31996D0546

96/546/EG: Beschikking van de Commissie van 17 juli 1996 inzake een procedure op grond van artikel 85 van het EG- Verdrag en artikel 53 van de EER-Overeenkomst (zaak nr. IV/35.337 - Atlas) (Slechts de tekst in de Duitse, de Engelse en de Franse taal is authentiek) (Voor de EER relevante tekst)

Publicatieblad Nr. L 239 van 19/09/1996 blz. 0023 - 0056


BESCHIKKING VAN DE COMMISSIE van 17 juli 1996 inzake een procedure op grond van artikel 85 van het EG-Verdrag en artikel 53 van de EER-Overeenkomst (zaak nr. IV/35.337 - Atlas) (Slechts de tekst in de Duitse, de Engelse en de Franse taal is authentiek) (Voor de EER relevante tekst) (96/546/EG)

DE COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN,

Gelet op het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap,

Gelet op de Overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte,

Gelet op Verordening nr. 17 van de Raad van 6 februari 1962, eerste verordening over de toepassing van de artikelen 85 en 86 van het Verdrag (1), laatstelijk gewijzigd bij de Akte van Toetreding van Oostenrijk, Finland en Zweden, inzonderheid op de artikelen 2, 6 en 8,

Gezien de aanvraag om een negatieve verklaring en de aanmelding voor het verkrijgen van een ontheffing, overeenkomstig de artikelen 2 en 4 van Verordening nr. 17, die op 16 december 1994 zijn ingediend,

Gezien de bekendmaking van het essentiële gedeelte van de aanvraag en de aanmelding (2), overeenkomstig artikel 19, lid 3, van Verordening nr. 17 en artikel 3 van Protocol 21 van de EER-Overeenkomst,

Na raadpleging van het Raadgevend Comité voor mededingingsregelingen en economische machtsposities,

Overwegende hetgeen volgt:

I. DE FEITEN

A. INLEIDING

(1) Atlas is op 16 december 1994 bij de Commissie aangemeld. Bij deze transactie wordt een gemeenschappelijke onderneming opgericht, die voor 50 % eigendom is van France Télécom, hierna "FT" genoemd, en voor 50 % van Deutsche Telekom AG, hierna "DT" genoemd. De aanmelding van Atlas komt in de plaats van de op 3 juni 1993 verrichte aanmelding van een door FT en DT (destijds "Deutsche Bundespost Telekom AG" geheten) onder de naam "Eunetcom" opgerichte gemeenschappelijke onderneming, waarop de onderhavige beschikking eveneens betrekking heeft (3). Atlas is tevens het instrument, waarmee DT en FT participeren in een tweede, met Sprint Corporation, hierna "Sprint" genoemd, uitgevoerde transactie, die onder de naam Phoenix is aangemeld (4). Phoenix, waarvan de naam inmiddels in "GlobalOne" is gewijzigd, vormt het voorwerp van een afzonderlijke beschikking op grond van artikel 85, lid 3, van het EG-Verdrag (5)

(2) De structuur van Atlas bestaat uit twee lagen. De te Brussel gevestigde houdstermaatschappij Atlas SA, die is opgericht als naamloze vennootschap naar Belgisch recht, heeft drie werkmaatschappijen, namelijk Atlas Télécommunications SA in Frankrijk, hierna "Atlas Frankrijk" genoemd, Telekom Internationale Telekommunikationsdienste GmbH in Duitsland, hierna "Atlas Duitsland" genoemd, en één voor de rest van Europa. Atlas Frankrijk en Atlas Duitsland verlenen aanvankelijk technische en verkoopondersteuning aan FT en DT, die de Franse en de Duitse distributeur van Atlas- en GlobalOne-produkten zijn. Na de voor 1 januari 1998 geplande volledige en daadwerkelijke liberalisering van de markten voor telecommunicatie-infrastructuur en -diensten in Frankrijk en in Duitsland, fuseert T-Data Gesellschaft für Datenkommunikationen GmbH, hierna "T-Data" genoemd (6), de dochteronderneming van DT voor het aanbieden van X.25-pakketgeschakelde datacommunicatie, met Atlas Duitsland. Transpac France, de dochteronderneming van FT voor het aanbieden van X.25-pakketgeschakelde datacommunicatie, fuseert dan met Atlas Frankrijk.

B. DE PARTIJEN

(3) Deutsche Telekom AG (DT) en France Télécom (FT) zijn de openbare telecommunicatie-organisaties, hierna: "TO's" genoemd, in, respectievelijk, Duitsland en Frankrijk. Beide leveren telefoonlijnen voor woningen en bedrijven, alsmede lokale, hoofdtransmissie- en internationale verbindingen van en naar hun eigen land. De wereldwijde omzet van DT bedroeg in 1994 31,8 miljard ecu, een stijging van 4,3 % ten opzichte van 1993; de wereldwijde omzet van de FT-groep bedroeg in 1994 21,7 miljard ecu, een stijging met 1,8 % ten opzichte van 1993.

C. DE RELEVANTE MARKT

1. Produktmarkten

(4) Atlas zal zich richten op de markten voor het aanbieden van niet-concessiediensten voor telecommunicatie voor het bedrijfsleven, zowel op Europees als op nationaal niveau, en met name op de navolgende twee onderscheiden produktmarkten voor niet-concessiediensten:

(5) De markt voor op de klant afgestemde pakketten telecommunicatiediensten voor het bedrijfsleven

Deze markt omvat merendeels op de klant afgestemde combinaties van een reeks bestaande telecommunicatiediensten, hoofdzakelijk geliberaliseerde spraakdiensten, waaronder gesproken communicatie tussen leden van een besloten groep gebruikers ("virtual private network" (VPN)-diensten), datadiensten met hoge snelheid en "outsourced" (van derden betrokken) telecommunicatietoepassingen, die speciaal op de behoeften van individuele afnemers zijn toegesneden. De markt voor op de klant afgestemde pakketten telecommunicatiediensten voor het bedrijfsleven, aangevuld met verbeteringen als capaciteitstoewijzing en facturering "op maat", technische bijstand rond de klok, enzovoort, is thans aan veranderingen onderhevig en maakt een snelle ontwikkeling door. Cliënten wensen dergelijke, door één enkele aanbieder geleverde pakketten met geavanceerde telecommunicatie- en informatiediensten. De aanbieder wordt geacht "end to end" de volledige verantwoordelijkheid voor alle diensten in het pakket op zich te nemen. Derhalve zijn DT en FT voornemens zulke cliënten via Atlas alle diensten te bieden welke de huidige technologie op een gegeven moment binnen de toepasselijke regelgeving mogelijk maakt. In verband hiermee hebben de partijen te kennen gegeven dat Atlas in een later stadium zal worden uitgebreid tot internationale spraak- en andere basisdiensten, naargelang de regelgeving zulks toestaat.

Deze diensten worden geleverd over huurlijnen met hoge snelheid en grote capaciteit, waarover geavanceerde apparatuur in de gebouwen van de cliënt met de knooppunten van de dienstenleverancier wordt verbonden. In andere gevallen kan, om te zorgen voor het op elk tijdstip verlangde geografische bereik, op andere transmissiemethoden, bij voorbeeld satelliet- of mobiele radiocapaciteit, beroep worden gedaan. Voor dergelijke diensten wordt gebruik gemaakt van geavanceerde, "state-of-the-art"-protocollen, gegevenscomprimeringstechnieken, apparatuur en programmatuur. Op deze markt zal Atlas naar verwachting een scala aan diensten, hierna de "Atlas-diensten" genoemd, aanbieden, waaronder:

- datadiensten: pakketgeschakelde diensten met hoge en met lage snelheid, "Frame-Relay"- en "Internet Protocol" (IP)-diensten;

- toepassingen met toegevoegde waarde: diensten voor berichten, videoconferenties en elektronische documentenuitwisseling ("Electronic document interchange" (EDI));

- VPN-spraakdiensten;

- huurlijnen met toegevoegde waarde: vaste, variabele en circuitgeschakelde bandbreedten;

- "very small aperture satellite" (VSAT)-netwerkdiensten, en

- "outsourcing": cliënten wordt de mogelijkheid geboden de verantwoordelijkheid voor en de eigendom van hun eigen netwerken aan Atlas over te dragen. In verband hiermee kan Atlas in voorkomend geval in haar eigen offertes produkten van derden, die de cliënt reeds heeft verkregen en wenst te behouden, verwerken.

DT en FT zullen een aantal van genoemde diensten blijven leveren, zodat deze geen Atlas-diensten worden. Dit betreft: i) nationale, uitsluitend voor ontvangst bestemde VSAT-diensten in Frankrijk, waarbij één kanaal per "carrier" wordt geleverd ("receive only SCPC"), ii) nationale berichten- en EDI-diensten in Duitsland, iii) datanetwerkdiensten in Frankrijk, Duitsland en derde landen, waarvoor van "asynchrone transfermodus" (ATM)-technologie gebruik wordt gemaakt, en iv) nationale VPN-diensten in Frankrijk en in Duitsland. Integratie in Atlas van dergelijke diensten en/of het onderliggende netwerk, alsmede van breedbandtransmissiecapaciteit die door DT en/of FT geëxploiteerd wordt, vergt een afzonderlijke aanmelding bij de Commissie.

(6) Vanwege de hoge kosten van het aanleggen en het exploiteren van de netwerken die nodig zijn om op de klant afgestemde pakketten telecommunicatiediensten voor het bedrijfsleven te kunnen leveren, zijn dergelijke diensten commercieel alleen levensvatbaar als zij aan "multinationals", aan grote ondernemingen en aan andere intensieve gebruikers van telecommunicatie kunnen worden geleverd en vooral aan de grootste onder deze afnemers, die een continue, omvangrijke verkeersstroom genereren (7). Veel van deze potentiële afnemers hebben complexe en specifieke behoeften en hebben vaak bij het beheren van hun eigen interne netwerken deskundigheid opgebouwd. De vraag of elk van de bovengenoemde diensten een afzonderlijke produktmarkt vormt, kan voor de onderhavige zaak onbeantwoord blijven, omdat afzonderlijke analyses aan de conclusies van de Commissie geen afbreuk doen.

(7) Deze beschikking heeft echter uitsluitend betrekking op het produktenscala en de bedrijfsactiviteiten van Atlas zoals die aangemeld zijn. Elke aanzienlijke wijziging van de produkten of de bedrijfsactiviteiten, met name i) de integratie in Atlas van breedband-transmissiecapaciteit (bij voorbeeld ATM-netwerken) in Frankrijk en in Duitsland, en ii) het door Atlas aanbieden van openbare basis-telecommunicatiediensten (bij voorbeeld spraaktelefoniediensten (8), vergt een nieuwe aanmelding.

(8) De markt voor pakketgeschakelde datacommunicatiediensten

Atlas wordt voorts actief op de afzonderlijke markt voor pakketgeschakelde datacommunicatiediensten. De Commissie beschouwt datacommunicatiediensten als een afzonderlijke markt voor telecommunicatieprodukten, zonder uit te sluiten dat er beperktere markten bestaan (9). Eén beperktere markt is die voor pakketgeschakelde datacommunicatiediensten (10). Pakketschakeling is een methode om de netwerkcapaciteit beter te benutten en bestaat uit het splitsen van datasequenties in "pakketten", het invoeren van deze en andere "pakketten" in het netwerk, zodat de beschikbare capaciteit optimaal benut wordt, het schakelen van de "pakketten" naar de gewenste bestemming en het weer ordenen van de "pakketten" om de oorspronkelijke datasequenties terug te krijgen. Eén van de normen die voor het leveren van pakketgeschakelde datacommunicatiediensten gebruikt wordt, is het "X.25"-protocol. Pakketgeschakelde datadiensten waarvoor van dit protocol gebruik wordt gemaakt, hierna "X.25-datadiensten" genoemd, zijn langzamer dan pakketgeschakelde datadiensten waarvoor van protocollen zoals "Frame Relay", ATM of het IP gebruik wordt gemaakt; X.25-datadiensten functioneren namelijk met kleinere pakketten en maken schakelingen noodzakelijk, waarmee elk verzonden pakket afzonderlijk in rekening kan worden gebracht.

(9) De produktmarkt voor pakketgeschakelde datacommunicatiediensten kan in verschillende cliëntsegmenten worden onderverdeeld:

1. Enerzijds zijn er de cliënten die een over het algemeen onregelmatige en geografisch sterk gespreide vraag naar toepassingen met lage snelheid en geringe volumes genereren. Een zodanige vraag is het gevolg van de aard van het gebruik (bij voorbeeld banken die in het hele land geldautomaten exploiteren, netwerken voor verkooppunten in winkels) of van de omvang van de betrokken afnemers, bij voorbeeld kleine en middelgrote ondernemingen (KMO). Zulke diensten worden volgens gepubliceerde tarieven op grond van het verzonden volume gefactureerd. Alle bestaande TO's in de Lid-Staten, met inbegrip van DT en FT, exploiteren openbare netwerken met grote dichtheid die het hele land bestrijken, waarmee aan deze groep cliënten X.25-datadiensten geleverd worden, hierna "openbare pakketgeschakelde datanetwerken" genoemd. In elke Lid-Staat bestaat slechts één openbaar pakketgeschakeld datanetwerk, dat vóór de liberalisering van de markt door de betrokken TO ingevolge een verplichting tot openbare dienstverlening is aangelegd.

2. Anderzijds zijn er de grote ondernemingen en overige grote afnemers, die omvangrijker en regelmatiger verkeer genereren. Vaak zijn de behoeften van deze afnemers een reden om derde partijen die als dienstverlener optreden, of de potentiële afnemer zelf de hoge kosten te laten dragen van de aanleg van op de cliënt afgestemde huurlijnen (bij voorbeeld het aanleggen van VPN's), waarmee in individuele behoeften aan diensten voorzien wordt. Aan deze vraag wordt in toenemende mate voldaan met pakketgeschakelde diensten waarvoor van andere protocollen dan X.25 gebruik wordt gemaakt, met name "Frame Relay" en ATM (voor VPN-toepassingen) en IP (voor openbare en VPN-toepassingen), en met geschakelde diensten (PSTN- of ISDN-diensten). Pakketgeschakelde datacommunicatiediensten voor dergelijke afnemers worden gefactureerd op grond van in onderhandelingen bepaalde tarieven, waarin rekening wordt gehouden met de bijzondere behoeften van een bepaalde cliënt.

(10) Vrijwel alle ondernemingen die in de verschillende Lid-Staten van de Gemeenschap actief zijn, zijn potentiële, zo geen feitelijke afnemers van binnenlandse pakketgeschakelde datacommunicatiediensten. Ook de KMO's hebben aan dergelijke diensten behoefte, zij het in geringere omvang en wellicht minder regelmatig dan de grote gebruikers. Zelden zal de omvang zodanig zijn, dat dienstverrichters speciaal met het oog op het bereiken van KMO's in huurlijnen investeren, om welke reden de KMO's zich in een zwakke onderhandelingspositie bevinden en tot op heden nauwelijks in staat zijn, van een leverancier, in de meeste gevallen de bestaande TO, naar een concurrent over te stappen.

(11) Pakketgeschakelde datacommunicatiediensten kunnen ook als onderdeel van een cliëntgericht pakket bedrijfsdiensten worden aangeboden. Zelfs als onderdeel van een dergelijk pakket zijn pakketgeschakelde datacommunicatiediensten op rijpe, internationaal gestandaardiseerde technologie gegrond en worden zij via de gebruikelijke terrestrische infrastructuur aangeboden. Binnenlands hebben grotere afnemers, die niet via de openbare pakketgeschakelde datanetwerken van de TO's, maar via aan hun behoeften aangepaste huurlijnen bediend worden, de keuze tussen een breder scala pakketgeschakelde datadiensten dan uitsluitend X.25-datadiensten. De meeste huidige afnemers van pakketgeschakelde datacommunicatiediensten evenwel zorgen thans voor een jaarlijkse omzet van veel minder dan 10 000 ecu per afnemer; zij zijn derhalve geen potentiële afnemers van op de klant afgestemde telecommunicatiediensten voor het bedrijfsleven. Daarom vormen de door Atlas aangeboden pakketgeschakelde datacommunicatiediensten een produktmarkt die van de markt voor op de klant afgestemde pakketten telecommunicatiediensten voor het bedrijfsleven, waarop Atlas zich eveneens richt, moet worden onderscheiden.

2. Geografische markten

De markten voor op de klant afgestemde pakketten telecommunicatiediensten voor het bedrijfsleven

(12) Aangezien de prijs- en de kostenverschillen betrekkelijk groot zijn, bestaat op ten minste drie onderscheiden geografische markten vraag naar op de klant afgestemde pakketten telecommunicatiediensten voor het bedrijfsleven, te weten: de mondiale, de grensoverschrijdende regionale en de nationale markt. Atlas zal zowel Europees als nationaal aan grote afnemers dergelijke pakketten aanbieden. Via GlobalOne zullen de door Atlas aangeboden, op de klant afgestemde pakketten telecommunicatiediensten voor het bedrijfsleven ook mondiale verbindingsmogelijkheden krijgen; technisch bestaat namelijk de mogelijkheid een bepaald aanbod van diensten tot buiten Europa uit te breiden, door via het "Global Backbone Network" van Phoenix de over de hele wereld verspreide vestigingen van een cliënt met elkaar te verbinden. (11). Gezien de aanzienlijke kosten is de vraag naar op de klant afgestemde pakketten telecommunicatiediensten voor het bedrijfsleven thans hoofdzakelijk afkomstig van grote multinationale ondernemingen, van grote ondernemingen, alsmede van grote nationale en andere intensieve afnemers van telecommunicatiediensten. De Commissie heeft de behoeften van dergelijke gebruikers in Beschikking 94/579/EG (BT-MCI) (12) behandeld.

(13) Vanwege de kostenstructuur van het aanbieden van op de klant afgestemde pakketten telecommunicatiediensten voor het bedrijfsleven, met name de kosten van het huren van de noodzakelijke infrastructuur, houden de prijzen van dergelijke diensten en de kosten van aanvullende voorzieningen (één factuur, "help-desk", technische bijstand rond de klok, facturering op maat) verband met het geografische bereik. Er zijn aanwijzingen dat het steeds meer beschikbaar komen van transeuropese netwerken het onderscheid tussen het nationaal, grensoverschrijdend en uiteindelijk Europees aanbieden van niet-concessiediensten voor telecommunicatie zal doen vervagen. Bepaalde nationale geavanceerde niet-concessiediensten, die momenteel van DT en FT in, respectievelijk, Duitsland en Frankrijk kunnen worden betrokken, zullen echter niet tot de Atlas-diensten gaan behoren; dit geldt onder meer voor de nationale datanetwerkdiensten van DT en FT die op ATM of gelijkwaardige pakketschakelingstechnologie (respectievelijk Datex-M en Transrel), gebaseerd zijn, alsmede voor de in overweging 5 genoemde diensten. Dit illustreert dat een onderscheid tussen het nationaal en grensoverschrijdend aanbieden van op de klant afgestemde pakketten telecommunicatiediensten voor het bedrijfsleven ook thans nog gerechtvaardigd is.

De markten voor pakketgeschakelde datacommunicatiediensten

(14) De prijsverschillen tussen deze diensten zijn wellicht minder groot dan in het geval van op de klant afgestemde telecommunicatiediensten voor het bedrijfsleven. Voor pakketgeschakelde datacommunicatiediensten kunnen geografisch een nationaal, een grensoverschrijdend regionaal en een mondiaal niveau worden onderscheiden. Qua volume van het verkeer zijn de vraag naar en het aanbod van pakketgeschakelde datacommunicatiediensten voornamelijk nationaal. In Duitsland bij voorbeeld levert T-Data, de huidige divisie van DT voor pakketgeschakelde datacommunicatiediensten, zijn diensten zelden of nooit grensoverschrijdend. Info AG, de Duitse dochter van FT, levert ondanks het feit dat de onderneming tot het naadloze grensoverschrijdende Transpac-netwerk behoort, slechts een vijfde van zijn pakketgeschakelde datacommunicatiediensten grensoverschrijdend. Deze beoordeling wordt bevestigd door belanghebbende derden, die naar aanleiding van de bekendmaking van de Commissie over de aanmelding van Atlas opmerkingen gemaakt hebben. (13).

(15) Mondiaal en Europees kunnen X.25-datadiensten en op de klant afgestemde pakketten telecommunicatiediensten voor het bedrijfsleven enigermate convergeren in zoverre grote afnemers van laatstgenoemde diensten geen behoefte hebben aan afzonderlijke verstrekking van X.25-datadiensten zodra deze diensten beschikbaar zijn als onderdeel van een dienstenpakket dat via geavanceerde netwerken geboden wordt. Grote Europese afnemers van telecommunicatiediensten verlangen daarom diensten met mondiale verbindingsmogelijkheden, dat wil zeggen diensten die zo nodig tot buiten Europa kunnen worden uitgebreid. Door het sluiten van de GlobalOne-overeenkomsten met Sprint hebben DT en FT stappen gezet om in deze behoefte te voorzien. Niet alleen komt in toenemende mate geavanceerde grensoverschrijdende netwerkinfrastructuur beschikbaar, ook is de algemene verwachting dat op middellange termijn de markt de langs nationale grenzen lopende verschillen zal overwinnen. Tot op heden bestaan echter voor pakketgeschakelde datacommunicatiediensten en voor op de klant afgestemde pakketten telecommunicatiediensten voor het bedrijfsleven nog steeds onderscheiden nationale geografische markten

D. MARKTAANDELEN VAN ATLAS

De markt voor op de klant afgestemde pakketten telecommunicatiediensten voor het bedrijfsleven

(16) De partijen schatten de waarde van de Europese markten voor niet-concessiediensten voor telecommunicatie voor het bedrijfsleven (exclusief datacommunicatiediensten) in 1993 op ongeveer 505 miljoen ecu. In dit bedrag hebben "end-to-end"-diensten een aandeel van ongeveer 15,1 miljoen ecu, VPN-diensten ongeveer 220,6 miljoen ecu, VSAT-diensten ongeveer 173,2 miljoen ecu en "outsourcing"-diensten ongeveer 96,4 miljoen ecu. Volgens de aanmelding bedroeg het gezamenlijke marktaandeel van DT en FT in 1993 in de Gemeenschap 25 % op de markt voor "end-to-end"-diensten, 27 % op die voor VPN-diensten en 2,3 % op de markt voor "outsourcing"-diensten. De marktaandelen voor VSAT-diensten zijn moeilijk te berekenen, omdat de TO's meestal van VSAT-terminals gebruik maken als ondersteunende ("back-up")-uitrusting voor andere diensten of om, vanwege de onvolkomenheden van de terrestrische infrastructuur, het geografische bereik van diensten te vergroten. Bij elkaar genomen hadden DT en FT per juni 1994 10 907 VSAT-terminals in bedrijf, hetgeen neerkomt op 29 % van het totale aantal geïnstalleerde VSAT-terminals voor interactief gebruik, eenrichtings-dataverkeer en bedrijfstelevisie in de EER.

