32000R1272

Verordening (EG) nr. 1272/2000 van de Commissie van 16 juni 2000 tot wijziging van Verordening (EG) nr. 337/2000 van de Raad betreffende een verbod op vluchten en een bevriezing van tegoeden en andere financiële middelen ten aanzien van de Taliban van Afghanistan

Publicatieblad Nr. L 144 van 17/06/2000 blz. 0016 - 0017


Verordening (EG) nr. 1272/2000 van de Commissie

van 16 juni 2000

tot wijziging van Verordening (EG) nr. 337/2000 van de Raad betreffende een verbod op vluchten en een bevriezing van tegoeden en andere financiële middelen ten aanzien van de Taliban van Afghanistan

DE COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN,

Gelet op het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap,

Gelet op Verordening (EG) nr. 337/2000 van de Raad van 14 februari 2000 betreffende een verbod op vluchten en een bevriezing van tegoeden en andere financiële middelen ten aanzien van de Taliban van Afghanistan(1), inzonderheid op artikel 7, eerste streepje,

Overwegende hetgeen volgt:

(1) Overeenkomstig artikel 3 van Verordening (EG) nr. 337/2000 worden alle door het Sanctiecomité Taliban aangeduide tegoeden en andere financiële middelen bevroren en mogen die tegoeden en andere financiële middelen niet ter beschikking worden gesteld van of ten behoeve van de Taliban, of van ondernemingen waarover de Taliban direct of indirect zeggenschap heeft.

(2) Op 12 april 2000 heeft het krachtens Resolutie 1267 (1999) van de Veiligheidsraad van de Verenigde Naties opgerichte Sanctiecomité Taliban de tegoeden en andere financiële middelen aangewezen die moeten worden bevroren, met inbegrip van die van een aantal ondernemingen die eigendom zijn van of onder zeggenschap staan van de Taliban en van een persoon die in de definitie van de Taliban is opgenomen. Het is bijgevolg passend bijlage I dienovereenkomstige te wijzigen.

(3) Om te verzekeren dat de in de onderhavige verordening vervatte maatregelen doeltreffend zijn, moet deze verordening onmiddellijk in werking treden,

HEEFT DE VOLGENDE VERORDENING VASTGESTELD:

Artikel 1

Bijlage I bij Verordening (EG) nr. 337/2000 wordt vervangen door de tekst in de bijlage bij de onderhavige verordening.

Artikel 2

Deze verordening treedt in werking op de dag van haar bekendmaking in het Publicatieblad van de Europese Gemeenschappen.

Deze verordening is verbindend in al haar onderdelen en is rechtstreeks toepasselijk in elke lidstaat.

Gedaan te Brussel, 16 juni 2000.

Voor de Commissie

Christopher Patten

Lid van de Commissie

(1) PB L 43 van 16.2.2000, blz. 1.

BIJLAGE

"BIJLAGE I

Door het Sanctiecomité Taliban aangeduide tegoeden en andere financiële middelen als bedoeld in de artikelen 2 en 3

Tegoeden en andere financiële middelen die eigendom zijn van:

- Ariana Afghan Airlines of Bakhtar Afghan Airlines, Afghan Authority Building, PO Box 76, Ansari Watt, Kaboel, Afghanistan, met inbegrip van die welke eigendom zijn van de vestigingen of dochterondernemingen van die onderneming, en de rekeningen van die onderneming bij Citibank, New Delhi, India en bij Punjab National Bank, New Delhi, India;

- Bank Millie Afghan, Bank E. Millie Afghan of Afghan National Bank, Jada Ibn Sana, Kaboel, Afghanistan, met inbegrip van die welke eigendom zijn van de vestigingen of dochterondernemingen van die onderneming;

- Da Afghanistan Bank, Bank of Afghanistan, Central Bank of Afghanistan of Afghan State Bank, Ibni Sina Wat, Kaboel, Afghanistan, met inbegrip van die welke eigendom zijn van de vestigingen of dochterondernemingen van die onderneming;

- Mohammad OMAR (leider van de gelovigen of Amir ul-Mumineen), in 1950 geboren in Hotak, provincie Kandahar, Afghanistan.

De definitie van het begrip tegoeden en andere financiële middelen omvat alle financiële activa en economische voordelen van welke aard dan ook, met inbegrip van tegoeden afkomstig van of voortgebracht door bezittingen die eigendom zijn dan wel direct of indirect onder zeggenschap staan van de Taliban of een onderneming die eigendom is dan wel onder zeggenschap staat van de Taliban. De aldus aangeduide tegoeden en andere financiële middelen omvatten, maar zijn niet beperkt tot:

1. contant geld;

2. cheques, wissels, postwissels en andere betalingsinstrumenten;

3. deposito's bij financiële instellingen of andere entiteiten, rekeningsaldi, schulden en schuldverplichtingen;

4. openbaar en particulier verhandelde effecten en schuldbewijzen, met inbegrip van aandelen en andere participatiebewijzen, effectencertificaten, obligaties, promesses, warrants, schuldbrieven en contracten voor derivaten;

5. rente, dividenden of andere inkomsten uit dan wel waardetoename van of voortgebracht door activa;

6. krediet, compensatierechten, garanties, prestatiegaranties of andere financiële verbintenissen;

7. kredietbrieven, vrachtbrieven, verkoopovereenkomsten, en

8. documenten waaruit een participatie in tegoeden of andere financiële middelen blijkt.".