26.7.2005   

NL

Publicatieblad van de Europese Unie

L 194/15


GEMEENSCHAPPELIJK OPTREDEN 2005/575/EVDA VAN DE RAAD

van 18 juli 2005

tot oprichting van een Europese veiligheids- en defensieacademie (EVDA)

DE RAAD VAN DE EUROPESE UNIE,

Gelet op het Verdrag betreffende de Europese Unie, met name op artikel 14,

Overwegende hetgeen volgt:

(1)

De Europese Raad heeft tijdens zijn bijeenkomst van 19 en 20 juni 2003 te Thessaloniki zijn goedkeuring gehecht aan de ontwikkeling van een gecoördineerd EU-opleidingsbeleid op het gebied van het Europees Veiligheids- en Defensiebeleid (EVDB) dat zowel civiele als militaire aspecten omvat.

(2)

De Raad heeft op 17 november 2003 zijn goedkeuring gehecht aan het EU-opleidingsbeleid op EVDB-gebied, en op 13 september 2004 aan het EU-opleidingsconcept op EVDB-gebied waarin de beginselen voor de oprichting van de Europese veiligheids- en defensieacademie (EVDA) zijn omschreven.

(3)

De Europese Raad heeft er op 16 en 17 december 2004 mee ingestemd dat wordt begonnen met het vaststellen van de nadere regelingen voor de werking van de EVDA.

(4)

Het Politiek en Veiligheidscomité heeft op 31 mei 2005 ingestemd met de nadere regelingen voor de werking van de EVDA, inclusief de instelling van het bestuur, de uitvoerende academische raad en het vaste secretariaat, die hun taken uitvoeren conform die nadere regelingen.

(5)

De EVDA moet als belangrijke opleidingsinstantie opleidingen op EVDB-gebied verstrekken, met bijzondere aandacht voor EVDB-opleidingscursussen op strategisch niveau. Als zodanig moet de EVDA een actieve partner zijn in het algemene opleidingsbeheer van de Europese Unie,

HEEFT HET VOLGENDE GEMEENSCHAPPELIJK OPTREDEN VASTGESTELD:

Artikel 1

Oprichting

1.   Hierbij wordt een Europese veiligheids- en defensieacademie (EVDA) opgericht.

2.   De EVDA wordt georganiseerd als een netwerk van nationale instituten, hogescholen, academies en instellingen in de Europese Unie die zich bezighouden met vraagstukken inzake veiligheids- en defensiebeleid, en het Instituut voor veiligheidsstudies van de Europese Unie (hierna „instituten” genoemd).

3.   Zij zal nauwe banden onderhouden met de EU-instellingen.

Artikel 2

Opdracht

De EVDA verstrekt opleidingen op strategisch niveau in het kader van het Europees Veiligheids- en Defensiebeleid (EVDB), teneinde bij militair personeel en burgerpersoneel een gemeenschappelijke visie op het EVDB te ontwikkelen en te bevorderen, alsmede om door middel van haar opleidingsactiviteiten beste praktijken voor diverse EVDB-onderdelen te inventariseren en uit te dragen.

Artikel 3

Doelstellingen

De doelstellingen van de EVDA zijn:

a)

de Europese veiligheidscultuur in het kader van het EVDB verder versterken;

b)

een beter inzicht in het EVDB als essentieel onderdeel van het Gemeenschappelijk Buitenlands en Veiligheidsbeleid (GBVB) bevorderen;

c)

de EU-instanties de beschikking geven over deskundig personeel dat efficiënt kan werken op alle EVDB-gebieden;

d)

de administraties en de staven van de EU-lidstaten de beschikking geven over deskundig personeel dat vertrouwd is met het beleid, de instellingen en de procedures van de Europese Unie, en

e)

professionele contacten en contacten tussen deelnemers aan de opleidingen helpen bevorderen.

Artikel 4

Taken van de EVDA

1.   Overeenkomstig de opdracht en de doelstellingen bestaan de voornaamste taken van de EVDA in het organiseren en uitvoeren van opleidingsactiviteiten op EVDB-gebied.

2.   De opleidingsactiviteiten op EVDB-gebied bestaan uit twee soorten opleidingsactiviteiten:

a)

de EVDB-cursus op hoog niveau, en

b)

de EVDB-oriënteringscursus.

Andere opleidingsactiviteiten vinden plaats telkens als het in artikel 5 bedoelde bestuur daartoe besluit.

3.   Voorts doet de EDVA met name het volgende:

a)

ondersteuning van de betrekkingen die tussen de nationale instituten moeten worden aangeknoopt;

b)

opzetten en beheren van het internetgebaseerd systeem voor geavanceerd afstandsonderwijs (IDL) ter ondersteuning van de opleidingsactiviteiten van de EVDA;

c)

ontwikkelen en vervaardigen van opleidingsmateriaal voor de opleidingen van de Europese Unie op EVDB-gebied;

d)

bijdragen leveren aan het jaarlijkse programma van de Europese Unie van EVDB-opleidingen, en

e)

instellen van een Alumni-netwerk tussen voormalige deelnemers aan de opleidingen.