Wat de nationale markt voor op de klant afgestemde pakketten telecommunicatiediensten voor het bedrijfsleven in Frankrijk en in Duitsland betreft, bedroeg het gezamenlijke aandeel van DT en FT op de markt voor afzonderlijke niet-concessiediensten voor bedrijfstelecommunicatie 93 % van de Franse VPN-markt (waarop DT niet aanwezig is) en 0 % van de Duitse VPN-markt, alsmede 60 % van de Franse markt voor "end-to-end"-diensten tegen 35 % van de Duitse markt voor deze diensten. Eunetcom B.V., de gemeenschappelijke onderneming van DT en FT op het gebied van "outsourcing", had een aandeel van 36 % van de totale omzet in "outsourcing" in Frankrijk en 29 % van de totale omzet in "outsourcing" in Duitsland. Wat VSAT-diensten betreft, beschikt DT over ongeveer 25 % van alle in Duitsland geïnstalleerde VSAT-terminals; als land heeft Duitsland een aandeel van 18 % van het totale aantal in de EER geïnstalleerde VSAT-terminals.

Op de nationale markten van derde landen, met inbegrip van alle lid-staten van de EER, zijn DT en FT tot op heden niet of nauwelijks aanwezig.

De markt voor pakketgeschakelde datacommunicatiediensten

(17) DT en FT schatten de waarde van de Europese markt voor datacommunicatiediensten in 1993 op ongeveer 2,8 miljard ecu. Volgens de aanmelding bedroeg het gezamenlijke aandeel van DT en FT op deze markt 35 %. Wat de nationale markten betreft, zal Atlas in Frankrijk en in Duitsland een bijzonder sterke positie verwerven. Het gezamenlijke marktaandeel van DT en FT voor alle datacommunicatiediensten bedraagt 79 % in Duitsland en 77 % in Frankrijk, waarvan ongeveer de helft voor rekening komt van door de dochteronderneming van DT voor X.25-datadiensten (inmiddels "T-Data" geheten), en door Transpac France, een dochteronderneming van FT, aangeboden diensten. Beide dochterondernemingen blijven tot de volledige en daadwerkelijke liberalisering van de markten voor telecommunicatie-infrastructuur en -diensten in Frankrijk en in Duitsland, die voor 1 januari 1998 gepland is, buiten Atlas (zie overweging 24).

E. DE BELANGRIJKSTE CONCURRENTEN VAN ATLAS

De markten voor op de klant afgestemde pakketten telecommunicatiediensten voor het bedrijfsleven

(18) Sinds Beschikking 94/579/EG (BT-MCI) van de Commissie hebben verscheidene partijen, al dan niet in samenwerking met partners, hun intrede gedaan op de internationale markten voor het aanbieden van niet-concessiediensten voor telecommunicatie voor het bedrijfsleven. De belangrijkste van deze partijen, die evenwel een verschillend geografisch bereik en cliënten als doelgroep hebben, zijn: AT& T WorldPartners, Concert, IBM-Stet, International Private Satellite Partners (14), Unisource (15) en Uniworld (16). Bij een aantal van deze strategische allianties is nog slechts sprake van voornemens, andere allianties wachten nog op goedkeuring door de regelgevende instantie. Alle bovengenoemde allianties beogen echter voor de deelnemende partners met het oog op de aanstaande volledige liberalisering een positie op de markt te verwerven.

De markt voor pakketgeschakelde datacommunicatiediensten

(19) Op de markt voor pakketgeschakelde datacommunicatiediensten is een veel groter aantal partijen aanwezig dan op die voor op de klant afgestemde pakketten telecommunicatiediensten voor het bedrijfsleven. De mondiale spelers op deze markten zijn de in overweging 18 genoemde allianties, die met aanbieders als EDS, FNA, Infonet, Sita en Swift, en met werkmaatschappijen van grote mondiale ondernemingen als AT& T Istel, Cable & Wireless Business Networks, Easynet van DEC en GEIS concurreren. Op grensoverschrijdend regionaal en op nationaal niveau in de EER is voorts een groot aantal kleinere spelers als concurrent aanwezig. Info AG, een indirecte Duitse dochteronderneming van FT die het merendeel van haar datacommunicatiediensten in Duitsland aanbiedt, is bij voorbeeld de op één na grootste concurrent van DT op de nationale Duitse markt voor pakketgeschakelde datacommunicatiediensten. Geen van deze kleinere spelers is echter qua bereik, toegang tot transmissiecapaciteit en financiële mogelijkheden vergelijkbaar met de grote allianties.

F. DE TRANSACTIE

(20) De bij de Commissie aangemelde Atlas-transactie bestaat uit een reeks overeenkomsten, waarvan de kenmerkendste elementen in het navolgende beschreven worden.

1. De oorspronkelijk aangemelde overeenkomsten

a) De "Atlas Joint Venture Agreement" (overeenkomst inzake de gemeenschappelijke onderneming Atlas, hierna de "GO-overeenkomst" genoemd) is de belangrijkste overeenkomst, waarbij de gemeenschappelijke onderneming Atlas opgericht wordt.

b) De "Intellectual and Industrial Property Transfer and Licence Agreements" (overeenkomsten inzake overdracht van en licenties voor intellectuele- en industriële-eigendomsrechten) zijn door FT en DT afzonderlijk met Atlas SA gesloten; uit hoofde van deze overeenkomsten stellen FT en DT aan Atlas SA de intellectuele-eigendomsrechten, hierna "IER's" genoemd, die voor de exploitatie van de activiteiten van Atlas nodig zijn, ter beschikking.

c) De "Framework Services Agreements" (raamovereenkomsten inzake diensten) zijn raamovereenkomsten, waarin de basisvoorwaarden voor het door DT en FT aan Atlas SA verstrekken van bepaalde diensten en het door Atlas SA aan FT en DT leveren van bepaalde diensten zijn vervat.

d) De "Distribution Agreements" (distributieovereenkomsten) zijn twee in hoge mate gelijke distributieovereenkomsten met FT en met DT, waarin voor de twee eigen landen (Frankrijk respectievelijk Duitsland) de marketing en de verkoop van Atlas-produkten worden geregeld.

e) De "Agency Agreements" (agentuurovereenkomsten) zijn overeenkomsten uit hoofde waarvan beide moederondernemingen voor de verkoop van de internationale huurlijnen ("half-circuits") van DT en van FT, met Duitsland als territoriale uitzondering voor de internationale huurlijnen van DT, Atlas SA aanwijzen als niet-exclusieve agent in de hele wereld.

2. Contractuele bepalingen

(21) De bovenvermelde overeenkomsten behelzen in het bijzonder het volgende.

1. De structuur van Atlas

Atlas SA is opgericht als een gemeenschappelijke onderneming van FT en DT, die elk de helft van het aandelenkapitaal van Atlas SA bezitten. De bestuursstructuur van Atlas SA is als volgt:

a) de aandeelhoudersvergadering: voorafgaande goedkeuring door de aandeelhoudersvergadering is nodig voor zaken als wijziging van de statuten, wijziging van het kapitaal, uitgifte van aandelen, fusies, verkoop van alle of van een aanzienlijk deel van de activa, en liquidatie.

b) de Raad van bestuur: de Raad van bestuur van Atlas SA heeft elf leden, waarvan er vijf worden aangewezen door DT, vijf door FT en één door Sprint. Voorafgaande goedkeuring door de raad van bestuur is nodig voor een aantal belangrijke besluiten, waaronder goedkeuring van ondernemingsplannen en jaarlijkse begrotingen en van wijzigingen in het produktenpakket van Atlas, het sluiten van belangrijke contracten, enz. Voor besluiten over wijzigingen in de bedrijfsactiviteiten van Atlas, benoeming van managers en de goedkeuring van het ondernemingsplan, het jaarlijkse bedrijfsplan en de begroting is een meerderheid vereist waarvan ten minste twee van de door elke partij aangewezen directeuren deel uitmaken (17).

c) de algemeen directeuren: Atlas SA krijgt twee algemeen directeuren. Eén daarvan wordt benoemd door FT en gekozen uit de vertegenwoordigers van FT in de raad van bestuur, de andere wordt benoemd door DT en gekozen uit de vertegenwoordigers van DT in de raad van bestuur. De algemeen directeuren zijn gezamenlijk verantwoordelijk voor de dagelijkse bedrijfsvoering en leiding van de activiteiten en zaken van Atlas. Goedkeuring van beide algemeen directeuren is noodzakelijk voor alle belangrijke besluiten, waaronder het aanwerven en ontslaan van werknemers op sleutelposities.

De partijen brengen in Atlas hun huidige, zich in Europa (buiten Frankrijk, respectievelijk Duitsland) bevindende activa in (alsmede bepaalde activa in Frankrijk en in Duitsland), welke voor het verrichten van diensten die onder de activiteiten van Atlas vallen, worden gebruikt.

2. Doel en activiteiten van Atlas

Atlas dient voor klanten uit het bedrijfsleven (zowel multinationale ondernemingen als KMO's) naadloze nationale en internationale niet-concessiediensten te verrichten. Het pakket Atlas-diensten omvat datanetwerkdiensten, internationale "end-to-end"-diensten (variabele verbindingen), VPN-spraakdiensten, netwerken volgens specificaties van de cliënt, "outsourcing" en VSAT-diensten. In de Gemeenschap zijn deze diensten volledig geliberaliseerd en wereldwijd zijn zij in hoge mate geliberaliseerd. Atlas krijgt voor het bovenbeschreven pakket diensten buiten Frankrijk en Duitsland de verantwoordelijkheid.

In Frankrijk en Duitsland zal Atlas verkoopondersteuning verlenen aan de verkoopafdeling van FT en aan die van DT voor alle diensten die tot het Atlas-pakket behoren, met uitzondering van openbare pakketgeschakelde datanetwerkdiensten in Frankrijk en Duitsland. Tot de volledige liberalisering van de markten voor telecommunicatie-infrastructuur en -diensten in Frankrijk en in Duitsland, die voor 1 januari 1998 is gepland, worden laatstgenoemde diensten door respectievelijk Transpac France, een dochter van FT, en T-Data, een dochter van DT, verricht.

DT en FT zullen als exclusieve distributeurs Atlas-diensten in, respectievelijk, Duitsland en Frankrijk verkopen. De Atlas-produkten worden in Frankrijk en Duitsland onder het gezamenlijke, mondiaal gebruikte handelsmerk "Atlas/GlobalOne" verkocht. Passieve verkoop van Atlas-diensten door DT in Frankrijk, door FT in Duitsland en door ongeacht welke werkmaatschappij van Atlas in deze beide Lid-Staten, is toegestaan. Buiten Frankrijk en Duitsland worden de Atlas-produkten verkocht door de werkmaatschappij van Atlas voor de rest van Europa.

Op grond van de GO-overeenkomst heeft DT bij het sluiten van de overeenkomst een compensatiebetaling verricht om de waarde van de inbreng van de twee partijen in evenwicht te brengen. Na de inbreng van T-Data en Transpac in Atlas zal DT of FT opnieuw een dergelijke betaling verrichten ter compensatie van een eventueel verschil in de waarde van, respectievelijk, T-Data en Transpac.

3. Bepalingen betreffende met/door Atlas verrichte transacties

Het door Atlas en FT/DT aan elkaar verlenen van diensten wordt geregeld in de twee raamovereenkomsten over diensten, op grond waarvan transacties tussen FT/DT en Atlas op doorzichtige, niet-discriminerende wijze en op objectieve zakelijke grondslag moeten worden gesloten.

Bij diensten die DT en FT algemeen aanbieden, moeten de prijzen en andere voorwaarden die DT en FT in het algemeen op elk gegeven tijdstip voor hun cliënten laten gelden, eveneens voor Atlas gelden. Bij diensten die FT en DT niet algemeen aanbieden, moeten de marktprijs en -voorwaarden gelden en moet hierover door de partijen in goed vertrouwen en op objectieve zakelijke basis worden onderhandeld. Bijgevolg zal Atlas dergelijke diensten van DT en van FT tegen dezelfde prijzen en voorwaarden afnemen als door elke derde partij die normaal zulke diensten aanbiedt, onder dezelfde omstandigheden zouden worden toegepast. Indien geen gegevens over de relevante marktprijzen beschikbaar zijn, worden de voor Atlas geldende prijzen bepaald op basis van een berekeningsmodel; in het geval van FT is dit het model dat voor het opstellen van offertes aan cliënten met bijzondere eisen gebruikt wordt, in het geval van DT het model dat voor de berekening van interne verrekenprijzen binnen het concern gehanteerd wordt. De op grond hiervan berekende prijzen dekken in de betrokken periode alle kosten, alsmede een redelijke winstmarge.

4. Non-concurrentiebeding

Uit hoofde van artikel XIII van de GO-overeenkomst inzake Atlas zullen FT en DT nergens diensten produceren die in hoge mate gelijk zijn aan of rechtstreeks concurreren met de diensten van Atlas; ook zullen FT en DT zich buiten Frankrijk en Duitsland onthouden van marketing, verkoop of distributie van diensten die in hoge mate gelijk zijn aan de diensten van Atlas of die daarmee rechtstreeks concurreren. Voorts zal FT geen Atlas-diensten in Duitsland verkopen of distribueren en zal DT geen Atlas-diensten in Frankrijk verkopen of distribueren; passieve verkoop door FT buiten Frankrijk, door DT buiten Duitsland en door Atlas in zowel Frankrijk als Duitsland is toegestaan.

5. Bepalingen betreffende de intellectuele en industriële eigendom

Elk van beide moederondernemingen heeft met Atlas SA een overeenkomst inzake overdracht van en licenties voor intellectuele- en industriële-eigendomsrechten gesloten; uit hoofde hiervan stellen DT, FT, T-Data en Transpac France, hierna "de houders van de IER's" genoemd, de IER's die nodig zijn voor de exploitatie van Atlas-activiteiten, ter beschikking aan Atlas SA, met inachtneming van de volgende beginselen:

a) IER's die eigendom zijn van de houders van de IER's of die aan hen in licentie zijn gegeven en die uitsluitend voor Atlas-activiteiten gebruikt worden, worden aan Atlas SA overgedragen;

b) IER's die eigendom zijn van de houders van de IER's of die aan hen in licentie zijn gegeven en die voornamelijk voor Atlas-activiteiten gebruikt worden, worden eveneens aan Atlas SA overgedragen; aan de partijen zal een onderlicentie worden verleend ("Grant Back Licence sublicence"), en

c) voor IER's die eigendom zijn van de houders van de IER's of die aan hen in licentie zijn gegeven en die voornamelijk voor de activiteiten van de houders van de IER's gebruikt worden, wordt aan Atlas SA een (onder-) licentie gegeven.

G. NAAR AANLEIDING VAN OPMERKINGEN VAN DE COMMISSIE AANGEBRACHTE WIJZIGINGEN EN AAN DEZE BESCHIKKING VERBONDEN VOORWAARDEN

(22) Enkele aspecten van de oorspronkelijk aangemelde overeenkomsten leken met de mededingingsregels van de Gemeenschap in strijd te zijn. Daarom heeft de Commissie de partijen bij schrijven van 23 mei 1995 van haar bezwaren in kennis gesteld. Tijdens de aanmeldingsprocedure hebben de partijen hun oorspronkelijke overeenkomsten gewijzigd en zijn zij jegens de Commissie verbintenissen aangegaan.

1. Wijzigingen in de overeenkomsten

(23) Atlas SA wordt niet aangewezen als agent voor internationale huurlijnen. Naar aanleiding van de brief van de Commissie van 23 mei 1995 hebben DT en FT afgezien van hun agentuurovereenkomsten en hebben zij de oorspronkelijke dienstenovereenkomsten gewijzigd om rekening te houden met de niet-aanwijzing van Atlas SA als niet-exclusieve agent voor de internationale huurlijnen van DT en van FT.

(24) De Franse en Duitse openbare pakketgeschakelde datanetwerken worden niet in Atlas geïntegreerd, alvorens de markten voor telecommunicatie-infrastructuur en -diensten in Frankrijk en Duitsland volledig en daadwerkelijk geliberaliseerd zijn. Alvorens de markten voor telecommunicatie-infrastructuur en -diensten in Frankrijk en Duitsland volledig en daadwerkelijk geliberaliseerd zijn, hetgeen voor 1 januari 1998 gepland is, mag Atlas SA niet de juridische eigendom of de controle, in de zin van artikel 3 van Verordening (EEG) nr. 4064/89 van de Raad (18), over Transpac France en T-Data, het Franse, respectievelijk Duitse openbare pakketgeschakelde datanetwerk, verwerven. Inmiddels:

1. heeft FT Transpac SA opgesplitst in Transpac France en Transpac Europe;

2. heeft FT Transpac Europe ingebracht in Atlas;

3. blijft Transpac France een volledige dochteronderneming van FT;

4. heeft DT zijn divisie voor X.25-datadiensten opgericht als een afzonderlijke onderneming naar Duits recht, die een volledige dochteronderneming van DT is;

5. hebben DT en FT Eunetcom B.V., hun gemeenschappelijke onderneming op het gebied van "outsourcing", volledig ingebracht in Atlas SA, en

6. heeft Atlas SA een dochteronderneming in Frankrijk en een dochteronderneming in Duitsland opgericht (hierna aangeduid als "Atlas Frankrijk", respectievelijk "Atlas Duitsland"), die de volgende diensten leveren:

i) verkoopondersteuning voor Atlas-produkten aan de distributeurs in Frankrijk en Duitsland;

ii) diensten die binnen het pakket van Atlas vallen, met uitzondering van pakketgeschakelde datanetwerkdiensten, waaronder:

- VSAT-diensten,

- internationale "end-to-end"-diensten,

- VPN-spraakdiensten,

- door de cliënt gespecificeerde toepassingen (met uitzondering van nationale X.25-datadiensten in Frankrijk en Duitsland), en

- "outsourcing"-diensten,

met uitzondering van de in overweging 5, derde alinea, genoemde diensten.

Op het tijdstip waarop de markten voor telecommunicatie-infrastructuur en -diensten in Frankrijk en Duitsland volledig en daadwerkelijk geliberaliseerd zullen zijn, worden Transpac France en T-Data in Atlas ingebracht, waarbij Atlas Frankrijk en Atlas Duitsland met respectievelijk Transpac France en T-Data fuseren. Met betrekking tot deze inbreng worden onder Transpac France en T-Data uitsluitend de openbare pakketgeschakelde datanetwerken voor het aanbieden van pakketgeschakelde datacommunicatiediensten op basis van "X.25-", SNA-, "Frame Relay"- en Internet-protocollen verstaan.

(25) Technische samenwerking.

Vooruitlopend op de volledige en daadwerkelijke liberalisering van de markten voor telecommunicatie-infrastructuur en -diensten in Frankrijk en Duitsland zullen DT en FT samenwerken bij de ontwikkeling van gezamenlijke technische netwerkonderdelen. Aan de onderhavige beschikking is de voorwaarde verbonden dat de samenwerking tussen DT en FT op dit terrein tot de in artikel 2 van deze beschikking bepaalde datum tot de navolgende gebieden beperkt blijft:

1. FT en DT werken samen bij de ontwikkeling van gezamenlijke produkten en gezamenlijke technische netwerkonderdelen (dat wil zeggen produkten en onderdelen die dezelfde technische mogelijkheden hebben, maar waarvan de vervaardiging afzonderlijk gebeurt en de eigendom gescheiden blijft); deze samenwerking zal zich uitstrekken tot de Franse en de Duitse openbare pakketgeschakelde datanetwerken. Alleen de navolgende taken worden door Atlas SA ten behoeve van respectievelijk Transpac France en T-Data verricht:

a) produktmanagement en -ontwikkeling, te weten: i) produktdefinities (dat wil zeggen de definitie van onder meer snelheid, voorwaarden en beschikbaarheid van interconnectie en andere technische en commerciële kenmerken), ii) marketing van produkten, iii) beheer van de produktlevenscyclus, iv) specificatie van produkteisen, v) technische specificaties en ontwikkeling van produkten, en vi) technische ontwikkeling van de produkten (zowel apparatuur als programmatuur), met dien verstande dat de merknaam en prijsstelling van de produkten, alsook de implementatie van de produkten op het netwerk door respectievelijk Transpac France en T-Data beheerd worden;

b) bepaalde netwerkplanningstaken, te weten: i) de technologie van het centrale netwerk en de optimalisering van het gemeenschappelijke transmissienetwerk, zodat onnodige overlapping van middelen wordt vermeden, ii) de technologie en de optimalisering van de netwerken voor verschillende dienstenplatforms, zodat voor naadloze diensten kan worden zorg gedragen, en iii) de centrale planning van de implementatie van nieuwe netwerkknooppunten (bij voorbeeld de "timing"), en

c) informatiesystemen, te weten: i) de definitie van de architectuur van informatiesystemen (bij voorbeeld de ontwikkeling van gemeenschappelijke technische mogelijkheden voor toekomstige informatiesystemen), ii) de specificatie van eisen voor en toepassingen van informatiesystemen, iii) de technische ontwikkeling van apparatuur en van programmatuur voor informatiesystemen, en iv) de centrale planning van de implementatie van apparatuur en van programmatuur, met dien verstande dat centrale functies van de informatiesystemen (bij voorbeeld factureringsgegevens en statistieken) door respectievelijk Transpac France en T-Data worden beheerd.

De samenwerking op bovengenoemde terreinen mag in geen geval neerkomen op feitelijke integratie van de Franse en de Duitse openbare pakketgeschakelde datanetwerken, die door twee gescheiden centra voor netwerkbeheer zullen worden gecontroleerd. De beperking van de technische samenwerking tussen DT en FT tot de bovengenoemde onderdelen wordt als voorwaarde in de zin van artikel 8, lid 1, van Verordening nr. 17 aan de onderhavige beschikking gehecht.

2. Atlas mag bepaalde operationele taken aan Transpac France en aan T-Data uitbesteden.

(26) De activa van de onrechtstreekse Duitse dochteronderneming van FT mogen niet in Atlas worden geïntegreerd. De activa van Info AG, de Duitse dochter van FT die telecommunicatiediensten voor het bedrijfsleven aanbiedt, mogen niet in Atlas worden geïntegreerd, behoudens hetgeen in de volgende verbintenis is vastgelegd:

"Om te voldoen aan de eis van de Europese Commissie dat concurrentie op de Duitse telecommunicatiedienstenmarkt niet wordt uitgeschakeld, verbindt France Télécom (FT) zich ertoe Info AG, de Duitse dochteronderneming van Transpac, onherroepelijk als "lopend bedrijf" ter verkoop aan te bieden, ofwel andere oplossingen toe te passen indien een dergelijke verkoop niet plaatsvindt.

Toepassingsgebied van de verplichting tot afstoting

FT zal alle activa en alle contracten van Info AG afstoten. Multinationale cliënten waarvan het hoofdkantoor buiten Duitsland gevestigd is en waaraan Info AG tot op heden als onderdeel van het Transpac-netwerk geavanceerde netwerkdiensten levert, mogen aan Atlas worden overgedragen, in de mate waarin de Commissie ervan overtuigd is dat de betrokken diensten kunnen worden gescheiden van de Duitse activiteiten van Info AG (de "bedrijfsactiviteiten van Info AG"), zonder dat de waarde van laatstgenoemde activiteiten daardoor aanmerkelijk vermindert.

