1999/607/EG: Beschikking van de Commissie van 10 september 1999 tot beëindiging van het nieuwe onderzoek naar de antidumpingmaatregelen die van toepassing zijn op de invoer van faxapparaten voor persoonlijk gebruik uit Japan en Singapore (kennisgeving geschied onder nummer C(1999) 2888)
Publicatieblad Nr. L 241 van 11/09/1999 blz. 0019 - 0020
BESCHIKKING VAN DE COMMISSIE van 10 september 1999 tot beëindiging van het nieuwe onderzoek naar de antidumpingmaatregelen die van toepassing zijn op de invoer van faxapparaten voor persoonlijk gebruik uit Japan en Singapore (kennisgeving geschied onder nummer C(1999) 2888) (1999/607/EG) DE COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN, Gelet op het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap, Gelet op Verordening (EG) nr. 384/96 van de Raad van 22 december 1995 betreffende beschermende maatregelen tegen invoer met dumping uit landen die geen lid zijn van de Europese Gemeenschap(1) (hierna "de basisverordening" genoemd), laatstelijk gewijzigd bij Verordening (EG) nr. 905/98(2), inzonderheid op artikel 9, Na overleg in het kader van het raadgevend comité, Overwegende hetgeen volgt: A. PROCEDURE Geldende maatregelen (1) Bij Verordening (EG) nr. 904/98(3) stelde de Raad een definitief antidumpingrecht in op de invoer van faxapparaten voor persoonlijk gebruik die zijn ingedeeld onder GN-code ex 8517 21 00 uit onder andere Japan en Singapore. (2) De betrokken producten als omschreven in Verordening (EG) nr. 904/98 zijn faxapparaten die niet meer dan 5 kg wegen en waarvan de afmetingen (breedte × diepte × hoogte) zelf niet meer dan 470 mm × 450 mm × 170 mm bedragen, met uitzondering van faxapparaten die gebruikmaken van inktstroom-, laser- of LED-druktechnologieën. Nieuw onderzoek (3) Na overleg besloot de Commissie op eigen initiatief, met een bericht in het Publicatieblad van de Europese Gemeenschappen(4), ingevolge artikel 11, lid 3, van de basisverordening, een tussentijds nieuw onderzoek in te leiden naar de antidumpingmaatregelen die van toepassing zijn op de invoer van faxapparaten voor persoonlijk gebruik uit Japan en Singapore. (4) De beslissing om een nieuw onderzoek in te leiden volgde op een verklaring van de Commissie die aan de notulen van de Raadszitting van 27 april 1998 gehecht was en waarin de Commissie ermee instemde om de geldende antidumpingmaatregelen in verband met Japan en Singapore opnieuw te onderzoeken indien de betrokken producenten/exporteurs voldoende bewijzen konden leveren waaruit zou blijken dat de in de Gemeenschap ingevoerde hoeveelheden van het betrokken product niet in grote mate bijdragen tot de schade waarvan de bedrijfstak van de Gemeenschap te lijden heeft. De reden voor deze verklaring was dat aan de hand van het onderzoek was vastgesteld dat de prijsonderbiedingen voor Japan en Singapore nihil of zeer gering waren en het marktaandeel van de twee landen geëvalueerd moest worden op basis van ramingen omdat er onvoldoende medewerking werd verleend. (5) Op basis van de eerste gegevens die ontvangen werden van bepaalde producenten in de betrokken landen oordeelde de Commissie dat er voldoende redenen waren om de inleiding te rechtvaardigen van een uitzonderlijk vroeg tussentijds nieuw onderzoek naar de voor Japan en Singapore geldende maatregelen. Het nieuwe onderzoek werd beperkt tot de door deze twee landen op de markt van de Gemeenschap ingevoerde hoeveelheden en het hierdoor in beslag genomen marktaandeel. Onderzoek (6) De Commissie bracht de betrokken producenten/exporteurs en importeurs