Verordening (EEG) nr. 2393/78 van de Commissie van 13 oktober 1978 tot vaststelling van de bepalingen ter uitvoering van de aanvullende maatregelen ten behoeve van degenen die voor het wijnoogstjaar 1977/1978 langlopende opslagcontracten voor tafelwijn hebben gesloten
Publicatieblad Nr. L 288 van 14/10/1978 blz. 0028 - 0031
++++ VERORDENING ( EEG ) Nr . 2393/78 VAN DE COMMISSIE van 13 oktober 1978 tot vaststelling van de bepalingen ter uitvoering van de aanvullende maatregelen ten behoeve van degenen die voor het wijnoogstjaar 1977/1978 langlopende opslagcontracten voor tafelwijn hebben gesloten DE COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN , Gelet op het Verdrag tot oprichting van de Europese Economische Gemeenschap , Gelet op Verordening ( EEG ) nr . 816/70 van de Raad van 28 april 1970 houdende aanvullende bepalingen inzake de gemeenschappelijke ordening van de wijnmarkt ( 1 ) , laatstelijk gewijzigd bij Verordening ( EEG ) nr . 1861/78 ( 2 ) , en met name op artikel 6 quater , lid 4 , Gelet op Verordening ( EEG ) nr . 878/77 van de Raad van 26 april 1977 inzake de in de landbouwsector toe te passen wisselkoersen ( 3 ) , laatstelijk gewijzigd bij Verordening ( EEG ) nr . 976/78 ( 4 ) , en met name op artikel 5 , Overwegende dat de in het lopende wijnoogstjaar genomen maatregelen ter ondersteuning van de wijnmarkt niet helemaal het verwachte resultaat hebben opgeleverd ; dat met name de representatieve prijs van tafelwijn van soort A I vanaf april onder het niveau van de interventietoepassingsprijs is gebleven en dat de prijzen van de soorten A II en A III momenteel ook beneden de interventietoepassingsprijs liggen ; dat derhalve de eerste voorwaarde die in artikel 6 quater , lid 1 , van Verordening ( EEG ) nr . 816/70 is gesteld voor de vaststelling van aanvullende maatregelen ten behoeve van degenen die langlopende opslagcontracten hebben gesloten , is vervuld ; dat de tweede voorwaarde , te weten dat de representatieve prijs gedurende drie opeenvolgende weken onder het niveau van de interventietoepassingsprijs blijft , logischerwijs moet worden geconstateerd korte tijd voor de eerste langlopende opslagcontracten aflopen ; dat de marktsituatie zodanig is dat die voorwaarde eveneens is vervuld ; Overwegende dat deze maatregelen zouden moeten voorzien in de mogelijkheid om enerzijds een bepaalde hoeveelheid wijn door middel van distillatie volledig uit de markt te houden en anderzijds het op de markt brengen van de resterende hoeveelheid wijn die in opslag is bij degenen die langlopende opslagcontracten hebben afgesloten , enkele maanden te vertragen in afwachting van een eventueel herstel van de markt ; dat het evenwel mogelijk is dat met deze laatste maatregel het beoogde doel niet wordt bereikt ; dat bijgevolg moet worden voorzien in de mogelijkheid om de aanvullende maatregelen te nemen die noodzakelijk zouden blijken ; Overwegende dat de in deze verordening bedoelde distillatie moet geschieden overeenkomstig de bepalingen van Verordening ( EEG ) nr . 1931/76 van de Raad van 20 juli 1976 tot vaststelling van de algemene voorschriften met betrekking tot de distillatie van wijn , als bedoeld in en artikelen 6 ter , 6 quater , 24 bis en 24 ter van Verordening ( EEG ) nr . 816/70 ( 5 ) , gewijzigd bij Verordening ( EEG ) nr . 