31991R1158

Verordening (EEG) nr. 1158/91 van de Commissie van 3 mei 1991 inzake de aankoop bij inschrijving van magere-melkpoeder door de interventiebureaus

Publicatieblad Nr. L 112 van 04/05/1991 blz. 0065 - 0067
Bijzondere uitgave in het Fins: Hoofdstuk 3 Deel 37 blz. 0118
Bijzondere uitgave in het Zweeds: Hoofdstuk 3 Deel 37 blz. 0118


VERORDENING (EEG) Nr. 1158/91 VAN DE COMMISSIE van 3 mei 1991 inzake de aankoop bij inschrijving van magere-melkpoeder door de interventiebureaus

DE COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN,

Gelet op het Verdrag tot oprichting van de Europese Economische Gemeenschap,

Gelet op Verordening (EEG) nr. 804/68 van de Raad van 27 juni 1968 houdende een gemeenschappelijke ordening der markten in de sector melk en zuivelprodukten (1), laatstelijk gewijzigd bij Verordening (EEG) nr. 3641/90 (2), en met name op artikel 7 bis, lid 1, eerste alinea, en lid 3,

Overwegende dat bij Verordening (EEG) nr. 777/87 van de Raad van 16 maart 1987 tot wijziging van de interventie-aankoopregeling voor boter en magere-melkpoeder (3), laatstelijk gewijzigd bij Verordening (EEG) nr. 3577/90 (4), de criteria zijn vastgesteld op grond waarvan tot het einde van de achtste periode van twaalf maanden waarin de in artikel 5 quater van Verordening (EEG) nr. 804/68 bedoelde extra heffing van toepassing is, de aankoop van magere-melkpoeder door de interventiebureaus kan worden geschorst; dat in artikel 1, lid 3, onder a), van genoemde verordening is bepaald dat wanneer de interventiemaatregelen in de gehele Gemeenschap of in een deel daarvan worden geschorst, de aankoop in het kader van een permanente inschrijving kan geschieden; dat derhalve nadere bepalingen voor het verloop van de inschrijvingsprocedure dienen te worden vastgesteld;

Overwegende dat bij Verordening (EEG) nr. 1014/68 van de Raad (5), laatstelijk gewijzigd bij Verordening (EEG) nr. 3577/90, en bij Verordening (EEG) nr. 625/78 van de Commissie (6), laatstelijk gewijzigd bij Verordening (EEG) nr. 890/91 (7), de algemene voorschriften en de uitvoeringsbepalingen met betrekking tot de aankoop van magere-melkpoeder door de interventiebureaus zijn vastgesteld; dat het merendeel van deze bepalingen in het kader van deze verordening kan worden overgenomen, en met name die welke betrekking hebben op de kwaliteit van het te koop aangeboden magere-melkpoeder en de verpakking; dat het evenwel raadzaam is om zekere bepalingen ervan aan te passen aan de inschrijvingsprocedure voor aankoop; dat het, om deze reden, aangewezen is de bepalingen aan te passen betreffende de ouderdom van het magere-melkpoeder dat kan worden aangeboden;

Overwegende dat de in deze verordening vervatte maatregelen in overeenstemming zijn met het advies van het Comité van beheer voor melk en zuivelprodukten,

HEEFT DE VOLGENDE VERORDENING VASTGESTELD:

Artikel 1

Wanneer wordt besloten de in artikel 1, lid 3, onder a), van Verordening (EEG) nr. 777/87 bedoelde permanente inschrijving te houden, wordt uiterlijk zes dagen vóór het verstrijken van de eerste termijn voor het indienen van de offertes, als bijlage bij de verordening tot opening van de permanente inschrijving, in het Publikatieblad van de Europese Gemeenschappen een bericht van inschrijving bekendgemaakt.

De aankoop kan slechts betrekking hebben op magere-melkpoeder dat aan de in artikel 1, lid 1, onder a), b), c) en e), van Verordening (EEG) nr. 625/78 vermelde eisen beantwoordt.

Artikel 2

De termijn voor het indienen van de offertes voor elke deelinschrijving verstrijkt telkens op de tweede en de vierde dinsdag van de maand, om 12.00 uur. Indien dinsdag een feestdag is, wordt de termijn verlengd tot de eerstvolgende werkdag 12.00 uur.

Artikel 3

1. De inschrijver kan slechts aan de inschrijving deelnemen:

- voor magere-melkpoeder dat is geproduceerd in de periode van 21 dagen vóór de dag waarop de termijn voor het indienen van de offertes verstrijkt; in het in bijlage III, onder f), tweede alinea, van Verordening (EEG) nr. 625/78 bedoelde geval wordt deze periode op drie weken gesteld;

- wanneer hij zich schriftelijk ertoe verbindt artikel 2, lid 6, van Verordening (EEG) nr. 625/78 in acht te nemen.

2. Belangstellenden kunnen aan de inschrijving deelnemen door een schriftelijke offerte af te geven tegen ontvangstbewijs of door zich daartoe, tegen ontvangstbewijs, van eender welk schriftelijk communicatiemiddel te bedienen.

3. De offerte bevat:

a) de naam en het adres van de inschrijver;

b) de aangeboden hoeveelheid en het produktieprocédé ( "spray"- of "roller"-procédé);

c) de voorgestelde prijs per 100 kilogram magere-melkpoeder, exclusief interne belastingen, franco pakhuis, uitgedrukt in ecu, met ten hoogste twee decimalen;

d) de plaats waar het magere-melkpoeder is opgeslagen.

