32003R0963

Verordening (EG) nr. 963/2003 van de Commissie van 4 juni 2003 houdende wijziging van Verordening (EG) nr. 445/2002 tot vaststelling van uitvoeringsbepalingen van Verordening (EG) nr. 1257/1999 van de Raad inzake steun voor plattelandsontwikkeling uit het Europees Oriëntatie- en Garantiefonds voor de Landbouw (EOGFL)

Publicatieblad Nr. L 138 van 05/06/2003 blz. 0032 - 0039


Verordening (EG) nr. 963/2003 van de Commissie

van 4 juni 2003

houdende wijziging van Verordening (EG) nr. 445/2002 tot vaststelling van uitvoeringsbepalingen van Verordening (EG) nr. 1257/1999 van de Raad inzake steun voor plattelandsontwikkeling uit het Europees Oriëntatie- en Garantiefonds voor de Landbouw (EOGFL)

DE COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN,

Gelet op het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap,

Gelet op Verordening (EG) nr. 1257/1999 van de Raad van 17 mei 1999 inzake steun voor plattelandsontwikkeling uit het Europees Oriëntatie- en Garantiefonds voor de Landbouw (EOGFL) en tot wijziging en intrekking van een aantal verordeningen(1), en met name op de artikelen 34, 45 en 50,

Overwegende hetgeen volgt:

(1) Op grond van de ervaring die is opgedaan met de toepassing van Verordening (EG) nr. 445/2002 van de Commissie(2) hebben de lidstaten en de Commissie vastgesteld dat sommige bepalingen van die verordening moeten worden vereenvoudigd.

(2) Voor een flexibeler toezicht op de programma's voor plattelandsontwikkeling dient Verordening (EG) nr. 445/2002 te worden vereenvoudigd op het punt van met name de procedure om de programmeringsdocumenten te wijzigen en de indicatieve algemene financiële tabel.

(3) Gebleken is dat de vastgestelde termijn voor de kennisgeving van gevallen van overmacht onder bijvoeging van de desbetreffende bewijsstukken in sommige gevallen zeer kort kan zijn. Daarom dient te worden voorzien in de mogelijkheid dat deze termijn door de lidstaten wordt verlengd.

(4) Het komt sinds het begin van de programmeringsperiode vaak voor dat normbedragen voor de prijzen per eenheid worden vastgesteld voor bepaalde op grond van artikel 30, lid 1, eerste, tweede en zesde streepje, en artikel 31 van Verordening (EG) nr. 1257/1999 medegefinancierde investeringen. Het is duidelijkheidshalve passend om, ter vereenvoudiging van het beheer van de bedoelde maatregelen, te bepalen dat de begunstigden vanaf het jaar 2000 kunnen worden vrijgesteld van de overlegging van facturen ingevolge Verordening (EG) nr. 1685/2000 van de Commissie van 28 juli 2000 tot vaststelling van uitvoeringsbepalingen van Verordening (EG) nr. 1260/1999 van de Raad met betrekking tot de subsidiabiliteit van de uitgaven voor door de Structuurfondsen medegefinancierde verrichtingen(3). Ook moeten de voorwaarden voor toepassing van deze normbedragen worden vastgesteld om een doeltreffend beheer door de lidstaten te garanderen.

(5) Voor een gemakkelijker financieel beheer van de programma's voor plattelandsontwikkeling dient de bestaande regeling om maatregelen financieel te wijzigen zo te worden versoepeld dat alleen nog belangrijke wijzigingen betreffende de financiering van de programma's aan de procedure van het Comité van beheer hoeven te worden onderworpen.

(6) Van de beperkingen met betrekking tot de indiening van wijzigingen van de programmeringsdocumenten bij de Commissie moet kunnen worden afgeweken in het geval van wijzigingen naar aanleiding van natuurrampen of andere buitengewone gebeurtenissen met grote gevolgen voor de programmering van de lidstaten.