1675/77 ( 6 ) ; dat volgens artikel 1 , lid 1 , en artikel 4 van die verordening termijnen dienen te worden vastgesteld voor de indiening van de aanvragen om goedkeuring van de distillatiecontracten , voor de goedkeuring door de interventiebureaus , alsmede voor de distillatie zelf ; dat volgens artikel 2 van genoemde verordening steun wordt verleend waarvan het bedrag moet worden vastgesteld op zodanige wijze dat de verkregen produkten kunnen worden afgezet ; Overwegende dat bovendien moet worden bepaald welke aanvullende gegevens in de distillatiecontracten moeten worden vermeld ; Overwegende dat in artikel 3 van Verordening ( EEG ) nr . 1931/76 is bepaald dat de steun aan de producent wordt uitgekeerd in twee gedeelten ; dat het tweede gedeelte moet worden uitgekeerd binnen een zodanige termijn , dat de producent snel in het bezit kan komen van het volledige steunbedrag ; dat derhalve dient te worden bepaald dat de steun uiterlijk dertig dagen na de distillatie moet worden uitgekeerd ; Overwegende dat technische eisen moeten worden gesteld voor de erkenning van de distilleerders ; dat bovendien de gevallen moeten worden bepaald waarin bij tekortkoming van de distilleerder de erkenning moet worden ingetrokken , behoudens overmacht of toeval ; Overwegende dat de in artikel 6 van Verordening ( EEG ) nr . 1931/76 bedoelde interventiebureaus en de Commissie van het verloop van de distillatie op de hoogte moeten worden gehouden en met name moeten weten welke hoeveelheden wijn zijn gedistilleerd en welke hoeveelheden alcohol daarbij zijn verkregen ; Overwegende dat , om het beoogde doel te bereiken , de opslagcontracten moeten worden gesloten overeenkomstig het bepaalde in Verordening ( EEG ) nr . 2015/76 van de Commissie van 13 augustus 1976 betreffende de opslagcontracten voor tafelwijn , druivemost en geconcentreerde druivemost ( 7 ) , gewijzigd bij Verordening ( EEG ) nr . 2206/77 ( 8 ) ; Overwegende dat , om rekening te kunnen houden met de ontwikkeling van de marktsituatie , moet worden voorzien in de mogelijkheid om de contracten op te zeggen ; Overwegende dat krachtens artikel 2 bis , lid 2 , sub e ) , van Verordening ( EEG ) nr . 878/77 de bij genoemde verordening vastgestelde representatieve koersen met ingang van 16 december 1978 van toepassing worden in de wijnsector ; dat voor distillatiemaatregelen evenwel andere data kunnen worden bepaald ; Overwegende dat de in deze verordening vervatte maatregelen ook na 15 december 1978 nog zullen worden toegepast ; dat , om de discriminatie tussen de betrokkenen te voorkomen , moet worden bepaald dat één enkele representatieve koers wordt toegepast voor alle betalingen met betrekking tot de in deze verordening bedoelde distillatiewerkzaamheden ; dat , aangezien de tafelwijn waarop deze maatregelen betrekking hebben tijdens het wijnoogstjaar 1977/1978 is geproduceerd , de tijdens genoemd wijnoogstjaar voor de wijnsector geldende representatieve koersen dienen te worden aangehouden , waardoor de toepassing van de nieuwe representatieve koersen van Verordening ( EEG ) nr . 878/77 voor de in artikel 6 quater van Verordening ( EEG ) nr . 816/70 bedoelde maatregelen bijgevolg wordt uitgesteld tot de datum waarop de geldigheidsduur van deze verordening afloopt ; Overwegende dat het Comité van beheer voor wijn geen advies heeft uitgebracht binnen de door zijn voorzitter bepaalde termijn , HEEFT DE VOLGENDE VERORDENING VASTGESTELD : Artikel 1 In deze verordening worden de bepalingen vastgesteld ter uitvoering van de in artikel 6 quater van Verordening ( EEG ) nr . 