|
22.8.2019 |
NL |
Publicatieblad van de Europese Unie |
L 219/13 |
BESLUIT VAN HET GEMENGD COMITÉ VAN DE EER Nr. 200/2017
van 27 oktober 2017
tot wijziging van Bijlage XIII (Vervoer) bij de EER-overeenkomst [2019/1363]
HET GEMENGD COMITÉ VAN DE EER,
Gezien de Overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte (hierna “de EER-overeenkomst” genoemd), en met name artikel 98,
Overwegende hetgeen volgt:
|
(1) |
Uitvoeringsverordening (EU) 2017/815 van de Commissie van 12 mei 2017 tot wijziging van Uitvoeringsverordening (EU) 2015/1998 voor wat de verduidelijking, harmonisering en vereenvoudiging van bepaalde specifieke luchtvaartbeveiligingsmaatregelen betreft (1), moet in de EER-overeenkomst worden opgenomen. |
|
(2) |
Uitvoeringsbesluit C(2017) 3030 van de Commissie van 15 mei 2017 tot wijziging van Uitvoeringsbesluit C(2015) 8005 voor wat betreft de verduidelijking, harmonisering en vereenvoudiging van bepaalde specifieke luchtvaartbeveiligingsmaatregelen moet in de EER-overeenkomst worden opgenomen. |
|
(3) |
Bijlage XIII bij de EER-overeenkomst moet derhalve dienovereenkomstig worden gewijzigd, |
HEEFT HET VOLGENDE BESLUIT VASTGESTELD:
Artikel 1
Bijlage XIII bij de EER-overeenkomst wordt als volgt gewijzigd:
|
1) |
In punt 66he (Uitvoeringsverordening (EU) 2015/1998 van de Commissie) wordt het volgende streepje toegevoegd:
|
|
2) |
In punt 66hf (Uitvoeringsbesluit C(2015) 8005 van de Commissie) wordt het volgende toegevoegd: “, gewijzigd bij:
|
Artikel 2
De in het EER-supplement bij het Publicatieblad van de Europese Unie bekend te maken teksten in de IJslandse en de Noorse taal van Uitvoeringsverordening (EU) 2017/815 zijn authentiek.
Artikel 3
Dit besluit treedt in werking op 28 oktober 2017, op voorwaarde dat alle in artikel 103, lid 1, van de EER-overeenkomst bedoelde kennisgevingen hebben plaatsgevonden (*1).
Artikel 4
Dit besluit wordt bekendgemaakt in het EER-gedeelte van en in het EER-supplement bij het Publicatieblad van de Europese Unie.
Gedaan te Brussel, 27 oktober 2017.
Voor het Gemengd Comité van de EER
De voorzitter
Sabine MONAUNI
(1) PB L 122 van 13.5.2017, blz. 1.
(*1) Geen grondwettelijke vereisten aangegeven.