31986D0468

86/468/EEG: Besluit van de Raad van 22 september 1986 houdende aanvaarding van verbintenissen in het kader van de anti-dumpingprocedure betreffende de invoer van bepaalde acrylvezels van oorsprong uit Israël, Mexico, Roemenië en Turkije en houdende beëindiging van het onderzoek

Publicatieblad Nr. L 272 van 24/09/1986 blz. 0029


*****

BESLUIT VAN DE RAAD

van 22 september 1986

houdende aanvaarding van verbintenissen in het kader van de anti-dumpingprocedure betreffende de invoer van bepaalde acrylvezels van oorsprong uit Israël, Mexico, Roemenië en Turkije en houdende beëindiging van het onderzoek

(86/468/EEG)

DE RAAD VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN,

Gelet op het Verdrag tot oprichting van de Europese Economische Gemeenschap,

Gelet op Verordening (EEG) nr. 2176/84 van 23 juli 1984 betreffende beschermende maatregelen tegen invoer met dumping of subsidiëring uit landen die geen lid zijn van de Europese Economische Gemeenschap (1), inzonderheid op artikel 10,

Gezien het voorstel van de Commissie, na overleg in het kader van het in genoemde verordening bedoelde Raadgevend Comité,

Overwegende hetgeen volgt:

A. Procedure

(1) In mei 1985 ontving de Commissie een klacht van het Comité international de la rayonne et des fibres synthétiques namens producenten van de Gemeenschap die bijna de gehele communautaire produktie van de betrokken produkten voor hun rekening nemen.

De klacht bevatte bewijsmateriaal betreffende dumping en daaruit voortvloeiende aanmerkelijke schade, dat voldoende werd geacht om een procedure in te leiden. De Commissie heeft derhalve door middel van een bericht in het Publikatieblad van de Europese Gemeenschappen (2) de aanvang van een anti-dumpingprocedure betreffende de invoer in de Gemeenschap van acrylstapelvezels, niet gekaard, gekamd of op andere wijze bewerkt met het oog op het spinnen, van post ex 56.01 A van het gemeenschappelijk douanetarief, overeenkomende met NIMEXE-code 56.01-15, acrylkabel voor de vervaardiging van acrylstapelvezels van post ex 56.02 A van het gemeenschappelijk douanetarief, overeenkomende met NIMEXE-code 56.02-15, en acrylstapelvezels, gekaard, gekamd of op andere wijze bewerkt met het oog op het spinnen, van post ex 56.04 A van het gemeenschappelijk douanetarief, overeenkomende met NIMEXE-code ex 56.04-15, van oorsprong uit Israël, Mexico, Roemenië en Turkije, aangekondigd en is met een onderzoek begonnen.

(2) De Commissie heeft de naar haar weten bij de zaak betrokken exporteurs en importeurs, de vertegenwoordigers van de uitvoerende landen en de indieners van de klacht hiervan officieel in kennis gesteld en de rechtstreeks betrokken partijen de gelegenheid gegeven hun standpunt schriftelijk kenbaar te maken en te verzoeken om te worden gehoord.

(3) Alle exporteurs en bepaalde importeurs hebben hun standpunt schriftelijk medegedeeld. Bovendien hebben de betrokken exporteurs desgevraagd gelegenheid gekregen hun standpunt mondeling toe te lichten. Ook werden opmerkingen ontvangen van een klein aantal communautaire verwerkers van de betrokken produkten.

(4) De Commissie heeft op haar verzoek gedetailleerde schriftelijke gegevens ontvangen van alle communautaire producenten die de klacht hebben ingediend, alle exporteurs en sommige importeurs. Alle gegevens die noodzakelijk werden geacht met het oog op een voorlopige vaststelling werden geverifieerd en een onderzoek werd ingesteld ten kantore van:

a) Producenten uit de Gemeenschap

Anic Fibre SpA, San Donato Milanese (Italië),

Bayer AG, Leverkusen (Bondsrepubliek Duitsland),

Courtaulds PLC, Londen (Verenigd Koninkrijk),

Courtaulds SA, Neuilly (Frankrijk),

Hoechst AG, Frankfurt (Bondsrepubliek Duitsland),

Montefibre SpA, Milano (Italië),

Snia Fibre SpA, Cesano Maderno (Italië);