De twee delen van de bedrijfsactiviteiten van Info AG ("Disaster Recovery Services" (DRS) en "Network Services" (NWS)) worden gescheiden verkocht, indien voor de bedrijfsactiviteiten van Info AG in hun totaliteit geen koper kan worden gevonden. Voor de doeleinden van deze verbintenis wordt de verkoop van Info AG beschouwd als de verkoop van zowel het DRS- als het NWS-gedeelte van de bedrijfsactiviteiten van Info AG.

Verplichtingen van France Télécom

1. Vóór de verkoop van de aandelen van Transpac in Info AG aan de partij die deze aandelen koopt (hierna "de koper" genoemd), zal FT met betrekking tot de huidige activiteiten van Info AG voor cliënten waarvan het hoofdkantoor buiten Duitsland gevestigd is, trachten een dienstverleningsovereenkomst tussen Info AG en Transpac tot stand te brengen. Volgens die overeenkomst zal Transpac voor Info AG de diensten blijven verrichten die Transpac thans voor Info AG verricht.

2. De diensten die door de in het voorgaande punt bedoelde overeenkomst worden bestreken, zullen worden verricht zonder negatieve gevolgen voor de overige bedrijfsactiviteiten die Info AG thans heeft. Het sluiten van een dergelijke overeenkomst met de koper is geen voorwaarde en mag door FT niet met het oog op het nakomen van deze verbintenis worden verlangd.

3. Voorts stemt FT ermee in de koper in de mate die ingevolge de bestaande contractuele verplichtingen mogelijk is, al naar gelang het geval, alle bijstand te verlenen (bij voorbeeld licenties en "know-how") die met het aanbieden van de diensten van Info AG verband houdt. FT mag van de koper voor dergelijke licenties en "know-how" een marktconforme vergoeding verlangen. Deze marktconforme vergoeding is de vergoeding die normalerwijze op het tijdstip waarop de licentie of de "know-how" wordt geleverd, op de markt wordt verkregen.

4. FT accepteert de doelstellingen van de Commissie om i) de levensvatbaarheid, de verkoopbaarheid en het concurrentievermogen van de huidige bedrijfsactiviteiten van Info AG in stand te houden, en ii) hiertoe voldoende management- en andere middelen ter beschikking te stellen. Om deze doelstellingen te verwezenlijken verbindt FT zich ertoe:

a) ervoor zorg te dragen dat i) de bedrijfsactiviteiten van Info AG juridisch gescheiden blijven van zowel Transpac als T-Data en als afzonderlijke en verkoopbare activiteiten in stand worden gehouden, ii) de waarde van de activa van Info AG en van haar bedrijfsactiviteiten in elk opzicht op het huidige niveau wordt gehouden, overeenkomstig goed zakelijk gebruik, tenzij een wijziging in de activa noodzakelijk is, in welk geval FT geen enkele belangrijke wijziging zal aanbrengen zonder voorafgaande consultatie met en goedkeuring door de Europese Commissie, en iii) alle overeenkomsten die nodig zijn om de bedrijfsactiviteiten van Info AG in stand te houden, in overeenstemming met de bedrijfsuitoefening in het verleden en het gebruikelijke verloop van de bedrijfsactiviteiten worden gesloten of op de daarin bepaalde voorwaarden worden voortgezet; dit geldt met name voor alle overeenkomsten en afspraken met betrekking tot huurlijncapaciteit en interconnectie met T-Data en/of Deutsche Telekom;

b) alle administratieve en managementfuncties die verband houden met Info AG en die op alle niveaus binnen FT en/of Transpac uitgevoerd worden, te handhaven teneinde Info AG levensvatbaar, verkoopbaar en concurrerend te laten blijven tot het tijdstip waarop de afstoting is afgerond of waarop de "trustee" FT adviseert dat dergelijke functies niet langer noodzakelijk zijn, al naar gelang hetgeen zich het eerst voordoet;

c) zodra zulks praktisch mogelijk is en in elk geval uiterlijk op 10 juli 1996 een "trustee" te stellen (hierna "de trustee" genoemd), bij voorbeeld een investeringsbank, die door de Commissie moet worden goedgekeurd (welke goedkeuring niet zonder gegronde redenen mag worden geweigerd), met dien verstande dat FT, mits goedkeuring door de Commissie (welke goedkeuring niet zonder gegronde redenen mag worden geweigerd), i) de "trustee"-overeenkomst mag beëindigen, indien FT op enigerlei tijdstip na de benoeming van de "trustee" van oordeel is dat deze zijn taken niet naar behoren vervult, en ii) de eerder aangestelde "trustee" door een andere, eveneens door de Commissie goed te keuren "trustee" vervangt;

d) deze "trustee" een onherroepelijk mandaat te geven om Info AG op zo gunstig mogelijke voorwaarden te verkopen aan een kandidaat-koper die vóór [. . .] (19) een bod uitbrengt, en

e) de met de "trustee", in het raam van de onderhandelingen over de afstoting, overeengekomen managementstructuur tot stand te brengen en te ondersteunen.

5. Als de "trustee" voor de verkoop van Info AG is aangesteld, FT gevolg geven aan de eisen van de "trustee" om de activa van Info AG voor zover juridisch toelaatbaar in stand te houden, tenzij een wijziging daarvan noodzakelijk is, in welk geval FT geen belangrijke wijziging zal aanbrengen zonder voorafgaande consultatie met en goedkeuring door de Europese Commissie. In het bijzonder zal FT ervoor zorg dragen dat alle diensten die FT of enige dochteronderneming van FT aan Info AG verstrekt, ook verder efficiënt en bevredigend worden verstrekt en dat de (eventuele) kosten die voor dergelijke diensten aan Info AG in rekening worden gebracht, niet worden verhoogd. Behoudens met instemming van de "trustee" mag FT tot het tijdstip waarop Info AG verkocht is, geen werknemers of leidinggevend personeel van Info AG in dienst nemen of aan dezen een dienstverband aanbieden.

Verplichtingen van de "trustee"

6. Ingevolge de overeenkomst tussen FT en de met instemming van de Commissie benoemde "trustee" zal laatstgenoemde:

a) FT en Transpac adviseren over de meest geëigende managementstructuur om Info AG's bedrijfsactiviteiten levensvatbaar, verkoopbaar en concurrerend te laten blijven; in het bijzonder zal de "trustee" advies geven over de wijze waarop herstructurering van Info AG dient te worden uitgevoerd om haar levensvatbaarheid, verkoopbaarheid en concurrentievermogen te waarborgen;

b) FT en Transpac adviseren omtrent een bevredigende exploitatie en management van Info AG, zodat de activiteiten van Info AG levensvatbaar, verkoopbaar en concurrerend blijven; de "trustee" zal tevens op de uitvoering van dat advies door Info AG toezicht houden, en die uitvoering volgen en controleren. Voor het doel van dit toezicht en voor zover daarvoor noodzakelijk krijgt de "trustee" volledig toegang tot het personeel en faciliteiten van Info AG, alsmede tot documenten, boeken en administratieve bescheiden van zowel FT als Transpac, met inbegrip van het personeel, de faciliteiten, boeken en administratieve bescheiden die van invloed kunnen zijn op de bedrijfsvoering bij Info AG, ook al houden zij daarmee niet rechtstreeks verband;

c) optreden als investeringsbank van FT en te goeder trouw met geïnteresseerde derden onderhandelen om Info AG binnen [. . .] (20) één jaar na de eerste datum van het sluiten van de Atlas-transactie, zoals daarin bepaald, dat wil zeggen vóór [. . .] (21) (hierna: de "streefdatum" genoemd), te verkopen. Indien de "trustee" op enig tijdstip vóór de streefdatum, doch ten minste twee maanden voor die datum, in overleg met de Commissie vaststelt dat het onmogelijk is een aanvaardbare koper voor Info AG (exclusief de cliënten waarvan het hoofdkantoor buiten Duitsland gevestigd is) te vinden, zullen de "trustee", FT en de Commissie overleg voeren over geschikte andere mogelijkheden voor de voorgestelde afstoting van Info AG, met name een uitbreiding van de afstoting;

d) voordat een bindende overeenkomst wordt aangegaan, en in elk geval maandelijks, schriftelijk verslag uitbrengen over alle ontwikkelingen in zijn onderhandelingen met derden die in de overname van Info AG belang stellen; deze verslagen worden met ondersteunende documentatie aan de Commissie verstrekt; FT ontvangt een afschrift daarvan;

e) de Commissie elke twee maanden schriftelijk verslag uitbrengen, met een afschrift voor FT, over het toezicht op de exploitatie en het management van Info AG;

f) op elk ander tijdstip aan de Commissie op haar verzoek schriftelijk of mondeling verslag uitbrengen over enig aspect van de taken en werkzaamheden van de "trustee" in verband met Info AG en de mogelijke kopers daarvan. Van dergelijke schriftelijke verslagen ontvangt FT een afschrift, van de inhoud van mondelinge verslagen wordt FT in kennis gesteld, en

g) zijn taken als "trustee" in het kader van deze verbintenis staken wanneer de verkoop van Info AG of enigerlei andere oplossing overeenkomstig het bepaalde in punt 6, onder c), van kracht wordt.

7. De honoraria van de "trustee" zijn voor rekening van FT. In de vergoeding van de "trustee" moet een prikkel tot spoedige afstoting worden ingebouwd, zodat de "trustee" zich naar beste vermogen inspant voor een spoedige verkoop van Info AG met een zo hoog mogelijke opbrengst.

8. FT verbindt zich ertoe alle redelijkerwijs noodzakelijke hulp te geven waarom de "trustee" verzoekt, teneinde Info AG op de streefdatum te verkopen. FT wordt geacht aan zijn verbintenis tot afstoting te hebben voldaan, indien op de bedoelde streefdatum een bindende intentieverklaring of een bindende overeenkomst is gesloten voor de verkoop van Info AG aan een koper met wie de Commissie instemt, mits deze verkoop binnen een redelijke termijn na de ondertekening van een dergelijke, door de Commissie goedgekeurde bindende intentieverklaring of bindende overeenkomst wordt afgerond.

9. Op verzoek van FT en mits daarvoor gegronde redenen bestaan, kan de Commissie de termijn waarbinnen FT Info AG moet afstoten, tot zes maanden na de streefdatum verlengen (hierna de "verlengde streefdatum" genoemd).

10. In de in punt 6, onder d) en f), bedoelde verslagen wordt vermeld of een voorgestelde koper in staat is ervoor te zorgen dat Info AG op de Duitse telecommunicatiemarkt een concurrerende partij blijft en of de onderhandelingen met deze voorgestelde koper moeten worden voortgezet. Als de Commissie binnen tien werkdagen na ontvangst van dergelijke gegevens van de trustee niet uitdrukkelijk de gunstige beoordeling van de voorgestelde koper door de "trustee" afwijst, kunnen de onderhandelingen met deze voorgestelde koper worden voortgezet. De Commissie kan het met de beoordeling die de "trustee" van een voorgestelde koper geeft oneens zijn, indien de voorgestelde koper naar het oordeel van de Commissie waarschijnlijk niet in staat is daadwerkelijk met, respectievelijk, T-Data, Atlas Duitsland en GlobalOne te concurreren.

11. Indien de verkoop van Info AG in verband met een aanmelding bij een mededingingsautoriteit wordt opgeschort, wordt de termijn van [. . .] (22) tot de streefdatum, dan wel de termijn van zes maanden tot de verlengde streefdatum opgeschort, totdat de betrokken autoriteit met betrekking tot de verkoop van Info AG een eindbeslissing heeft genomen.

12. Elk geschil tussen FT en de koper(s) van Info AG over de verbintenis van FT om de bedrijfsactiviteiten van Info AG af te stoten, wordt aan een onafhankelijke derde ter arbitrage voorgelegd. Tijdens deze arbitrage wordt de termijn van [. . .] (23) tot de streefdatum opgeschort.

13. Indien het onwaarschijnlijk is dat de bedrijfsactiviteiten van Info AG op de in punt 4, onder d), vermelde datum verkocht zullen zijn, zal FT ten minste twee maanden voor die datum andere middelen voorstellen, die voldoende bevredigend zijn om daadwerkelijke concurrentie op de Duitse markt te waarborgen. Deze andere middelen moeten op de in punt (4), onder d), vermelde datum ten uitvoer worden gelegd."

(19) Zakengeheim.

(20) Zakengeheim.

(21) Zakengeheim.

(22) Zakengeheim.

(23) Zakengeheim..

De Commissie verbindt aan deze beschikking de voorwaarde dat FT aan de elementen van bovenstaande verbintenis gevolg geeft. Multinationale cliënten waaraan Info AG tot die datum als onderdeel van het Transpac-netwerk netwerkdiensten verstrekt en waarvan het hoofdkantoor buiten Duitsland gevestigd is, mogen aan Atlas worden overgedragen, indien zij van de produktdivisies van Info AG die moeten worden afgestoten, kunnen worden gescheiden.

(27) FT, DT, Atlas en GlobalOne zijn afzonderlijke verbintenissen aangegaan om gedurende een periode van één jaar na de sluiting van de verkoop van Info AG niet met de koper ervan te concurreren op het gebied van het aanbieden van telecommunicatiediensten aan cliënten van Info AG waarvan het hoofdkantoor in Duitsland gevestigd is (hierna de "overgedragen cliënten" genoemd), op de specifieke lokaties die Info AG bediende, tenzij dergelijke overgedragen cliënten te goeder trouw weigeren transacties met de koper van Info AG van de hand wijzen. De Commissie verbindt aan deze beschikking de voorwaarde dat FT, DT, Atlas en GlobalOne de verplichtingen van deze verbintenis nakomen.

2. Discriminatieverbod

(28) Om de in overweging 5 beschreven diensten te kunnen leveren is Atlas evenals elke andere dienstverrichter afhankelijk van toegang tot het openbare geschakelde telecommunicatienetwerk (PSTN) en tot het digitale netwerk voor geïntegreerde diensten (ISDN), alsmede tot andere essentiële faciliteiten en concessiediensten (19). Tot de volledige en daadwerkelijke liberalisering van de infrastructuur en diensten in Frankrijk en in Duitsland, die voor 1 januari 1998 gepland is, bieden alleen FT en DT toegang tot het PSTN, het ISDN en tot concessiediensten. Zelfs als alle telecommunicatiefaciliteiten en -diensten niet-concessiediensten zijn, zullen FT en DT in Frankrijk, respectievelijk Duitsland, toch gedurende een aantal jaren onmisbare leveranciers van de bouwstenen voor de betrokken diensten blijven. Aangezien FT en DT aandeelhouders van Atlas zijn, is het voor het waarborgen van eerlijke concurrentie tussen Atlas en andere bestaande of toekomstige aanbieders van telecommunicatiediensten van wezenlijk belang dat het risico wordt uitgebannen dat eerstgenoemde een gunstiger behandeling krijgt ten aanzien van de volgende, met faciliteiten verband houdende telecommunicatiediensten die door FT en DT in, respectievelijk, Frankrijk en Duitsland aan Atlas op grond van de raamovereenkomsten over diensten worden geleverd: i) huurlijndiensten, met name internationale huurlijnen ("half-circuits") en binnenlandse huurlijnen, waaronder in voorkomend geval eventuele kortingen, en ii) PSTN/ISDN-diensten, waaronder zowel de toegang tot deze netwerken (bij voorbeeld analoge toegang, basistoegang tot het ISDN, ISDN-toegang tot de openbare pakketgeschakelde datanetwerken, speciale toegang vanaf de openbare pakketgeschakelde datanetwerken tot het ISDN (X.75-"interface"), en nationale en internationale VPN-spraak- en VPN-interconnectiediensten) als de verbindingen over dergelijke netwerken. Ook mag Atlas in vergelijking met derden geen gunstiger behandeling krijgen ten aanzien van andere concessiefaciliteiten en -diensten, en ten aanzien van faciliteiten en diensten die na de volledige en daadwerkelijke liberalisering van de telecommunicatie-infrastructuur en -diensten in Frankrijk en Duitsland een essentiële faciliteit blijven. Daarom is het volgende bepaald:

1. Voorwaarden

De voorwaarden die DT en FT in het geval van Atlas voor de bovengenoemde, door de raamovereenkomsten over diensten bestreken diensten, alsmede voor het verrichten van andere concessie- en/of essentiële diensten (bij voorbeeld het leveren van huurlijnen, de toewijzing van nummers, adressen en namen) in verband met de in overweging 5 beschreven diensten laten gelden, moeten vergelijkbaar zijn met de voorwaarden die voor andere aanbieders van equivalente diensten gelden. Deze verplichting geldt onder meer voor de prijs voor de beschikbaarheid en de kwaliteit van de dienst, voor de functionaliteit ervan, voor de termijnen voor de installatie van de verlangde faciliteiten, voor de verbinding van apparatuur en voor de reparatie- en onderhoudsdiensten.

2. Aard van de beschikbare diensten

Wat het gebruik van de bovengenoemde, door de raamovereenkomsten over diensten bestreken diensten, alsmede het gebruik van andere concessie- en/of essentiële diensten betreft, mogen voor Atlas geen voorwaarden, noch vrijstellingen van eventuele beperkingen gelden, waardoor Atlas in staat zou worden gesteld diensten aan te bieden welke concurrerende dienstverrichters worden belet aan te bieden.

3. Technische informatie

DT en FT zullen ten aanzien van een besluit tot een belangrijke wijziging van technische "interfaces" voor de toegang tot concessie- en/of essentiële diensten of faciliteiten, alsmede het openbaar maken van enige andere technische informatie die met het functioneren van het PSTN/ISDN verband houdt, tussen Atlas en enige andere dienstverrichter die met Atlas concurreert, niet discrimineren. In het bijzonder moeten concurrenten toegang kunnen hebben tot technische informatie waaraan zij zich kunnen aanpassen om de kwaliteit van hun diensten niet achteruit te laten gaan, bij voorbeeld informatie over signaleringsprogrammatuur voor het aanbieden van spraakdiensten.

4. Commerciële informatie

DT en FT zullen ten aanzien van het openbaar maken van bepaalde commerciële informatie (bij voorbeeld systematische en gestructureerde cliëntgegevens, die uitsluitend via de exploitatie van het PSTN/ISDN of het aanbieden van concessie- en/of essentiële diensten verkregen zijn) niet tussen Atlas en andere aanbieders van de in overweging 5 beschreven diensten discrimineren, indien deze informatie een belangrijk concurrentievoordeel oplevert en niet gemakkelijk en in gelijke mate elders door met Atlas concurrerende dienstverleners kan worden verkregen.

Om ervoor te zorgen dat derden niet worden gediscrimineerd is deze beschikking op grond van artikel 85, lid 3, van het EG-Verdrag en artikel 53, lid 3, van de EER-Overeenkomst slechts geldig als DT, FT en Atlas aan de navolgende aanvullende voorwaarden voldoen.

3. Overige, aan deze beschikking verbonden voorwaarden

(29) Voorts zijn DT en FT een aantal aanvullende verbintenissen aangegaan. Waar deze verbintenissen te algemeen of ontoereikend zijn, heeft de Commissie de beperkingen die aan de gedragingen van de moederondernemingen gesteld worden, nader gespecificeerd en aangevuld. Naleving van de beperkingen die in het navolgende beschreven worden, is voor de geldigheid van deze beschikking een voorwaarde in de zin van artikel 8, lid 1, van Verordening nr. 17.

1. Toegang tot de openbare pakketgeschakelde datanetwerken van DT en FT

DT en FT zijn de volgende verbintenis aangegaan:

"Zowel FT als DT zorgen met ingang van 1 januari 1996 voor toegang van derden tot hun openbare geschakelde datanetwerken in, respectievelijk, Frankrijk en Duitsland. Aan alle leveranciers van datadiensten die X.25-pakketgeschakelde datacommunicatiediensten aanbieden, moet op niet-discriminerende, open en doorzichtige wijze toegang worden verleend. Om te zorgen voor niet-discriminerende toegang tot hun nationale X.25-pakketgeschakelde datanetwerken zullen FT en DT:

a) gestandaardiseerde X.75-"interfaces" voor de toegang tot hun nationale openbare X.25-pakketgeschakelde datanetwerken invoeren en in stand houden; deze interconnectie is geschikt voor het leveren van "end-to-end"-diensten op basis van X.25-specificaties bij een toegangssnelheid van de eindgebruiker van maximaal 64kbps, en

b) deze toegang verlenen op niet-discriminerende voorwaarden, waaronder begrepen prijzen, beschikbaarheid van volume en kortingen, alsmede de kwaliteit van de geleverde interconnectie.

Voorts zullen FT en DT zorg dragen voor niet-discriminerende toegang door van 1 januari 1996 af hun standaardvoorwaarden voor dergelijke X.75-"interface"-protocollen openbaar te maken, waaronder eventuele volume- en andere kortingen. FT en DT zullen de Commissie in de gelegenheid stellen eventuele overeenkomsten over zulke X.75-"interfaces", waaronder alle specifiek overeengekomen voorwaarden, te controleren. Tot het tijdstip waarop Transpac France en T-Data in Atlas worden geïntegreerd, mogen noch Transpac France, noch T-Data zulke specifiek overeengekomen voorwaarden die door de partij die via dergelijke X.75-"interfaces" interconnectie verkrijgt, als vertrouwelijk zijn aangemerkt en worden beschouwd aan Atlas ter kennis brengen. De bovenstaande verplichtingen gelden eveneens voor elk algemeen gebruikt gestandaardiseerd CCITT-interconnectieprotocol dat de X.75-norm kan wijzigen, vervangen of als een met de X.75-norm verwante norm gelijktijdig met die X.75-norm kan bestaan en dat door FT en DT gebruikt wordt.

Transpac France, T-Data en Atlas mogen eigen "interfaces" handhaven of invoeren; dergelijke "interfaces" worden bepaald door het soort technologie, de apparatuur en de programmatuur die een netwerkbeheerder gebruikt om geavanceerde of op de klant afgestemde diensten te verstrekken. Atlas wordt toegestaan via dergelijke eigen "interfaces" toegang te verkrijgen tot de openbare pakketgeschakelde datanetwerken van Transpac France en T-Data, ook voor het verstrekken van pakketgeschakelde datacommunicatiediensten, met dien verstande dat de aan Atlas via dergelijke "interfaces" verleende toegang economisch gelijkwaardig moet zijn aan de toegang die derden tot de netwerken van Transpac France en T-Data krijgen.".

De Commissie verbindt aan deze beschikking de voorwaarde dat Transpac France, T-Data en daarna ook Atlas derden op niet-discriminerende voorwaarden, die economisch gelijkwaardig zijn aan de voorwaarden waarop Atlas tot deze netwerken toegang krijgt, toegang geven tot de Franse en de Duitse openbare pakketgeschakelde datanetwerken.

