Verordening (EEG) nr. 1391/78 van de Commissie van 23 juni 1978 houdende gewijzigde bepalingen ter uitvoering van het stelsel van premies voor het niet in de handel brengen van melk en zuivelprodukten en voor de omschakeling van het melkveebestand
Publicatieblad Nr. L 167 van 24/06/1978 blz. 0045 - 0052
Bijzondere uitgave in het Fins: Hoofdstuk 3 Deel 10 blz. 0016
Bijzondere uitgave in het Grieks: Hoofdstuk 03 Deel 21 blz. 0180
Bijzondere uitgave in het Zweeds: Hoofdstuk 3 Deel 10 blz. 0016
Bijzondere uitgave in het Spaans: Hoofdstuk 03 Deel 14 blz. 0137
Bijzondere uitgave in het Portugees: Hoofdstuk 03 Deel 14 blz. 0137
++++ VERORDENING ( EEG ) Nr . 1391/78 VAN DE COMMISSIE van 23 juni 1978 houdende gewijzigde bepalingen ter uitvoering van het stelsel van premies voor het niet in de handel brengen van melk en zuivelprodukten en voor de omschakeling van het melkveebestand DE COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN , Gelet op Verdrag tot oprichting van de Europese Economische Gemeenschap , Gelet op Verordening ( EEG ) nr . 1078/77 van de Raad van 17 mei 1977 tot invoering van een stelsel van premies voor het niet in de handel brengen van melk en zuivelprodukten en voor de omschakeling van het melkveebestand ( 1 ) , laatstelijk gewijzigd bij Verordening ( EEG ) nr . 1041/78 ( 2 ) , en met name op artikel 7 , Overwegende dat de geldigheidsduur van de premieregeling voor het niet in de handel brengen van melk en zuivelprodukten en voor de omschakeling van het melkveebestand is verlengd en dat bepaalde in Verordening ( EEG ) nr . 1078/77 opgenomen voorwaarden zijn gewijzigd ; dat Verordening ( EEG ) nr . 1307/77 van de Commissie van 15 juni 1977 houdende uitvoeringsbepalingen inzake het premiestelsel voor het niet in de handel brengen van melk en zuivelprodukten en voor de omschakkeling van het melkveebestand ( 3 ) , gewijzigd bij Verordening ( EEG ) nr . 689/78 ( 4 ) , derhalve dienovereenkomstig dient te worden gewijzigd ; dat sommige van deze uitvoeringsbepalingen in het licht van de opgedane ervaring moeten worden verduidelijkt om de toepassing ervan te vergemakkelijken ; dat duidelijkheidshalve Verordening ( EEG ) nr . 1307/77 dient te worden ingetrokken en een nieuwe tekst dient te worden vatgesteld waarin de bepalingen van Verordening ( EEG ) nr . 36/78 van de Commissie van 9 januari 1978 betreffende bepaalde bijzondere gevallen bij de toepassing van de premieregeling voor het niet in de handel brengen van melk en zuivelprodukten en voor de omschakeling van het melkveebestand ( 5 ) zijn verwerkt ; Overwegende dat , om de controle tijdens de gehele duur van de verplichtingen te waarborgen , niet alleen het aantal melkkoeien , maar ook het aantal voor de melkproduktie geschikte vrouwelijke dieren bekend moet zijn ; dat daarom al die dieren moeten worden geregistreerd en gemerkt , zodat door afgifte van een registratiekaart kan worden nagegaan of het betrokken dier overeenkomstig zijn bestemming is gebruikt ; dat , aangezien echter het gevaar bestaat dat de registratiekaart in de handel niet volgens de voorschriften wordt gebruikt , de landbouwer er duidelijk op moet worden gewezen dat hij voor de teruggave van de kaart verantwoordelijk is , ten einde hem ertoe aan te zetten zijn vee slechts in de handel te brengen indien hij zekerheid heeft omtrent de terugzending van de registratiekaart ; Overwegende dat , voor zover geen sprake is van grensoverschrijdend handelsverkeer , gebruik kan worden gemaakt van eventueel bestaande nationale merkingssystemen en registratiekaarten , ten einde bijkomende administratieve uitgaven zoveel mogelijk te voorkomen ; Overwegende dat , ten aanzien van de omschakelingspremie , de waarde van de verschillende dieren die de landbouwer op zijn bedrijf kan houden moet worden gerelateerd aan een eenheid die overeenkomt