Verordening (EG) nr. 1573/95 van de Commissie van 30 juni 1995 houdende uitvoeringsbepalingen van Verordening (EEG) nr. 1418/76 van de Raad met betrekking tot de invoerrechten in de rijstsector
Publicatieblad Nr. L 150 van 01/07/1995 blz. 0053 - 0057
VERORDENING (EG) Nr. 1573/95 VAN DE COMMISSIE van 30 juni 1995 houdende uitvoeringsbepalingen van Verordening (EEG) nr. 1418/76 van de Raad met betrekking tot de invoerrechten in de rijstsector DE COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN, Gelet op het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap, Gelet op Verordening (EEG) nr. 1418/76 van de Raad van 21 juni 1976 houdende een gemeenschappelijke ordening van de rijstmarkt (1), laatstelijk gewijzigd bij de Akte van Toetreding van Oostenrijk, Finland en Zweden en bij Verordening (EG) nr. 3290/94 (2), en met name op artikel 12, leden 2 en 4, Overwegende dat in artikel 12, lid 2, onder b), derde alinea, van Verordening (EEG) nr. 1418/76 is aangegeven welke methode wordt toegepast voor de berekening van het percentage waarmee de interventieaankoopprijs op de dag van invoer wordt verhoogd ten behoeve van de berekening van de invoerrechten voor volwitte rijst; dat in deze methode rekening wordt gehouden met de omrekeningspercentages, de bewerkingskosten, de waarde van de bijprodukten en het bedrag ter bescherming van de industrie; dat moet worden bepaald dat de dag van invoer de dag is waarop de douaneautoriteiten de aangifte hebben aanvaard, als bepaald in artikel 67 van Verordening (EEG) nr. 2913/92 van de Raad van 12 oktober 1992 tot vaststelling van het communautair douanewetboek (3), laatstelijk gewijzigd bij de Akte van Toetreding van Oostenrijk, Finland en Zweden en bij Verordening (EG) nr. 3254/94 (4); Overwegende dat in artikel 12 van Verordening (EEG) nr. 1418/76 is bepaald dat bij invoer van de in artikel 1 van die verordening bedoelde produkten de rechten van het gemeenschappelijk douanetarief worden geheven; dat voor de in lid 2 van dat artikel bedoelde produkten het invoerrecht echter gelijk is aan de interventieaankoopprijs voor die produkten op het moment van de invoer, verhoogd met een bepaald percentage naar gelang het om gedopte of volwitte rijst en om indica- of japonica-rijst gaat, en verminderd met de invoerprijs, voor zover dit recht niet hoger is dan dat van het gemeenschappelijk douanetarief; Overwegende dat het in de sector rijst bijzonder moeilijk is de waarde van de ingevoerde produkten te verifiëren; dat daarom een regeling op basis van forfaitaire waarden de meest geschikte is om de bepalingen in het kader van de Uruguay-Ronde uit te voeren; Overwegende dat de in artikel 12, lid 2, van Verordening (EEG) nr. 1418/76 bedoelde produkten in verschillende kwaliteiten moeten worden onderverdeeld met het oog op de indeling van de ingevoerde partijen; dat derhalve de met deze kwaliteiten overeenkomende codes van de gecombineerde nomenclatuur dienen te worden gepreciseerd; Overwegende dat, voor de berekening van het invoerrecht op basis van de forfaitaire invoerwaarde, moet worden bepaald dat representatieve caf-invoerprijzen worden vastgesteld voor elk van de gedefinieerde kwaliteiten; dat ten behoeve van de vaststelling van die prijzen de prijsnoteringen voor de verschillende rijstkwaliteiten moeten worden gespecifieerd; dat het derhalve wenselijk is deze noteringen te omschrijven; Overwegende dat, in het kader van het streven naar duidelijkheid en doorzichtigheid, de notering voor de verschillende rijsttypen in de publikaties van het Departement van Landbouw van de Verenigde Staten van Amerika kan worden beschouwd als