31979R3068

Verordening (EEG) nr. 3068/79 van de Commissie van 20 december 1979 houdende afwijking voor de landen van de Associatie van landen van Zuidoost-Azië van de artikelen 1, 6 en 13 van Verordening (EEG) nr. 3067/79 van de Commissie van 20 december 1979 betreffende de definitie van het begrip ,,produkten van oorsprong' ' voor de toepassing van de door de Europese Economische Gemeenschap voor bepaalde produkten uit ontwikkelingslanden verleende tariefpreferenties

Publicatieblad Nr. L 349 van 31/12/1979 blz. 0055 - 0057
Bijzondere uitgave in het Grieks: Hoofdstuk 02 Deel 8 blz. 0145


++++

VERORDENING ( EEG ) Nr . 3068/79 VAN DE COMMISSIE

van 20 december 1979

houdende afwijking voor de landen van de Associatie van landen van Zuidoost-Azië van de artikelen 1 , 6 en 13 van Verordening ( EEG ) nr . 3067/79 van de Commissie van 20 december 1979 betreffende de definitie van het begrip " produkten van oorsprong " voor de toepassing van de door de Europese Economische Gemeenschap voor bepaalde produkten uit ontwikkelingslanden verleende tariefpreferenties

DE COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN ,

Gelet op het Verdrag tot oprichting van de Europese Economische Gemeenschap ,

Overwegende dat er voor de toepassing van de bepalingen inzake de door de Gemeenschap voor bepaalde produkten van oorsprong uit ontwikkelingslanden verleende tariefpreferenties bij Verordening ( EEG ) nr . 3067/79 van de Commissie ( 1 ) , hierna genoemd " basisverordening " , regelen inzake de oorsprong zijn vastgesteld , zowel voor wat betreft de voorwaarden waaronder deze produkten het karakter van " produkten van oorsprong " verkrijgen , als betreffende het aantonen van dit karakter en de wijze waarop de controle hiervan geschiedt ;

Overwegende dat er een zeer nauwe economische samenwerking tot stand gebracht is in het kader van de Associatie van de landen van Zuidoost-Azië tussen Indonesië , Maleisië , de Filippijnen , Singapore en Thailand , hierna te noemen " ASEAN-landen " ; dat de in artikel 1 van de basisverordening opgenomen bepalingen inzake het verkrijgen van het karakter van " produkten van oorsprong " , mits hierin de nodige wijzigingen worden aangebracht , zouden kunnen bijdragen tot het vergemakkelijken van deze samenwerking door in een bepaald ASEAN-land het gebruik van " produkten van oorsprong " uit de andere ASEAN-landen aan te moedigen ; dat het nuttig is genoemde bepalingen dienovereenkomstig te wijzigen en van bijzondere regelen te voorzien met betrekking tot het aantonen van het karakter van " produkten van oorsprong " en de wijze waarop de controle hiervan geschiedt ; dat het hiertoe noodzakelijk is de verzoeken om controle te centraliseren bij een gemeenschappelijk administratief orgaan van genoemde Associatie ;

Overwegende dat de bepalingen van deze verordening in overeenstemming zijn met het advies van het Comité oorsprong van goederen ,

HEEFT DE VOLGENDE VERORDENING VASTGESTELD :

Artikel 1

1 . In afwijking van het bepaalde in artikel 1 van de basisverordening worden eveneens beschouwd als produkten van oorsprong uit Indonesië , Maleisië , de Filippijnen , Singapore en Thailand , hierna te noemen " ASEAN-landen " , produkten die het karakter van " produkten van oorsprong " hebben verkregen in één van deze landen overeenkomstig het bepaalde in het hierboven genoemde artikel 1 en die , na uit dit land te zijn uitgevoerd , in geen van de andere ASEAN-landen een be - of verwerking hebben ondergaan of aldaar be - of verwerkingen hebben ondergaan die onvoldoende zijn om aan hen het karakter van oorsprong uit een van deze landen te verlenen uit hoofde van het bepaalde in het hierboven genoemde artikel 1 en op voorwaarde dat :

a ) er tijdens deze be - of verwerkingen uitsluitend produkten van oorsprong uit een van de ASEAN-landen zijn gebruikt ;

b ) wanneer een percentageregel in de bij artikel 3 van de hierboven genoemde verordening bedoelde lijsten A en B het aandeel in waarde beperkt van niet van oorsprong zijnde produkten die onder bepaalde voorwaarden kunnen worden verwerkt , de meerwaarde verkregen is met inachtneming van de percentageregels in ieder van deze landen , alsmede van de andere regels die in genoemde lijsten voorkomen , zonder mogelijkheid van cumulatie van het ene land tot het andere .