alsmede de vertegenwoordigers van Japan en Singapore van de inleiding van het onderzoek op de hoogte en stelde de betrokken partijen in de gelegenheid om hun standpunten bekend te maken. (7) Het doel van onderhavig nieuw onderzoek was een accurate raming van het marktaandeel en de ingevoerde hoeveelheden voor de twee betrokken landen. De Commissie had gegevens nodig van alle producenten/exporteurs die faxapparaten voor persoonlijk gebruik en voor kantoorgebruik vervaardigen om deze te kunnen vergelijken met de gegevens van Eurostat waarin de invoer van faxapparaten voor persoonlijk gebruik en voor kantoorgebruik is samengevoegd. Deze vergelijking was de enige mogelijkheid om nauwkeuriger vast te stellen hoeveel faxapparaten voor persoonlijk gebruik naar de Europese Gemeenschap werden uitgevoerd. (8) De Commissie stuurde vragenlijsten aan de producenten/exporteurs die meewerkten aan het onderzoek dat tot de huidige maatregelen leidde alsmede aan de producenten/exporteurs van faxapparaten die de voorlopige gegevens op basis waarvan het nieuwe onderzoek werd ingeleid, ter beschikking stelden. (9) Hoewel de vragenlijst voor producenten/exporteurs in een vereenvoudigde versie reeds aan deze 29 producenten van faxapparaten werd gestuurd, diende slechts één producent antwoorden in die bovendien onvolledig waren. (10) Ondanks de geringe medewerking en het aantal verklaringen van de betrokken bedrijven waaruit bleek dat zij er geen belang bij hadden medewerking te verlenen, besloot de Commissie niettemin, gezien de uitzonderlijke aard van dit nieuwe onderzoek, deze bedrijven een nieuwe kans te geven om een minimum aan gegevens in verband met de uitvoer voor het jaar 1996 ter beschikking te stellen en om zich tot een verificatie ter plekke bereid te verklaren. De tweede poging was eveneens vruchteloos. De meerderheid van de producenten stelde de gegevens waarom werd verzocht niet ter beschikking en slechts één bedrijf verklaarde zich met een verificatie ter plekke akkoord. (11) De beperkte gegevens die door de belanghebbende partijen ter beschikking werden gesteld tijdens het onderzoek zijn niet van dien aard dat zij de bewijzen verschaffen die de Commissie in staat stellen af te stappen van haar bevindingen in het kader van het oorspronkelijke antidumpingonderzoek met betrekking tot de uit Japan en Singapore ingevoerde hoeveelheden en het hierdoor in beslag genomen marktaandeel. Bijgevolg blijven de conclusies die de Raad in het kader van het oorspronkelijke onderzoek had getrokken ongewijzigd van kracht. (12) De belanghebbende partijen werden op de hoogte gebracht van de gegevens die tot de beëindiging van dit onderzoek leidden. B. BEËINDIGING VAN HET NIEUWE ONDERZOEK (13) Gezien de bovenstaande omstandigheden concludeert de Commissie dat het nieuwe antidumpingonderzoek zou moeten worden beëindigd en dat de antidumpingmaatregelen die van toepassing zijn op de invoer van het betrokken product uit Japan en Singapore als vastgesteld bij Verordening (EG) nr. 904/98 van kracht moeten blijven, HEEFT DE VOLGENDE BESCHIKKING GEGEVEN: Enig artikel Het nieuwe onderzoek naar de antidumpingmaatregelen die van toepassing zijn op de invoer van faxapparaten voor persoonlijk gebruik, die momenteel worden ingedeeld onder GN-code ex 8517 21 00, uit Japan en Singapore wordt hierbij beëindigd. Gedaan te Brussel, 10 september 1999. Voor de Commissie Leon BRITTAN Vice-voorzitter (1) PB L 56 van 6.3.1996, blz. 1. (2) PB L 128 van 30.4.1998, blz. 18. (3) PB L 128 van 30.4.1998, blz. 1. (4) PB C 64 van 6.3.1999, blz. 12.