VERORDENING (EEG) Nr. 1860/93 VAN DE COMMISSIE van 12 juli 1993 betreffende overgangsmaatregelen voor het verkoopseizoen 1993/1994 inzake de toekenning van compensatiebedragen voor niet-vezelvlas
Publicatieblad Nr. L 170 van 13/07/1993 blz. 0012 - 0013
VERORDENING (EEG) Nr. 1860/93 VAN DE COMMISSIE van 12 juli 1993 betreffende overgangsmaatregelen voor het verkoopseizoen 1993/1994 inzake de toekenning van compensatiebedragen voor niet-vezelvlas DE COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN, Gelet op het Verdrag tot oprichting van de Europese Economische Gemeenschap, Gelet op Verordening (EEG) nr. 1765/92 van de Raad van 30 juni 1992 tot instelling van een steunregeling voor producenten van bepaalde akkerbouwgewassen (1), laatstelijk gewijzigd bij Verordening (EEG) nr. 1552/93 (2), en met name op de artikelen 16 en 17 bis, Overwegende dat het, gezien de datum waarop niet-vezelvlas vanaf het verkoopseizoen 1993/1994 wordt opgenomen in de steunregeling die bij Verordening (EEG) nr. 1765/92 is vastgesteld ter vervanging van de regeling van Verordening (EEG) nr. 569/76 van de Raad (3), laatstelijk gewijzigd bij Verordening (EEG) nr. 2048/92 (4), dienstig is de producenten van bepaalde verplichtingen op grond van Verordening (EEG) nr. 1765/92 te ontslaan en het bij Verordening (EEG) nr. 3508/92 van de Raad (5) ingestelde geïntegreerd beheers- en controlesysteem niet op hen toe te passen; Overwegende dat voor het in aanmerking komen voor het in artikel 6 bis, lid 2, van Verordening (EEG) nr. 1765/92 bedoelde compensatiebedrag en met het oog op een vlottere overgang van de oude regeling naar de regeling die op 1 juli 1993 ingaat, rekening dient te worden gehouden met de rechtmatige verwachtingen van de producenten die in 1993 vlaszaad hebben ingezaaid, ongeacht de vroegere bestemming van de ingezaaide grond; Overwegende dat dient te worden bepaald dat de producerende Lid-Staten de nodige controlemaatregelen moeten nemen om de goede werking van de steunregeling te garanderen; dat dit doel kan worden bereikt door vast te stellen dat de bepalingen inzake het indienen van aangiften van de ingezaaide oppervlakten en de controle daarop, vastgesteld bij Verordening (EEG) nr. 1799/76 van de Commissie van 22 juli 1976 houdende uitvoeringsbepalingen met betrekking tot de bijzondere maatregelen voor lijnzaad (6), laatstelijk gewijzigd bij Verordening (EEG) nr. 3530/92 (7), blijven gelden; Overwegende dat moet worden bepaald dat de Commissie nagaat of het door de Raad bepaalde gegarandeerd maximumareaal niet wordt overschreden, en vaststelt in welke mate het compensatiebedrag moet worden verminderd; dat voor een correcte toepassing van de steunregeling dient te worden bepaald welke gegevens de Lid-Staten aan de Commissie moeten meedelen; Overwegende dat de in deze verordening vervatte maatregelen in overeenstemming zijn met het advies van het Comité van beheer voor oliën en vetten, HEEFT DE VOLGENDE VERORDENING VASTGESTELD: Artikel 1 Het in artikel 6 bis van Verordening (EEG) nr. 1765/92 aangegeven compensatiebedrag wordt voor niet-vezelvlas voor het verkoopseizoen 1993/1994 toegekend onder de in volgende artikelen aangegeven voorwaarden. Artikel 2 In deze verordening wordt verstaan onder: a) "compensatiebedrag": een bedrag dat aan de producent wordt overgedragen door de bevoegde instantie van de Lid-Staat waar de voor de regeling in aanmerking komende oppervlakten liggen; b) "produktieregio": een regio in de zin van artikel 3, lid 1, van Verordening (EEG) nr. 1765/92. Artikel 3 Voor de toekenning van de compensatiebedragen voor niet-vezelvlas voor het verkoopseizoen 1993/1994 - worden de bij Verordening (EEG) nr. 845/93 van de Commissie (8) vastgestelde