzien van de invoer van gekweekte zalm uit Noorwegen was het elimineren van het oneerlijke prijselement van deze invoer. Ook mag worden verwacht dat zij de kwantitatieve toename van de invoer uit Noorwegen, de voornaamste bron van invoer in de Gemeenschap, zullen afremmen. Derhalve luidt de conclusie in de specifieke omstandigheden van dit geval dat de antidumpingmaatregelen voldoende zijn om de schade die de bedrijfstak van de Gemeenschap lijdt, te bestrijden en het derhalve niet langer nodig is de vrijwaringsmaatregelen te handhaven. Deze worden derhalve gelijktijdig met de inwerkingtreding van de antidumpingmaatregelen ingetrokken,

HEEFT DE VOLGENDE VERORDENING VASTGESTELD:

Enig artikel

Verordening (EG) nr. 206/2005 wordt ingetrokken.

Deze verordening treedt in werking op 27 april 2005.

Deze verordening is verbindend in al haar onderdelen en is rechtstreeks toepasselijk in elke lidstaat.

Gedaan te Brussel, 22 april 2005.

Voor de Commissie

Peter MANDELSON

Lid van de Commissie


(1)   PB L 349 van 31.12.1994, blz. 53. Verordening laatstelijk gewijzigd bij Verordening (EG) nr. 2200/2004 (PB L 374 van 22.12.2004, blz. 1).

(2)   PB L 67 van 10.3.1994, blz. 89. Verordening laatstelijk gewijzigd bij Verordening (EG) nr. 427/2003 (PB L 65 van 8.3.2003, blz. 1).

(3)   PB L 33 van 5.2.2005, blz. 8.

(4)  Zie bladzijde 5 van dit Publicatieblad.