2. Toegang tot de overige netwerken en faciliteiten van DT en FT

Aan deze beschikking is de voorwaarde verbonden dat DT en FT aan alle derden die telecommunicatiefaciliteiten exploiteren (hierna "telecommunicatie-exploitanten" genoemd) en die om interconnectie van een dergelijke faciliteit of systeemfaciliteiten met de netwerken van DT of FT, bij voorbeeld PSTN-, ISDN- of ATM-netwerken en daarmee verband houdende breedbandcapaciteit, al naar gelang het geval, verzoeken, deze interconnectie toestaan op voorwaarden die niet jegens Atlas discrimineren. Deze voorwaarden moeten de telecommunicatie-exploitant in staat stellen zonder enigerlei beperking telecommunicatiediensten aan te bieden of zijn telecommunicatiefaciliteiten aan te bieden, binnen de mogelijkheden waarover de betrokken telecommunicatie-exploitant redelijkerwijs beschikt.

3. Kruissubsidiëring

DT en FT zijn de verbintenis aangegaan dat er in verband met hun onderneming Atlas geen kruissubsidiëring zal geschieden. Om te voorkomen dat Atlas profiteert van kruissubsidiëring die voortvloeit uit het feit dat DT en FT de openbare telecommunicatie-infrastructuur en concessiediensten exploiteren, moeten alle bedrijven die in het kader van Atlas worden gevormd, als afzonderlijke, van DT en FT gescheiden bedrijven worden opgericht.

Atlas SA, T-Data en Transpac France trekken voor eigen rekening zelf vreemd vermogen aan, met dien verstande dat FT en DT:

a) kapitaal mogen inbrengen in of leningen op commercieel redelijke voorwaarden mogen verstrekken aan Atlas SA, T-Data en Transpac France, voor zover noodzakelijk om deze bedrijven in staat te stellen hun bedrijfsactiviteiten te verrichten;

b) hun belangen in deze bedrijven in onderpand mogen geven in verband met non-regresfinanciering voor de betrokken bedrijven;

c) garanties voor de schulden van de betrokken bedrijven mogen geven; FT en DT mogen echter alleen betalingen op grond van dergelijke garanties verrichten, nadat het(de) betrokken bedrijf(bedrijven) met betrekking tot de schulden in gebreke is(zijn) gebleven.

Nakoming van de bovenstaande verbintenis is voor de geldigheid van deze beschikking een voorwaarde in de zin van artikel 8, lid 1, van Verordening nr. 17. De Commissie laat de navolgende voorwaarden inzake gedragingen eveneens van toepassing zijn op alle bedrijven die ingevolge de Atlas-overeenkomst opgericht worden, op T-Data en op Transpac France. Deze bedrijven mogen rechtstreeks noch onrechtstreeks enig deel van hun exploitatiekosten, overige kosten, afschrijvingen en andere bedrijfsuitgaven aan enig bedrijfsonderdeel van DT of FT toerekenen (waaronder, zonder beperkingen, een evenredig aandeel in de kosten van feitelijk verrichte werkzaamheden die aan gezamenlijke werknemers of aan verkoop en marketing van Atlas-produkten en diensten door werknemers van DT en FT kunnen worden toegerekend). Niets mag echter verhinderen dat Atlas SA, T-Data en Transpac France produkten en diensten die door hen aan DT en FT geleverd, respectievelijk verstrekt zijn, aan DT en FT factureren op grond van dezelfde prijzen als die welke aan derden in rekening worden gebracht (indien de produkten of diensten in commerciële hoeveelheden aan derden verkocht worden), dan wel op basis van integrale-kostprijsberekening of enige andere prijsstellingsmethode op objectieve, zakelijke grondslag (indien de produkten of diensten niet in commerciële hoeveelheden aan derden verkocht worden).

4. Boekhouding

De Commissie legt T-Data, Transpac France (en al hun dochterondernemingen), alsmede alle bedrijven die ingevolge de Atlas-overeenkomsten opgericht worden en in de EER werkzaam zijn, de verplichting op voor elke dienst die zij in een land aanbieden, een gescheiden boekhouding (onder meer winst- en verliesrekening en balans of "statement of capital employed") te voeren, waarbij van de internationale standaarden voor de verslaglegging gebruik wordt gemaakt.

In het bijzonder moeten uit deze boekhouding alle diensten die DT en FT aan deze bedrijven leveren, en de betalingen en overdrachten van en naar DT en FT blijken. Voorts mogen ingevolge de Atlas-overeenkomst opgerichte bedrijven, noch T-Data en Transpac France rechtstreeks of onrechtstreeks van DT of FT materiële subsidies (waaronder kwijtschelding van schulden) ontvangen, dan wel enige investering of betaling van DT of FT die niet in de boeken van de betrokken bedrijven als verstrekking van vreemd of eigen vermogen verantwoord wordt.

Voorts legt de Commissie DT en FT (en al hun dochterondernemingen) de verplichting op een gescheiden boekhouding te voeren voor alle diensten zij voor bedrijven verlenen die ingevolge de Atlas-overeenkomsten opgericht worden en in de EER werkzaam zijn. Hiertoe moeten DT en FT binnen één jaar na de datum waarop deze ontheffing verleend is, overeenkomstig artikel 1 van deze beschikking een boekhoudsysteem invoeren, waarin voor elk van deze diensten gedetailleerde kostprijsadministratiegegevens vermeld worden.

In de, in de twee voorgaande alinea's bedoelde boekhouding dient het volgende te worden vermeld:

a) de gehanteerde kostenstandaard;

b) de voor de verwerking van de kosten toegepaste grondslagen en gebruiken van de verslaglegging;

c) de volledige verbijzondering en toerekening van uitgaven of kosten, inkomsten, activa en passiva, die door de betrokken bedrijven en hun moederondernemingen gedeeld worden;

d) de voor de toerekening gekozen methode.

5. Bundeling

De Commissie legt DT en FT de verplichting op DT- en FT-diensten respectievelijk te verkopen op grond van contracten die gescheiden zijn van die voor de verkoop van Atlas-diensten, welke zij als distributeurs van Atlas in, respectievelijk, Duitsland en Frankrijk sluiten. In elk afzonderlijk contract moeten de voorwaarden voor elke op grond daarvan verkochte afzonderlijke dienst vermeld worden, met name eventuele volume- of andere kortingen op een bepaalde dienst, naar gelang van het geval.

4. Aan deze beschikking verbonden verplichtingen

(30) De Commissie verbindt aan deze op grond van artikel 85, lid 3, van het EG-Verdrag en van artikel 53, lid 3, van de EER-Overeenkomst gegeven beschikking de volgende verplichtingen in de zin van artikel 8, lid 1, van Verordening nr. 17. Deze verplichtingen blijven gedurende de volledige geldigheidsduur van deze beschikking van kracht. Voor zover deze verplichtingen betrekking hebben op reeds uit hoofde van het nationale of het Gemeenschapsrecht bestaande verplichtingen, zijn zij bedoeld als waarborg voor de door de partijen aangegane vaste verbintenis tot naleving van de toepasselijke wet- en regelgeving. Overeenkomstig artikel 8, lid 3, onder b), van Verordening nr. 17 kan de Commissie deze beschikking intrekken, indien de partijen zich in strijd met een opgelegde verplichting gedragen.

1. Accountantscontrole

Bij Atlas SA (met inbegrip van haar geconsolideerde dochterondernemingen), bij Transpac France en T-Data moet elk jaar een accountantscontrole worden uitgevoerd; deze accountantscontrole moet boekhoudkundig bevestigen dat:

a) transacties tussen deze bedrijven enerzijds en FT en DT anderzijds op objectieve, zakelijke grondslag zijn verricht;

b) deze bedrijven de boekhoudprocedures gevolgd hebben waarvoor in het in overweging 29, punt 4, beschreven kader gekozen is;

c) de berekende cijfers accuraat zijn.

De eerste controleverslagen, die betrekking hebben op de periode van twaalf maanden die op de dag waarop deze beschikking in werking treedt, aanvangt, moeten binnen 15 maanden na die datum aan de Commissie worden overgelegd. Deze verplichting blijft gedurende de volledige geldigheidsduur van deze beschikking van kracht.

2. Documentatieverplichtingen

DT, FT en alle ingevolge de Atlas-overeenkomst opgerichte bedrijven houden bescheiden en documenten waarmee de naleving van bovenvermelde voorwaarden kan worden aangetoond, voor de Commissie ter inzage beschikbaar.

3. Inzage van de bescheiden

Met het oog op het verifiëren van en het toezicht op de naleving van bovenvermelde voorwaarden door DT, FT en Atlas dienen DT, FT en alle ingevolge de Atlas-overeenkomst opgerichte bedrijven de Commissie met inachtneming van een redelijke termijn, tijdens kantooruren en zonder dat de Commissie zich op de haar door Verordening nr. 17 verleende verificatiebevoegdheden behoeft te beroepen, toegang verschaffen tot de bedrijfsruimten van DT, FT en Atlas, teneinde de bescheiden en documenten die onder de bovenvermelde documentatieverplichtingen vallen, in te zien en een mondelinge toelichting daarop te verkrijgen.

4. Rapportageverplichtingen

Om te kunnen nagaan of DT, FT en Atlas de bovenvermelde verplichtingen nakomen, dienen T-Data, Transpac France, DT, FT en alle ingevolge de Atlas-overeenkomsten opgerichte bedrijven voorts aan de Commissie:

a) alle voor het vaststellen daarvan noodzakelijke bescheiden en documenten verstrekken die in bezit of in de macht van DT, FT en van enig ingevolge de Atlas-overeenkomst opgericht bedrijf zijn; met name moeten, met ingang van één jaar na de ontheffing overeenkomstig artikel 1 van deze beschikking, elk halfjaar de niet gecontroleerde boekhoudgegevens verstrekt worden die in overweging 29, punt 4), vermeld zijn, en

b) een mondelinge of schriftelijke toelichting daarop geven.

H. DE BESTAANDE WET- EN REGELGEVING

(31) In tot de Commissie gerichte brieven hebben de Franse en de Duitse Regering zich ertoe verbonden de nodige stappen te ondernemen om met ingang van 1 juli 1996 het gebruik van alternatieve infrastructuur voor het aanbieden van geliberaliseerde telecommunicatiediensten daadwerkelijk toe te staan en om met ingang van 1 januari 1998 de spraaktelefoniedienst en alle telecommunicatie-infrastructuur volledig en daadwerkelijk te liberaliseren. De beschikbaarheid van alternatieve telecommunicatie-infrastructuur in Duitsland en Frankrijk maakt de concurrenten van Atlas onafhankelijk van de infrastructuur van DT en FT bij het opzetten van "trunk"-netwerkinfrastructuur waarmee geliberaliseerde diensten geleverd worden.

Vroegtijdige liberalisering van alternatieve infrastructuur in Frankrijk en in Duitsland draagt bij tot een zodanige regelgeving in de eigen landen van de Atlas-partners, dat op de telecommunicatiemarkten voor gelijke mededingingsvoorwaarden wordt gezorgd.

1. Frankrijk

1. Scheiding van regelgevende en operationele taken

Volgens de Franse wetgeving moet de minister van Telecommunicatie erop toezien dat de regelgeving voor de telecommunicatiemarkten gescheiden wordt gehouden van het verstrekken van diensten op deze markten. Een speciale nationale regelgevende instantie, de "Direction Générale des Postes et Télécommunications" (DGPT), is bevoegd voor het op grond van objectieve en doorzichtige criteria verlenen van vergunningen aan aanbieders van telecommunicatienetwerken en -diensten in Frankrijk. Het DGPT zal op het marktgedrag van FT toezien en moet zijn goedkeuring hechten aan de tarieven van FT voor i) concessiediensten en huurlijnen, en ii) geliberaliseerde diensten die niet door een derde, op de Franse markt actieve partij aangeboden worden.

2. Niet-discriminerende toegang

Naar aanleiding van de vaststelling van de telecommunicatiediensten-richtlijn van de Commissie en van Richtlijn 90/387/EEG van de Raad (20) (ONP-kaderrichtlijn), wordt in artikel L. 32-1-4° van de Franse wet van 29 december 1990 aan alle gebruikers gelijke toegang tot het openbare netwerk verleend op grond van objectieve, doorzichtige en niet-discriminerende criteria. Op FT rust de verplichting deze toegang daadwerkelijk te verlenen en informatie over het netwerk (bij voorbeeld over de technische mogelijkheden, tarieven en gebruiksvoorwaarden) en over het aanbieden van huurlijnen te publiceren. Het DGPT kan nagaan of FT deze verplichtingen nakomt en mag klachten, die tegen FT wegens niet-nakoming van haar verplichtingen ingediend worden, onderzoeken. Het DGPT ziet voorts toe op de naleving van de voor FT geldende verplichting om de voor geliberaliseerde diensten beschikbare transmissiecapaciteit met concurrenten te delen en publiceert jaarlijkse statistische verslagen over het door FT nakomen van deze verplichtingen.

3. Voorkoming van kruissubsidiëring

Om het DGPT in staat te stellen op het marktgedrag van FT toezicht uit te oefenen, rust op FT de wettelijke verplichting een analytische boekhouding te voeren, waarin kosten aan elke afzonderlijke dienst van FT worden toegerekend. Indien een offerte levering van zowel concessie- als geliberaliseerde diensten omvat, moet FT in de overeenkomst en op de factuur beide soorten diensten scheiden. In verband hiermee worden de datacommunicatiediensten van FT reeds door een afzonderlijke rechtspersoon aangeboden.

2. Duitsland

1. Scheiding van regelgevende en operationele taken

Ingevolge het Duitse Poststrukturgesetz van 1989, het Postneuordnungsgesetz van 1994 en het Post- und Telekommunikations-Regulierungsgesetz van 1994 zijn de regelgevende bevoegdheden in handen gelegd van een bondsinstantie, die onder het bondsministerie van Posterijen en telecommunicatie ressorteert. De exploitatie van de telecommunicatie is in handen van DT, een vennootschap op aandelen die volledig in staatshanden is. Op de regelgevende verplichtingen van DT wordt toegezien door onafhankelijke instanties, de zogeheten "Regulierungskammer".

2. Niet-discriminerende toegang

Ingevolge de huidige en toekomstige regelgeving in Duitsland verleent DT derden op niet-discriminerende en doorzichtige basis en op grond van objectieve criteria toegang tot infrastructuur waarvan DT het monopolie heeft, en tot concessie- en verplichte diensten. Op verzoek levert DT zonder vertraging "state-of-the-art"-huurlijnen via voor de betreffende dienst neutrale toegangspunten. Behoudens het aanbieden van spraaktelefoniediensten bestaat ten aanzien van interconnectie van huurlijnen volledige vrijheid en mogen deze lijnen voor ongeacht welke dienst dan ook gebruikt worden. De huurlijnen moeten voldoen aan de vraag daarnaar op de markt en DT moet gegevens over de beschikbaarheid en de kwaliteit van dergelijke lijnen publiceren.

3. Voorkoming van kruissubsidiëring

Het bondsministerie van Posterijen en telecommunicatie i) moet de tarieven en andere prijsgevoelige contractvoorwaarden voor de concessiediensten van DT goedkeuren en ii) kan tegen de tarieven van DT voor verplichte diensten bezwaar maken. Voorts kan het bondsministerie voor Posterijen en telecommunicatie beslag leggen op winsten van DT die het gevolg zijn van hoger dan toegestane tarieven, en kan het alle noodzakelijke maatregelen treffen om een situatie van eerlijke concurrentie die door onrechtmatige kruissubsidiëring in gevaar is gebracht, te herstellen. Ook moeten dochterondernemingen van DT en met DT gelieerde ondernemingen op dezelfde voorwaarden als de cliënten van DT van concessiediensten gebruik maken voor het aanbieden van concurrerende diensten en moeten zij deze voorwaarden hanteren bij de boekhoudkundige verantwoording van interne verstrekking van diensten.

I. DE OPMERKINGEN VAN DERDEN

(32) Naar aanleiding van de publikatie van de bekendmaking overeenkomstig artikel 19, lid 3, respectievelijk overeenkomstig artikel 3 van Protocol 21 van de EER-Overeenkomst (21) hebben tien belanghebbende derden opmerkingen aan de Commissie doen toekomen. In deze opmerkingen werd ingestemd met de structurele wijzigingen die DT en FT op hun oorspronkelijke voornemen hebben aangebracht en werd tevens erop gewezen dat een spoedige afstoting van Info AG, de onrechtstreekse Duitse dochteronderneming van FT, van cruciaal belang is. Voorts hebben derden bijgedragen tot de definitie van de betrokken markten die de Commissie hanteert, waarbij zij de onmisbaarheid hebben benadrukt van i) de daadwerkelijke liberalisering van alternatieve infrastructuur in Frankrijk en in Duitsland, dat wil zeggen de feitelijke toegang tot alternatieve infrastructuur in deze landen, alvorens aan Atlas een ontheffing van artikel 85, lid 1, van het EG-Verdrag en van artikel 53, lid 1, van de EER-Overeenkomst verleend wordt, en ii) het toezicht op de technische samenwerking tussen DT en FT, zodat deze zich niet tot verkoop, marketing en prijsbeleid uitstrekt.

(33) Ten aanzien van de voorgestelde beperkingen op gedragingen welke aan DT en FT moeten worden opgelegd, hebben derden opgemerkt dat de verplichtingen en voorwaarden moeten blijven gelden, totdat er in Frankrijk en in Duitsland sprake is van daadwerkelijke concurrentie. Ten slotte is in de opmerkingen van derden gewezen op het belang van een adequate verslagleggingssystematiek en adequate voorwaarden voor interconnectie, met inbegrip van technisch gelijkwaardige "interfaces" voor de bedrijven van de gemeenschappelijke onderneming en derden, zodat ervoor gezorgd wordt dat de concurrenten van Atlas niet door kruissubsidiëring of discriminerende praktijken worden geschaad.

(34) De Commissie heeft alle ontvangen opmerkingen zorgvuldig bestudeerd en heeft vastgesteld dat de meeste daarin kenbaar gemaakte bezwaren reeds door de Commissie waren gemaakt en in bijzonderheden met DT en FT besproken zijn; DT en FT hebben ten aanzien daarvan bevredigende antwoorden en garanties gegeven. Deze opmerkingen zijn derhalve niet van invloed geweest op de essentie van het standpunt dat de Commissie in de bekendmaking overeenkomstig artikel 19, lid 3, over de aangemelde overeenkomsten uiteengezet heeft. In het belang van de rechtszekerheid heeft de Commissie in deze beschikking wel het toepassingsgebied en de geldigheidsduur van een aantal aan DT en FT opgelegde voorwaarden en verplichtingen nader omschreven.

(35) Naar aanleiding van opmerkingen van derden heeft de Commissie voorts verlangd dat FT, DT, Atlas en GlobalOne de in de overwegingen 26 en volgende weergegeven verbintenissen aangaan, en heeft zij besloten aan deze beschikking als aanvullende voorwaarde te verbinden dat DT en FT hun eigen produkten niet in combinatie met Atlas-produkten mogen verkopen (zie overweging 29, punt 5).

II. JURIDISCHE BEOORDELING

A. ARTIKEL 85, LID 1, VAN HET EG-VERDRAG EN ARTIKEL 53, LID 1, VAN DE EER-OVEREENKOMST

1. Een structurele coöperatieve gemeenschappelijke onderneming

Atlas is een structurele en coöperatieve gemeenschappelijke onderneming.

(36) De potentiële concurrentie op de markten voor telecommunicatiediensten met een Europees en een nationaal bereik

Aanvankelijk combineert en ontwikkelt Atlas produkten, die in hoge mate op bestaande produkten van DT en FT gebaseerd zijn en waarvoor DT en FT op hun thuismarkten als exclusieve distributeurs zullen fungeren. Hoewel DT en FT op hun thuismarkten bepaalde diensten, die voor de nationale markten van derde landen en voor de Europese markt aan Atlas worden overgedragen, blijven verrichten (zie overweging 5), maakt interconnectie het mogelijk elk van deze diensten van de nationale thuismarkt tot een andere geografische markt uit te breiden. FT biedt bij voorbeeld een internationale uitbreiding van haar binnenlandse en internationale aanbod van VPN-diensten aan. In beide gevallen kan de uitbreiding zich uitstrekken tot Duitsland, terwijl de nationale VPN-diensten van DT buiten Atlas blijven. Ook handhaven DT en FT een deel van het personeel bij hun huidige buitenlandse vestigingen en blijven zij internationale huurlijnen aanbieden, dat wil zeggen de "bouwstenen" van zelf opgezette particuliere netwerken.

In verband hiermee zal Atlas eigen O & O-activiteiten ontplooien, maar zal de onderneming ook omvangrijke O & O-contracten aan DT en aan FT gunnen. De moederondernemingen zullen hun deskundigheid en "know-how" op het gebied van de technologie die nodig is om op de relevante markt actief te blijven (of opnieuw hun intrede daarop te doen), dus op peil houden en vergroten, terwijl zij op de twee grootste afzonderlijke telecommunicatiemarkten van de Lid-Staten de noodzakelijke infrastructuur onder controle blijven houden. Bovendien kan Atlas weliswaar eigenaar worden van nieuw ontwikkelde produkten (zie overweging 21, punt 5), doch is het over het geheel genomen waarschijnlijker dat de ontwikkelende moederonderneming de eigendom daarvan weer in handen zal krijgen. In elk geval zal Atlas de meeste technologie die uit de door DT en FT ingebrachte IER's ontwikkeld wordt, weer aan de respectieve moederonderneming in licentie geven.

De Commissie stelt vast dat voor Atlas-diensten en andere diensten op aangrenzende markten en markten lager in de bedrijfskolom (bij voorbeeld transmissiecapaciteit) DT en FT potentiële concurrenten blijven.

(37) Een structurele gemeenschappelijke onderneming

Atlas combineert de activiteiten van DT en FT op een reeks markten voor geliberaliseerde telecommunicatiediensten in Europa en in derde landen en zal op deze markten nieuwe diensten ontwikkelen en overnemen. De gemeenschappelijke onderneming impliceert ingrijpende wijzigingen in de structuur van DT en FT, die beide slechts in zeer beperkte mate buiten hun eigen land aanwezig zijn. Via Atlas brengen de moederondernemingen ten behoeve van het aanbieden en de marketing van telecommunicatiediensten een omvangrijke hoeveelheid activa bij elkaar. Atlas zal in Europa als geheel ongeveer 2 500 werknemers hebben.

2. Toepasselijkheid van artikel 85, lid 1, van het EG-Verdrag en artikel 53, lid 1, van de EER-Overeenkomst op de oprichting van Atlas

De overeenkomsten tussen DT en FT vallen binnen het toepassingsgebied van artikel 85, lid 1, van het EG-Verdrag en binnen dat van artikel 53, lid 1, van de EER-Overeenkomst, omdat zij de mededinging beperken en het handelsverkeer tussen de Lid-Staten ongunstig beïnvloeden. De Commissie kan voor de overeenkomsten derhalve niet de negatieve verklaring afgeven waarom de partijen in hun aanvraag verzocht hebben.