met een volwassen rund ; dat met seizoengebonden of door vervanging van dieren ontstane wijzigingen in het bestand , welke over het geheel genomen geen afbreuk doen aan het nakomen van de verplichtingen , rekening moet worden gehouden door bij de vaststelling van het aantal grootvee-eenheden voor elk jaar een omrekening is gehele jaren te maken voor dieren die gedurende een kortere periode zijn gehouden en voor dieren die op grond van hun leeftijd in de loop van het jaar in een andere categorie moeten worden ingedeeld ; Overwegende dat de controle op de nakoming van de verplichting om het voederareaal niet voor de melkproduktie bruikbaar te maken registratie van dit areaal vergt ; dat derhalve de totale oppervlakte cultuurgrond van het bedrijf moet worden geregistreerd in verband met de onzekerheid omtrent eventuele wijzigingen in het grondgebruik ; Overwegende dat , indien de uit de premieregeling voortvloeiende verplichtingen niet worden nagekomen , de reeds uitgekeerde premiebedragen moeten worden terugbetaald ; dat het evenwel verantwoord lijkt in bepaalde gevallen , in tijdelijke of blijvende vrijstelling te voorzien om met name wanneer de begunstigde wegens buiten zijn toedoen optredende omstandigheden waarvan hij de gevolgen slechts ten koste van onevenredig grote offers had kunnen vermijden ( 6 ) , tijdelijk of bij voortduring niet in staat is om zijn verplichtingen na te komen ; dat de uit de premieregeling voortvloeiende verplichtingen voorts ook gelden in geval van overname van een bedrijf ; Overwegende dat het volgen van de resultaten van het premiestelsel en de uniforme toepassing ervan vereisen dat de Lid-Staten regelmatig mededelingen verstrekken over de ingediende en ingewilligde aanvragen ; dat deze mededelingen ook nodig zijn voor het in artikel 13 van Verordening ( EEG ) nr . 1078/77 bedoelde verslag voor de Raad ; Overwegende dat de in deze verordening vervatte maatregelen in overeenstemming zijn met het advies van het Comité van beheer voor melk en zuivelprodukten , HEEFT DE VOLGENDE VERORDENING VASTGESTELD : TITEL I Definities Artikel 1 1 . In de zin van Verordening ( EEG ) nr . 1078/77 en van deze verordening worden aangemerkt als a ) " melkkoe " : het vrouwelijke rund , huisdier , dat voor commerciële melkproduktie geschikt is en ten minste éénmaal heeft gekalfd ; een drachtige vaars wordt eveneens als melkkoe aangemerkt ; b ) " melkvee " : alle vrouwelijke runderen , huisdieren , van minstens zes maanden , die voor commerciële melkproduktie geschikt zijn ; c ) " koe van een vleesras " : het vrouwelijke rund , huisdier , dat ten minste éénmaal heeft gekalfd en tot een van de rassen behoort die door de bevoegde instantie van elke Lid-Staat als geschikt voor de vleesproduktie zijn erkend ; een drachtige vaars van een vleesras wordt eveneens als een koe van een vleesras aangemerkt ; d ) " oppervlakte voor de teelt van voedergewassen " het gehele landbouwareaal dat wordt geëxploiteerd door een producent als bedoeld in artikel 5 , sub a ) , van Verordening ( EEG ) nr . 1078/77 . 2 . Als melkkoe of koe van een vleesras worden slechts de vaarzen aangemerkt waarvoor de begunstigde ten genoegen van de bevoegde instantie aantoont , dat deze hebben gekalfd of verworpen binnen negen maanden na het tijdstip waarop zij voor de in deze verordening vastgestelde rechten en verplichtingen in aanmerking zijn genomen . 3 . Voor de vaststelling van de voor de berekening van de premie in aanmerking te nemen hoeveelheid melk : a ) worden de volgende omrekeningscoëfficiënten toegepast op de door de producent in de periode van twaalf kalendermaanden voorafgaande an de dag van de indiening van de aanvraag geleverde zuivelprodukten : - 1 kg melk komt overeen met 1 liter melk , - 1 kg boter komt overeen met 23 liter melk , - 1 kg kaas komt overeen met 10 liter melk , - 1 kg melkvet komt overeen met 27 liter melk ; b ) wordt de hoeveelheid melk , die voortvloeit uit toepassing van het bepaalde sub a ) , in voorkomend geval , naar evenredigheid verminderd : - overeenkomstig artikel 2 , lid 1 , en artikel 3 , lid 1 , van Verordening ( EEG ) nr . 