4.   De EVDA-opleidingsactiviteiten worden uitgevoerd door de instituten die het EVDA-netwerk vormen.

5.   Het Instituut voor veiligheidsstudies van de Europese Unie (IVSEU) ondersteunt, als onderdeel van het EVDA-netwerk, de EVDA-opleidingsactiviteiten, met name via publicaties van de IVSEU, door lezingen van IVSEU-onderzoekers en door haar website ter beschikking te stellen in het kader en ten behoeve van het internetgebaseerd systeem voor geavanceerd afstandsonderwijs (IDL).

Artikel 5

Organisatie

1.   De volgende organen worden in het kader van de EVDA ingesteld:

a)

een bestuur dat is belast met de algemene coördinatie en de leiding van de opleidingsactiviteiten van de EVDA;

b)

een uitvoerende academische raad die zorg draagt voor de kwaliteit en de samenhang van de opleidingsactiviteiten;

c)

een permanent secretariaat voor de EVDA (hierna „secretariaat” genoemd), dat met name het bestuur en de uitvoerende academische raad bijstaat.

2.   Het bestuur, de uitvoerende academische raad en het secretariaat voeren de taken uit die respectievelijk in de artikelen 6, 7 en 8 zijn beschreven.

Artikel 6

Het bestuur

1.   Het bestuur is samengesteld uit één vertegenwoordiger per lidstaat. Elk lid van het bestuur mag door een plaatsvervanger vertegenwoordigd of vergezeld worden. De aanstellingsbrieven, waarin de lidstaat machtiging verleent, worden aan de secretaris-generaal/hoge vertegenwoordiger (SG/HV) toegezonden.

Vertegenwoordigers van toetredende staten kunnen de vergaderingen van het bestuur als actief waarnemer bijwonen.

2.   Het bestuur wordt voorgezeten door de vertegenwoordiger van de lidstaat die het voorzitterschap van de Raad bekleedt en komt ten minste eenmaal per jaar samen.

3.   Vertegenwoordigers van de SG/HV en van de Commissie worden op de vergaderingen van het bestuur uitgenodigd.

4.   Het bestuur heeft tot taak:

a)

het academisch jaarprogramma van de EVDA op te stellen;

b)

de lidstaten te selecteren die als gastland voor de EVDA-opleidingsactiviteiten optreden, alsook de instituten die deze activiteiten uitvoeren;

c)

het academisch jaarprogramma en de algemene curricula voor alle EVDA-opleidingsactiviteiten op te stellen en overeen te komen;

d)

evaluatieverslagen en een algemeen jaarverslag over de EVDA-opleidingsactiviteiten aan te nemen en deze toe te zenden aan de betrokken Raadsinstanties, en

e)

voor elk academisch jaar de voorzitter van de uitvoerende academische raad aan te stellen.

5.   Het bestuur stelt zijn reglement van orde vast.

6.   Besluiten van het bestuur worden met gekwalificeerde meerderheid aangenomen. De stemmen van de lidstaten worden gewogen overeenkomstig artikel 205, lid 2, van het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap. Besluiten komen tot stand wanneer zij het in artikel 23, lid 2, derde alinea, van het Verdrag betreffende de Europese Unie het vereiste aantal stemmen vóór hebben gekregen.

Artikel 7

De uitvoerende academische raad

1.   De uitvoerende academische raad is samengesteld uit hoge vertegenwoordigers van de instituten die in het betrokken academisch jaar bij opleidingsactiviteiten zijn betrokken.

2.   De voorzitter van de raad wordt uit de leden van de raad aangesteld door het bestuur.

3.   Vertegenwoordigers van instituten die in het vorige en het volgende academisch jaar bij EVDA-opleidingsactiviteiten zijn betrokken, alsook vertegenwoordigers van de SG/HR en van de Commissie, worden uitgenodigd op de vergaderingen van de raad. Academische deskundigen en hoge functionarissen van nationale en Europese instellingen kunnen op de vergaderingen van de raad worden uitgenodigd.

4.   De raad heeft tot taak:

a)

het overeengekomen academisch jaarprogramma uit te voeren via de instituten die het EVDA-netwerk vormen;

b)

toe te zien op het internetgebaseerd systeem voor geavanceerd afstandsonderwijs (IDL);

c)

gedetailleerde curricula voor alle EVDA-opleidingsactiviteiten op te stellen op basis van de overeengekomen algemene curricula;

d)

te zorgen voor de algemene coördinatie van EVDA-opleidingsactiviteiten tussen alle instituten;

e)

het niveau te evalueren van de opleidingsactiviteiten van het vorige academisch jaar;

f)

voorstellen voor opleidingsactiviteiten in het volgende academisch jaar bij het bestuur in te dienen, en

g)

ontwerp-evaluatieverslagen over elke EVDA-opleidingscursus, alsmede een ontwerp van een algemeen jaarverslag over EVDA-activiteiten, op te stellen en aan het bestuur toe te zenden.

