31985R2602

Verordening (EEG) nr. 2602/85 van de Commissie van 16 september 1985 betreffende de verkoop overeenkomstig de in Verordening (EEG) nr. 2539/84 vastgestelde procedure van door bepaalde interventiebureaus opgeslagen en voor uitvoer bestemd rundvlees en houdende wijziging van Verordening (EEG) nr. 1687/76

Publicatieblad Nr. L 248 van 17/09/1985 blz. 0012 - 0015
Bijzondere uitgave in het Spaans: Hoofdstuk 03 Deel 37 blz. 0246
Bijzondere uitgave in het Portugees: Hoofdstuk 03 Deel 37 blz. 0246


*****

VERORDENING (EEG) Nr. 2602/85 VAN DE COMMISSIE

van 16 september 1985

betreffende de verkoop overeenkomstig de in Verordening (EEG) nr. 2539/84 vastgestelde procedure van door bepaalde interventiebureaus opgeslagen en voor uitvoer bestemd rundvlees en houdende wijziging van Verordening (EEG) nr. 1687/76

DE COMMISSIE VAN DE EUROPESE

GEMEENSCHAPPEN,

Gelet op het Verdrag tot oprichting van de Europese Economische Gemeenschap,

Gelet op Verordening (EEG) nr. 805/68 van de Raad van 27 juni 1968 houdende een gemeenschappelijke ordening der markten in de sector rundvlees (1), laatstelijk gewijzigd bij de Akte van Toetreding van Griekenland, en met name op artikel 7, lid 3,

Overwegende dat Verordening (EEG) nr. 2539/84 van de Commissie van 5 september 1984 houdende bijzondere voorschriften voor bepaalde soorten verkoop van bevroren rundvlees uit de voorraden van de interventiebureaus (2) voorziet in de mogelijkheid om bij de verkoop van rundvlees uit interventievoorraden een procedure in twee fasen toe te passen;

Overwegende dat bepaalde interventiebureaus voorraden rundvlees in hun bezit hebben, dat in 1983 is aangekocht; dat moet worden voorkomen dat dit vlees nog langer wordt opgeslagen wegens de hoge kosten die daaruit voortvloeien; dat het derhalve dienstig is gebruik te maken van de in Verordening (EEG) nr. 2539/84 vastgestelde verkoopprocedure;

Overwegende dat voor de uitvoer van het betrokken vlees een termijn moet worden vastgesteld; dat deze termijn moet worden vastgesteld met inachtneming van het bepaalde in artikel 5, sub b), van Verordening (EEG) nr. 2377/80 van de Commissie van 4 september 1980 houdende bijzondere bepalingen voor de toepassing van het stelsel van invoer- en uitvoercertificaten in de sector rundvlees (3), laatstelijk gewijzigd bij Verordening (EEG) nr. 552/85 (4);

Overwegende dat de uitvoer van het op grond van deze verordening verkochte vlees moet worden gegarandeerd door het stellen van een waarborg waarvan het bedrag kan verschillen van het in artikel 15 van Verordening (EEG) nr. 2173/79 vastgestelde bedrag; dat deze waarborg moet worden vrijgegeven wanneer het bewijs bedoeld in artikel 12 van Verordening (EEG) nr. 1687/76 van de Commissie (5), laatstelijk gewijzigd bij Verordening (EEG) nr. 1591/85 (6), wordt geleverd binnen de in artikel 31 van Verordening (EEG) nr. 2730/79 van de Commissie (7), laatstelijk gewijzigd bij Verordening (EEG) nr. 568/85 (8), vastgestelde termijn;

Overwegende dat de door de interventiebureaus opgeslagen produkten welke bestemd zijn voor uitvoer, onder de toepassing vallen van Verordening (EEG) nr. 1687/76; dat bijlage I van de genoemde verordening met de vermeldingen die moeten worden aangebracht in het controle-exemplaar moet worden aangevuld;

Overwegende dat Verordening (EEG) nr. 1291/85 van de Commissie (9) moet worden ingetrokken;

Overwegende dat de in deze verordening vervatte maatregelen in overeenstemming zijn met het advies van het Comité van beheer voor rundvlees,

HEEFT DE VOLGENDE VERORDENING

VASTGESTELD:

Artikel 1

1. Er wordt overgegaan tot de verkoop van ongeveer:

- 400 ton door het Deense interventiebureau opgeslagen rundvlees zonder been, dat is overgenomen vóór 1 januari 1984;

- 2 900 ton door het Ierse interventiebureau opgeslagen rundvlees zonder been, dat is overgenomen vóór 1 oktober 1983,

- 4 000 ton rundvlees, zonder been, dat door het Duitse interventiebureau is opgeslagen en dat vóór 1 januari 1984 werd ingeslagen;

- 1 000 ton rundvlees, zonder been, dat door het interventiebureau van het Verenigd Koninkrijk is opgeslagen en dat vóór 1 januari 1984 werd ingeslagen.

Het vlees is bestemd voor uitvoer.

2. De verkoop vindt plaats overeenkomstig het bepaalde in Verordening (EEG) nr. 2539/84.

De bepalingen van Verordening (EEG) nr. 985/81 zijn niet van toepassing bij deze verkoop.

3. De kwaliteiten en de minimumprijzen bedoeld in artikel 3, lid 1, van Verordening (EEG) nr. 2539/84 zijn aangegeven in bijlage I bij deze verordening.

4. Alleen offertes die uiterlijk op 23 september 1985 om 12.00 uur in het bezit zijn van de betrokken interventiebureaus zullen in aanmerking worden genomen.

5. Belangstellenden kunnen op de in bijlage II vermelde adressen inlichtingen verkrijgen over de hoeveelheden en de plaatsen waar de produkten zijn opgeslagen.

Artikel 2

De in artikel 1 bedoelde produkten moeten worden uitgevoerd binnen zes maanden na de datum waarop het verkoopcontract is gesloten.

Artikel 3

1. De in artikel 5 van Verordening (EEG) nr. 2539/84 bedoelde waarborg bedraagt 280 Ecu per 100 kg voor het vlees bedoeld onder het eerste, tweede, derde en vierde streepje van artikel 1, lid 1.

2. Onverminderd de bepalingen van artikel 15, leden 2 en 3, van Verordening (EEG) nr. 2173/79 wordt de in lid 1 bedoelde waarborg vrijgegeven wanneer het in artikel 12 van Verordening (EEG) nr. 1687/76 bedoelde bewijs is geleverd.

3. Dit bewijs wordt geleverd binnen de in artikel 31 van Verordening (EEG) nr. 2730/79 vastgestelde termijn.

Artikel 4

Verordening (EEG) nr. 1687/76 wordt als volgt gewijzigd:

Aan de bijlage, deel I »Produkten voor uitvoer in de staat waarin zij uit de interventievoorraad zijn uitgeslagen" worden het onderstaande punt en de daarop betrekking hebbende voetnoot toegevoegd:

»19. Verordening (EEG) nr. 2602/85 van de Commissie van 16 september 1985 betreffende de verkoop overeenkomstig de in Verordening (EEG) nr. 2539/84 vastgestelde procedure van door bepaalde interventiebureaus opgeslagen en voor uitvoer bestemd rundvlees (19).

(19) PB nr. L 248 van 17. 9. 1985, blz. 12.".

Artikel 5

Verordening (EEG) nr. 1291/85 wordt ingetrokken.

Artikel 6

Deze verordening treedt in werking op de dag volgende op die van haar bekendmaking in het Publikatieblad van de Europese Gemeenschappen.

Deze verordening is verbindend in al haar onderdelen en is rechtstreeks toepasselijk in elke Lid-Staat.

Gedaan te Brussel, 16 september 1985.

Voor de Commissie

Frans ANDRIESSEN

Vice-Voorzitter

(1) PB nr. L 148 van 28. 6. 1968, blz. 24.

(2) PB nr. L 238 van 6. 9. 1984, blz. 13.

(3) PB nr. L 241 van 13. 9. 1980, blz. 5.

(4) PB nr. L 63 van 2. 3. 1985, blz. 13.

(5) PB nr. L 190 van 14. 7. 1976, blz. 1.

(6) PB nr. L 154 van 13. 6. 1985, blz. 31.

(7) PB nr. L 317 van 12. 12. 1979, blz. 1.

(8) PB nr. L 65 van 6. 3. 1985, blz. 5.

(9) PB nr. L 133 van 22. 5. 1985, blz. 11.