(38) In zowel Duitsland en Frankrijk als in Europa als geheel schakelt Atlas de feitelijke en potentiële concurrentie tussen DT en FT uit. Op bepaalde segmenten van de markt voor het Europees, of zelfs mondiaal, aanbieden van op de klant afgestemde pakketten telecommunicatiediensten voor het bedrijfsleven, zoals beschreven in overweging 12 en volgende, waren DT en FT reeds concurrenten van elkaar: vóór de totstandbrenging van hun gemeenschappelijke onderneming Eunetcom schreven DT en FT ieder afzonderlijk in op "outsourcing"-contracten, waarbij zij vergelijkbare bedrijfsdiensten aanboden. Zoals alle andere Europese TO's concurreerden DT en FT ook op basis van technische mogelijkheden en prijzen voor de lokatie van telecommunicatieknooppunten van internationale gebruikers (22). Hoewel men zich momenteel slechts op grote ondernemingen richt, zou deze concurrentie door de verdere liberalisering intensiever zijn geworden en zich uiteindelijk tot particuliere huishoudens hebben uitgestrekt. Met uitzondering van de "outsourcing"-diensten en ondanks hun omvangrijke aandelen op hun thuismarkten waren de moederondernemingen alleen in Duitsland daadwerkelijke concurrenten op het gebied van diensten op Europese schaal (zie hierna).

(39) Door de oprichting van Atlas zien DT en FT af van hun zelf ontwikkelde produkten en activiteiten op de relevante markten voor grensoverschrijdende en uiteindelijk Europa als geheel bestrijkende telecommunicatiediensten. In het geval van FT waren deze activiteiten zodanig omvangrijk, dat het bestaande Transpac-netwerk van FT het uitgangspunt vormt voor het geplande Europese "backbone"-netwerk van Atlas. Wat de nationale diensten betreft, blijkt uit de grote aantallen aanbieders van geliberaliseerde diensten (waaronder Transpac van FT) in alle Europese landen waarop Atlas zich richt, dat de moederondernemingen over de financiële en de technische mogelijkheden beschikken om zich ieder voor zich op de nationale markten waar dan ook in Europa te begeven.

(40) De concurrentie tussen de moederondernemingen wordt in aanzienlijke mate uitgeschakeld, omdat Atlas door twee internationaal werkzame TO's wordt opgericht en zich uitstrekt tot de gezamenlijke ontwikkeling en aanbieding van diensten in de gehele EER. De machtsposities van DT en FT op de twee grootste afzonderlijke telecommunicatiemarkten van de Lid-Staten worden tot het tijdstip waarop deze markten volledig en daadwerkelijk geliberaliseerd zijn, hetgeen op 1 januari 1998 een feit moet zijn, versterkt door een wettelijk monopolie op de infrastructuur en zullen nog jaren nadien op een machtspositie voor terrestrische transmissiecapaciteit blijven berusten. De huidige prijzen voor toegang tot de infrastructuur, dat wil zeggen de tarieven voor huurlijnen en interconnectie, doen in combinatie met de versterkte gecombineerde positie van DT en FT op de markt afbreuk aan de mogelijkheden van concurrenten om in deze landen een concurrerend netwerk op te zetten, dat wat bereik en dichtheid betreft vergelijkbaar is met dat van DT en FT (23).

3. Toepassing van artikel 85, lid 1, van het EG-Verdrag en artikel 53, lid 1, van de EER-Overeenkomst op afzonderlijke contractuele bepalingen

(41) De volgende afzonderlijke contractuele bepalingen zijn mededingingsbeperkend:

1. het non-concurrentiebeding ten aanzien van de activiteiten van Atlas (artikel XII van de gewijzigde GO-overeenkomst en artikel VII van de twee distributieovereenkomsten);

2. de verplichting voor DT en FT, als distributeurs, om van Atlas alles te betrekken dat zij nodig hebben voor produkten met een Europees bereik (artikel VII van de twee distributieovereenkomsten);

3. de aanwijzing van DT en van FT als exclusieve distributeurs van Atlas-produkten op hun respectieve thuismarkten (artikel IV van de twee distributieovereenkomsten).

(42) De Commissie acht het non-concurrentiebeding en de verplichting voor DT en FT om alles dat zij voor produkten met mondiaal bereik nodig hebben, van Atlas te betrekken, als accessoir bij de oprichting en exploitatie van Atlas. Daarom worden deze beperkingen niet gescheiden van de gemeenschappelijke onderneming als zodanig getoetst aan artikel 85, lid 1, van het EG-Verdrag en aan artikel 53, lid 1, van de EER-Overeenkomst. DT en FT hebben gekozen voor de oprichting van Atlas om hun aanwezigheid op grensoverschrijdende en uiteindelijk Europese markten te versterken en als eerste stap van hun intrede op de mondiale markten voor op de klant afgestemde pakketten telecommunicatiediensten voor het bedrijfsleven. In dit verband zijn het non-concurrentiebeding en de exclusieve-afnameverplichting verschillende verschijningsvormen van dezelfde verplichting van DT en FT ten opzichte van de respectieve andere moederonderneming en ten opzichte van hun gemeenschappelijke onderneming. Gezien de onzekerheid en de risico's die met een dergelijke intrede op de opkomende markt voor op de klant afgestemde pakketten mondiale telecommunicatiediensten voor het bedrijfsleven gepaard gaan, alsmede de omvangrijke investeringen en de concurrentie van vergelijkbare gemeenschappelijke ondernemingen, heeft Atlas beide beperkingen nodig om zich met succes op deze markt een positie te verwerven.

1. Non-concurrentiebeding

In verband met de omvangrijke investeringen van DT en FT in Atlas zorgt dit beding ervoor dat DT en FT hun inspanningen op de relevante markten op Atlas concentreren, zodat parallelle activiteiten, bij voorbeeld in samenwerking met andere TO's, de succesvolle intrede van Atlas op de markt niet in gevaar brengen.

2. Exclusieve-afnameverplichting

Deze beperking voor DT en FT als exclusieve distributeurs van Atlas-diensten is bedoeld om ervoor te zorgen dat een gestage stroom middelen naar Atlas vloeit en om de geloofwaardigheid en reputatie van Atlas op de markt te vergroten. Als het de moederondernemingen vrij stond dergelijke produkten van andere leveranciers te betrekken, met name in gevallen waarin Atlas in staat is in een bepaalde specifieke behoefte te voorzien, zou dit op zowel de geloofwaardigheid als de financiële positie van Atlas een negatieve invloed hebben. Daarentegen geldt voor Atlas geen verplichting om alles dat het bedrijf voor telecommunicatie en andere produkten en diensten nodig heeft, van de moederondernemingen te betrekken.

Gewoonlijk aanvaardt de Commissie accessoire bepalingen uitsluitend voor een bepaalde termijn. In het onderhavige geval evenwel aanvaardt de Commissie, gezien de bijzondere kenmerken van de markt waarop Atlas actief wordt, met name de noodzakelijke omvangrijke investeringen en de daarmee gemoeide risico's, zowel het non-concurrentiebeding als de verplichting voor DT en FT al het noodzakelijke voor diensten met Europees bereik van Atlas te betrekken, als accessoire beperkingen voor de gehele geldigheidsduur van deze ontheffingsbeschikking.

(43) Exclusieve distributie

Het feit dat DT en FT exclusieve distributeurs op hun thuismarkten zijn, valt binnen het toepassingsgebied van artikel 85, lid 1, van het EG-Verdrag en binnen dat van artikel 53, lid 1, van de EER-Overeenkomst, omdat dit ertoe strekt of ten gevolge heeft dat Duitsland en Frankrijk van invoer van Atlas-diensten uit andere Lid-Staten van de EER worden afgeschermd. Dit kan de concurrentieomstandigheden binnen de EER ongunstig beïnvloeden. In tegenstelling tot de andere concurrentiebeperkende bepalingen kan de Commissie het feit dat DT en FT als exclusieve distributeurs optreden, niet als accessoir bij de oprichting van de gemeenschappelijke onderneming beschouwen: niet-exclusieve vormen van distributie, die het verrichten en de marketing van Atlas-diensten niet schaden, zijn mogelijk. Daar in Duitsland en in Frankrijk bij elkaar genomen meer dan 40 % van alle opbrengsten uit telecommunicatieactiviteiten in de Gemeenschap behaald wordt, is sprake van een merkelijke beperking.

4. Gevolgen voor het handelsverkeer tussen de Lid-Staten

(44) Zoals bepaald in de telecommunicatierichtsnoeren van de Commissie kunnen overeenkomsten inzake niet-concessiediensten, uitrusting en infrastructuur voor het ruimtesegment het handelsverkeer tussen de Lid-Staten ongunstig beïnvloeden (24). De oprichting van Atlas heeft gevolgen voor het handelsverkeer tussen de Lid-Staten, omdat Atlas zowel intracommunautair als binnen Lid-Staten niet-concessiediensten zal aanbieden. De bepaling inzake exclusieve distributie, die binnen het toepassingsgebied van artikel 85, lid 1, van het EG-Verdrag en binnen dat van artikel 53, lid 1, van de EER-Overeenkomst valt, beschermt de moederondernemingen op hun thuismarkten en draagt bij tot het opdelen van de interne markt langs nationale grenzen. Daarom beïnvloedt deze niet-accessoire bepaling het handelsverkeer tussen de Lid-Staten onderling en tussen de Lid-Staten en de EVA-landen ongunstig. De Commissie stelt vast dat het verdwijnen van twee machtige, onafhankelijke en mogelijk met elkaar concurrerende dienstverrichters op de relevante markten in het algemeen en in Frankrijk en in Duitsland in het bijzonder aanzienlijke invloed op het handelsverkeer heeft.

B. ARTIKEL 85, LID 3, VAN HET EG-VERDRAG EN ARTIKEL 53, LID 3, VAN DE EER-OVEREENKOMST

(45) Bij het aangaan van dit geheel van transacties streven DT en FT uiteenlopende doelstellingen na. Gedurende lange tijd beperkte DT zich tot binnenlandse investeringen en droeg deze onderneming daarenboven de lasten van een programma voor de modernisering van de infrastructuur in de gebieden van de voormalige DDR. Elders in Europa is DT nauwelijks aanwezig; zij streeft ernaar een mondiale aanbieder van internationale telecommunicatiediensten te worden, ook al wordt de prioriteit bij de Europese markten gelegd. De samenwerking met een grote Europese partij, die op alle doelmarkten van DT aanwezig is, is voor DT van bijzonder groot belang om zijn doelstellingen te verwezenlijken, te weten vooral een voldoende brede basis in Europa om uitbreiding van de activiteiten tot de Amerikaanse markten, waar 40 % van de multinationale ondernemingen gevestigd is, te rechtvaardigen.

(46) Het voornaamste belang van FT is het handhaven van haar concurrentiepositie als grensoverschrijdende aanbiedster van telecommunicatiediensten voor het bedrijfsleven in Europa en het gelijktijdig voorzien in de toenemende behoefte van cliënten aan mondiale diensten. De groeiende aanwezigheid van Concert, de gemeenschappelijke onderneming van BT en MCI in Europa, heeft FT van de noodzaak van een breed bereik in Europa overtuigd, alvorens aan haar diensten een mondiale dimensie kan worden gegeven. Aangezien het pakket van de activiteiten van Infonet, waarin FT een belang heeft, in vergelijking met het scala voorgenomen Atlas-diensten beperkt is, heeft FT voor een alliantie met een andere TO gekozen. Thans is het gezamenlijke streven van DT en FT om leidende aanbiedsters van niet-concessiediensten voor telecommunicatie in Europa te worden. Hiertoe zijn omvangrijke investeringen in het opzetten van naadloze netwerken in Europa nodig, waar DT en FT met sterke concurrentie van Concert en wellicht van Uniworld worden geconfronteerd (25).

(47) Voor zover de aangemelde overeenkomsten binnen het toepassingsgebied van artikel 85, lid 1, van het EG-Verdrag en binnen dat van artikel 53, lid 1, van de EER-Overeenkomst vallen, voldoen zij om de navolgende redenen aan de voorwaarden voor een ontheffing die in artikel 85, lid 3, van het EG-Verdrag en in artikel 53, lid 3, van de EER-Overeenkomst bepaald zijn.

1. De technische vooruitgang

(48) In het kader van Atlas zullen DT en FT een Europees naadloos netwerk tot stand brengen door aan de basistransmissiecapaciteit, die van de plaatselijke TO's wordt betrokken, waarde toe te voegen. Hiertoe zal Atlas niet de technische mogelijkheden van elk betrokken nationale netwerk in stand houden, maar zal deze geharmoniseerde technische mogelijkheden, eigen schakelsystemen, verwerking/routering van oproepen, signalering en gegevensbestanden, alsmede software-toepassingen realiseren, in het bijzonder volledig compatibele "interfaces". Deze aanpak biedt aanzienlijke voordelen in vergelijking met de meeste bestaande internationale diensten, omdat deze laatste geleverd worden via interconnectie van nationale netwerken die qua structuur, programmatuur, apparatuur en beheersystemen meestal niet compatibel zijn. Het aantal beschikbare diensten en de technische mogelijkheden ervan worden in dat geval beperkt door het minst geavanceerde nationale netwerk dat erbij betrokken is. De opzet van een naadloos transeuropees netwerk maakt de technische prestaties mogelijk waar grote zakelijke cliënten in heel Europa reeds om vragen en waarnaar ook door concurrenten zoals Concert via distributieovereenkomsten en samenwerkingsverbanden gestreefd wordt.

(49) Onder de voorwaarden die aan deze beschikking verbonden zijn, zal het geharmoniseerde gezamenlijke netwerk van DT en FT ook het niveau van de dienstverlening van concurrenten van Atlas verbeteren, omdat deze i) via X.75-"interfaces" interconnectie tot stand kunnen brengen met de openbare pakketgeschakelde datanetwerken die door Transpac France en T-Data en uiteindelijk door Atlas in Frankrijk en in Duitsland beheerd worden, ii) vanaf andere netwerken, met name het openbare geschakelde telecommunicatienetwerk (PSTN) en het digitale netwerk voor geïntegreerde diensten (ISDN), toegang krijgen tot deze openbare pakketgeschakelde datanetwerken, en iii) interconnectie met de overige netwerken van DT en FT, in het bijzonder het PSTN, tot stand kunnen brengen. Dit laatste is onmisbaar voor de levensvatbaarheid van concurrerend aanbod van spraakdiensten. Aan derden moet op voorwaarden die technisch en commercieel niet ten gunste van Atlas discrimineren, toegang tot de openbare pakketgeschakelde datanetwerken, het PSTN en het ISDN, geboden worden. Elke dienstverrichter die interconnectie met DT en FT wil aanvragen, kan zich op dit wezenlijke discriminatieverbod beroepen, dat als afzonderlijke voorwaarde aan deze beschikking is verbonden.

(50) Het combineren van de technologie van FT en DT zal Atlas in staat stellen van het begin af aan nieuwe diensten aan te bieden, die aanvankelijk wel voornamelijk op de huidige diensten van de moederondernemingen gebaseerd zullen zijn. Door in het kader van de gemeenschappelijke onderneming hun O& O samen te voegen stellen DT en FT Atlas in staat geavanceerdere technische mogelijkheden te bieden dan elke moederonderneming afzonderlijk binnen hetzelfde tijdsbestek zou kunnen aanbieden. Gezamenlijk zijn DT en FT voorts in staat de omvangrijke investeringen te doen die nodig zijn om een groot naadloos, transeuropees "state-of-the-art"-netwerk tot stand te brengen. Ten opzichte van de huidige situatie in Europa, waar vele moderne netwerken bestaan die echter alleen ten koste van een verlies aan technische mogelijkheden onderling gekoppeld kunnen worden, is dit een aanzienlijke verbetering. Het meest in het oog springende voorbeeld van de tekortkomingen van interconnectie is momenteel de datatransmissie via "state-of-the-art"-netwerken. De meeste geavanceerde technische mogelijkheden van pakketgeschakelde datacommunicatiediensten, bij voorbeeld het in rekening brengen aan de ontvanger, het definiëren van een besloten groep gebruikers en "end-to-end"-beheer, gaan verloren, zodra verschillende datacommunicatienetwerken onderling gekoppeld worden, tenzij de technische specificaties en "interfaces" geharmoniseerd zijn. Zoals de Commissie in Beschikking 94/579/EG (BT-MCI) onderkend heeft, zal het met succes tot stand brengen van transeuropese netwerken de grote Europese ondernemingen in staat stellen te kiezen tussen internationale telecommunicatiediensten, waarvan de kwaliteit is verhoogd tot een niveau dat thans nog alleen nationaal of zelfs alleen maar lokaal beschikbaar is. De beschikbaarheid van internationale "state-of-the-art"-telecommunicatiediensten is van cruciaal belang om het hoofd te bieden aan de toenemende mondiale concurrentie uit delen van de wereld waar geavanceerde telecommunicatietechnologie en -diensten reeds op ruime schaal beschikbaar zijn.

2. De economische vooruitgang

(51) DT en FT zijn gezamenlijk voornemens de investeringen te doen die voor kwaliteitsverbetering van de Europese telecommunicatiediensten, welke Atlas ook aan KMO's ter beschikking zal stellen, nodig zijn. Zoals de Commissie in Beschikking 94/579/EG (BT-MCI) onderkend heeft, vereist dit kostbare en tijdrovende inspanningen. DT en FT zullen in verband met het creëren of verbeteren van diensten investeringsplannen ten bedrage van in totaal 5 miljard ecu uitvoeren. Naar aanleiding van het aanvankelijke, op 23 mei 1995 door de Commissie ingenomen standpunt ten aanzien van de voorgenomen alliantie hebben de partijen i) met betrekking tot de rol van Atlas buiten Frankrijk, respectievelijk Duitsland hun overeenkomsten gewijzigd en ii) zijn zij een mondiale alliantie met een exploitant uit de Verenigde Staten van Amerika aangegaan. Een aanzienlijke aanwezigheid in de gehele EER is één voorwaarde voor het aanbieden van de niet-concessiediensten waarop Atlas zich richt. DT en FT hebben gegevens overgelegd, waaruit blijkt dat zij zich tot het doen van omvangrijke investeringen in Europa hebben verbonden. Voorts hebben DT en FT de aanvankelijke verhouding tussen de eigen diensten van Atlas en de aan de moederondernemingen uitbestede diensten ten gunste van Atlas gewijzigd. Een tweede voorwaarde om tot een verbetering van het aanbod van diensten te komen ten opzichte van hetgeen nu reeds op de Europese markt beschikbaar is, is de mondiale uitbreiding van diensten, waaraan multinationale ondernemingen behoefte hebben, de zogeheten "mondiale verbindingsmogelijkheden" ("global connectivity") van diensten. Als een van de moederondernemingen van de Phoenix-alliantie voldoet Atlas aan deze voorwaarde.

(52) Gezien de huidige kosten van de infrastructuur voor huurlijnen fungeren de grote multinationale ondernemingen met de meest complexe behoeften in andere landen dan in Frankrijk en in Duitsland aanvankelijk als stuwende kracht achter de investeringen van Atlas. Het exploiteren van één netwerkarchitectuur met hoge snelheid stelt Atlas echter in staat zowel technologisch als operationeel schaalvoordelen te behalen, dat wil zeggen een verlaging van de kosten per kanaal. In verband met de interconnectieovereenkomsten met andere TO's zal Atlas bovendien waarschijnlijk de kosten van infrastructuur verlagen, doordat grotere hoeveelheden verkeer worden gegenereerd die routering tegen de laagste kosten mogelijk maken. Deze schaalvoordelen hebben in combinatie met de beschikbaarheid van infrastructuur, die uit de tenuitvoerlegging van recente wetgeving van de Gemeenschap (26) voortvloeit, tot gevolg dat uiteindelijk diensten met geavanceerde technische mogelijkheden kunnen worden aangeboden en dat deze op ruime schaal beschikbaar zullen zijn.

3. Voordelen voor de gebruikers

(53) Atlas kan in kortere tijd dan de moederondernemingen afzonderlijk nodig zouden hebben, nieuwe telecommunicatiediensten in een zich snel wijzigende technologische en commerciële marktomgeving op de markt brengen. Sneller dan wanneer DT en FT gescheiden zouden opereren, zullen ondernemingen als cliënten van zowel het aanbod van een groter scala nieuw ontwikkelde diensten als de lagere prijzen profiteren. Een ruimere keuze aan telecommunicatiediensten en de daarmee verband houdende kostenvoordelen zullen in andere segmenten van de telecommunicatiemarkt en in andere economische sectoren doorwerken. Ook zal Atlas een andere mogelijkheid bieden voor het leveren van op de klant afgestemde pakketten, die het volledige scala van geliberaliseerde telecommunicatiediensten omvatten.

(54) Via Phoenix, de mondiale alliantie met Sprint, kan Atlas Europese cliënten voorts een groter geografisch bereik van zijn op de klant afgestemde pakketten telecommunicatiediensten voor het bedrijfsleven aanbieden. De mogelijkheid voor Europese afnemers om veraf gelegen lokaties over de hele wereld voor één keer of permanent te kunnen bereiken, zonder een verlies aan kwaliteit of technische mogelijkheden en zonder van leverancier te veranderen, is een belangrijk voordeel voor dergelijke cliënten, waaronder Europese ondernemingen die trachten in een steeds meer mondiale economie in de hele wereld aanwezig te zijn. Afnemers genieten naar believen het voordeel van naadloze grensoverschrijdende diensten via Atlas in Europa en via Phoenix in de hele wereld. Alleen mondiale allianties kunnen mondiale verbindingsmogelijkheden voor diensten bieden. Hoewel het bereik van Atlas op zichzelf niet mondiaal is, zorgen de via Atlas uit te voeren investeringsplannen van DT en FT ervoor dat een groot aantal Europese ondernemingen de mogelijkheid van een mondiaal bereik krijgen.

(55) Het feit dat DT en FT als exclusieve distributeurs in Duitsland en in Frankrijk optreden, gevoegd bij de overeenkomsten over IER-licenties en het weer terug in licentie geven daarvan, geeft de twee betrokken ondernemingen een prikkel om alle technische vooruitgang die op met de relevante markt verband houdende markten geboekt wordt, met de gemeenschappelijke onderneming te delen. Dit is een extra voordeel voor grote afnemers van niet-concessiediensten voor telecommunicatie op de thuismarkten van DT en FT, dat wil zeggen in twee van de Lid-Staten met een aanzienlijk aantal potentiële afnemers van Atlas-diensten.

4. Onmisbaarheid

(56) De oprichting van Atlas

De oprichting van Atlas is voor de moederondernemingen onmisbaar om de in het voorgaande besproken voordelen in de zin van artikel 85, lid 3, van het EG-Verdrag en van artikel 53, lid 3, van de EER-Overeenkomst te bewerkstelligen. Als een vergelijking wordt gemaakt met afzonderlijke toetreding tot de markt of andere vormen van samenwerking met minder integratie, is de mate van samenwerking tussen DT en FT in het kader van Atlas noodzakelijk om de betrokken diensten te kunnen aanbieden. Atlas bekort de tijd die DT en FT nodig zouden hebben om met andere aanbieders van grensoverschrijdende en Europese diensten te concurreren en leidt tot een aanzienlijke vermindering van de kosten en risico's die elke moederonderneming draagt. Op snel veranderende markten is FT gedwongen haar Transpac-netwerk te moderniseren en moet DT een plaats verwerven als Europees speelster. Voorts is Atlas een middel om in korte tijd de onvolkomenheden van de meeste thans bestaande diensten en technische mogelijkheden te overwinnen door een groot transeuropees netwerk te creëren, waarmee in de behoeften van multinationale ondernemingen en andere grote internationale cliënten kan worden voorzien.