een objectieve grondslag voor de bepaling van de representatieve caf-invoerprijzen voor onverpakte rijst; dat de representatieve marktprijzen in de Verenigde Staten, Thailand of andere landen van oorsprong in representatieve caf-invoerprijzen kunnen worden omgerekend door optelling van de op de vervoersmarkt geldende vrachttarieven voor het vervoer over zee tussen de havens van oorsprong en een haven in de Gemeenschap; dat, als gevolg van de omvang van vrachtverkeer en handel in de havens van Noord-Europa, deze havens de bestemming in de Gemeenschap zijn waarvoor de vrachtprijzen voor vervoer over zee het meest algemeen bekend, het meest doorzichtig en het gemakkelijkst te achterhalen zijn; dat derhalve de voor de Gemeenschap in aanmerking te nemen havens van bestemming die van Noord-Europa zijn (ARAG); Overwegende dat het, om de ontwikkeling van de aldus bepaalde representatieve caf-invoerprijzen te bewaken, dienstig is te voorzien in een wekelijkse controle op de elementen die bij de berekening ervan worden gebruikt; Overwegende dat, met het oog op de vaststelling van het invoerrecht voor de in artikel 12, lid 2, van Verordening (EEG) nr. 1418/76 bedoelde rijst, een periode van twee weken waarin de representatieve caf-invoerprijzen voor onverpakte rijst worden geconstateerd, recht doet aan de markttendensen zonder dat elementen van onzekerheid worden geïntroduceerd; dat de invoerrechten voor dit produkt op deze grondslag, met inachtneming van het gemiddelde van de representatieve caf-invoerprijzen dat in de genoemde periode is geconstateerd, om de andere week op woensdag dienen te worden vastgesteld; Overwegende dat het aldus berekende invoerrecht gedurende twee weken kan worden toegepast zonder de invoerprijs, inclusief recht, in belangrijke mate te beïnvloeden; dat evenwel, wanneer gedurende de periode waarin de representatieve caf-invoerprijzen worden berekend, voor een bepaald produkt geen enkele notering beschikbaar is of wanneer deze representatieve caf-invoerprijzen in die periode zeer aanzienlijke schommelingen ondergaan als gevolg van plotselinge veranderingen van de elementen die een rol spelen in de berekening ervan, maatregelen moeten worden genomen om de representativiteit van de caf-invoerprijzen voor het betrokken produkt in stand te houden; Overwegende dat de marktprijs voor Basmati-rijst van oorsprong uit India en Pakistan normaliter boven de vastgestelde representatieve prijs ligt; dat het verschil in 1993/1994 250 ecu per ton bedroeg voor Basmati-rijst van oorsprong uit India en 50 ecu per ton voor Basmati-rijst van oorsprong uit Pakistan; dat het invoerrecht voor deze rijstsoorten bijgevolg met die bedragen moet worden verlaagd om aan artikel 12 van Verordening (EEG) nr. 1418/76 te voldoen en om de internationale verbintenissen van de Gemeenschap na te komen; dat deze regeling geldt onverminderd die welke is vastgesteld bij Verordening (EEG) nr. 3877/86 van de Raad (1), laatstelijk gewijzigd bij Verordening (EEG) nr. 3130/91 (2); Overwegende dat het, ingeval noteringen ontbreken, dienstig is het voor de voorgaande periode vastgestelde recht te blijven toepassen en dat in geval van sterke schommelingen van de notering, van de vrachtkosten voor het vervoer over zee of van de wisselkoers die wordt gebruikt om de representatieve caf-invoerprijs voor het betrokken produkt te berekenen, deze prijs weer representatief dient te worden gemaakt door middel van een aanpassing die, om rekening te houden met de veranderingen, overeenkomt met het verschil dat ten opzichte van de geldende vaststelling is geconstateerd; dat zelfs in geval van een