Verordening (EEG) nr. 1585/82 van de Commissie van 21 juni 1982 tot vaststelling, voor het verkoopseizoen 1982/1983, van de aan de telers te betalen minimumprijs, alsmede van het bedrag van de steun bij de produktie voor bepaalde verwerkte produkten op basis van groenten en fruit
Publicatieblad Nr. L 178 van 22/06/1982 blz. 0020 - 0023
***** VERORDENING (EEG) Nr. 1585/82 VAN DE COMMISSIE van 21 juni 1982 tot vaststelling, voor het verkoopseizoen 1982/1983, van de aan de telers te betalen minimumprijs, alsmede van het bedrag van de steun bij de produktie voor bepaalde verwerkte produkten op basis van groenten en fruit DE COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN, Gelet op het Verdrag tot oprichting van de Europese Economische Gemeenschap, Gelet op de Akte van Toetreding van Griekenland, Gelet op Verordening (EEG) nr. 516/77 van de Raad van 14 maart 1977 houdende een gemeenschappelijke ordening der markten in de sector van op basis van groenten en fruit verwerkte produkten (1), laatstelijk gewijzigd bij Verordening (EEG) nr. 1118/81 (2), en met name op artikel 3 quater, Overwegende dat de aan de telers te betalen minimumprijs overeenkomstig artikel 3 bis, lid 3, van Verordening (EEG) nr. 516/77 voor alle Lid-Staten behalve Griekenland wordt berekend op basis van: - het niveau van de in het voorafgaande verkoopseizoen geldende minimumprijs, en - de ontwikkeling van de produktiekosten in de sector groenten en fruit; Overwegende dat volgens deze criteria de minimumprijs voor alle Lid-Staten behalve Griekenland op de hierna aangegeven bedragen moet worden vastgesteld; Overwegende dat in artikel 3 ter van de voornoemde verordening de criteria zijn vastgesteld aan de hand waarvan de steun bij de produktie moet worden berekend; dat volgens die criteria de steun voor alle Lid-Staten behalve Griekenland op de hierna aangegeven bedragen moet worden vastgesteld; Overwegende dat ten aanzien van Griekenland bij toepassing van artikel 103 van de Akte van Toetreding de aan de Griekse telers te betalen minimumprijs wordt vastgesteld op de grondslag van de prijzen die in Griekenland aan te telers van dat land werden betaald gedurende de in artikel 1 van Verordening (EEG) nr. 41/81 van de Raad (3) vastgestelde referentieperiode en dat deze prijs wordt aangepast ten einde rekening te houden met het verschil tussen de prijs voor Griekenland en de voor de overige Lid-Staten vastgestelde prijs; Overwegende dat volgens die criteria de minimumprijs voor Griekenland op de hierna aangegeven bedragen moet worden vastgesteld; Overwegende dat ten aanzien van Griekenland in voornoemd artikel 103 de criteria zijn vastgesteld aan de hand waarvan de steun bij de produktie moet worden berekend; Overwegende dat volgens die criteria de steun voor Griekenland op de hierna aangegeven bedragen moet worden vastgesteld; Overwegende dat in verband met de vertraging bij de vaststelling van de produktiesteun en de minimumprijs voor kersen voor het verkoopseizoen 1982/1983 dient te worden voorzien in toepassing van deze verordening vanaf het begin van het verkoopseizoen voor deze produkten; Overwegende dat het Comité van beheer voor op basis van groenten en fruit verwerkte produkten geen advies heeft uitgebracht binnen de door zijn voorzitter bepaalde termijn; HEEFT DE VOLGENDE VERORDENING VASTGESTELD: Artikel 1 1. Voor het verkoopseizoen 1982/1983 wordt de in artikel 3 bis, lid 3, van Verordening (EEG) nr. 516/77 bedoelde minimumprijs die aan de teler moet worden betaald per 100 kg tomaten nettogewicht, af-oogstplaats, bestemd voor de vervaardiging van tomatenconcentraat, vastgesteld op: - 9,878 Ecu voor alle Lid-Staten behalve Griekenland, en - 7,056 Ecu voor Griekenland. 