(57) Exclusieve distributie

Ingevolge de distributieovereenkomsten is elke moederonderneming op haar thuismarkt de exclusieve distributeur van Atlas-produkten. De bepalingen over exclusieve distributie zijn onmisbaar, omdat:

1. door de exclusieve distributie, gevoegd bij de bepalingen in de overeenkomsten inzake overdracht van en licenties voor intellectuele- en industriële-eigendomsrechten over het weer terug in licentie geven van de technologie die Atlas van beide moederondernemingen ontvangt, de technologie van DT en FT tegen derden en tegen de andere moederonderneming wordt beschermd, en

2. het gebruik van één in plaats van verschillende netwerken technisch eenvoudiger is en daarom een efficiëntere distributie mogelijk maakt. Als aanbiedster van diensten met Europees bereik baseert Atlas zich op nationale distributienetwerken met een groot geografisch bereik. Het alternatief voor het gebruiken van de distributienetwerken van de TO's is distributie door verschillende kleinere distributeurs of het opzetten van een eigen landelijk netwerk in de landen van de moederondernemingen. In beide gevallen zouden de voordelen van de technische harmonisatie van de twee grootste openbare pakketgeschakelde datanetwerken in Europa aan de Europese telecommunicatiemarkten worden onthouden.

(58) Atlas zal van Transpac France en T-Data gebruik maken als nationale distributienetwerken in Frankrijk en Duitsland. DT en FT leveren dus de noodzakelijke nationale diensten en gebruiken Atlas voor het aanbieden van alle noodzakelijke verbindingen die grensoverschrijdend en met derde landen tot stand gebracht worden. In het licht hiervan zouden andere distributieafspraken de intellectuele-eigendomsrechten van de moederondernemingen minder beschermen en zouden zij minder goed voldoen in verband met het belang van de diensten die DT en FT aanvankelijk aan Atlas zullen verstrekken. De Commissie concludeert daarom dat de afspraak over exclusieve distributie onmisbaar is in de zin van artikel 85, lid 3, van het EG-Verdrag en van artikel 53, lid 3, van de EER-Overeenkomst.

5. Geen uitschakeling van de concurrentie

(59) De aan DT en FT opgelegde voorwaarden en de algemene wet- en regelgeving in de Gemeenschap zullen in de eigen landen van FT en DT betere omstandigheden voor concurrentie scheppen. Dit geldt met name voor de voorwaarden betreffende i) interconnectie met de openbare pakketgeschakelde datanetwerken op voorwaarden die niet-discriminerend en economisch gelijkwaardig zijn aan die welke voor Atlas in Frankrijk en in Duitsland gelden, ii) niet-discriminerende interconnectie met het PSTN en het ISDN in Frankrijk en in Duitsland, en iii) het verbod voor DT en FT om te profiteren van hun sterke marktpositie door Atlas-diensten en eigen diensten via gecombineerde contracten te distribueren.

(60) De in overweging 29, punt 5, beschreven voorwaarde verlangt dat DT en FT hun eigen produkten verkopen op grond van contracten die gescheiden zijn van die voor de verkoop van Atlas-produkten; hiermee wordt ervoor gezorgd dat eventuele verschillen in berekening verifieerbaar zijn en daarmee dat interconnectie in de praktijk functioneert. De door Atlas aangeboden "outsourcing"-diensten en diensten voor ("variabele") huurlijnen met toegevoegde waarde staan open voor concurrentie en de winstgevendheid van deze diensten is betrekkelijk gering. Gezien het wettelijke monopolie en in een later stadium de machtspositie op het gebied van het aanbieden van de infrastructuur welke DT en FT tijdens de geldigheidsduur van deze beschikking innemen, zouden DT en FT de concurrentie kunnen uitschakelen door kortingen op concessiediensten (bij voorbeeld huurlijnen) te gebruiken om hun cliënten ertoe te brengen de niet-concessiediensten van Atlas af te nemen.

Het via één enkel contract verkopen van pakketten van uiteenlopende diensten is in de telecommunicatiesector een gebruikelijke handelspraktijk, die bekend staat als "bundeling". Op geliberaliseerde telecommunicatiemarkten wordt het aanbieders met een machtspositie gewoonlijk verboden om de verkoop van uiteenlopende diensten met elkaar te verbinden en om kortingen op pakketten diensten te verlenen zonder i) de voorwaarden voor elke afzonderlijke "niet-gebundelde" dienst, en ii) de afzonderlijke dienst(en) waarvoor een korting wordt gegeven, te specificeren. Ook geldt voor aanbieders met een machtspositie de verplichtingen alle tarieven bekend te maken en aan te tonen dat kortingen op pakketten diensten gerechtvaardigd worden door besparingen die nu juist door het leveren van een pakket diensten mogelijk worden gemaakt. Gezien echter i) de onevenwichtigheid tussen, enerzijds, de alomtegenwoordige monopolienetwerken van DT en FT en, anderzijds, het feit dat nieuwe marktpartijen in geringe mate aanwezig zijn en op interconnectie moeten vertrouwen, en ii) het ontbreken van voldoende doorzichtigheidsvoorschriften in de regelgeving voor de betrokken diensten, zou toetreding van concurrenten tot de markt in Duitsland en in Frankrijk in deze fase daadwerkelijk belemmerd worden, als het DT en FT zou worden toegestaan gecombineerde contracten voor geliberaliseerde diensten en concessiediensten te sluiten. Met name zouden DT en FT voor pakketten waarin dergelijke diensten gecombineerd worden, op zodanige wijze volumekortingen of gunstigere voorwaarden kunnen verlenen, dat de prijsstelling van de afzonderlijke diensten en met name de rechtvaardiging van eventuele kortingen ondoorzichtig zouden worden. De voorwaarde dergelijke diensten via gescheiden contracten te verkopen zou op zichzelf ontoereikend zijn, tenzij voor elke verkochte dienst afzonderlijk de voorwaarden nader worden omschreven.

(61) De aan DT en FT opgelegde voorwaarden en verplichtingen om gedetailleerde boekhoudkundige informatie te behouden en te verstrekken biedt de waarborg dat de ingevolge de Atlas-overeenkomsten opgerichte bedrijven en de moederondernemingen van Atlas voldoende informatie verstrekken om de Commissie in staat te stellen hun concurrentiegedrag te verifiëren. Voorts stellen deze voorwaarden en verplichtingen nationale rechters in staat inzage te gelasten in bewijsmateriaal omtrent inbreuken op de aan deze beschikking gehechte materiële voorwaarden en omtrent beweerd concurrentiebeperkend gedrag, in gevallen waar derden de nationale rechter om maatregelen tegen dergelijk gedrag verzoeken. De Commissie concludeert dat Atlas de moederondernemingen niet in de gelegenheid zal stellen om met betrekking tot het beoogde scala aan diensten de concurrentie uit te schakelen. Bij deze vaststelling heeft de Commissie rekening gehouden met de volgende elementen.

De markten voor diensten die een grensoverschrijdend en, uiteindelijk, Europees bereik hebben

(62) Concurrenten op de markt

Atlas is een van de allianties tussen TO's en/of andere ondernemingen op de relevante markten. Verscheidene allianties hebben van de regelgevende instanties toestemming gekregen en zijn reeds op de markt actief (27). Ook zullen DT en FT concurrentie krijgen, althans voor bepaalde niet-concessiediensten die in de pakketten van Atlas voor telecommunicatiediensten met Europees bereik die voor het bedrijfsleven zijn bestemd, geïntegreerd worden. De concurrenten lopen uiteen van computer- en gegevensverwerkende ondernemingen als IBM, DEC en EDS tot ondernemingen op het gebied van informatiediensten zoals GEIS en Compuserve. De meeste van deze concurrenten hebben echter kleine marktaandelen en zijn voor het uitbouwen van hun aanwezigheid op de markten voor niet-concessiediensten voor telecommunicatie voor het bedrijfsleven afhankelijk van een aanzienlijke wijziging in de huidige concurrentieomstandigheden. Met betrekking tot het van en naar Duitsland en Frankrijk aanbieden van diensten met een grensoverschrijdend en, uiteindelijk, Europees bereik, komt in deze omstandigheden verandering, zodra de twee belangrijkste omstandigheden voor concurrentie aanwezig zijn, te weten i) andere mogelijkheden voor het gebruik van de infrastructuur van DT en FT, en ii) toegang tot de netwerken van DT en FT op doorzichtige en niet-discriminerende voorwaarden.

Beide omstandigheden zijn van bijzonder belang voor innovatief aanbod van niet-concessiediensten voor telecommunicatie voor het bedrijfsleven, waarvoor "state-of-the-art"-hoge-snelheidslijnen en -distributienetwerken nodig zijn die niet tot het verloren gaan van technische mogelijkheden leiden. De aanwezigheid als zodanig van concurrerende aanbieders van diensten met een grensoverschrijdend en, uiteindelijk, Europees bereik heeft tot op heden slechts geringe invloed gehad. Om economische en geografische redenen is het aanbieden van diensten naar of in Duitsland, respectievelijk Frankrijk van cruciaal belang voor concurrentie op de markten voor niet-concessiediensten voor telecommunicatie met een Europees bereik ten behoeve van het bedrijfsleven. Als voorkomen wordt dat DT en FT hun positie op de markt misbruiken en dat zij de toetreding tot de markt belemmeren, zullen DT en FT de concurrentie niet uitschakelen. De Commissie concludeert dat de navolgende voorwaarden hiertoe onmisbaar zijn:

(63) Beschikbaarheid van alternatieve infrastructuur

Van alternatieve infrastructuur en door concurrentie teweeg gebrachte druk op de huurlijntarieven kan in Duitsland en in Frankrijk sprake zijn, indien er ten minste twee vergunningen voor infrastructuur ten behoeve van het aanbieden van geliberaliseerde telecommunicatiediensten worden verleend, hetgeen voor 1 juli 1996 gepland is. Aangezien er in beide Lid-Staten verscheidene infrastructuurexploitanten aanwezig zijn en gezien de kans die deze exploitanten gehad hebben om zich op de vroegtijdige liberalisering van de infrastructuur voor te bereiden, moet het verlenen van ten minste twee vergunningen voor alternatieve infrastructuur in Duitsland en in Frankrijk aldaar tot keuzemogelijkheden met betrekking tot de infrastructuur leiden. Eerst vanaf dat moment zullen andere aanbieders van telecommunicatiediensten in de gelegenheid zijn met Atlas te concurreren, zonder voor hun behoeften aan huurlijnen van DT en FT afhankelijk te zijn.

(64) Interconnectie op niet-discriminerende technische voorwaarden

Atlas moet evenals haar concurrenten i) voor het aanbieden van grensoverschrijdende diensten een eigen netwerk van huurlijnen opzetten en ii) in verband met de einddistributie van Atlas-diensten aan de afnemers zorgen voor interconnectie met de openbare pakketgeschakelde datanetwerken, het PSTN en het ISDN in Frankrijk en in Duitsland. Vanaf de datum waarop de ontheffing ingaat, zullen ook de concurrenten door interconnectie via X.75-"interfaces" van de netwerken van DT en FT als distributienetwerken gebruik kunnen maken. Wat spraak- en geavanceerde datadiensten betreft, moeten DT en FT op verzoek adequate technische informatie ter beschikking stellen betreffende interconnectie met, respectievelijk, het PSTN en het ISDN. Dit zal de concurrentie in staat stellen diensten aan te bieden vanuit en naar de eigen landen van DT en FT en daarbij essentiële geavanceerde mogelijkheden, zoals het aan de ontvanger in rekening brengen, het definiëren van een besloten groep gebruikers of "end-to-end"-beheer, te bieden. De pakketgeschakelde ATM-netwerken van DT en FT worden niet in Atlas geïntegreerd; zoals in overweging 7 opgemerkt, moet voor een dergelijke integratie een nieuwe aanmelding worden gedaan. Voor bepaalde datacommunicatiediensten met hoge snelheid moet Atlas derhalve desgewenst interconnectie met dergelijke netwerken tot stand brengen. De aan DT en FT opgelegde voorwaarde om niet tussen Atlas en haar concurrenten te discrimineren ten aanzien van de technische informatie over de netwerken van DT en FT, bij voorbeeld volledige gegevens over de implementatie door DT en FT van het Signalling System 7 (SS7) (28) - signaleringsprotocol voor interconnectie van spraakdiensten met het PSTN - garandeert dat de technische mogelijkheden voor niet-concessiediensten van Atlas waarvoor interconnectie met de netwerken van DT en FT nodig is, met die voor ongeacht welke concurrent vergelijkbaar zijn (29).

(65) Interconnectie op niet-discriminerende economische voorwaarden

Krachtens de nationale wet- en regelgeving mogen DT en FT niet discrimineren ten koste van derden en moeten zij de ONP-verplichtingen, zoals levering van een minimumreeks lijnen tegen tarieven die doorzichtig en op de kostprijs gebaseerd zijn, naleven (30). Van nog groter belang is dat aan de ontheffing voor de Atlas-transactie de voorwaarde wordt verbonden dat DT en FT, onder meer, doorzichtige en niet-discriminerende voorwaarden voor interconnectie hanteren alsook een boekhoudsystematiek waaruit, vooruitlopend op de richtlijn "ONP-interconnectie" (31), de volledig verbijzonderde kosten van elke dienst blijken. Hoewel het bestaande rechtskader reeds in doorzichtigheid voorziet, is de Commissie van oordeel dat de aan DT en aan FT opgelegde aanvullende voorwaarden met betrekking tot de scheiding en controle van de boekhouding, het overleggen van boekhoudgegevens, het uitsluiten van kruissubsidiëring en de economisch gelijkwaardige tarieven voor interconnectie met de Duitse en Franse openbare pakketgeschakelde datanetwerken onmisbaar zijn om te waarborgen dat Atlas en haar concurrenten tegen equivalente voorwaarden van het PSTN van DT en FT, van Transpac France in Frankrijk en/of van T-Data in Duitsland als distributienetwerken gebruik kunnen maken.

(66) Geen bevoorrechte informatieverstrekking

Atlas krijgt met betrekking tot de toegang tot belangrijke commerciële informatie van DT en FT geen concurrentievoordeel ten opzichte van concurrenten. Ook hebben de moederondernemingen de oorspronkelijk aangemelde bedingen waarbij Atlas als agent van DT en van FT voor huurlijnen ("half-circuits") werd aangewezen, uit de Atlas-overeenkomsten geschrapt. Aangezien zowel de dienstverleners die met Atlas concurreren, als multinationale ondernemingen en andere exploitanten van eigen netwerken, die potentiële afnemers van de "outsourcing"-diensten van Atlas zijn, aan dergelijke internationale huurlijnen behoefte hebben, zou de agentuurovereenkomst Atlas ten opzichte van zijn concurrenten een concurrentievoordeel op het gebied van de informatie hebben gegeven.

(67) De onderhandelingspositie van afnemers

Multinationale en andere grote ondernemingen hebben de keuze tussen het opzetten van hun eigen, particuliere grensoverschrijdende netwerkoplossingen en het afnemen daarvan bij dienstverrichters zoals Atlas; het is onwaarschijnlijk dat zij voor het laatste zullen kiezen, tenzij dit kostenefficiënt is. Gezien hun kennis van de markt zijn deze cliënten in de gelegenheid offertes van een aantal concurrenten te vragen. Dit geeft multinationale ondernemingen een sterke onderhandelingspositie, die tot uitdrukking komt in de concurrentie tussen de leveranciers. Dit kan eveneens gelden voor KMO's, indien lagere prijzen voor de infrastructuur kleine leveranciers in staat stellen de schaalomvang te bereiken die nodig is om zich op de markt te begeven.

De Franse en de Duitse markt voor pakketgeschakelde datacommunicatiediensten

(68) DT en FT zijn sterk aanwezig op de markt van hun eigen land, waar zij momenteel de enige nationale pakketgeschakelde datacommunicatienetwerken exploiteren. In Duitsland is sprake van concurrentie en deze wordt niet uitgeschakeld, omdat FT Info AG, haar onrechtstreekse Duitse dochteronderneming, afstoot. De beperking van de potentiële concurrentie tussen FT en DT in Frankrijk en in Duitsland heeft echter voor de markten voor pakketgeschakelde datacommunicatiediensten in de betrokken landen aanzienlijke gevolgen. Meer dan 80 % van de afnemers van deze diensten in Frankrijk en in Duitsland zijn KMO's en hun onvoldoende sterke onderhandelingspositie weegt niet op tegen de versterking van de marktpositie van DT en van FT die het gevolg is van het opzetten van een gezamenlijk openbaar pakketgeschakeld datanetwerk.

(69) Voor deze beoordeling definieert de Commissie op de markt voor pakketgeschakelde datacommunicatiediensten twee verschillende, elkaar overigens ten dele overlappende cliëntsegmenten, te weten i) afnemers die behoefte hebben aan niet continue toepassingen met lage snelheid en geringe volumes, welke worden aangeboden via de openbare pakketgeschakelde datanetwerken in alle Lid-Staten en op grond van het verzonden volume volgens gepubliceerde tarieven worden gefactureerd (zie overweging 9, punt 1), en ii) afnemers die omvangrijker en regelmatiger verkeer genereren, waarin dienstverleners in toenemende mate voorzien door middel van pakketgeschakelde diensten waarvoor protocollen als "Frame Relay", ATM en IP gebruikt worden, of door middel van geschakelde diensten, en die overeenkomstig de aard van de individuele behoeften gefactureerd worden (zie overweging 9, punt 2).

De mogelijkheid om voor een andere infrastructuur te kiezen is op zichzelf onvoldoende om concurrerende alternatieven te bieden voor de X.25-datadiensten die T-Data en Transpac France in, respectievelijk, Duitsland en Frankrijk aan het hierboven beschreven eerste cliëntsegment aanbieden. Voor deze diensten zijn netwerken met grote dichtheid en een ruim geografisch bereik nodig, waarover de concurrenten van DT en FT nog enige tijd niet zullen kunnen beschikken. Deze conclusie is gebaseerd op twee overwegingen. Ten eerste komt alle momenteel in Duitsland en in Frankrijk bestaande alternatieve infrastructuur bij elkaar genomen overeen met slechts een derde van de totale infrastructuur waarover DT en FT beschikken. Ten tweede is op de markt voor X.25-datadiensten sprake van geringe marges. Bijgevolg zal door investeringen in alternatieve infrastructuur met het landelijke bereik dat nodig is om het in de voorgaande overweging beschreven eerste cliëntsegment te bedienen, de achterstand ten opzichte van de infrastructuur van de bestaande TO's eerst worden ingelopen, wanneer de nieuwe infrastructuur alle telecommunicatiediensten kan vervoeren, zodat een hoger rendement mogelijk wordt. De wet- en regelgeving die nodig is om deze nieuwe infrastructuur mogelijk te maken, moet volgens de huidige voornemens in Frankrijk en in Duitsland op 1 januari 1998 zijn ingevoerd.

(70) Concurrerende alternatieven

Voor afnemers in het eerste segment dat in overweging 9, punt 1, beschreven wordt, zou in Duitsland en Frankrijk geen adequate concurrerende andere mogelijkheid voor Atlas bestaan, als DT en FT hun het gehele land bestijkende, openbare pakketgeschakelde datanetwerken zouden integreren, voordat in elk van deze Lid-Staten ten minste twee concurrerende nationale telecommunicatiebedrijven een vergunning hebben gekregen om openbare telecommunicatiediensten aan te bieden. Integratie van de openbare pakketgeschakelde datanetwerken in Atlas zou de bestaande machtspositie (een marktaandeel van meer dan 70 %) van Transpac France en T-Data op, respectievelijk, de Franse en de Duitse markt voor nationale pakketgeschakelde datacommunicatiediensten versterken. Aangezien tot nog toe voor nationale diensten er nauwelijks een concurrerend alternatief bestaat, zouden in dit stadium de huidige cliënten van Transpac France en T-Data tot Atlas veroordeeld zijn, hetgeen met het zich ontwikkelen van de interne markt concurrentiebeperkende gevolgen zou hebben op de grensoverschrijdende en uiteindelijk Europese markt. Doordat de Duitse en de Franse openbare pakketgeschakelde datanetwerken gescheiden blijven van Atlas en doordat het FT en DT verboden wordt in één enkel contract eigen diensten en die van Atlas te verkopen, hebben de afnemers de mogelijkheid i) de nationale X.25-datadiensten van Transpac France en T-Data te vergelijken met de opkomende concurrerende mogelijkheden, zoals geavanceerder pakketgeschakelde datacommunicatie en geschakelde diensten (zie hierna), op welke gebieden FT en DT met meer concurrentie te maken hebben, en ii) te kiezen tussen Atlas en haar concurrenten voor het gescheiden daarvan leveren van X.25-datadiensten met een grensoverschrijdend en, uiteindelijk, Europees bereik, indien hun behoeften verder gaan dan het nationale bereik.

Over het algemeen moeten concurrerende alternatieven daadwerkelijk beschikbaar zijn om op de marktomstandigheden een merkelijke invloed te hebben. Wat de Franse en de Duitse telecommunicatiemarkten betreft, verwacht de Commissie evenwel dat de concurrentieomstandigheden reeds sterk zullen veranderen, wanneer de telecommunicatiediensten en -netwerken volledig en daadwerkelijk geliberaliseerd zijn en de eerste het gehele land bestrijkende vergunningen voor telecommunicatiebedrijven verleend zijn, hetgeen voor 1 januari 1998 gepland is, en deze zich vervolgens snel zullen ontwikkelen. Om tot deze conclusie te komen heeft de Commissie rekening gehouden met i) het afnemende belang van openbare pakketgeschakelde datanetwerken waarin voor het aanbieden van pakketgeschakelde datacommunicatiediensten voor ondernemingen het X.25-protocol gebruikt wordt, ii) het enorme economische belang en de aantrekkingskracht die de Franse en de Duitse telecommunicatiemarkten voor telecommunicatie-exploitanten hebben, iii) het aldaar bestaan van operationele alternatieve infrastructuur die kan worden uitgebreid, en iv) het verwerven van een positie door een aantal krachtige concurrerende allianties, voorafgaand aan de volledige en daadwerkelijke liberalisering van de telecommunicatienetwerken en -diensten in Frankrijk en in Duitsland per 1 januari 1998 (zie overweging 18).

