31987R2702

Verordening (EEG) nr. 2702/87 van de Raad van 4 september 1987 tot intrekking van het definitief anti-dumpingrecht op styreen-monomeer van oorsprong uit de Verenigde Staten van Amerika en tot beëindiging van het onderzoek

Publicatieblad Nr. L 258 van 08/09/1987 blz. 0020 - 0022


*****

VERORDENING (EEG) Nr. 2702/87 VAN DE RAAD

van 4 september 1987

tot intrekking van het definitief anti-dumpingrecht op styreen-monomeer van oorsprong uit de Verenigde Staten van Amerika en tot beëindiging van het onderzoek

DE RAAD VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN,

Gelet op het Verdrag tot oprichting van de Europese Economische Gemeenschap,

Gelet op Verordening (EEG) nr. 2176/84 van de Raad van 23 juli 1984 betreffende beschermende maatregelen tegen invoer met dumping of subsidiëring uit landen die geen lid zijn van de Europese Economische Gemeenschap (1), gewijzigd bij Verordening (EEG) nr. 1761/87 (2), inzonderheid op artikel 14,

Gezien het voorstel door de Commissie ingediend na overleg in het Raadgevend Comité dat bij genoemde verordening is ingesteld,

Overwegende hetgeen volgt:

A. Procedure

(1) In juni 1981 heeft de Raad bij Verordening (EEG) nr. 1570/81 (3) een definitief anti-dumpingrecht ingesteld op styreen-monomeer van oorsprong uit de Verenigde Staten van Amerika.

In december 1985 heeft de Commissie ingevolge artikel 15 van Verordening (EEG) nr. 2176/84 (4) bekendgemaakt dat deze anti-dumpingmaatregel binnenkort zou vervallen.

(2) De Commissie ontving vervolgens een verzoek om een nieuw onderzoek van de zijde van de Conseil Européen des Fédérations de l'Industrie Chimique (CEFIC), die het overgrote deel van de produktie van het betrokken produkt in de vroegere Gemeenschap van tien Lid-Staten vertegenwoordigt. Gezien de uitbreiding van de Gemeenschappen sloot de Spaanse producent zich bij het verzoek aan.

In september 1986 publiceerde de Commissie, na tot de conclusie te zijn gekomen dat er voldoende bewijsmateriaal was om een nieuw onderzoek te rechtvaardigen, een bericht van heropening van een anti-dumpingonderzoek inzake de invoer van styreen-monomeer, vallende onder post 29.01 D II van het gemeenschappelijk douanetarief, overeenkomende met NIMEXE-code 29.01-71, van oorsprong uit de Verenigde Staten van Amerika (5).

(3) De Commissie stelde de exporteurs en importeurs van wie bekend is dat zij bij deze zaak zijn betrokken, de vertegenwoordigers van het exporterende land alsmede de producenten in de Gemeenschap daarvan officieel in kennis en gaf de rechtstreeks betrokken partijen gelegenheid hun standpunt schriftelijk bekend te maken en te verzoeken om te worden gehoord.

De meeste Amerikaanse producenten/exporteurs en hun voornaamste dochterondernemingen in de Gemeenschap maakten hun standpunt schriftelijk bekend. Sommige van hen verzochten om te worden gehoord, welke verzoeken werden ingewilligd.

(4) Geen standpunten werden ingebracht namens onafhankelijke kopers of verwerkers van styreen-monomeer in de Gemeenschap.

(5) De Commissie verzamelde en verifieerde alle inlichtingen die zij nodig achtte voor een voorlopige vaststelling, en stelde o(17) De zeer gunstige marktsituatie voor styreen-monomeer in de Gemeenschap en andere delen van de wereld, die naar verwachting in de nabije toekomst zal voortduren, de aanmerkelijke verbetering van de situatie van de bedrijfstak in de Gemeenschap met betrekking tot verkoop, produktie, capaciteitsbenutting, prijzen en winsten, te zamen met de vermindering van het marktaandeel van het geïmporteerde produkt, brachten de Commissie tot de vaststelling dat de gedumpte invoer van styreen-monomeer van oorsprong uit de Verenigde Staten van Amerika op zich zelf genomen geen belangrijke schade heeft toegebracht of dreigt toe te brengen aan de betrokken bedrijfstak in de Gemeenschap. Derhalve werd besloten dat het onderzoek kan worden beëindigd zonder het opleggen van maatregelen.

(18) In het Raadgevend Comité werd geen bezwaar tegen deze gedragslijn gemaakt.

HEEFT DE VOLGENDE VERORDENING

VASTGESTELD:

Artikel 1

Verordening (EEG) nr. 1570/81 wordt ingetrokken.

Artikel 2

Het anti-dumpingonderzoek inzake de invoer van styreen-monomeer, vallende onder post 29.01 D II van het gemeenschappelijk douanetarief, overeenkomende met NIMEXE-code 29.01-71, van oorsprong uit de Verenigde Staten van Amerika, wordt beëindigd.

Artikel 3

Deze verordening treedt in werking op de dag van haar bekendmaking in het Publikatieblad van de Europese Gemeenschappen.

Deze verordening is verbindend in al haar onderdelen en is rechtstreeks toepasselijk in elke Lid-Staat.

Gedaan te Brussel, 4 september 1987.

Voor de Raad

De Voorzitter

K. E. TYGESEN