32004D0316

2004/316/EG: Besluit van de Commissie van 5 april 2004 tot beëindiging van het onderzoek naar de mogelijke ontduiking van de antidumpingrechten, ingesteld bij Verordening (EG) nr. 2320/97 van de Raad laatstelijk gewijzigd bij Verordening (EG) nr. 235/2004 op bepaalde naadloze buizen en pijpen van ijzer of van niet-gelegeerd staal, uit Rusland, en naar de mogelijke ontduiking van de antidumpingrechten, ingesteld bij Verordening (EG) nr. 348/2000 van de Raad laatstelijk gewijzigd bij Verordening (EG) nr. 1515/2002 op bepaalde naadloze buizen en pijpen van ijzer of niet-gelegeerd staal uit Oekraïne, door een onjuiste douane-aangifte en door de invoer van bepaalde naadloze buizen en pijpen van gelegeerd staal, ander dan roestvrij staal, uit Rusland en Oekraïne, en tot beëindiging van de bij Verordening (EG) nr. 1264/2003 ingestelde registratie van deze invoer

Publicatieblad Nr. L 100 van 06/04/2004 blz. 0045 - 0047


Besluit van de Commissie

van 5 april 2004

tot beëindiging van het onderzoek naar de mogelijke ontduiking van de antidumpingrechten, ingesteld bij Verordening (EG) nr. 2320/97 van de Raad laatstelijk gewijzigd bij Verordening (EG) nr. 235/2004 op bepaalde naadloze buizen en pijpen van ijzer of van niet-gelegeerd staal, uit Rusland, en naar de mogelijke ontduiking van de antidumpingrechten, ingesteld bij Verordening (EG) nr. 348/2000 van de Raad laatstelijk gewijzigd bij Verordening (EG) nr. 1515/2002 op bepaalde naadloze buizen en pijpen van ijzer of niet-gelegeerd staal uit Oekraïne, door een onjuiste douane-aangifte en door de invoer van bepaalde naadloze buizen en pijpen van gelegeerd staal, ander dan roestvrij staal, uit Rusland en Oekraïne, en tot beëindiging van de bij Verordening (EG) nr. 1264/2003 ingestelde registratie van deze invoer

(2004/316/EG)

DE COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN,

Gelet op het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap,

Gelet op Verordening (EG) nr. 384/96 van de Raad van 22 december 1995 betreffende beschermende maatregelen tegen de invoer met dumping uit landen die geen lid zijn van de Europese Gemeenschap(1), laatstelijk gewijzigd bij Verordening (EG) nr. 461/2004(2), (hierna "de basisverordening" genoemd), met name artikel 9,

Na overleg in het Raadgevend Comité,

Overwegende hetgeen volgt:

A. PROCEDURE

1. Thans geldende maatregelen

(1) Bij Verordening (EG) nr. 2320/97 van de Raad(3), laatstelijk gewijzigd bij Verordening (EG) nr. 235/2004(4), en bij Verordening (EG) nr. 348/2000 van de Raad(5), laatstelijk gewijzigd bij Verordening (EG) nr. 1515/2002(6) heeft de Raad een definitief antidumpingrecht van 26,8 % ingesteld op bepaalde naadloze buizen en pijpen van ijzer of van niet-gelegeerd staal uit, onder meer, Rusland en een antidumpingrecht van 38,5 % op bepaalde naadloze buizen en pijpen van ijzer of van niet-gelegeerd staal uit, onder meer, Oekraïne.

(2) Op 23 november 2002 heeft de Commissie voor genoemd product uit Rusland een tussentijds herzieningsonderzoek en een herzieningsonderzoek bij het vervallen van de maatregelen geopend(7) overeenkomstig artikel 11, lid 2 en lid 3, van de basisverordening en voor genoemd product uit Oekraïne(8) een tussentijds herzieningsonderzoek overeenkomstig artikel 11, lid 3, van de basisverordening. Deze onderzoeken zijn nog gaande.

2. Verzoek

(3) Op 2 juni 2003 had de Commissie het verzoek ontvangen om op grond van artikel 13, lid 3, van de basisverordening een onderzoek in te stellen naar de mogelijke ontduiking van de antidumpingrechten op naadloze buizen en pijpen van ijzer of van niet-gelegeerd staal uit Rusland en Oekraïne. De indiener van het verzoek was het Defence Committee of the Seamless Steel Tube Industry of the European Union namens producenten die goed zijn voor een groot deel, namelijk meer dan 50 %, van de productie in de Gemeenschap van bedoelde naadloze buizen en pijpen.