1078/77 in het geval dat het op het bedrijf gehouden aantal melkkoeien , op het tijdstip van goedkeuring van de aanvraag minder zou bedragen dan het aantal melkkoeien , dat passend is bij de bovengenoemde hoeveelheid melk , - op grond van een eventuele aanvullende aanpassing in het geval dat wordt vastgesteld dat gedurende de periode tussen het tijdstip van indiening van de aanvraag en het tijdstip van goedkeuring ervan , de aanvrager zijn in artikel 2 , lid 2 , sub b ) , tweede of derde streepje , van Verordening ( EEG ) nr . 1078/77 bedoelde verbintenissen niet zou zijn nagekomen met betrekking tot zijn melkvee , met uitzondering van de melkkoeien die overeenkomstig het bepaalde bij het voorgaande streepje tot een vermindering leiden ; deze aanpassing wordt berekend op basis van het aantal betrokken grootvee-eenheden , zoals bedoeld in artikel 2 , lid 1 , sub b ) . Artikel 2 1 . Voor de toepassing van artikel 3 , lid 2 , sub c ) , van Verordening ( EEG ) nr . 1078/77 a ) is het referentietijdstip het tijdstip waarop de aanvraag om toekenning van de omschakelingspremie wordt goedgekeurd ; b ) wordt het aantal runderen en schapen in grootvee-eenheden omgerekend , waarbij met het houden van één grootvee-eenheid wordt gelijkgesteld het houden van : - één rund , huisdier , van minstens twaalf maanden ; - twee runderen , huisdieren , die ten minste zes maar minder dan twaalf maanden oud zijn ; - vijf schapen van minstens twaalf maanden . 2 . Er wordt een vereist aantal grootvee-eenheden gehouden indien de producent voor elk vol jaar van de omschakelingsperiode aannemelijk maakt dat dit aantal , gezien de periode gedurende welke elk dier in dat jaar is gehouden en met inachtneming van de waarderingsfactoren van lid 1 , sub b ) , in dat jaar , op het jaargemiddelde berekend , niet lager is dan het aantal grootvee-eenheden op het referentietijdstip . 3 . Voor de vaststelling van het aantal grootvee-eenheden , gehouden gedurende de omschakelingsperiode , wordt eveneens met het houden van een grootvee-eenheid gelijkgesteld het houden van : - vier runderen , huisdieren , van minder dan zes maanden , - twaalf schapen van minder dan twaalf maanden . Het aantal grootvee-eenheden dat resulteert uit de toepassing van de voorgaande alinea mag echter niet meer bedragen dan 25 % van het aantal op het betrokken bedrijf gehouden grootvee-eenheden . Artikel 3 1 . In de zin van de premieregeling geldt als tijdstip van indiening , respectievelijk goedkeuring van de aanvraag de dag die volgens het nationaal recht daarvoor bepalend is . De Lid-Staten kunnen evenwel bepalen dat voor de toepassing van het bepaalde in artikel 1 , lid 3 , sub b ) , artikel 2 , lid 1 , sub a ) , artikel 5 , lid 1 , sub c ) , en in artikel 10 , lid 1 , sub a ) , als tijdstip van goedkeuring van de aanvraag de dag wordt aangemerkt , waarop het merken en registreren als bedoeld in artikel 5 , lid 1 , sub b ) , plaatsvindt . 2 . In de zin van artikel 2 , lid 2 , van Verordening ( EEG ) nr . 1041/78 is de dag van de uitkering van een premiebedrag de datum , waarop de instelling van betaling de dienovereenkomstige betalingsopdracht heeft opgesteld . TITEL II Procedure voor de indiening en de goedkeuring van de aanvragen Artikel 4 1 . De aanvraag om toekenning van een premie voor het niet in de handel brengen van melk en zuivelprodukten of voor de omschakeling van de melkveestapel wordt uiterlijk op de in artikel 9 van Verordening ( EEG ) nr . 1078/77 bedoelde datum ingediend bij de door elke Lid-Staat aangewezen bevoegde instantie . 