31990D0204

BESCHIKKING VAN DE COMMISSIE van 4 april 1990 houdende machtiging van de Italiaanse Republiek om zaaizaad van rijst dat niet aan de eisen van Richtlijn 66/402/EEG van de Raad voldoet tijdelijk tot de handel toe te laten (90/204/EEG)

Publicatieblad Nr. L 106 van 26/04/1990 blz. 0028 - 0028


*****

BESCHIKKING VAN DE COMMISSIE

van 4 april 1990

houdende machtiging van de Italiaanse Republiek om zaaizaad van rijst dat niet aan de eisen van Richtlijn 66/402/EEG van de Raad voldoet tijdelijk tot de handel toe te laten

(90/204/EEG)

DE COMMISSIE VAN DE EUROPESE

GEMEENSCHAPPEN,

Gelet op het Verdrag tot oprichting van de Europese Economische Gemeenschap,

Gelet op Richtlijn 66/402/EEG van de Raad van 14 juni 1966 betreffende het in de handel brengen van zaaigranen (1), laatstelijk gewijzigd bij Richtlijn 89/2/EEG van de Commissie (2), en met name op artikel 17,

Gezien het verzoek van de Italiaanse Republiek,

Overwegende dat in Italië de zaaizaadproduktie van rijst die aan de eisen van Richtlijn 66/402/EEG voldoet, in 1989 niet toereikend was om in de behoeften van dat land te voorzien;

Overwegende dat in deze behoeften niet in voldoende mate kan worden voorzien met zaad uit de overige Lid-Staten of uit derde landen dat aan alle in voornoemde richtlijn gestelde eisen voldoet;

Overwegende dat Italië derhalve moet worden gemachtigd om gedurende een periode die op 31 mei 1990 afloopt, zaaizaad van bovengenoemde soort waarvoor minder strenge eisen gelden, tot de handel toe te laten;

Overwegende dat het bovendien dienstig is de overige Lid-Staten die in de behoeften van Italië kunnen voorzien met zaad dat niet aan de eisen van voornoemde richtlijn voldoet, te machtigen dit zaad tot de handel toe te laten, mits het voor Italië bestemd is;

Overwegende dat de in deze beschikking vervatte maatregelen in overeenstemming zijn met het advies van het Permanent Comité voor teeltmateriaal voor land-, tuin- en bosbouw,

HEEFT DE VOLGENDE BESCHIKKING GEGEVEN:

Artikel 1

De Italiaanse Republiek wordt gemachtigd om tot en met 31 mei 1990 op zijn grondgebied ten hoogste 1 000 ton zaaizaad van rijst (Oryza sativa L.) van de categorieën »gecertificeerd zaaizaad, eerste vermeerdering" en »gecertificeerd zaaizaad, tweede vermeerdering" dat niet aan de voorwaarden van bijlage II bij Richtlijn 66/402/EEG voldoet voor wat het maximumaantal rode korrels betreft, tot de handel toe te laten, mits aan de volgende eisen wordt voldaan:

a) het aantal rode rijstkorrels mag in een monster van 500 gram, voor gecertificeerd zaaizaad, eerste vermeerdering, niet hoger zijn dan zes en voor gecertificeerd zaaizaad, tweede vermeerdering, niet hoger dan acht;

b) op het officiële etiket moeten de volgende vermeldingen voorkomen:

- (voor gecertificeerd zaaizaad, eerste vermeerdering) »zes rode korrels in een monster van 500 gram" of (voor gecertificeerd zaaizaad, tweede vermeerdering) »acht rode korrels in een monster van 500 gram",

- »uitsluitend bestemd voor Italië".

Artikel 2

De overige Lid-Staten worden gemachtigd om, met inachtneming van de in artikel 1 gestelde voorwaarden, de afzet van ten hoogste 1 000 ton zaaizaad van rijst op hun grondgebied toe te staan, mits het zaad uitsluitend voor Italië bestemd is. Op het etiket moeten de in artikel 1, onder b), bedoelde vermeldingen voorkomen.

Artikel 3

De Lid-Staten delen de Commissie vóór 31 juli 1990 mee hoeveel zaad op grond van deze beschikking op hun grondgebied in de handel is gebracht. De Commissie stelt de andere Lid-Staten daarvan in kennis.

Artikel 4

Deze beschikking is gericht tot de Lid-Staten.

Gedaan te Brussel, 4 april 1990.

Voor de Commissie

Ray MAC SHARRY

Lid van de Commissie

(1) PB nr. 125 van 11. 7. 1966, blz. 2309/66.

(2) PB nr. L 5 van 7. 1. 1989, blz. 31.