BESCHIKKING VAN DE COMMISSIE van 27 juni 1991 waarbij het Verenigd Koninkrijk en de Bondsrepubliek Duitsland worden gemachtigd om tijdelijk toe te staan dat hopperupsklaverzaad in de handel wordt gebracht dat niet voldoet aan de eisen van Richtlijn 66/401/EEG van de Raad (91/365/EEG) -
Publicatieblad Nr. L 195 van 18/07/1991 blz. 0049 - 0050
BESCHIKKING VAN DE COMMISSIE van 27 juni 1991 waarbij het Verenigd Koninkrijk en de Bondsrepubliek Duitsland worden gemachtigd om tijdelijk toe te staan dat hopperupsklaverzaad in de handel wordt gebracht dat niet voldoet aan de eisen van Richtlijn 66/401/EEG van de Raad ( 91/365/EEG ) DE COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN, Gelet op het Verdrag tot oprichting van de Europese Economische Gemeenschap, Gelet op Richtlijn 66/401/EEG van de Raad van 14 juni 1966 betreffende het in de handel brengen van zaaizaad van groenvoedergewassen ( 1 ), laatstelijk gewijzigd bij Richtlijn 90/654/EEG ( 2 ), en met name op artikel 17, Gelet op Richtlijn 86/109/EEG van de Commissie van 27 februari 1986 waarbij de handel in zaaizaad van sommige soorten groenvoedergewassen, oliehoudende planten en vezelgewassen wordt beperkt tot zaaizaad dat officieel als "basiszaad" of als "gecertificeerd zaad" is goedgekeurd ( 3 ), laatstelijk gewijzigd bij Richtlijn 89/424/EEG ( 4 ), en met name op artikel 2 bis, Gelet op de door het Verenigd Koninkrijk en de Bondsrepubliek Duitsland ingediende verzoeken, Overwegende dat in Richtlijn 86/109/EEG is bepaald dat met ingang van 1 juli 1990 slechts zaaizaad van hopperupsklaver ( Medicago lupulina L .) in de handel mag worden gebracht dat officieel als "basiszaad" of als "gecertificeerd zaad" is goedgekeurd; Overwegende dat het aanbod van "basiszaad" of "gecertificeerd zaad" van de betrokken soort in het Verenigd Koninkrijk en de Bondsrepubliek Duitsland onvoldoende is om aan de huidige vraag te voldoen; Overwegende dat het niet mogelijk is aan de vraag naar zaad van deze soort te voldoen met zaad uit andere Lid-Staten of uit derde landen dat beantwoordt aan alle in Richtlijn 66/401/EEG vastgestelde eisen; Overwegende dat het Verenigd Koninkrijk en de Bondsrepubliek Duitsland daarom moeten worden gemachtigd om voor een periode die eindigt op 16 september 1991 toe te staan dat zaaizaad van bovengenoemde soort in de handel wordt gebracht dat niet voldoet aan de in de genoemde richtlijn vastgestelde eisen; Overwegende dat bovendien andere Lid-Staten die in staat zijn het Verenigd Koninkrijk en de Bondsrepubliek Duitsland zaad van deze soort te leveren dat niet voldoet aan de eisen van de genoemde richtlijn, moeten worden gemachtigd om toe te staan dat dergelijk zaad in de handel wordt gebracht, mits het bestemd is voor het Verenigd Koninkrijk of de Bondsrepubliek Duitsland; Overwegende dat de in deze beschikking vervatte maatregelen in overeenstemming zijn met het advies van het Permanent Comité voor teeltmateriaal voor land -, tuin - en bosbouw, HEEFT DE VOLGENDE BESCHIKKING GEGEVEN : Artikel 1 1 . Het Verenigd Koninkrijk wordt gemachtigd om voor een periode die op 16 september 1991 eindigt, toe te staan dat ten hoogste 9 300 kg handelszaad van hopperupsklaver ( Medicago lupulina L ) op zijn grondgebied in de handel wordt gebracht . Op het officiële etiket moet worden vermeld : "uitsluitend bestemd voor het Verenigd Koninkrijk ". 2 . De Bondsrepubliek Duitsland wordt gemachtigd om voor een periode die eindigt op 16 september 1991 toe te staan dat ten hoogste 100 000 kg handelszaad van hopperupsklaver ( Medicago lupulina L .) op haar grondgebied in de handel wordt gebracht . Op het officiële etiket moet worden vermeld : "uitsluitend bestemd voor de Bondsrepubliek Duitsland ". 3 . Vóór 15 juli 1991 zal worden besloten of het nodig is de datum 16 september 1991 in de leden 1 en 2 in 31 oktober 1991 te wijzigen . Artikel 2 De andere Lid-Staten worden hierbij gemachtigd om, met naleving van de in artikel 1 vastgestelde voorwaarden toe te staan dat op hun grondgebied een totale hoeveelheid van 109 300 kg handelszaad van hopperupsklaver ( Medicago lupulina L .) in de handel wordt gebracht op voorwaarde dat dit zaad uitsluitend voor het Verenigd Koninkrijk en de Bondsrepubliek Duitsland is bestemd . Op het officiële etiket moet respectievelijk worden vermeld : "uitsluitend bestemd voor het Verenigd Koninkrijk" of "uitsluitend bestemd voor de Bondsrepubliek Duitsland ". Artikel 3 De Lid-Staten stellen de Commissie vóór 30 november 1991 in kennis van de hoeveelheden zaaizaad die op grond van deze beschikking op hun grondgebied in de handel zijn gebracht . De Commissie deelt deze gegevens mee aan de andere Lid-Staten . Artikel 4 Deze beschikking is gericht tot de Lid-Staten . Gedaan te Brussel, 27 juni 1991 . Voor de Commissie Ray MAC SHARRY Lid van de Commissie ( 1 ) PB nr . 125 van 11 . 7 . 1966, blz . 2298/66 . ( 2 ) PB nr . L 353 van 17 . 12 . 1990, blz . 48 . ( 3 ) PB nr . L 93 van 8 . 4 . 1986, blz . 21 . ( 4 ) PB nr . L 196 van 12 . 7 . 1989, blz . 50 .