2 . In de aanvraag wordt voor elke producent in de zin van artikel 5 , sub a ) , van Verordening ( EEG ) nr . 1078/77 , ten minste vermeld : a ) welke premie wordt aangevraagd , b ) het op de datum van indiening van de aanvraag op het bedrijf in de zin van artikel 5 , sub b ) , van Verordening ( EEG ) nr . 1078/77 gehouden totale aantal runderen en schapen , waarbij in het bijzonder moet worden vermeld : aa ) het aantal melkkoeien als bedoeld in artikel 1 , lid 1 , sub a ) , bb ) het aantal andere vrouwelijke runderen als bedoeld in artikel 1 , lid 1 , sub b ) , cc ) bovendien , voor de omschakelingspremie , het aantal overige dieren , volgens de in artikel 2 , lid 1 , sub b ) , bedoelde onderverdeling ; c ) de in de periode van twaalf kalendermaanden voor de maand van indiening van de aanvraag geleverde hoeveelheid melk en zuivelprodukten ; in geval van levering aan zuivelfabrieken dienen de afnemers of een bevoegde instantie de betrokken hoeveelheden te bevestigen ; d ) de door de producent geëxploiteerde oppervlaktes voor de teelt van voedergewassen op het tijdstip van de indiening van de aanvraag ; e ) een verklaring van de producent dat hij kennis heeft genomen van de voorschriften inzake de premieregeling voor het niet in de handel brengen van melk en zuivelprodukten of voor de omschakeling van de melkveestapel . Artikel 5 1 . Na ontvangst van de aanvraag gaat de bevoegde instantie als volgt te werk : a ) zij gaat na of de in artikel 4 , lid 2 , sub b ) en c ) , bedoelde gegevens juist zijn en registreert de schriftelijke verbintenis als bedoeld in artikel 2 , lid 2 , of artikel 3 , lid 2 , van Verordening ( EEG ) nr . 1078/77 ; b ) zij merkt en registreert het melkvee dat wordt gehouden op het bedrijf in de zin van artikel 5 , sub b ) , van Verordening ( EEG ) nr . 1078/77 en geeft voor dit vee de in artikel 7 bedoelde registratiekaarten af ; c ) zij stelt voor de omschakelingspremie het aantal op het tijdstip van goedkeuring van de aanvraag aanwezige overige dieren in de zin van artikel 2 , lid 1 , sub b ) , vast ; d ) zij registreert de oppervlakte voor de teelt van voedergewassen die door de producent wordt geëxploiteerd op het tijdstip van indiening van de aanvraag ; e ) zij bepaalt de hoeveelheid melk , uitgedrukt in kg melk , die voor de berekening van de premie in aanmerking wordt genomen overeenkomstig artikel 1 , lid 3 . 2 . In de goedkeuring van de aanvraag om toekenning van de premie wordt uitdrukkelijk bepaald dat de begunstigde verantwoordelijk is voor het terugzenden van de in artikel 7 bedoelde registratiekaart en wordt hem aangeraden in geval van verkoop van het rund te voorzien in adequate contractuele waarborgen voor de terugzending . 3 . De producent stelt de bevoegde instantie voor het begin van de periode voor het niet in de handel brengen van melk of voor de omschakkeling van zijn melkveebestand in kennis van de datum waarop de betrokken periode begint ; deze datum wordt op de in artikel 7 bedoelde registratiekaart vermeld . Artikel 6 1 . De in artikel 4 , leden 1 en 2 , van Verordening ( EEG ) nr . 1078/77 bedoelde premiebedragen worden omgerekend in nationale munteenheid , waarbij de omrekeningskoers wordt toegepast die geldt op de dag van de goedkeuring van de aanvraag . 2 . Deze bepaling is eveneens van toepassing op premiebedragen die zijn aangepast krachtens artikel 2 , lid 2 , van Verordening ( EEG ) nr . 1041/78 . TITEL III Controlemaatregelen Artikel 7 1 . Om de controle te verzekeren op de nakoming van de verplichtingen die uit de premieregeling voortvloeien , wordt in ten minste één origineel en één kopie voor ieder volgens artikel 5 , lid 1 , sub b ) , gemerkt en geregistreerd dier een registratiekaart opgemaakt . Het origineel is bestemd om dit dier gedurende het gehele tijdvak van het niet in de handel brengen of de omschakeling , eventueel tot de slachting of de uitvoer , te begeleiden ; de kopie wordt door de instantie van afgifte bewaard . 