31987Y0707(02)

Conclusies van de Raad van 26 mei 1987 betreffende de beroepsopleiding voor vrouwen

Publicatieblad Nr. C 178 van 07/07/1987 blz. 0003 - 0003


CONCLUSIES VAN DE RAAD van 26 mei 1987 betreffende de beroepsopleiding voor vrouwen (87/C 178/03)

DE RAAD VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN, 1. neemt akte van de mededeling van de Commissie over de beroepsopleiding voor vrouwen, die is opgesteld binnen de context van het communautaire programma op middellange termijn ,,Gelijke kansen voor de vrouw (1986-1990)'' en van verscheidene resoluties van de Raad op het gebied van werkloosheidsbestrijding en werkgelegenheidsbeleid; 2. erkent dat vrouwen nog steeds, met name vanwege een achterstand in de beroepsopleiding, bijzondere moeilijkheden ondervinden op de arbeidsmarkt; zij zijn onder andere minder gericht op toekomstgerichte beroepen, oefenen veel beroepen uit die dikwijls een wijziging in de beroepseisen behoeven vanwege de geleidelijke invoering van nieuwe technologieën, en hebben nog niet voldoende kans om promotie te maken; 3. wenst dat het aanbod aan voortgezette opleiding kan worden aangepast aan de behoeften van vrouwen, met inbegrip van werkzoekende vrouwen; 4. deelt de opvatting van de Commissie dat de gerichte inspanningen en specifieke acties die reeds in de Lid-Staten zijn ondernomen in overeenstemming zouden moeten zijn met de omvang van de behoeften aan beroepsopleiding voor vrouwen; 5. wijst op de positieve invloed in de Lid-Staten van de reeds op communautair niveau ondernomen acties; 6. neemt akte van het voornemen van de Commissie om in de context van het communautaire programma op middellange termijn ,,Gelijke kansen voor de vrouw (1986-1990)'' later richtsnoeren aan te bevelen voor acties op het gebied van beroepsopleiding voor vrouwen en de uitwisseling van informatie en ervaringen op communautair niveau te ontwikkelen; 7. wijst er op dat er een nauwe samenwerking tot stand dient te worden gebracht tussen instanties op het gebied van opleiding en arbeidsmarkt ten einde de beroepsopleiding van de vrouwen te verzekeren; 8. herinnert er daartoe aan dat het nodig is de samenhang te blijven bevorderen tussen specifieke acties ter bevordering van gelijke kansen in het algemeen economisch en sociaal beleid, zowel op communautair als op nationaal niveau; 9. meent dat de beroepsopleiding voor vrouwen moet worden verbeterd met inachtneming van de werkgelegenheidsvooruitzichten in het midden- en kleinbedrijf en in de vrije beroepen; 10. acht het van belang dat vrouwen die een beroepsopleiding willen volgen alsook opleiders en sociale partners zich bewust worden van het belang van gelijke kansen voor mannen en vrouwen opdat de beroepsopleiding uitmondt in een werkelijke opneming in het arbeidsproces; 11. onderstreept zijn belangstelling voor richtsnoeren voor acties betreffende:a) de organisatie, werking en uitrusting van diensten voor opleiding, voorlichting en arbeidsbemiddeling;b)de deelneming van alle betrokkenen, met name de sociale partners, aan het proces van beroepsopleiding voor vrouwen;c)de gewenste hervormingen of aanpassingen in het kader van zowel het hoger onderwijs als beroepsstages onmiddellijk na de slotfase van het verplichte onderwijs;d)de specifieke behoeften van kansarme vrouwen en hun integratie in de beroepsopleiding;e)het oriënteren van vrouwen in de richting van andere dan de traditionele beroepen, met name op wetenschappelijk en technisch gebied, en op het bezetten van verantwoordelijke posten, alsmede het belang van de follow-up van hun opneming in het arbeidsproces;f)het stimuleren van bedrijven om een actief beleid inzake voortgezette opleiding te voeren, alsook een grotere deelneming van vrouwen daaraan;g)herintegratie in het arbeidsproces, vooral voor vrouwen die de arbeidsmarkt om familiale redenen hebben verlaten;h)het aanbod aan beroepsopleiding voor vrouwen die de arbeidsmarkt hebben verlaten, teneinde hun latere herintegratie in het arbeidsproces te vergemakkelijken;i)maatregelen ten behoeve van vrouwen zonder beroepsopleiding die werkloos zijn of dreigen te worden;j)de opleiding van opleiders;k)maatregelen voor positieve acties;l)maatregelen ter begeleiding en ondersteuning op communautair niveau, waaronder het invoeren van een net van demonstratieprojecten.