Verordening (EEG) nr. 2785/80 van de Commissie van 30 oktober 1980 houdende uitvoeringsbepalingen van Verordening (EEG) nr. 2967/76 houdende vaststelling van gemeenschappelijke normen betreffende het watergehalte van bevroren en diepgevroren hanen, kippen en kuikens
Publicatieblad Nr. L 288 van 31/10/1980 blz. 0013 - 0015
Bijzondere uitgave in het Grieks: Hoofdstuk 03 Deel 31 blz. 0135
Bijzondere uitgave in het Spaans: Hoofdstuk 03 Deel 19 blz. 0153
Bijzondere uitgave in het Portugees: Hoofdstuk 03 Deel 19 blz. 0153
VERORDENING (EEG) Nr. 2785/80 VAN DE COMMISSIE van 30 oktober 1980 houdende uitvoeringsbepalingen van Verordening (EEG) nr. 2967/76 houdende vaststelling van gemeenschappelijke normen betreffende het watergehalte van bevroren en diepgevroren hanen, kippen en kuikens DE COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN, Gelet op het Verdrag tot oprichting van de Europese Economische Gemeenschap, Gelet op Verordening (EEG) nr. 2777/75 van de Raad van 29 oktober 1975 houdende een gemeenschappelijke ordening der markten in de sector slachtpluimvee (1), gewijzigd bij Verordening (EEG) nr. 369/76 (2), Gelet op Verordening (EEG) nr. 2967/76 van de Raad van 23 november 1976 houdende vaststelling van gemeenschappelijke normen betreffende het watergehalte van bevroren en diepgevroren hanen, kippen en kuikens (3), laatstelijk gewijzigd bij Verordening (EEG) nr. 2632/80 (4), en met name op artikel 7, sub b), Overwegende dat het voor het ogenblik niet dienstig lijkt de gemeenschappelijke normen betreffende het watergehalte van bevroren en diepgevroren hanen, kippen en kuikens te doen gelden voor uit de Gemeenschap uitgevoerde produkten; Overwegende dat het, ingevolge artikel 1, lid 1, eerste alinea, en artikel 5 van Verordening (EEG) nr. 2967/76, verboden is hanen, kippen en kuikens die als niet in overeenstemming met genoemde verordening worden beschouwd, als zodanig of zonder een passende vermelding op de verpakking in de handel te brengen; dat er derhalve praktische voorschriften moeten worden vastgesteld betreffende de, naar gelang van de bestemming, op de afzonderlijke en de collectieve verpakking aan te brengen vermeldingen, ten einde de controle te vergemakkelijken en te voorkomen dat de produkten aan hun bestemming worden onttrokken; Overwegende dat moet worden voorzien in een bijzondere aanduiding voor met polyfosfaten behandelde hanen, kippen en kuikens, waarop de in artikel 1, lid 1, tweede alinea, van Verordening (EEG) nr. 2967/76 bedoelde vrijstelling van toepassing is; dat voorts bepalingen moeten worden vastgesteld met betrekking tot het aanbrengen van de in Verordening (EEG) nr. 2967/76 bedoelde vermeldingen, met name om de controle te vergemakkelijken en een uniforme toepassing van die verordening te garanderen; Overwegende dat er een redelijke termijn moet worden bepaald voor de toezending van de statistische gegevens aan de Commissie, uit hoofde van artikel 8, derde alinea, van Verordening (EEG) nr. 2967/76; Overwegende dat in artikel 3 van Verordening (EEG) nr. 2967/76 is bepaald dat de Lid-Staten de praktische maatregelen voor de controle op het watergehalte van bevroren en diepgevroren hanen, kippen en kuikens vaststellen; dat voor een uniforme toepassing van die verordening moet worden bepaald dat zij de Commissie en de overige Lid-Staten daarvan in kennis dienen te stellen; Overwegende dat het eveneens de taak van elke Lid-Staat is de op overtreders toe te passen sancties vast te stellen; Overwegende dat het Comité van beheer voor slachtpluimvee en eieren geen advies heeft uitgebracht binnen de door zijn voorzitter bepaalde termijn, HEEFT DE VOLGENDE VERORDENING VASTGESTELD: Artikel 1 1. De in artikel 1 van Verordening (EEG) nr. 2967/76 bedoelde controle van het watergehalte wordt uitgevoerd op bevroren en diepgevroren hanen, kippen en kuikens die binnen de Gemeenschap in de handel worden gebracht, met uitzondering van de dieren waarvoor ten genoegen van de bevoegde instantie wordt aangetoond dat zij uitsluitend voor uitvoer bestemd zijn. 2. Alvorens tot controle over te gaan, bepaalt de met controle belaste persoon de hoeveelheid geslacht pluimvee ten aanzien waarvan de controle wordt uitgevoerd en die in de zin van deze verordening een "partij" voorstelt. De partij omvat op dezelfde plaats (b.v. slachterij, opslagplaats, verkoopruimte, of tijdens het transport) verzamelde hele geslachte dieren van dezelfde soort (hetzij hanen en/of kippen dan wel kuikens) die afkomstig zijn van een zelfde slachterij en die dezelfde aanbiedingsvorm hebben (hetzij met eetbare slachtafvallen, hetzij zonder eetbare slachtafvallen), waarbij de geslachte dieren met de vermelding "pluimvee droog gekoeld" worden gescheiden van de andere. 