2 . De registratiekaart wordt opgesteld volgens het in de bijlage opgenomen model . Het formaat van het formulier is 210 maal 148 mm . Voor het origineel moet wit papier met een gewicht van ten minste 85 g/m2 worden gebruikt . De Lid-Staten laten de registratiekaarten op eigen verantwoording vervaardigen . Iedere registratiekaart moet een serienummer dragen dat de identificatie mogelijk maakt . 3 . Iedere Lid-Staat kan op zijn grondgebied een nationale registratiekaart gebruiken , op voorwaarde dat alle volgens deze verordening vereiste gegevens erop vermeld staan . In geval van slachting in een andere Lid-Staat of in geval van uitvoer geeft de nationale registratiekaart echter geen recht op de premie ; in dit geval moet de in de leden 1 en 2 bedoelde registratiekaart worden gebruikt . 4 . De begunstigde moet voor ieder in artikel 1 , lid 1 , sub a ) en b ) , bedoeld rund dat hij voor het einde van zijn uit de premieregeling voortvloeiende verbintenissen houdt het merken , de registratie en de afgifte van de registratiekaart aanvragen . De Lid-Staten kunnen echter deze verplichting vervangen door andere controlemaatregelen , die gelijkwaardige waarborgen bieden , wanneer het runderen betreft die worden gehouden gedurende de periode van het niet in de handel brengen of de omschakeling en waarvoor de begunstigde zich heeft verbonden deze maximaal drie maanden te houden . 5 . Bij elke overname worden de naam , het adres en de handtekening van de overnemer op de registratiekaart aangebracht , zolang de uit de premieregeling voortvloeiende verplichtingen voor het betrokken rund gelden . Artikel 8 1 . Afgezien van de in artikel 6 van Verordening ( EEG ) nr . 1078/77 bedoelde overname wordt het rund in geval van verkoop onmiddellijk geslacht of uitgevoerd . Het slachten geschiedt in een door de betrokken Lid-Staat erkend slachthuis . 2 . In geval van uitvoer viseert het douanekantoor van uitvoer uit de Gemeenschap , na controle van de identiteit van het dier , de registratiekaart door in het daartoe bestemde vak de datum van uitvoer te vermelden en het dienststempel aan te brengen . Vervolgens wordt de registratiekaart aan de exporteur afgegeven met het oog op terugzending aan degene die de premie ontvangt of rechtstreeks aan deze laatste toegezonden . 3 . Ingeval het rund wordt geslacht of sterft gedurende het tijdvak van niet in de handel brengen of omschakeling , wordt de registratiekaart na vermelding van de slacht - of sterfdatum , en na controle van de identiteit van het dier door de door de betrokken Lid-Staat aangewezen instantie aan de houder teruggegeven met het oog op terugzending aan de premieontvanger . 4 . Dat het dier is geslacht , gestorven of uitgevoerd wordt slechts bewezen geacht als de begunstigde het origineel van de overeenkomstig lid 2 of lid 3 ingevulde registratiekaart overlegt . Artikel 9 1 . Indien de begunstigde niet ten genoegen van de bevoegde instantie aantoont dat hij de in artikel 2 of artikel 3 van Verordening ( EEG ) nr . 1078/77 vastgesteld voorwaarden in acht neemt , treffen de Lid-Staten de nodige maatregelen om de reeds uitgekeerde premiebedragen terug te vorderen . 2 . Het voorgaande lid geldt ook voor de bedrijfsopvolger die zich tegenover de bevoegde instantie verbindt om de door zijn voorganger aangegane verbintenissen na te komen , voor de bedragen die reeds aan hem of aan zijn voorganger zijn uitgekeerd . 3 . Indien het voorgeschreven gebruik van de dieren niet overeenkomstig de artikelen 7 en 8 wordt bewezen , vervalt de aanspraak op de premie slechts voor de dieren waarvoor het betrokken bewijs niet wordt geleverd . 