basisarealen niet gewijzigd, - wordt voor de bepaling van de eventuele overschrijding van deze basisarealen geen rekening gehouden met het areaal niet-vezelvlas waarvoor het in artikel 6 bis van Verordening (EEG) nr. 1765/92 bedoelde compensatiebedrag wordt betaald, - zijn artikel 2, lid 5, de artikelen 7 en 8, en artikel 10, lid 2, van Verordening (EEG) nr. 1765/92 en - de bepalingen inzake het bij Verordening (EEG) nr. 3508/92 ingestelde geïntegreerd beheers- en controlesysteem voor bepaalde communautaire steunregelingen niet van toepassing. Artikel 4 Voor het verkoopseizoen 1993/1994 komt, in afwijking van artikel 9 van Verordening (EEG) nr. 1765/92, het in 1993 met niet-vezelvlas ingezaaide areaal in aanmerking voor het in artikel 6 bis, lid 2, van die verordening bedoelde compensatiebedrag, met uitzondering van oppervlakten die worden gebruikt voor braaklegging en die zijn ingezaaid overeenkomstig Verordening (EEG) nr. 334/93 van de Commissie (9). Artikel 5 Als de oppervlakten waarvoor een producent op een compensatiebedrag aanspraak kan maken, in verschillende produktieregio's liggen, wordt het te betalen bedrag bepaald op basis van de ligging van de percelen waarop de aanvraag betrekking heeft. Artikel 6 1. De bepalingen van artikel 3 van Verordening (EEG) nr. 1774/76 van de Raad (10) en van de artikelen 1, 8, 8 bis, 8 ter, 12 bis en 15 van Verordening (EEG) nr. 1799/76 zijn van toepassing wat de ingezaaide oppervlakten betreft. De overeenkomstig artikel 8 van Verordening (EEG) nr. 1799/76 ingediende aangifte van de ingezaaide oppervlakten geldt als steunaanvraag. 2. Om voor het compensatiebedrag in aanmerking te komen moeten de oppervlakten volledig zijn ingezaaid overeenkomstig de plaatselijke normen en ten minste tot bij het begin van de bloeitijd in normale groei-omstandigheden worden onderhouden. Voorts moeten zij ten minste tot en met 31 juli 1993 worden onderhouden, tenzij het gewas vóór die datum volledig rijp wordt geoogst. Artikel 7 Als de Commissie constateert dat het niet-vezelvlasareaal van de Gemeenschap in 1993 waarvoor overeenkomstig deze verordening compensatiebedragen worden aangevraagd, groter is dan 266 000 hectare, stelt zij uiterlijk op 15 oktober 1993 volgens de procedure van artikel 38 van Verordening nr. 136/66/EEG van de Raad (11) het uit te betalen compensatiebedrag vast, waarbij zij per procent overschrijding van het gegarandeerd maximumareaal het in artikel 6 bis van Verordening (EEG) nr. 1765/92 bedoelde compensatiebedrag met 1 % verlaagt. Artikel 8 Met het oog op de in artikel 7 bedoelde vaststelling delen de Lid-Staten uiterlijk op 15 september 1993 de in 1993 met niet-vezelvlas ingezaaide oppervlakte mee. Artikel 9 De Lid-Staten nemen de voor de toepassing van deze verordening nodige aanvullende maatregelen. Zij stellen de Commissie daarvan uiterlijk op 15 augustus 1993 in kennis. Artikel 10 Deze verordening treedt in werking op de dag van haar bekendmaking in het Publikatieblad van de Europese Gemeenschappen. Zij is van toepassing met ingang van 1 juli 1993. Deze verordening is verbindend in al haar onderdelen en is rechtstreeks toepasselijk in elke Lid-Staat. Gedaan te Brussel, 12 juli 1993. Voor de Commissie René STEICHEN Lid van de Commissie (1) PB nr. L 181 van 1. 7. 1992, blz. 12. (2) PB nr. L 154 van 25. 6. 1993, blz. 19. (3) PB nr. L 67 van 15. 3. 1976, blz. 29. (4) PB nr. L 215 van 30. 7. 1992, blz. 5. (5) PB nr. L 355 van 5. 12. 1992, blz. 1. (6) PB nr. L 201 van 27. 7. 1976, blz. 14. (7) PB nr. L 358 van 8. 12. 1992, blz. 9. (8) PB nr. L 88 van 8. 4. 1993, blz. 27. (9) PB nr. L 38 van 16. 2. 1993, blz. 12. (10) PB nr. L 199 van 24. 7. 1976, blz. 1. (11) PB nr. 172 van 30. 9. 1966, blz. 3025/66.