28.9.2023   

NL

Publicatieblad van de Europese Unie

L 240/37


BESLUIT VAN HET GEMENGD COMITÉ VAN DE EER Nr. 193/2020

van 11 december 2020

tot wijziging van bijlage II (Technische voorschriften, normen, keuring en certificatie) bij de EER-overeenkomst [2023/1995]

HET GEMENGD COMITÉ VAN DE EER,

Gezien de Overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte (hierna “de EER-overeenkomst” genoemd), en met name artikel 98,

Overwegende hetgeen volgt:

(1)

Uitvoeringsverordening (EU) 2019/2165 van de Commissie van 17 december 2019 tot goedkeuring van de wijziging van de specificaties van het nieuwe voedingsmiddel korianderzaadolie van Coriandrum sativum krachtens Verordening (EU) 2015/2283 van het Europees Parlement en de Raad, en tot wijziging van Uitvoeringsverordening (EU) 2017/2470 van de Commissie (1) moet in de EER-overeenkomst worden opgenomen.

(2)

Uitvoeringsverordening (EU) 2020/16 van de Commissie van 10 januari 2020 tot toelating van het in de handel brengen van nicotinamideribosidechloride als nieuw voedingsmiddel krachtens Verordening (EU) 2015/2283 van het Europees Parlement en de Raad en tot wijziging van Uitvoeringsverordening (EU) 2017/2470 van de Commissie (2) moet in de EER-overeenkomst worden opgenomen.

(3)

Uitvoeringsverordening (EU) 2020/24 van de Commissie van 13 januari 2020 tot verlening van een vergunning voor uitbreiding van het gebruik van chiazaden (Salvia hispanica) als nieuw voedingsmiddel en de wijziging van de gebruiksvoorwaarden en de specifieke etiketteringsvoorschriften voor chiazaden (Salvia hispanica) krachtens Verordening (EU) 2015/2283 van het Europees Parlement en de Raad en tot wijziging van Uitvoeringsverordening (EU) 2017/2470 van de Commissie (3) moet in de EER-overeenkomst worden opgenomen.

(4)

Dit besluit heeft betrekking op wetgeving inzake levensmiddelen. Wetgeving inzake levensmiddelen is niet van toepassing op Liechtenstein zolang de Overeenkomst tussen de Europese Gemeenschap en de Zwitserse Bondsstaat inzake de handel in landbouwproducten van toepassing blijft in Liechtenstein, zoals bepaald in de inleiding van hoofdstuk XII van bijlage II bij de EER-overeenkomst. Dit besluit is derhalve niet van toepassing op Liechtenstein.

(5)

Bijlage II bij de EER-overeenkomst moet derhalve dienovereenkomstig worden gewijzigd,

HEEFT HET VOLGENDE BESLUIT VASTGESTELD:

Artikel 1

Hoofdstuk XII van bijlage II bij de EER-overeenkomst wordt als volgt gewijzigd:

1.

In punt 124b (Uitvoeringsverordening (EU) 2017/2470 van de Commissie) worden de volgende streepjes toegevoegd:

“—

32019 R 2165: Uitvoeringsverordening (EU) 2019/2165 van 17 december 2019 (PB L 328 van 18.12.2019, blz. 81),

32020 R 0016: Uitvoeringsverordening (EU) 2020/16 van de Commissie van 10 januari 2020 (PB L 7 van 13.1.2020, blz. 6),

32020 R 0024: Uitvoeringsverordening (EU) 2020/24 van de Commissie van 13 januari 2020 (PB L 8 van 14.1.2020, blz. 12).”.

2.

Na punt 173 (Uitvoeringsverordening (EU) 2019/1979 van de Commissie) worden de volgende punten ingevoegd:

“174.

32020 R 0016: Uitvoeringsverordening (EU) 2020/16 van de Commissie van 10 januari 2020 tot toelating van het in de handel brengen van nicotinamideribosidechloride als nieuw voedingsmiddel krachtens Verordening (EU) 2015/2283 van het Europees Parlement en de Raad en tot wijziging van Uitvoeringsverordening (EU) 2017/2470 van de Commissie (PB L 7 van 13.1.2020, blz. 6).

175.

32020 R 0024: Uitvoeringsverordening (EU) 2020/24 van de Commissie van 13 januari 2020 tot verlening van een vergunning voor uitbreiding van het gebruik van chiazaden (Salvia hispanica) als nieuw voedingsmiddel en de wijziging van de gebruiksvoorwaarden en de specifieke etiketteringsvoorschriften voor chiazaden (Salvia hispanica) krachtens Verordening (EU) 2015/2283 van het Europees Parlement en de Raad en tot wijziging van Uitvoeringsverordening (EU) 2017/2470 van de Commissie (PB L 8 van 14.1.2020, blz. 12).”.

Artikel 2

De in het EER-supplement bij het Publicatieblad van de Europese Unie bekend te maken teksten in de IJslandse en de Noorse taal van de Uitvoeringsverordeningen (EU) 2019/2165, (EU) 2020/16 en (EU) 2020/24 zijn authentiek.

Artikel 3

Dit besluit treedt in werking op 12 december 2020, op voorwaarde dat alle in artikel 103, lid 1, van de EER-overeenkomst bedoelde kennisgevingen hebben plaatsgevonden (*1).

Artikel 4

Dit besluit wordt bekendgemaakt in het EER-gedeelte van en in het EER-supplement bij het Publicatieblad van de Europese Unie.

Gedaan te Brussel, 11 december 2020.

Voor het Gemengd Comité van de EER

De voorzitter

Sabine MONAUNI


(1)   PB L 328 van 18.12.2019, blz. 81.

(2)   PB L 7 van 13.1.2020, blz. 6.

(3)   PB L 8 van 14.1.2020, blz. 12.

(*1)  Geen grondwettelijke vereisten aangegeven.