(7) Er zijn aanpassingen nodig van de procedure voor de niet door de Commissie goed te keuren wijzigingen van de programmeringsdocumenten voor plattelandsontwikkeling en van de enkelvoudige programmeringsdocumenten voor doelstelling 2 wat de door het EOGFL, afdeling Garantie, gefinancierde maatregelen voor plattelandsontwikkeling betreft. Er dient voor te worden gezorgd dat wijzigingen van financiële aard snel en doeltreffend aan de Commissie worden meegedeeld en dat de Commissie andere wijzigingen snel en doeltreffend kan onderzoeken.

(8) Ten behoeve van een doeltreffend en regelmatig toezicht is het noodzakelijk dat de lidstaten een geconsolideerde en bijgewerkte elektronische versie van hun programmeringsdocumenten ter beschikking van de Commissie houden.

(9) Voor de indiening van het in artikel 48, lid 2, van Verordening (EG) nr. 1257/1999 bedoelde jaarlijkse voortgangsverslag dient de termijn te worden toegepast die voor meerjarige bijstandspakketten is vastgesteld bij Verordening (EG) nr. 1260/1999 van de Raad van 21 juni 1999 houdende algemene bepalingen inzake de Structuurfondsen(4), gewijzigd bij Verordening (EG) nr. 1447/2001(5).

(10) Met het oog op meer flexibiliteit voor de lidstaten wat de communautaire bijdrage in de financiering van evaluaties betreft, dient de bepaling dat ten minste een bepaald percentage van de medefinanciering aan de evaluatie achteraf moet worden besteed, te worden geschrapt.

(11) Voor investeringsmaatregelen dient, om de controle ter plaatse optimaal te maken wat de keuze van zowel de begunstigde als de controleperiode betreft en om niet-relevante controles te voorkomen, rekening te worden gehouden met het feit dat het vaak om een meerjarenproject gaat.

(12) In verband met de technische vereisten bij de steunregelingen voor andere bosbouwmaatregelen dan de bebossing van landbouwgrond is het niet passend om in dergelijke gevallen de sanctieregeling toe te passen die is vastgesteld bij de artikelen 30 en 31 en artikel 32, lid 1, van Verordening (EG) nr. 2419/2001 van de Commissie van 11 december 2001 houdende uitvoeringsbepalingen inzake het bij Verordening (EEG) nr. 3508/92 van de Raad ingestelde geïntegreerde beheers- en controlesysteem voor bepaalde communautaire steunregelingen(6), gewijzigd bij Verordening (EG) nr. 2550/2001(7).

(13) Artikel 44 van Verordening (EG) nr. 2419/2001, dat voorziet in uitzonderingen op de toepassing van kortingen op steun en uitsluitingen ervan, geldt voor de op basis van oppervlakten en dieren toegekende steun. Ter wille van de coherentie dient de toepassing van deze uitzonderingen te worden uitgebreid tot de overige maatregelen voor plattelandsontwikkeling.

(14) Over de stand van uitvoering van de in de financiële programmering voor de periode 2000-2006 opgenomen oude begeleidende maatregelen van Verordening (EEG) nr. 2078/92 van de Raad(8), Verordening (EEG) nr. 2079/92 van de Raad(9) en Verordening (EEG) nr. 2080/92 van de Raad(10) moeten gegevens worden verstrekt in het in artikel 48, lid 2, van Verordening (EG) nr. 1257/1999 bedoelde jaarlijkse voortgangsverslag. Tevens moeten de uit die maatregelen voortvloeiende uitgaven worden opgenomen in de gegevens die de lidstaten overeenkomstig artikel 47 van Verordening (EG) nr. 445/2002 jaarlijks uiterlijk op 30 september moeten verstrekken. Bijgevolg moeten de verplichtingen die voortvloeien uit de bepalingen inzake financieel toezicht die zijn vastgesteld in artikel 17 van Verordening (EG) nr. 746/96 van de Commissie(11), de artikelen 1 en 2 van Verordening (EG) nr. 1404/94 van de Commissie(12) en de artikelen 1 en 2 van Verordening (EG) nr. 1054/94 van de Commissie(13), komen te vervallen.

(15) Voor sommige in bijlage II bij Verordening (EG) nr. 445/2002 genoemde hoofdkenmerken van steunmaatregelen is gebleken dat het feit dat voor wijzigingen ervan de goedkeuring van de Commissie nodig is, het beheer van de programma's veel omslachtiger maakt. Bijlage II moet daarom zo worden gewijzigd dat over dergelijke wijzigingen kan worden beslist door de lidstaten, die deze dan ter kennis van de Commissie brengen.

