31986D0026

86/26/EGKS: Beschikking van de Commissie van 27 januari 1986 houdende machtiging tot het toekennen van steun door het Koninkrijk België ten behoeve van de kolenmijnindustrie in het jaar 1985 (Slechts de teksten in de Franse en de Nederlandse taal zijn authentiek)

Publicatieblad Nr. L 033 van 08/02/1986 blz. 0034 - 0035


*****

BESCHIKKING VAN DE COMMISSIE

van 27 januari 1986

houdende machtiging tot het toekennen van steun door het Koninkrijk België ten behoeve van de kolenmijnindustrie in het jaar 1985

(Slechts de teksten in de Nederlandse en de Franse taal zijn authentiek)

(86/26/EGKS)

DE COMMISSIE VAN DE EUROPESE

GEMEENSCHAPPEN,

Gelet op Beschikking nr. 528/76/EGKS van de Commissie van 25 februari 1976 betreffende een communautaire regeling voor de steunmaatregelen van de Lid-Staten ten behoeve van de kolenmijnindustrie (1),

Na raadpleging van de Raad,

I

Overwegende dat de Regering van het Koninkrijk België de Commissie overeenkomstig artikel 2 van de beschikking de financiële maatregelen heeft medegedeeld die zij voornemens is in de loop van het jaar 1985 direct of indirect ten behoeve van de kolenmijnindustrie te treffen; dat van deze maatregelen de hierna te noemen steunbedragen overeenkomstig bovengenoemde beschikking voor goedkeuring in aanmerking komen:

1.2 // // (in miljoen Bfr.) // - investeringssteun // 588,0 // - verkrijgen van vakmensen // 14,6 // - steun ter dekking van de mijnbouwexploitatieverliezen // 4 796,3;

Overwegende dat de hierboven vermelde steun in overeenstemming is met de criteria die volgens de beschikking voor de toelaatbaarheid van dergelijke steunmaatregelen van de overheid als eis worden gesteld;

Overwegende dat de investeringssteun ten bedrage van 588 miljoen Bfr. bestemd is voor de Kempen, zodat het bekken de voor de Belgische staalindustrie zo belangrijke cokesproduktie op peil kan houden;

Overwegende dat de Belgische investeringssteun derhalve in overeenstemming is met de bepalingen van artikel 7, lid 2, van de beschikking;

Overwegende dat de steun voor het aanwerven en opleiden van vaklieden ten bedrage van 14,6 miljoen Bfr. noodzakelijk bleek ten einde de Belgische steenkolenmijnbouw in staat te stellen over personeel te beschikken dat de moderne installaties en machines naar behoren kan bedienen; dat deze steunmaatregel derhalve beantwoordt aan artikel 8 van de beschikking;

Het bekken in de Kempen ontvangt steun ter dekking van de exploitatieverliezen voor een bedrag van 4 796,3 miljoen Bfr., zodat dit bekken het verschil tussen kosten en opbrengst grotendeels kan compenseren; de volledige dekking van het verschil tussen kosten en opbrengsten is noodzakelijk omdat uit het Kempische bekken de kolenvoorziening van de Belgische staalindustrie moet worden gewaarborgd en bijgevolg de produktie op peil moet worden gehouden;

Overwegende dat het doel en de omvang van de steun ter dekking van de exploitatieverliezen aan het Kempische bekken derhalve in overeenstemming zijn met het bepaalde in artikel 2, lid 1, punt 2, en lid 3, van de beschikking;

II

Overwegende dat het onderzoek naar de verenigbaarheid van de voorgenomen steun met de goede werking van de gemeenschappelijke markt, overeenkomstig artikel 3, lid 2, van de beschikking, vereist dat tevens rekening wordt gehouden met alle overige maatregelen ten behoeve van de lopende produktie in het jaar 1985;

Overwegende dat op basis van deze berekeningsgrondslag de totale som van de voorgenomen steunmaatregelen 231 200 000 Ecu, dat is 35,03 Ecu/ton bedraagt; dat in vergelijking met 1984 (34,03 Ecu/ton) 1985 een toename van 2,9 % te zien geeft;

Overwegende dat met betrekking tot de verenigbaarheid van de voorgenomen steunmaatregelen voor de lopende produktie met de goede werking van de gemeenschappelijke markt het volgende kan worden vastgesteld:

- in 1985 zijn er geen bevoorradingsmoeilijkheden ontstaan;

- de prijzen van ketel- en cokeskolen hebben in 1985 niet geleid tot indirecte steun aan de industriële kolenverbruikers.

Overwegende dat derhalve kan worden vastgesteld dat de voor het jaar 1985 voorgenomen steunbedragen ten behoeve van de Belgische kolenmijnindustrie verenigbaar zijn met de goede werking van de gemeenschappelijke markt;

Overwegende dat deze beoordeling tevens geldt indien de steunbedragen die de kolenmijnondernemingen overeenkomstig Beschikking 73/287/EGKS van de Commissie (2) ontvangen, in aanmerking worden genomen;

III

Overwegende dat overeenkomstig artikel 14, lid 1, van de beschikking de Commissie zich ervan dient te vergewissen of de goedgekeurde steun uitsluitend gebruikt wordt overeenkomstig de in de artikelen 7 tot en met 12 van de beschikking genoemde doelstellingen; dat zij daarom in het bijzonder op de hoogte dient te worden gebracht van het bedrag en de verdeling van de uitkeringen,

HEEFT DE VOLGENDE BESCHIKKING GEGEVEN:

Artikel 1

Het Koninkrijk België wordt machtiging verleend voor het kalenderjaar 1985 steun ten bedrage van 5 398 900 000 Bfr. toe te kennen aan de Belgische kolenmijnindustrie.

Het voor het kalenderjaar 1985 uitgetrokken bedrag van 5 398 900 000 Bfr. is onderverdeeld in de volgende steunbedragen:

1. toekenning van een maximumbedrag van 588 000 000 Bfr. voor investeringen;

2. toekenning van steun voor het aanwerven en opleiden van vaklieden tot een bedrag van 14 600 000 Bfr.;

3. toekenning van steun ter dekking van de mijnexploitatieverliezen tot een bedrag van 4 796 300 000 Bfr.

Artikel 2

De Regering van het Koninkrijk België verstrekt de Commissie uiterlijk op 31 maart 1986 bijzonderheden over de op grond van deze beschikking toegekende steunbedragen, in het bijzonder over het bedrag en de verdeling van de verrichte uitkeringen.

Artikel 3

Deze beschikking is gericht tot het Koninkrijk België.

Gedaan te Brussel, 27 januari 1986.

Voor de Commissie

Nicolas MOSAR

Lid van de Commissie

(1) PB nr. L 63 van 11. 3. 1976, blz. 1.

(2) PB nr. L 259 van 15. 9. 1973, blz. 36.