(4) Het verzoek bevatte bewijsmateriaal dat een aanzienlijke wijziging was opgetreden in het handelspatroon, daar de invoer van bedoelde naadloze buizen en pijpen uit Rusland en Oekraïne na de instelling van antidumpingmaatregelen ten aanzien van die producten sterk was gedaald, terwijl de invoer van naadloze buizen en pijpen van gelegeerd staal, ander dan roestvrij staal, aangegeven onder de GN-codes(9) 7304 59 91 en 7304 59 93, uit Rusland en Oekraïne in dezelfde periode was gestegen.

(5) De oorzaak van dit gewijzigde handelspatroon zou zijn dat minimale hoeveelheden andere stoffen aan het betrokken product worden toegevoegd, zodat het niet meer valt onder de GN-codes die overeenstemmen met de omschrijving van het product waarop de maatregelen van toepassing zijn (de GN-codes ex 7304 10 10, ex 7304 10 30, 7304 31 99, 7304 39 91 en 7304 39 93 ), hoewel de producten dezelfde basiskenmerken en doeleinden hebben; een andere oorzaak van het gewijzigde handelspatroon zou zijn dat het betrokken product onder GN-codes wordt aangegeven waarop geen antidumpingmaatregelen van toepassing zijn. Voorts zouden er voor deze praktijken geen voldoende reden of economische rechtvaardiging zijn, behalve het feit dat voor naadloze buizen en pijpen van ijzer of van niet-gelegeerd staal uit Rusland en Oekraïne antidumpingrechten gelden.

(6) Ten slotte heeft de indiener van het verzoek aangevoerd dat de corrigerende werking van de antidumpingrechten op naadloze buizen en pijpen van ijzer of van niet-gelegeerd staal uit Rusland en Oekraïne wordt aangetast zowel wat betreft hoeveelheden als prijzen en dat bij vergelijking met de eerder vastgestelde normale waarde bleek dat er van dumping sprake was.

3. Opening van het onderzoek

(7) Bij Verordening (EG) nr. 1264/2003(10) heeft de Commissie een onderzoek geopend om vast te stellen of de antidumpingrechten op bepaalde naadloze buizen en pijpen van ijzer of van niet-gelegeerd staal uit Rusland en Oekraïne worden ontdoken en heeft zij de douane overeenkomstig artikel 13, lid 3, en artikel 14, lid 5, van de basisverordening opgedragen de invoer van deze naadloze buizen en pijpen en de invoer van bepaalde naadloze buizen en pijpen van gelegeerd staal, ander dan roestvrij staal, aangegeven onder de GN-codes 7304 59 91 en 7304 59 93, uit Rusland en Oekraïne met ingang van 17 juli 2003 te registreren.

4. Onderzoek

(8) De Commissie heeft de Russische en Oekraïense autoriteiten in kennis gesteld van de opening van het onderzoek. Er werden vragenlijsten gezonden aan de producenten en exporteurs in Rusland en Oekraïne en aan de importeurs in de Gemeenschap die in het verzoek waren vermeld dan wel van vorige onderzoeken bij de Commissie bekend waren. Belanghebbenden werden in de gelegenheid gesteld om binnen de termijn die bij Verordening (EG) nr. 1264/2003 was vastgesteld hun standpunt schriftelijk bekend te maken en te verzoeken te worden gehoord.

(9) Er werden antwoorden op de vragenlijsten ontvangen van vijf Russische en drie Oekraïense producenten, één Russische en twee Oekraïense exporteurs alsmede één handelaar in Zwitserland. Antwoorden op de vragenlijsten werden ook ontvangen van acht handelaars/importeurs in de Gemeenschap. De Commissie heeft bij de volgende ondernemingen een controle verricht:

Russische producenten

- Taganrog Mettalurgical Works, Taganrog, Rusland

- OJSC Volzhsky Pipe Works, Volzskhy, Rusland.

Russische exporteur

- CJSC Trade House TMK, Moscow, Rusland.

Oekraïense producenten

- Dnepropetrovsk Tube Works, Dnepropetrovsk, Oekraïne

- Nizhnedneprovsky Tube Rolling Plant, Dnepropetrovsk, Oekraïne

- Nikopolsky Seamless Tubes Plant, Dnepropetrovsk, Oekraïne.

Oekraïense exporteurs

- Scientific Production Investment Group, Dnepropetrovsk, Oekraïne

- AACS, Dnepropetrovsk, Oekraïne.

Met de Oekraïense onderneming Scientific Production Investment Group gelieerde handelaar

- Sepco SA, Lugano, Zwitserland.

Onafhankelijke importeurs/handelaren in de Gemeenschap

- RWH, Duitsland

- Eurosinara SRL, Italië

- Merigo SpA, Italië.

