Verordening (EEG) nr. 3797/87 van de Commissie van 17 december 1987 houdende wederinstelling van de heffing van invoerrechten van toepassing op pentaërythritol (pentaërythriet) van postonderverdeling 29.04 C ex I van het gemeenschappelijk douanetarief, van oorsprong uit Zuid-Korea, waarvoor de in Verordening (EEG) nr. 3924/86 van de Raad vermelde tariefpreferenties zijn verleend
Publicatieblad Nr. L 356 van 18/12/1987 blz. 0041 - 0041
***** VERORDENING (EEG) Nr. 3797/87 VAN DE COMMISSIE van 17 december 1987 houdende wederinstelling van de heffing van invoerrechten van toepassing op pentaërythritol (pentaërythriet) van postonderverdeling 29.04 C ex I van het gemeenschappelijk douanetarief, van oorsprong uit Zuid-Korea, waarvoor de in Verordening (EEG) nr. 3924/86 van de Raad vermelde tariefpreferenties zijn verleend DE COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN, Gelet op het Verdrag tot oprichting van de Europese Economische Gemeenschap, Gelet op Verordening (EEG) nr. 3924/86 van de Raad van 16 december 1986 houdende toepassing van algemene tariefpreferenties voor het jaar 1987 op bepaalde industrieprodukten van oorsprong uit ontwikkelingslanden (1), inzonderheid op artikel 15, Overwegende dat op grond van artikel 1 van Verordening (EEG) nr. 3924/86 de in bijlage II vermelde produkten van oorsprong uit alle in bijlage III vermelde landen en gebieden zijn begunstigd met een totale schorsing van invoerrechten en in het algemeen onderworpen aan een driemaandelijks statistisch toezicht berustend op de in artikel 14 genoemde referentiebasis; Overwegende dat volgens de bepalingen van artikel 14, zodra - in het kader van de preferentiële regeling - uit de verhoging van invoer van de genoemde produkten van oorsprong uit een of meer begunstigde landen, in de Gemeenschap of in een deel van de Gemeenschap economische moeilijkheden kunnen voortvloeien, de heffing van invoerrechten wederingesteld kan worden, na raadpleging van de Lid-Staten door de Commissie; dat het, te dien einde, passend is om de in aanmerking te nemen referentiebasis in het algemeen vast te stellen op 5 % van de totale invoer in de Gemeenschap van oorsprong uit derde landen in 1984; Overwegende dat voor pentaërythritol (pentaërythriet) van postonderverdeling 29.04 C ex I van het gemeen- schappelijk douanetarief de referentiebasis werd vastgesteld op 853 000 Ecu; dat op 10 december 1987 de invoer in de Gemeenschap van genoemde produkten van oorsprong uit Zuid-Korea door afboekingen de betreffende referentiebasis heeft bereikt; dat na de door de Commissie gedane raadplegingen blijkt dat handhaving van de preferentiële regeling economische moeilijkheden in een deel van de Gemeenschap dreigt te veroorzaken; dat derhalve de rechten weer moeten worden ingesteld voor de betreffende produkten ten opzichte van Zuid-Korea, HEEFT DE VOLGENDE VERORDENING VASTGESTELD: Artikel 1 Met ingang van 21 december 1987 wordt de heffing van invoerrechten, die was opgeheven krachtens Verordening (EEG) nr. 3924/86, weer ingesteld bij invoer in de Gemeenschap van de volgende produkten van oorsprong uit Zuid-Korea: 1.2.3 // // // // Volgnummer // Nr. van het gemeenschappelijk douanetarief (NIMEXE-code) // Omschrijving // // // // 30.0630 // 29.04 C ex I (29.04-66) // Pentaërythritol (Pentaërythriet) // // // Artikel 2 Deze verordening treedt in werking op de derde dag volgende op die van haar bekendmaking in het Publikatieblad van de Europese Gemeenschappen. Deze verordening is verbindend in al haar onderdelen en is rechtstreeks toepasselijk in elke Lid-Staat. Gedaan te Brussel, 17 december 1987. Voor de Commissie COCKFIELD Vice-Voorzitter (1) PB nr. L 373 van 31. 12. 1986, blz. 1.