2002/359/EG: Beschikking van de Commissie van 13 mei 2002 betreffende de procedure voor de conformiteitsverklaring van voor de bouw bestemde producten die met voor menselijke consumptie bestemd water in contact komen, overeenkomstig artikel 20, lid 2, van Richtlijn 89/106/EEG van de Raad (Voor de EER relevante tekst) (kennisgeving geschied onder nummer C(2002) 1417)
Publicatieblad Nr. L 127 van 14/05/2002 blz. 0016 - 0018
Beschikking van de Commissie van 13 mei 2002 betreffende de procedure voor de conformiteitsverklaring van voor de bouw bestemde producten die met voor menselijke consumptie bestemd water in contact komen, overeenkomstig artikel 20, lid 2, van Richtlijn 89/106/EEG van de Raad (kennisgeving geschied onder nummer C(2002) 1417) (Voor de EER relevante tekst) (2002/359/EG) DE COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN, Gelet op het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap, Gelet op Richtlijn 89/106/EEG van de Raad van 21 december 1988 betreffende de onderlinge aanpassing van de wettelijke en bestuursrechtelijke bepalingen der lidstaten inzake voor de bouw bestemde producten(1), gewijzigd bij Richtlijn 93/68/EEG(2), en met name op artikel 13, lid 4, Overwegende hetgeen volgt: (1) De Commissie moet bij de keuze tussen de twee in artikel 13, lid 3, van Richtlijn 89/106/EEG bedoelde procedures voor de conformiteitsverklaring van een product de "minst kostbare veiligheidsconforme procedure" kiezen. Dit houdt in dat moet worden vastgesteld of voor een bepaald product of een bepaalde productfamilie het bestaan van een onder de verantwoordelijkheid van de fabrikant vallend productiecontrolesysteem in de fabriek een noodzakelijke en toereikende voorwaarde is voor een conformiteitsverklaring, dan wel of daarvoor, om redenen die verband houden met de naleving van de in artikel 13, lid 4, genoemde criteria, een erkende certificatie-instantie moet worden ingeschakeld. (2) Krachtens artikel 13, lid 4, van Richtlijn 89/106/EEG moet de aldus gekozen procedure in de mandaten en technische specificaties worden vermeld. Het is derhalve wenselijk het begrip "producten" of "families van producten" te omschrijven zoals in de mandaten en specificaties. (3) De twee procedures van artikel 13, lid 3, zijn in bijlage III bij Richtlijn 89/106/EEG nader beschreven. Het is derhalve noodzakelijk voor elk product of elke productfamilie duidelijk de methoden voor de toepassing van de twee procedures aan te geven, onder verwijzing naar genoemde bijlage III, daar bijlage III aan bepaalde systemen de voorkeur geeft. (4) De procedure van artikel 13, lid 3, onder a), van Richtlijn 89/106/EEG komt overeen met de systemen die in mogelijkheid 1, zonder permanente bewaking, en in de mogelijkheden 2 en 3 van punt 2, onder ii), van bijlage III zijn vastgelegd. De procedure van artikel 13, lid 3, onder b), komt overeen met de systemen die in punt 2, onder i), van bijlage III en in mogelijkheid 1, met permanente bewaking, van punt 2, onder ii), van bijlage III zijn vastgelegd. (5) De in deze beschikking vervatte maatregelen zijn in overeenstemming met het advies van het Permanent Comité voor de bouw, HEEFT DE VOLGENDE BESCHIKKING GEGEVEN: Artikel 1 Behalve door een onder de verantwoordelijkheid van de fabrikant vallend productiecontrolesysteem in de fabriek wordt de conformiteit van de in bijlage I genoemde producten vastgesteld door een procedure waarbij een erkende certificatie-instantie de productiecontrole of het product zelf beoordeelt en bewaakt. Artikel 2 De in bijlage II opgenomen procedure voor de conformiteitsverklaring wordt vermeld in de mandaten en in de technische specificaties bedoeld in artikel 4 van Richtlijn 89/106/EEG. Artikel 3 Deze beschikking is gericht tot de lidstaten. Gedaan te Brussel, 13 mei 2002. Voor de Commissie Erkki Liikanen Lid van de Commissie (1) PB L 40 van 11.2.1989, blz. 12. (2) PB L 220 van 30.8.1993, blz. 1. BIJLAGE I Kits voor leidingen en opslagsystemen, buizen, reservoirs, kleppen, kranen, pompen, watermeters, beschermings- en veiligheidssystemen, koppelstukken, kleefmiddelen, verbindingen, dichtingen, pakkingen, membranen, harsen, deklagen en binnenbekleding, smeermiddelen en vetten die met voor menselijke consumptie bestemd water in contact komen. BIJLAGE II CONFORMITEITSVERKLARING CEN/Cenelec/EOTA wordt verzocht voor de onderstaande producten en het beoogde gebruik daarvan het volgende systeem van conformiteitsverklaring te vermelden in de relevante technische specificaties van artikel 4 van Richtlijn 89/106/EEG: >RUIMTE VOOR DE TABEL> Systeem 1+: zie de richtlijn betreffende voor de bouw bestemde producten, bijlage III, punt 2, onder i) met steekproefsgewijze controle van monsters. De specificatie van het systeem moet zodanig zijn dat het ook kan worden toegepast wanneer de prestatie ten aanzien van een bepaalde eigenschap niet behoeft te worden vastgesteld, omdat ten minste één lidstaat geen wettelijk voorschrift heeft voor een dergelijke eigenschap (zie artikel 2, lid 1, van Richtlijn 89/106/EEG en, wanneer van toepassing, punt 1.2.3 van de basisdocumenten). In die gevallen is de verificatie van een dergelijke eigenschap niet verplicht voor de fabrikant indien hij in dit opzicht niets over de prestatie van dit product wil meedelen.