(16) Verordening (EG) nr. 445/2002 dient dienovereenkomstig te worden gewijzigd.

(17) De in deze verordening vervatte maatregelen zijn in overeenstemming met het advies van het Comité voor de landbouwstructuur en de plattelandsontwikkeling,

HEEFT DE VOLGENDE VERORDENING VASTGESTELD:

Artikel 1

Verordening (EG) nr. 445/2002 wordt als volgt gewijzigd:

1. Aan artikel 33, lid 2, wordt de volgende zin toegevoegd:"Deze termijn kan met 20 werkdagen worden verlengd mits het programmeringsdocument in die mogelijkheid voorziet.".

2. Aan afdeling 1 van hoofdstuk II wordt het volgende artikel 39 bis toegevoegd:

"Artikel 39 bis

1. De lidstaten die normbedragen voor de prijzen per eenheid toepassen, die zijn vastgesteld met het oog op de bepaling van de kosten van bepaalde investeringen op bosbouwgebied als bedoeld in artikel 30, lid 1, eerste, tweede en zesde streepje, en artikel 31 van Verordening (EG) nr. 1257/1999, kunnen de begunstigde vrijstellen van de verplichting om voor die investeringen vereffende facturen of boekingsstukken met vergelijkbare bewijskracht als bedoeld in regel nr. 1, punt 2, van de bijlage bij Verordening (EG) nr. 1685/2000 over te leggen.

2. De in lid 1 bedoelde normbedragen kunnen worden toegepast indien is voldaan aan de volgende voorwaarden:

a) de normbedragen worden door de bevoegde autoriteit berekend aan de hand van objectieve criteria die het mogelijk maken de aan de specifieke terreingesteldheid aangepaste kosten van de afzonderlijke activiteiten te constateren met voorkoming van overcompensatie;

b) de medegefinancierde investeringen worden uitgevoerd tussen de indiening van de steunaanvraag en de eindbetaling van de steun.".

3. Artikel 44 wordt als volgt gewijzigd:

a) Lid 2 wordt als volgt gewijzigd:

i) De punten b), c) en d) komen als volgt te luiden:

"b) de hoofdkenmerken van de steunmaatregelen zoals aangegeven in bijlage II;

c) het totaalbedrag van de communautaire steun en het totaalbedrag van de totale voor steun in aanmerking komende kosten of van de voor steun in aanmerking komende overheidsuitgaven die in de beschikking tot goedkeuring van het programmeringsdocument zijn vastgesteld;

d) de verdeling van de financiële toewijzing over de maatregelen van het programmeringsdocument indien het gaat om meer dan:

- 15 % van het totaalbedrag van de voor de hele programmeringsperiode voor het betrokken programma geplande totale voor steun in aanmerking komende kosten in het geval dat de communautaire bijdrage op de totale voor steun in aanmerking komende kosten is gebaseerd,

- 20 % van het totaalbedrag van de voor de hele programmeringsperiode voor het betrokken programma geplande voor steun in aanmerking komende overheidsuitgaven in het geval dat de communautaire bijdrage op de voor steun in aanmerking komende overheidsuitgaven is gebaseerd,

waarbij de berekeningsgrondslag wordt gevormd door de tabel met de financiële programmering die als bijlage is gevoegd bij de beschikking van de Commissie tot goedkeuring van het programmeringsdocument zoals deze laatstelijk is gewijzigd.".

ii) Punt e) en de tweede alinea worden geschrapt.

b) Lid 3 komt als volgt te luiden:

"3. De in lid 2 bedoelde wijzigingen worden in één enkel voorstel per programma en ten hoogste eenmaal per kalenderjaar aan de Commissie voorgelegd.