dergelijke aanpassing het tijdschema voor de volgende vaststelling onveranderd moet blijven; Overwegende dat, in verband met de internationale verbintenissen van de Gemeenschap, deze verordening moet gelden vanaf 1 juli 1995; Overwegende dat het Comité van beheer voor granen geen advies heeft uitgebracht binnen de door zijn voorzitter vastgestelde termijn, HEEFT DE VOLGENDE VERORDENING VASTGESTELD: Artikel 1 De in artikel 12, leden 1 en 2, van Verordening (EEG) nr. 1418/76 bedoelde invoerrechten zijn die welke gelden op de in artikel 67 van Verordening (EEG) nr. 2913/92 bedoelde dag. Artikel 2 Het invoerrecht voor volwitte rijst van GN-code 1006 30 is gelijk aan de interventieaankoopprijs die op het moment van de invoer geldt, verhoogd met: - 163 % voor indica-rijst, - 167 % voor japonica-rijst, en verminderd met de invoerprijs. Dit recht mag echter niet hoger zijn dan de rechten van het gemeenschappelijk douanetarief. Artikel 3 1. Voor de toepassing van deze verordening wordt als indica-rijst beschouwd rijst van de GN-codes 1006 20 17, 1006 30 27, 1006 20 98, 1006 30 48, 1006 30 67, 1006 30 98. 2. Alle andere produkten van de GN-codes 1006 20 en 1006 30 worden als japonica-rijst beschouwd. Artikel 4 1. De invoerrechten voor de in artikel 3 bedoelde produkten worden wekelijks berekend, maar worden om de andere week op woensdag door de Commissie overeenkomstig artikel 5 vastgesteld voor toepassing vanaf de volgende dag. Indien bij de constatering in de week die op deze vaststelling volgt, het berekende invoerrecht evenwel 10 ecu/ton hoger of lager is dan het geldende recht, voert de Commissie een overeenkomstige aanpassing uit. Wanneer de woensdag waarvoor een vaststelling van de invoerrechten is gepland, voor de Commissie geen werkdag is, vindt de vaststelling op de eerstvolgende werkdag plaats. Tussen twee periodieke vaststellingen wordt het invoerrecht in voorkomend geval verhoogd of verlaagd met het verschil tussen de interventieaankoopprijs in de maand van de vaststelling en die in de maand van de invoer, beide verhoogd met: - 80 % voor gedopte indica-rijst, - 163 % voor volwitte indica-rijst, - 88 % voor gedopte japonica-rijst, - 167 % voor volwitte japonica-rijst. 2. De voor de berekening van het invoerrecht in aanmerking te nemen wereldmarktprijs is het gemiddelde van de in de twee voorafgaande weken overeenkomstig artikel 5 bepaalde wekelijkse representatieve invoerprijzen in het stadium caf onverpakt. 3. De overeenkomstig deze verordening vastgestelde invoerrechten zijn van toepassing totdat een nieuwe vaststelling in werking treedt. Wanneer voor een bepaald produkt geen enkele notering uit de in artikel 5 bedoelde referentiebron beschikbaar is voor de twee weken die aan de volgende periodieke vaststelling voorafgaan, blijft het eerder vastgestelde invoerrecht evenwel van kracht. Bij elke vaststelling of aanpassing maakt de Commissie de invoerrechten en de voor de berekning daarvan in aanmerking genomen elementen bekend in het Publikatieblad van de Europese Gemeenschappen. 4. Voor Basmati-rijst van de GN-codes ex 1006 20 17 en ex 1006 20 98 kan het invoerrecht worden verlaagd met 250 ecu/ton voor rijst van oorsprong uit India en met 50 ecu/ton voor rijst van oorsprong uit Pakistan. Deze verlaging wordt toegepast indien bij het in het vrije verkeer brengen van het produkt een invoercertificaat wordt overgelegd dat slechts wordt afgegeven mits een zekerheid is gesteld en een echtheidscertificaat betreffende het produkt wordt overgelegd. In afwijking van artikel 10, onder a), van Verordening (EG) nr. 1162/95 van de Commissie (1) bedraagt de te stellen