Voorafgaand aan de volledige en daadwerkelijke liberalisering van de Franse en de Duitse telecommunicatiemarkten is het in Duitsland mogelijk nationale X.25-datadiensten aan te bieden door het "D"-kanaal van het ISDN te gebruiken. Verscheidene concurrenten van T-Data gebruiken deze mogelijkheid voor rechtstreekse interconnectie met de openbare pakketgeschakelde datanetwerken van DT (zie de volgende overwegingen); de totale kosten van de investeringen ervoor bedragen ongeveer 1,1 miljoen ecu. In Frankrijk is het "D"-kanaal van het ISDN toegankelijk door als doorgangsnetwerk Transpac France te gebruiken en zal eind 1996 rechtstreekse toegang mogelijk zijn. De Commissie is van mening dat de toenemende beschikbaarheid van het ISDN na verloop van tijd een concurrerende mogelijkheid kan vormen voor het aanbieden van X.25-datadiensten in het in overweging 9, punt 1, beschreven cliëntsegment in Duitsland. Wat Frankrijk betreft, concludeert de Commissie uit de dichtheid van de openbare pakketgeschakelde datanetwerken van Transpac France echter dat het gebruik van ISDN waarschijnlijk geen voldoende concurrerend alternatief zal blijken.

(71) Economisch gelijkwaardige voorwaarden voor interconnectie

Elke derde kan in Duitsland en in Frankrijk via X.75-"interfaces" tegen niet-discriminerende voorwaarden interconnectie krijgen met T-Data en Transpac France (voordat deze bedrijven in Atlas worden geïntegreerd), alsmede met Atlas Duitsland en Atlas Frankrijk (nadat T-Data en Transpac France in Atlas zijn geïntegreerd). Op de markt voor pakketgeschakelde datacommunicatiediensten zijn diensten die via twee of meer netwerken, welke door middel van X.75-"interfaces" gekoppeld zijn, worden aangeboden een alternatief voor het gebruik van eigen netwerken. Dit alternatief is alleen concurrerend voor dienstverlening aan cliënten van het in overweging 9, punt 2), beschreven tweede segment, maar de vraag naar X.25-datadiensten in dit segment neemt snel af. In dit segment wordt de meeste waarde toegevoegd in het geval van diensten die via op de klant afgestemde netwerken worden aangeboden en maken de dienstverleners slechts van interconnectie gebruik om datacommunicatie van hun cliënten door te zenden aan derden die geen verbinding met het op de klant afgestemde netwerk hebben (oproepaansluitingen).

Hoewel Atlas voor interconnectie met T-Data en met Transpac France eigen "interfaces" mag gebruiken, volstaat niet-discriminerende toegang van derden tot T-Data en Transpac France via X.75-"interfaces" om te voorkomen dat Atlas de concurrentie op de markt voor pakketgeschakelde datacommunicatiediensten uitschakelt. Tot op heden bij voorbeeld vindt de interconnectie van T-Data met de netwerken van de meeste derde partijen plaats via interfaces die van het X.75-protocol gebruik maken en derhalve bepaalde geavanceerde technische mogelijkheden niet ondersteunen. Uit de tarieven van DT en van FT voor interconnectie met hun openbare pakketgeschakelde datacommunicatienetwerken moet blijken welke opslag is berekend op de volledig verbijzonderde kosten van het aanbieden van de interconnectie. Er mag bij de voorwaarden voor interconnectie geen sprake zijn van discriminatie tussen derden en Atlas, bij voorbeeld ten aanzien van de beschikbaarheid van bijkomende diensten, de leveringstermijn, kwaliteit van reparatie en onderhoud, alsmede de noodzakelijke technische informatie. In het licht van het bovenstaande concludeert de Commissie dat het uitschakelen van de potentiële concurrentie tussen T-Data en Transpac France in Duitsland en in Frankrijk de moederondernemingen niet in staat zal stellen hun thuismarkten voor het aanbieden van gestandaardiseerde pakketgeschakelde datacommunicatiediensten af te sluiten.

De markten voor nationale diensten buiten Frankrijk en Duitsland

(72) In derde landen zal Atlas nationaal een belangrijke concurrent van de bestaande TO's worden: Atlas streeft ernaar de tweede partij op de markten voor datacommunicatiediensten in alle grote Europese landen, met uitzondering van het Verenigd Koninkrijk, te worden. Met betrekking tot deze diensten hebben de moederondernemingen vermeld dat Atlas op alle genoemde grote nationale markten buiten Frankrijk en Duitsland naar een marktaandeel van 20 % streeft. Atlas zal dus een alternatief voor de dominante bestaande TO's vormen, in plaats van de huidige concurrentie in derde landen uit te schakelen.

De markten voor diensten die niet onder Atlas vallen

(73) De geliberaliseerde diensten waarvoor binnen Atlas wordt samengewerkt, dragen minder dan 10 % bij tot de omzet van DT en van FT. Zelfs sommige geliberaliseerde diensten, zoals nationale VPN-diensten en alle datacommunicatiediensten waarvoor de ATM-netwerken van DT en van FT gebruikt worden, zijn geen Atlas-diensten en ten aanzien daarvan blijven de moederondernemingen derhalve elkaars concurrenten; Atlas kan op dezelfde niet-discriminerende, doorzichtige voorwaarden en tegen equivalente interconnectietarieven die voor derden gelden, deze diensten afnemen en toegang tot de betrokken netwerken krijgen. De aan deze beschikking verbonden voorwaarde waardoor de uitwisseling van gevoelige informatie tussen DT, FT en Atlas wordt beperkt, beperkt de mogelijk negatieve gevolgen van de gemeenschappelijke onderneming voor de concurrentie tussen de moederondernemingen in hun functie als Atlas-distributeurs en de concurrentie tussen de moederondernemingen in het algemeen.

De afspraken over exclusieve distributie in Frankrijk en in Duitsland

(74) Door passieve verkoop toe te staan laten de distributieovereenkomsten de mogelijkheid open dat afnemers met een sterke onderhandelingspositie gebruik maken van de marges voor concurrentie tussen de Atlas-moederonderneming die in het eigen land als exclusieve distributeur optreedt, en de andere moederonderneming die dezelfde Atlas-dienst tegen een lagere prijs kan aanbieden. Belangrijker nog is dat de concurrentiebeperkende gevolgen van de afspraken over exclusieve distributie waarschijnlijk steeds meer zullen worden gecompenseerd door de beschikbaarheid van alternatieve infrastructuur en de niet-discriminerende voorwaarden voor interconnectie met de netwerken van T-Data en Transpac France, hetgeen tot concurrentie voor Atlas en voor DT en FT als distributeurs van Atlas zal leiden.

6. Conclusie

(75) De Commissie komt tot de gevolgtrekking dat met betrekking tot de oprichting van Atlas en de in het voorgaande besproken afzonderlijke concurrentiebeperkende bepalingen voldaan is aan alle voorwaarden voor een individuele ontheffing op grond van artikel 85, lid 3, van het EG-Verdrag en van artikel 53, lid 3, van de EER-Overeenkomst.

C. GELDIGHEIDSDUUR VAN DE ONTHEFFING, VOORWAARDEN EN VERPLICHTINGEN

(76) Overeenkomstig artikel 8 van Verordening nr. 17 en Protocol 21 van de EER-Overeenkomst wordt een beschikking tot toepassing van artikel 85, lid 3, van het EG-Verdrag en artikel 53, lid 3, van de EER-Overeenkomst voor een bepaalde termijn gegeven en kunnen daaraan voorwaarden en verplichtingen worden verbonden. Overeenkomstig artikel 6 van Verordening nr. 17 kan de datum waarop de beschikking in werking treedt, niet vroeger zijn dan de datum van de aanmelding. In verband hiermee en voor zover in de onderhavige beschikking een ontheffing verleend wordt, is:

a) wat de oprichting van Atlas en de daarmee verband houdende, in het bovenstaande beschreven overeenkomsten betreft, met uitzondering van de integratie van Transpac France en T-Data in een gemeenschappelijke onderneming, de beschikking geldig voor de duur van vijf jaar, te rekenen vanaf de datum van inwerkingtreding van de tweede vergunning voor nieuwe infrastructuur in zowel Frankrijk als Duitsland, waarmee de vergunninghouder toestemming krijgt infrastructuur te exploiteren voor het aanbieden van geliberaliseerde diensten als concurrent van de betrokken moederonderneming en de betrokken eerste vergunninghouder;

b) wat de integratie van Transpac France en T-Data in een gemeenschappelijke onderneming betreft, de beschikking geldig vanaf de datum waarop voor nieuwe aanvragers in Duitsland en in Frankrijk vergunningen in werking treden voor het aanbieden van het gehele land dekkende infrastructuur en voor nationale en internationale spraaktelefoniediensten die in een aanzienlijk deel van, respectievelijk Duitsland en Frankrijk twee alternatieven voor DT en voor FT bieden, tot de afloop van de onder a) genoemde periode van vijf jaar.

(77) Aan deze beschikking waarbij een ontheffing verleend wordt, zijn de voorwaarden verbonden die in de overwegingen 25 tot en met 30, punt 1, zijn beschreven. Voorts worden door deze ontheffingsbeschikking de in overweging 30 beschreven verplichtingen opgelegd aan DT, aan FT en aan de ingevolge de Atlas-overeenkomsten opgerichte bedrijven. Deze voorwaarden zijn onmisbaar om te voorkomen dat op de relevante markten de concurrentie tussen de grootste TO's in de EER wordt uitgeschakeld. Als vóór het verstrijken van de periode waarvoor de ontheffing geldt, belangrijke wijzigingen in de omstandigheden optreden, zal de Commissie op verzoek van de partijen opnieuw bezien of de afzonderlijke, aan deze beschikking verbonden voorwaarden en verplichtingen noodzakelijk zijn.

De meest wezenlijke gedragsregels ter bescherming van de concurrentie in de EER zijn als voorwaarden, in plaats van als verplichtingen, aan deze beschikking verbonden, gezien de noodzaak om ervoor te hoeden dat effectieve mededinging niet wordt uitgeschakeld. Strikte naleving van deze voorschriften is dermate belangrijk, dat de Commissie in het geval van niet-nakoming voor onmiddellijke gevolgen moet zorg dragen. Gezien de juridische gevolgen van het niet-nakomen van een voorwaarde kan de nationale rechter adequaat en snel tot gedecentraliseerd toezicht van de naleving bijdragen en kan deze daarmee ten behoeve van particulieren de naleving van de mededingingsregels waarborgen (32). Het proportionaliteitsbeginsel vergt echter dat incidentele of individuele fouten, waarvan de gevolgen voor de markt verwaarloosbaar zijn, geen verreikende juridische, financiële en commerciële gevolgen meebrengen. Daarom worden schendingen van het verbod op kruissubsidiëring, discriminatie en bundeling alleen dan geacht gevallen van niet-nakoming van een aan deze beschikking verbonden voorwaarde te zijn, als zulke overtredingen voor de marktomstandigheden aanzienlijke gevolgen hebben, bij voorbeeld indien systematisch of bij herhaling dergelijke praktijken gebeuren.

Voorts zal de voorwaarde betreffende niet-discriminerende behandeling van Atlas en haar concurrenten (overweging 28) DT en FT toestaan op het gebied van de distributie met elkaar te concurreren, zij het langs de weg van passieve verkoop. Deze concurrentie is mogelijk, omdat één en dezelfde Atlas-dienst aan elk uiteinde van de verlangde lijnen, dat wil zeggen in Duitsland of in Frankrijk, kan worden verkocht. Om de mogelijk negatieve effecten van de gemeenschappelijke onderneming op de concurrentie tussen de moederondernemingen in het algemeen te beperken, acht de Commissie het passend dat aan de uitwisseling van gevoelige informatie tussen de moederondernemingen en Atlas beperkingen worden gesteld (overweging 28, punt 4).

(78) Deze beschikking geldt onverminderd de toepasselijkheid van artikel 86 van het EG-Verdrag en artikel 54 van de EER-Overeenkomst,

HEEFT DE VOLGENDE BESCHIKKING GEGEVEN:

Artikel 1

Overeenkomstig artikel 85, lid 3, van het EG-Verdrag en artikel 53, lid 3, van de EER-Overeenkomst en onverminderd de artikelen 2 tot en met 5 van deze beschikking worden voor een periode van vijf jaar, te rekenen vanaf de datum waarop in Duitsland en in Frankrijk twee of meer vergunningen voor de aanleg van, dan wel de eigendom van en de zeggenschap over alternatieve infrastructuur voor het aanbieden van geliberaliseerde telecommunicatiediensten in werking zijn getreden, de bepalingen van artikel 85, lid 1, van het EG-Verdrag en artikel 53, lid 1, van de EER-Overeenkomst buiten toepassing verklaard voor:

a) de door DT en FT opgerichte gemeenschappelijke onderneming Atlas, zoals deze bij de Commissie is aangemeld, met inbegrip van de accessoir aan DT en FT opgelegde verplichtingen om

i) op grond van artikel VII van de twee distributieovereenkomsten alles wat voor mondiale produkten noodzakelijk is, van Atlas te betrekken, en

ii) op grond van artikel XIII van de overeenkomst inzake de gemeenschappelijke onderneming en artikel VII van de twee distributieovereenkomsten bij het aanbieden van Atlas-diensten niet met de gemeenschappelijke onderneming te concurreren;

b) de aanwijzing van DT als exclusieve distributrice van Atlas in Duitsland en de aanwijzing van FT als exclusieve distributrice van Atlas in Frankrijk op grond van artikel IV van de twee distributieovereenkomsten.

Artikel 2

Overeenkomstig artikel 85, lid 3, van het EG-Verdrag en artikel 53, lid 3, van de EER-Overeenkomst en onverminderd de artikelen 3, 4 en 5 van deze beschikking worden vanaf de datum waarop in Duitsland en in Frankrijk:

a) voor andere bedrijven dan DT, FT en hun dochterondernemingen alle wettelijke belemmeringen zijn weggenomen voor:

i) de aanleg van, de eigendom van of de zeggenschap over infrastructuur voor nationale en internationale telecommunicatie en het gebruik van dergelijke infrastructuur om ongeacht welke telecommunicatiedienst aan te bieden, en

ii) het aanbieden van nationale en internationale spraaktelefoniediensten; en

b) ten minste twee vergunningen aan andere aanvragers dan DT en FT zijn verleend en in werking getreden voor:

i) de aanleg of de eigendom van en de zeggenschap over telecommunicatie-infrastructuur en, hetzij gescheiden daarvan of in combinatie daarmee,

ii) het verrichten van nationale en internationale spraaktelefoniediensten, met dien verstande dat dergelijke vergunningen voor twee geschikte alternatieven voor DT en voor FT moeten zorgen, waarmee het gehele of een aanzienlijk deel van het grondgebied van, respectievelijk, Duitsland en Frankrijk kan worden bestreken,

tot de afloop van de in artikel 1 bepaalde periode van vijf jaar, de bepalingen van artikel 85, lid 1, van het EG-Verdrag en van artikel 53, lid 1, van de EER-Overeenkomst buiten toepassing verklaard voor de integratie van de Duitse en de Franse openbare pakketgeschakelde datanetwerken in Atlas, met dien verstande dat uitsluitend netwerken mogen worden geïntegreerd die pakketgeschakelde datacommunicatiediensten aanbieden waarvoor van "X.25"-, "Frame Relay"-, SNA- of Internet-protocollen gebruik wordt gemaakt.

Artikel 3

Tot de in artikel 2 van deze beschikking bepaalde datum is aan de bij artikel 1 verleende ontheffing van de toepassing van artikel 85, lid 1, van het EG-Verdrag en van artikel 53, lid 1, van de EER-Overeenkomst, als voorwaarde verbonden dat de samenwerking tussen DT en FT bij de ontwikkeling van gezamenlijke technische onderdelen van netwerken zich uitsluitend tot de volgende gebieden mag uitstrekken:

a) de navolgende taken op het gebied van produktmanagement en -ontwikkeling:

i) produktdefinities,

ii) de marketing van produkten,

iii) het beheer van de produktlevenscyclus,

iv) de specificatie van produkteisen,

v) de technische specificaties en ontwikkeling van produkten,

vi) de technische ontwikkeling van de produkten;

b) de navolgende netwerkplanningstaken:

i) de technologie van het centrale netwerk en de optimalisering van het gemeenschappelijke transmissienetwerk, zodat onnodig dubbel gebruik van middelen wordt vermeden,

ii) de technologie en de optimalisering van de netwerken voor verschillende dienstenplatforms, zodat voor naadloze diensten gezorgd kan worden,

iii) de centrale planning van de implementatie van nieuwe netwerkknooppunten;

c) de volgende aspecten van informatiesystemen:

i) de definitie van de architectuur van informatiesystemen,

ii) de specificatie van eisen voor en toepassingen van informatiesystemen,

iii) de technische ontwikkeling van apparatuur en programmatuur voor informatiesystemen,

iv) de centrale planning van de implementatie van apparatuur en programmatuur.

Tot de in artikel 2 bepaalde datum berust de zeggenschap over alle overige aspecten en functies van de Franse en Duitse openbare pakketgeschakelde datanetwerken bij twee afzonderlijke centra voor netwerkbeheer.

Artikel 4

Aan de ontheffing van de toepassing van artikel 85, lid 1, van het EG-Verdrag, respectievelijk artikel 53, lid 1, van de EER-Overeenkomst, die bij de artikelen 1 en 2 van deze beschikking is verleend, zijn de volgende voorwaarden verbonden:

a) Afstoting van Info AG:

1. FT moet:

i) de aandelen van Transpac in Info AG vóór [. . .] (33) verkopen. De Commissie kan de aan FT voor het afstoten van Info AG opgelegde termijn verlengen met zes maanden na bovengenoemde datum. FT wordt geacht aan haar verbintenis tot afstoting te hebben voldaan, indien op [. . .] (34) voor de verkoop van Info AG aan een koper met wie de Commissie instemt, een bindende intentieverklaring of een bindende overeenkomst is gesloten mits deze verkoop binnen een redelijke termijn na de ondertekening van een dergelijke, door de Commissie goedgekeurde bindende intentieverklaring of bindende overeenkomst zijn beslag krijgt;

ii) een door de Commissie goed te keuren "trustee" aanstellen om over het bestuur van Info AG te adviseren en Info AG te verkopen, met dien verstande dat FT mits goedkeuring door de Commissie:

- de "trustee"-overeenkomst mag beëindigen, indien FT op enigerlei tijdstip na de benoeming van de "trustee" van oordeel is dat deze zijn taken niet naar behoren vervult, en

- de eerder aangestelde "trustee" door een andere, eveneens door de Commissie goed te keuren "trustee" mag vervangen;

iii) de "trustee" een onherroepelijke opdracht geven om Info AG aan een gegadigde die vóór [. . .] (35) een bod uitbrengt, tegen zo gunstig mogelijke voorwaarden te verkopen;

iv) de "trustee" dermate vergoeden dat daarmee een prikkel tot een spoedige afstoting wordt geboden;

v) alle redelijke ondersteuning bieden waarom de "trustee" verzoekt, teneinde Info AG tegen de streefdatum te verkopen;

vi) de met de "trustee" in het kader van de onderhandelingen over de afstoting overeengekomen managementstructuur tot stand brengen en bevorderen;

vii) de koper van Info AG in de mate die ingevolge eventueel bestaande contractuele verplichtingen mogelijk is, alle licenties en "know-how" te verschaffen die met het aanbieden van de diensten van Info AG verband houden. FT mag van de koper voor die licenties en "know-how" een marktconforme vergoeding verlangen;

viii) alle administratieve en managementfuncties die met Info AG verband houden en die op alle niveaus binnen FT en/of Transpac zijn uitgevoerd, handhaven teneinde Info AG levensvatbaar, verkoopbaar en concurrerend te laten blijven tot het tijdstip waarop de afstoting wordt afgerond of, indien dit zich het eerst voordoet, tot het tijdstip waarop de "trustee" FT adviseert dat dergelijke functies niet langer noodzakelijk zijn.

2. FT moet zich te allen tijde naar beste vermogen inspannen om de waarde van Info AG en van de bedrijfsactiviteiten daarvan in elk opzicht in stand te houden en, wanneer de "trustee" voor de verkoop van Info AG is aangesteld, diens advies om de waarde van Info AG in stand te houden, in aanmerking nemen. In het bijzonder moet FT ervoor zorgen dat alle diensten die FT of enige dochteronderneming van FT aan Info AG verstrekt, efficiënt en bevredigend verstrekt blijven worden en dat de (eventuele) kosten die voor dergelijke diensten aan Info AG in rekening worden gebracht, niet worden verhoogd. Behoudens met instemming van de "trustee" mag FT tot het tijdstip waarop Info AG is verkocht, geen werknemers of leidinggevend personeel van Info AG in dienst nemen of een dienstverband aanbieden.

3. De door FT aangestelde "trustee" moet:

i) FT en Transpac adviseren omtrent de managementstructuur die zich het best leent om Info AG levensvatbaar, verkoopbaar en concurrerend te laten blijven, ook in het geval van een herstructurering van Info AG;

ii) FT en Transpac adviseren omtrent de bevredigende exploitatie en een bevredigend management van Info AG, zodat de activiteiten van Info AG levensvatbaar, verkoopbaar en concurrerend blijven, en tevens op de uitvoering van dat advies door Info AG toezicht houden, het volgen en controleren. Hiertoe krijgt de "trustee" volledig toegang tot personeel en faciliteiten van Info AG, alsmede tot documenten, boeken en administratieve bescheiden van zowel FT als Transpac, met inbegrip van het personeel, de faciliteiten, boeken en administratieve bescheiden die op de bedrijfsvoering bij Info AG van invloed kunnen zijn, ook al houden zij daarmee niet rechtstreeks verband;

iii) optreden als investeringsbank van FT en met het oog op de verkoop van Info AG te goeder trouw met geïnteresseerde derden onderhandelen. Indien de "trustee" op enig tijdstip vóór de streefdatum in overleg met de Commissie vaststelt dat het onmogelijk is een aanvaardbare koper te vinden voor de activiteiten van Info AG, de cliënten waarvan het hoofdkantoor buiten Duitsland gevestigd is, uitgezonderd, voeren de "trustee", FT en de Commissie overleg over andere geschikte mogelijkheden voor de voorgestelde afstoting van Info AG, met name over een uitbreiding van de afstoting;

iv) alvorens een bindende overeenkomst wordt aangegaan, en in elk geval maandelijks, over alle ontwikkelingen in zijn onderhandelingen met derden die in overname van Info AG belang stellen, schriftelijk verslag uitbrengen;

v) de Commissie om de twee maanden over het toezicht op de exploitatie en het management van Info AG schriftelijk verslag uitbrengen;

vi) op elk ander tijdstip aan de Commissie op haar verzoek schriftelijk of mondeling verslag uitbrengen over enig aspect van de taken en werkzaamheden van de "trustee" in verband met Info AG en de mogelijke kopers daarvan, waaruit moet blijken of een voorgestelde koper in staat is te waarborgen dat Info AG op de Duitse telecommunicatiemarkt een concurrerende partij blijft en of de onderhandelingen met deze voorgestelde koper moeten worden voortgezet;

vii) zijn taken als "trustee" voor de doeleinden van deze voorwaarde staken wanneer de verkoop van Info AG of enigerlei andere oplossing in de zin van het bepaalde in punt 3, onder iii), van kracht wordt.