De eerste alinea geldt niet in het geval van wijzigingen die nodig zijn naar aanleiding van natuurrampen of andere buitengewone gebeurtenissen met grote gevolgen voor de programmering van de lidstaat.".

c) Lid 4 komt als volgt te luiden:

"4. De wijzigingen van financiële aard die niet onder lid 2, onder d), vallen, en de wijzigingen van de in punt 9, onderdeel 2, onder B, eerste streepje, van bijlage II bedoelde hoogte van de communautaire bijdrage worden aan de Commissie meegedeeld met inbegrip van de gewijzigde financiële tabel overeenkomstig punt 8 van bijlage II. Zij treden in werking met ingang van de datum waarop zij door de Commissie worden ontvangen.

De gedurende het betrokken kalenderjaar gecumuleerde wijzigingen van financiële aard als bedoeld in de eerste alinea mogen de in lid 2, onder d), vastgestelde maxima niet overschrijden.".

d) In lid 5 worden de woorden "ten minste twee maanden" vervangen door de woorden "ten minste drie maanden".

4. Aan afdeling 2 van hoofdstuk II wordt het volgende artikel 45 bis toegevoegd:

"Artikel 45 bis

De lidstaten houden een na iedere wijziging bijgewerkte geconsolideerde elektronische versie van hun programmeringsdocumenten ter beschikking van de Commissie. Zij delen de Commissie het elektronische adres mee waar de programmeringsdocumenten in hun geconsolideerde versie kunnen worden geraadpleegd, en brengen de Commissie op de hoogte telkens wanneer een nieuwe bijwerking plaatsvindt.

Voorts bewaren de lidstaten een elektronische versie van alle eerdere versies van hun programmeringsdocumenten.".

5. In artikel 51, tweede alinea, wordt de tweede zin geschrapt.

6. In artikel 53, lid 1, worden de woorden "jaarlijks uiterlijk op 30 april" vervangen door de woorden "jaarlijks uiterlijk op 30 juni".

7. Aan artikel 61, tweede alinea, wordt de volgende zin toegevoegd:"Ten aanzien van de maatregelen ter ondersteuning van de onder titel II, hoofdstukken I, VII, VIII en IX, van Verordening (EG) nr. 1257/1999 vallende investeringen kunnen de lidstaten bepalen dat de controles ter plaatse slechts betrekking hebben op de projecten waaraan de laatste hand wordt gelegd.".

8. Artikel 62 komt als volgt te luiden:

"Artikel 62

Voor op basis van oppervlakten toegekende steun geldt het bepaalde in de artikelen 30 en 31 en artikel 32, lid 1, van Verordening (EG) nr. 2419/2001. Het aldaar bepaalde geldt niet voor steun die wordt toegekend voor andere bosbouwmaatregelen dan de bebossing van landbouwgrond.

Voor op basis van dieren toegekende steun geldt het bepaalde in de artikelen 36, 38 en 40 van die verordening.".

9. Het volgende artikel 62 bis wordt ingevoegd:

"Artikel 62 bis

1. Bij alle maatregelen voor plattelandsontwikkeling is artikel 44 van Verordening (EG) nr. 2419/2001 van toepassing op de toegekende steun.

2. De begunstigde aan wie in het raam van een plattelandsontwikkelingsmaatregel onrechtmatig steun is uitgekeerd, is verplicht het betrokken bedrag terug te betalen overeenkomstig het bepaalde in artikel 49 van Verordening (EG) nr. 2419/2001.".

10. In artikel 65 komt lid 2 als volgt te luiden:

"2. De bij Verordening (EG) nr. 1750/1999 ingetrokken verordeningen en beschikkingen, met uitzondering van artikel 17 van Verordening (EG) nr. 746/96 van de Commissie(14), de artikelen 1 en 2 van Verordening (EG) nr. 1404/94 van de Commissie(15) en de artikelen 1 en 2 van Verordening (EG) nr. 1054/94 van de Commissie(16), blijven van toepassing op de acties die vóór 1 januari 2000 door de Commissie zijn goedgekeurd op grond van de in artikel 55, lid 1, van Verordening (EG) nr. 1257/1999 genoemde verordeningen.".

11. Aan artikel 66 wordt de volgende alinea toegevoegd:"Artikel 39 bis, lid 1, is van toepassing met ingang van 1 januari 2000.".

