Richtlijn 91/371/EEG van de Raad van 20 juni 1991 inzake de toepassing van de Overeenkomst tussen de Europese Economische Gemeenschap en de Zwitserse Bondsstaat betreffende het directe verzekeringsbedrijf, met uitzondering van de levensverzekeringsbranche
Publicatieblad Nr. L 205 van 27/07/1991 blz. 0048 - 0048
Bijzondere uitgave in het Fins: Hoofdstuk 11 Deel 17 blz. 0050
Bijzondere uitgave in het Zweeds: Hoofdstuk 11 Deel 17 blz. 0050
RICHTLIJN VAN DE RAAD van 20 juni 1991 inzake de toepassing van de Overeenkomst tussen de Europese Economische Gemeenschap en de Zwitserse Bondsstaat betreffende het directe verzekeringsbedrijf, met uitzondering van de levensverzekeringsbranche ( 91/371/EEG ) DE RAAD VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN, Gelet op het Verdrag tot oprichting van de Europese Economische Gemeenschap, inzonderheid op artikel 57, lid 2, laatste zin, en artikel 235, Gezien het voorstel van de Commissie ( 1 ), In samenwerking met het Europese Parlement ( 2 ), Gezien het advies van het Economisch en Sociaal Comité ( 3 ), Overwegende dat op 10 oktober 1989 te Luxemburg een Overeenkomst tussen de Zwitserse Bondsstaat en de Europese Economische Gemeenschap betreffende de toegang tot het directe verzekeringsbedrijf, met uitzondering van de levensverzekeringsbranche, is ondertekend; Overwegende dat in die Overeenkomst voor verzekeringsondernemingen waarvan het hoofdkantoor in Zwitserland is gevestigd, een rechtsregeling is vastgesteld die afwijkt van de regeling welke geldt krachtens titel III van Richtlijn 73/239/EEG van de Raad van 24 juli 1973 tot cooerdinatie van de wettelijke en bestuursrechtelijke bepalingen betreffende de toegang tot het directe verzekeringsbedrijf, met uitzondering van de levensverzekeringsbranche, en de uitoefening daarvan ( 4 ) ten aanzien van binnen de Gemeenschap gevestigde agentschappen en bijkantoren van ondernemingen, waarvan het hoofdkantoor zich buiten de Gemeenschap bevindt; Overwegende dat de gecooerdineerde bepalingen met betrekking tot de uitoefening van het verzekeringsbedrijf op de gemeenschappelijke markt voor Zwitserse ondernemingen die onder de bepalingen van voornoemde Overeenkomst vallen, in de Lid-Staten van de Gemeenschap op dezelfde datum in werking dienen te treden; dat bedoelde Overeenkomst zelf eerst in werking zal treden op de eerste dag van het op de dag van de uitwisseling van de akten van goedkeuring volgende kalenderjaar, HEEFT DE VOLGENDE RICHTLIJN VASTGESTELD : Artikel 1 De Lid-Staten brengen hun nationale bepalingen binnen een termijn van 24 maanden, te rekenen vanaf de kennisgeving van deze richtlijn, in overeenstemming met de Overeenkomst tussen de Europese Economische Gemeenschap en de Zwitserse Bondsstaat . Zij stellen de Commissie daarvan onverwijld in kennis . Wanneer de Lid-Staten deze bepalingen aannemen, wordt in die bepalingen naar de onderhavige richtlijn verwezen of wordt hiernaar verwezen bij de officiële bekendmaking van die bepalingen . De regels voor deze verwijzing worden vastgesteld door de Lid-Staten . Artikel 2 De Lid-Staten schrijven in hun nationale bepalingen voor dat de daarin overeenkomstig de Overeenkomst aangebrachte wijzigingen eerst op de datum van inwerkingtreding van de Overeenkomst van kracht zullen worden . Artikel 3 Deze richtlijn is gericht tot de Lid-Staten . Gedaan te Luxemburg, 20 juni 1991 . Voor de Raad De Voorzitter R. GOEBBELS ( 1 ) PB nr . C 53 van 5 . 3 . 1990, blz . 45 . ( 2 ) PB nr . C 72 van 18 . 3 . 1991, blz . 174, en besluit van 12 juni 1991 ( nog niet verschenen in het Publikatieblad ). ( 3 ) PB nr . C 56 van 7 . 3 . 1990, blz . 27 . ( 4 ) PB nr . L 228 van 16 . 8 . 1973, blz . 3 .