31983R3040

Verordening (EEG) nr. 3040/83 van de Commissie van 28 oktober 1983 tot vaststelling van een aantal uitvoeringsbepalingen van de artikelen 2 en 14 van Verordening (EEG) nr. 1430/79 van de Raad betreffende terugbetaling of kwijtschelding van in- of uitvoerrechten

Publicatieblad Nr. L 297 van 29/10/1983 blz. 0013
Bijzondere uitgave in het Spaans: Hoofdstuk 02 Deel 10 blz. 0072
Bijzondere uitgave in het Portugees: Hoofdstuk 02 Deel 10 blz. 0072


*****

VERORDENING (EEG) Nr. 3040/83 VAN DE COMMISSIE

van 28 oktober 1983

tot vaststelling van een aantal uitvoeringsbepalingen van de artikelen 2 en 14 van Verordening (EEG) nr. 1430/79 van de Raad betreffende terugbetaling of kwijtschelding van in- of uitvoerrechten

DE COMMISSIE VAN DE EUROPESE

GEMEENSCHAPPEN,

Gelet op het Verdrag tot oprichting van de Europese Economische Gemeenschap,

Gelet op Verordening (EEG) nr. 1430/79 van de Raad van 2 juli 1979 betreffende terugbetaling of kwijtschelding van in- of uitvoerrechten (1), gewijzigd bij Verordening (EEG) nr. 1672/82 (2), inzonderheid op artikel 25, lid 2,

Overwegende dat uit de sedert de inwerkingtreding van Verordening (EEG) nr. 1430/79 opgedane ervaring de noodzaak is gebleken om een aantal uitvoeringsbepalingen van artikel 2 van genoemde verordening vast te stellen;

Overwegende dat het met name gewenst is het in lid 1 van genoemd artikel 2 voorkomende begrip »bedrag dat wettelijk mocht worden geïnd" te verduidelijken; dat deze verduidelijking onder andere noodzakelijk is om de voorwaarden vast te stellen waaronder de betrokkene terugbetaling, respectievelijk kwijtschelding van rechten bij invoer kan verkrijgen, wanneer is vastgesteld dat de goederen waarop zijn verzoek betrekking heeft, op de datum van aanvaarding van de desbetreffende aangifte voor het vrije verkeer aan alle voorwaarden van de geldende voorschriften voldeden om voor een preferentiële tariefbehandeling in aanmerking te komen; dat meer in het bijzonder de regels dienen te worden vastgesteld voor het geval waarin de betrokken preferentiële tariefbehandeling in het kader van een tariefcontingent, een al dan niet verdeeld tariefplafond of een andere soortgelijke tariefmaatregel toepassing vindt;

Overwegende dat de bepalingen met betrekking tot de terugbetaling of kwijtschelding van invoerrechten niet mogen worden ingeroepen om, in het bijzonder op het gebied van het gemeenschappelijk landbouwbeleid, de geldende specifieke voorschriften voor het in het vrije verkeer brengen van goederen te doorkruisen; dat daardoor met name niet overlegging achteraf mogelijk mag worden van documenten, waarvan, om in aanmerking te worden genomen, in de betrokken voorschriften is bepaald dat zij op het tijdstip van de aanvaarding van de aangifte voor het vrije verkeer moeten worden overgelegd; dat dit het geval is bij de certificaten met voorfixatie van de heffingen of met voorfixatie van de heffingen en de monetaire compenserende bedragen in het kader van het gemeenschappelijk landbouwbeleid;

Overwegende dat de bepalingen van de onderhavige verordening op terugbetaling of kwijtschelding van uitvoerrechten van overeenkomstige toepassing dienen te zijn;

Overwegende dat de in deze verordening vervatte maatregelen in overeenstemming zijn met het advies van het Comité douanevrijstellingen,

HEEFT DE VOLGENDE VERORDENING

VASTGESTELD:

Artikel 1

1. In de zin van artikel 2 van Verordening (EEG) nr. 1430/79 wordt onder bedrag dat wettelijk mocht worden geïnd verstaan het bedrag aan rechten bij invoer dat krachtens de op de datum van aanvaarding van de aangifte voor het in het vrije verkeer brengen geldende voorschriften, waaronder de bepalingen inzake toekenning van een verlaagd of van een nulrecht, voor de betrokken goederen had moeten worden geïnd, indien alle voor de toepassing van die voorschriften vereiste gegevens en documenten regelmatig zouden zijn aangegeven, respectievelijk overgelegd, en voor de berekening van die rechten daadwerkelijk door de bevoegde autoriteiten in aanmerking zouden zijn genomen.

