32002R1598

Verordening (EG) nr. 1598/2002 van de Commissie van 6 september 2002 houdende vaststelling van bepalingen ter uitvoering van Richtlijn 1999/105/EG van de Raad inzake de wederzijdse administratieve bijstand tussen officiële instanties

Publicatieblad Nr. L 240 van 07/09/2002 blz. 0039 - 0042


Verordening (EG) nr. 1598/2002 van de Commissie

van 6 september 2002

houdende vaststelling van bepalingen ter uitvoering van Richtlijn 1999/105/EG van de Raad inzake de wederzijdse administratieve bijstand tussen officiële instanties

DE COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN,

Gelet op het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap,

Gelet op Richtlijn 1999/105/EG van de Raad van 22 december 1999 betreffende het in de handel brengen van bosbouwkundig teeltmateriaal(1), en met name op artikel 16, lid 4,

Overwegende hetgeen volgt:

(1) Krachtens artikel 16, lid 1, van Richtlijn 1999/105/EG dienen de lidstaten er, door middel van een officieel controlesysteem, zorg voor te dragen dat het van de individuele toegelaten eenheden of partijen afgeleide teeltmateriaal duidelijk identificeerbaar blijft gedurende het hele proces van oogst tot aflevering aan de eindgebruiker.

(2) Om het controlesysteem naar behoren te laten werken, moeten de officiële instanties passende informatie verkrijgen over het in de handel brengen van teeltmateriaal door erkende leveranciers en over de door die instanties aan de leveranciers afgegeven documenten. Krachtens artikel 16, lid 3, van Richtlijn 1999/105/EG dienen de leveranciers aan de officiële instanties registers te verstrekken met dergelijke informatie.

(3) Wanneer bosbouwkundig teeltmateriaal tussen de oogst en de levering aan de eindgebruiker van de ene lidstaat naar de andere wordt overgebracht, kan de officiële instantie van de ontvangende lidstaat de nodige informatie betreffende het in de handel brengen voordat het materiaal wordt opgenomen in het controlesysteem van de ontvangende lidstaat, alleen verkrijgen van de officiële instantie van de lidstaat waar de leverancier is gevestigd. Om ervoor te zorgen dat die informatie tijdig en op efficiënte wijze wordt meegedeeld, moet worden voorzien in een genormaliseerde procedure voor de uitwisseling van informatie.

(4) De in deze verordening vervatte maatregelen zijn in overeenstemming met het advies van het Permanent Comité voor teeltmateriaal voor land-, tuin- en bosbouw,

HEEFT DE VOLGENDE VERORDENING VASTGESTELD:

Artikel 1

1. Wanneer bosbouwkundig teeltmateriaal van de ene lidstaat naar de andere wordt overgebracht, verstrekt de officiële instantie van de lidstaat waar de leverancier is gevestigd, de nodige informatie aan de officiële instantie van de lidstaat waar de ontvanger is gevestigd. De informatie wordt meegedeeld aan de hand van een "informatiedocument" volgens het in de bijlage vastgestelde model. De informatie wordt (per post, fax, e-mail of een ander elektronisch hulpmiddel) meegedeeld uiterlijk drie maanden na de datum waarop de leverancier het bosbouwkundig teeltmateriaal heeft verzonden.

2. Indien de officiële instantie van de lidstaat waar de ontvanger is gevestigd, informatie vraagt bovenop die in het in lid 1 bedoelde informatiedocument, doet de officiële instantie van de lidstaat waar de leverancier is gevestigd, alles wat mogelijk is om die informatie te verkrijgen en te leveren.

Artikel 2

Indien de officiële instantie van een lidstaat in het kader van de officiële controlewerkzaamheden informatie, monsters of andere bewijsstukken nodig heeft die alleen in een andere lidstaat kunnen worden verkregen, dient de officiële instantie van die andere lidstaat, indien daartoe een specifiek verzoek wordt ingediend, alle mogelijke assistentie te verlenen om die informatie, monsters of andere bewijsstukken te verzamelen en te leveren.

Artikel 3

Wanneer zich problemen voordoen met betrekking tot de authenticiteit van bosbouwkundig teeltmateriaal, dienen de betrokken officiële instanties samen te werken om het probleem zo spoedig mogelijk op te lossen.

Artikel 4

Indien de officiële instantie van de lidstaat waar de leverancier is gevestigd, ontdekt dat een leverancier onjuiste informatie heeft verstrekt, stelt die officiële instantie onmiddellijk de officiële instantie van de lidstaat of lidstaten voor wie die informatie bestemd was, daarvan in kennis.

Artikel 5

Deze verordening treedt in werking op de zevende dag volgende op die van haar bekendmaking in het Publicatieblad van de Europese Gemeenschappen.

Zij is van toepassing op materiaal dat wordt verzonden na 31 december 2002.

Deze verordening is verbindend in al haar onderdelen en is rechtstreeks toepasselijk in elke lidstaat.

Gedaan te Brussel, 6 september 2002.

Voor de Commissie

David Byrne

Lid van de Commissie

(1) PB L 11 van 15.1.2000, blz. 17.

BIJLAGE

>PIC FILE= "L_2002240NL.004102.TIF">

>PIC FILE= "L_2002240NL.004201.TIF">