816/70 bedoelde aanvullende maatregelen ten behoeve van degenen die voor het wijnoogstjaar 1977/1978 langlopende opslagcontracten voor tafelwijn hebben gesloten . Artikel 2 1 . De in artikel 6 quater , lid 1 , van Verordening ( EEG ) nr . 816/70 bedoelde periode van drie opeenvolgende weken moet liggen tussen 1 augustus 1978 en 30 november 1978 . 2 . Indien het in artikel 6 quater , lid 4 , van Verordening ( EEG ) nr . 816/70 bedoelde besluit wordt vastgesteld , kunnen degenen die langlopende opslagcontracten hebben gesloten voor de soorten wijn waarvoor het besluit is vastgesteld en voor wijn die met deze wijn in nauw economisch verband staat a ) voor een hoeveelheid wijn tot een vast te stellen maximumpercentage van de hoeveelheid wijn waarvoor het contract is gesloten overgaan tot distillatie op de in de artikelen 3 tot en met 8 bedoelde voorwaarden ; b ) voor de gehele of gedeeltelijke hoeveelheid waarvoor de sub a ) bedoelde maatregel niet wordt getroffen , op de in artikel 9 bepaalde voorwaarden een opslagcontract sluiten voor een vast te stellen termijn . 3 . Andere aanvullende maatregelen ten behoeve van degenen die opslagcontracten als bedoeld in lid 2 , sub b ) , hebben gesloten voor een wijnsoort of voor wijn die in nauw economisch verband staat met deze wijnsoort kunnen volgens de procedure van artikel 7 van Verordening nr . 24 worden genomen , indien de communautaire representative prijs van deze tafelwijnsoort beneden de interventietoepassingsprijs is gebleven gedurende de periode die is begrepen tussen de datum waarop het in artikel 6 quater , lid 4 , van Verordening ( EEG ) nr . 816/70 bedoelde besluit is vastgesteld en 15 januari 1979 . 4 . Voor de toepassing van deze verordening wordt beschouwd als wijn die in nauw economisch verband staat met tafelwijn van soort A I : witte tafelwijn met een effectief alcoholgehalte van ten minste 12 * en ten hoogste 14 * die niet behoort tot de soorten A II of A III . Artikel 3 1 . De in artikel 2 , lid 2 , sub a ) , bedoelde distillatie vindt plaats overeenkomstig het bepaalde in Verordening ( EEG ) nr . 1931/76 en in deze verordening . 2 . Distillatie mag plaatsvinden voor wijn waarvoor een langlopend opslagcontract is gesloten of voor andere wijn van dezelfde soort geproduceerd door degene die de opslagcontracten heeft gesloten . In dit geval mag het effectieve alcoholgehalte van de wijn niet lager zijn dan 10 * en mag de totale hoeveelheid alcohol in deze wijn niet groter zijn dan de hoeveelheid aanwezig in de hoeveelheid wijn waarvoor een contract is gesloten en die mag worden gedistilleerd . Artikel 4 1 . De aanvragen om goedkeuring van de in artikel 1 van Verordening ( EEG ) nr . 1931/76 bedoelde contracten moeten binnen een termijn van vijfenveertig dagen na de vervaldatum van de langlopende contracten worden ingediend . 2 . Het in artikel 6 van Verordening ( EEG ) nr . 1931/76 bedoelde interventiebureau moet de contracten uiterlijk vijftien dagen na ontvangst van de aanvraag om goedkeuring van een distillatiecontract het resultaat van de goedkeuringsprocedure mededelen . 3 . De distillatie moet tussen 1 oktober 1978 en 30 juni 1978 plaatsvinden . Artikel 5 1 . In de in artikel 1 van Verordening ( EEG ) nr . 