b) Producenten/exporteurs buiten de Gemeenschap

Israel Chemical Fibres Ltd, Ashdod (Israël),

Celanese Mexicana SA, Mexico City (Mexico),

Celulosa y Derivados SA, Guadalajara (Mexico),

Akrilik Kimya Sanayii AS, Yalova (Turkije),

AK-PA Tekstil Ihracat Pazarlama AS, Istanboel (Turkije);

c) Importeurs uit de Gemeenschap

Cofis Srl, Prato (Italië),

Lafis, Calenzano (Italië),

Montebianco Industrie Tessili SpA, Biella (Italië),

Tessibel SAS, Prato (Italië),

Rohtex Textil GmbH, Moenchengladbach (Bondsrepubliek Duitsland),

Schaette Linder GmbH, Moenchengladbach (Bondsrepubliek Duitsland).

Het dumpingonderzoek had betrekking op het kalenderjaar 1984.

B. Normale waarde

a) Turkije

(5) De normale waarde werd voorlopig vastgesteld op basis van de binnenlandse prijzen van de producent Akrilik Kimya Sanayii AS, die voldoende bewijsmateriaal leverde en die representatief werden geacht voor de betrokken binnenlandse markt. De normale waarde werd alleen vastgesteld voor acrylkabel, aangezien er geen uitvoer van de andere soorten acrylvezels bij deze procedure was betrokken.

b) Israël

(6) Uit het voorlopig onderzoek met het oog op het vaststellen van dumping bleek dat de prijzen van soortgelijke produkten die door de exporteur op zijn binnenlandse markt werden gebracht, gedurende langere tijd lager waren dan alle kosten, zowel vaste als variabele, die gewoonlijk aan de produktie zijn verbonden. De normale waarde werd derhalve bepaald op basis van de aangenomen waarde die werd berekend aan de hand van de totale materiaal- en produktiekosten van de onderneming, met inbegrip van algemene kosten, en vermeerderd met een winstmarge van 5 % die redelijk werd geacht in het licht van de resultaten van de bedrijfstak gedurende een representatieve winstgevende periode.

De normale waarde werd alleen vastgesteld voor acrylstapelvezels, niet gekaard, gekamd of op andere wijze bewerkt, en voor acrylkabel. De normale waarde werd niet vastgesteld voor acrylstapelvezels, gekaard, gekamd of op andere wijze bewerkt, aangezien de uitvoer van dit produkt naar de Gemeenschap zich sporadisch voordeed en onbeduidend werd geacht.

c) Mexico

(7) Uit het voorlopige onderzoek met het oog op het vaststellen van dumping bleek dat de prijzen van soortgelijke produkten die door de twee Mexicaanse exporteurs op hun binnenlandse markt werden gebracht, gedurende langere tijd lager waren dan alle kosten, zowel vaste als variabele, die gewoonlijk aan de produktie zijn verbonden. De normale waarde werd derhalve vastgesteld op basis van de aangenomen waarde.

(8) Voor Celulosa y Derivados SA werd de aangenomen waarde berekend aan de hand van de totale materiaal- en produktiekosten van de onderneming, met inbegrip van algemene kosten, vermeerderd met een winstmarge van 7 % die redelijk werd geacht in het licht van de rentabiliteit van de onderneming in de voorafgaande drie jaar.

Met betrekking tot vezels die niet onder de normen vallen, werd de normale waarde bepaald op basis van de verkoopprijzen op de binnenlandse markt, waarbij rekening werd gehouden met de verliezen voor de referentieperiode en bovengenoemde winstmarge.

(9) Voor Celanese Mexicana SA werd de aangenomen waarde berekend aan de hand van de totale materiaal- en produktiekosten van de onderneming, met inbegrip van algemene kosten, vermeerderd met een winst van 5 % die in het licht van de resultaten van de bedrijfstak gedurende een representatieve winstgevende periode redelijk werd geacht.