2. Wanneer het verzoek om terugbetaling of kwijtschelding berust op het bestaan, op de datum van aanvaarding van de aangifte voor het in het vrije verkeer brengen van de goederen, van een verlaagd of een nulrecht bij invoer dat binnen het kader van een tariefcontingent, van een al dan niet verdeeld tariefplafond of van een andere soortgelijke tariefmaatregel geldt, mag het verzoek zelfs na het verstrijken van de termijn waarvoor de betrokken maatregel was vastgesteld, worden ingediend.

Terugbetaling, respectievelijk kwijtschelding wordt slechts toegestaan voor zover op de datum van indiening van het van de nodige documenten vergezelde verzoek tot terugbetaling of kwijtschelding:

- indien het een tariefcontingent of een verdeeld tariefplafond betreft, de bij dit contingent, onderscheidenlijk verdeeld tariefplafond voor het in het vrije verkeer brengen van de betrokken goederen in de Gemeenschap vastgestelde maxima niet zijn bereikt;

- indien het een onverdeeld tariefplafond of een andere soortgelijke tariefmaatregel betreft, wederinvoering van het normale recht niet heeft plaatsgevonden.

Zelfs indien de in de vorige alinea genoemde voorwaarden niet zijn vervuld, wordt terugbetaling of kwijtschelding evenwel toegestaan, wanneer het verlaagde of het nulrecht ten gevolge van een door de bevoegde autoriteiten zelf begane vergissing niet op goederen is toegepast waarvan de aangifte voor het in het vrije verkeer brengen alle gegevens bevatte en van alle voor de toepassing van het verlaagde recht of van het nulrecht vereiste documenten vergezeld was.

3. Indien tot staving van het verzoek om terugbetaling of kwijtschelding een certificaat van oorsprong, een certificaat inzake goederenverkeer, een document inzake intern communautair douanevervoer of een als zodanig geldend document, dan wel enig ander passend document wordt overgelegd, waaruit blijkt dat de ingevoerde goederen op het tijdstip van de aanvaarding van de aangifte tot het in het vrije verkeer brengen in aanmerking hadden kunnen komen voor een communautaire of voor een preferentiële tariefbehandeling, geven de bevoegde autoriteiten aan dit verzoek slechts gevolg voor zover naar behoren is vastgesteld, dat:

- het aldus overgelegde document uitsluitend betrekking heeft op de desbetreffende goederen en alle voorwaarden betreffende de aanvaarding van dit document vervuld zijn;

- aan alle overige voorwaarden voor verlening van de preferentiële tariefbehandeling is voldaan.

Terugbetaling, respectievelijk kwijtschelding geschiedt bij aanbieding van de goederen. Indien de goederen niet bij de bevoegde autoriteiten kunnen worden aangeboden staan deze terugbetaling, respectievelijk kwijtschelding, slechts toe, indien uit de controlegegevens waarover zij beschikken, blijkt dat het achteraf aangeboden certificaat of document ondubbelzinnig op de genoemde goederen betrekking heeft.

4. Certificaten met voorfixatie van de heffingen of met voorfixatie van de heffingen en de monetaire compenserende bedragen in het kader van het gemeenschappelijk landbouwbeleid mogen niet ter staving van een verzoek om terugbetaling of om kwijtschelding worden aanvaard.

5. Voor de toepassing van dit artikel wordt in voorkomend geval als datum van aanvaarding van de afgifte voor het in het vrije verkeer brengen de datum aangemerkt, waarop eender welke andere handeling met overeenkomstig de geldende bepalingen dezelfde rechtsgevolgen als deze aanvaarding wordt verricht.

Artikel 2

De bepalingen van deze verordening zijn van overeenkomstige toepassing op terugbetaling, respectievelijk kwijtschelding van uitvoerrechten.

Artikel 3

Deze verordening treedt in werking op 1 januari 1984.

Zij geldt voor verzoeken om terugbetaling, respectievelijk kwijtschelding, van met ingang van die datum geboekte in- of van uitvoerrechten.

Deze verordening is verbindend in al haar onderdelen en is rechtstreeks toepasselijk in elke Lid-Staat.

Gedaan te Brussel, 28 oktober 1983.

Voor de Commissie

Karl-Heinz NARJES

Lid van de Commissie

(1) PB nr. L 175 van 12. 7. 1979, blz. 1.

(2) PB nr. L 186 van 30. 6. 1982, blz. 1.