4. Multinationale cliënten waaraan Info AG tot op heden als onderdeel van het Transpac-netwerk netwerkdiensten levert en waarvan het hoofdkantoor buiten Duitsland gevestigd is, mogen aan Atlas worden overgedragen, indien de Commissie ervan overtuigd is dat de betrokken diensten van de Duitse activiteiten van Info AG kunnen worden gescheiden zonder dat de waarde van laatstgenoemde activiteiten daardoor aanmerkelijk vermindert.

5. Met onmiddellijke ingang vanaf de datum waarop van deze beschikking kennis wordt gegeven, tot één jaar na de datum van ondertekening van de overeenkomsten tussen Transpac en de koper van Info AG, mogen DT, FT, Atlas en GlobalOne op het gebied van het aanbieden van telecommunicatiediensten aan cliënten van Info AG waarvan het hoofdkantoor in Duitsland gevestigd is, niet met Info AG concurreren, tenzij die cliënten weigeren transacties met Info AG aan te gaan.

6. Indien het onwaarschijnlijk is dat de bedrijfsactiviteiten van Info AG op de in punt 1, onder i), vermelde datum verkocht zullen zijn, moet FT ten minste twee maanden voor die datum andere middelen voorstellen, die voldoende bevredigend zijn om bestaande concurrentie op de Duitse markt te garanderen. Deze andere middelen moeten op de in punt 1, onder i), vermelde datum ten uitvoer worden gelegd.

b) Discriminatieverbod

1. Met betrekking tot de navolgende, met faciliteiten verband houdende telecommunicatiediensten die FT en DT in, respectievelijk, Frankrijk en Duitsland aanbieden, mogen DT en FT aan bedrijven die ingevolge de Atlas-overeenkomsten zijn opgericht, geen voorwaarden gunnen die niet gelijk zijn aan die welke zij voor andere aanbieders van dezelfde diensten laten gelden, en mogen zij deze bedrijven niet ontslaan van beperkingen op het gebruik die zulke bedrijven in staat zouden stellen diensten aan te bieden welke concurrerende aanbieders daardoor niet kunnen aanbieden:

i) huurlijndiensten, met name internationale huurlijnen ("half-circuits") en binnenlandse huurlijnen, waaronder in voorkomend geval enigerlei korting, en

ii) PSTN/ISDN-diensten, waaronder zowel de toegang tot deze netwerken (bij voorbeeld analoge toegang, basistoegang tot het ISDN, ISDN-toegang tot de openbare pakketgeschakelde datanetwerken, speciale toegang vanaf de openbare pakketgeschakelde datanetwerken tot het ISDN en nationale en internationale VPN-spraak- en VPN-interconnectiediensten) als de verbindingen over dergelijke netwerken.

Atlas mag in vergelijking met derden geen gunstigere behandeling krijgen ten aanzien van concessiefaciliteiten en -diensten en ten aanzien van faciliteiten en diensten die na de volledige en daadwerkelijke liberalisering van de telecommunicatie-infrastructuur en -diensten in Frankrijk en in Duitsland een essentiële faciliteit blijven.

2. DT en FT staan alle ingevolge de Atlas-overeenkomsten opgerichte bedrijven en alle derden die een telecommunicatiefaciliteit exploiteren, indien zij om interconnectie van een dergelijke faciliteit met de netwerken van DT en FT verzoeken, deze interconnectie op niet-discriminerende voorwaarden toe; deze moeten het betrokken bedrijf of de betrokken persoon in staat stellen zonder enigerlei beperking telecommunicatiediensten of zijn telecommunicatiefaciliteiten aan te bieden, binnen de mogelijkheden waarover de betrokken telecommunicatie-exploitant redelijkerwijs beschikt.

3. DT en FT mogen op geen enkele wijze tussen een ingevolge de Atlas-overeenkomsten opgericht bedrijf en enige andere dienstverrichter die met een dergelijk bedrijf concurreert, discrimineren in samenhang met:

i) ofwel een besluit tot ingrijpende wijziging van technische "interfaces" voor de toegang tot concessiediensten en/of essentiële faciliteiten of diensten, ofwel het openbaar maken van enige andere technische informatie die verband houdt met het functioneren van het PSTN/ISDN; in het bijzonder moeten concurrenten toegang hebben tot de informatie over programmatuur en "interfaces" die onmisbaar is om de technische mogelijkheden van spraakdiensten in stand te houden, indien er interconnectie van de betrokken concurrenten met het Duitse of het Franse PSTN/ISDN bestaat;

ii) de verstrekking van enigerlei commerciële informatie die een aanzienlijk concurrentievoordeel zou geven en die niet even gemakkelijk en in gelijke mate elders door met Atlas concurrerende dienstverleners kan worden verkregen.

4. Inbreuken op de in de punten 1, 2 en 3 vervatte eisen worden tenzij zulks aanmerkelijke gevolgen voor de markt heeft, niet als inbreuk op de hierbij opgelegde voorwaarde aangemerkt.

c) Interconnectie met de openbare pakketgeschakelde datanetwerken van DT en van FT

1. DT en FT moeten elk onverwijld:

i) gestandaardiseerde X.75-"interfaces" voor de toegang tot hun nationale openbare pakketgeschakelde datanetwerken invoeren en in stand houden;

ii) deze toegang verlenen op niet-discriminerende voorwaarden, waaronder prijzen, beschikbaarheid van volume en kortingen, alsmede de kwaliteit van de geleverde interconnectie;

iii) hun standaardvoorwaarden voor dergelijke X.75-"interface"-protocollen, waaronder eventuele volume- en andere kortingen, publiceren en de Commissie in de gelegenheid stellen eventuele overeenkomsten over zulke X.75-"interfaces", waaronder alle specifiek overeengekomen voorwaarden, te controleren.

2. Tot het tijdstip waarop Transpac France en T-Data in Atlas worden geïntegreerd, mogen noch Transpac France, noch T-Data zulke specifiek overeengekomen voorwaarden die door de partij die langs gestandaardiseerde X.75-"interfaces" interconnectie ten behoeve van toegang tot de Franse en Duitse nationale openbare pakketgeschakelde datanetwerken verkrijgt, als vertrouwelijk worden aangemerkt en behandeld, aan Atlas ter kennis brengen.

3. De in punten 1 en 2 beschreven verplichtingen gelden eveneens voor elk algemeen gebruikt gestandaardiseerd CCITT-interconnectieprotocol dat de X.75-norm kan wijzigen, vervangen of gelijktijdig daarmee kan bestaan en dat door FT en DT gebruikt wordt.

4. Bedrijven die ingevolge de Atlas-overeenkomsten opgericht zijn, mogen via door intellectuele eigendomsrechten beschouwde "interfaces" toegang krijgen tot de Franse en de Duitse openbare pakketgeschakelde datanetwerken, ook voor het leveren van datacommunicatiediensten, met dien verstande dat de aan Atlas langs dergelijke "interfaces" verleende toegang economisch gelijkwaardig moet zijn aan de door derden tot deze netwerken verkregen toegang.

5. Inbreuken op de in de punten 1 tot en met 4 vervatte eisen worden, tenzij zulks aanmerkelijke gevolgen voor de markt heeft, niet als inbreuk op de hierbij opgelegde voorwaarde aangemerkt.

d) Interconnectie met de overige netwerken en faciliteiten van DT en FT

1. DT en FT moeten aan elke derde die telecommunicatiefaciliteiten exploiteert, hierna: "telecommunicatie-exploitanten" genoemd, en die om interconnectie van een dergelijke faciliteit of van systeemfaciliteiten met de netwerken van DT of van FT, verzoekt, deze interconnectie toestaan op voorwaarden die vergeleken met die welke jegens Atlas worden gehanteerd, niet discriminerend zijn. Deze voorwaarden moeten de telecommunicatie-exploitant in staat stellen zonder enigerlei beperking telecommunicatiediensten of zijn telecommunicatiefaciliteiten aan te bieden, binnen de mogelijkheden waarover de betrokken telecommunicatie-exploitant redelijkerwijs beschikt.

2. Inbreuken op de in punt 1 vervatte eisen worden, tenzij zulks aanmerkelijke gevolgen voor de markt heeft, niet als inbreuk op de hierbij opgelegde voorwaarde aangemerkt.

e) Kruissubsidiëring

1. Alle bedrijven die ingevolge de Atlas-overeenkomsten opgericht worden, worden opgericht als afzonderlijke, van DT en FT gescheiden bedrijven.

2. Atlas SA, T-Data en Transpac France moeten voor eigen rekening zelf vreemd vermogen aantrekken, met dien verstande dat FT en DT:

i) kapitaal mogen inbrengen in of leningen op commercieel gebruikelijke voorwaarden mogen verstrekken aan Atlas SA, T-Data en Transpac France om deze bedrijven in staat te stellen hun bedrijfsactiviteiten te verrichten;

ii) hun belangen in deze bedrijven in onderpand mogen geven in verband met non-regresfinanciering voor de betrokken bedrijven,

iii) garanties voor de schulden van de betrokken bedrijven mogen geven; FT en DT mogen echter alleen betalingen op grond van dergelijke garanties verrichten, nadat het(de) betrokken bedrijf(bedrijven) met betrekking tot de schulden in gebreke is(zijn) gebleven.

3. Geen van de bedrijven die ingevolge de Atlas-overeenkomst worden opgericht, noch T-Data, noch Transpac France mogen rechtstreeks of onrechtstreeks enig deel van hun exploitatiekosten, overige kosten, afschrijvingen en andere bedrijfsuitgaven aan enig bedrijfsonderdeel van DT of FT toerekenen (waaronder, zonder beperkingen, een evenredig aandeel in de kosten van feitelijk verrichte werkzaamheden die aan gezamenlijke werknemers of aan verkoop en marketing van Atlas-produkten en diensten door werknemers van DT en FT kunnen worden toegerekend). Deze ondernemingen zullen produkten en diensten die door hen aan DT en FT geleverd zijn, aan DT en FT mogen factureren op basis van:

i) dezelfde prijzen als die welke aan derden in rekening worden gebracht, indien de produkten of diensten in commerciële hoeveelheden aan derden worden verkocht, dan wel

ii) integrale-kostprijsberekening of enige andere prijsstellingsmethode op objectieve, zakelijke grondslag, indien de produkten of diensten niet in commerciële hoeveelheden aan derden worden verkocht.

4. Inbreuken op de in de punten 1, 2 en 3 vervatte eisen worden, tenzij zulks aanmerkelijke gevolgen voor de markt heeft, niet als inbreuk op de hierbij opgelegde voorwaarde aangemerkt.

f) Bundeling

1. DT en FT moeten hun diensten verkopen op grond van contracten die gescheiden zijn van die voor de verkoop van Atlas-diensten, welke zij als distributeurs van Atlas in, respectievelijk, Duitsland en Frankrijk sluiten. In elk afzonderlijk contract moeten de voorwaarden voor elke op grond daarvan verkochte afzonderlijke dienst worden vermeld, met name eventuele volume- of andere kortingen op een bepaalde dienst, al naar gelang het geval.

2. Inbreuken op de in punt 1 vervatte eisen worden, tenzij zulks aanmerkelijke gevolgen voor de markt heeft, niet als inbreuk op de hierbij opgelegde voorwaarde aangemerkt.

g) Boekhouding

1. T-Data, Transpac France (en al hun dochterondernemingen), alsmede alle bedrijven die ingevolge de Atlas-overeenkomsten worden opgericht en in de EER werkzaam zijn, moeten voor elke dienst die zij in een land aanbieden, een gescheiden boekhouding voeren, waarbij van de internationale normen voor de verslaglegging gebruik wordt gemaakt. DT en FT (en al hun dochterondernemingen) moeten voor alle diensten die zij verstrekken aan bedrijven die ingevolge de Atlas-overeenkomsten worden opgericht en in de EER werkzaam zijn, een gescheiden boekhouding voeren.

2. Binnen één jaar na de in artikel 1 bepaalde datum moeten DT en FT een boekhoudkundig systeem invoeren, dat voldoende gedetailleerde gegevens verschaft over de diensten waarop punt 1 betrekking heeft. Deze boekhouding moet gegevens verschaffen over:

i) de gehanteerde kostenstandaard;

ii) de voor de verwerking van de kosten toegepaste grondslagen en gebruiken van de verslaglegging;

iii) de volledige verbijzondering en toerekening van uitgaven of kosten, inkomsten, activa en passiva, die door de betrokken bedrijven en hun moederondernemingen gedeeld worden;

iv) de voor de toerekening gekozen methode.

3. Uit deze boekhouding moeten alle diensten die DT en FT aan ingevolge de Atlas-overeenkomsten opgerichte bedrijven verstrekken, alsmede de betalingen en overdrachten van en naar DT en FT blijken.

4. De ingevolge de Atlas-overeenkomst opgerichte bedrijven, T-Data en Transpac France mogen rechtstreeks noch onrechtstreeks van DT of van FT materiële subsidies ontvangen, of enige investering of betaling van DT of van FT die niet in de boeken van de betrokken bedrijven als verstrekking van vreemd of eigen vermogen wordt verantwoord.

Artikel 5

Aan bij deze beschikking verleende ontheffingen zijn de volgende verplichtingen verbonden:

a) Accountantscontroles

1. Bij Atlas SA en bij al haar geconsolideerde dochterondernemingen, bij Transpac France en bij T-Data wordt elk jaar een accountantscontrole uitgevoerd door een onafhankelijke, externe accountant; deze accountantscontrole moet boekhoudkundig bevestigen dat:

i) alle transacties tussen deze bedrijven enerzijds en FT en DT anderzijds op objectieve, zakelijke grondslag zijn verricht;

ii) deze bedrijven de procedures voor de verslaglegging in acht hebben genomen;

iii) de berekende cijfers accuraat zijn.

2. Het eerste controleverslag en de eerste accountantsverklaring betreffende naleving van punt 1, die betrekking hebben op de periode van twaalf maanden die aanvangt op de dag waarop deze beschikking van toepassing wordt, worden binnen 15 maanden na die datum aan de Commissie overgelegd.

b) Overige verplichtingen

DT, FT, T-Data, Transpac France en alle ingevolge de Atlas-overeenkomsten opgerichte bedrijven moeten elk, met het oog op het verifiëren en garanderen van de naleving van de in artikel 4 vervatte voorwaarden:

1. alle gedetailleerde bescheiden en documenten die noodzakelijk zijn om de volledige naleving van de in artikel 4 vervatte voorwaarden aan te tonen, ter inzage voor de Commissie beschikbaar houden en deze in de gelegenheid stellen de juistheid van de in deel a), punt 2, bedoelde accountantsverklaring te verifiëren;

2. de Commissie met inachtneming van een redelijke termijn, tijdens kantooruren en zonder dat de Commissie zich op de haar door Verordening nr. 17 verleende verificatiebevoegdheden behoeft te beroepen, toegang tot hun bedrijfsruimten verschaffen, teneinde de in deel a) bedoelde bescheiden en documenten in te zien en een mondelinge toelichting daarop te krijgen;

3. de Commissie:

i) alle voor het vaststellen daarvan noodzakelijke bescheiden en documenten die in het bezit of in de macht van de genoemde ondernemingen zijn, verstrekken,

ii) met ingang van één jaar na de aanvangsdatum van de ontheffing overeenkomstig artikel 1 elk halfjaar de niet gecontroleerde boekhoudgegevens als bedoeld in de punten 1 en 2 verstrekken,

iii) een mondelinge of schriftelijke toelichting daarop geven.

Artikel 6

Deze beschikking is gericht tot:

Deutsche Telekom AG,

Friedrich-Ebert-Allee 140,

D-53105 Bonn;

France Télécom,

Place d'Alleray,

F-75505 Paris.

Gedaan te Brussel, 17 juli 1996.

Voor de Commissie

Karel VAN MIERT

Lid van de Commissie

(1) PB nr. 13 van 21. 2. 1962, blz. 204/62.

(2) PB nr. C 337 van 15. 12. 1995, blz. 2.

(3) PB nr. C 175 van 26. 6. 1993, blz. 11.

(4) PB nr. C 184 van 17. 7. 1995, blz. 11.

(5) Zie bladzijde 57 van dit Publikatieblad.

(6) De partijen hebben medegedeeld dat "T-Data" de nieuwe naam is van het voormalige "Datex-P", de divisie van DT voor het aanbieden van X.25-pakketgeschakelde datacommunicatiediensten, die is opgericht na de bekendmaking van de Commissie overeenkomstig artikel 19, lid 3, van Verordening nr. 17 van de Raad en artikel 3 van Protocol 21 van de EER-Overeenkomst in de onderhavige zaak in PB nr. C 337 van 15. 12. 1995, blz. 2 (hierna de "bekendmaking overeenkomstig artikel 19, lid 3" genoemd).

(7) Zie Beschikking 94/579/EG van de Commissie in zaak IV/34.857 - BT-MCI (PB nr. L 223 van 27. 8. 1994, blz. 36).

(8) Gedefinieerd in artikel 1, zevende streepje, van Richtlijn 90/388/EEG van de Commissie van 28 juni 1990 betreffende de mededinging op de markten voor telecommunicatiediensten (PB nr. L 192 van 24. 7. 1990, blz. 10), laatstelijk gewijzigd bij Richtlijn 96/19/EG (PB nr. L 74 van 22. 3. 1996, blz. 13), hierna "Telecommunicatiediensten-richtlijn" genoemd.

(9) Richtsnoeren van de Commissie voor de toepassing van de EG-mededingingsregels in de telecommunicatiesector punt 27 (PB nr. C 233 van 6. 9. 1991, blz. 2).

(10) In artikel 1, lid 1, negende streepje, van de in voetnoot 8 vermelde richtlijn gedefinieerd als "pakket- en circuitgeschakelde diensten".

(11) Zie de beschikking in zaak nr. IV/35.617 - Phoenix, overweging 27.

(12) Zie voetnoot 7.

(13) Aanmelding van een gemeenschappelijke onderneming (Zaak nr. IV/35.337 - Atlas), (PB nr. C 377 van 31. 12. 1994, blz. 9), en bekendmaking overeenkomstig artikel 19, lid 3 (zie voetnoot 6 en overweging 32 e.v.).

(14) Zie Beschikking 94/895/EG van de Commissie in zaak nr. IV/34.768 - International Private Satellite Partners (PB nr. L 354 van 31. 12. 1994, blz. 75).

(15) Aanmelding van een gemeenschappelijke onderneming (zaak nr. IV/35.830 - Unisource/Telefónica) (PB nr. C 94 van 30. 3. 1996, blz. 5).

(16) Aanmelding van een gemeenschappelijke onderneming (zaak nr. IV/35.738 - Uniworld), (PB nr. C 276 van 21. 10. 1995, blz. 9).

(17) Het oorspronkelijke voornemen tot instelling van een "Strategic Board of Atlas SA", die in punt 20, onder b), van de bekendmaking overeenkomstig artikel 19, lid 3, (zie voetnoot 6) beschreven wordt, is uit de definitieve Atlas-overeenkomsten geschrapt.

(18) PB nr. L 395 van 30. 12. 1989, blz. 1. Verordening gerectificeerd in PB nr. L 257 van 21. 9. 1990, blz. 13, en gewijzigd bij de Akte van Toetreding van Oostenrijk, Finland en Zweden.

(19) "Concessiediensten" zijn diensten die worden verricht op grond van bijzondere of uitsluitende rechten die de Lid-Staten van de Gemeenschap aan de TO's in hun landen hebben verleend.

(20) Richtlijn 90/387/EEG van de Raad van 28. juni 1990 betreffende de totstandbrenging van de interne markt voor telecommunicatiediensten door middel van de tenuitvoerlegging van Open Network Provision (PB nr. L 192 van 24. 7. 1990, blz. 1).

(21) Zie voetnoot 2.

(22) Zie Beschikking 94/579/EG (BI-MCI), overweging 41 (voetnoot 7).

(23) Zie Beschikking 93/49/EG van de Commissie - Ford/Volkswagen, overwegingen 18 tot en met 22 (PB nr. L 20 van 28. 1. 1993, blz. 1); Beschikking 94/322/EG van de Commissie - Exxon/Shell, overwegingen 42 e.v. (PB nr. L 114 van 9. 6. 1994, blz. 20); Beschikking 94/896/EG van de Commissie - Asahi/Saint Gobain, overwegingen 16 tot en met 22 (PB nr. L 354 van 31. 12. 1994, blz. 87).

(24) Zie voetnoot 9 (overweging 39 van de richtsnoeren).

(25) Zie de bekendmaking in PB nr. C 276 van 21. 10. 1995, blz. 9.

(26) Richtlijn 96/19/EG van de Commissie van 13 maart 1996 tot wijziging van Richtlijn 90/388/EEG met betrekking tot de invoering van volledige mededinging op de markten voor telecommunicatie (PB nr. L 74 van 22. 3. 1996, blz. 13).

(27) Naast Concert van BT-MCI (zie voetnoot 7) heeft de Commissie als regelgevende instantie toestemming gegeven in zaak nr. IV/M.595 - BT/VIAG (PB nr. C 15 van 20. 1. 1996, blz. 4), in zaak nr. IV/M.618 - Cable & Wireless/VEBA (PB nr. C 23 van 5. 9. 1995, blz. 3), en in zaak nr. IV/M.689 - ADSB/Belgacom (beschikking van 29 februari 1996 (PB nr. C 194 van 5. 7. 1996, blz. 4)).

(28) Belangrijk digitaal protocol/signaleringssysteem voor het beheren en verzenden van controle- en routeringsinformatie in netwerken.

(29) In eerdere zaken met een vergelijkbare marktstructuur en problematiek heeft de Commissie een zelfde besluit genomen, bij voorbeeld Beschikking 93/403/EEG - ERU/Eurovisie, overweging 82 (PB nr. L 179 van 22. 7. 1993, blz. 23); Beschikking 94/594/EG - ACI, overweging 66 (PB nr. L 224 van 30. 8. 1994, blz. 28), en Beschikking 94/663/EG - Night Services, overwegingen 80 en 82, (PB nr. L 259 van 7. 10. 1994, blz. 20).

(30) Artikelen 7 en 10 van Richtlijn 92/44/EEG van de Raad van 5 juni 1992 betreffende de toepassing van Open Network Provision (ONP) op huurlijnen (PB nr. L 165 van 19. 6. 1992, blz. 27).

(31) Zie de artikelen 6 en 7 van het gewijzigd voorstel voor een richtlijn van het Europees Parlement en de Raad inzake interconnectie op telecommunicatiegebied, wat de waarborging van de universele dienst en van de interoperabiliteit door toepassing van de beginselen van Open Network Provision (ONP) betreft (PB nr. C 178 van 21. 6. 1996, blz. 3).

(32) Zie de bekendmaking van de Commissie betreffende de samenwerking tussen de Commissie en de nationale rechterlijke instanties voor de toepassing van de artikelen 85 en 86 van het EEG-Verdrag (PB nr. C 39 van 13. 2. 1993, blz. 6).

(33) Zakengeheim.

(34) Zakengeheim.

(35) Zakengeheim.