Voor vezels die niet onder de normen vallen, diende de Commissie voor het bepalen van de normale waarde voor Celanese Mexicana rekening te houden met het feit dat Celanese Mexicana soortgelijke produkten op de binnenlandse markt niet verkocht. De Commissie bepaalde derhalve de normale waarde voor deze onderneming en deze vezels op basis van de verkoopprijzen op de binnenlandse markt van de andere Mexicaanse producent en exporteur, dit wil zeggen Celulosa y Derivados SA. d) Roemenië

(10) Ten einde vast te stellen of bij de invoer uit Roemenië dumping werd toegepast, diende de Commissie rekening te houden met het feit dat dit land geen markteconomie heeft; zij moest derhalve haar vaststellingen baseren op de normale waarde in een land met een markteconomie. In dit verband hadden de indieners van de klacht de markt van Turkije voorgesteld. Tegen dit voorstel werd geen bezwaar gemaakt.

De Commissie is ervan overtuigd dat er in Turkije geen buitengewone verschillen zijn in produktiemethoden met het uitvoerende land of in de produktieschaal en dat er voldoende binnenlandse concurrentie is om te waarborgen dat de prijsniveaus in een redelijke verhouding tot de produktiekosten staan. De Commissie is derhalve tot de conclusie gekomen dat het passend en niet onredelijk zou zijn om de normale waarde te bepalen op basis van de binnenlandse prijzen in Turkije.

(11) De normale waarde werd alleen vastgesteld voor acrylstapelvezels, niet gekaard, gekamd of op andere wijze bewerkt, en voor acrylstapelvezels, gekaard, gekamd of op andere wijze bewerkt. De normale waarde werd niet vastgesteld voor acrylkabel omdat de uitvoer van dit produkt slechts sporadisch voorkomt en onbeduidend werd geacht.

C. Prijs bij uitvoer

(12) De prijzen bij uitvoer werden bepaald op basis van de werkelijk betaalde of te betalen prijzen voor de produkten die met het oog op uitvoer naar de Gemeenschap worden verkocht.

D. Vergelijking

(13) Bij het vergelijken van de normale waarde met de prijzen bij uitvoer heeft de Commissie zo nodig rekening gehouden met verschillen die van invloed zijn op de vergelijkbaarheid van de prijzen, voor zover deze groot genoeg waren. Deze verschillen hadden in het bijzonder betrekking op de vrijstelling van invoerrechten en binnenlandse omzetbelasting op grondstoffen die werden gebruikt voor de vervaardiging van de uitgevoerde acrylvezels, alsmede verschillen in fysieke hoedanigheden en betalingsvoorwaarden.

Bovendien werden correcties voorgesteld voor verschillen in besparingen op de produktiekosten bij grote partijen voor uitvoer en voor verkoopkosten op de binnenlandse markt. Het ingediende bewijsmateriaal was echter niet voldoende om de besparingen op de produktiekosten bij verschillende hoeveelheden of het bestaan van de aangevoerde verkoopkosten te bewijzen.

Tenslotte werd door de Israëlische exporteur een correctie voorgesteld voor bedragen die door hem zouden zijn geïnd overeenkomstig een verzekeringscontract dat diende voor het dekken van verliezen door verschillen in het inflatiepercentage in Israël en het devaluatiepercentage van de nationale Israëlische munt. De Commissie ging niet in op dit verzoek aangezien deze verzekering geen directe gevolgen had voor de door de communautaire afnemers betaalde prijs voor het door de Israëlische exporteur uitgevoerde produkt.

Alle vergelijkingen werden gemaakt in het stadium af fabriek.

E. Dumpingmarges

(14) De dumpingmarges werden vastgesteld door een vergelijking per transactie van de normale waarde vastgesteld zoals boven omschreven met de prijzen bij uitvoer, waarbij de uitvoer tegen gelijke prijzen werd gegroepeerd. Uit het bovenbedoelde onderzoek blijkt dumping te bestaan ten aanzien van alle betrokken exporteurs. De dumpingmarges verschillen naar gelang van de exporteur, de Lid-Staten van invoer en de soort en de kwaliteit van het betrokken produkt. De gewogen gemiddelde marge voor elk van de bij het onderzoek betrokken exporteurs was als volgt:

