Verordening (EG) nr. 3/2001 van de Commissie van 3 januari 2001 houdende wijziging van Verordening (EG) nr. 2734/2000 tot wijziging van Verordening (EEG) nr. 1627/89 betreffende de aankoop van rundvlees door middel van inschrijving en houdende afwijking en wijziging van Verordening (EG) nr. 562/2000 houdende uitvoeringsbepalingen van Verordening (EG) nr. 1254/1999 van de Raad wat de openbare interventieaankoop in de sector rundvlees betreft
Publicatieblad Nr. L 001 van 04/01/2001 blz. 0006 - 0006
Verordening (EG) nr. 3/2001 van de Commissie van 3 januari 2001 houdende wijziging van Verordening (EG) nr. 2734/2000 tot wijziging van Verordening (EEG) nr. 1627/89 betreffende de aankoop van rundvlees door middel van inschrijving en houdende afwijking en wijziging van Verordening (EG) nr. 562/2000 houdende uitvoeringsbepalingen van Verordening (EG) nr. 1254/1999 van de Raad wat de openbare interventieaankoop in de sector rundvlees betreft DE COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN, Gelet op het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap, Gelet op Verordening (EG) nr. 1254/1999 van de Raad van 17 mei 1999 houdende een gemeenschappelijke ordening der markten in de sector rundvlees(1), en met name op artikel 47, lid 8, Overwegende hetgeen volgt: (1) Bij Verordening (EG) nr. 2734/2000 van de Commissie van 14 december 2000 tot wijziging van Verordening (EEG) nr. 1627/89 betreffende de aankoop van rundvlees door middel van inschrijving en houdende afwijking en wijziging van Verordening (EG) nr. 562/2000 houdende uitvoeringsbepalingen van Verordening (EG) nr. 1254/1999 van de Raad wat de openbare interventieaankoop in de sector rundvlees betreft(2) zijn enkele wijzigingen en afwijkingen van Verordening (EG) nr. 562/2000(3) vastgesteld wegens de uitzonderlijke situatie op de markt die het gevolg is van recente ontwikkelingen in verband met boviene spongiforme encefalopathie (BSE). (2) Gelet op de uitzonderlijke marktsituatie en om de doeltreffendheid van de bij Verordening (EG) nr. 2734/2000 genomen interventiemaatregelen te verbeteren, moet worden voorzien in een afwijking van artikel 4, lid 2, onder g), van Verordening (EG) nr. 562/2000 met betrekking tot het maximumgewicht van het hele geslachte dier, door geen maximumgewicht vast te stellen voor de tweede van de in artikel 6, lid 1, van Verordening (EG) nr. 2734/2000 bedoelde inschrijvingen, d.w.z. de eerste inschrijving die wordt geopend in januari 2001. (3) Dieren die behoren tot de rassen die zijn vermeld in bijlage I bij Verordening (EG) nr. 2342/1999 van de Commissie van 28 oktober 1999 tot vaststelling van uitvoeringsbepalingen van Verordening (EG) nr. 1254/1999 van de Raad houdende een gemeenschappelijke ordening der markten in de sector rundvlees met betrekking tot de premieregelingen(4), laatstelijk gewijzigd bij Verordening (EG) nr. 2733/2000(5), worden niet beschouwd als behorende tot een vleesras. Artikel 7 van Verordening (EG) nr. 2734/2000 mag niet op die jonge dieren worden toegepast aangezien het slachten ervan niet bijdraagt tot een vermindering van de productie. (4) Verordening (EG) nr. 2734/2000 moet bijgevolg worden gewijzigd. (5) In verband met de ontwikkelingen op de markt moet de onderhavige verordening onmiddellijk in werking treden. (6) De in deze verordening vervatte maatregelen zijn in overeenstemming met het advies van het Comité van beheer voor rundvlees, HEEFT DE VOLGENDE VERORDENING VASTGESTELD: Artikel 1 Verordening (EG) nr. 2734/2000 wordt als volgt gewijzigd: 1. in artikel 6, lid 1, wordt de laatste zin vervangen door:"Voor de eerste inschrijving bedraagt het maximumgewicht evenwel 430 kg en voor de tweede inschrijving wordt geen maximumgewicht van het hele geslachte dier toegepast."; 2. in artikel 7, tweede alinea, wordt na de woorden "Voor deze interventie geldt hetgeen volgt:" het volgende streepje ingevoegd: "- de dieren behoren tot andere dan de in bijlage I bij Verordening (EG) nr. 2342/1999 genoemde runderrassen.". Artikel 2 Deze verordening treedt in werking op de dag van haar bekendmaking in het Publicatieblad van de Europese Gemeenschappen. Deze verordening is verbindend in al haar onderdelen en is rechtstreeks toepasselijk in elke lidstaat. Gedaan te Brussel, 3 januari 2001. Voor de Commissie Franz Fischler Lid van de Commissie (1) PB L 160 van 26.6.1999, blz. 21. (2) PB L 316 van 15.12.2000, blz. 45. (3) PB L 68 van 16.3.2000, blz. 22. (4) PB L 281 van 4.11.1999, blz. 30. (5) PB L 316 van 15.12.2000, blz. 44.