2 . Voor de toepassing van het bepaalde in lid 1 , sub a ) , is het feit dat andere dan in genoemde bepalingen bedoelde produkten zijn gebruikt in een verhouding welke niet totaal in waarde 5 % van de waarde van de in de Gemeenschap ingevoerde verkregen produkten overschrijdt , niet van invloed op het vaststellen van de oorsprong van deze laatste produkten , wanneer de aldus gebruikte produkten niet het karakter van oorsprong zouden hebben ontnomen aan de oorspronkelijk uit een van de ASEAN-landen uitgevoerde produkten , indien zij hierin waren verwerkt .

3 . In de gevallen als bedoeld in lid 1 , sub b ) , mag geen enkel niet van oorsprong zijnd produkt zijn verwerkt , dat daarbij alleen de in artikel 3 , lid 2 , van de basisverordening genoemde be - of verwerkingen ondergaat .

4 . In afwijking van lid 1 , en onder voorbehoud dat alle in dat lid gestelde voorwaarden niettemin zijn vervuld , blijven de verkregen produkten slechts van oorsprong uit het eerste ASEAN-land van uitvoer indien de waarde van de uit dit land van oorsprong zijnde be - of verwerkte produkten het grootste percentage van de waarde van de verkregen produkten uitmaakt . Indien dit niet het geval is worden deze laatste produkten beschouwd als produkten van oorsprong uit het ASEAN-land , waar de verkregen meerwaarde het grootste percentage van hun waarde uitmaakt .

Artikel 2

1 . Voor de toepassing van artikel 1 geldt het bepaalde in artikel 4 van de basisverordening .

2 . Voor de toepassing van artikel 1 , lid 1 , sub b ) , en lid 4 wordt onder verkregen meerwaarde verstaan het verschil tussen enerzijds de prijs af fabriek van de verkregen goederen , verminderd met de in geval van uitvoer uit het betrokken land gerestitueerde of te restitueren binnenlandse heffingen en anderzijds de douanewaarde van alle in dit land ingevoerde en verwerkte produkten .

Artikel 3

1 . In geval van toepassing van artikel 1 wordt het bewijs van het karakter van oorsprong in de zin van artikel 1 van de basisverordening van de in het eerste ASEAN-land verkregen en naar een ander ASEAN-land uitgevoerde goederen geleverd door een certificaat van oorsprong formulier A , waarvan het model is opgenomen in de bijlage bij de basisverordening . Dit certificaat wordt afgegeven door de regeringsinstanties van het land van uitvoer , die bevoegd zijn voor de afgifte van de certificaten van oorsprong in het kader van de basisverordening .

2 . In geval van toepassing van artikel 1 wordt het bewijs van het karakter van oorsprong in de zin van dit artikel voor de produkten die in een van de ASEAN-landen zijn verbleven of nierin slechts de in dat artikel bedoelde verwerkingen hebben ondergaan , en die uit dit land naar een ander ASEAN-land worden uitgevoerd , geleverd door het in lid 1 bedoelde certificaat dat is afgegeven onder de in dat lid gestelde voorwaarden , op basis van de reeds vroeger afgegeven certificaten van oorsprong formulier A .

Artikel 4

In afwijking van het bepaalde in artikel 6 van de basisverordening worden de in artikel 1 bedoelde produkten in de Gemeenschap toegelaten met toepassing van de in dat artikel bedoelde bepalingen betreffende de tariefpreferenties , onder overlegging van certificaat van oorsprong formulier A dat is afgegeven door de autoriteit van het ASEAN-land van waaruit de goederen naar de Gemeenschap worden uitgevoerd , op basis van de reeds eerder afgegeven certificaten van oorsprong formulier A .

