|
30.7.2002 |
NL |
Publicatieblad van de Europese Unie |
L 200/38 |
BESLUIT VAN DE COMMISSIE
van 29 juli 2002
tot oprichting van de Europese Groep van regelgevende instanties voor elektronische communicatienetwerken en -diensten
(Voor de EER relevante tekst)
(2002/627/EG)
DE COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN,
Gelet op het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap,
Overwegende hetgeen volgt:
|
(1) |
Er is een nieuw regelgevingskader voor elektronische communicatienetwerken en -diensten tot stand gebracht met de Richtlijnen 2002/21/EG van het Europees Parlement en de Raad van 7 maart 2002 inzake een gemeenschappelijk regelgevingskader voor elektronische communicatienetwerken en -diensten (kaderrichtlijn) (1), 2002/19/EG van het Europees Parlement en de Raad van 7 maart 2002 inzake de toegang tot en interconnectie van elektronische communicatienetwerken en bijbehorende faciliteiten (toegangsrichtlijn) (2), 2002/20/EG van het Europees Parlement en de Raad van 7 maart 2002 betreffende de machtiging voor elektronische communicatienetwerken en -diensten (machtigingsrichtlijn) (3) en 2002/22/EG van het Europees Parlement en de Raad van 7 maart 2002 inzake de universele dienst en gebruikersrechten met betrekking tot elektronische netwerken en diensten (universele-dienstrichtlijn) (4). |
|
(2) |
In alle lidstaten zijn nationale regelgevende instanties opgericht voor de uitvoering van de in deze richtlijnen beschreven regelgevingstaken en van deze instanties moet de Commissie overeenkomstig artikel 3, lid 6, van de kaderrichtlijn in kennis worden gesteld. Overeenkomstig de kaderrichtlijn moeten de lidstaten de onafhankelijkheid van de nationale regelgevende instanties waarborgen door ervoor te zorgen dat zij juridisch gezien onderscheiden zijn van en functioneel onafhankelijk zijn van alle organisaties die elektronische communicatienetwerken, -apparatuur of -diensten aanbieden. Lidstaten die de eigendom van of de zeggenschap over elektronische communicatienetwerken en/of -diensten aanbiedende ondernemingen behouden, moeten tevens zorgen voor een daadwerkelijke structurele scheiding tussen de regelgevende taken en de met eigendom of zeggenschap verband houdende activiteiten. |
|
(3) |
De gedetailleerde verantwoordelijkheden en taken van de nationale regelgevende instanties verschillen tussen de lidstaten onderling, maar alle lidstaten hebben ten minste één nationale regelgevende instantie die is belast met de toepassing van de regels zodra deze in het nationale recht zijn omgezet, met name de regels inzake het dagelijkse toezicht op de markt. |
|
(4) |
Voor de succesvolle ontwikkeling van een interne markt voor elektronische communicatienetwerken en -diensten is het essentieel dat de desbetreffende regels in alle lidstaten op consistente wijze worden toegepast. Het nieuwe regelgevingskader bevat doelstellingen die moeten worden bereikt en biedt een kader voor het optreden van de nationale regelgevende instanties, waarbij hun op bepaalde gebieden flexibiliteit wordt geboden om de regels in het licht van de nationale omstandigheden toe te passen. |
|
(5) |
Er zou een Europese groep van regelgevende instanties voor elektronische communicatienetwerken en -diensten (hierna „de groep” genoemd) moeten worden opgericht om een contactorgaan te creëren dat de Commissie adviseert en bijstaat op het gebied van elektronische communicatie. |
|
(6) |
De groep zou op zodanige wijze als contactorgaan tussen de nationale regelgevende instanties en de Commissie moeten functioneren dat wordt bijgedragen aan de ontwikkeling van de interne markt. Tevens zou de groep een mogelijkheid moeten bieden tot transparante samenwerking tussen de nationale regelgevende instanties en de Commissie teneinde ervoor te zorgen dat het regelgevingskader voor elektronische communicatienetwerken en -diensten in alle lidstaten op consistente wijze wordt uitgevoerd. |
|
(7) |
De groep zou moeten optreden als orgaan voor beraad, discussie en adviesverlening aan de Commissie inzake elektronische communicatie, met inbegrip van kwesties in verband met de tenuitvoerlegging en herziening van de aanbeveling inzake relevante markten voor producten en diensten en het opstellen van het besluit inzake transnationale markten. |
|
(8) |
De groep en het Comité voor communicatie dat bij de kaderrichtlijn is opgericht, zouden nauw moeten samenwerken. De werkzaamheden van de groep zouden geen bemoeienis met de werkzaamheden van het comité mogen inhouden. |
|
(9) |
Er zou coördinatie moeten plaatsvinden met het Radiospectrumcomité dat is opgericht bij Beschikking 676/2002/EG van het Europees Parlement en de Raad van 7 maart 2002 inzake een regelgevingskader voor het radiospectrumbeleid (radiospectrumbeschikking) (5), de Beleidsgroep Radiospectrum die is opgericht bij Beschikking 2002/622/EG van de Commissie van 26 juli 2002 tot oprichting van een Beleidsgroep Radiospectrum (6) en het Contactcomité televisie zonder grenzen dat is opgericht bij Richtlijn 97/36/EG van het Europees Parlement en de Raad (7) betreffende de coördinatie van bepaalde wettelijke en bestuursrechtelijke bepalingen in de lidstaten inzake de uitoefening van televisieomroepactiviteiten, |
BESLUIT:
Artikel 1
Onderwerp
Hierbij wordt een adviesgroep van onafhankelijke nationale regelgevende instanties inzake elektronische communicatienetwerken en -diensten, de „Europese Groep van regelgevende instanties” voor elektronische communicatienetwerken en -diensten (hierna de „groep” genoemd), opgericht.
