93/728/GBVB: Besluit van de Raad van 20 december 1993 betreffende het gemeenschappelijk optreden dat door de Raad is vastgesteld op grond van artikel J.3 van het Verdrag betreffende de Europese Unie met betrekking tot de openingsconferentie van het stabiliteitspact
Publicatieblad Nr. L 339 van 31/12/1993 blz. 0001 - 0002
Bijzondere uitgave in het Fins: Hoofdstuk 11 Deel 24 blz. 0203
Bijzondere uitgave in het Zweeds: Hoofdstuk 11 Deel 24 blz. 0203
BESLUIT VAN DE RAAD van 20 december 1993 betreffende het gemeenschappelijk optreden dat door de Raad is vastgesteld op grond van artikel J.3 van het Verdrag betreffende de Europese Unie met betrekking tot de openingsconferentie van het stabiliteitspact (93/728/GBVB) DE RAAD VAN DE EUROPESE UNIE, Gelet op het Verdrag betreffende de Europese Unie, inzonderheid op de artikelen J.3 en J.11, Gelet op de conclusies van de Europese Raad van 21 en 22 juni 1993 over het Pact inzake stabiliteit in Europa en de algemene beleidslijnen van de Europese Raad van 29 oktober 1993, luidens welke een Stabiliteitspact om het minderhedenvraagstuk te regelen en de onschendbaarheid van de grenzen te versterken, een hoofdbestanddeel van het gemeenschappelijk optreden zal vormen, met het oog op de bevordering van de stabiliteit, de versterking van het democratiseringsproces en de ontwikkeling van de regionale samenwerking in Midden- en Oost-Europa, Gelet op de conclusies van de Europese Raad van 10 en 11 december, waarbij de Raad wordt verzocht om van het initiatief met betrekking tot een Pact inzake stabiliteit in Europa een gemeenschappelijk optreden te maken overeenkomstig het Verdrag betreffende de Europese Unie, BESLUIT: Artikel 1 De Europese Unie roept een Openingsconferentie voor een Pact inzake stabiliteit in Europa bijeen, die omstreeks april 1994 te Parijs moet plaatshebben en waarvoor als deelnemers worden uitgenodigd de landen die hoofdzakelijk bij het initiatief betrokken zijn, alsmede de onmiddellijke buurlanden van de hoofdzakelijk betrokken landen, de Staten die een bijzondere bijdrage kunnen leveren aan de afwikkeling van het initiatief, de landen die belang hebben bij stabiliteit in Europa uit hoofde van hun defensieverplichtingen, en de landen die associatieovereenkomsten met de Unie hebben (Albanië, Oostenrijk, Wit-Rusland, Bulgarije, Canada, Cyprus, Estand, de Verenigde Staten, Finland, Hongarije, IJsland, Letland, Litouwen, Malta, Moldavië, Noorwegen, Polen, Tsjechië, Roemenië, Rusland, de Heilige Stoel, Slowakije, Slovenië, Zweden, Zwitserland, Turkije en de Oekraïne), evenals de vertegenwoordigers van de bij het initiatief betrokken internationale organisaties (CVSE, Raad van Europa, WEU, NAVO en Verenigde Naties). Deze landen en organisaties zouden bereid zijn zich aan te sluiten bij de opzet en werkwijze van de Conferentie welke de Unie na het door haar te voeren formele overleg in aanmerking neemt. De andere CVSE-Staten die deze opzet en werkwijze aanvaarden, zouden als waarnemers eveneens worden uitgenodigd. Artikel 2 Tijdens de Openingsconferentie wordt een preventieve diplomatie ontwikkeld die erop gericht is betrekkingen van goede nabuurschap te bevorderen en de landen ertoe aan te zetten om, met name via pasende overeenkomsten, hun grenzen te consolideren en de vraagstukken in verband met nationale minderheden op te lossen. Deze overeenkomsten en de aanvullende regelingen zullen de grondslag vormen voor een Stabiliteitspact dat aan de CVSE, die er de hoedster van zal zijn, wordt overgedragen. Artikel 3 De Openingsconferentie wordt voorafgegaan door een fase van voorbereidend formeel overleg van de Unie met alle bij het initiatief betrokken landen en organisaties. Artikel 4 De praktische regeling voor de conferentie, voor het onderhandelingsproces en voor het Stabiliteitspact is vastgesteld in de door de Europese Raad op 10 en 11 december 1993 goedgekeurde verslagen over het Stabiliteitspact. Artikel 5 De Openingsconferentie wordt in nauwe cooerdinatie met het Voorzitterschap door het gastland georganiseerd. Uit dit besluit vloeien geen beleidsuitgaven voort. Artikel 6 Dit besluit treedt heden in werking. Het heeft betrekking op de eerste fase van het gemeenschappelijk optreden, dat eindigt na de bijeenkomst van de Openingsconferentie. De Raad neemt te zijner tijd de voor de voortzetting van het gemeenschappelijk optreden noodzakelijke maatregelen. Artikel 7 Dit besluit wordt bekendgemaakt in het Publikatieblad. Gedaan te Brussel, 20 december 1993. Voor de Raad De Voorzitter W. CLAES