31996R0834

Verordening (EG) nr. 834/96 van de Commissie van 6 mei 1996 houdende afwijking van Verordening (EEG) nr. 2456/93 tot vaststelling van bepalingen ter uitvoering van Verordening (EEG) nr. 805/68 van de Raad wat de openbare interventie betreft

Publicatieblad Nr. L 112 van 07/05/1996 blz. 0015 - 0016


VERORDENING (EG) Nr. 834/96 VAN DE COMMISSIE van 6 mei 1996 houdende afwijking van Verordening (EEG) nr. 2456/93 tot vaststelling van bepalingen ter uitvoering van Verordening (EEG) nr. 805/68 van de Raad wat de openbare interventie betreft

DE COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN,

Gelet op het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap,

Gelet op Verordening (EEG) nr. 805/68 van de Raad van 27 juni 1968 houdende een gemeenschappelijke ordening der markten in de sector rundvlees (1), laatstelijk gewijzigd bij Verordening (EG) nr. 2417/95 van de Commissie (2), en met name op artikel 6, lid 7, en artikel 22 bis, lid 3,

Overwegende dat de recentelijk gepubliceerde informatie over de mogelijke overdracht van boviene spongiforme encefalopathie op de mens aanleiding heeft gegeven tot grote ongerustheid bij de consument; dat als gevolg daarvan de rundvleesconsumptie scherp is gedaald en de rundvleesprijzen fors zijn teruggelopen en dat deze situatie nog enige tijd zou kunnen aanhouden; dat in verband met de daaruit voortvloeiende dreigende ontwrichting van de markt dringende steunmaatregelen vereist zijn;

Overwegende dat in verband met deze bijzondere situatie moet worden afgeweken van een aantal bepalingen van Verordening (EEG) nr. 2456/93 van de Commissie (3), laatstelijk gewijzigd bij Verordening (EG) nr. 307/96 (4), ten aanzien van de twee in mei 1996 te houden inschrijvingen; dat met name, gelet op de moeilijkheid om prijzen te noteren wanneer de markt slechts een zeer geringe activiteit vertoont, en gelet op de met betrekking tot de communautaire prijzen geconstateerde ontwikkelingstendensen, mag worden aangenomen dat in Lid-Staten of delen van Lid-Staten waar geen prijzen kunnen worden genoteerd, de marktprijzen lager zijn dan 80 % van de interventieprijs; dat een maximum moet worden vastgesteld voor de hoeveelheid die in interventie mag worden genomen in het kader van de twee inschrijvingen van mei;

Overwegende dat het Comité van beheer voor rundvlees geen advies heeft uitgebracht binnen de door zijn voorzitter vastgestelde termijn,

HEEFT DE VOLGENDE VERORDENING VASTGESTELD:

Artikel 1

1. In afwijking van artikel 3, lid 1, onder e), van Verordening (EEG) nr. 2456/93 kan de Commissie, wanneer in een Lid-Staat of deel van een Lid-Staat gedurende twee opeenvolgende weken ten gevolge van overmacht geen marktprijzen konden worden genoteerd, en wanneer zij van oordeel is dat de omstandigheden zulks verantwoorden, ervan uitgaan dat de marktprijzen in die Lid-Staat of dat deel van de Lid-Staat lager zijn dan 80 % van de interventieprijs.

2. In afwijking van artikel 4, lid 1, eerste alinea, van Verordening (EEG) nr. 2456/93:

a) worden produkten die volgens het communautaire indelingsschema zijn ingedeeld bij de kwaliteiten O2 en O3 van categorie A en de kwaliteiten O3 en O4 van categorie C, voor interventie aanvaard.

Het verschil in interventieprijs tussen kwaliteit R3 en kwaliteit O4 wordt voor categorie C vastgesteld op 30 ecu 100/kg.

De coëfficiënt die moet worden gebruikt voor de omrekening van inschrijvingen die zijn ingediend voor kwaliteit R3 in inschrijvingen voor kwaliteit O4, wordt voor categorie C vastgesteld op 0,914 (gemiddelde kwaliteit);

b) mogen de volgende produkten in interventie worden genomen, hoewel zij niet zijn opgenomen in bijlage III bij die verordening:

>RUIMTE VOOR DE TABEL>

3. In afwijking van artikel 4, lid 2, van Verordening (EEG) nr. 2456/93:

a) mogen hele en halve karkassen van gecastreerde dieren die in het Verenigd Koninkrijk zijn gehouden en die ouder zijn dan 30 maanden, niet in interventie worden genomen;

b) mogen voorvoeten van hele of halve geslachte dieren, als bedoeld in dat lid, in interventie worden genomen.

4. In afwijking van artikel 4, lid 2, onder h), van Verordening (EEG) nr. 2456/93, bedraagt het gewicht van de hierboven bedoelde hele geslachte dieren niet meer dan 420 kg.

5. In het kader van de twee in mei 1996 te houden inschrijvingen mag in totaal niet meer dan 50 000 ton produkt in interventie worden genomen.

Artikel 2

Deze verordening treedt in werking op de dag van haar bekendmaking in het Publikatieblad van de Europese Gemeenschappen.

Zij is van toepassing op de twee inschrijvingen die overeenkomstig artikel 6, lid 2, van Verordening (EEG) nr. 805/68 in mei 1996 worden gehouden.

Deze verordening is verbindend in al haar onderdelen en is rechtstreeks toepasselijk in elke Lid-Staat.

Gedaan te Brussel, 6 mei 1996.

Voor de Commissie

Franz FISCHLER

Lid van de Commissie

(1) PB nr. L 148 van 28. 6. 1968, blz. 24.

(2) PB nr. L 248 van 14. 10. 1995, blz. 39.

(3) PB nr. L 225 van 4. 9. 1993, blz. 4.

(4) PB nr. L 43 van 21. 2. 1996, blz. 3.