31.12.2004   

NL

Publicatieblad van de Europese Unie

L 396/47


BESLUIT VAN DE RAAD

van 22 december 2004

inzake de benoeming van de speciale coördinator voor het Stabiliteitspact voor Zuidoost-Europa

(2004/928/EG)

DE RAAD VAN DE EUROPESE UNIE,

Gelet op het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap,

Gelet op Verordening (EG) nr. 1080/2000 van 22 mei 2000 betreffende de ondersteuning van de tijdelijke missie van de Verenigde Naties voor Kosovo (UNMIK), het Bureau van de Hoge Vertegenwoordiger in Bosnië en Herzegovina (OHR) en het Stabiliteitspact voor Zuidoost-Europa (SP) (1), inzonderheid artikel 1bis,

Gezien het voorstel van de Commissie,

Overwegende hetgeen volgt:

(1)

Op 10 juni 1999 zijn de ministers van Buitenlandse Zaken van de Europese Unie en de Europese Commissie samen met de andere deelnemers aan het Stabiliteitspact voor Zuidoost-Europa, een Stabiliteitspact voor Zuidoost-Europa overeengekomen, hierna „het Stabiliteitspact” te noemen.

(2)

Artikel 1bis van Verordening (EG) nr. 1080/2000 bepaalt dat de speciale coördinator van het Stabiliteitspact telkens voor een jaar wordt benoemd.

(3)

Samen met de benoeming dient het mandaat van de speciale coördinator te worden vastgesteld. Uit ervaring blijkt dat het mandaat vastgesteld bij Besluit (EG) nr. 2003/910 van de Raad van 22 december 2003 inzake de benoeming van de speciale coördinator van het Stabiliteitspact voor Zuidoost-Europa voor het jaar 2004 (2) passend is.

(4)

De taakomschrijving dient duidelijk te worden afgebakend en er moeten richtsnoeren voor coördinatie en verslaglegging worden vastgesteld.

BESLUIT:

Artikel 1

De heer Erhard BUSEK wordt benoemd tot speciaal coördinator van het Stabiliteitspact voor Zuidoost-Europa.

Artikel 2

De speciale coördinator voert de functies uit die zijn vastgesteld in punt 13 van het document inzake het Stabiliteitspact van 10 juni 1999.

Artikel 3

Teneinde de in artikel 2 bedoelde doelstellingen te bereiken, wordt de speciale coördinator met het volgende mandaat belast:

a)

bevorderen van de verwezenlijking van de doelstellingen van het Stabiliteitspact in en tussen de afzonderlijke landen waar het Stabiliteitspact zijn meerwaarde heeft bewezen;

b)

fungeren als voorzitter van het Regionaal Overlegorgaan voor Zuidoost-Europa;

c)

nauwe contacten onderhouden met alle deelnemers en steunverlenende staten, organisaties en instellingen van het Stabiliteitspact en met de relevante regionale initiatieven en organisaties, ter bevordering van de regionale samenwerking en ter versterking van de zelfbeschikking van de regio;

d)

nauw samenwerken met alle instellingen van de Europese Unie en haar lidstaten teneinde de rol van de Europese Unie in het Stabiliteitspact overeenkomstig de punten 18, 19 en 20 van het document betreffende het Stabiliteitspact te versterken, en te zorgen voor complementariteit van de werkzaamheden van het Stabiliteitspact en die van het Stabilisatie- en Associatieproces;

e)

regelmatig en zo nodig met alle betrokkenen tegelijk vergaderen met de voorzitters van de werkgroepen met het oog op algemene strategische coördinatie, en uitvoeren van de secretariaatswerkzaamheden van het Regionaal Overlegorgaan voor Zuidoost-Europa en de instrumenten daarvan;

f)

werken aan de hand van een van tevoren in overleg met de deelnemers aan het Stabiliteitspact overeengekomen lijst van de prioritaire maatregelen die in 2005 in het kader van het Stabiliteitspact moeten worden uitgevoerd, en toetsing van de werkmethoden en structuren van het Stabiliteitspact, teneinde te zorgen voor samenhang en een doeltreffend gebruik van de middelen.

Artikel 4

De speciale coördinator sluit met de Commissie een financieringsovereenkomst.

Artikel 5

De activiteiten van de speciale coördinator worden gecoördineerd met die van de secretaris-generaal van de Raad/de Hoge Vertegenwoordiger voor het GBVB, het voorzitterschap van de Raad en de Commissie, met name in het kader van het Informeel Raadgevend Comité. Ter plaatse worden nauwe contacten onderhouden met het voorzitterschap van de Raad, de Commissie, de hoofden van de missies van de lidstaten, de speciale vertegenwoordigers van de Europese Unie, het Bureau van de Hoge Vertegenwoordiger in Bosnië en Herzegovina, en het civiele bestuur van de Verenigde Naties in Kosovo.

Artikel 6

De speciale coördinator brengt in voorkomend geval verslag uit aan de Raad en de Commissie. Hij blijft het Europees Parlement regelmatig informeren omtrent zijn activiteiten.

Artikel 7

Dit besluit wordt van kracht de dag na de bekendmaking ervan in het Publicatieblad van de Europese Unie.

Het is van toepassing van 1 januari 2005 tot en met 31 december 2005.

Gedaan te Brussel, 22 december 2004.

Voor de Raad

De voorzitter

C. VEERMAN


(1)   PB L 122 van 24.5.2000, blz. 27. Verordening gewijzigd bij Verordening (EG) nr. 2098/2003 (PB L 316 van 29.11.2003, blz. 1).

(2)   PB L 342 van 30.12.2003, blz. 51.