1931/76 bedoelde contracten moet worden vermeld : a ) de hoeveelheid , de kleur en het effectieve alcoholgehalte van de te distilleren wijn , b ) de naam en het adres van de producent , c ) de plaats waar de wijn is opgeslagen , d ) de naam van de distilleerder of de firma van de distilleerderij , e ) het adres van de distilleerderij . 2 . Onder distilleerder wordt verstaan degene voor wiens rekening de distillatie wordt verricht . Artikel 6 1 . De in artikel 6 quater , lid 2 , tweede streepje , van Verordening ( EEG ) nr . 816/70 bedoelde prijs bedraagt : - 1,77 rekeneenheid per graad/hl voor tafelwijn van de soorten A I en voor tafelwijn die daarmee in nauw economisch verband staat ; - 3,53 rekeneenheden per graad/hl voor tafelwijn van soort A II en voor tafelwijn die daarmee in nauw economisch verband staat ; - 4,03 rekeneenheden per graad/hl voor tafelwijn van soort A III . 2 . Het steunbedrag bedoeld in artikel 2 van Verordening ( EEG ) nr . 1931/76 wordt vastgesteld a ) voor de in lid 1 , eerste streepje bedoelde wijn : - op 1,15 rekeneenheid per graad/hl indien de wijn is verwerkt tot een produkt bedoeld in artikel 2 , lid 3 , eerste streepje , van genoemde verordening , - op 1,15 rekeneenheid per graad/hl indien de wijn is verwerkt tot een produkt bedoeld in artikel 2 , lid 3 , tweede streepje , van genoemde verordening ; b ) voor de in lid 1 , tweede streepje bedoelde wijn : - op 2,91 rekeneenheden per graad/hl indien de wijn is verwerkt tot een produkt bedoeld in artikel 2 , lid 3 , eerste streepje , van genoemde verordening , - op 2,91 rekeneenheden per graad/hl indien de wijn is verwerkt tot een produkt bedoeld in artikel 2 , lid 3 , tweede streepje , van genoemde verordening ; c ) voor de in lid 1 , derde streepje bedoelde wijn : - 3,41 rekeneenheden per graad/hl , indien de wijn is verwerkt tot een produkt bedoeld in artikel 2 , lid 3 , eerste streepje , van genoemde verordening , - 3,41 rekeneenheden per graad/hl , indien de wijn is verwerkt tot een produkt bedoeld in artikel 2 , lid 3 , tweede streepje , van genoemde verordening . 3 . De bepalingen bedoeld in artikel 3 , lid 1 en lid 3 , van Verordening ( EEG ) nr . 1931/76 moeten plaatsvinden uiterlijk dertig dagen nadat aan de gestelde voorwaarden is voldaan . 4 . In het in artikel 3 , lid 5 , van Verordening ( EEG ) nr . 1931/76 bedoelde geval moet de minimumaankoopprijs worden betaald uiterlijk dertig dagen nadat de totale in het contract vermelde hoeveelheid wijn in de distilleerderij is aangekomen . 5 . In het in artikel 3 , lid 6 , van Verordening ( EEG ) nr . 1931/76 bedoelde geval moet de minimumaankoopprijs worden betaald uiterlijk dertig dagen nadat de totale in het contract vermelde hoeveelheid wijn is gedistilleerd . Indien het bevoegde interventiebureau van een Lid-Staat niet heeft besloten algemeen gebruik te maken van de in genoemd artikel 3 , lid 6 , geboden mogelijkheid , kan de distilleerder daarvan slechts gebuik maken met instemming van de producent . 6 . De omrekening in nationale munteenheid van de in lid 1 en lid 2 bedoelde bedragen geschiedt aan de hand van de tijdens de op de dag van de inwerkingtreding van deze verordening voor de wijnsector geldende representatieve koers . Artikel 7 1 . Om in aanmerking te komen voor erkenning in de zin van artikel 5 van Verordening ( EEG ) nr . 