28.9.2023   

NL

Publicatieblad van de Europese Unie

L 240/113


BESLUIT VAN HET GEMENGD COMITÉ VAN DE EER Nr. 235/2020

van 11 december 2020

tot wijziging van bijlage XXII (Vennootschapsrecht) bij de EER-overeenkomst [2023/2037]

HET GEMENGD COMITÉ VAN DE EER,

Gezien de Overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte (hierna “de EER-overeenkomst” genoemd), en met name artikel 98,

Overwegende hetgeen volgt:

(1)

Richtlijn (EU) 2017/828 van het Europees Parlement en de Raad van 17 mei 2017 tot wijziging van Richtlijn 2007/36/EG wat het bevorderen van de langetermijnbetrokkenheid van aandeelhouders betreft (1), moet in de EER-overeenkomst worden opgenomen.

(2)

Bijlage XXII bij de EER-overeenkomst moet derhalve dienovereenkomstig worden gewijzigd,

HEEFT HET VOLGENDE BESLUIT VASTGESTELD:

Artikel 1

In bijlage XXII bij de EER-overeenkomst wordt in punt 10g (Richtlijn 2007/36/EG van het Europees Parlement en de Raad) het volgende toegevoegd:

“—

32017 L 0828: Richtlijn (EU) 2017/828 van het Europees Parlement en de Raad van 17 mei 2017 (PB L 132 van 20.5.2017, blz. 1).

De bepalingen van de richtlijn worden, voor de toepassing van deze overeenkomst, met de volgende aanpassing gelezen:

In artikel 3 bis, lid 7, worden, wat betreft de EVA-staten, de woorden “Uiterlijk op 10 juni 2019 ” gelezen als “Binnen een termijn van een jaar na de datum van de inwerkingtreding van Besluit nr. 235/2020 van het Gemengd Comité van de EER van 11 december 2020 ”.”

Artikel 2

De in het EER-supplement bij het Publicatieblad van de Europese Unie bekend te maken teksten in de IJslandse en de Noorse taal van Richtlijn (EU) 2017/828 zijn authentiek.

Artikel 3

Dit besluit treedt in werking op 12 december 2020, op voorwaarde dat alle in artikel 103, lid 1, van de EER-overeenkomst bedoelde kennisgevingen hebben plaatsgevonden (*1).

Artikel 4

Dit besluit wordt bekendgemaakt in het EER-gedeelte van en in het EER-supplement bij het Publicatieblad van de Europese Unie.

Gedaan te Brussel, 11 december 2020.

Voor het Gemengd Comité van de EER

De voorzitter

Sabine MONAUNI


(1)   PB L 132 van 20.5.2017, blz. 1.

(*1)  Grondwettelijke vereisten aangegeven.