12. Bijlage II wordt gewijzigd overeenkomstig de bijlage bij de onderhavige verordening.

Artikel 2

Deze verordening treedt in werking op de zevende dag volgende op die van haar bekendmaking in het Publicatieblad van de Europese Unie.

Punt 3, onder a), en punt 12 van artikel 1 gelden evenwel niet voor de wijzigingen van programmeringsdocumenten voor plattelandsontwikkeling en van programmeringsdocumenten voor doelstelling 2 wat de door het EOGFL, afdeling Garantie, gefinancierde maatregelen voor plattelandsontwikkeling betreft die de Commissie vóór de datum van inwerkingtreding van de onderhavige verordening heeft ontvangen en waarover op die datum nog geen goedkeuringsbeschikking van de Commissie is gegeven.

Deze verordening is verbindend in al haar onderdelen en is rechtstreeks toepasselijk in elke lidstaat.

Gedaan te Brussel, 4 juni 2003.

Voor de Commissie

Franz Fischler

Lid van de Commissie

(1) PB L 160 van 26.6.1999, blz. 80.

(2) PB L 74 van 15.3.2002, blz. 1.

(3) PB L 193 van 29.7.2000, blz. 39.

(4) PB L 161 van 26.6.1999, blz. 1.

(5) PB L 198 van 21.7.2001, blz. 1.

(6) PB L 327 van 12.12.2001, blz. 11.

(7) PB L 341 van 22.12.2001, blz. 105.

(8) PB L 215 van 30.7.1992, blz. 85. Verordening ingetrokken bij Verordening (EG) nr. 1257/1999.

(9) PB L 215 van 30.7.1992, blz. 91. Verordening ingetrokken bij Verordening (EG) nr. 1257/1999.

(10) PB L 215 van 30.7.1992, blz. 96. Verordening ingetrokken bij Verordening (EG) nr. 1257/1999.

(11) PB L 102 van 25.4.1996, blz. 19. Verordening ingetrokken bij Verordening (EG) nr. 1750/1999.

(12) PB L 154 van 21.6.1994, blz. 8. Verordening ingetrokken bij Verordening (EG) nr. 1750/1999.

(13) PB L 115 van 6.5.1994, blz. 6. Verordening ingetrokken bij Verordening (EG) nr. 1750/1999.

(14) PB L 102 van 25.4.1996, blz. 19.

(15) PB L 154 van 21.6.1994, blz. 8.

(16) PB L 115 van 6.5.1994, blz. 6.

BIJLAGE

Bijlage II bij Verordening (EG) nr. 445/2002 wordt als volgt gewijzigd:

1. Punt 8 komt als volgt te luiden:

"8. Indicatieve algemene financiële tabel (EOGFL-jaar)

(artikel 43, lid 1, vierde streepje, van Verordening (EG) nr. 1257/1999)

>PIC FILE= "L_2003138NL.003602.TIF">

>PIC FILE= "L_2003138NL.003701.TIF">

>PIC FILE= "L_2003138NL.003801.TIF">"

2. In onderdeel 1, onder A, van punt 9 wordt het volgende streepje toegevoegd:

"- Algemene doelstelling van elke maatregel.".

3. In onderdeel 2, onder A, van punt 9 worden het eerste en het tweede streepje geschrapt.

4. In onderdeel 2, onder B, van punt 9 worden na de woorden "Andere elementen" de volgende streepjes ingevoegd:

"- Hoogte van de communautaire bijdrage op basis van hetzij de totale kosten, hetzij de overheidsuitgaven,

- Steunintensiteit en/of -bedrag en toegepaste differentiatie (hoofdstukken I tot en met VIII),".

5. In onderdeel 3, onder V.A, van punt 9 wordt punt 1 geschrapt.

6. In onderdeel 3, onder V.A, van punt 9 komt de inleidende zinsnede van punt 3 als volgt te luiden:

"voor compenserende vergoedingen zoals bedoeld in artikel 13, onder b), en artikel 16 van Verordening (EG) nr. 1257/1999: gedetailleerde eerste agronomische berekeningen met vermelding van:".