4. Een offerte is slechts geldig indien:

a) zij betrekking heeft op een hoeveelheid van ten minste 20 ton;

b) zij vergezeld gaat van de in lid 1 bedoelde verbintenis;

c) het bewijs wordt geleverd dat de inschrijver vóór het verstrijken van de termijn voor het indienen van de offertes voor de betrokken inschrijving de in artikel 4, lid 1, bedoelde inschrijvingszekerheid heeft gesteld.

5. De offeerte kan niet meer worden ingetrokken na het verstrijken van de in artikel 2 bedoelde termijn voor het indienen van de offertes voor de desbetreffende inschrijving.

Artikel 4

1. In het kader van deze verordening vormen het gestand doen van de offerte na het verstrijken van de termijn voor het indienen van de offertes en de levering van het magere-melkpoeder aan het door het interventiebureau aangewezen pakhuis binnen de in artikel 7, lid 2, bedoelde termijn, primaire eisen waarvan de inachtneming door het stellen van een inschrijvingszekerheid van 40 ecu per ton wordt gewaarborgd.

2. De inschrijvingszekerheid wordt gesteld in de Lid-Staat waar de offerte wordt ingediend.

Artikel 5

Rekening houdende met de voor elke inschrijving ontvangen offertes en volgens de procedure van artikel 30 van Verordening (EEG) nr. 804/68 wordt naar gelang van de geldende interventieprijzen een maximum-aankoopprijs vastgesteld.

Er kan worden besloten aan de inschrijving geen gevolg te geven.

Artikel 6

1. De offerte wordt geweigerd indien de voorgestelde prijs hoger is dan de in artikel 5 bedoelde maximumprijs voor de betrokken inschrijving.

2. De rechten en verplichtingen die uit de inschrijving voortvloeien, mogen niet worden overgedragen.

Artikel 7

1. Iedere inschrijver wordt door het interventiebureau onmiddellijk van de uitkomst van zijn offerte in kennis gesteld.

Het interventiebureau geeft aan de inschrijver aan wie wordt gegund, onverwijld een genummerde leveringsbon af waarop zijn vermeld:

a) de te leveren hoeveelheid;

b) de uiterste datum waarop het magere-melkpoeder moet worden geleverd;

c) het pakhuis waar het magere-melkpoeder moet worden geleverd. Artikel 3, lid 1, van Verordening (EEG) nr. 1014/68 en de artikelen 5, 6 en 7 van Verordening (EEG) nr. 625/78 zijn van toepassing.

2. De inschrijver aan wie is gegund, levert het magere-melkpoeder af binnen 28 dagen na de dag waarop de termijn voor het indienen van de offertes verstrijkt. De hoeveelheid mag in gedeelten worden geleverd.

De kosten voor het lossen op de losplaats van het pakhuis zijn voor rekening van de inschrijver aan wie is gegund.

3. Behoudens overmacht wordt, indien de inschrijver aan wie is gegund, het magere-melkpoeder niet binnen de voorgeschreven termijn heeft geleverd, niet slechts de in artikel 4, lid 1, bedoelde inschrijvingszekerheid verbeurd, maar ook afgezien van de aankoop van de resterende hoeveelheden.

Artikel 8

In de zin van deze verordening wordt het magere-melkpoeder geacht door het interventiebureau te zijn overgenomen op de dag waarop het in het pakhuis wordt ingeslagen, maar ten vroegste op de dag volgende op die waarop de in artikel 7, lid 1, tweede alinea, bedoelde leveringsbon wordt afgegeven.

Artikel 9

Het interventiebureau maakt de door de leverancier in zijn offerte aangegeven prijs over binnen een termijn die op de 120e dag na de overname van het magere-melkpoeder aanvangt en op de 140e dag nadien eindigt.

Artikel 10

De bepalingen van artikel 2, lid 5, en van de artikelen 3 en 4 van Verordening (EEG) nr. 625/78 zijn van toepassing.

Artikel 11

Verordening (EEG) nr. 2220/85 van de Commissie (8) is van toepassing, behoudens bijzondere in deze verordening opgenomen andersluidende bepalingen.

Artikel 12

De in artikel 4 bedoelde inschrijvingszekerheid en de in artikel 5 bedoelde maximumprijs worden in de nationale valuta omgerekend aan de hand van de representatieve koers die geldt op de dag waarop de termijn voor het indienen van de offertes voor de inschrijving verstrijkt.

Artikel 13

Deze verordening treedt in werking op de derde dag volgende op die van haar bekendmaking in het Publikatieblad van de Europese Gemeenschappen. Deze verordening is verbindend in al haar onderdelen en is rechtstreeks toepasselijk in elke Lid-Staat.

Gedaan te Brussel, 3 mei 1991. Voor de Commissie

Ray MAC SHARRY

Lid van de Commissie

(1) PB nr. L 148 van 28. 6. 1968, blz. 13. (2) PB nr. L 362 van 27. 12. 1990, blz. 5. (3) PB nr. L 78 van 20. 3. 1987, blz. 10. (4) PB nr. L 353 van 17. 12. 1990, blz. 23. (5) PB nr. L 173 van 22. 7. 1968, blz. 4. (6) PB nr. L 84 van 31. 3. 1978, blz. 19. (7) PB nr. L 90 van 11. 4. 1991, blz. 21. (8) PB nr. L 205 van 3. 8. 1985, blz. 5.