31983R0198

Verordening (EEG) nr. 198/83 van de Raad van 25 januari 1983 betreffende een tijdelijke regeling voor de visserijactiviteiten in de onder de soevereiniteit of de jurisdictie van de Lid-Staten vallende wateren, in afwachting van de vaststelling van de TAC' s en quota voor 1983

Publicatieblad Nr. L 025 van 27/01/1983 blz. 0032 - 0032


*****

VERORDENING (EEG) Nr. 198/83 VAN DE RAAD

van 25 januari 1983

betreffende een tijdelijke regeling voor de visserijactiviteiten in de onder de soevereiniteit of de jurisdictie van de Lid-Staten vallende wateren, in afwachting van de vaststelling van de TAC's en quota voor 1983

DE RAAD VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN,

Gelet op het Verdrag tot oprichting van de Europese Economische Gemeenschap,

Gelet op Verordening (EEG) nr. 170/83 van de Raad van 25 januari 1983 tot instelling van een communautaire regeling voor de instandhouding en het beheer van de visbestanden (1), inzonderheid op artikel 11,

Gezien het voorstel van de Commissie,

Overwegende dat de Raad op 25 januari 1983 een gemeenschappelijk visserijbeleid heeft vastgesteld dat met name betrekking heeft op de vaststelling van de totaal toegestane vangsten (TAC) en de quota voor 1982, een regeling voor de toegang en een structuurbeleid;

Overwegende dat, in afwachting van de voorstellen van de Commissie voor de TAC's en quota in 1983, de verdere uitoefening van de visserijactiviteiten door vaartuigen van de Lid-Staten moet worden gewaarborgd op basis van de voor 1982 vastgestelde hoeveelheden, zulks met inachtneming van de doelstellingen inzake instandhouding;

Overwegende dat de visserij op makreel van het bestand »Oost", die in 1982 verboden was, ingevolge de overeenkomst met Noorwegen voor beperkte hoeveelheden kan worden toegestaan,

HEEFT DE VOLGENDE VERORDENING

VASTGESTELD:

Artikel 1

In afwachting van een besluit van de Raad over de voorstellen van de Commissie inzake de TAC's en quota voor 1983, oefenen de vaartuigen die de vlag van de Lid-Staten voeren voorlopig hun visserijactiviteiten uit met inachtneming van de gebruikelijke seizoencycli, overeenkomstig Verordening (EEG) nr. 172/83 (2). De visserij op makreel is echter toegestaan in ICES-gebied IIIa, IIIb, c, d (EEG-zone), IIa (EEG-zone) en IV door vaartuigen die de vlag van Denemarken of België voeren, en wel tot de volgende hoeveelheden voor het gehele jaar 1983:

- Denemarken: 6 400 ton,

- België: 100 ton.

Artikel 2

Deze verordening treedt in werking op de dag van haar bekendmaking in het Publikatieblad van de Europese Gemeenschappen.

Zij is van toepassing met ingang van 1 januari 1983.

Deze verordening is verbindend in al haar onderdelen en is rechtstreeks toepasselijk in elke Lid-Staat.

Gedaan te Brussel, 25 januari 1983.

Voor de Raad

De Voorzitter

J. ERTL

(1) PB nr. L 24 van 27. 1. 1983, blz. 1.

(2) PB nr. L 24 van 27. 1. 1983.