2. Voor het verkoopseizoen 1982/1983 wordt voor tomatenconcentraat per 100 kg de in artikel 3 bis van Verordening (EEG) nr. 516/77 bedoelde produktiesteun voor het volgende produkt, inclusief onmiddellijke verpakking, vastgesteld op: 1.2.3.4 // // // // // Nr. van het gemeenschappelijk douanetarief // Omschrijving // Kwaliteit // Verpakking // // // // // ex 20.02 C // Tomatenconcentraat // Drogestofgehalte: ten minste 28 %, maar minder dan 30 % // In onmiddellijke verpakking van ten ministe 1,5 kg // 30. 4. 1981, blz. 10. (3) PB nr. L 3 van 1. 1. 1981, blz. 12. - 45,53 Ecu voor alle Lid-Staten behalve Griekenland, en - 33,49 Ecu voor Griekenland. Artikel 2 1. Voor het verkoopseizoen 1982/1983 wordt de in artikel 3 bis, lid 3, van Verordening (EEG) nr. 516/77 bedoelde minimumprijs die aan de teler moet worden betaald per 100 kg tomaten nettogewicht, af-oogstplaats, bestemd voor de produktie van conserven van hele tomaten zonder schil en hele bevroren tomaten zonder schil van post ex 20.02 C en post ex 07.02 B van het gemeenschappelijk douanetarief, als volgt vastgesteld: Voor het ras »San Marzano": - 16,516 Ecu voor alle Lid-Staten behalve Griekenland, en - 12,565 Ecu voor Griekenland. Voor het ras »Roma" en andere dergelijke rassen: - 12,452 Ecu voor alle Lid-Staten behalve Griekenland, en - 9,103 Ecu voor Griekenland. 2. Voor het verkoopseizoen 1982/1983 wordt voor conserven van hele tomaten zonder schil en voor hele bevroren tomaten zonder schil van post ex 20.02 C en post ex 07.02 B van het gemeenschappelijk douanetarief de in artikel 3 bis van Verordening (EEG) nr. 516/77 bedoelde produktiesteun per 100 kg, inclusief onmiddellijke verpakking, als volgt vastgesteld: Voor het ras »San Marzano": - 18,74 Ecu voor alle Lid-Staten behalve Griekenland, en - 16,61 Ecu voor Griekenland. Voor het ras »Roma" en andere dergelijke rassen: - 13,58 Ecu voor alle Lid-Staten behalve Griekenland, en - 12,85 Ecu voor Griekenland. 3. Voor het verkoopseizoen 1982/1983 wordt de in artikel 3 bis, lid 3, van Verordening (EEG) nr. 516/77 bedoelde minimumprijs die aan de teler moet worden betaald per 100 kg tomaten nettogewicht, af-oogstplaats, bestemd voor de produktie van conserven van tomaten zonder schil, in delen, en bevroren tomaten zonder schil in delen, vastgesteld op: - 10,295 Ecu voor alle Lid-Staten behalve Griekenland, en - 7,530 Ecu voor Griekenland. 4. Voor het betrokken verkoopseizoen wordt voor conserven van tomaten zonder schil, in delen, en bevroren tomaten zonder schil in delen, van post ex 20.02 C en post ex 07.02 B van het gemeenschappelijk douanetarief de in artikel 3 bis van Verordening (EEG) nr. 516/77 bedoelde produktiesteun per 100 kg, inclusief onmiddellijke verpakking, vastgesteld op: - 6,65 Ecu voor alle Lid-Staten behalve Griekenland, en - 6,30 Ecu voor Griekenland. Artikel 3 1. Voor het verkoopseizoen 1982/1983 wordt de in artikel 3 bis, lid 3, van Verordening (EEG) nr. 516/77 bedoelde minimumprijs die aan de teler moet worden betaald per 100 kg tomaten nettogewicht, af-oogstplaats, bestemd voor de produktie van tomatenvlokken van post ex 07.04 B van het gemeenschappelijk douanetarief, vastgesteld op: - 12,452 Ecu voor alle Lid-Staten behalve Griekenland, en - 9,103 Ecu voor Griekenland. 