Artikel 5

Op de in de artikelen 3 en 4 bedoelde certificaten wordt aangegeven :

- in vak 4 " Voor officieel gebruik " het ASEAN-land , waaruit de goederen van oorsprong zijn , alsmede één van de volgende vermeldingen :

" CUMULATION ASEAN "

" CUMUL ANASE "

- in vak 12 " Verklaring van de exporteur " dat de goederen voldoen aan de voorwaarden inzake de oorsprong , die door het Algemeen Preferentie Systeem vereist zijn om te worden uitgevoerd naar de " Europese Economische Gemeenschap " .

Artikel 6

1 . De in de artikelen 1 tot en met 5 opgenomen bepalingen zijn slechts van toepassing voor zover de bepalingen die het handelsverkeer tussen ieder van de hierboven bedoelde landen regelen , in het kader van deze verordening gelijk zijn aan de in de basisverordening , alsmede aan de in deze verordening vastgestelde bepalingen .

2 . Bovendien verbindt ieder ASEAN-land zich ten opzichte van de Commissie van de Europese Gemeenschappen door bemiddeling van het " ASEAN Secretariat " de regelen inzake het opmaken en de afgifte van de certificaten van oorsprong formulier A , alsmede de regelen betreffende de administratieve samenwerking , die in de artikelen 7 en 8 zijn opgenomen , in acht te nemen of in acht te doen nemen .

Artikel 7

1 . De controle a posteriori van de in artikel 3 bedoelde certificaten formulier A geschiedt bij wijze van steekproef en telkens wanneer de in genoemd artikel bedoelde autoriteiten van de ASEAN-landen , waar de produkten of wel verbleven zijn voor hun wederuitvoer in dezelfde staat , of wel de in artikel 1 bedoelde be - of verwerkingen hebben ondergaan , gegronde twijfel koesteren ten aanzien van de echtheid van het document of de juistheid van de gegevens met betrekking tot de werkelijke oorsprong van de betrokken produkten .

2 . Voor de toepassing van het bepaalde in lid 1 sturen de in dat lid bedoelde autoriteiten het certificaat van oorsprong formulier A terug aan het " ASEAN Secretariat " onder vermelding van de formele of materiële redenen die een onderzoek rechtvaardigen . Zij verschaffen alle inlichtingen die konden worden verkregen en die de indruk wekken dat de op genoemd certificaat aangebrachte vermeldingen onjuist zijn .

Artikel 8

1 . De controle a posteriori van de in artikel 4 bedoelde certificaten formulier A geschiedt in de in artikel 13 van de basisverordening bedoelde gevallen . In afwijking van het bepaalde in lid 2 van genoemd artikel sturen de bevoegde douaneautoriteiten in de Gemeenschap het certificaat van oorsprong formulier A terug aan het " ASEAN Secretariat " .

2 . De ASEAN-landen delen aan de Commissie het adres van het " ASEAN Secretariat " mede . De Commissie geeft deze inlichting door aan de douaneautoriteiten van de Lid-Staten .

Artikel 9

De toelichting , die als bijlage bij deze verordening is gevoegd , maakt hiervan een integrerend deel uit .

Artikel 10

Deze verordening treedt in werking op de derde dag na die van haar bekendmaking in het Publikatieblad van de Europese Gemeenschappen .

Zij is van toepassing met ingang van 1 januari 1980 .

Deze verordening is verbindend in al haar onderdelen en is rechtstreeks van toepassing in elke Lid-Staat .

Gedaan te Brussel , 20 december 1979 .

Voor de Commissie

Etienne DAVIGNON

Lid van de Commissie

( 1 ) Zie blz . 1 . van dit Publikatieblad .

BIJLAGE

Toelichting op artikel 1

Voor de toepassing van het bepaalde in artikel 1 , lid 1 , sub b ) , dient de percentageregel te worden in acht genomen , waarbij voor de verkregen meerwaarde wordt verwezen naar de bijzondere bepalingen van de in artikel 3 van de basisverordening bedoelde lijsten A en B . Zij vormt dus , wanneer het verkregen produkt in genoemde lijst A is opgenomen , een aanvullend criterium op dat van de verandering van tariefpost voor het eventueel gebruikte niet van oorsprong zijnde produkt .