5.   Het bestuur stelt het reglement van orde van de raad vast.

Artikel 8

Het secretariaat

1.   Het secretariaat-generaal van de Raad treedt op als secretariaat van de EVDA.

Het personeel wordt ter beschikking gesteld door het secretariaat-generaal van de Raad, de lidstaten en de instituten die het EVDA-netwerk vormen.

2.   Het secretariaat helpt het bestuur en de uitvoerende academische raad, verricht administratieve taken ter ondersteuning van hun activiteiten en verleent bijstand voor de organisatie van de EVDA-opleidingsactiviteiten die in Brussel plaatsvinden.

3.   Het secretariaat werkt nauw samen met de Commissie.

Elk instituut van het EVDA-netwerk wijst een contactpunt met het secretariaat aan voor de organisatorische en administratieve aangelegenheden in verband met de organisatie van de EVDA-opleidingsactiviteiten.

Artikel 9

Deelname aan de EVDA-opleidingsactiviteiten

1.   Alle EVDA-opleidingsactiviteiten staan open voor deelname door onderdanen van alle lidstaten en toetredende staten. De instituten die de opleiding organiseren en verzorgen zien erop toe dat dit beginsel onverkort wordt toegepast.

De EVDA-opleidingsactiviteiten staan in beginsel open voor deelname door onderdanen van kandidaat-lidstaten en, in voorkomend geval, derde landen.

2.   De deelnemers zijn militair personeel en burgerpersoneel dat zich bezighoudt met strategische aspecten op EVDB-gebied.

Vertegenwoordigers van onder meer niet-gouvernementele organisaties, academische instellingen en de media, alsook mensen uit het bedrijfsleven, kunnen worden uitgenodigd om deel te nemen aan EVDA-opleidingsactiviteiten.

3.   Aan deelnemers die een EVDA-cursus hebben gevolgd, wordt een door de SG/HV ondertekend getuigschrift afgegeven. De nadere regelingen voor het certificaat worden door het bestuur vastgesteld. Het getuigschrift wordt door de lidstaten en de instellingen van de Europese Unie erkend.

Artikel 10

Samenwerking

De EVDA werkt samen met internationale organisaties en andere betrokken actoren, zoals nationale opleidingsinstituten van derde landen, en maakt gebruik van hun deskundigheid.

Artikel 11

Financiering

1.   De lidstaten, EU-instellingen, EU-instanties en instituten die het EVDA-netwerk vormen, dragen zelf alle kosten verbonden aan hun deelname aan EVDA-activiteiten, met inbegrip van salarissen, vergoedingen, reiskosten en kosten in verband met de organisatorische en administratieve ondersteuning van de EVDA-opleidingsactiviteiten.

2.   De lidstaten en de instituten die het EVDA-netwerk vormen, dragen de kosten voor het personeel dat zij ter beschikking stellen van het secretariaat, met inbegrip van salarissen, vergoedingen en reiskosten.

3.   Het secretariaat-generaal van de Raad draagt de kosten in verband met zijn taken als vermeld in artikel 8, ook die voor het personeel dat hij ter beschikking stelt.

4.   Deelnemers aan EVDA-opleidingsactiviteiten dragen alle kosten verbonden aan hun deelname.

5.   Voor de financiering van specifieke activiteiten, met name de ontwikkeling, het opzetten en het beheren van informatienetwerken en -toepassingen voor de EVDA, als bedoeld in artikel 4, lid 3, worden vrijwillige bijdragen van de lidstaten, EU-instellingen, EU-agentschappen en instituten die het EVDA-netwerk vormen, door het secretariaat-generaal van de Raad als gereserveerde inkomsten beheerd.

6.   Het bestuur besluit over de praktische regelingen voor de in lid 5 bedoelde bijdragen.

Artikel 12

Beveiligingsvoorschriften

De beveiligingsvoorschriften van de Raad als vervat in Besluit 2001/264/EG van de Raad van 19 maart 2001 tot vaststelling van beveiligingsvoorschriften van de Raad (1) zijn van toepassing op de EVDA-activiteiten.

Artikel 13

Tussenbalans

Het bestuur neemt met gekwalificeerde meerderheid een verslag aan over de activiteiten en vooruitzichten van de EVDA, ook met betrekking tot de financiële regelingen en het secretariaat, en dient het uiterlijk op 31 december 2007 bij de Raad in, met het oog op herziening van dit gemeenschappelijk optreden.

Artikel 14

Inwerkingtreding

Dit gemeenschappelijk optreden treedt in werking op de dag waarop het wordt aangenomen.

Artikel 15

Bekendmaking

Dit gemeenschappelijk optreden wordt bekendgemaakt in het Publicatieblad van de Europese Unie.

Gedaan te Brussel, 18 juli 2005.

Voor de Raad

De voorzitter

J. STRAW


(1)   PB L 101 van 11.4.2001, blz. 1. Besluit gewijzigd bij Besluit 2004/194/EG (PB L 63 van 28.2.2004, blz. 48).