1.2 // // (in %) // - AK-PA Tekstil Ihracat Pazarlama AS, Istanboel (NIMEXE-code 56.02-15): // 5,50 // - Israel Chemical Fibres, Ashdod (NIMEXE-code 56.01-15): // 10,60 // - Israel Chemical Fibres, Ashdod NIMEXE-code 56.02-15): // 6,60 // - Celanese Mexicana SA, Mexico City (NIMEXE-code 56.01-15): // 28,85 // - Celulosa y Derivados SA, Guadalajara (NIMEXE-code 56.01-15): // 58,47 // - Celulosa y Derivados SA, Guadalajara (NIMEXE-code 56.02-15): // 78,04 // - Celulosa y Derivados SA, Guadalajara (NIMEXE-code ex 56.04-15): // 78,28 // - Danubiana, Boekarest (NIMEXE-code 56.01-15): // 36,60 // - Danubiana, Boekarest (NIMEXE-code ex 56.04-15): // 18,50.

F. Schade

(15) Met betrekking tot de door de invoer met dumping veroorzaakte schade blijkt uit het de Commissie ter beschikking staande bewijsmateriaal dat de invoer in de Gemeenschap uit Israël, Mexico, Roemenië en Turkije van:

a) acrylstapelvezels, niet gekaard, gekamd of op andere wijze bewerkt met het oog op het spinnen (NIMEXE-code 56.01-15) steeg van 892 ton in 1981 tot 4 735 ton in 1984 en 2 520 ton bedroeg in 1985; b) acrylkabel voor de vervaardiging van acrylstapelvezels (NIMEXE-code 56.02-15) steeg van 9 506 ton in 1981 tot 12 534 ton in 1984 en tot 17 468 ton in 1985;

c) acrylstapelvezels, gekaard, gekamd of op andere wijze bewerkt met het oog op het spinnen (NIMEXE-code ex 56.04-15) steeg van 901 ton in 1981 tot 3 802 ton in 1984 en 1 865 ton bedroeg in 1985.

(16) De totale invoer van alle betrokken vezels in de Gemeenschap uit de vier betrokken landen steeg van 11 299 ton in 1981 tot 21 071 ton in 1984 en tot 21 853 ton in 1985, hetgeen een stijging van het marktaandeel van de uitvoerende landen van 3 % in 1981 tot 5,1 % in 1984 en tot 5,4 % in 1985 tot gevolg had.

(17) De invoer in de Gemeenschap uit andere landen dan Israël, Mexico, Roemenië en Turkije daalde van 24 396 ton in 1981 tot 16 552 ton in 1984 en tot 7 925 ton in de eerste helft van 1985, hetgeen een daling van het marktaandeel van 6,5 % in 1981 tot 4 % in 1984 en tot 3,7 % in 1985 tot gevolg had.

(18) De gewogen gemiddelde prijzen voor wederverkoop aan de eerste onafhankelijke koper van de invoer uit Israël, Mexico, Roemenië en Turkije lagen in de periode van onderzoek onder die van de producenten van de Gemeenschap, afhankelijk van de exporteur, de invoerende Lid-Staat, de soort en de kwaliteit van het betrokken produkt. De gewogen gemiddelde marges van de onderbiedingen waren als volgt:

1.2 // // (in %) // - AK-PA Tekstil Ihracat Pazarlama, Istanboel (NIMEXE-code 56.02-15): // van 0,8 tot 4,3 // - Israel Chemical Fibres, Ashdod (NIMEXE-code 56.01-15): // van 1,0 tot 10,0 // - Israel Chemical Fibres, Ashdod (NIMEXE-code 56.02-15): // van 3,7 tot 10,8 // - Celanese Mexicana SA, Mexico City (NIMEXE-code 56.01-15): // van 28,7 tot 35,3 // - Celulosa y Derivados SA, Guadalajara (NIMEXE-code 56.01-15): // van 9,3 tot 20,2 // - Celulosa y Derivados SA, Guadalajara (NIMEXE-code 56.02-15): // van 9,3 tot 20,2 // - Celulosa y Derivados SA, Guadalajara (NIMEXE-code ex 56.04-15): // van 7,5 tot 20,3 // - Danubiana, Boekarest (NIMEXE-code 56.01-15): // van 21,4 tot 28,6 // - Danubiana, Boekarest (NIMEXE-code ex 56.04-15): // van 7,4 tot 20,1.