1931/76 , moeten de distilleerders de wijn kunnen verwerken tot een produkt met een sterkte van 86 * of meer dan wel tot een produkt met een sterkte van 85 * of minder . 2 . De erkenning moet worden ingetrokken indien de distilleerder , behoudens overmacht of toeval , de aankoopprijs niet betaalt aan de producent of de verplichtingen niet nakomt die hem krachtens de communautaire bepalingen zijn opgelegd . Artikel 8 1 . De Lid-Staten delen de Commissie op 31 januari 1979 de hoeveelheden wijn mede waarop de goedgekeurde distillatiecontracten betrekking hebben . 2 . De distilleerders doen het interventiebureau uiterlijk de tiende van elke maand een overzicht toekomen van de hoeveelheden wijn die in de afgelopen maand werden gedistilleerd ; daarin worden ook de in zuivere alcohol uitgedrukte hoeveelheden van de verkregen produkten vermeld , waarbij onderscheid wordt gemaakt tussen de produkten bedoeld in artikel 2 , lid 3 , eerste streepje , van Verordening ( EEG ) nr . 1931/76 en de produkten bedoeld in artikel 2 , lid 3 , tweede streepje , van die verordening . 3 . Uiterlijk de twintigste van elke maand delen de Lid-Staten de Commissie per telexbericht voor de afgelopen maand mede welke hoeveelheden wijn werden gedistilleerd en welke hoeveelheden produkten , uitgedrukt in zuivere alcohol , werden verkregen ; hierbij wordt hetzelfde onderscheid gemaakt als voorgeschreven in lid 2 . 4 . De Lid-Staten doen uiterlijk op 31 juli 1979 mededeling van de gevallen waarin distilleerders hun verplichtingen niet zijn nagekomen en van de maatregelen die in verband daarmee zijn genomen . Artikel 9 1 . De in artikel 2 , lid 2 , sub b ) , bedoelde contracten moeten worden gesloten binnen een termijn van vijfenveertig dagen na de vervaldatum van de langlopende contracten . Ingeval degene die een langlopend opslagcontract heeft gesloten , van de in artikel 2 , lid 2 , sub b ) , geboden mogelijkheid gebruik wenst te maken voor de gehele hoeveelheid wijn waarvoor een langlopend contract is afgesloten , kan het interventiebureau het oude contract voor de nieuwe periode valideren door de vermeldingen aan te passen . 2 . Voor de in artikel 2 , lid 2 , sub b ) , bedoelde opslagcontracten geldt het steunbedrag dat wordt toegepast voor de langlopende opslagcontracten voor het wijnoogstjaar 1977/1978 . 3 . De in artikel 2 , lid 2 , sub b ) , bedoelde opslagcontracten kunnen op aanvraag van de betrokken producenten worden opgezegd . In dat geval is de steun voor de opslag verschuldigd voor de periode gedurende welke voor de betrokken wijn een dergelijk opslagcontract was gesloten . Artikel 10 Deze verordening treedt in werking op de dag volgende op die van haar bekendmaking in het Publikatieblad van de Europese Gemeenschappen . Zij is van toepassing met ingang van 16 september 1978 . Deze verordening is verbindend in al haar onderdelen en is rechtstreeks toepasselijk in elke Lid-Staat . Gedaan te Brussel , 13 oktober 1978 . Voor de Commissie De Vice-Voorzitter Finn GUNDELACH ( 1 ) PB nr . L 99 van 5 . 5 . 1970 , blz . 1 . ( 2 ) PB nr . L 215 van 4 . 8 . 1978 , blz . 1 . ( 3 ) PB nr . L 106 van 29 . 4 . 1977 , blz . 27 . ( 4 ) PB nr . L 125 van 13 . 5 . 1978 , blz . 32 . ( 5 ) PB nr . L 211 van 5 . 8 . 1976 , blz . 5 . ( 6 ) PB nr . L 187 van 27 . 7 . 1977 , blz . 3 . ( 7 ) PB nr . L 221 van 14 . 8 . 1976 , blz . 20 . ( 8 ) PB nr . L 225 van 6 . 10 . 1977 , blz . 13 .