31985R0591

Verordening (EEG) nr. 591/85 van de Raad van 26 februari 1985 tot wijziging van Verordening (EEG) nr. 804/68 houdende een gemeenschappelijke ordening der markten in de sector melk en zuivelprodukten en van Verordening (EEG) nr. 857/84 houdende algemene voorschriften voor de toepassing van de in artikel 5 quater van Verordening (EEG) nr. 804/68 bedoelde heffing in de sector melk en zuivelprodukten

Publicatieblad Nr. L 068 van 08/03/1985 blz. 0005 - 0005
Bijzondere uitgave in het Spaans: Hoofdstuk 03 Deel 33 blz. 0251
Bijzondere uitgave in het Portugees: Hoofdstuk 03 Deel 33 blz. 0251
Bijzondere uitgave in het Fins: Hoofdstuk 3 Deel 18 blz. 0115
Bijzondere uitgave in het Zweeds: Hoofdstuk 3 Deel 18 blz. 0115


*****

VERORDENING (EEG) Nr. 591/85 VAN DE RAAD

van 26 februari 1985

tot wijziging van Verordening (EEG) nr. 804/68 houdende een gemeenschappelijke ordening der markten in de sector melk en zuivelprodukten en van Verordening (EEG) nr. 857/84 houdende algemene voorschriften voor de toepassing van de in artikel 5 quater van Verordening (EEG) nr. 804/68 bedoelde heffing in de sector melk en zuivelprodukten

DE RAAD VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN,

Gelet op het Verdrag tot oprichting van de Europese Economische Gemeenschap, inzonderheid op artikel 43,

Gezien het voorstel van de Commissie,

Gezien het advies van het Europese Parlement (1),

Overwegende dat bij artikel 5 quater, lid 3, van Verordening (EEG) nr. 804/68 (2), zoals ingevoerd bij Verordening (EEG) nr. 856/84 (3), voor elke Lid-Staat de totale hoeveelheid melk en melkequivalent is vastgesteld van de leveringen aan bedrijven die melk of andere zuivelprodukten bewerken of verwerken, voor het tijdvak van 2 april 1984 tot 31 maart 1985 en voor de vier daaropvolgende tijdvakken van twaalf maanden; dat deze hoeveelheid niet mag worden overschreden;

Overwegende dat in de bijlage bij Verordening (EEG) nr. 857/84 (4) voor elke Lid-Staat voor dezelfde tijdvakken de totale hoeveelheid melk en melkequivalent is vastgesteld voor rechtstreekse verkoop aan de consument; dat deze hoeveelheid niet mag worden overschreden;

Overwegende dat de vermindering van de boterproduktie op de boerderij in België leidt tot een herziening in nederwaartse richting van de totale hoeveelheid van de rechtstreekse verkoop aan de consument en tot een verhoging van dezelfde omvang van de totale hoeveelheid van de leveringen; dat voor België de totale hoeveelheden van de leveringen enerzijds en van de rechtstreekse verkoop aan de consument anderzijds derhalve moeten worden gecorrigeerd,

HEEFT DE VOLGENDE VERORDENING

VASTGESTELD:

Artikel 1

Artikel 5 quater van Verordening (EEG) nr. 804/68 wordt als volgt gewijzigd:

1. In lid 3, tweede alinea, wordt voor België »3 106" vervangen door »3 131".

2. In lid 3, derde alinea, wordt voor België »3 138" vervangen door »3 163".

Artikel 2

In de bijlage bij Verordening (EEG) nr. 857/84 wordt voor België »505" vervangen door »480".

Artikel 3

Deze verordening treedt in werking op de dag van haar bekendmaking in het Publikatieblad van de Europese Gemeenschappen.

Deze verordening is verbindend in al haar onderdelen en is rechtstreeks toepasselijk in elke Lid-Staat.

Gedaan te Brussel, 26 februari 1985.

Voor de Raad

De Voorzitter

F. M. PANDOLFI

(1) Advies uitgebracht op 15 februari 1985 (nog niet verschenen in het Publikatieblad).

(2) PB nr. L 148 van 28. 6. 1968, blz. 13.

(3) PB nr. L 90 van 1. 4. 1984, blz. 10.

(4) PB nr. L 90 van 1. 4. 1984, blz. 13.