(19) De produktie van acrylvezels van de betrokken bedrijfstak in de Gemeenschap steeg van 529 696 ton in 1981 tot 642 357 ton in 1984 en tot 668 800 ton in 1985. De bezettingsgraad steeg van 72,7 % in 1981 tot 84,3 % in 1984 en tot 83,3 % in 1985.

(20) Uit het de Commissie ter beschikking staande bewijsmateriaal blijkt echter dat de prijzen die de communautaire producenten voor dezelfde vezels ontvingen als die welke werden gedumpt niet voldoende zijn om volledig de produktiekosten van deze vezels te dekken en een redelijke winst mogelijk te maken. In veel gevallen dienden de communautaire producenten hun prijzen te verlagen om het hoofd te bieden aan de prijzen van de gedumpte invoer ten einde daarmee produktieverlagingen te voorkomen die een verdere stijging van de kosten per eenheid tot gevolg zouden hebben gehad.

De producenten in de Gemeenschap moesten hun prijzen aanpassen aan een in het algemeen zeer laag en onvoldoende niveau, waardoor sommigen sinds 1981 aanzienlijke verliezen leden in de betrokken produktensector en de anderen een onvoldoende winstmarge behaalden.

(21) De Commissie onderzocht eveneens of er schade dreigde voor de bedrijfstak van de Gemeenschap. In 1981 werd begonnen met een anti-dumpingmaatregel betreffende acrylvezels toen een anti-dumpingrecht werd ingesteld op de uitvoer van bepaalde acrylvezels van oorsprong uit de Verenigde Staten van Amerika. Het percentage van het nog steeds geldende recht is 13,7 % voor acrylstapelvezels, niet gekaard, gekamd of op andere wijze bewerkt met het oog op het spinnen en 17,6 % voor acrylkabel voor de vervaardiging van acrylstapelvezels.

De invoer van oorsprong uit de Verenigde Staten van Amerika daalde sedertdien aanzienlijk en de producenten in de Gemeenschap, die sinds 1979 zware verliezen hadden geleden, profiteerden van deze daling om met een herstructureringsprogramma te beginnen, met name door de capaciteit te verlagen en efficiënter te worden, tot tenslotte, in 1984, sommigen van hen een kleine winst behaalden. (22) De invoer uit Israël, Mexico, Roemenië en Turkije begon in feite in 1980 en bereikte zijn hoogtepunt in 1984 en 1985. Hoewel deze invoer slechts ongeveer 6 % van het verbruik van de Gemeenschap uitmaakt, hebben de prijzen waartegen deze vezels werden ingevoerd, belemmerd dat het herstructureringsprogramma van de communautaire bedrijfstak volledig werd voltooid. Door de neerwaartse druk op de prijzen ingevolge deze invoer konden een aantal producenten van de Gemeenschap niet zo rendabel worden als was gepland, terwijl voor anderen de geplande winstmarge niet werd bereikt. Gezien de recente stijging van de invoer en de vastgestelde onderbieding lopen de communautaire producenten thans het risico dat zij zich weer in dezelfde situatie als in 1980/1981 zullen bevinden. Daarbij diende de Commissie nog rekening te houden met de volgende factoren:

a) het aanzienlijke stijgingspercentage van de invoer van de gedumpte produkten op de communautaire markt (93 % tussen 1981 en 1985), waardoor het waarschijnlijk lijkt dat de invoer nog aanzienlijk zal toenemen;

b) de vrij beschikbare capaciteit van de exporteurs (Mexico, Roemenië en Turkije) en de aankondiging van aanvullende capaciteit in 1987 (Mexico en Turkije) waaruit blijkt dat de gedumpte invoer op de communautaire markt waarschijnlijk nog zal toenemen gezien het bestaande prijsniveau van de communautaire producenten op hun markt, dat aanzienlijk hoger is dan het prijsniveau van de andere mogelijke exportmarkten van de vier betrokken landen;

c) het feit dat de ingevoerde produkten uit deze landen binnenkomen tegen prijzen die een belangrijke neerwaartse druk op de binnenlandse prijzen tot gevolg hebben en zeer waarschijnlijk, zoals tot nu toe het geval was, de vraag naar verdere invoer zal doen toenemen.