4 . Indien de producent zijn bedrijf geheel of gedeeltelijk aan derden afstaat deelt hij dit van tevoren aan de voor de premieverlening bevoegde instantie mede en toont hij eventueel aan , in hoeverre de rechtverkrijgende de uit de premieregeling voortvloeiende verplichtingen overneemt . De bevoegde instantie deelt aan de rechtverkrijgende de omvang van de op hem overgegane rechten en verplichtingen mede . Eventueel worden de aan de begunstigde uitgekeerde bedragen teruggevorderd . 5 . In de in lid 4 bedoelde gevallen , wanneer slechts een gedeelte van het bedrijf wordt afgestaan , kunnen de Lid-Staten toestaan dat de in artikel 2 , lid 2 , sub b ) , eerste streepje , en artikel 3 , lid 2 , sub b ) , van Verordening ( EEG ) nr . 1078/77 bedoelde verplichting geacht wordt te zijn nagekomen , zolang de persoon die het bedrijf heeft overgenomen niet meer melkvee houdt dan hij heeft gehouden op de dag van de betrokken overname . Artikel 10 1 . Algehele of gedeeltelijke verwerving van een bedrijf dat melk of zuivelprodukten levert door een begunstigde tijdens de duur van zijn verplichtingen , heeft niet tot gevolg dat deze verplichtingen ook voor de verkregen oppervlakten gelden , indien : a ) het een erfenis of een andere overgang om niet betreft voor zover het verworven bedrijf of bedrijfsgedeelte totaal afgezonderd blijft van het op het tijdstip van de goedkeuring van de aanvraag bestaande bedrijf , of b ) de verwerving geschiedt met het oog op een verandering van bedrijf en indien het eerste bedrijf uiterlijk aan het einde van de lopende vegetatieperiode wordt overgedragen met de in artikel 6 , lid 1 , eerste alinea , van Verordening ( EEG ) nr . 1078/77 bedoelde verbintenis van de opvolger . 2 . Voor een door een begunstigde na het begin van de periode voor het niet in de handel brengen of voor de omschakeling verkregen en door hem gedurende deze periode afgestane oppervlakte , wordt deze oppervlakte vrijgesteld van verplichtingen vanaf de datum van deze laatste overdracht , behalve indien de persoon aan wie afgestaan wordt zelf door overeenkomstige verplichtingen gebonden is . TITEL IV Bijzondere gevallen Artikel 11 Ingeval : a ) op bevel van de overheid in het kader van een programma ter bestrijding van besmettelijke veeziekten overeenkomstig artikel 4 , lid 2 , sub b ) , aangegeven dieren zijn geslacht na het tijdstip van indiening van de premieaanvraag en binnen de in het bevel opgelegde termijn , of b ) als gevolg van overmacht , dieren zijn gestorven of het voorwerp hebben uitgemaakt van een noodslachting , na de datum van de indiening van de premieaanvraag , worden de betrokken dieren geacht te worden gehouden op het tijdstip van goedkeuring van de aanvraag . Artikel 12 1 . De Lid-Staten kunnen bepalen dat bij nietnakoming van de uit de premieregeling voortvloeiende verplichtingen als gevolg van overmacht die zich voordoet na de dag van goedkeuring van de premieaanvraag de reeds betaalde premiebedragen niet teruggevorderd worden en eventueel het tijdvak van niet in de handel brengen of van omschakeling voor een bepaalde tijd geschorst en overeenkomstig verlengd wordt . 2 . Niet-terugvordering kan met name verantwoord zijn in geval van : a ) overlijden van de begunstigde , indien hij het bedrijf zelf beheerde , b ) langdurige ongeschiktheid van de begunstigde om zijn beroep uit te oefenen , indien hij het bedrijf zelf beheerde , c ) onteigening van een aanzienlijk deel van het bedrijfsareaal van de begunstigde , voor zover deze onteigening niet te voorzien was op de dag waarop de aanvraag werd ingewilligd . 3 . Schorsing kan met name verantwoord zijn in geval van : a ) zware natuurrampen waardoor het bedrijfsareaal van de begunstigde ernstig wordt getroffen , b ) onopzettelijke vernieling van de rundvee - of schapestallen van de begunstigde , c ) een epizootie die de rundvee - of schapestapel van de begunstigde geheel of ten dele heeft getroffen . 