2. Voor het betrokken verkoopseizoen wordt voor tomatenvlokken van post ex 07.04 B van het gemeenschappelijk douanetarief de in artikel 3 bis van Verordening (EEG) nr. 516/77 bedoelde produktiesteun per 100 kg, inclusief onmiddelllijke verpakking, vastgesteld op: - 160,- Ecu voor alle Lid-Staten behalve Griekenland, en - 117,69 Ecu voor Griekenland. Artikel 4 1. Voor het verkoopseizoen 1982/1983 wordt de in artikel 3 bis, lid 3, van Verordening (EEG) nr. 516/77 bedoelde minimumprijs die aan de teler moet worden betaald per 100 kg tomaten nettogewicht, af-oogstplaats, bestemd voor de produktie van tomatesap van post ex 20.07 van het gemeenschappelijk douanetarief, vastgesteld op: - 10,295 Ecu voor alle Lid-Staten behalve Griekenland, en - 7,238 Ecu voor Griekenland. 2. Voor het betrokken verkoopseizoen wordt voor tomatesap van post ex 20.07 van het gemeenschappelijk douanetarief de in artikel 3 bis van Verordening (EEG) nr. 516/77 bedoelde produktiesteun per 100 kg produkt, inclusief onmiddellijke verpakking en met een drogestofgehalte van ten minste 5 % maar minder dan 7 %, vastgesteld op: - 10,08 Ecu voor alle Lid-Staten behalve Griekenland, en - 10,08 Ecu voor Griekenland. Voor de berekening van de steun voor tomatesap met een drogestofgehalte van ten minste 3,5 % maar minder dan 5 % wordt dit bedrag vermenigvuldigd met de coëfficiënt 0,65. De in de eerste alinea bedoelde produkten kunnen worden aangeboden onder andere benamingen dan »tomatesap". Artikel 5 1. Voor het verkoopseizoen 1982/1983 wordt de in artikel 3 bis, lid 3, van Verordening (EEG) nr. 516/77 bedoelde minimumprijs die aan de teler moet worden betaald per 100 kg tomaten nettogewicht, af-oogstplaats, bestemd voor de produktie van tomatesap van post ex 20.02 C van het gemeenschappelijk douanetarief, vastgesteld op: - 9,878 Ecu voor alle Lid-Staten behalve Griekenland, en - 7,056 Ecu voor Griekenland. 2. Voor het betrokken verkoopseizoen wordt voor tomatesap van post ex 20.02 C van het gemeenschappelijk douanetarief de in artikel 3 bis van Verordening (EEG) nr. 516/77 bedoelde produktiesteun als volgt vastgesteld: - per 100 kg produkt, inclusief onmiddellijke verpakking, met een drogestofgehalte van ten minste 7 % maar minder dan 8 %: - 15,48 Ecu voor alle Lid-Staten behalve Griekenland, en - 11,39 Ecu voor Griekenland; - per 100 kg produkt, inclusief onmiddellijke verpakking, met een drogestofgehalte van ten minste 8 % maar minder dan 10 %; - 18,21 Ecu voor alle Lid-Staten behalve Griekenland, en - 13,39 Ecu voor Griekenland; - per 100 kg produkt, inclusief onmiddellijke verpakking, met een drogestofgehalte van ten minste 10 % maar minder dan 12 %: - 19,5 Ecu voor alle Lid-Staten behalve Griekenland, en - 14,34 Ecu voor Griekenland. Deze produkten kunnen worden aangeboden onder andere benamingen dan »tomatesap". Artikel 6 1. Voor het verkoopseizoen 1982/1983 wordt de in artikel 3 bis, lid 3, van Verordening (EEG) nr. 516/77 bedoelde minimumprijs die aan de teler moet worden betaald per 100 kg perziken nettogewicht, af-oogstplaats, bestemd voor de produktie van perziken op siroop van post ex 20.06 B van het gemeenschappelijk douanetarief, vastgesteld op: - 35,65 Ecu voor alle Lid-Staten behalve Griekenland, en - 26,704 Ecu voor Griekenland. 2. Voor het betrokken verkoopseizoen wordt voor perziken op siroop van post ex 20.06 B van het gemeenschappelijk douanetarief de in artikel 3 bis van Verordening (EEG) nr. 516/77 bedoelde produktiesteun per 100 kg, inclusief onmiddellijke verpakking, vastgesteld op: - 22,77 Ecu voor alle Lid-Staten behalve Griekenland, en - 16,34 Ecu voor Griekenland. Artikel 7 1. Voor het verkoopseizoen 1982/1983 wordt de in artikel 3 bis, lid 3, van Verordening (EEG) nr. 516/77 bedoelde minimumprijs die aan de teler moet worden betaald per 100 kg peren van de variëteit Williams nettogewicht, af oogstplaats, bestemd voor de produktie van peren van de variëteit Williams verduurzaamd in