Artikel 2
Definitie
In dit besluit wordt verstaan onder: „betrokken nationale regelgevende instantie”: de overheidsinstantie die in elke lidstaat is opgericht om toezicht te houden op de dagelijkse interpretatie en toepassing van de richtlijnen inzake elektronische communicatienetwerken en -diensten als gedefinieerd in de „kaderrichtlijn”.
Artikel 3
Doelstellingen
De groep heeft tot taak de Commissie te adviseren en bij te staan bij de consolidering van de interne markt voor elektronische communicatienetwerken en -diensten.
De groep zal als interface tussen de nationale regelgevende instanties en de Commissie moeten functioneren op een zodanige wijze dat wordt bijgedragen aan de ontwikkeling van de interne markt en aan de consistente toepassing in alle lidstaten van het regelgevingskader voor elektronische communicatienetwerken en -diensten.
Artikel 4
Leden
De groep wordt samengesteld uit de hoofden van elke betrokken nationale regelgevende instantie in elke lidstaat of hun vertegenwoordigers.
De Commissie wordt vertegenwoordigd door een vertegenwoordiger op een passend niveau en verzorgt het secretariaat van de groep.
Artikel 5
Werkregelingen
Op eigen initiatief of op verzoek van de Commissie adviseert en assisteert de groep de Commissie inzake elke kwestie in verband met elektronische communicatienetwerken en -diensten.
De groep kiest uit haar leden een voorzitter. Het werk van de groep kan worden georganiseerd in subgroepen en werkgroepen van deskundigen zoals van toepassing.
De voorzitter zal de vergadering van de groep bijeenroepen, in overeenstemming met de Commissie.
Onder voorbehoud van goedkeuring door de Commissie stelt de groep zijn reglement van orde vast bij consensus dan wel, wanneer geen consensus kan worden bereikt, bij een tweederde meerderheid van de stemmen, waarbij elke lidstaat één stem heeft.
De Commissie is op alle vergaderingen van de groep vertegenwoordigd en kan alle vergaderingen van de subgroepen en werkgroepen van deskundigen van de groep bijwonen.
Deskundigen uit staten die lid zijn van de EER en uit staten die kandidaat zijn voor toetreding tot de Europese Unie, kunnen als waarnemer aan de groep deelnemen. De groep kan andere deskundigen en waarnemers op haar vergaderingen uitnodigen.
Artikel 6
Overleg
De groep overlegt uitvoerig en vroegtijdig op een open en transparante wijze met marktdeelnemers, consumenten en eindgebruikers.
Artikel 7
Vertrouwelijkheid
Onverminderd het bepaalde in artikel 287 van het Verdrag zijn de leden van de groep, evenals waarnemers en elke andere persoon, wanneer de Commissie hen meedeelt dat het gevraagde advies of de gestelde vraag een vertrouwelijk karakter heeft, gehouden informatie die hen in het kader van de werkzaamheden van de groep, haar subgroepen of groepen van deskundigen is meegedeeld, niet openbaar te maken. In dergelijke gevallen kan de Commissie besluiten dat alleen leden van de groep op de vergaderingen aanwezig mogen zijn.
Artikel 8
Jaarverslag
De groep brengt jaarlijks verslag over haar activiteiten uit aan de Commissie. De Commissie zendt het verslag toe aan het Europees Parlement en aan de Raad, in voorkomend geval vergezeld van opmerkingen.
Artikel 9
Inwerkingtreding
Dit besluit treedt in werking op de dag van zijn bekendmaking in het Publicatieblad van de Europese Gemeenschappen.
De groep begint haar werkzaamheden op de datum van inwerkingtreding van dit besluit.
Gedaan te Brussel, 29 juli 2002.
Voor de Commissie
Erkki LIIKANEN
Lid van de Commissie
(1) PB L 108 van 24.4.2002, blz. 33.
(2) PB L 108 van 24.4.2002, blz. 7.
(3) PB L 108 van 24.4.2002, blz. 21.
(4) PB L 108 van 24.4.2002, blz. 51.
(5) PB L 108 van 24.4.2002, blz. 1.
(6) PB L 198 van 27.7.2002, blz. 49.
(7) PB L 202 van 30.7.1997, blz. 60.