zekerheid 275 ecu/ton voor Basmati-rijst van oorsprong uit India en 75 ecu/ton voor Basmati-rijst van oorsprong uit Pakistan. Het echtheidscertificaat wordt opgesteld op een formulier volgens het in bijlage II opgenomen model. Het wordt afgegeven overeenkomstig de desbetreffende regeling als vervat in Verordening (EEG) nr. 81/92 van de Commissie (2). De in de eerste alinea vermelde bedragen kunnen op grond van de marktontwikkeling worden herzien. Artikel 5 1. Voor de bepaling van de in artikel 12, lid 4, van Verordening (EEG) nr. 1418/76 bedoelde invoerprijzen voor rijst worden de volgende elementen in aanmerking genomen voor de verschilende typen onverpakte rijst als bedoeld in artikel 3: a) de caf-prijs in Rotterdam; b) de representatieve prijs op de Thaise markt; c) de representatieve prijs op de markt van de Verenigde Staten; d) de representatieve prijs op andere markten; e) de gemiddelde kosten van het vervoer over zee van de haven van oorsprong naar de havens van Antwerpen, Rotterdam, Amsterdam en Gent. De invoerprijs is normaliter de onder a) vermelde prijs, maar bij ontstentenis van deze prijs wordt de invoerprijs bepaald aan de hand van de onder b), c) en e) genoemde elementen; de onder d) genoemde prijzen worden slechts gebruikt als de onder a), b) en c) genoemde prijzen ontbreken. Indien er geen noteringen zijn voor de kosten van het vervoer over zee van rijst, worden de noteringen voor granen gebruikt. 2. Deze elementen worden wekelijks geconstateerd en geverifieerd aan de hand van de in de bijlage van deze verordening vermelde referentiekwaliteiten. De vrachttarieven voor vervoer over zee worden geconstateerd op basis van de algemeen verkrijgbare informatie. Indien de geconstateerde prijs een C & F-prijs is, wordt deze met 0,75 % verhoogd. Artikel 6 De invoercertificaten die vóór 1 juli 1995 zijn afgegeven en op of na deze datum worden gebruikt, vallen onder het bepaalde in deze verordening. Artikel 7 De Verordeningen (EEG) nr. 1613/71 (3), (EEG) nr. 1881/77 (4) en (EEG) nr. 2327/88 (5) van de Commissie worden ingetrokken. Artikel 8 Deze verordening treedt in werking op de dag van haar bekendmaking in het Publikatieblad van de Europese Gemeenschappen. Zij is van toepassing van 1 juli 1995 tot en met 31 augustus 1996. Deze verordening is verbindend in al haar onderdelen en is rechtstreeks toepasselijk in elke Lid-Staat. Gedaan te Brussel, 30 juni 1995. Voor de Commissie Franz FISCHLER Lid van de Commissie BIJLAGE I >RUIMTE VOOR DE TABEL> BIJLAGE II MODEL B >BEGIN VAN DE GRAFIEK> 1 Exporter (Name and full address) 2 Consignee (Name and full address) CERTIFICATE OF AUTHENTICITY B BASMATI RICE for export to the European Community No ORIGINAL issued by (Name and full address of issuing body) 3 Region or place of cultivation 4 FOB value in US dollars 5 Number and date of invoice 6 Marks and numbers - Number and kind of packages - Description of goods 7 Gross weight (kg) 8 Net weight (kg) 9 DECLARATION BY EXPORTER The undersigned declares that the information shown above is correct. Place and date: Signature: 10 CERTIFICATION BY THE ISSUING BODY It is hereby certified that the rice described above is BASMATI RICE and that the information shown in this certificate is correct. Place and date: Signature: Stamp: 11 CERTIFICATION BY COMPETENT CUSTOMS OFFICE OF COUNTRY OF EXPORT Customs formalities for export to the European Economic Community of the rice described above have been completed. Type, number and date of export document: Name and country of customs office: Signature: Stamp: 12 FOR COMPETENT AUTHORITIES IN THE COMMUNITY >EIND VAN DE GRAFIEK>