Uit al deze factoren heeft de Commissie afgeleid dat verdere invoer met dumping uit Israël, Mexico, Roemenië en Turkije op handen is en dat beschermende maatregelen nodig zijn omdat zich anders aanmerkelijke schade zal voordoen.

(23) Bij het vaststellen van de gevolgen van de invoer met dumping voor de bedrijfstak van de Gemeenschap heeft de Commissie de gevolgen nagegaan van alle invoer met dumping van alle betrokken landen en ondernemingen. Bepaalde exporteurs voerden aan dat de gevolgen van de uitvoer van ieder afzonderlijk dienden te worden beoordeeld en dat er geen dreiging van schade was, gezien het lage niveau van hun marktaandeel in de Gemeenschap.

Bij het onderzoeken of cumulatie in elk geval passend was, ging de Commissie na of de betrokken invoer met dumping bijdroeg tot de dreiging van schade voor de communautaire bedrijfstak. Voor het bereiken van haar conclusies ging de Commissie de vergelijkbaarheid van de ingevoerde produkten na met betrekking tot fysieke hoedanigheden, de toeneming van de omvang van de invoer aan de hand van vroegere vergelijkbare periodes, het aan produkten van alle leverende ondernemingen toe te schrijven lage prijsniveau en de mate waarin elk van de ingevoerde produkten in de Gemeenschap concurrerend was met het gelijksoortige produkt van de communautaire industrie. Op basis van dit onderzoek kwam de Commissie tot het inzicht dat de gedumpte invoer van de betrokken ondernemingen kon worden geacht te hebben bijgedragen tot de dreiging van schade en dat deze invoer plaatsvond onder dusdanige voorwaarden dat, wanneer de Commissie een onderneming afzonderlijk zou beoordelen, zij op discriminerende wijze ten aanzien van de rest zou handelen. De Commissie is derhalve tot de slotsom gekomen dat voor het vaststellen van het niveau van de dreigende schade voor de communautaire bedrijfstak de gevolgen van de gecumuleerde invoer met dumping van alle betrokken uitvoerende ondernemingen in aanmerking diende te worden genomen.

G. Belang van de Gemeenschap

(24) De verwerkende industrieën in de Gemeenschap hebben aangevoerd dat het invoeren van beschermende maatregelen niet in het belang van de Gemeenschap zou zijn, omdat zij daardoor minder concurrerend zouden worden ten opzichte van uit derde landen ingevoerde verwerkte produkten.

(25) Gezien het economische en sociale belang van de bedrijfstak van de Gemeenschap, enerzijds, en de relatief geringe invloed van een prijsverhoging op de kosten van de verwerkende industrie, anderzijds, is de Commissie evenwel tot de slotsom gekomen dat in het belang van de Gemeenschap maatregelen dienen te worden genomen.

(26) Aangezien echter acrylstapelvezels, gekaard, gekamd of op andere wijze bewerkt, tot de produkten behoren die onder de Overeenkomst tussen de Europese Gemeenschap en Roemenië betreffende de handel in textielprodukten (1) vallen, waarin kwantitatieve maxima voor deze categorie van produkten alsmede speciale procedures zijn vastgesteld, dient deze categorie van produkten momenteel te worden uitgezonderd van de ten aanzien van Roemenië te nemen maatregelen.

H. Kennisgeving

(27) De betrokken exporteurs werden in kennis gesteld van de belangrijkste resultaten van het voorlopig onderzoek en hebben hun opmerkingen dienaangaande kenbaar gemaakt. Het bewijsmateriaal en de berekeningen werden opnieuw onderzocht in het licht van deze opmerkingen. Waar nodig werden correcties aangebracht om rekening te houden met de argumenten van de exporteurs wanneer deze gerechtvaardigd werden geacht (zie punt 13).

I. Verbintenissen

(28) Vervolgens werden door alle exporteurs verbintenissen met betrekking tot hun uitvoer van acrylvezels naar de Gemeenschap aangeboden.

(29) De genoemde verbintenissen komen neer op een verhoging van de prijzen bij uitvoer naar de Gemeenschap tot het niveau dat nodig is om de tijdens het onderzoek vastgestelde dumpingmarge of, indien lager, de onderbieding op te heffen.