3. De na de controle genomen beslissing geldt voor het geheel van de gecontroleerde partij. Artikel 2 1. Na de controle en eventueel na tegenanalyse wordt op de collectieve verpakkingen met de hele geslachte dieren van de partij, die als niet in overeenstemming met Verordening (EEG) nr. 2967/76 worden beschouwd, door de houder van de partij onder toezicht van de bevoegde instantie een banderol of etiket met minstens een van de volgende vermeldingen aangebracht: "WATERGEHALTE HOGER DAN HET EEG-MAXIMUM" "VANDINDHOLD OVERSTIGER EOEF-NORM" "WASSERGEHALT UEBER DEM EWG-HOECHSTWERT" "PERIEKTIKOTITA SE NERO ANOTERI TOY ORIOY EOK" "WATER CONTENT EXCEEDS EEC LIMIT" "TENEUR EN EAU SUPERIEURE A LA LIMITE CEE" "TENORE D'ACQUA SUPERIORE AL LIMITE CEE". 2. Wanneer evenwel aan de bevoegde instantie zekerheid wordt verschaft dat de in lid 1 bedoelde hele geslachte dieren voor uitvoer bestemd zijn, wordt de in lid 1 genoemde vermelding niet aangebracht. De bevoegde instantie treft de nodige maatregelen om te voorkomen dat de betrokken partij binnen de Gemeenschap in de handel wordt gebracht. 3. Indien de in lid 1 bedoelde hele geslachte dieren voor de kleinhandel bestemd zijn, wordt op de afzonderlijke verpakkingen, onder toezicht van de bevoegde instantie, de in lid 1 bedoelde vermelding aangebracht. 4. De in lid 1 bedoelde hele geslachte dieren blijven onder toezicht van de bevoegde instantie tot ze een in overeenstemming met artikel 5 van Verordening (EEG) nr. 2967/76 vastgestelde bestemming krijgen. Artikel 3 Op de afzonderlijke en de collectieve verpakkingen met bevroren en diepgevroren hanen, kippen en kuikens, waarop de in artikel 1, lid 1, tweede alinea, van Verordening (EEG) nr. 2967/76 vastgestelde voorlopige vrijstelling van toepassing is, dient minstens een van de volgende vermeldingen te worden aangebracht: "BEVAT EEN OPLOSSING VAN POLYFOSFATEN" "INDEHOLDER POLYPHOSPHATOPLOESNING" "ENTHAELT POLYPHOSPHATLOESUNG" "PERIECHEI DIALYMA POLYFOSFORIKON" "CONTAINS POLYPHOSPHATE SOLUTION" "CONTIENT UNE SOLUTION DE POLYPHOSPHATE" "CONTIENE UNA SOLUZIONE DI POLIFOSFATI". Artikel 4 De in artikel 1, lid 1, derde alinea, van Verordening (EEG) nr. 2967/76 en in de artikelen 2 en 3 van deze verordening bedoelde vermeldingen worden op een duidelijk zichtbare plaats en in duidelijk leesbare en onuitwisbare letters aangebracht. Zij mogen in geen geval verborgen, bedekt of gescheiden zijn door andere aanduidingen of afbeeldingen. De vermeldingen worden aangebracht in de taal of de talen van de Lid-Staat waar de produkten in de kleinhandel worden gebracht of een andere bestemming krijgen. De letters moeten een hoogte hebben van ten minste 3 mm op de afzonderlijke verpakkingen en van ten minste 8 mm op de collectieve verpakkingen. Artikel 5 Uiterlijk op 31 juli 1981 en 31 oktober 1981 zenden de Lid-Staten aan de Commissie een statistisch overzicht van de door of onder verantwoordelijkheid van de aangewezen instanties of diensten gedurende de drie voorafgaande maanden uitgevoerde controles. Artikel 6 De Lid-Staten nemen passende maatregelen ten einde op inbreuken op de bepalingen van Verordening (EEG) nr. 2967/76 sancties te stellen. Artikel 7 Elke Lid-Staat deelt aan de overige Lid-Staten en aan de Commissie vóór 1 maart 1981 mede: - de overeenkomstig artikel 3, lid 2, van Verordening (EEG) nr. 2967/76 vastgestelde praktische controleregeling; - de overeenkomstig artikel 6 vastgestelde voorschriften. Elke wijziging ter zake wordt onmiddellijk aan de overige Lid-Staten en aan de Commissie medegedeeld. Artikel 8 Deze verordening is van toepassing met ingang van 1 april 1981 voor wat betreft de artikelen 1 tot en met 6. Deze verordening is verbindend in al haar onderdelen en is rechtstreeks toepasselijk in elke Lid-Staat. Gedaan te Brussel, 30 oktober 1980. Voor de Commissie Finn GUNDELACH Vice-Voorzitter (1) PB nr. L 282 van 1. 11. 1975, blz. 77.(2) PB nr. L 45 van 21. 2. 1976, blz. 3.(3) PB nr. L 339 van 8. 12. 1976, blz. 1.(4) PB nr. L 270 van 15. 10. 1980, blz. 14.