7. In onderdeel 3, onder V.B, eerste streepje, van punt 9 worden de volgende punten toegevoegd:

"3. steunbedrag voor de in artikel 13, onder a), van Verordening (EG) nr. 1257/1999 bedoelde betalingen: motivering van de differentiatie van het steunbedrag aan de hand van de in artikel 15, lid 2, van die verordening vermelde criteria;

4. voor compenserende vergoedingen zoals bedoeld in artikel 13, onder b), en artikel 16 van Verordening (EG) nr. 1257/1999: wijzigingen betreffende de gedetailleerde agronomische berekeningen die in het goedgekeurde programmeringsdocument zijn vastgesteld.".

8. In onderdeel 3, onder VI.A, van punt 9 worden het tweede, derde en vierde streepje geschrapt.

9. In onderdeel 3, onder VI.A, van punt 9 komt de inleidende zinsnede van het vijfde streepje als volgt te luiden:

"Gedetailleerde eerste agronomische berekeningen met vermelding van:".

10. In onderdeel 3, onder VI.B, van punt 9 worden na de woorden "Andere elementen" de volgende streepjes ingevoegd:

"- Een lijst van de rassen waarvan de houderij dreigt te worden beëindigd, en aantal vrouwelijke fokdieren in de betrokken gebieden. Dit aantal moet worden gecertificeerd door een naar behoren erkende technische instantie of organisatie/vereniging van fokkers, die het stamboek voor het betrokken ras moet registreren en bijhouden. De betrokken instantie moet over de nodige capaciteiten en knowhow beschikken om de dieren van de betrokken rassen te kunnen identificeren.

- Ten aanzien van plantaardige genetische hulpbronnen die door genetische erosie worden bedreigd, het bewijs van de genetische erosie op basis van wetenschappelijke resultaten en indicatoren waarmee de zeldzaamheid van de inheemse/oorspronkelijke (plaatselijke) rassen kan worden geraamd, de diversiteit van de betrokken populaties en de op plaatselijk niveau gangbare landbouwmethoden.

- Nauwkeurige gegevens over de verplichtingen van de landbouwers en over alle andere in de overeenkomst opgenomen voorwaarden, met inbegrip van de mogelijkheden en procedures voor de aanpassing van lopende contracten.

- Wijzigingen van het steunniveau tot 120 % van de gederfde inkomsten en extra kosten zoals vermeld in de agronomische berekeningen die in het goedgekeurde programmeringsdocument zijn vastgesteld, en motivering van die wijzigingen.".

11. In onderdeel 3, onder VIII. van punt 9 wordt punt A geschrapt.

12. In onderdeel 3, onder VIII.B, van punt 9 worden na de woorden "Andere elementen" de volgende streepjes ingevoegd:

"- Vaststelling van:

i) de definitie van 'landbouwgrond', in samenhang met artikel 26 van deze verordening;

ii) de definitie van 'landbouwer', in samenhang met artikel 27 van deze verordening;

iii) bepalingen die ervoor moeten zorgen dat de geplande acties zijn aangepast aan de plaatselijke omstandigheden, verenigbaar zijn met het milieu en, in voorkomend geval, gericht zijn op de handhaving van een evenwicht tussen de houtteelt en de wildpopulaties;

iv) bepalingen van de tussen de regio's en potentiële begunstigden te sluiten contracten betreffende acties als bedoeld in artikel 32 van Verordening (EG) nr. 1257/1999.

- In geval van toepassing van de in artikel 39 bis bedoelde normbedragen, informatie over:

i) de normbedragen voor de prijzen per eenheid;

ii) de voor de vaststelling van die normbedragen gebruikte methode;

iii) de inachtneming van het criterium dat overcompensatie moet worden voorkomen.".

13. Aan punt 12 wordt het volgende onderdeel toegevoegd:

"4. Andere informatie

In voorkomend geval, informatie over de toepassing van de extra termijn voor de kennisgeving van gevallen van overmacht (artikel 33, lid 2, van deze verordening).".

14. Punt 16, onder B, komt als volgt te luiden:

"B. Andere elementen:

- Intrekking van staatssteun.

- Wijzigingen van de aanvullende financiering in de vorm van staatssteun die voor een van de maatregelen in het goedgekeurde programmeringsdocument is toegekend.

- Hoogte van de steun.".