Onder deze omstandigheden worden de aangegane verbintenissen aanvaardbaar geacht en het onderzoek kan derhalve worden beëindigd zonder instelling van anti-dumpingrechten.

(30) Aangezien in het Raadgevend Comité door een Lid-Staat bezwaar werd gemaakt tegen deze gang van zaken, werd het onderzoek door de Commissie ten aanzien van deze ondernemingen niet afgesloten maar wordt een voorstel hiertoe door de Commissie bij de Raad ingediend,

BESLUIT:

Artikel 1

De Raad aanvaardt hierbij de verbintenissen die werden aangegaan door:

a) AK-PA Tekstil Ihracat Pazarlama AS, Istanboel, Turkije, in verband met de anti-dumpingprocedure betreffende acrylkabel voor de vervaardiging van acrylstapelvezels, vallende onder post ex 56.02 A van het gemeenschappelijk douanetarief, overeenkomende met NIMEXE-code ex 56.02-15, van oorsprong uit Turkije;

b) Israel Chemical Fibres Ltd, Ashdod, Israël, in verband met de anti-dumpingprocedure betreffende acrylstapelvezels, niet gekaard, gekamd of op andere wijze bewerkt met het oog op het spinnen, vallende onder post ex 56.01 A van het gemeenschappelijk douanetarief, overeenkomende met NIMEXE-code 56.01-15, en acrylkabel voor de vervaardiging van acrylstapelvezels, vallende onder post ex 56.02 A van het gemeenschappelijk douanetarief, overeenkomende met NIMEXE-code 56.02-15, van oorsprong uit Israël;

c) Celanese Mexicana SA, Mexico City, Mexico, in verband met de anti-dumpingprocedure betreffende acrylstapelvezels, niet gekaard, gekamd of op andere wijze bewerkt met het oog op het spinnen, vallende onder post ex 56.01 A van het gemeenschappelijk douanetarief, overeenkomende met NIMEXE-code 56.01-15, acrylkabel voor de vervaardiging van acrylstapelvezels, vallende onder post ex 56.02 A van het gemeenschappelijk douanetarief, overeenkomende met NIMEXE-code 56.02-15, en acrylstapelvezels, gekaard, gekamd of op andere wijze bewerkt met het oog op het spinnen, vallende onder post ex 56.04 A van het gemeenschappelijk douanetarief, overeenkomende met NIMEXE-code ex 56.04-15, van oorsprong uit Mexico;

d) Celulosa y Derivados SA, Guadalajara, Mexico, in verband met de anti-dumpingprocedure betreffende acrylstapelvezels, niet gekaard, gekamd of op andere wijze bewerkt met het oog op het spinnen, vallende onder post ex 56.01 A van het gemeenschappelijk douanetarief, overeenkomende met NIMEXE-code 56.01-15, acrylkabel voor de vervaardiging van acrylstapelvezels van post ex 56.02 A van het gemeenschappelijk douanetarief, overeenkomende met NIMEXE-code 56.02-15, en acrylstapelvezels, gekaard, gekamd of op andere wijze bewerkt met het oog op het spinnen, vallende onder post ex 56.04 A van het gemeenschappelijk douanetarief, overeenkomende met NIMEXE-code ex 56.04-15, van oorsprong uit Mexico;

e) Danubiana, Boekarest, Roemenië, in verband met de anti-dumpingprocedure betreffende acrylstapelvezels, niet gekaard, gekamd of op andere wijze bewerkt met het oog op het spinnen, vallende onder post ex 56.01 A van het gemeenschappelijk douanetarief, overeenkomende met NIMEXE-code 56.01-15, van oorsprong uit Roemenië.

Artikel 2

Het anti-dumpingonderzoek betreffende de invoer van bepaalde acrylvezels van oorsprong uit Israël, Mexico, Roemenië en Turkije wordt hierbij beëindigd.

Gedaan te Brussel, 22 september 1986.

Voor de Raad

De Voorzitter

M. JOPLING

(1) PB nr. L 201 van 30. 7. 1984, blz. 1.

(2) PB nr. C 159 van 29. 6. 1985, blz. 2.

(1) Zie Verordening (EEG) nr. 3589/82 van de Raad van 23 december 1982 (PB nr. L 374 van 31. 12. 1982, blz. 106).