siroop van post ex 20.06 B van het gemeenschappelijk douanetarief, vastgesteld op 34,536 Ecu. 2. Voor het betrokken verkoopseizoen wordt voor peren van de variëteit Williams verduurzaamd in siroop van post ex 20.06 B van het gemeenschappelijk douanetarief de in artikel 3 bis van Verordening (EEG) nr. 516/77 bedoelde produktiesteun per 100 kg, inclusief onmiddellijke verpakking, vastgesteld op: - 23,44 Ecu voor alle Lid-Staten behalve Griekenland, en - 23,44 Ecu voor Griekenland. Artikel 8 1. Voor het verkoopseizoen 1982/1983 wordt, voor knapkersen en andere zoete kersen, bestemd voor de vervaardiging van knapkersen en andere zoete kersen, verduurzaamd op siroop, van post ex 20.06 van het gemeenschappelijk douanetarief, de in artikel 3 bis, lid 3, van Verordening (EEG) nr. 516/77 bedoelde minimumprijs die aan de teler moet worden betaald per 100 kg nettogewicht, af-oogstplaats, vastgesteld op 77,788 Ecu. 2. Voor het verkoopseizoen 1982/1983 wordt, voor knapkersen en andere zoete kersen zonder pit, verduurzaamd op siroop, van post 20.06 B van het gemeenschappelijk douanetarief, de in artikel 3 bis van Verordening (EEG) nr. 516/77 bedoelde produktiesteun per 100 kg, inclusief onmiddellijke verpakking, vastgesteld op: - 34,46 Ecu voor alle Lid-Staten behalve - 32,61 Ecu voor Griekenland. Voor de berekening van de steun voor knapkersen en andere zoete kersen met pit, verduurzaamd op siroop, wordt dit bedrag vermenigvuldigd met de coëfficiënt 0,90. Artikel 9 1. Voor het verkoopseizoen 1982/1983 wordt, voor morellen (zure kersen), bestemd voor de vervaardiging van morellen (zure kersen) op siroop, van post ex 20.06 van het gemeenschappelijk douanetarief, de in artikel 3 bis, lid 3, van Verordening (EEG) nr. 516/77 bedoelde minimumprijs die aan de teler moet worden betaald per 100 kg nettogewicht, af-oogstplaats, vastgesteld op: - 87,39 Ecu voor alle Lid-Staten behalve Griekenland, - 76,015 Ecu voor Griekenland. 2. Voor het verkoopseizoen 1982/1983 wordt, voor morellen (zure kersen) zonder pit, verduurzaamd op siroop, van post ex 20.06 B van het gemeenschappelijk douanetarief, de in artikel 3 bis van Verordening (EEG) nr. 516/77 bedoelde produktiesteun per 100 kg, inclusief onmiddellijke verpakking, vastgesteld op: - 30,31 Ecu voor alle Lid-Staten behalve Griekenland, - 30,31 Ecu voor Griekenland. Voor de berekening van de steun voor morellen (zure kersen) met pit, verduurzaamd op siroop, wordt dit bedrag vermenigvuldigd met de coëffciënt 0,83. Artikel 10 1. De in de artikelen 1 tot en met 9 voor Griekenland vastgestelde steun geldt voor alle produkten die verkregen zijn door verwerking van in Griekenland geteelde basisprodukten. 2. Indien de verwerking plaatsvindt buiten de Lid-Staat waar het basisprodukt is geteeld, verstrekt deze Lid-Staat aan de Lid-Staat die de steun bij de verwerking toekent, de gegevens waaruit blijkt dat de verplichting tot betaling van de minimumprijs aan de telers is nagekomen. Artikel 11 Deze verordening treedt in werking op de dag volgende op die van haar bekendmaking in het Publikatieblad van de Europese Gemeenschappen. Zij is van toepassing met ingang van: - 12 mei 1982 voor knapkersen en andere zoete kersen, - 20 mei 1982 voor morellen (zure kersen), op siroop, - 1 juli 1982 voor verwerkte tomaten en perziken op siroop, - 15 juli 1982 voor peren van de variëteit Williams verduurzaamd in siroop. Deze verordening is verbindend in al haar onderdelen en is rechtstreeks toepasselijk in elke Lid-Staat. Gedaan te Brussel, 21 juni 1982. Voor de Commissie Poul DALSAGER Lid van de Commissie // // // (1) PB nr. L 73 van 21. 3. 1977, blz. 1. (2) PB nr. L 118 van