Verordening (EEG) nr. 297/88 van de Commissie van 1 februari 1988 tot vaststelling van de referentieprijzen voor komkommers voor het verkoopseizoen 1988
Publicatieblad Nr. L 030 van 02/02/1988 blz. 0012 - 0013
***** VERORDENING (EEG) Nr. 297/88 VAN DE COMMISSIE van 1 februari 1988 tot vaststelling van de referentieprijzen voor komkommers voor het verkoopseizoen 1988 DE COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN, Gelet op het Verdrag tot oprichting van de Europese Economische Gemeenschap, Gelet op de Akte van Toetreding van Spanje en Portugal, Gelet op Verordening (EEG) nr. 1035/72 van de Raad van 18 mei 1972 houdende een gemeenschappelijke ordening der markten in de sector groenten en fruit (1), laatstelijk gewijzigd bij Verordening (EEG) nr. 223/88 (2), en met name op artikel 27, lid 1, Overwegende dat luidens artikel 23, lid 1, van Verordening (EEG) nr. 1035/72 jaarlijks vóór het begin van het verkoopseizoen referentieprijzen worden vastgesteld die voor de gehele Gemeenschap gelden; Overwegende dat, in verband met de betekenis van de komkommerproduktie in de Gemeenschap, voor dit produkt een referentieprijs dient te worden vastgesteld; Overwegende dat de in een bepaald produktieseizoen geoogste komkommers worden afgezet over een periode die zich uitstrekt van januari tot december; dat de kleine hoeveelheden die in januari en in de eerste tien dagen van februari, alsmede tijdens de laatste twintig dagen van november en in december worden geoogst, de vaststelling van referentieprijzen over het gehele jaar niet rechtvaardigen; dat bijgevolg slechts vanaf 11 februari tot en met 10 november referentieprijzen moeten worden vastgesteld; Overwegende dat krachtens artikel 23, lid 2, sub b), van Verordening (EEG) nr. 1035/72 de referentieprijzen worden vastgesteld op een peil dat gelijk is aan dat van het voorafgaande verkoopseizoen, verhoogd, na aftrek van het forfaitair bedrag van de vervoerkosten voor het voorafgaande verkoopseizoen die op de communautaire produkten drukken vanaf de produktiegebieden tot de verbruikscentra van de Gemeenschap, - met de ontwikkeling van de produktiekosten in de sector groenten en fruit, verminderd met de stijging van de produktiviteit; - met het forfaitair bedrag van de vervoerkosten voor het betrokken verkoopseizoen; dat het aldus verkregen peil evenwel niet hoger mag zijn dan het rekenkundig gemiddelde van de producentenprijzen van elke Lid-Staat, verhoogd met de vervoerkosten voor het betrokken verkoopseizoen, waarbij het aldus verkregen bedrag werd verhoogd met de ontwikkeling van de produktiekosten, verminderd met de stijging van de produktiviteit; dat de referentieprijs voorts niet lager mag zijn dan de voor het voorafgaande verkoopseizoen geldende referentieprijs; Overwegende dat, om rekening te houden met de seizoenverschillen in de prijzen, het verkoopseizoen in verscheidene perioden dient te worden verdeeld en voor elke periode een referentieprijs dient te worden vastgesteld; Overwegende dat de producentenprijzen gelijk zijn aan het gemiddelde van de prijzen die in de drie jaren voorafgaande aan de datum van vaststelling van de referentieprijs voor een binnenlands produkt waarvan de handelskenmerken zijn bepaald, op de representatieve markt of markten in de produktiegebieden met de laagste prijzen zijn genoteerd voor de produkten of variëteiten die een aanzienlijk deel uitmaken van de in het gehele jaar of gedurende een deel daarvan in de handel gebrachte produktie en die qua verpakking aan bepaalde eisen voldoen; dat voor de vaststelling van het gemiddelde voor elke representatieve markt de prijzen die, gelet op de op de betrokken markt geconstateerde normale schommelingen, uitzonderlijk hoog of uitzonderlijk laag kunnen worden geacht, buiten beschouwing moeten worden gelaten; Overwegende dat, overeenkomstig artikel 140, lid 2, en artikel 272, lid 3, van de Toetredingsakte, tijdens de eerste fase voor Spanje, respectievelijk de eerste etappe voor Portugal, voor de berekening van de referentieprijzen geen rekening wordt gehouden met de prijzen van Spaanse, respectievelijk Portugese produkten; Overwegende dat de in de Gemeenschap geproduceerde komkommers hoofdzakelijk in kassen worden geteeld; dat de referentieprijzen die voor dit verkoopseizoen zijn vastgesteld dus op dit type produkt betrekking hebben; dat de uit bepaalde derde landen ingevoerde komkommers van vollegrondsteelten zijn; dat deze komkommers, hoewel zij in klasse I kunnen worden ingedeeld, qua kwaliteit en prijs niet te vergelijken zijn met in kassen geteelde produkten; dat derhalve op de prijzen voor niet in kassen geteelde komkommers een aanpassingscoëfficiënt dient te worden toegepast; Overwegende dat de in deze verordening vervatte maatregelen in overeenstemming zijn met het advies van het Comité van beheer voor groenten en fruit, HEEFT DE VOLGENDE VERORDENING VASTGESTELD: Artikel 1 1. Voor het verkoopseizoen 1988 worden de referentieprijzen voor komkommers (GN-codes 0707 00 11, 19), uitgedrukt in Ecu per 100 kg nettogewicht, voor de produkten van kwaliteitsklasse I, alle groottesorteringen, in verpakking, als volgt vastgesteld: - februari: van 11 t/m 20: 143,36 van 21 t/m 29: 122,42 - maart: 112,14 - april: 92,76 - mei: 76,12 - juni: 63,76 - juli: 47,50 - augustus: 47,87 - september: 56,68 - van 1 oktober t/m 10 november: 80,79. 2. Voor de berekening van de invoerprijs worden de prijzen, voor uit derde landen ingevoerde en niet in kassen geteelde komkommers, na aftrek van de douanerechten: - van 11 februari tot en met 30 september, met de coëfficiënt 1,30, - van 1 oktober tot en met 10 november, met de coëfficiënt 1,00 vermenigvuldigd. Artikel 2 Deze verordening treedt in werking op 11 februari 1988. Deze verordening is verbindend in al haar onderdelen en is rechtstreeks toepasselijk in elke Lid-Staat. Gedaan te Brussel, 1 februari 1988. Voor de Commissie Frans ANDRIESSEN Vice-Voorzitter (1) PB nr. L 118 van 20. 5. 1972, blz. 1. (2) PB nr. L 23 van 28. 1. 1988, blz. 1.