5. Onderzoektijdvak

(10) Het onderzoek had betrekking op de periode van 1 juli 2002 tot en met 30 juni 2003 (hierna "het onderzoektijdvak" genoemd). Om wijzigingen in het handelspatroon te onderzoeken werden gegevens verzameld over de periode 2000 tot het eind van het onderzoektijdvak.

B. INTREKKING VAN HET VERZOEK EN BEËINDIGING VAN HET ONDERZOEK

(11) Bij schrijven van 9 februari 2004 heeft de indiener van het verzoek het verzoek om een onderzoek naar de mogelijke ontduiking van de antidumpingmaatregelen ten aanzien van bepaalde naadloze buizen en pijpen van ijzer of van niet-gelegeerd staal uit Rusland en Oekraïne ingetrokken.

(12) Een onderzoek naar de mogelijke ontduiking van antidumpingmaatregelen mag worden beëindigd wanneer het verzoek hiertoe wordt ingetrokken. Overeenkomstig artikel 9, lid 1, van de basisverordening kan de procedure worden beëindigd tenzij dit strijdig is met het belang van de Gemeenschap.

(13) De Commissie heeft geoordeeld dat onderhavige procedure moet worden beëindigd omdat er geen gegevens waren waaruit bleek dat de beëindiging van het onderzoek niet in het belang van de Gemeenschap zou zijn. De belanghebbenden werden hiervan op de hoogte gebracht en in de gelegenheid gesteld om opmerkingen te maken. Er werden geen opmerkingen ontvangen dat de beëindiging van het onderzoek niet in het belang van de Gemeenschap zou zijn.

(14) De Commissie concludeert derhalve dat het onderzoek naar de mogelijke ontduiking van antidumpingrechten op bepaalde naadloze buizen en pijpen van ijzer of van niet-gelegeerd staal uit Rusland en Oekraïne door de invoer van bepaalde naadloze buizen en pijpen van gelegeerd staal, ander dan roestvrij staal, doorgaans aangegeven onder de GN-codes 7304 59 91 en 7304 59 93, dan wel door een onjuiste aangifte van de goederen bij de douane, moet worden beëindigd.

(15) Derhalve moet ook de registratie worden beëindigd van de invoer van bepaalde naadloze buizen en pijpen van ijzer of van niet-gelegeerd staal en van bepaalde, onder de GN-codes 7304 59 91 en 7304 59 93 aangegeven naadloze buizen en pijpen van gelegeerd staal, ander dan roestvrij staal, uit Rusland en Oekraïne; deze bij Verordening (EG) nr. 1264/2003 ingestelde registratie moet worden beëindigd en de verordening moet worden ingetrokken,

BESLUIT:

Artikel 1

Het onderzoek, ingeleid bij Verordening (EG) nr. 1264/2003 naar de mogelijke ontduiking van de antidumpingrechten, ingesteld bij Verordening (EG) nr. 2320/97, laatstelijk gewijzigd bij Verordening (EG) nr. 235/2004, op bepaalde naadloze buizen en pijpen van ijzer of van niet-gelegeerd staal uit Rusland en naar de mogelijke ontduiking van de antidumpingrechten, ingesteld bij Verordening (EG) nr. 348/2000, laatstelijk gewijzigd bij Verordening (EG) nr. 1515/2002, op bepaalde naadloze buizen en pijpen van ijzer of van niet-gelegeerd staal uit Oekraïne door onjuiste douane-aangiftes en door de invoer van bepaalde naadloze buizen en pijpen van gelegeerd staal, andere dan roestvrij staal, aangegeven onder de GN-codes 7304 59 91 en 7304 59 93, uit Rusland en Oekraïne, en de registratie van die invoer, worden beëindigd.

Artikel 2

Verordening (EG) nr. 1264/2003 wordt ingetrokken.

Artikel 3

Dit besluit treedt in werking op de dag volgende op die van zijn bekendmaking in het Publicatieblad van de Europese Unie.

Gedaan te Brussel, 5 april 2004.

Voor de Commissie

Pascal Lamy

Lid van de Commissie

(1) PB L 56 van 6.3.1996, blz. 1.

(2) PB L 77 van 13.3.2004, blz. 12.

(3) PB L 322 van 25.11.1997, blz. 1.

(4) PB L 40 van 12.2.2004, blz. 11.

(5) PB L 45 van 17.2.2000, blz. 1.

(6) PB L 228 van 24.8.2002, blz. 8.

(7) PB C 288 van 23.11.2002, blz. 2.

(8) PB C 288 van 23.11.2002, blz. 11.

(9) PB L 290 van 28.10.2002, blz. 1.

(10) PB L 178 van 17.7.2003, blz. 9.