4 . De Lid-Staten delen de Commissie de gevallen van overmacht mede die door hen als zodanig zijn erkend . TITEL V Slotbepalingen Artikel 13 1 . De Lid-Staten stellen de Commissie uiterlijk aan het einde van elke maand in kennis van het aantal in de voorafgaande maand door de bevoegde instantie ingewilligde aanvragen en vermelden daarbij de in artikel 5 , lid 1 , sub e ) , bedoelde hoeveelheden melk en zuivelprodukten . 2 . De aanvragen worden ingedeeld op basis van het door de betrokken bedrijven werkelijk gehouden aantal melkkoeien . De aanvragen die gevallen als bedoeld in artikel 2 , lid 3 of lid 4 , van Verordening ( EEG ) nr . 1078/77 betreffen , worden afzonderlijk medegedeeld . Artikel 14 Verordening ( EEG ) nr . 1307/77 en Verordening ( EEG ) nr . 36/78 worden ingetrokken . Artikel 15 Deze verordening treedt in werking op de dag van haar bekendmaking in het Publikatieblad van de Europese Gemeenschappen . Zij is van toepassing met ingang van 22 mei 1978 . Het bepaalde in artikel 2 , lid 3 , artikel 7 , lid 4 , tweede alinea , artikel 9 , lid 5 , en artikel 11 , sub b ) , is op verzoek van belanghebbenden , eveneens van toepassing op voor die datum goedgekeurde premieaanvragen . Deze verordening is verbindend in al haar onderdelen en is rechtstreeks toepasselijk in elke Lid-Staat . Gedaan te Brussel , 23 juni 1978 . Voor de Commissie De Vice-Voorzitter Finn GUNDELACH ( 1 ) PB nr . L 131 van 26 . 5 . 1977 , blz . 1 . ( 2 ) PB nr . L 134 van 22 . 5 . 1978 , blz . 9 . ( 3 ) PB nr . L 150 van 18 . 6 . 1977 , blz . 24 . ( 4 ) PB nr . L 93 van 7 . 4 . 1978 , blz . 17 . ( 5 ) PB nr . L 7 van 10 . 1 . 1978 , blz . 6 . ( 6 ) Jurisprudentie van het Hof van Justitie 1968 , blz . 525 en 1970 , blz . 1125 . BIJLAGE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN Voorzijde PREMIE VOOR HET NIET IN DE HANDEL BRENGEN VAN MELK EN ZUIVELPRODUKTEN (*) OMSCHAKELINGSPREMIE (*) REGISTRATIEKAART Nr . ... ORIGINEEL 1 . Instantie van afgifte : 2 . Producent : 3 . Nauwkeurige beschrijving van het dier : Merk : Ras : Uiterlijke kenmerken : ( Plaats ) ... , ... 19 ... ... ( Handtekening en stempel van de instantie van afgifte ) 4 . Begin van de niet-leveringsperiode (*) Begin van de omschakelingsperiode (*) ... 19 ... ... ( Handtekening van de producenten ) 5 . Het in vak 3 aangegeven dier - is geslacht (*) - is gestorven (*) - heeft de Gemeenschap verlaten (*) ... 19 ... ... ( Handtekening en stempel ) NB : Vak nr . 5 moet naar gelang van het geval door het slachthuis , de veearts , de keurmeester van het vlees of het douanekantoor van vertrek uit de Gemeenschap worden ingevuld . ( 1 ) Schrappen wat niet van toepassing is . Achterzijde van het origineel 6 . Overname van het op de voorzijde aangeduide dier 7 . Naam , voornaam en volledig adres van de overnemer : 8 . Datum van de overname en handtekening van de overnemer : Belangrijke mededeling 1 . Deze registratiekaart is slechts geldig zolang de in Verordening ( EEG ) nr . 1078/77 vastgestelde premieregeling voor het niet in de handel brengen van melk of voor de omschakeling van de melkveestapel , voor het op de voorzijde aangeduide dier van toepassing is . 2 . Indien deze registratiekaart niet wordt teruggezonden aan de instantie van afgifte , vervalt de aanspraak op de premie . EUROPESE GEMEENSCHAPPEN PREMIE VOOR HET NIET IN DE HANDEL BRENGEN VAN MELK EN ZUIVELPRODUKTEN (*) OMSCHAKELINGSPREMIE (*) REGISTRATIEKAART Nr . ... KOPIE 1 . Instantie van afgifte : 2 . Producent : 3 . Nauwkeurige beschrijving van het dier : Merk : Ras : Uiterlijke kenmerken : ( Plaats ) ... , ... 19 ... ... ( Handtekening en stempel van de instantie van afgifte ) 4 . Begin van de niet-leveringsperiode (*) Begin van de omschakelingsperiode (*) ... 19 ... (*) Schrappen wat niet van toepassing is .